CConstaterende datMiddelburg
Koppel je AI →
Document · PDF

22-003 Bijlage 1. Adviesrecht en verplichte participatie onder de Omgevingswet dd. 06-10-2021

Gemeenteraad 24 februari 2022, gemeente MiddelburgBij agendapunt: Omgevingswet - adviesrecht gemeenteraad en delegatie aan college (RM 22-003)4.059 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

ADVIESRECHT RAAD en VERPLICHTE PARTICIPATIE onder de Omgevingswet

SC

1

16-11-2021 11:37:49

INHOUD

HOOFDSTUK 1: procedure waarbij adviesrecht nodig is 1.1. Juridische grondslag HOOFDSTUK 2: Waarom een adviesrecht in plaats van een verklaring van geen bezwaar? 2.1. In de praktijk onder de Omgevingswet A. Binnenkomst aanvraag B. Toetsing op basis van categorieën C. Behandeling in de raad D. Doorwerking van advies E. Bezwaar en beroep 2.2. Afwegingen A. Rol van de raad B. Werkdruk C. Beslistermijn D. Overgangsperiode 2.3. Gevolgen

3

HOOFDSTUK 3: Inventarisatie HOOFDSTUK 4: Keuze aan te wijzen categorieën HOOFDSTUK 5: Relatie met verplichte participatie HOOFDSTUK 6: Kanttekeningen HOOFDSTUK 7: Informeren/controleren

10 11 12 13 14

5 5 5 6 6 6

6 6 7 7 8 8 9

Bijlage 1: Lijst met gevallen waarvoor advies van de gemeenteraad nodig is voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit en waarbij verplichte participatie geldt.

SC

2

16-11-2021 11:37:49

HOOFDSTUK 1: Procedure waarbij adviesrecht nodig is Een buitenplanse omgevingsplanactiviteit ( = verder OPA) is een activiteit die niet voldoet aan de regels van het omgevingsplan en niet vergunningvrij voor het bouwen is. Er zijn twee varianten: 1. Een activiteit waarvoor het omgevingsplan bepaalt dat een vergunning nodig is, maar het volgens de beoordelingsregels niet mogelijk is de vergunning te verlenen. 2. Een andere activiteit in strijd met het omgevingsplan. Bij een dergelijke omgevingsplanactiviteit kan niet gebruik worden gemaakt van binnenplanse toetsings- en beoordelingscriteria. In plaats daarvan moet gebruik worden gemaakt van het buitenplanse criterium: een evenwichtige toedeling van functies aan locaties Dit kan gezien worden als uitbreiding van het huidige criterium een goede ruimtelijke ordening. De raad dient gevallen aan te wijzen waarin wel een bindend advies nodig is van de raad om een OPA toe te staan. Voor de gevallen die niet zijn aangewezen vervalt het adviesrecht van de raad. Advisering door de gemeenteraad op basis van het verzwaard adviesrecht, dient vervolgens, krachtens artikel 16.15b van de Omgevingswet, in acht te worden genomen bij het beslissen op de aanvraag om de omgevingsvergunning. Dit betekent dat het advies van de raad over een beslissing op een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een OPA bindend is. 1.1.

Juridische grondslag Omgevingswet, artikel 16.15b: doorwerking advies gemeenteraad bij beslissingen op aanvragen omgevingsvergunning of instemming bij die beslissingen In een geval als bedoeld in artikel 16.15a, onder b, worden de bij of krachtens deze wet gestelde regels over het beslissen op de aanvraag om de omgevingsvergunning of het verlenen of onthouden van instemming met inachtneming van het advies van de gemeenteraad toegepast. Op grond van art. 16.15a aanhef en lid b onder 1 van de Omgevingswet wordt de gemeenteraad als adviseur aangewezen als het gaat om een aanvraag voor een omgevingsvergunning voor door de gemeenteraad aangewezen gevallen van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Het college is het bevoegd orgaan bij omgevingsvergunningen.

