22-002 Bijlage 3. Ingekomen stukken - AB
Tekst van het document
Ingekomen stukken Commissie
Commissie Algemeen Bestuur
raadsvergadering
27 januari 2022
datum brief
20-12-2021
onderwerp
292. AB-voorstel begrotingswijziging PvA Ondermijning
ingekomen stuk
292. AB-voorstel begrotingswijziging PvA Ondermijning
categorie
Organisatie
afdeling
Wijk en Bestuur
afzender
RUD Zeeland
advies
Via de gemeentesecretaris in handen stellen van het college voor het opstellen van een voorstel aan de raad
Bijlagen: 292 Bijlage 1 Plan van aanpak Ondermijning 2022 RUD Zeeland AB besluit 4 oktober 2021 292 Bijlage 2 Aanbieding begrotingswijziging kosten plan van aanpak ondermijning
Commissie
Commissie Algemeen Bestuur
raadsvergadering
27 januari 2022
datum brief
30-11-2021
onderwerp
285. Principes voor digitale soevereiniteit
ingekomen stuk
285. Principes voor digitale soevereiniteit
categorie
Organisatie
afdeling
Wijk en Bestuur
afzender
Piratenpartij Delft
advies
Voor kennisgeving aannemen
Bijlagen: 285 Bijlage 1 Fracties STIP, OD, D66 en GL - initiatiefvoorstel inzake Delftse principes voor digitale soevereiniteit 285 Bijlage 2 Voorbeeldtemplate Principes voor digitale soevereiniteit
AB voorstel: kosten plan van Aanpak ondermijning Agendapunt: IZISnummer:
00278626
Terneuzen, 7 maart2022 Opsteller: wg VTH, V. Bol, T. Stapels, M. Kloet en M. Remeynse i.s.m. G. Vonk
Portefeuillehouder MT: W. de Wit (afd. hfd. T&H) ______________________________________________________________________________ Aan AB RUD Zeeland, 1. Gevraagde beslissing / besluit - Instemmen met de 4e begrotingswijziging 2022. - De begrote inzet, voor het uitvoeren van de taken in het kader van ondermijning, na een uitvoeringsperiode van drie jaar te beoordelen aan de hand van een evaluatie.
2. Effect van het besluit Ten behoeve van de implementatie van de ondermijningstaken, correcte en tijdige besluitvorming realiseren inzake de benodigde capaciteit en kosten. 3. Argumenten of Overwegingen Achtergrond Het AB gaf de opdracht aan RUD Zeeland om de rol en het takenpakket op het gebied van ondermijning uit te werken. RUD Zeeland stelde hiertoe het Plan van aanpak op: Rol en taken RUD Zeeland op gebied van ondermijning. Op 4 oktober 2021 stemde het AB in met het plan van aanpak. Dit plan van aanpak is als bijlage bijgevoegd bij dit voorstel evenals de notulen uit het vastgestelde verslag AB 4 oktober 2021. Dit voorstel bevat de uitwerking van de kosten voor 2022 en structureel voor 2023 en verder behorend bij het Plan van aanpak Ondermijning 2022. De geplande werkzaamheden zijn door het AB vastgesteld op 3,5 fte. Deze 3,5 fte is overgenomen in deze begrotingswijziging. 4e begrotingswijziging 2022 Onderstaand de uitwerking van de 4e begrotingswijziging 2022. In de opstelling van de kosten voor deze wijziging is rekening gehouden met het besluit van het AB nota Generieke taken, besluit van het AB d.d. 6 december 2021. De 4e begrotingswijziging 2022: 2022
Begroting voor wijziging 4e wijziging Begroting na 4e wijziging
2023
2024
2025
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
10.414
10.414
10.446
10.446
10.540
10.540
10.633
10.633
-
-
459
459
459
459
459
459
10.414
10.414
10.905
10.905
10.998
10.998
11.092
11.092
Wijzigingen begroting 2022: 1e wijziging 2022: Externe veiligheid 2e wijziging 2022: Onttrekking algemene reserve voor Omgevingswet. 3e wijziging 2022: Actualisaties vergunningen
Jaarschijf 2022 In 2022 zullen we de taakaccenthouder aantrekken die het plan van aanpak tegen ondermijning zal implementeren. De verwachte salariskosten (circa € 30.000) voor de taakaccenthouder betrekken we bij de 1e bestuursrapportage 2022. We schatten in dat de overige (overhead)kosten in 2022, zoals opleidingen etc., in 2022 nog beperkt zullen zijn. Jaarschijf 2023 tot en met 2025: Omschrijving Taakaccenthouder (0,5 fte) Uitbreiding VTH capaciteit voor reguliere werkzaamheden (1,0 fte) Uitbreiding VTH-capaciteit voor controles en onderzoeken (2,0 fte) Totaal
Kosten (in €) 68.500 130.400 259.600 458.500
Taakaccenthouder ( 0,5 fte): Deze functie draagt onder meer zorg voor het opzetten van noodzakelijke werkprocessen, organiseert trainingen, neemt deel aan overleg binnen de reeds bestaande gremia, etc. Daarnaast zal de taakaccenthouder in 2022 het plan van aanpak verder uitwerken in een implementatieplan en starten met de implementatie. De kosten voor Taakaccenthouder zijn verdeeld over de deelnemers op basis van de onderlinge verhouding directe uren zoals opgenomen in de vastgestelde begroting 2022. Deze verdeling is en de verrekening van generieke taken is vastgelegd in de nota Generieke taken, besluit van het AB d.d. 6 december 2021. Uitbreiding VTH capaciteit voor reguliere werkzaamheden (1,0 fte) Daarmee kunnen de vergunningverleners en toezichthouders de oog- en oorfunctie invullen, signalen herkennen en in voorkomende gevallen actie ondernemen. Voor de uitbreiding van deze taken zijn onderstaande mutaties in de kentallen verwerkt. De doorrekening van de kentallen leidt tot een aanpassing van de bijdrage met € 130.400. De kosten voor deze werkzaamheden worden op basis van werkelijke inzet verrekend.
Productvariant Aanpassing kental Vergunningen en vooroverleg +1,00 uur OBM, goedkeuringsbesluiten en maatwerkvoorschriften +0,25 uur Controles +0,25 uur Klachten +0,25 uur Uitbreiding VTH-capaciteit voor controles en onderzoeken (2,0 fte) Dit betreft met name de uitvoering controles ondermijning via deelname van RUD Zeeland aan gezamenlijke ondermijningsacties met de partners alsmede uitvoering Bibob-toetsingen. De inzet is berekend op basis van de uurtarieven van RUD Zeeland en het kental voor productieve uren per fte (1.300 uur). Op basis van de berekening wijzigt de bijdrage met € 259.600. De aanpassing van de bijdrage is verdeeld over de deelnemers op basis van de relatieve bijdrage voor Toezicht en handhaving en vergunningen. De werkelijke kosten voor deze werkzaamheden verrekenen we op basis werkelijke uren. Overige (materiële) kosten (overheadkosten) (€ 29.750), Denk hierbij aan overheadskosten voor opleidingen, ICT, bureaukosten, abonnementen etc. Deze kosten zijn in dit voorstel onderdeel van overheadcomponent in onze uurtarieven. Consequenties 4e begrotingswijziging per deelnemer Deelnemers Borsele Goes
Totaal in € 35.200 39.300
Deelnemers Hulst Kapelle Middelburg Noord-Beveland Reimerswaal Schouwen-Duiveland Sluis Terneuzen Tholen Veere Vlissingen Waterschap Provincie Zeeland Totaal
Totaal in € 38.200 16.400 11.600 16.100 30.500 49.800 52.600 66.100 22.200 12.100 19.800 700 47.900 458.500
Indienen zienswijzen op de begrotingswijziging 2022 Door bovengenoemd voorstel wijzigt de bijdrage van de deelnemers en worden de raden van de deelnemers in de gelegenheid gesteld om (concept)zienswijzen in te dienen op de 4e begrotingswijziging 2022. De periode hiervoor loopt bij positief DB besluit vanaf 15 december 2021 tot 28 februari 2022 met het verzoek om de conceptzienswijze uiterlijk 21 februari aan ons te mailen. De deelnemersbijdrage voor 2022 wijzigt niet. Deze kosten worden verwerkt in de 1e bestuursrapportage 2022. 4. Uitvoering en communicatie a. Aanpak en Planning Onderstaande planning is tegelijk ambitieus en (sterk) afwijkend van de gebruikelijke procedures. Daar tegenover staat de nadrukkelijke wens van het AB om RUD Zeeland zo spoedig mogelijk een volwaardige speler te laten zijn in de aanpak van ondermijning. - Week 50 behandeling in het dagelijks bestuur - Week 50 verzenden ontwerp mutaties naar deelnemers ten behoeve van het indienen van zienswijzen. De verzending gaat gelijktijdig in afschrift naar de leden van het algemeen bestuur.
