CConstaterende datMiddelburg
Koppel je AI →
Document · PDF

24-009 Bijlage 3. Tekst Omgevingsvisie met wijzigingen ten opzichte van de ontwerpversie - aangepast

Gemeenteraad 1 februari 2024, gemeente MiddelburgBij agendapunt: Omgevingsvisie Middelburg 2050 (24-009 RM)22.124 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

OMGEVINGSVISIE MIDDELBURG 2050

EEN GEZONDE, COMPACTE EN DUURZAME VOORUITBLIK OP DE RUIMTELIJKE WENSEN, AMBITIES EN ONTWIKKELINGEN IN DE GEMEENTE MIDDELBURG

DEZE VISIE SPREEKT OVER ‘MIDDELBURG’ EN ‘STAD’. DAARMEE BEDOELEN WE DE HELE GEMEENTE. HET BETEKENT GEENSZINS DAT DE DORPEN EN HET BUITENGEBIED ER MINDER TOE DOEN. DE LEIDENDE PRINCIPES, ZOALS ‘EEN GEZONDE STAD’ HEBBEN NADRUKKELIJK BETREKKING OP DE HELE GEMEENTE. WE HEBBEN HIERVOOR GEKOZEN VANWEGE DE LEESBAARHEID.

Samenvatting Hoe ziet de leefomgeving van ons en onze (klein)kinderen er uit in 2050? Dat is de centrale vraag van deze Omgevingsvisie voor de gemeente Middelburg. Het is een zoektocht geweest naar de ‘stip op de horizon’ en de koers die Middelburg moet varen. In totaal heeft deze zoektocht tweeëneenhalf jaar geduurd. Er zijn door bewoners en scholieren brieven aan de toekomst geschreven en tekeningen voor de toekomst gemaakt. Er zijn dialoogavonden geweest, schetsateliers en een tentoonstelling in de schouwburg. En vele gesprekken met jongeren, stakeholders en vakspecialisten. Daarnaast is er een extern advies gegeven over de omgevingseffecten van de drie toekomstbeelden die in het najaar van 2021 zijn gepubliceerd. Uit dit alles is de Omgevingsvisie gekomen die voor u ligt. Hierin zijn de belangrijkste opgaven voor de toekomst benoemd en de richting die Middelburg daarin kiest. Om te weten waar we naartoe willen, is het goed te weten waar we vandaan komen. Wat zijn de typische kenmerken van de gemeente Middelburg, waarin ligt onze kracht? Veel mensen geven aan dat vooral de landschappelijke eenheid van Walcheren waardevol is. Daarbij gaat het om de diversiteit in landschapstypen en verschillende steden en kernen die op Walcheren te vinden is. Groen en natuur zijn in de directe omgeving te vinden.

Specifiek voor Middelburg worden waarden genoemd die rechtstreeks voortkomen uit onze geschiedenis: een breed aanbod van onderwijs, diensten en cultuur, een monumentenstad met gezelligheid en evenementen. Op sociaal gebied wordt Middelburg hartelijk en gastvrij genoemd en wordt de kleinschaligheid en de sociale cohesie gewaardeerd. Deze kernwaarden zijn belangrijk om te behouden en te versterken. We houden ze als het ware als een spiegel tegen alle ambities aan. De ambities komen voort uit de grote opgaven die we als gemeente – en als samenleving – de komende decennia hebben. Voor de gemeente Middelburg liggen de grootste opgaven op het gebied van welzijn, wonen, beroepsbevolking, energietransitie en meer algemeen circulariteit en klimaatadaptatie en biodiversiteit. De komende decennia zullen we onze kernwaarden koesteren en versterken. Dat gaat niet vanzelf. De aantrekkelijkheid van het landschap, ons erfgoed, de relatief goede infrastructuur, cultuur… dat zijn aspecten waarvoor we ons best moeten doen en die soms scherpe beleidskeuzes vragen. Daarnaast zal Middelburg groeien: tot 2039 moeten nog ruim duizend extra woningen worden gebouwd bovenop de al reeds geplande, om aan onze woningbehoefte te kunnen voldoen. Ook moeten we fors innoveren in mobiliteit en in onze economie. De grote vraag is hoe je deze groei op een goede manier stuurt.

Daarvoor zijn een drietal principes leidend: 1. Gezonde stad 2. Compacte stad 3. Circulaire en groene stad Een gezonde stad is een stad waarin veel plek is voor ontmoeting, waarin de groene longen een hogere belevingswaarde, gebruikswaarde en ecologische waarde hebben gekregen. Waarin een sterke fiets- en wandelinfrastructuur ervoor zorgt dat men zich snel, veilig en aangenaam door de gemeente kan bewegen. We transformeren van een autostad naar een stad waarin meer mogelijkheden voor handen zijn om je te verplaatsen: zoals een ‘people mover’, oproepbare buurttaxi’s en goede fietsvoorzieningen. Voor het zoeken naar woningbouwlocaties wordt in eerste instantie gekeken naar binnenstedelijke herstructureringen en verdichtingen. Dat is de keuze voor een compacte stad. Herbestemming en meervoudig ruimtegebruik zijn daarbij sleutelwoorden. Vanzelfsprekend stellen we grenzen aan verdichting en hoogbouw. Middelburg heeft een fijn leefklimaat en dat koesteren we. Dat betekent dat er nog wel één of meerdere uitbreidingslocaties gezocht moeten worden voor onze woonopgave. De woonvormen moeten volledig aansluiten op de vraag, dat betekent meer levensloopbestendig, meer sociale huur bij voorzieningen en wellicht ook flexwonen. De grootste uitdaging zal zijn om in 2050 volledig circulair te worden. Daarin heeft de gemeente een voorbeeldfunctie.

De gemeente initieert en faciliteert initiatieven zoals het warmtenet Dauwendaele en Smart Grid Arnestein en werkt beleid uit om klimaatadaptief en natuurinclusief te bouwen. Om in 2050 een gezonde, compacte en circulaire stad te hebben, hebben we iedereen nodig. Investeren in een integrale wijkaanpak geeft bewoners meer kracht voor het omzien naar elkaar en met elkaar bouwen aan een plezierige woonomgeving. Plannen komen participatief tot stand. De uitwerking van de Omgevingsvisie zal niet alleen op thema’s gebeuren, maar ook per deelgebied. Dit geeft aan dat de Omgevingsvisie niet een statisch document is. Bij vaststelling van nieuw beleid op deelonderwerpen wordt de koppeling met de Omgevingsvisie gemaakt. Dat doen we aan de hand van een vijfjaarlijkse uitvoeringsagenda. Elke tien jaar vindt bovendien een volledige herziening van de Omgevingsvisie plaats. Zo houden we vinger aan de pols en kan het gemeentebestuur, in samenspraak met de Middelburgers, op tijd inspelen op nieuwe ontwikkelingen en uitdagingen die ons de komende jaren nog te wachten staan.

Inhoud 1 Waarom een Oomgevingsvisie ...................................................................................................................................... 6 1.1 Verplichting vanuit de Omgevingswet .................................................................................................................... 6 1.2 Terugkijken en vooruitkijken................................................................................................................................... 6 1.3 Integraal .................................................................................................................................................................. 7 1.4 Uitwerking van de visie in een Omgevingsplan ...................................................................................................... 7 1.5 Lokaal versus regionaal ........................................................................................................................................... 7 1.6 uitgebreid participatieproces .................................................................................................................................. 7 2 Het Verhaal van Middelburg ..........................................................................................................................................

9 2.1 Een stukje geschiedenis .......................................................................................................................................... 9 2.2 Stad in de delta ..................................................................................................................................................... 10 2.3 Monumentenstad die bruist ................................................................................................................................. 11 2.4 Hartelijk en gastvrij ........................................................................................................................................... 1211 2.5 Stad in een groene omgeving ............................................................................................................................... 12 3 Trends en opgaven ................................................................................................................................................... 1413 3.1 Welzijn............................................................................................................................................................... 1413 3.2 Wonen ...............................................................................................................................................................

