21-104 Bijlage 1. ingekomen stukken commissie MZ
Tekst van het document
ingekomen stukken Commissie
Commissie Maatschappelijke Zaken
raadsvergadering
7 juli 2021
onderwerp
170. Volledige ledenbrief verzoek om ondertekening convenant wet wijziging woonplaatsbeginsel
ingekomen stuk
170. Volledige ledenbrief verzoek om ondertekening convenant wet wijziging woonplaatsbeginsel
datum brief
09-06-2021
datum invoer
09-06-2021
afdeling
Samenleving
afzender
VNG
besluit
Via de gemeentesecretaris in handen stellen van het college ter afdoening
Commissie
Commissie Maatschappelijke Zaken
raadsvergadering
7 juli 2021
onderwerp
169. MOTIE VREEMD AAN DE ORDE VAN DE DAG Voor 14 - LB-NLMPWM-50PLUS - verhogen minimum loon
ingekomen stuk
169. MOTIE VREEMD AAN DE ORDE VAN DE DAG Voor 14 - LB-NLMPWM-50PLUS - verhogen minimum loon
datum brief
09-06-2021
datum invoer
09-06-2021
afdeling
Samenleving
afzender
Gemeente Maasgouw
besluit
Voor kennisgeving aannemen
Commissie
Commissie Maatschappelijke Zaken
raadsvergadering
7 juli 2021
onderwerp
164. 2021 - Terugblik en vooruitblik april
ingekomen stuk
164. 2021 - Terugblik en vooruitblik april
datum brief
03-06-2021
datum invoer
03-06-2021
afdeling
Samenleving
afzender
Orionis Walcheren
besluit
Voor kennisgeving aannemen
Commissie
Commissie Maatschappelijke Zaken
raadsvergadering
7 juli 2021
onderwerp
163. Brief nav Motie gemeenteraad Terneuzen - Intervence
ingekomen stuk
163. Brief nav Motie gemeenteraad Terneuzen - Intervence
datum brief
03-06-2021
datum invoer
03-06-2021
afdeling
Samenleving
afzender
Gemeente Terneuzen
besluit
Voor kennisgeving aannemen
Commissie
Commissie Maatschappelijke Zaken
raadsvergadering
7 juli 2021
onderwerp
162. informatie in verband met de webinars in mei 2021 GGD
ingekomen stuk
162. informatie in verband met de webinars in mei 2021 GGD
datum brief
03-06-2021
datum invoer
03-06-2021
afdeling
Samenleving
afzender
GGD
besluit
Voor kennisgeving aannemen
Bijlagen: 162 Bijlage 1 aanbiedingsbrief gemeenteraadsleden webinars 2021 162 Bijlage 2 Overzicht vragen en antwoorden webinars GGD Zeeland mei 2021 162 Bijlage 3 Informateur - Oproep en investeringsagenda GGD'en 162 Bijlage 4 definitieve presentatie webinar gemeenteraden 2021
Commissie
Commissie Maatschappelijke Zaken
raadsvergadering
7 juli 2021
onderwerp
161. Ontwikkelagenda Sociaal Domein en Uitvoeringsprogramma 2021-2022 Vlissingen
ingekomen stuk
161. Ontwikkelagenda Sociaal Domein en Uitvoeringsprogramma 2021-2022 Vlissingen
datum brief
02-06-2021
datum invoer
02-06-2021
afdeling
Samenleving
afzender
Gemeente Vlissingen
besluit
Voor kennisgeving aannemen
Commissie
Commissie Maatschappelijke Zaken
raadsvergadering
7 juli 2021
onderwerp
159. Aangenomen moties huishoudelijke hulp WMO gemeenteraad Vaals
ingekomen stuk
159. Aangenomen moties huishoudelijke hulp WMO gemeenteraad Vaals
datum brief
02-06-2021
datum invoer
02-06-2021
afdeling
Samenleving
afzender
Gemeente Vaals
besluit
Voor kennisgeving aannemen
Bijlagen: 159 Bijlage 1 Motie Huishoudelijke hulp WMO - Raadsbreed getekend
Commissie
Commissie Maatschappelijke Zaken
raadsvergadering
7 juli 2021
onderwerp
154. reactie SCW ivm Middelburgs Model
ingekomen stuk
154. reactie SCW ivm Middelburgs Model
datum brief
27-05-2021
datum invoer
27-05-2021
afdeling
Samenleving
afzender
Sociale Cliëntenraad Walcheren
besluit
Voor kennisgeving aannemen
Commissie
Commissie Maatschappelijke Zaken
raadsvergadering
7 juli 2021
onderwerp
148. Prinses Irene en jonge super talenten bij u in de gemeente
ingekomen stuk
148. Prinses Irene en jonge super talenten bij u in de gemeente
datum brief
25-05-2021
datum invoer
25-05-2021
afdeling
Samenleving
afzender
Team Schooldag van de duurzaamheid
besluit
Voor kennisgeving aannemen
Commissie
Commissie Maatschappelijke Zaken
raadsvergadering
7 juli 2021
onderwerp
145. ledenbrief over convenanten hulpmiddelen
ingekomen stuk
145. ledenbrief over convenanten hulpmiddelen
datum brief
12-05-2021
datum invoer
12-05-2021
afdeling
Samenleving
afzender
VNG
besluit
Voor kennisgeving aannemen
Commissie
Commissie Maatschappelijke Zaken
raadsvergadering
7 juli 2021
onderwerp
139. Advies SCW Beleid begroting Orionis Walcheren
ingekomen stuk