- 11 januari 2022 begeleidingscommissie - 14 januari 2022 nazending advies begeleidingscommissie naar de deelnemers - 21 februari 2022 datum indiening conceptzienswijze - 28 februari 2022 uiterste inzenddatum voor het indienen van definitieve zienswijzen op de mutaties (= 10 weken termijn zienswijze, inclusief kerstvakantie). - 28 februari 2022 behandeling in het dagelijks bestuur (extra vergadering) van de mutaties inclusief de daarop ingediende zienswijzen (mondelinge toelichting). - 1 maart 2022 versturen stukken naar algemeen bestuur - 7 maart 2022 (verschoven vergadering van 28 februari 2022) behandeling in het algemeen bestuur van de mutaties inclusief de daarop ingediende zienswijzen. b. Communicatie N.v.t. c. Route en planning verdere besluitvorming Zie onder a. 5. Risico’s, kosten, baten en dekking (restant budget) a. Risico’s: (kosten-baten), niet gehonoreerd wat dan + risico’s besluit Indien niet alle deelnemers unaniem akkoord gaan met de begrotingswijziging ondermijning, zal de verdere ontwikkeling m.b.t. ondermijning binnen RUD Zeeland (en de partners) vertraging oplopen.
b. Organisatorisch (wat betekent dit voor de organisatie) Het aanstellen van de taakaccenthouder ondermijning, aanpassen kentallen, organiseren trainingen, etc. c. Juridisch N.v.t. d. Financiën De 4e wijziging leidt tot de volgende aangepaste deelnemersbijdragen: Begroting 2022: Deelnemersbijdragen Deelnemers (bedragen in €) Borsele Goes Hulst Kapelle Middelburg Noord-Beveland Reimerswaal Schouwen-Duiveland Sluis Terneuzen Tholen Veere Vlissingen Waterschap Provincie Zeeland Totaal
2022 na 4e wijziging 615.031 648.172 599.308 282.000 229.207 314.467 527.443 709.365 771.038 1.052.214 346.559 235.092 336.171 95.500 3.653.099 10.414.669
2023 na 4e wijziging 652.131 689.472 639.308 299.200 241.507 331.467 559.543 761.365 826.038 1.121.514 369.859 247.892 356.871 96.500 3.712.499 10.905.169
2024 na 4e wijziging 657.531 695.172 644.708 301.700 243.607 334.267 564.143 767.765 832.938 1.130.614 372.859 249.992 359.671 97.400 3.745.899 10.998.269
e. Indicatie urenbesteding Zie plan van aanpak ondermijning en Actieprogramma VTH 2022. f. Overige consequenties N.v.t. Bijlage: Plan van aanpak Rol en taken RUD Zeeland op gebied van ondermijning
2025 na 4e wijziging 662.931 700.872 650.108 304.200 245.707 337.067 568.743 774.165 839.838 1.139.714 376.059 252.092 362.471 98.300 3.779.499 11.091.769
2022 Rol en taken RUD Zeeland op gebied van ondermijning
Projectgroep VTH RUD Zeeland 4-10-2021
Inhoudsopgave 1.
Inleiding ...........................................................................................................................................3
2.
Overleg met partners ......................................................................................................................3
3.
Aanleiding........................................................................................................................................3
4.
Wat is ondermijning ........................................................................................................................4
5.
Visie .................................................................................................................................................4
6.
Doel .................................................................................................................................................4
7.
Reikwijdte........................................................................................................................................4 7.a Randvoorwaarden voor uitvoering Plan van Aanpak ....................................................................4
8.
Wet Bibob........................................................................................................................................5
9.
Huidige rol van RUD Zeeland...........................................................................................................5 9.a Huidige werkwijze afdeling VV ......................................................................................................6 Bibob ...............................................................................................................................................6 9.b Huidige werkwijze afdeling TH ......................................................................................................6 Ondermijningsacties samen met andere handhavingspartners......................................................6 Vermoeden van ondermijning tijdens het uitvoeren van een controlebezoek...............................6 9.c Toekomstperspectief .....................................................................................................................6
10.
Inventarisatie thema’s.................................................................................................................6
Taakaccenthouder Ondermijning........................................................................................................7 10.a Bewustwording en kennisverbreding ..........................................................................................7 10.b Opleidingsdag VTH ......................................................................................................................7 10.c Ondermijningsbeeld Zeeland.......................................................................................................8 10.d Bibob ...........................................................................................................................................8 Borgen actualiteit van de beleidsstukken .......................................................................................8 Bibob beleid interpreteren en door vertalen naar werkprocessen.................................................8 Vergunningverleners informeren over Bibob en de werkprocessen Bibob ....................................8 10.e Samenwerking met partners .......................................................................................................9 10.f Borging .........................................................................................................................................9 10.g Opleiding
...................................................................................................................................10 Training in herkennen (signalen) ondermijning ............................................................................10 10.h Competenties / integriteit.........................................................................................................10 10.i Structurele uitvoering van onderzoeken en controles ...............................................................11 10.j Informatieverstrekking en communicatie ..................................................................................11 11.
Ontwikkelingen..........................................................................................................................12
11.a Zeeuwse overheden ..................................................................................................................12 11.b Rol RUD Zeeland binnen de Havendriehoek .............................................................................12 1
11.c Samenwerking met SK – GOC ...................................................................................................12 12.
Monitoring en evaluatie Plan van aanpak .................................................................................13
13.
Investeringen.............................................................................................................................13
14.
Planning uitvoering acties .........................................................................................................13
2
1. Inleiding Ondermijning is overal, ook medewerkers van RUD Zeeland kunnen in de uitvoering van hun werkzaamheden (onbedoeld) te maken krijgen met diverse vormen van ondermijning. Dit Plan van Aanpak besteedt enerzijds aandacht aan de huidige maatregelen die binnen het werkveld van RUD Zeeland getroffen kunnen worden om de kans op ondermijning te verminderen. Anderzijds zet dit plan van aanpak in op samenwerking in de regio. Samen met andere handhavingspartners staan we immers sterker en kan er structureel worden ingezet op de strijd tegen ondermijning.
2. Overleg met partners Dit Plan van Aanpak is mede tot stand gekomen in overleg met de partners. Op de eerste plaats stelden enkele leden van het DB (provincie, gemeenten Schouwen-Duiveland en Terneuzen) vragen, welke in overleg met (vertegenwoordigers van) hen zijn doorgenomen en of besproken. Daarnaast heeft meerder malen overleg plaats gevonden met het RIEC welke kon instemmen met het concept Plan van Aanpak. Tevens is een gesprek geweest met burgemeester van Middelburg, dhr. H. Bergmann als voorzitter van het Districtscollege. Hierbij waren eveneens onze directeur en afdelingshoofd Toezicht en Handhaving aanwezig. Tenslotte hebben wij het concept Plan van aanpak toegelicht in het Zeeuws Platform Integrale Veiligheid (ZVIP), het ambtelijk voorportaal van het districtscollege.