SC

3

16-11-2021 11:37:49

Op grond van art. 16.15b van de Omgevingswet dient het college dit advies van de raad in acht te nemen. De reguliere procedure is van toepassing (8 weken + eenmalig verlengen met 6 weken = 14 weken)1, tenzij • MER moet worden gemaakt (art. 16.50 Ow); • Sprake is van een bij AMvB aangewezen geval (art. 16.65 lid 1 Ow); • Op verzoek of met instemming aanvrager (art. 16.65 Ow lid 1); of • Beslissing bevoegd gezag (art. 16.65 Ow lid 4) vanwege aanzienlijke gevolgen en mogelijke bedenkingen van belanghebbenden. Als sprake is een van de genoemde gevallen wordt het besluit voorbereid met toepassing van afdeling 3.4 Awb. 1

Deze termijn wordt met 4 weken verlengd als instemming nodig is van een ander bestuursorgaan op grond van 16.16 Ow.

De wetgever gaat ervan uit dat de raad terughoudend met het adviesrecht omgaat waarbij geen afbreuk wordt gedaan aan de in de Omgevingswet aan het college toegekende bevoegdheden en de uitgangspunten van die wet (o.a. inzichtelijker en eenvoudiger omgevingsrecht en een snellere en betere besluitvorming)

SC

4

16-11-2021 11:37:49

HOOFDSTUK 2: Waarom een adviesrecht in plaats van een verklaring van geen bezwaar? De relatie tussen gemeenteraad en college ontwikkelt zich verder richting een kaderstellende en controlerende gemeenteraad en een uitvoerend college. De omgevingsvisie en het daarmee samenhangende omgevingsplan zijn de uitingen van het kader en de bevoegdheid van de gemeenteraad. Dit draagt naar verwachting bij aan een inzichtelijker, sneller en (samen met participatie) een kwalitatief beter besluitvormingsproces. Onder de huidige wetgeving kan het college uitsluitend een omgevingsvergunning uitgebreide procedure voor een initiatief of (bouw)plan dat in strijd is met het bestemmingsplan verlenen met instemming van de gemeenteraad. Om te voorkomen dat elk initiatief aan de raad moet worden voorgelegd, kan de raad categorieën van gevallen aanwijzen waarvoor een ‘verklaring van geen bedenkingen’ (vvgb)niet is vereist. Deze lijst is in Middelburg op 27 september 2010 door de raad vastgesteld. Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet vervalt de vvgb en komt een verzwaard, bindend adviesrecht voor de gemeenteraad ervoor in de plaats. In tegenstelling tot de regeling verklaring van geen bedenkingen geldt dus niet dat er in alle gevallen advies aan de gemeenteraad moet worden gevraagd. Onder de Omgevingswet wijst de gemeenteraad dus specifieke gevallen aan waarbij hij als adviseur optreedt.

De gemeenteraad geeft alleen advies over OPA’s, waarvan de raad heeft vastgelegd van het adviesrecht gebruik te willen maken. Als de gemeenteraad een negatief advies geeft, dan mag het college de omgevingsvergunning niet verlenen. Deze wijziging valt samen met de verplichting onder de Omgevingswet om alle vergunningaanvragen binnen 8 weken te behandelen, omdat de Omgevingswet als doel heeft om besluitvorming over initiatieven sneller en overzichtelijker te laten verlopen.

2.1. In de praktijk onder de Omgevingswet In de vorige paragrafen is duidelijk naar voren gekomen dat de gemeenteraad met het verzwaard adviesrecht een sterke mogelijkheid heeft om inspraak uit te oefenen bij de besluitvorming omtrent een aanvraag om een omgevingsvergunning van een OPA. Hier wordt een korte schets gegeven van de mogelijke werking in de praktijk, mocht de raad ervoor kiezen gevallen aan te wijzen. A. Binnenkomst aanvraag Wanneer een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een OPA binnenkomt, dan wel beoordeeld wordt dat het een OPA betreft, dient als allereerste getoetst te worden aan de verschillende besluiten waarmee dergelijke activiteiten zijn aangewezen. Het kan daarbij in ieder geval gaan om gevallen in het kader van verzwaard adviesrecht en gevallen in het kader van verplichte participatie.