1413 3.3 Beroepsbevolking.............................................................................................................................................. 1514 3.4 Energietransitie ................................................................................................................................................. 1615 3.5 Circulaire transitie ............................................................................................................................................. 1615 3.6 Klimaatadaptatie ............................................................................................................................................... 1716 3.7 Biodiversiteit ..................................................................................................................................................... 1817 4 Koers van Middelburg .............................................................................................................................................. 1918 4.1 Koester wat je hebt ........................................................................................................................................... 1918 4.2 Werken aan evenwichtige groei .......................................................................................................................

2120 4.3 Gezonde stad .................................................................................................................................................... 2423 4.4 Compacte stad .................................................................................................................................................. 2624 4.5 Circulaire en groene stad .................................................................................................................................. 2726 5 Realisatie .................................................................................................................................................................. 3331 5.1 Participatie en wijkgericht werken ................................................................................................................... 3331 5.2 Uitwerken tot Omgevingsplan .......................................................................................................................... 3331 5.3 Financiële onderbouwing .................................................................................................................................. 3836 5.4 Herijking van de Omgevingsvisie ......................................................................................................................

3836 Colofon ........................................................................................................................................................................ 4037 Bronvermelding .......................................................................................................................................................... 4138 Bijlage 1: Overzicht visies en beleidsplannen in relatie tot de Omgevingsvisie ......................................................... 4138 Bijlage 2: Overzicht beleidsuitspraken en projecten Omgevingsvisie ........................................................................ 4643

1 Waarom een Oomgevingsvisie ‘Wat voor Middelburg laat u na aan uw (klein)kinderen?’ en ‘Hoe moet het Middelburg waarin jouw kinderen in 2050 opgroeien eruitzien?’ Twee vragen die we aan heel veel inwoners, ondernemers en bezoekers van Middelburg gesteld hebben. En vragen die ook heel wat ambtenaren van de gemeente Middelburg flink hebben uitgedaagd. Want eenvoudig te beantwoorden zijn deze vragen niet. Maar goede vragen, dat zijn het wel. Vragen die verbeelding verbinden met kennis. Ieders antwoorden geven richting aan gedragen ontwikkelingen in onze gemeente. Alle perspectieven en alle aanwezige en verkregen kennis in dit proces komen samen in de Omgevingsvisie van Middelburg. De Omgevingsvisie is het plan hoe onze fysieke leefomgeving er in 2050 uit zou kunnen zien. Wat moet ons grondgebied dan bieden om prettig te kunnen leven, wonen, studeren, werken en recreëren? Hoe ziet dat eruit? Wat betekent dat voor de gebouwen, het water, de lucht die we inademen, de bodem, de natuur in- en buiten onze steden en dorpen, de straten en wegen? De Omgevingsvisie geeft ons houvast. Initiatieven die de gemeente zelf ontplooit of die door inwoners en ondernemers worden aangedragen kunnen we toetsen aan dit toekomstbeeld.

Dragen de initiatieven bij aan de omschreven ontwikkelrichting? En als dat zo is, kunnen we als overheid dan zorgen dat het vergunningentraject vlot verloopt? Kunnen we die initiatieven als overheid dan ook stimuleren en versnellen?

1.1 Verplichting vanuit de Omgevingswet De Omgevingsvisie is één van de instrumenten van de Omgevingswet. Het Rijk, twaalf provincies en alle Nederlandse gemeenten moeten er één maken. In de Omgevingsvisie worden de hoofdlijnen beschreven van de bestaande kwaliteit van de fysieke leefomgeving, de voorgenomen ontwikkelingen en het te voeren beleid (artikel 3.2 van de Omgevingswet). Hiernaast is in de Omgevingsvisie rekening gehouden met de vier milieubeginselen (artikel 3.3 van de Omgevingswet): het voorzorgbeginsel, het preventiebeginsel, het beginsel dat aantasting van het milieu bij voorrang aan de bron dient te worden bestreden en het beginsel dat ‘de vervuiler betaalt’. De visie van Middelburg kijkt vooruit tot 2050, net zoals de nationale (NOVI) en Zeeuwse visie (POVI). Die tijdsspanne bestrijkt dus bijna dertig jaar, zeg maar één generatie. Onze Middelburgse visie past binnen de kaders van deze twee belangrijke richtinggevende documenten.

1.2 Terugkijken en vooruitkijken We kijken even terug naar 1998. Toen verscheen een ambitieus toekomstbeeld met de Kwaliteitsatlas ‘Middelburg 2030’ van Riek Bakker (bureau BVR). De visie schetst een vernieuwd stationsgebied als nieuw hart van de stad, groei van de werkgelegenheid, nieuwe woonlocaties, aandacht voor natuur en landschap en versterking van het verblijfstoerisme. Dat leidt vervolgens tot de wens van 56.000 inwoners in het jaar 2030 (het aantal inwoners in oktober 2022 is 50.000). Het meest in het oog springt het verbinden van Middelburg en Arnemuiden met het Veerse Meer, één van de weinige voorgestelde ingrepen die niet heeft plaatsgevonden. De ervaring leert dat een visie na tien jaar wat fijner bijgesteld kan worden. Dan is er meer zicht op de daadwerkelijke ontwikkelingen en trends, binnen- en vooral ook buiten de gemeente, tot op wereldschaal. Vanaf 2010 geeft de ‘herijking van de Kwaliteitsatlas’ dan ook richting aan de ontwikkelingen. Groei is niet langer het belangrijkste streven, maar er wordt ingezet op kwaliteit, groei en realisme.

Er is waardering voor de oorspronkelijke Kwaliteitsatlas die Middelburg veel heeft gebracht: ‘Dat het Middelburg lukt om (nog steeds) nieuwe inwoners te trekken heeft te maken met de aantrekkingskracht van onze stad, met het positieve imago, met de ontwikkelingen van voorzieningen en met de succesvolle strategie met betrekking tot nieuwbouw die met de Kwaliteitsatlas is ingezet’. De in 1998 ingezette lijn zetten we voort, maar in de herziene versie wordt wel een aantal bouwlocaties geschrapt of verkleind en er komt meer aandacht voor sociale aspecten gekoppeld aan de woonservicezones. De beide Kwaliteitsatlassen geven inzicht in de ruimtelijke ontwikkelingen die onze gemeente in bijna vijfentwintig jaar heeft doorgemaakt. Nu is er weer behoefte aan een nieuwe visie die ons houvast geeft. Dat houvast, die richting, die is nodig in een tijd van chaos die zich kenmerkt door grote maatschappelijke uitdagingen waarin alle sectoren in transitie zijn, wat gepaard gaat met veel onzekerheid. De mondiale en andere ontwikkelingen waar we weinig grip op hebben gaan snel en om als gemeente (en gemeenschap) adequaat te reageren is een heldere visie een belangrijk ijkpunt. Samen, in dialoog met inwoners en andere stakeholders, om zo een breed palet aan perspectieven op tafel te krijgen. In deze Omgevingsvisie laten we de doorgaande lijn van beide versies van de Kwaliteitsatlas niet los.

Wat opvalt, is dat de thema’s energietransitie en duurzaamheid eerder maar sporadisch werden benoemd. Terwijl dat nu ‘hot items’ zijn waar we niet omheen kunnen. Ook het sociale domein is veel meer geïntegreerd in deze toekomstvisie over de fysieke ruimte van de gemeente Middelburg. De Kwaliteitsatlas en diverse ‘losse’ beleidsstukken kunnen nu in het archief worden opgeborgen, omdat dit beleid nu in deze visie is opgenomen. Bijvoorbeeld de beleidsvisie stadslandbouw, de kampeernota, de documenten ‘Middelburg over 10 jaar’ en ‘Middelburg in dialoog’ en de uitkomst vanuit de heroriëntering gemeentelijke taken

komen te vervallen. Diverse andere beleidsnota’s blijven wel apart bestaan, maar de hoofdlijnen daarvan zijn ook opgenomen in de Omgevingsvisie. Denk daarbij aan beleid op het gebied van wonen, welzijn, milieu, openbaar groen, verkeer, parkeren, archeologie, cultuur en gezondheid.