3. Aanleiding Het Algemeen Bestuur is op 30 oktober 2020 door het RIEC geïnformeerd over ondermijning en is zij geadviseerd om de rol en mogelijke taken vanuit RUD Zeeland te omschrijven en te borgen. Hierop heeft het AB aan RUD Zeeland de opdracht verstrekt om de rol en het takenpakket op het gebied van tegengaan van ondermijning in een plan van aanpak uiteen te zetten. Zowel door de deelnemers als vanuit RUD Zeeland is ondermijning hoger op de agenda komen te staan. Tevens is in het door het AB ter kennisname aangenomen Actieprogramma VTH 2021 opgenomen dat er een inventarisatie plaats vindt naar de mogelijke relatie tussen de VTH-taken en ondermijning. Op dit moment is de aanpak van ondermijning nog niet als specifieke taak opgenomen of ingebracht in het takenpakket van RUD Zeeland. Ad-hoc vindt er wel inzet plaats vanuit RUD Zeeland middels deelname en inzet op integrale controles en ook toetsing aan het Bibob-beleid heeft reeds aandacht bij vergunningverlening. Onderliggend plan van aanpak geeft een voorzet op welke manier gestructureerd opvolging kan worden gegeven aan het tegengaan van ondermijning door RUD Zeeland en wat dit betekent voor RUD Zeeland en de taken die RUD Zeeland hierin kan uitvoeren voor de deelnemers.
Medewerkers van RUD Zeeland kunnen op verschillende manieren in aanraking komen met ondermijning: onder meer bij het verlenen van een vergunning en tijdens het uitvoeren van controlebezoeken bij bedrijven of in het buitengebied. Daarom is het belangrijk om in te zetten op scholing, zodat medewerkers de vormen van ondermijning herkennen en zij de juiste weg bewandelen bij het (door)melden van dergelijke signalen richting gemeenten. Verder blijft RUD Zeeland één van de partners bij het uitvoeren van integrale acties gericht tegen ondermijning. Ook kan RUD Zeeland een rol spelen in de informatiebehoefte bij de partners.
3
4. Wat is ondermijning Ondermijnende criminaliteit werd in eerste instantie vooral gezien als georganiseerde misdaad, maar het is veelomvattender dan dat. De exacte definitie is moeilijk in één zin samen te vatten, maar grofweg betekent het de vermenging van de onderwereld en de bovenwereld. Je kunt stellen dat ondermijnende criminaliteit bestaat uit alle vormen van criminaliteit die de integriteit van onze samenleving bedreigen. Wij hanteren de volgende definitie van het RIEC: 'Criminele activiteiten waarbij legale structuren worden misbruikt en waardoor de fundamenten van de samenleving worden aangetast’.
5. Visie Onze visie luidt om via consequente inzet van de bestuurlijke en strafrechtelijke instrumenten, in samenwerking met onze partners, de speelruimte van ondermijnende criminaliteit verder te verkleinen. Gezamenlijk werpen we een dam op tegen de criminele ondermijningsactiviteiten. Daarnaast wil RUD Zeeland zich richten op het voorzien in een informatiebehoefte door informatievoorziening- en verstrekking van de bij RUD Zeeland bekende data aan ketenpartners.
6. Doel Leefbaarheid en veiligheid is een prioriteit van zowel de landelijke, provinciale als gemeentelijke overheid. Als RUD Zeeland willen wij graag, samen met onze partners, bijdragen aan het voorkomen en bestrijden van de onzichtbare criminaliteit die onze Zeeuwse samenleving ondermijnt. Om dit doel te bereiken is binnen onze organisatie een proces van bewustwording noodzakelijk en willen we ons (door)ontwikkelen naar een weerbare organisatie die gestructureerd barrieres opwerpt tegen vormen van ondermijnende criminaliteit. Belangrijk onderdeel daarvan is de oog- en oorfunctie die RUD Zeeland bij de uitvoering van haar VTH-taken hiervoor kan gebruiken. Bedoeling is dat dit mede zal leiden tot een preventieve werking in relatie tot het tegengaan van ondermijning.
7. Reikwijdte De reikwijdte van dit plan van aanpak ligt binnen de organisatie zowel (onder meer) op het gebied van bewustwording en kennisvermeerdering als buiten de organisatie in structurele samenwerking met de partners. Verder wordt de reikwijdte geografisch begrenst door de grens van de provincie Zeeland en onze gemandateerde bevoegdheden. RUD Zeeland (en haar medewerkers) zet zich in vanuit haar wettelijke taken op het gebied van milieu. Dit betekent concreet dat het werkzaamheden met betrekking tot bedrijfsmatige activiteiten betreft (of vanuit de Omgevingswet bezien: milieubelastende activiteiten) en ook activiteiten in het kader van de Wet natuurbescherming.
7.a Randvoorwaarden voor uitvoering Plan van Aanpak De volgende aspecten zijn belangrijk voor een succesvolle uitvoering van het Plan van aanpak. Houding en gedrag Vanuit onze afdelingen kunnen we een bijdrage leveren aan een ‘ondermijningsarm’ Zeeland. Vaak door gewoon onze primaire taak uit te voeren van vergunningverlening en toezicht. Oftewel: ken je klant en zijn bedoeling met de dienst die hij wil. Een meer kritische dienstverlening, maar wel gepast. Naast een kritische houding naar buiten toe, moeten wij intern ook een kritische houding hebben. Integer handelen is dan waar het om gaat.
4
Bewustwording Een gedegen aanpak van ondermijning begint met weten wat ondermijning is en weten wat we er tegen kunnen doen. Het is van belang om het bewustzijn op orde te houden, omdat het voor vele medewerkers geen dagelijkse kost is. De aanpak van ondermijning en de gevolgen van ondermijning moeten zichtbaar worden, binnen en buiten onze organisatie. Resultaten dienen te worden gedeeld om te laten zien dat de aanpak er toe doet. Dit draagt bij aan het bewustzijn en aan de kennis over ondermijning. Samenwerking De insteek van RUD Zeeland is om met de samenwerkingspartners gezamenlijk op te trekken en informatie te delen met hen. Dit alles gericht om ondermijning tegen te gaan. Hiermee bedoelen we onder meer het scholen van medewerkeres in samenspraak met het RIEC, deelname aan integrale handhavingsacties en het doormelden van signalen en verstrekken van informatie aan het bevoegd gezag en het RIEC. Het voorstel is ook dat RUD Zeeland deelneemt als samenwerkingspartner aan de Zeeuwse overlegstructuren (ZPIV; Zeeuws platform integrale veiligheid). Daarnaast wordt een interne structuur opgezet en uitgewerkt waar de signalen, die onze organisatie opvangt, worden beoordeeld en verwerkt. Capaciteit De uitvoering van het Plan van Aanpak Ondermijning vergt een grote geraamde inzet, namelijk 3,5 fte en ca. € 30.000 opleidingskosten (organisatie).
Deze inzet maakt onderdeel uit van dit Plan van Aanpak. De volgende stap is het instemmen van de deelnemers via een begrotingswijziging m.b.t. de uitvoering van het gehele Plan van Aanpak bij besluit van het eerstvolgend AB in 2022. Op grond van dit AB-besluit kunnen de vacatures worden geopend, zodat de aanpak van ondermijning door RUD Zeeland een concreet en structureel vervolg krijgt. De aanpak van ondermijning betekent voor RUD Zeeland een nieuwe ontwikkeling. Daarom is voorzien in een evaluatie 1 jaar na de start van de uitvoering van het Plan van Aanpak Ondermijning.
8. Wet Bibob Om te voorkomen dat criminelen gebruikmaken van de faciliteiten die de overheid biedt dan wel met middelen die verkregen zijn uit misdrijven vergunde activiteiten uitoefenen, kan de integriteit van aanvrager van een vergunning getoetst worden middels de Wet Bibob (Wet bevordering integriteitsbeoordeling door het openbaar bestuur). Vervolgens zijn de overheden bevoegd om overheidsopdrachten, vastgoedtransacties, vergunningen en subsidies te weigeren of in te trekken als blijkt dat er ernstig gevaar bestaat dat daarmee strafbare feiten zullen worden gepleegd of uit strafbare feiten verkregen voordelen zullen worden benut. Kortom, met de Wet Bibob kan legalisatie van illegaliteit in de praktijk worden voorkomen.