SC

5

16-11-2021 11:37:49

B. Toetsing op basis van categorieën Op basis van het besluit inzake het verzwaard adviesrecht dient het initiatief door een ambtenaar beoordeeld te worden of het tot één of meerdere van de aangewezen gevallen behoort. Wanneer dit niet het geval is, dan kan de procedure doorgang vinden zoals gebruikelijk – onder het bevoegd gezag van het college. Blijkt het om een initiatief te gaan dat is aangewezen in het kader van het verzwaard adviesrecht, dan is het aan het college om de raad in kennis te stellen. De raad zal het initiatief dan in een eerstvolgende vergadering behandelen. Dit zou bijvoorbeeld in een daarvoor aangewezen commissie kunnen gebeuren. C. Behandeling in de raad Tijdens een vergadering van de raad of een voor het verzwaard adviesrecht aangewezen raadscommissie, zoals een commissie op het gebied van de fysieke leefomgeving, wordt het initiatief behandeld. Het college brengt daarbij het initiatief ter sprake en licht zo nodig het plan toe. Tijdens de behandeling komen eventuele wensen en bedenkingen van de raad ten aanzien van het voorliggende initiatief ter sprake. Behandelde onderwerpen worden verwoord in een advies aan het college. De raad behoudt de mogelijkheid om af te zien van toepassing van het verzwaard adviesrecht.

Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn wanneer de raad besluit dat adviesrecht in bepaalde gevallen toch geen meerwaarde biedt, ondanks de toetsing die in het vorige deel aan bod is gekomen. Op die manier kan de raad aangewezen gevallen verder filteren c.q. prioriteren. D. Doorwerking van advies Het door de raad gegeven advies dient door het college toegepast te worden in het besluit op de aanvraag om de omgevingsvergunning. Het kan daarbij bijvoorbeeld gaan om aanvullende of afwijkende voorwaarden met betrekking tot de uit te voeren activiteit. Door toepassing van het advies van de raad kan het college besluiten op de aanvraag. E. Bezwaar en beroep Bezwaar en beroep in het kader van een besluit op de aanvraag om een omgevingsvergunning voor een OPA, vindt plaats op basis van het besluit genomen door het college. Dergelijk bezwaar of beroep is derhalve niet direct gericht aan de gemeenteraad. Het is aan het bevoegd gezag, in dit geval het college, om eventueel het advies van de raad in een dergelijke procedure te onderbouwen en verdedigen, mocht het bezwaar of beroep op die onderdelen gericht zijn. Het was immers oorspronkelijk aan het college om het verzwaard advies vanuit de raad toe te passen.

2.2. Afwegingen De juridische mogelijkheid om gevallen aan te wijzen voor verzwaard adviesrecht is in het vorige deel uiteengezet. Dat dergelijke gevallen kunnen worden aangewezen, betekent immers niet dat deze ook moeten worden aangewezen. Om meerdere redenen is het wenselijk hier een genuanceerde beslissing over te nemen. Deze afwegingen worden hier gegeven.

SC

6

16-11-2021 11:37:49

Er zijn voor de gemeente verschillende afwegingen om al dan niet gevallen aan te wijzen voor verzwaard adviesrecht. Er is voor gekozen hier de vier meest relevante afwegingen toe te lichten, te weten:  A. de rol van de gemeenteraad;  B. de werkdruk van de organisatie en de gemeenteraad;  C. de beslistermijn van vergunningaanvragen onder de Omgevingswet;  D. de overgang van omgevingsplan van rechtswege naar volwaardig omgevingsplan. A. Rol van de raad Onder de Omgevingswet wordt de gemeenteraad nadrukkelijker belast met de hoofdlijnen en het toezicht op het beleidsproces. Dit in tegenstelling tot het college van burgemeester en wethouders, welke juist meer bevoegdheden krijgt bij de uitvoering van het beleid. Deze algemene veranderde rolverdeling tussen raad en college die de Omgevingswet met zich meebrengt, laat meteen doorschemeren wat de gedachte is van de Omgevingswet over de rol van de gemeenteraad. Vanuit de gedachte van de Omgevingswet dient de gemeenteraad zich te focussen op het proces van visievorming en kaderstelling enerzijds en controle en verantwoording anderzijds. Deze focus staat uiteraard op gespannen voet met de rol van de gemeenteraad als volksvertegenwoordiger. De raad en zijn leden blijven namelijk ook de rol dragen waarbij een stem wordt gegeven aan opvattingen die op dat moment in de samenleving naar voren komen.