1.3 Integraal Onze fysieke omgeving is onlosmakelijk verbonden met het sociaal domein. Voor inwoners is dat vanzelfsprekend: in een park of op de hoek van de straat hoort een bankje om uit te rusten of te kunnen kletsen met de buurman. Zorgen voor elkaar kan niet zonder een wijkcentrum met sociale functies in het hart van de wijk. Bereikbaarheid, ook voor minder mobiele mensen, stelt hen in staat om mee te doen in de maatschappij. De historie van de stad klinkt door in het heden en moet ook in de toekomst voelbaar, tastbaar en zichtbaar blijven. De enigszins geforceerde scheiding met aparte budgetten die de overheid hanteert tussen ‘fysiek’ en ‘sociaal’, bestaat voor inwoners en gebruikers van onze ruimte niet. Bij deze Omgevingsvisie zijn de ervaren kernkwaliteiten en integraliteit het uitgangspunt.

1.4 Uitwerking van de visie in een Omgevingsplan De Omgevingsvisie van Middelburg wordt stap voor stap verder uitgewerkt in concrete regels die gelden voor het gebruik en de inrichting van een specifiek gebied zoals een dorp of wijk. Middelburg doet dat door uitwerkingen te maken van de beleidsuitspraken in deze visie en door een plan te maken voor gebieden die een impuls nodig hebben, met inbreng van inwoners. Alle (beleids)regels monden uiteindelijk uit in één Omgevingsplan voor de gemeente. Dit gemeente-brede Omgevingsplan moet uiterlijk in 2031 afgerond zijn. Dit plan vervangt dan de huidige bestemmingsplannen, die bij de invoering van de Omgevingswet over zijn gegaan in een tijdelijk deel van het Omgevingsplan.

1.5 Lokaal versus regionaal Samen met de gemeenten Veere en Vlissingen vormt Middelburg de regio Walcheren. Ooit was dit een eiland: een geografisch afgebakend gebied. Nog steeds is het een regio waarin de drie gemeenten elkaar aanvullen als het gaat om wonen, werken, recreëren en voorzieningen. Ondanks het feit dat elke gemeente haar eigen visie maakt kan ieders blik dus niet beperkt blijven tot alleen die van de eigen gemeente. Vooral over ‘grensoverschrijdende onderwerpen’ als mobiliteit, natuur en landschap, klimaatadaptatie, energietransitie en recreatie is door de projectleiders frequent onderling afgestemd. Ook zijn de conceptvisies met elkaar vergeleken en waar mogelijk op elkaar afgestemd. Hieruit zijn de ‘Walcherse ambities’ voortgekomen die in hoofdstuk 4 in een kader zijn opgenomen bij de betreffende thema’s.

1.6 uitgebreid participatieproces Een uitgebreid participatieproces vormt een rode draad in de totstandkoming van de Omgevingsvisie. Dit proces is halverwege 2020 al gestart met ‘Teken voor de Toekomst’ en ‘Brief aan de Toekomst’. We hebben daarbij vooral (maar zeker niet alleen) jongeren uitgedaagd om hun beeld van Middelburg in 2050 met ons te delen. Deze ‘opdracht’ draaide om de vragen die aan het begin van dit hoofdstuk geformuleerd zijn. ‘Wat voor Middelburg laat u na aan uw (klein)kinderen?’ en ‘Hoe moet het Middelburg waarin jouw kinderen in 2050 opgroeien eruitzien?’ In het voortraject hebben meer dan zeshonderd Middelburgers in diverse bijeenkomsten geholpen om te komen tot de acht belangrijkste kernkwaliteiten van de gemeente. Hiernaast is uitgebreid geparticipeerd met externe belanghebbenden, zoals waterschap Scheldestromen, Zeeuwse Milieufederatie, Woongoed Middelburg en Evides. Zie ook hoofdstuk 2 van deze visie. Het label ‘kernkwaliteit’ houdt in dat deze eigenschappen in de toekomst behouden moeten blijven en als dit mogelijk is nog verder versterkt moeten worden. Daarmee vormen deze kwaliteiten niet alleen een vertrekpunt van de Omgevingsvisie maar ook een belangrijke spiegel voor alle ontwikkelingen. Behalve de kernkwaliteiten heeft de raad ook vastgesteld over welke grote opgaven de Omgevingsvisie moet gaan, zoals wonen, klimaat en samenleven.

Vervolgens zijn er zeventien thema’s of bouwstenen benoemd, waarvan analyses zijn gedaan. De ambities per bouwsteen waren onderwerp van de online dialoogtafels op vier intensieve avonden in januari en februari 2021. Midden in de coronapandemie zijn deze groepsgesprekken met een breed publiek digitaal gevoerd. De opgehaalde informatie vormde input voor zogenaamde ‘inspiratie-ateliers’ over vijf overkoepelende thema’s. Daarin zijn toekomstschetsen gemaakt over: wonen, werken, samenleven, klimaat & energie en natuur & landschap. In juli 2021 zijn gemeenteambtenaren hierover in gesprek gegaan met inwoners, ondernemers en andere belanghebbenden in de Schouwburg van Middelburg. De volgende en laatste stap was het opstellen van drie integrale scenario’s, waarin voor alle zeventien thema’s concrete keuzes zijn gemaakt. Dit leverde drie mogelijke toekomstbeelden op: ‘Groen’, ‘Compleet’ en ‘Sterke wijken en dorpen’. Ook hierop kon weer een reactie worden gegeven, waarvoor vooral het digitale platform van de gemeente is ingezet. Het participatieproces van de Omgevingsvisie is gedocumenteerd op het (nieuwe) platform: middelburgontmoet.nl.

Parallel aan de uitgebreide participatierondes heeft Antea Group een informele omgevingseffectrapportage gemaakt. Daarin zijn de integrale toekomstbeelden met elkaar vergeleken op de onderdelen ‘natuurlijk en historisch kapitaal’, ‘gezonde leefomgeving’, ‘duurzaamheid’, ‘wonen en voorzieningen’ en ‘economische omgeving’. Uiteindelijk heeft al deze opgehaalde informatie, samen met de ingebrachte vakkennis, geleid tot één visie voor de fysieke leefomgeving: Middelburg 2050. Wij wensen u veel leesplezier en herkenning toe!

2 Het Verhaal van Middelburg “Waarom woont u graag in de gemeente Middelburg?” vroegen wij mensen op straat. Antwoorden die wij kregen, waren: Het is een mooie stad. Het buitengebied is mooi groen. We wonen dicht bij het strand en het Veerse Meer. In Arnemuiden liggen mijn wortels. Het is gezellig. Middelburg is een relatief kleine stad en die kleinschaligheid in combinatie met de nodige voorzieningen, spreekt mij aan. Het is een stad met een verhaal… Dat verhaal van Middelburg bepaalt natuurlijk onze identiteit. En dat verhaal heeft verschillende lagen.

2.1 Een stukje geschiedenis Tot in de Franse tijd in 1795 kende Nederland uiteenlopende vormen van lokaal bestuur. Er was met name verschil tussen steden met stadsrechten en dorpen die doorgaans deel uitmaakten van een heerlijkheid. Nadat Napoleon in 1815 definitief was verdreven, werd het onafhankelijke Koninkrijk der Nederlanden dor de grootmachten erkend. Volgens het ‘Reglement van Bestuur ten platten Lande van de provincie Zeeland’ uit 1816 bestond het platteland van het eiland Walcheren uit negentien gemeenten plus de drie stadsgemeenten Middelburg, Veere en Vlissingen. Door de diverse gemeentelijke herindelingen over de tijd vormen de voormalige gemeenten Arnemuiden, Kleverskerke, Middelburg, Nieuw- en Sint Joosland en Sint Laurens sinds 1997 de huidige gemeente Middelburg. Hoewel elke voormalige gemeente haar eigen intrigerende geschiedenis kent, ligt veelal de nadruk op die van de stad Middelburg, omdat deze verbonden is met vele, vaak belangrijke, gebeurtenissen in de historie. De stad Middelburg ontstond al in de negende eeuw. T, toen werd op een ‘knooppunt’ van kreekruggen1 de ringwalburg gebouwd, die nog steeds terug te vinden is in de Middelburgse plattegrond. De ringwalburg moest de bewoners beschermen tegen de Vikingen, die toen de lage landen onveilig maakten.