9. Huidige rol van RUD Zeeland Medewerkers van RUD Zeeland (vergunningverleners en toezichthouders) komen in contact met bedrijven: vergunningverleners bij het behandelen van een aanvraag en toezichthouders voeren bij bedrijven inspecties uit. In deze gevallen kan het zijn dat medewerkers van RUD Zeeland te maken krijgen met ondermijning of er kan een vermoeden bestaan van ondermijning.
5
De manier waarop gehandeld kan worden in geval er vermoedelijk sprake is van ondermijning, kan per afdeling verschillend zijn en wordt hieronder verder uitgewerkt.
9.a Huidige werkwijze afdeling VV Bibob Het huidige Bibob-beleid van de gemeenten en provincie dient als basis voor de activiteiten op gebied van vergunningverlening van RUD Zeeland. RUD Zeeland vraagt advies aan de betreffende deelnemer met betrekking tot de volledigheid van de aanvraag. Hierop volgt vanuit de deelnemer contact met het bureau Bibob. Op basis van het advies stelt RUD Zeeland al dan niet aanvullende voorschriften op of wordt de vergunning geweigerd. Gedurende het gehele proces vindt overleg plaats met de deelnemers.
9.b Huidige werkwijze afdeling TH Ondermijningsacties samen met andere handhavingspartners De huidige situatie is dat RUD Zeeland op verzoek van ketenpartners deelneemt aan ondermijningsacties. Hieraan ligt echter geen bestuursopdracht ten grondslag noch een budget en gaan deze acties ten koste van de huidige capaciteit en het Zeeuwse kwaliteitsniveau. Naar aanleiding van eigen constateringen door RUD inspecteurs of op verzoek van politie, douane, belastingdienst en/of gemeente kan een toezichthouder van RUD Zeeland gevraagd worden om deel te nemen aan een gezamenlijke actie (ad-hoc acties). Vaak betreft dit een onderzoek door politie en of gemeente waarbij een bepaald bedrijventerrein doelwit van een actie tegen ondermijning is. In dat geval zal een aantal bedrijfspanden worden bezocht door betrokken partners en wordt door RUD Zeeland opgetreden tegen milieuovertredingen (bijvoorbeeld: het in werking hebben van een milieu-inrichting zonder vergunning).
Vermoeden van ondermijning tijdens het uitvoeren van een controlebezoek Ook tijdens het uitvoeren van een milieucontrole kan een toezichthouder van RUD Zeeland te maken krijgen met (een vermoeden van) ondermijning. Dan is het belangrijk om handhavingspartners hiervan op de hoogte te stellen. Dit verloopt op dit moment via de teamaccounthouders of afdelingshoofd TH.
9.c Toekomstperspectief Bij de dagelijkse uitvoering van de taken, zowel van Vergunningverlening als bij Toezicht & Handhaving zetten de medewerkers van de RUD Zeeland actief kennis en vaardigheid in. Er is sprake van een goede aansluiting en samenwerking met de partners.
10.
Inventarisatie thema’s
De huidige rol van RUD Zeeland in het kader van ondermijning kan worden uitgebreid in structurele kennis, aandacht, informatieverstrekking en samenwerking binnen het takenpakket van de RUD. Dit is een logische gedachtegang omdat de meerwaarde van RUD Zeeland is gelegen in de diverse contacten met vrijwel alle Zeeuwse bedrijven van verschillende aard (agrarisch, industrie, horeca). Op die manier kan de oog- en oorfunctie (inclusief signalering en melding) van essentieel belang zijn bij de bestrijding van ondermijning. Hieronder wordt concreet in beeld gebracht bij welke thema’s en onderwerpen RUD Zeeland een rol heeft of ziet wat betreft aanpak ondermijning. 6
Taakaccenthouder Ondermijning Voor uitvoering van de diverse taken zal de rol van taakaccenthouder Ondermijning binnen de organisatie moeten worden aangesteld, zodat onderstaande thema’s van dit hoofdstuk borging en uitvoering krijgen binnen RUD Zeeland en de acties van dit Plan van Aanpak worden uitgevoerd.
10.a Bewustwording en kennisverbreding Om ondermijning onder de aandacht te brengen van alle RUD-medewerkers en het kennisniveau te verhogen. Het streven is als eerste onze organisatie als geheel bewust te maken van het fenomeen ondermijning en dat de afdelingen en teams zich beseffen op welke manier zij hiermee te maken krijgen. Van AB tot aan uitvoerend ambtenaar: het onderwerp moet structureel meer aandacht krijgen. In de uitvoering zal ondermijning een basisvaardigheid voor een ieder moeten worden. ACTIES Om dit te bewerkstelligen kan gedacht worden aan:
Presentaties in MT, Deelnemersoverleg, DB en AB; Presentaties in teamoverleggen; Onderzoeken hoe we RUD Zeeland meer weerbaar maken bij de uitvoering van haar taken op het gebied van tegengaan van ondermijning. Hierbij zal het advies van zowel de provincie als het RIEC worden meegenomen (uitgevoerde nulmeting RIEC, mei 2021).
Als men eenmaal in staat is ondermijning te herkennen, is vervolgens de vraag hoe dit aangepakt kan worden. Vaak ontbreekt hierbij aan concrete kennis aan wat de mogelijkheden zijn. Dit speelt per vakgebied specifiek (vergunningverlening, bestuurlijke handhaving, strafrechtelijke handhaving, maar ook organisatiebreed ontbreekt kennis). De aanpak van ondermijning draait om samenwerking en het delen van informatie: niet alleen tussen partners maar ook daarbinnen. Om collega's meer handvatten te geven moet worden geïnvesteerd in kennisverbreding, waarbij de inhoud per team zal verschillen. ACTIES
Workshops ondermijning in brede zin organisatiebreed, met een repeterend karakter. Met daarbij aandacht voor de volgende onderwerpen: - Wat is het? - Waarom is het onwenselijk? - Hoe herken je het? - Hoe draag je signalen goed over? - Wat is relevante wetgeving? - Welke bevoegdheden zijn er?
10.b Opleidingsdag VTH Deze dag richt zich op bestuurlijke en strafrechtelijke bevoegdheden die RUD Zeeland heeft en welke randvoorwaarden hieraan verbonden zijn. Daarnaast wordt er een specifieke koppeling gemaakt met de praktische kant hiervan: het organiseren en vormgeven van een controle samen met ketenpartners. Aan welke eisen moeten constateringsrapporten voldoen? Waar moeten toezichthouders in de praktijk op letten? Tevens maximaal benutten van de reikwijdte van de wet Bibob binnen de bevoegdheden van RUD Zeeland. 7
10.c Ondermijningsbeeld Zeeland Het ondermijningsbeeld geeft over het algemeen antwoord op de volgende vragen: -
Wat speelt er volgens de betrokken professionals op het gebied van georganiseerde criminaliteit/ondermijning in de gemeente? Welke factoren bevorderen een ondermijningsklimaat in de gemeente? Hoe kan de gemeente ondermijning bestrijden in samenwerking met partners en criminaliteit bevorderende factoren zoveel mogelijk beperken?
Dit is een actie die buiten het Plan van Aanpak valt en opgesteld wordt vanuit het RIEC. Een aanbeveling is om kennis te nemen van dit beeld en op de hoogte te blijven van vernieuwde versies. ACTIE Kennisnemen van het huidige Zeeuwse ondermijningsbeeld en acteren/participeren indien nodig en gewenst.