Of de gemeenteraad de bevoegdheid heeft of niet, inwoners zullen raadsleden aanspreken op punten waar actie verwacht wordt. Deze verbinding tussen raad en maatschappij blijft ook onder de Omgevingswet vragen om een afweging en balans tussen politieke en bestuurlijke belangen. Met het oog op deze afweging en balans is het van belang dat de raad kijkt naar wat echt belangrijk is. Dit kan dan vervolgens vastgelegd worden in de omgevingsvisie en – in het verlengde daarvan – het omgevingsplan. Toepassing van zoiets als het verzwaard adviesrecht dient daarbij een secundaire rol te spelen. Daarmee kan gezegd worden dat het verzwaard adviesrecht alleen daar toegepast moet worden waar advisering door de gemeenteraad een toegevoegde waarde kan bieden, bijvoorbeeld bij initiatieven met een significante omvang of van een bepaalde aard. Door het aanwijzen van gevallen sluit de raad daarnaast verder aan bij de visievormende en kaderstellende rol die de Omgevingswet voor ogen heeft, aangezien aan de voorkant visie en kaders worden gegeven op bepaalde onderdelen. B. Werkdruk Een ander belangrijk argument voor het aanwijzen van gevallen voor verzwaard adviesrecht is de werkdruk van zowel de gemeenteraad als voor de organisatie.

Wanneer de raad (te) veel gevallen aanwijst ten aanzien van het verzwaard adviesrecht, moet door de organisatie aan de gemeenteraad advies gevraagd worden en dient de gemeenteraad over al die gevallen dus te adviseren. Onvoldoende afweging en inkadering van soorten gevallen kan dan leiden tot een onwerkbare werkdruk voor zowel de raad als voor de organisatie. Ook op dit punt is het derhalve van belang dat de raad het verzwaard adviesrecht alleen daar toepast waar het significante toegevoegde meerwaarde kan bieden. Daarbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan initiatieven die bij opstellen en vaststellen van beleid en regels nog niet in overweging zijn genomen. Advies vanuit de raad heeft dan een significante meerwaarde. SC

7

16-11-2021 11:37:49

C. Beslistermijn Het aanwijzen van gevallen voor verzwaard adviesrecht heeft ook invloed op de beslistermijn voor omgevingsvergunningaanvragen. Onder de Omgevingswet is de reguliere procedure het uitgangspunt van de beslistermijn. Dat wil zeggen dat op vrijwel alle omgevingsvergunningaanvragen binnen de reguliere termijn van 8 weken besloten moet worden. Deze termijn is slechts eenmalig met maximaal 6 weken te verlengen. Toepassing van de uitgebreide procedure, waarvoor de beslistermijn 6 maanden bedraagt, is onder de Omgevingswet een uitzondering. Slechts in specifieke gevallen geldt de uitgebreide procedure 1. Doordat de reguliere termijn het uitgangspunt wordt bij omgevingsvergunningaanvragen is het van groot belang dat de werkprocessen binnen die termijn zo efficiënt en effectief mogelijk worden ingestoken. Binnen de termijn dient genoeg ruimte te worden gecreëerd voor toepassing van het verzwaard adviesrecht. Het is dan ook van groot belang dat niet (te) veel gevallen worden aangewezen voor verzwaard adviesrecht. Net als bij de veranderde rol van de raad en de mogelijke werkdruk voor de raad, is het in dit kader tevens van belang dat de raad het verzwaard adviesrecht alleen daar toepast waar het significante toegevoegde meerwaarde kan bieden. D. Overgangsperiode Bij ingang van de Omgevingswet is er van rechtswege een omgevingsvisie en een omgevingsplan.