De delta van Rijn, Maas en Schelde, het gebied dat wij nu de Zuidwestelijke Delta noemen, bestond in de negende eeuw uit tientallen eilanden en eilandjes. Walcheren was één van de eilanden en goed bereikbaar door de stroomgeul het Sloe. Het land was een schorrengebied, dat tot omstreeks 800 regelmatig overstroomde, maar naarmate het schor verder aangroeide, steeds bewoonbaarder werd. In de twaalfde eeuw legde men een ringdijk om het eiland Walcheren, om de regelmatige overstromingen te weren. Middelburg lag aan de Sloegeul en was daardoor goed bereikbaar per schip. In 1217 werden door gravin Johanna I van Vlaanderen en graaf Willem I van Holland stadsrechten aan Middelburg verleend. Met de verkregen stadsrechten mocht Middelburg toen een muur bouwen om zich te verdedigen, een eigen bestuur instellen en markten organiseren. De stadsrechten zorgden er ook voor dat Middelburg een veilige thuishaven werd voor vluchtelingen. Iedereen kan hier zichzelf zijn. Arnemuiden volgde met stadsrechten in 1574. In deze tijd veranderde de maatschappij ingrijpend. Ten tijde van het uitbreken van dDe Tachtigjarige Oorlog (1568 tot 1648) veranderde de maatschappij ingrijpend en was begonnen en tegelijkertijd ontstond er een bloeiende wereldhandel. Amerika was ‘ontdekt’ en er werden koloniën gesticht. Middelburg werd een rijke stad: de Gouden Eeuw was begonnen.

Middelburg was na Amsterdam de tweede havenstad van Nederland. De rijkdom van toen is nog goed af te lezen van onze kades, met de oude pakhuizen en herenhuizen uit de zestiende en zeventiende eeuw. In het buitengebied werden honderden buitenplaatsen en landgoederen gesticht. Walcheren ontleent daar nog altijd de naam ‘Tuin van Zeeland’ aan, hoewel maar weinig landgoederen bewaard zijn gebleven.… De geschiedenis van Arnemuiden is nauw met die van de stad Middelburg verbonden. Uit angst voor de toegenomen koophandel in het in de vijftiende eeuw ontstane Arnemuiden kocht Middelburg in 1493 de ambachtsheerlijkheid van Philips van Bourgondië, waarna men beperkingen en heffingen aan Arnemuiden kon opleggen. Iets wat tot grote twisten tussen beide plaatsen leidde. De Middelburgse handel was tevens afhankelijk van de kronkelige en dichtslibbende Arne. Deze toegang tot de stad werd vervangen door een nieuw kanaal, het Welsingekanaal, wat in 1535 gereed kwam.

1 | Kreekrug = Een kreekrug (ook wel (getij-)inversierug) is een hoger gelegen zone in een voormalig wadgebied. Ze zijn gevormd door in geulen afgezet zand. Omdat het omringende veen door inklinken in volume is afgenomen zijn de voormalige kreken tegenwoordig duidelijk herkenbaar als verhoging in het polderlandschap.

Tijdens de Spaanse overheersing had Arnemuiden, in tegenstelling tot Middelburg, al in 1572 de zijde van Oranje gekozen, waardoor het door Spaanse troepen werd bezet en grotendeels verwoest. Nadat de Spanjaarden in 1574 zowel Middelburg als Arnemuiden overgaven, ontving Arnemuiden van de prins van Oranje stadsrechten en werd het van alle afhankelijkheid van Middelburg ontheven verklaard. Rond 1800 brak er namelijk juist een periode van armoede aan. Doordat de dynamiek van het water afnam, verzandden het Welsingekanaal en het Sloe en werd Middelburg minder goed bereikbaar. Het havenkanaal - dat in 1532 was gegraven - en de rivier de Arne konden dat maar deels verhelpen.Ook En de oorlog met het Franse rijk van Napoleon kostte ook veel geld. Houtopstanden werden gekapt en verbrand, waardoor bijna alle landgoederen verdwenen. De vestingwerken werden niet meer onderhouden en Middelburg liet werklozen de bolwerken afgraven, de vestingwerken werden stadsparken. Het economische keerpunt kwam toen de industrialisatie begon en er overal in Nederland spoorwegen werden aangelegd. Om een spoorverbinding te krijgen met de rest van Nederland, moest het Sloe worden afgedamd. Dat betekende dat het in het begin van de negentiende eeuw tussen Veere en Middelburg aangelegde kanaal in de richting van Vlissingen werd doorgetrokken, om zo de waterverbinding te behouden.

In 1871 waren beide grote klussen geklaard. De strategische ligging van Walcheren werd juist een bedreiging in de Tweede Wereldoorlog. De Westerschelde was de toegang naar Antwerpen en wie de haven van Antwerpen in handen had, kon de militaire troepen bevoorraden. Er is dan ook veel en hard gevochten op Walcheren, waarvan de overblijfselen – waaronder de Atlantikwall met antitankgrachten, tankvallen en bunkers - nog altijd te zien zijn. Middelburg werd in de Tweede Wereldoorlog op 17 mei 1940 zwaar getroffen. Een groot gedeelte van de historische binnenstad van Middelburg werd als gevolg van de door oorlogsgeweld ontstane brand verwoest. Ook aAan het einde van de oorlog draaide het tijdens de Slag om de Schelde wéér om Walcheren. De Westerschelde was de toegang naar Antwerpen en de Duitse bezetter beheerste de monding van de Schelde, zodat de geallieerden de belangrijke (diepzee)haven van Antwerpen niet konden gebruiken voor de bevoorrading van de militaire troepen. Die strategische ligging van Walcheren werd voor het eiland dan ook een bedreiging. In een poging om de Duitsers te verjagen werd de zeewering op vier plekken op Walcheren gebombardeerd, met een overstroomd eiland tot gevolg. Alleen de binnenstad van Middelburg, de dorpskernen en de polders rondom Nieuw- en Sint Joosland en Kleverskerke en Vrouwenpolder bleven droog.

De overblijfselen van de felle strijd op Walcheren – waaronder de Atlantikwall met antitankgrachten, tankvallen en bunkers – zijn nog altijd te zien. Gelukkig is men na de oorlog voortvarend aan de slag gegaan met het Reconstructieplan Walcheren, waarin honderden hectares en kilometers beplantingen waren voorzien. En toen de grote naoorlogse groei van de Nederlandse steden op gang kwam, in de jaren 1960 en 1970, koos Middelburg ervoor om een zogenaamde ‘lobbenstad’ te worden, waarbij compacte stadwijken werden afgewisseld met blauwgroene vingers die tot aan de binnenstad reiken.

2.2 Stad in de delta Middelburg heeft altijd een belangrijke plaats ingenomen in de regio. Nog meer dan Zierikzee, Veere en Vlissingen was Middelburg een belangrijke stad in een eilandenrijk, onze zuidwestelijke delta. De delta speelt niet alleen een belangrijke rol in onze geschiedenis, het bepaalt ook voor welke opgaven we nu staan: klimaatadapatie krijgt hier bijvoorbeeld een andere invulling dan op de hogere zandgronden en de energietransitie kan hier gebruik maken van andere kansen. Wanneer we de ontwikkeling van de delta in de loop van de eeuwen volgen, valt op dat het eiland Walcheren al in de achtste eeuw ongeveer zijn huidige vorm heeft. Dit in tegenstelling tot vele andere voormalige eilanden in de delta, die nog vele malen zijn overstroomd of doorsneden met nieuwe geulen. Het oude Walcheren heeft een heldere structuur: een min of meer rond eiland met in het westen de duinen en daarachter de polder met de voormalige kreken die nu nog als ruggen in het landschap liggen. Aan de noordoostkant lag het Veerse Gat, het huidige Veerse Meer. De polders bij Nieuw- en Sint Joosland zijn uit de zeventiende eeuw en hebben de kenmerkende rechte indeling uit die tijd. Pas vanaf eind negentiende eeuw is Walcheren geen eiland meer, maar via de Sloedam verbonden met ZuidBeveland.