10.d Bibob Binnen onze WABO gerelateerde taken kan RUD Zeeland bij de aanvraag van een vergunning melding maken bij de gemeente en/of de provincie dat een aanvraag is ingediend. Hiervoor is beleid nodig wat vastgesteld is bij de betreffende gemeente en/of provincie. Op dit moment loopt via het RIEC een traject om Bibob-beleid eventueel Zeeuwsbreed op te stellen. RUD Zeeland houdt al rekening met het Bibob-beleid, maar er zijn nog mogelijkheden om dit te verbeteren. De verbeteringen kunnen plaatsvinden op onderstaande gebieden: -
borgen actualiteit van de beleidsstukken; interpreteren beleid en door vertalen naar werkprocessen; vergunningverleners informeren over de werkprocessen m.b.t. Bibob.
Borgen actualiteit van de beleidsstukken RUD Zeeland volgt de ontwikkelingen van een zeeuws breed op te stellen Bibob-beleid. Aan de hand van dit besluit verwachten we een duidelijke opdracht van de deelnemers hoe om te gaan met het vastgestelde besluit. Verder zal in contact worden getreden met het RIEC om zaken met elkaar af te stemmen.
Bibob beleid interpreteren en door vertalen naar werkprocessen Het nieuwe Bibob-beleid dient opgenomen te worden in de werkprocessen binnen de organisatie. In het werkproces dient omschreven te worden op welk moment en door wie de actie uitgevoerd wordt. Ook zullen de vervolg stappen omschreven moeten worden. In de praktijk zal door RUD Zeeland een verzoek aan de gemeente en/of de provincie gedaan worden of er een Bibob onderzoek uitgevoerd dient te worden. Indien het antwoord negatief is dan kan het vergunningtraject doorgezet worden. Als het antwoord positief is dan gaan er 2 sporen lopen welke op elkaar afgestemd dienen te worden.
Vergunningverleners informeren over Bibob en de werkprocessen Bibob De werkprocessen dienen gecommuniceerd te worden met de vergunningverleners en de overige medewerkers die hiermee moeten werken.
8
Ook kan onderzocht worden of de vergunningverlener nog een rol kan hebben in het signaleren van ondermijning. Hiervoor zal aansluiting gezocht kunnen worden met het RIEC (omdat ze kennis hebben van de signalen). ACTIES
Afstemming RIEC traject Zeeuws Bibob-beleid; Afspraken maken actueel houden Bibob-beleid; Maken werkprocessen (Zeeuwsbreed en specifiek voor de RUD); Communicatie/instructie medewerkers.
10.e Samenwerking met partners De bestrijding van ondermijnende criminaliteit vraagt om een gezamenlijke, integrale aanpak zowel samen met overheidspartners als mogelijk ook met private partners1. Dit leidt tot een samenspel tussen de bestuursrechtelijke, strafrechtelijke en fiscale aanpak. Soms kan in een bepaalde aanpak de ene richting effectiever zijn dan de andere. Waardoor het de ene keer leidt tot een bestuurlijke aanpak en de andere keer tot een straf- of fiscaalrechtelijk optreden. RUD Zeeland ziet onder andere de volgende partijen als belangrijke (mede)spelers op het gebied van tegengaan van ondermijning: andere bevoegde gezagen (gemeenten, provincie Zeeland), bijzondere opsporing- en toezichthoudende diensten (Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit (NVWA), de FIOD (Fiscale inlichtingen- en opsporingsdienst), WSS, RWS, Justis), de Taskforce -RIEC, het Openbaar Ministerie, Politie en de Belastingdienst. Met genoemde partijen dienen nadere, gezamenlijke afspraken gemaakt te worden om (integrale) samenwerking en eventueel prioritering tot stand te laten komen. Het RIEC kan RUD Zeeland hier op regionaal verband in ondersteunen. Een belangrijke voorwaarde in deze (integrale) samenwerking is dat de informatiedeling tussen de samenwerkende partijen juridisch voldoet aan wet- en regelgeving.
ACTIES Met betrokken partijen wederzijds kennismaken en nadere afspraken maken voor (integrale) samenwerking; Informatiedeling tussen samenwerkende partijen inventariseren, nagaan op juridische correctheid; Gezamenlijke training in het herkennen/acteren in geval van ondermijning organiseren. Dit zorgt enerzijds voor meer kennis bij betrokkenen en anderzijds zal dit de samenwerking ook ten goede komen doordat betrokkenen elkaar gemakkelijker kunnen vinden.
10.f Borging Naast het bewust worden, dient er ook aandacht te zijn voor borging van interne structuren en deelname inzet van RUD Zeeland op bestaande externe structuren. Hiervoor is de rol van taakaccenthouder Ondermijnig nodig die coördineert en voor verbinding zorgt op dit vakgebied binnen zowel RUD Zeelands alsook in samenhang met de ketenpartners. ACTIE
Zorgen voor de regie over de borging;
1 Bijvoorbeeld bepaalde branchepartijen (zoals ZLTO, BOVAG etc.)
9
Nagaan waar RUD Zeeland kan aansluiten en deelnemen aan (bestaande) Zeeuwsbrede overleg (zoals ZPIV, AOOR/BOOR etc.) en lokale structuren (bijv. Lokale handhavingsoverleggen) die zich inzetten in de strijd tegen ondermijning; Interne structuren en werkprocessen inrichten, behouden en doorontwikkelen op het gebied van tegengaan van ondermijning; Structureel monitoren van de weerbaarheid en integriteit binnen RUD Zeeland en op basis hiervan verbeteringen doorvoeren; Inbedden oog/oorfunctie (de tijd die benodigd is bij de normale controletaken en vergunningstaken) en het verwerken van verkregen informatie; Opzetten en beheren van systemen/processen om signalen van ondermijning te herkennen, borgen en acties daarop uit te kunnen zetten.
10.g Opleiding Naast bewustwording, kennisverbreding en competenties/integriteit zijn er andere zaken waaraan de betrokken medewerkers moeten voldoen.
Training in herkennen (signalen) ondermijning Om vermoedens van ondermijning en signalen daarvan beter te herkennen is training voor zowel toezichthouders als vergunningverleners noodzakelijk. In eerste instantie richt een dergelijke training zich op de veiligheid van de medewerkers (en hoe te acteren indien zij met ondermijning te maken krijgen). Daarnaast worden ook specifieke handvatten gegeven om vormen van ondermijning te herkennen (en deze signalen op te schalen). Aan de hand van sprekende casuïstiek wordt een dergelijke training nog interessanter voor de cursisten. Daarnaast is het een pre om partners als Politie en RIEC bij het geven van deze trainingen te betrekken. ACTIE
Speciefieke training medewerkers in herkennen (signalen) ondermijning.
10.h Competenties / integriteit Ondermijning speelt zich af op het snijvlak waar de boven- en onderwereld zich met elkaar vermengen. Voor veel activiteiten hebben bedrijven die actief zijn in de onderwereld te maken met RUD Zeeland: vergunningverlening en toezicht/handhaving. Hierdoor komen onze collega's (zich al dan niet bewust) in contact met personen die ondermijnende activiteiten ontplooien. In de ene zaak is dat meer zichtbaar dan in de andere. Er is een verschil tussen een aanvraag om omgevingsvergunning (Bibob) en een toezichthouder die een agrarische loods in het buitengebied gaat inspecteren. Kortom, elke medewerker heeft verschillend contact met de bedrijven, voor iedereen geldt echter dat een aantal persoonlijke competenties helpt bij de aanpak van ondermijning. Dit zijn o.a.: Bewustzijn van eigen veiligheid (!) Kritische blik, doorvragen De-escalerend vermogen Niet snel geïntimideerd Doorpakker die snel kan schakelen Flexibel Netwerker
10
Ook als omgevingsdienst kunnen we te maken krijgen met integriteitsproblemen veroorzaakt door handelingen van ondernemers. Door middel van een toets van integriteit van medewerkers kan beter inzicht worden verkregen en indien noodzakelijk actie worden ondernomen. Dit net zoals te doen gebruikelijk bij onze partners zoals politie, douane, gemeentelijke en provinciale bestuurders. ACTIES
Training op deze competenties; Tijdens de ‘goede gesprekken’ dit aan de orde laten komen; Het onderdeel laten uitmaken van competenties bij toekomstige vacatures; (Twee)jaarlijkse training omgaan met weerstand/agressie; Standaard aangifte doen van ambtsdwang, bedreiging, agressie, etc.; Structureel uitvoeren van een integriteitstoets binnen RUD Zeeland.