Dat wil zeggen dat beleidsstukken zoals de structuurvisie per direct onderdeel uit gaan maken van een ‘tijdelijke omgevingsvisie’ of ‘omgevingsvisie van rechtswege’. Hetzelfde geldt in het kader van het omgevingsplan voor bestemmingsplannen en verordeningen met regels over de fysieke leefomgeving. In dit laatste geval spreken we van een ‘tijdelijk omgevingsplan’ of een ‘omgevingsplan’ van rechtswege’. Vanuit de tijdelijke varianten van de omgevingsvisie en het omgevingsplan dient de gemeente zelf een ‘volwaardige’ omgevingsvisie en omgevingsplan op te stellen en vast te stellen. In de periode tot aan het vaststellen van volwaardige versies wordt gewerkt met de tijdelijke varianten. Het is niet ondenkbaar dat tijdens die overgangsperiode initiatieven de revue zullen passeren die in strijd zijn met het omgevingsplan van rechtswege. Dergelijke initiatieven zullen dan met een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit vergund moeten worden. Om te voorkomen dat dergelijke initiatieven tussen wal en schip dreigen te vallen van het volwaardige omgevingsplan en het omgevingsplan van rechtswege, kan het verzwaard adviesrecht uitkomst bieden. Toepassing van het verzwaard adviesrecht kan immers de gemeenteraad helpen adviseren, zodat ook tijdens de overgangsperiode behandeling van buitenplanse gevallen werkbaar kan blijven. 1

Het gaat in ieder geval om de gevallen zoals genoemd in artikel 10.24 van het Omgevingsbesluit, de gevallen zoals bedoeld in artikel 16.65, lid 1 onder b van de Omgevingswet, en de gevallen zoals aangewezen met behulp van artikel 16.62, lid 3 en artikel 16.65, lid 4 van de Omgevingswet

SC

8

16-11-2021 11:37:49

2.3. Gevolgen  Wanneer de raad in 2021 geen initiatieven benoemd waarvoor ze gebruik wil maken van het adviesrecht, dan hoeft het college niet naar de raad voor buitenplanse omgevingsplanactiviteiten en dus voor activiteiten die in strijd zijn met het omgevingsplan.  Wanneer de raad te veel initiatieven benoemd waarvoor advies moet worden gegeven, is er een reëel risico dat het vergunningverleningsproces vastloopt.  Wanneer de raad gebruik maakt van het adviesrecht en initiatieven benoemd waarvoor ze advies uit wil brengen, is het wenselijk dat gekeken wordt naar de vergadercyclus van de raad om te kunnen voldoen aan het behalen van de termijn van acht weken (+ zes in uitzonderlijke gevallen).  Bij niet tijdig beslissen wordt de vergunning niet meer van rechtswege verleend, maar kan wel een dwangsom worden verbeurd.

SC

9

16-11-2021 11:37:49

HOOFDSTUK 3: INVENTARISATIE Interessant is hoe tot op heden met dit soort ontwikkelingen is omgegaan. Nu zijn er vier manieren: - ‘kruimelgevallen omgevingsvergunning’ van B&W - uitgebreide omgevingsvergunning van B&W ( geen verklaring van geen bedenkingen) - uitgebreide omgevingsvergunning (wel verklaring van geen bedenkingen) - het postzegelbestemmingsplan van de gemeenteraad. Jaar

2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018

Regulier -kruimel

Uitgebreid

B&W

Raad

Wijziging/ uitwerkingsplan

B&W

Bestemmingsplan

Raad

1-milieu x 3 x 0 1 x 1 x 0 1 x 24-monument x 1 x 1 x 12-monument x 1 x 1 x 5-monument x 2 x 1-VVGBx 5 x 2 x gezondheidscentrum 2019 117 x 1 –VVGB-zonnepark x 2 x 3 x 2020 36 x 0 1 x TOTAAL 881 44 10 15 Uit bovenstaande tabel wordt duidelijk dat de uitgebreide voorbereidingsprocedure met VVGB weinig gevoerd is. Afwijkingen werden/worden nu vaak geregeld via een bestemmingsplanprocedure. Onder de Omgevingswet betekent dit echter een andere werkwijze. Wanneer er (buitenplans) afgeweken wordt van het omgevingsplan, dan moet er een omgevingsvergunning worden verleend ( OPA). Het Omgevingsplan wordt pas uiterlijk per 5 jaar gewijzigd. Met deze wijziging worden dan alle afwijkingsvergunningen verwerkt. Dit houdt dus dat er, afhankelijk van hoe de kaders in het Omgevingsplan worden gesteld, meer vergunningen kunnen worden afgegeven. Wanneer de raad voor al deze afwijkingen adviesrecht wil, zal dit een gigantische werkdruk inhouden. Daarom verdient het de voorkeur om de categorie-indeling zo ruim mogelijk te houden.