De eenheid van het eiland Walcheren wordt door zowel bewoners als toeristen als belangrijke kernwaarde gezien. Het gebied is relatief klein, met verschillende landschapseenheden: strand, de duinen met oude buitenplaatsen, oudlandpolder2 met onder andere weidevogelgraslanden en (kerk)ringdorpen 3, nieuwlandpolders, het Veerse Meer met jonge bossen en jonge kreken. In dit afwisselende gebied liggen oude en heel verschillende steden: Veere, Vlissingen, Middelburg en Arnemuiden, elk met een eigen identiteit, maar ook elk met een nauwe relatie met het omliggende water. `

KERNWAARDE: DE LANDSCHAPPELIJKE EENHEID VAN WALCHEREN Het is van groot belang om de gemeente Middelburg in relatie te blijven zien tot de gemeenten Vlissingen en Veere. De grenzen tussen de gemeenten die er bestuurlijk zijn, zijn er niet voor de bewoner of bezoeker. Binnen Walcheren, zelfs binnen Zeeland, is Middelburg van oudsher het bestuurscentrum geweest. De stad waarin het provinciebestuur is gehuisvest en die al vanaf de middeleeuwen politieke macht had. Er vormde zich een elite, die bijvoorbeeld tot uiting kwam in de vestiging van de Latijnse school in 1365. Tot de Tweede Wereldoorlog had Middelburg het imago een ambtenarenstad te zijn, waarin deftige burgers in een rijk cultureel leven de toon zetten. Hoewel deze standenmaatschappij vandaag niet meer zo sterk waarneembaar is, heeft het er wel voor gezorgd dat veel overheidsdiensten en scholen juist kozen voor Middelburg om er zich te vestigen. Voorbeelden hiervan het regionaal hoofdkantoor van Rijkswaterstaat en de Rechtbank (beide al negentiende eeuw), het Zeeuws archief (2000) en het University College Roosevelt (2004). Bewoners geven aan dat het aanbod van onderwijs en (overheids)diensten één van de kwaliteiten van Middelburg is. Het is tegelijk ook een gewenste kernkwaliteit: Middelburg zou zich als onderwijsstad, samen met Vlissingen, verder kunnen ontwikkelen.

KERNWAARDE: BREED AANBOD VAN ONDERWIJS EN DIENSTEN KERNWAARDE: BREED AANBOD VAN CULTUUR

2.3 Monumentenstad die bruist Middelburg is een echte monumentenstad. Op basis van het aantal geregistreerde rijksmonumenten staat de gemeente op plaats zeven van de ranglijst grote monumentengemeenten. De diversiteit van het erfgoed is groot en varieert van een middeleeuwse houten voorgevel tot het Landfront Vlissingen uit de Tweede Wereldoorlog. De gemeente Middelburg kent 1159 rijksmonumenten. Aansprekende rijksmonumenten zijn: - de Middelburgse Abdij die met zijn grote plein, torens en drie kerken een voor Nederland monumentaal complex is in het centrum van de stad; - het Gotische stadhuis dat één van de fraaiste exemplaren in ons land is; - de Oostkerk, d. Deze achthoekige koepelkerk is in Zeeland het rijkste voorbeeld van de classicistische architectuurstijl;. - Het geheel van monumentale woonhuizen langs de kaaien en andere plekken langs het water. In Arnemuiden is vooral de scheepswerf en de geschiedenis als vissersplaats een belangrijk historisch gegeven. Nadat er in de Tweede Wereldoorlog veel monumenten verwoest zijn, is er gekozen voor een wederopbouw in de stijl van de Delftse School, wat de monumentale sfeer van de binnenstad benadrukt. Middelburg heeft, mede doordat ze vroeg stadsrechten had en daarmee een veilige plaats was, altijd veel kunstenaars aangetrokken.

En in de loop van de tijd ontstond er ook een symbiose tussen de monumentenstatus van de stad en de cultuur die daar plaatsvindt: podiumkunsten, muzikale uitvoeringen en beeldende kunst gaan goed samen met een mooie historische binnenstad. Op haar beurt lokt deze cultuur weer toeristen, waardoor er een bruisend centrum is ontstaan. Het aanbod van hotels, restaurants, (eet)café’s en winkels ligt in Middelburg hoger dan in andere Zeeuwse steden.

2 Oudlandpolder: inpoldering van vóór het jaar 1200. 3 Ringdorp: dorp met in het midden en vaak hoog gelegen de kerk met een kerkhof. Direct daar weer rond staat een kring van huizen en soms ook boerderijen.

Ook voor organisaties die zich inzetten voor mensenrechten wil Middelburg een aantrekkelijke stad zijn. Er is dan ook duidelijk verbinding tussen het zijn van mensenrechtenstad, cultuur en promotie van de stad. Er wordt ruimte gegeven aan evenementen die dit profiel versterken.

KERNWAARDE: BRUISENDE BINNENSTAD KERNWAARDE: MONUMENTENSTAD

2.4 Hartelijk en gastvrij Maar als mensen op straat gevraagd wordt naar de belangrijkste kwaliteiten van de gemeente Middelburg, gaat het zeker niet altijd over de functie als bestuurdersstad of de mooie monumenten. Minstens zo vaak gaat het over de sfeer. Middelburg wordt vaak als hartelijk en gastvrij betiteld. Het zijn misschien wel de mensen die de belangrijkste aantrekkingskracht zijn voor de stad. De verklaring hiervoor zou kunnen liggen in de kleinschaligheid van Middelburg, Arnemuiden en de omliggende dorpen. Veel mensen kennen elkaar. Daarin speelt religie ook een grote rol. De gemeenschapszin in de kerken zorgt voor saamhorigheid en omzien naar elkaar. Alles bij elkaar leidt dit tot een hoge tevredenheid van de bewoners over hun wijk, dorp of stad. De sociale cohesie is relatief groot. In dit kader is er in de gemeenteraad ook gesproken over de kernwaarde ‘rust’, als tegenhanger van ‘bruisende binnenstad’. De kwaliteit van Middelburg zit hem niet alleen in het omarmen van evenementen en drukte. Juist de plekken en momenten van rust, zorgen voor een gevoel van welzijn in de hectische samenleving.

KERNWAARDE: HARTELIJK EN GASTVRIJ KERNWAARDE: SOCIALE COHESIE DOOR KLEINSCHALIGHEID ___ Voor de stad Middelburg werd al in de oorlog gewerkt aan een uitbreidingsplan. Middelburg zou na mei 1940 niet alleen een deel van de binnenstad weer moeten opbouwen, maar had ook nood aan nieuwe woonwijken buiten het bolwerk. Naar het idee van stedenbouwkundige Pieter Verhagen is toen de lobbenstad ontstaan, met grote groene vingers tussen de wijken. Deze groene vingers staan de laatste decennia onder druk, omdat de stad steeds een keuze moet maken tussen inbreiden of uitbreiden. Maar ze zorgen er wel voor dat bewoners vanuit iedere wijk snel toegang hebben tot een park of sportpark. Bewoners waarderen dit groen steeds meer. ___

2.5 Stad in een groene omgeving Ten slotte noemen bewoners ‘groen’ en ‘nabijheid van natuur’ heel vaak als het gaat om de kernwaarden van Middelburg. Feitelijk is de gemeente helemaal niet zo groen. Op de ranglijst staat onze gemeente in Nederland op de 288ste plaats als het gaat om groen binnen de bebouwde kom. 4 Ook als het om het aantal bomen gaat – in Middelburg 1,7 per inwoner – is onze gemeente een middenmoter. Maar toch is het gevoel van veel groen wel goed te verklaren. In het buitengebied op Walcheren is er immers een grote diversiteit aan natuurgebieden en landschapseenheden. Daarbij heeft Middelburg zich ontwikkeld als ‘lobbenstad’, wat betekent dat er grote groene zones in de stad liggen, tussen de wijken in. Eerst het buitengebied. Zoals in paragraaf 2.1 vermeld, is Walcheren voor het grootste deel een zogenaamde oudlandpolder, omdat het al in de twaalfde eeuw bedijkt is. Het gevolg van deze vroege bedijking was, dat het land niet meer overstroomde en dus ook niet meer ophoogde door het sediment uit de zee. Sterker nog, het land klonk zelfs in door de ontwatering van het veen, wat nog werd versterkt door het opgraven van het veen voor zout- en turfwinning. Door deze ontwikkelingen zien we dat Walcheren één van de laagste polders van Zeeland is. Op veel plekken is er nog veen in de ondergrond aanwezig. Alleen waar vroeger de kreken liepen, is de grond wat zandiger.