10.i Structurele uitvoering van onderzoeken en controles Ook in de toekomst zal er (net als in de huidige situatie) vanuit handhavingspartners en overheden vraag zijn naar het uitvoeren van ad-hoc controles waarbij toezichthouders van RUD Zeeland betrokken zijn. Daarnaast blijft RUD Zeeland betrokken bij de grotere en integrale onderzoeken in samenspraak en uitvoering met diverse ketenpartners (momenteel ca. 5x / jaar). ACTIE
Deelname aan geplande toezichtsweken (inclusief grote, integrale onderzoeken met diverse ketenpartners) en uitvoeren van ad-hoc controles in het kader van ondermijning.
10.j Informatieverstrekking en communicatie Een belangrijk element in de aanpak van ondermijning is een intern meldpunt voor ondermijnende criminaliteit. In dit meldpunt kunnen medewerkers van de RUD Zeeland situaties beschrijven waar naar hun mening ondermijning plaats vindt. De melding zal door de taakaccenthouder doorgestuurd worden naar het bevoegd gezag of het RIEC. Hiervoor wordt een aparte mailbox opengesteld: meldpuntondermijning@rud-zeeland.nl. Het opstarten van dit meldpunt zal organisatiebreed bekend worden gemaakt, evenals naar overheden. Belangrijk uitgangspunt is dat iedere melder terugkoppeling krijgt op het ingebrachte signaal. Door ondernemers en burgers te attenderen op de negatieve kanten van ondermijnende criminaliteit willen we hen het belang van het melden van misstanden duidelijk maken. Hoe meer signalen er worden ontvangen, hoe beter inzet daarop kan worden afgestemd. Hierdoor kan een totaalbeeld aan signalen worden verkregen waarmee het zicht op (nieuwe vormen van) ondermijnde criminaliteit in Zeeland vergroot kan worden. Daarnaast is het van groot belang dat inwoners, bedrijven en de ambtelijke organisatie blijvend worden geïnformeerd bij voorbeeld via onze website. Tot slot vergt het afstemmen van persberichten in verband met ondermijningsacties in overleg met de betrokken deelnemer(s) de nodige ureninzet. ACTIES
Intern meldpunt per mail openen; Afstemming met afdeling communicatie/website; Afstemming met deelnemers over persberichten inzake ondermijningsacties. 11
11.
Ontwikkelingen
Inmiddels vinden ontwikkelingen op het gebied van tegengaan van ondermijning door Zeeuwse overheden elders plaats. Hieronder zijn enkele zaken genoemd waar RUD Zeeland op termijn mee te maken krijgt of waar mogelijk een rol voor RUD Zeeland weggelegd kan zijn.
11.a Zeeuwse overheden Provincie Zeeland houdt zich sinds 2018 beleidsmatig bezig met het voorkomen en bestrijden van ondermijning. Belangrijk onderdeel in de provinciale aanpak is de aandacht voor zeehavens. Het doel van de provincie is om de Zeeuwse ketenpartners te ondersteunen, aan te moedigen en te faciliteren bij de aanpak van ondermijning. RUD Zeeland speelt hierbij via vergunningverlening en toezicht/handhaving een belangrijke rol. Ook voor gemeenten is er ruimte om samenwerking aan te gaan/op te zetten met RUD Zeeland, bijvoorbeeld op het gebied van Bibob. ACTIE
Samenwerking zoeken met de Zeeuwse partners om in eerste instantie afstemming te vinden over beleidsmatige aanpak.
11.b Rol RUD Zeeland binnen de Havendriehoek De havengemeenten (Vlissingen, Borsele en Terneuzen), politie, OM en douane zijn verenigd ter afstemming binnen de Havendriehoek. In dit overleg is deelname van RUD Zeeland als betrokken partij wenselijk. Alsook een verhoogde uitvoering van (extra) toezicht in het havengebied specifiek op het gebied van ondermijning. ACTIES
Deelname van RUD Zeeland bij het bestaande overleg van betrokken partijen2; helderheid (en verwachtingspatroon) rol RUD Zeeland afstemmen en vastleggen; Afspraken maken met betrokken partijen voor extra toezicht in havengebied.
11.c Samenwerking met SK – GOC Vanwege het compensatiepakket, zoals afgesproken tussen het kabinet, provincie Zeeland, gemeente Vlissingen en het waterschap Scheldstromen, is gestart met de opbouw van een Strategisch Kenniscentrum voor Georganiseerde en Ondermijnende Criminaliteit (SKC GOC). De verwachting is dat tien tot vijftien medewerkers aan de slag gaan om dit kenniscentrum op te zetten en binnen twee jaar zo'n dertig hoogopgeleide specialisten en wetenschappers in dienst heeft. Het SKC GOC heeft tot taak overheden, politie en justitie inzicht te geven ‘in de aard, omvang, trends en ontwikkelingen in fenomenen van georganiseerde, ondermijnende criminaliteit’. Een samenwerking en of nauwe rol met RUD Zeeland wordt daarom als wenselijk gezien. ACTIE
Ontwikkelingen van het kenniscentrum worden gevolgd door RUD Zeeland en afstemming zal worden gezocht.
2 In afstemming met gemeente Borsele; trekker vanuit gemeentelijke partijen om te komen tot gezamenlijk
overleg.
12
12.
Monitoring en evaluatie Plan van Aanpak
De aanpak van ondermijnende criminaliteit vraagt om een lange adem en een intensivering. Monitoring en evaluatie is daarom van groot belang om te kunnen vaststellen of het doel van dit plan van aanpak is bereikt en zo niet, wat daaraan moet gebeuren. Om te kunnen vaststellen of de acties uit het Plan van aanpak Ondermijning zijn uitgevoerd en of er nieuwe ontwikkelingen zijn, vindt jaarlijks een evaluatie plaats. Eventuele aanpassingen van acties vanuit het plan van aanpak worden door het AB vastgesteld. ACTIE
Formuleren van indicatoren ten behoeve van de monitoring en evaluatie. Monitoring en evaluatie van het Plan van aanpak ondermijning vindt 1 jaar plaats na de start van de uitvoering van het door het AB vastgestelde plan van aanpak. Bij de evaluatie wordt besproken of structurele monitoring en evaluatie noodzakelijk is.
13.
Investeringen
De inspanningen voor de uitvoering van alle acties van dit Plan van Aanpak bestaan uit de extra capaciteit en het benodigde materiele budget. Capaciteit Op grond van het Plan van Aanpak is onderstaande capaciteit nodig. 0,5 fte taakaccenthouder Belast met de coördinerende acties zoals genoemd in hoofdstuk 10 op het gebied van samenwerking, borging, opleiding & training en informatieverstrekking & communicatie. 1 fte VTH-capaciteit voor uitbreiding reguliere werkzaamheden met het aandachtsgebied ondermijning Nodig om bij alle reguliere vergunningverlenings- en toezichtactiviteiten aandacht te kunnen geven aan het thema ondermijning. Dit betekent een uitbreiding van de VTH-capaciteit met ongeveer 2 %. Daarmee kunnen alle vergunningverleners en toezichthouders de oog- en oorfunctie invullen, signalen herkennen en in voorkomende gevallen actie ondernemen. 2 fte uitbreiding VTH-capaciteit voor deelname aan integrale controles & grotere onderzoeken Aan deze controles doet RUD Zeeland mee op verzoek van de ketenpartners. Grote onderzoeken vinden ongeveer 5 maal per jaar plaats. Ad hoc integrale controles ongeveer 12 maal per jaar. Materieel budget De totale kosten voor de organisatie van opleiding, training e.d. worden geraamd op € 29.750. Het grootste deel daarvan bedraagt structurele kosten.