SC

39 45 70 115 185 113 161

B&W

in periode van 8 jaar 881 - gemiddeld per jaar 110 42 - gemiddeld per jaar 5 2 - gemiddeld per jaar 0,25 15- gemiddeld per jaar 2

x x x x x x x

10

16-11-2021 11:37:49

HOOFDSTUK 4: Keuze aan te wijzen categorieën

Keuzemogelijkheden A. De raad kiest ervoor een beperkt aantal categorieën te benoemen als afwegingskader voor het bepalen of een advies gegeven moet worden. In bijlage 1 zijn categorieën opgenomen. Geadviseerd wordt om te kiezen voor de categorieën met grote mate van impact, aangegeven met nr.1 en eventueel (later) aan te vullen met categorieën met redelijke mate van impact, nr.2. Aan de categorieën met grote impact is ook verplichte participatie verbonden. B. De raad kan er ook voor kiezen vooraf geen initiatieven te benoemen en daardoor geen gebruik te maken van het adviesrecht.

SC

11

16-11-2021 11:37:49

HOOFDSTUK 5: Relatie met verplichte participatie De gemeenteraad kan buitenplanse omgevingsplanactiviteiten aanwijzen waarvoor participatie verplicht is. Zoals eerder gezegd zijn dit activiteiten die niet in het Omgevingsplan zijn opgenomen. Bij deze categorieën van verplichte participatie geldt dat de aanvrager bij de aanvraag van de vergunning moet laten zien hoe hij belanghebbenden bij de aanvraag heeft betrokken. Een verdere invulling van deze verplichte participatie wordt uitgewerkt in de participatieverordening. De raad kan dus bepalen in welke categorieën van gevallen participatie verplicht is. De mate van participatie die hoort bij een omgevingsinitiatief heeft sterk verband met de impact van het initiatief. Vaak zal daarbij gelden dat een meervoudige ( meerdere activiteiten en adviezen bv. afwijken-bouwen-milieu,…) of een complexe aanvraag ook gaat over een omgevingsplanactiviteit met veel impact. Maar dat hoeft niet per definitie zo te zijn. Daarom is het nodig de impact van een omgevingsplanactiviteit goed te bepalen. Impact is een veelzijdig begrip. Het bepalen van impact kan dan ook alleen maar gebeuren door te kijken naar verschillende aspecten. Er is gekozen om te kijken naar:  De omvang van het initiatief;  Het (maatschappelijk/individueel) belang van het initiatief;  De (maatschappelijke/politieke) aandacht bij een initiatief.

In bijlage 1 is de mate van impact bij de categorieën weergegeven. Teveel categorieën opnemen zal veel tijd vergen in het

besluitvormingsproces. Aan te raden is om een bewuste keuze van categorieën te maken waarvoor adviesrecht geldt! Geadviseerd wordt om te kiezen voor de categorieën met hoge mate van impact.

SC

1 = hoge mate van impact

=> intensieve participatie ( veel invloed vanuit samenleving op planactiviteit) altijd advies uitbrengen door raad;

2= redelijke mate van impact

=> participatie ( invloed vanuit samenleving op planactiviteit); college informeert periodiek de raad via memo;

3= beperkte mate van impact

=> geen participatie: weinig of geen invloed vanuit de samenleving op de planactiviteit; college handelt alle aanvragen af, binnen de door de raad gestelde kaders zoals de omgevingsvisie en het omgevingsplan.

12

16-11-2021 11:37:49

HOOFDSTUK 6: Kanttekeningen Door een raadsbesluit over het adviesrecht (en over participatie) te nemen, geeft de gemeenteraad concreet invulling aan een aantal zaken die nog nader uitgewerkt zullen worden in zowel de omgevingsvisie als in het omgevingsplan. Daarmee kiest de raad door het nemen van dit besluit al voor een bepaalde richting. Ook heeft dit raadsbesluit direct effect op de bedrijfsvoering. Dit zal vooral bestaan uit de hoeveelheid werk die zowel in de politieke als in de ambtelijke organisatie verzet moet worden om binnen de termijn van 8 weken een omgevingsvergunning te verlenen. Hoe meer categorieën de raad wil voorzien van advies, hoe meer werk dit betekent. Daarbij wordt wel opgemerkt dat, omdat strijd met de beoordelingsregels van een omgevingsplan een buitenplanse omgevingsactiviteit betekent, de wijze waarop het omgevingsplan wordt ingericht (soepel of streng) direct van invloed is op het aantal buitenplanse omgevingsactiviteiten. Het adviesrecht hangt daarom nauw samen met de invulling van het omgevingsplan. Vanaf 1 juli 2022 gaan de huidige bestemmingsplannen op in het “tijdelijk omgevingsplan”. Dit betreft een beleidsneutrale overgang met de toevoeging van de zogenoemde bruidsschat. Deze bruidsschat bevat een aantal regels die vanuit het Rijk worden overgedragen aan de gemeenten.