Door inklinking van het veen zijn juist die voormalige kreken als ruggen in het landschap hoger komen te liggen. We noemen dit kreekruggen. Bij het stichten van de vele kleine dorpen op Walcheren, koos men de hoge plekken uit om op te wonen, vaak op een kruispunt van deze kreekruggen. Over de kreekruggen legde men de wegen aan en

4 | Wageningen Universiteit & Research, Groenmonitor, 2022.

werden de boerderijen gebouwd. Terwijl de lage, venige gronden – de zogenaamde poelgronden – nauwelijks begaanbaar waren. Ze waren heel nat en zout en eigenlijk alleen te gebruiken om het vee te weiden. Deze structuur van kreekruggen en de tussenliggende lage poelgronden, is nog steeds goed waarneembaar in het landschap van Walcheren. Mede door landschapsarchitect Nico de Jonge, die in het Reconstructieplan Walcheren (1946) is uitgegaan van beplanting op de ruggen en het open houden van de poelgronden. Bij de ruilverkaveling en landinrichting van de jaren ’90 van de vorige eeuw, is dit zelfs versterkt door van de enkele poelgronden weer natuurgebieden te maken, zoals de Sint Laurense Weihoek en het gebied rond de Oude Veerseweg (zie Natuurnetwerk Zeeland op de Kwaliteitskaart). Deze natte venige gebieden zijn uitermate geschikt voor weidevogels en overwinterende vogels, belangrijke doelsoorten van ons deltagebied. Aan de noordoostkant van Walcheren ligt het Veerse Meer. Ook dit gebied heeft na de afdamming van het Veerse Gat in 1961 een enorme transformatie ondergaan. Naar het landschapsplan van Nico de Jonge is het een natuur- en recreatiemeer geworden, omzoomd door bossen, om beslotenheid en afwisseling te creëren. Het Veerse Meer speelt een belangrijke rol voor overwinterende en doortrekkende vogels en is aangewezen als Natura2000 gebied.

Voor de (water)recreatie is aanwezigheid van de jachthaven en het kanaal dat een verbinding vormt naar zowel de Westerschelde als het Veerse Meer en de Oosterschelde, een belangrijke kwaliteit. Vanaf begin jaren zeventig was bij de Oranjeplaat een grote camping gevestigd met meer dan duizend standplaatsen. Onlangs heeft het gebied een nieuwe eigenaar gekregen, die van dit gebied een waterrijk en groen vakantiepark wil maken. Aan de buitenkant van de stad bevinden zich twee waardevolle buitenplaatsen: Ter Hooge en Toorenvliedt. Van de tientallen buitenplaatsen die Middelburg in de achttiende eeuw rijk was, zijn deze twee overgebleven buitenplaatsen van groot belang uit cultuurhistorisch oogpunt, maar ook als natuurlijk park met belevingswaarde.

KERNWAARDE: GROEN EN NATUUR

3 Trends en opgaven Sinds de Kwaliteitsatlas Middelburg van 2010 is er veel veranderd. Zaten we toen in een economische crisis en werden er nauwelijks huizen gebouwd, nu ervaren we woningnood. Klimaat en energie zijn bovenaan op de agenda gekomen, sinds de wereldwijde afspraken hierover in Parijs gemaakt zijn en de energieprijzen die de pan uitrijzen... tevens maken we ons zorgen over de teloorgang van de biodiversiteit en de groeiende kloof tussen arm en rijk. Maar in Zeeland hebben we ook zorgen over het wegtrekken van onze jongeren naar de grote steden om ons heen. Deze trends vragen om een aanpak, ook op gemeentelijk niveau. In dit hoofdstuk lichten we de ontwikkelingen toe die leiden tot de koers die in hoofdstuk 4 wordt beschreven.

3.1 Welzijn Hoe groot de opgaven van de Omgevingsvisie ook zijn, welzijn is de basis van alles. Als mensen zich niet goed voelen en zich zorgen maken, bijvoorbeeld over hun gezondheid of hun bestaanszekerheid of gevoel van veiligheid, kunnen alle andere ambities die wij als gemeente beogen, hen gestolen worden. Daarom beginnen we dit hoofdstuk met de welzijnsopgave. In deze Omgevingsvisie wordt met welzijn bedoeld dat het zowel lichamelijk als geestelijk als sociaal goed gaat met een persoon. Daarbij spelen diverse factoren een rol zoals gezondheid, welvaart, vrijheid, vriendschap, veiligheid en beschikbare faciliteiten. Welzijn is ook de mate waarin mensen naar eigen wens en vermogen deelnemen en deel kunnen nemen aan de samenleving. Is aan de condities daarvoor voldaan, dan is dat de basis van waaruit mensen met anderen kunnen werken aan hun samenredzaamheid. Voor Middelburg is meer vrijwillige inzet, bewonersinitiatieven, sociale cohesie en wederkerigheid het streven. Dat laatste gaat erom dat ieder mens iets te bieden heeft en niet alleen ontvangt. Sinds 2015 zijn taken die voortvloeien uit de Wmo 5 en de Jeugd- en Participatiewet gedecentraliseerd naar gemeenten. Een enorme opgave, die een antwoord moet bieden aan de vergrijzing en het niet meedoen van groepen burgers en daarmee de onbetaalbaarheid van de verzorgingsstaat, die eind twintigste eeuw was opgebouwd.

Het doel is efficiëntere zorg. Het uitgangspunt is niet meer zorgen vóór, maar zorgen dát bewoners ‘samenredzaam’ worden. In de praktijk ging de decentralisatie van de zorgtaken samen met een bezuiniging en kwamen veel gemeenten – waaronder ook Middelburg – in de knel. Veel aandacht is de afgelopen jaren gegaan naar de organisatorische kant van de transitie, waardoor er voor het faciliteren en stimuleren van initiatieven onvoldoende ruimte was. Ondertussen zijn de maatschappelijke opgaven sinds 2015 alleen maar groter geworden: er zijn méér cliënten die een beroep doen op jeugdzorg en Wmo en de bedragen van zorgdeclaraties werden significant hoger. Om deze opgave het hoofd te bieden, zijn in de Welzijnvisie uit 2017 de volgende speerpunten benoemd: - Ontmoeten - Inclusie - Vitale wijken Deze speerpunten hebben een duidelijke relatie met onze fysieke leefomgeving. Hoofdstuk 4 geeft aan hoe we deze speerpunten vertalen in de ambities voor de lange termijn, in samenhang met de andere opgaven.

3.2 Wonen Een goede, betaalbare woning voor iedereen, op een goede plek. Al jarenlang is dit het woonbeleid van de gemeente Middelburg, maar nog niet eerder in deze eeuw is die opgave zo lastig geweest. Door de sterk gestegen huizenprijzen en het krappe aanbod is een koopwoning voor een steeds grotere groep moeilijk te krijgen, wat ook zijn weerslag heeft op de huurmarkt. Daarbij speelt ook mee dat Middelburg de afgelopen jaren om diverse redenen een beperkt aanbod van nieuwbouwwoningen had. Met ingang van 2022 neemt het nieuwbouwaanbod binnen de gemeente sterk toe, maar het probleem van de betaalbaarheid en beschikbaarheid van de woningen speelt uiteraard breder.