13
14.
Planning uitvoering acties
Het Plan van Aanpak Ondermijning is een eerste aanzet op hoofdlijnen hoe RUD Zeeland de aanpak van ondermijning, samen met de partners, wil vormgeven de komende jaren. Enkele noodzakelijke aspecten (looptijd, prioritering acties, werkprocessen en –afspraken, opstelling indicatoren) verdienen nadere uitwerking. Na instemming met het Plan van Aanpak Ondermijning 2022 bij AB-besluit d.d. 4 oktober as., zal na het doorlopen van zienswijzeprocedure de begrotingswijziging + vaststelling van het Plan van Aanpak 2022 aan het eerstvolgend AB van volgend jaar worden aangeboden. Vervolgens zullen zo spoedig mogelijk de 3,5 vacatures worden opengesteld, zodat de benodigde capaciteit beschikbaar komt voor de bestrijding van ondermijning Naar verwachting kan dan medio zomer 2022 begonnen worden met de uitvoering van het Plan van Aanpak Ondermijning 2022.
14
Bijlage 2 aanbieding begrotingswijziging kosten plan van aanpak ondermijning Deel van het verslag 4 oktober 2021 Plan van aanpak Ondermijning RUD Zeeland 2022, vastgesteld op 6 december 2021 Plan van Aanpak Ondermijning RUD Zeeland 2022 De heer Bergmann, voorzitter van het districtscollege, geeft een toelichting op het punt ondermijning. Ondermijnende criminaliteit komt steeds vaker voor, ook in Zeeland. Door de vele mogelijkheden zoals havens, infrastructuur, leegstaande panden en agrarische bedrijven vraagt dit om een structurele oplossing van de Zeeuwse overheden. Het is belangrijk dat de overheden gezamenlijk een bijdrage leveren aan de bestrijding hiervan. Drugslaboratoria, vervoer en opslag van drugs, maar ook de hoeveelheden cashgeld zijn maar een paar voorbeelden. Criminelen worden steeds inventiever. Vanuit de T&H taken worden alle bedrijven periodiek bezocht. Toezichthouders zien daarbij veel en het is belangrijk dat als zij verdachte activiteiten signaleren, deze doorgeven zodat slagvaardig gehandeld kan worden. Personeel moet daarvoor goed opgeleid zijn en ook voldoende in aantal. De Commissaris van de Koning heeft de colleges in Zeeland in een brief verzocht een aantal zaken op te pakken, zoals bijvoorbeeld screening van de vergunningaanvragers.
De heer Bergmann sluit zijn betoog met het advies om samen op te trekken zodat we Zeelandbreed de ondermijning kunnen aanpakken en zo mogelijk ook kunnen terugdringen. De heer Van der Maas bedankt de heer Bergman voor zijn pleidooi en geeft de AB leden gelegenheid om te reageren. Mevrouw Mulder onderschrijft het belang van samenwerking. In de gemeente Goes heeft een actie plaatsgevonden waaraan RUD medewerkers een goede bijdrage hebben geleverd. Medewerkers van de RUD kunnen melding maken van bedenkelijke activiteiten. Dat levert een win-win situatie op. De heer Van Leeuwen refereert aan de lange aanloop naar dit voorstel. In overleg met het DB is het plan van aanpak met de partners opgesteld. Inmiddels heeft RUD Zeeland beperkt ervaring opgedaan. Conclusie hiervan is dat niet alleen de informatiepositie van de RUD voor de partners belangrijk is, maar ook de effectiviteit wordt versterkt als diverse overheden samenwerken. Dit geeft de medewerkers overigens veel voldoening. De heer De Wit voegt hieraan toe dat criminele activiteiten voorkomen binnen verschillende disciplines. Niet alleen lokaal, maar ook regionaal. De inspecties hebben heel veel belangrijke informatie opgeleverd. De RUD heeft dus een belangrijke informatiepositie binnen de aanpak en bestrijding van ondermijning. De heer Ploegaert erkent het grote belang van samenwerking in deze.
De voorgestelde werkwijze houdt in dat er 3 extra fte’s worden geworven, dus structureel is er een bedrag van ca € 300.000 nodig. Hoe is dit geregeld bij de andere OD’s? Wie wordt verantwoordelijk voor de communicatie over ondermijnende activiteiten? De heer Van der Velde vindt samenwerking op dit taakveld belangrijk. Niet alleen gezamenlijk verantwoordelijk, maar ook een unanieme aanpak. Hij is blij met het plan van aanpak. Het kan niet zo wezen dat het AB straks niet akkoord gaat vanwege de financiële verplichting die deze aanpak vraagt. Daar is dit onderwerp echt te belangrijk voor.
De heer Roelse sluit zich aan bij de vorige sprekers. Hij stelt voor het concept plan van aanpak eerst aan de raden voor te leggen en daarna een definitief besluit te nemen. Wat betreft de zienswijzetermijn, deze komt de gemeente Veere niet goed uit. De heer Dekker vindt het belangrijk dat de RUD een duidelijke plaats krijgt in de aanpak van ondermijning. In het plan van aanpak wordt dit goed geregeld. Hij vindt de motivering van 3,5 fte te mager. Niet duidelijk is of deze fte’s uit de huidige formatie beschikbaar worden gesteld of dat dit extra fte’s zijn. Hij ziet dit niet als een nieuwe taak, maar als het formaliseren van een bestaande taak. Hij kan daar mee instemmen. Voor de heer Mackintosh is het duidelijk dat de aanpak ondermijning geld kost en dat dit niet uit de huidige formatie gegenereerd kan worden. De route richting de raden is belangrijk. De financiën moeten voor de toekomst goed geregeld zijn. De heer Witkam is akkoord met het voorstel. Hij vindt het belangrijk dat het proces richting de raad zorgvuldig verloopt, dat is belangrijk, ook voor het AB van RUD Zeeland. Mevrouw Mulder is van mening dat het AB nu een besluit moet nemen. De uren ondermijning verrekenen via de strippenkaart levert een ongelijk speelveld op. Het is daarom van belang dat de capaciteit en de financiën structureel georganiseerd worden door en voor alle deelnemers.
Het voorstel van de heer Roelse om de raad het concept Plan van Aanpak voor te leggen, is in haar ogen niet mogelijk. De raad heeft alleen zeggenschap over de begrotingswijziging en meer niet. De heer Reijnierse stemt in met het voorstel en vraagt te voorkomen dat het plan van aanpak een discussiepunt wordt in de raden. De heer Depauw begrijpt dat ondermijning voor alle deelnemers belangrijk is. Toch wil hij liever de uren ondermijning afrekenen via de strippenkaart. De soorten ondermijning verschillen per gemeente en dat vraagt elke keer een andere insteek. Dit rechtvaardigt volgens hem het gebruik van de strippenkaart. Mevrouw Mulder is het daar niet mee eens. Ondermijning is een fenomeen en het vraagt om een structurele aanpak. De heer Van Assche wil graag een nadere onderbouwing van de gevraagde 3,5 fte ter voorkoming van discussie in de raad. De heer Van der Maas zegt dat de AB leden allen een eigen verantwoordelijk hebben als het gaat om de behandeling van dit voorstel in de raad. Door een goede voorbereiding moet een AB lid de vragen van de raadsleden kunnen beantwoorden. Het is van groot belang dat de raden erop gewezen worden dat elke gemeente hetzelfde moet acteren binnen de wet Bibob. Dat voorkomt dat criminelen gaan shoppen in Zeeland. Hij rekent erop dat de AB leden hieraan medewerking geven, zeker gelet op het feit dat dit een opdracht van het AB zelf betreft.