Na 1 juli 2022 heeft de gemeente tot 2029 de tijd om een volledig nieuw omgevingsplan uit te werken.

SC

13

16-11-2021 11:37:49

HOOFDSTUK 7: Informeren/controleren Om de raad de mogelijkheid te geven haar controlerende rol inhoud te geven en ook input te geven voor de kaderstellende rol, wordt voorgesteld om aan het einde van elk kwartaal een overzicht van de verleende OPA’s, waarbij gebruik is gemaakt van de afwijkingsmogelijkheid van het omgevingsplan, via een memo actieve informatie, aan de raad toe te zenden. De raad heeft dan de mogelijkheid om voor de ontwikkelingen die door de verleende vergunningen mogelijk zijn gemaakt (aanvullende) kaders mee geven aan het college. De raad houdt op deze manier nadrukkelijk de controle over het ruimtelijk beleid.

SC

14

16-11-2021 11:37:49

BIJLAGE 1: Lijst met gevallen waarvoor advies van de gemeenteraad nodig is voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit en waarbij verplichte participatie geldt. Wanneer het college van burgemeester en wethouders voornemens is een positief besluit ( artikel 16.15 OW) te nemen over een aanvraag omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit, is een advies met instemming vereist in de volgende gevallen: Mogelijke categorieën van gevallen t.b.v. adviesrecht Advies Participatie Mate van impact gemeenteraad 1. Een antenne-installatie hoger dan 50m X X 1 2. Het realiseren van windmolenparken en weiden met zonnepanelen; X X 1 3. Het uitbreiden of oprichten van bebouwing in en nabij natuurgebieden X X 1 4. Het ontwikkelen van een bedrijventerrein vanaf 5 ha X X 1 5.

Woningbouw a.

Het oprichten van nieuwe bebouwing binnen de bebouwde kom ( = gebied zoals aangewezen in het omgevingsplan) ten behoeve van een woonfunctie en daarmee samenhangende bebouwing indien de omvang van de nieuwe bebouwing groter is dan 20 zelfstandige woningen;

b.

Het oprichten van nieuwe bebouwing buiten de bebouwde kom ( = gebied zoals aangewezen in het omgevingsplan) ten behoeve van een woonfunctie en daarmee samenhangende bebouwing indien de omvang van de nieuwe bebouwing groter is dan 5 zelfstandige woningen;

6.

Het transformeren van niet-woonpanden naar kamers/ wooneenheden vanaf 15 kamers ten behoeve van doelgroepen die niet vallen onder de begripsomschrijving huishouden

7.

Het uitbreiden met maximaal [20 %] van de oppervlakte van sportvelden, recreatieterreinen en begraafplaatsen en de daarop aanwezige bebouwing mits de omvang van de bebouwing na de uitbreiding in overeenstemming is met de aard en de capaciteit van de terreinen;

X

1

X

X

1

X

2

X

2

8.

Indien de activiteit niet past binnen de doelen van het omgevingsplan;

3

9.

Het gebruiken van een recreatiewoning voor permanente bewoning;

3

1 = hoge mate van impact 2= redelijke mate van impact 3= beperkte mate van impact

SC

X

=> intensieve participatie ( veel invloed vanuit samenleving op planactiviteit) altijd advies uitbrengen door raad; => participatie ( invloed vanuit samenleving op planactiviteit); college informeert periodiek de raad via memo; => geen participatie: weinig of geen invloed vanuit de samenleving op de planactiviteit; college handelt alle aanvragen af, binnen de door de raad gestelde kaders zoals de omgevingsvisie en het omgevingsplan.

15

16-11-2021 11:37:49

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10953610/1