5 Wmo = Wet mMaatschappelijke ondersteuning

Vanaf medio 2022 stijgen de huizenprijzen minder snel. De hogere hypotheekrente en de toenemende inflatie dragen daaraan bij. De prijzen van nieuwbouwwoningen blijven onverminderd hoog, zodat de nieuwbouwmarkt in 2023 ‘op slot’ is gegaan: nieuwbouwwoningen worden nog maar nauwelijks verkocht, ondanks de grote behoefte aan nieuwe woningen. De nieuwbouwwoningen beter betaalbaar maken is dus een grote uitdaging, die grotendeels echter niet door de gemeente opgelost kan worden. Volgens de laatste prognose van de provincie Zeeland (2022) groeit Middelburg tot en met 2039 met 3.200 huishoudens (14% erbij ten opzichte van 2020). Oftewel er zijn per jaar ongeveer tweehonderd nieuwe woningen nodig. In de woondeal (februari 2023) tussen Zeeuwse gemeenten, provincie en Rijk is voor Middelburg afgesproken: minimaal 2.282 woningen voor de periode 2022-2030. Voor een deel zitten die in de pijplijn en worden deze de komende jaren ook gerealiseerd: de afronding van de bestaande locaties Mortiere, Veersepoort, Rittenburg en Hazenburg, maar ook nieuwbouwlocaties als Essenvelt en de eerste fase van de uitbreiding van Sint Laurens. Daarnaast vinden er op diverse plekken binnen de stad transformaties plaats, waaronder aan de Zuidsingel, Sportlaan, Sir Winston Churchilllaan, Sardijngeulstraat en de voormalige locatie van de Morgenster.

Maar ondanks de vele projecten die momenteel in voorbereiding of uitvoering zijn, moeten er nog geschikte locaties worden gevonden voor zo’n duizend woningen. Kwalitatief ligt de grootste opgave op het gebied van nultredenwoningen, primair bedoeld voor de oudere doelgroep (65+). Met Woongoed Middelburg is bovendien begin 2022 de afspraak gemaakt om de mogelijkheid te bieden om in de periode tot en met 2030 in totaal 750 nieuwe woningen te realiseren in de categorie sociale huur. Daarnaast bestaat er een vraag naar huurwoningen boven de ‘sociale’ grens en naar betaalbare koopwoningen. Deze laatste kunnen ook beschikbaar komen op het moment dat doorstroom van ouderen naar een geschikte levensloopbestendige woning goed op gang komt. Met de huidige bouwkosten en woningprijzen is een nieuw te bouwen betaalbare koopwoning echter nauwelijks haalbaar. Een minstens even grote opgave ligt op het terrein van de bestaande woningmarkt en de woningen die de komende jaren niet van eigenaar wisselen: de verduurzaming van de huidige woningvoorraad van circa 24.000 woningen. Vanwege de kosten die dat met zich meebrengt, is hulp van de overheid hierbij onvermijdelijk.

3.3 Beroepsbevolking De prognoses van het CBS zijn dat de bevolkingsgroep die in Zeeland het snelst zal slinken de beroepsbevolking is. Tussen nu en 2040 (dieptepunt in prognose) van 212.000 naar 190.600 personen. Dat is een daling van ruim 10% tegenover landelijk (ook een daling van) ruim 5,5%. Momenteel is die krappe arbeidsmarkt merkbaar in bijna alle sectoren, waaronder zorg, horeca, industrie en dienstverlening. Een belangrijke oorzaak hiervan is de vergrijzing. In Middelburg is er een lichte groei van de groep 15 tot 30-jarigen (vergroening), maar veel sterker is de vergrijzing: de groep 60-plussers is in tien jaar tijd met zo’n 18% gegroeid tot 14.200 in 2021. Naast vergrijzing zijn ook het wegtrekken van theoretisch opgeleiden naar andere regio’s en de druk op de woningmarkt verklaringen voor de dalende beroepsbevolking. Voor een goede omvang van de beroepsbevolking zijn belangrijk: woningen, bereikbaarheid, voorzieningen (cultuur en onderwijs) en werkgelegenheid. De komst van nieuwe Nederlanders in onze gemeente is een kans om de beroepsbevolking te versterken. Woningen voor tijdelijke arbeidskrachten De opgave voor wonen is al aan bod gekomen in paragraaf 3.2. Maar een speciale vermelding daarbij is de beschikbaarheid van woningen voor tijdelijke arbeidskrachten.

Momenteel werken er veel buitenlandse werknemers in de industrie, de landbouw, weg- en waterbouw, groenvoorziening en bij schoonmaakbedrijven. Het precieze aantal is niet bekend. Vaak hebben deze werknemers een tijdelijk contract of komen alleen voor het hoogseizoen. De meesten zijn niet ingeschreven in de gemeente. Middelburg heeft op dit moment geen aparte locaties waar semipermanent gewoond kan worden, de internationale werknemers maken gebruik van het reguliere, veelal particuliere woningaanbod. Voor de woningcorporaties is het huisvesten van internationale medewerkers in een sociale huurwoning niet evident: ze zijn hier niet ingeschreven, kunnen geen maanden wachten op een woning en verdienen (bijvoorbeeld met zijn vieren) vaak teveel om in aanmerking te komen voor een sociale huurwoning. Bereikbaarheid

In heel Zeeland is het aantal arbeidsplaatsen dat over de weg bereikt kan worden in de spits minder dan 200.000 voor de auto, de fiets en het openbaar vervoer. Dit houdt in dat de bereikbaarheid in onze regio matig is ten opzichte van de stedelijke regio’s, waar soms meer dan één miljoen bereikbare arbeidsplaatsen zijn. Dit heeft vooral invloed op de theoretisch opgeleiden, die veel meer kansen zien in de Randstad of de Brabantse stedenrij. Middelburg en Arnemuiden hebben gelukkig een treinstation en Middelburg is daarbij overstapplaats voor bussen naar bijvoorbeeld Zeeuws-Vlaanderen en Schouwen-Duiveland. Maar voor mensen die buiten de stad Middelburg of de kern Arnemuiden wonen of werken, is de bereikbaarheid van werk of voorzieningen met het openbaar vervoer beperkt.

3.4 Energietransitie Klimaatverandering, een stijgende zeespiegel en het schaarser worden van fossiele brandstoffen hebben ervoor gezorgd dat er wereldwijd afspraken zijn gemaakt over het verminderen van onze CO2-uitstoot. Het bekendst is het Akkoord van Parijs. In 2015 werd in die stad afgesproken maatregelen te nemen die ervoor zorgen dat de opwarming van de aarde beperkt blijft. Om dit te bereiken moeten alle deelnemende landen aan de bak! Nederland heeft dit uitgewerkt in de Klimaatwet. De Nederlandse Klimaatwet bevat een streefdoel van 49% minder CO2-uitstoot in 2030 ten opzichte van 1990 en een einddoel van 95% minder CO2-uitstoot in 2050. In Zeeland heeft men deze opgave in 2020 uitgewerkt tot de Regionale Energie Strategie (RES 1.0). Inmiddels wordt voor de RES 2.0 60% reductie in 2030 onderzocht, want versnelling is dringend nodig. Verbruik Onze hele energieconsumptie moet drastisch afnemen. Maar de afgelopen decennia is onze energievraag juist fors toegenomen. Ongeveer 50% van de gebruikte energie is voor warmte. Het elektriciteitsgebruik neemt toe door elektrische mobiliteit, volledig elektrische verwarming door warmtepompen en straks mogelijk door de opwekking van waterstofgas, dat gemaakt wordt met elektriciteit. Duurzame energieopwekking Om energieneutraal te worden, is duurzame energieopwekking nodig.