De heer Van Leeuwen gaat nog in op vragen die gesteld zijn. Hoe andere OD’s deze taak uitvoeren was bij het opstellen van dit plan niet bekeken In overleg met de partners is het voorliggende Plan van Aanpak opgesteld; zo willen we het gaan doen in Zeeland. Het aantal fte’s is berekend aan de hand van de uitvraag bij de deelnemers. Pas na besluitvorming over de financiën kan gestart worden met de werving. De strippenkaart is bedoeld om producten af te rekenen die incidenteel extra worden geleverd op verzoek van individuele deelnemers. De strippenkaart is niet bedoeld en biedt geen ruimte om structureel formatie aan te nemen voor een nieuwe structurele taak. Bij integrale acties is de betreffende gemeente verantwoordelijk voor de externe communicatie. De heer De Wit voegt hieraan toe dat het plan van aanpak een afgeleide is van de plannen
van de OD’s DCMR, Zuid-Holland Zuid en Midden-West Brabant. Deze laatste heeft een samenwerkingsovereenkomst met het RIEC afgesloten. De heer Roelse denkt dat het draagvlak vergroot kan worden als de raden het concept plan van aanpak mogen behandelen. De heer Van der Velde zegt dat het plan van aanpak geen discussiepunt mag worden in de raden. Het AB besluit er nu over en de raden kunnen hun zienswijzen indienen op de begrotingswijziging. Het AB is ervan overtuigd dat ondermijning een structureel probleem is. Het is van groot belang dat dit goed en structureel geregeld wordt in Zeeland. Zij stellen het Plan van Aanpak conform voorstel vast.
Geachte lezer, Onderstaand vindt u een burgerbrief bestemd voor alle leden van uw gemeenteraad. Kunt u (via de griffie van de gemeenteraad) deze brief inclusief de bijlagen in deze mail naar hen doorsturen? Kunt u (via de griffie) onderstaande brief en de bijgevoegde pdf op uw raadsinformatiesysteem publiceren? Wij vernemen graag uw reactie. Geachte raadsleden, De gemeenteraad in Delft heeft 18 november jl. het initiatiefvoorstel ‘Delftse principes voor digitale soevereiniteit’ unaniem aangenomen. Dit is een heel goed initiatief op een onderwerp wat in alle gemeenten speelt, vandaar dat wij dit bij u onder de aandacht willen brengen. Wij verwelkomen het als uw gemeente zich aansluit bij dit initiatief en ook kiest voor meer digitale soevereiniteit. Dan kan er door samenwerking momentum op gang komen en kan dit belangrijke onderwerp in het hele land een succes worden. Met vriendelijke groet, Geert-Jan Meewisse Jan Vlug Jos Smalbil Bijlagen: - 2123457 Fracties STIP, OD, D66 en GL - initiatiefvoorstel inzake Delftse principes voor digitale soevereiniteit.pdf ( Online te raadplegen via https://delft.raadsinformatie.nl/vergadering/905605#ai_6282083 ) - Voorbeeldtemplate Principes voor digitale soevereiniteit.odt
Initiatiefvoorstel Registratienummer: Onderwerp:
2123457 Delftse principes voor digitale soevereiniteit
Inleiding Als kennisstad op het gebied van innovatie en technologie zet de gemeente Delft meer en meer in op digitalisering. De doelstelling van digitalisering is om de Delftse burgers, ondernemers en bedrijven zo goed mogelijk van dienst te zijn. Dat houdt in dat de gemeente gebruikers van diensten optimaal, kostenefficiënt en wendbaar wenst te ondersteunen, zodanig dat innovatie en economie hier ook van profiteren. Op het moment gaat er op het gebied van software bij overheden nog veel mis. Overheden kopen licenties van diensten en software in bij de markt zonder dat ze de toegang krijgen tot de achterliggende code. Dit is alsof de gemeente een nieuwe straat inhuurt bij een stratenmaker en hier vervolgens elk jaar kosten voor moet maken. Publiek geld zou naar publieke code moeten gaan. Hierdoor kunnen overheden elkaars software hergebruiken en er worden er op de langere termijn kosten bespaard. Ook in de gemeente Delft moeten we zorgen voor vrijheid in onze digitale diensten door in te zetten richting vrije- en opensourcesoftware en open standaarden. De gemeente werkt op het moment aan het ontwerpen van de IT-architectuur en sourcingstrategie. Dit initiatiefvoorstel stelt kaders voor deze nieuwe strategie zodat de gemeente Delft uitgangspunten gaat hanteren die het gebruik van vrije- en opensourcesoftware en open standaarden bevorderen.
Opensourcesoftware Vrije- en opensourcesoftware wordt in het Engels vaak Free and Open Source Software (FOSS) genoemd1. Veelal wordt ook kortweg de term opensourcesoftware gebruikt. Software kan pas echt vrijheid aan de gebruiker geven als de gebruiker ook vrije toegang en beschikking heeft over de broncode. Als er in de rest van deze nota de term opensourcesoftware wordt gebruikt wordt daar nadrukkelijk vrije- en opensourcesoftware mee bedoelt. De tegenhanger van vrijeen 2 opensourcesoftware is bedrijfseigen of propriëtaire software , waarvan de broncode wordt achtergehouden door een bedrijf.
Dit initiatiefvoorstel benoemt eerst de problemen van propriëtaire software en de beoogde maatschappelijke effecten van het voorstel. Daarna geeft dit voorstel oplossingsrichtingen aan de IT van de gemeente Delft om de doelstelling van optimale digitale dienstverlening te realiseren op basis van de Delftse principes voor digitale soevereiniteit.
1 2
Wikipedia - Free and Open Source Software (FOSS) Wikipedia – Propriëtaire software
Probleemstelling Door het gebruik van propriëtaire software is de gemeente Delft beperkt en gebonden aan de voorwaarden die de leveranciers aan het gebruik van hun software stellen. Dit komt omdat de licentie van de propriëtaire software allerlei beperkingen aan het (her)gebruik, aanpassingen en distributie van deze software oplegt. Hierdoor is er vaak sprake van een grote afhankelijkheid van de leverancier. In de praktijk kan het daardoor zelfs vrijwel onmogelijk worden om te veranderen van leverancier3. Door het gebruik van propriëtaire software kan de gemeente Delft niet zo makkelijk meer van leverancier veranderen waardoor de leverancier macht heeft over de IT-uitvoering en de vrijheid van de gemeente wordt beperkt. Migreren naar een andere leverancier is daardoor vaak kostbaar, met als gevolg dat de leverancier de kosten voor het gebruik van de software bijna straffeloos kan verhogen4. Deze zogenaamde exitkosten worden vaak toebedeeld aan de nieuwe software terwijl zij worden veroorzaakt door de reeds in gebruik zijnde software. Wetten en regels worden door middel van software uitgevoerd of gehandhaafd en privacygevoelige gegevens worden ermee verwerkt en opgeslagen.
Als daarbij propriëtaire software wordt ingezet kan niet gecontroleerd worden of de software gebouwd is volgens de gewenste IT-standaarden (zoals privacy-by-design5 en security-by-design6), en is het niet mogelijk voor derden om de broncode te controleren om beveiligingsrisico's te minimaliseren. Open standaarden Verwant aan opensourcesoftware zijn open standaarden7. Een open standaard (of norm) is een standaard die publiekelijk beschikbaar is en waaraan verschillende gebruiksrechten zijn verbonden. De term wordt vooral gebruikt bij hard- en software, omdat juist daar ook veel gesloten standaarden worden gebruikt, waarbij men voor de inzage van de specificaties een licentie dient aan te vragen. Het doel van open standaarden is de interoperabiliteit (uitwisselbaarheid) tussen verschillende informatiesystemen of gegevensverzamelingen te vergroten en informatie vast te leggen in een toekomstvast formaat. Een neveneffect van open standaarden is meer keuzevrijheid en daarmee minder afhankelijkheid van de leveranciers. In Nederland adviseert het Forum Standaardisatie8 de publieke sector om gebruik te maken van IT-standaarden. Overheidsorganisaties zijn zelfs verplicht om, bij aanschaf van IT-producten of IT-diensten van €50.000,- of meer, te vragen naar relevante standaarden die zijn voorgeschreven op de 'Pas toe of leg uit'-lijst9.