In de RES 1.0 en de Omgevingsvisie Zeeland worden de mogelijkheden van zonne-energie, wind (op zee en op land), energie uit water en biomassa genoemd. Kernenergie is een zaak van de rijksoverheid, dus is niet opgenomen in het provinciaal beleid. Een belangrijke kwestie bij duurzame energieopwekking is de opslag van energie. Bij industrieterreinen worden grote batterijinstallaties verwacht, in de wijken is dit veel kleinschaliger. Bij particulieren zou de auto of een batterij in huis gebruikt kunnen worden voor het opslaan van energie tijdens zonne-uren. Mobiliteit Door de energietransitie zal er ten aanzien van mobiliteit veel moeten veranderen. In de toekomst willen we rijden, varen en vliegen zonder uitstoot, ook wel zero-emissie genoemd. In tegenstelling tot de wens vanuit energiebesparing, is in de gemeente Middelburg het autobezit de afgelopen decennia toegenomen. Het gebruik van deelauto’s komt niet goed op gang. Bewoners vinden het openbaar vervoer ook geen goed alternatief. De exploitatie van de bus staat in Zeeland onder druk.

3.5 Circulaire transitie De klimaatafspraken in Parijs betekenen niet alleen een omslag in ons energieverbruik. Ook qua grondstoffen hebben we afgesproken in 2050 voor 95% circulair te zijn. In een circulaire stad bestaat geen afval. Dat komt doordat bewoners en bedrijven efficiënter omgaan met energie, water en grondstoffen. Fabrikanten maken slimmere ontwerpen, producten met minder materiaal en hergebruiken daar zoveel mogelijk van. Afval is dé nieuwe grondstof in de circulaire stad: wat Middelburgers gebruiken, hergebruiken ze steeds opnieuw. Om dit mogelijk te maken, komt er een eind aan de lijn ‘produceren, consumeren, weggooien’. In plaats daarvan maken we de cirkel rond. Zo besparen we behalve energie, water en grondstoffen ook het milieu door de CO2-uitstoot te verminderen. Door circulair te zijn, is er als het goed is ook geen uitstoot meer van verontreinigende stoffen naar bodem, lucht en water (denk bijvoorbeeld aan PFAS). Steeds meer Middelburgers dragen een steentje bij aan een toekomstbestendige wereld en aan beperking van klimaatverandering. Het aantal burgerinitiatieven stijgt de laatste jaren. Middelburgers nemen zelf het heft in handen

door de oprichting van energie-, zorg-, voedsel- en andere coöperaties. Juist die kleine initiatieven kunnen uiteindelijk zorgen voor een kanteling van denken. Hoogleraar Jan Rotmans schrijft in zijn boek “Omarm de chaos” dat als 25% van de mensen een idee omarmt, het kantelpunt is bereikt. De transitie komt dan in een versnelling, waarin de overige 75% meegaat. De gemeente heeft wel een heel duidelijke voorbeeldfunctie in de grondstoffentransitie. Vooral in de bouwwereld wordt nog veel gebouwd voor een periode van zo’n vijftig jaar. Er is behoefte aan een gebouw met een bepaalde functie, daarna ziet men wel weer. De groei van de jaren zestig en zeventig heeft er dan ook voor gezorgd dat we nu gebouwen hebben die aan het einde van hun levensduur zitten of waarvoor het heel duur wordt om ze te gaan verbouwen naar energieneutraal. Dat geldt bijvoorbeeld voor oudere scholen of kantoren. De opgave is dan om te transformeren of te slopen en nieuw te bouwen, maar dan wel met langdurig (en dus flexibel) gebruik en toekomstig hergebruik van onderdelen en materialen in gedachten. ____ KLIMAATVERANDERING: WE ZITTEN ER MIDDENIN.

Het jaar 2018 bracht dat aan het licht, toen we alle extremen en records in één jaar te pakken hadden: Op 3 januari 2018 deed zich de unieke situatie voor dat alle stormvloedkeringen van het land, de Hollandsche IJsselkering, de Maeslantkering, de Hartelkering, de Oosterscheldekeringen de Ramspolkering tegelijkertijd gesloten waren. In drie weken tijd deden zich in januari drie hevige stormen voor. In maart was er sneeuw en ijs en een gevoelstemperatuur van -15 graden Celsius. Op 1e paasdag was het kouder dan met de kerst. Maar mei was juist de warmste maand in drie eeuwen. Hevige stortbuien onderbraken het mooie weer en veroorzaakten op 13 en 27 mei stevige wateroverlast in Drenthe en Groningen. En toen begon de warmste en droogste zomer sinds drie eeuwen met een hitterecord in Westdorpe op 27 juli met 38,1 graden (een jaar later was het zelfs 40,6 op 29 juli). De herfst van 2018 ging de boeken in als de droogste sinds 1901. (Bron: Dagblad van het Noorden, 26 december 2018) Van 2018 tot en met 2023 zijn helaas weer nieuwe droogte- en wateroverlastrecords gebroken. ____

3.6 Klimaatadaptatie In de vorige paragrafen is al duidelijk geworden: wij moeten alles doen om de opwarming van de aarde af te remmen. Doen we dat niet, dan sterven diersoorten uit, komt onze voedselvoorziening in gevaar en moeten we vrezen voor overstromingen. Maar ook als we dat wel doen: we hebben al te maken met klimaatverandering. We zitten er middenin. Klimaatadaptatie gaat over het aanpassen aan deze klimaatverandering. Het gaat dan om het omgaan met hitte, droogte, wateroverlast en overstromingsrisico. Om in 2050 klimaatbestendig en waterrobuust ingericht te zijn, is in Zeeland de Klimaatadaptatiestrategie Zeeland (KasZ) ontwikkeld. Daarin worden tal van handvatten gegeven om vooral steden klimaatrobuuster in te richten, zoals het betrekken van klimaatadaptatie bij nieuwbouwprojecten en het vergroten van de bewustwording bij onze inwoners. Specifiek voor de gemeente Middelburg gelden de volgende aandachtspunten: Overstromingsrisico Van het bebouwd gebied zijn vooral Middelburg-Zuid en Dauwendaele en Mortiere kwetsbaar voor een overstroming vanuit de Westerschelde. De dijken zijn aangelegd volgens de wettelijke norm van 1:4000 (kansverhouding). Door een maaiveld onder zeeniveau kan het water bij een dijkdoorbraak in deze gebieden met meer dan drie meter stijgen. Het water staat dan halverwege de eerste verdieping.

Hoewel die kans klein is – de primaire keringen zijn op orde – kunnen de gevolgen groot zijn. In deze wijken wonen gezamenlijk zo’n 16.000 mensen. De komende jaren wordt gewerkt aan het verbeteren van de waterveiligheid door de dijken aan te passen zodat ze voldoen aan de nieuwe wettelijke norm 1: 100.000. De Zeeuwse en Middelburgse klimaatadaptatiestrategie is er niet op gericht om alle woningen en bedrijven uit deze gebieden te slopen, dat zou in ons deltagebied een veel te extreme maatregel zijn. De strategie is er wel op gericht om de gevolgen te beperken door geen cruciale functies – zoals een ziekenhuis – te bouwen in de laagst gelegen gebieden en door goed en geregeld informatie te verstrekken over wat mensen in zo’n geval moeten doen voor hun veiligheid.

Wateroverlast en hittestress Gek genoeg gaan risico’s op wateroverlast en hittestress hand in hand. Gebieden waar heel weinig groen is, zullen minder water kunnen vasthouden en zullen dus sneller overstromen door de overbelaste hemelwaterafvoer. Deze verharde gebieden worden in de zomer ook veel warmer, met onaangenaam hete openbare ruimtes tot gevolg. In Middelburg is vooral in de binnenstad en op Arnestein relatief weinig openbaar groen en juist veel verhard oppervlak aanwezig. Droogte Droge periodes zijn niet alleen slecht voor onze beplantingen, maar in de stad vooral ook slecht voor de paalfunderingen van gebouwen. Door hout- of betonrot kunnen de funderingen slecht worden en de gebouwen gaan verzakken. Ook kan de bodem door langdurige droogte inklinken met als gevolg dat op staal gefundeerde huizen verzakken. Voor ons buitengebied is droogte een grote zorg voor de boer. Vaak gaat droogte in Zeeland hand in hand met verzilting. De beschikbaarheid van te weinig zoet water brengt de opbrengst van de gewassen in gevaar.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13752236/1