139. Advies Sociale Cliëntenraad Walcheren - Beleid Begroting Orionis Walcheren
datum brief
11-05-2021
datum invoer
11-05-2021
afdeling
Samenleving
afzender
Sociale Cliëntenraad Walcheren
besluit
Via de gemeentesecretaris in handen stellen van het college ter afdoening
Bijlagen: 139 Bijlage 1 armoede - bij reactie SCW begroting Orionis 14032021 armoedebeleid 139 Bijlage 2 Reactie en advies
Sociale Cliëntenraad Walcheren Orionis begroting 2021-2022
Commissie
Commissie Maatschappelijke Zaken
raadsvergadering
7 juli 2021
onderwerp
137. Advies SCW- Het Middelburgs model - Inhoudelijk kader transformatieproces Beweging naar voren
ingekomen stuk
137. Advies SCW- Het Middelburgs model - Inhoudelijk kader transformatieproces Beweging naar voren
datum brief
11-05-2021
datum invoer
11-05-2021
afdeling
Samenleving
afzender
Sociale Cliëntenraad Walcheren
besluit
Via de gemeentesecretaris in handen stellen van het college ter afdoening
Bijlagen: 137 Bijlage 1 bij advies scw middelburgs model - Wikipedia perinatale sterfte
Commissie
Commissie Maatschappelijke Zaken
raadsvergadering
7 juli 2021
onderwerp
136. aanvullingen & correcties Raadsmededeling m.b.t. Briedis
ingekomen stuk
136. aanvullingen & correcties Raadsmededeling m.b.t. Briedis
datum brief
10-05-2021
datum invoer
10-05-2021
afzender
F. Bos
besluit
Voor kennisgeving aannemen
Bijlagen: 136 Bijlage 1 21 0414 informatie brief aan ketenpartners 136 Bijlage 2 21 0415 informatie brief aan ouders 136 Bijlage 3 Aanvullingen en Correcties op Raadsmededeling 2192377 - Fred Bos - 09-05-2021 136 Bijlage 4 Certificatieschema normenkader JB-JR v2 0 136 Bijlage 5 tk-cooperatie-briedis-
jeugdbeschermers
Commissie
Commissie Maatschappelijke Zaken
raadsvergadering
7 juli 2021
onderwerp
133. Voortgangsrapportage Veilig Thuis Zeeland maart 2021
ingekomen stuk
133. Voortgangsrapportage Veilig Thuis Zeeland maart 2021
datum brief
10-05-2021
datum invoer
10-05-2021
afdeling
Samenleving
afzender
GGD Zeeland
besluit
Voor kennisgeving aannemen
Bijlagen: 133 Bijlage 1 Jaarrapportage Veilig Thuis Zeeland 2020
Commissie
Commissie Maatschappelijke Zaken
raadsvergadering
7 juli 2021
onderwerp
130. Motie M 02 VVD, AndersNu, Lokaal Peel&Maas - Borstonderzoek Vrouwen
ingekomen stuk
130. Motie M 02 VVD, AndersNu, Lokaal Peel&Maas - Borstonderzoek Vrouwen
datum brief
03-05-2021
datum invoer
03-05-2021
afdeling
Samenleving
afzender
Gemeente Peel en Maas
besluit
Voor kennisgeving aannemen
Commissie
Commissie Maatschappelijke Zaken
raadsvergadering
7 juli 2021
onderwerp
129. Aanbiedingsbrief_Programmabegroting 22-25 GGDZeeland
ingekomen stuk
129. Aanbiedingsbrief Programmabegroting 22-25 GGDZeeland
datum brief
29-04-2021
datum invoer
29-04-2021
afdeling
Samenleving
afzender
GGD Zeeland
besluit
Via de gemeentesecretaris in handen stellen van het college voor het opstellen van een voorstel aan de raad
Bijlagen: 129 Bijlage 1 Programmabegroting 2022-2025 (19-04-21) definitieve versie 129 Bijlage 2 Begrotingswijziging 2021 - Pionieren naar Professionaliseren - DEF 129 Bijlage 3 Begrotingswijziging 2022 - Pionieren naar Professionaliseren - DEF 129 Bijlage 4 Plan van pionieren tot professionaliseren
Aan de leden
Datum
9 juni 2021 Kenmerk
TISB/U202100503 Lbr. 21/049 Telefoonnummer
070-373 8393 Bijlage(n)
-
Onderwerp
Verzoek om ondertekening convenant Wet wijziging woonplaatsbeginsel Geachte leden van college en gemeenteraad, Zoals u wellicht weet wordt per 1 januari 2022 de Wet wijziging woonplaatsbeginsel Jeugdwet van kracht. Het woonplaatsbeginsel in de Jeugdwet regelt welke gemeente (financieel) verantwoordelijk wordt. Het huidige woonplaatsbeginsel is gebaseerd op de woonplaats van de gezagsdrager van een jeugdige. Het nieuwe woonplaatsbeginsel gaat uit van de woonplaats waar de jeugdige staat ingeschreven op het moment van de zorgvraag. Doel van de wetswijziging is het verminderen van administratieve lasten, het sneller kunnen leveren van zorg en ondersteuning aan jeugdigen en het versterken van preventie. Voor gemeenten en zorgaanbieders betekent de implementatie van het nieuwe woonplaatsbeginsel een behoorlijke (administratieve) verandering. We verwachten dat per 1 januari 2022 zo’n 12.000 jeugdigen ‘administratief’ zullen gaan verhuizen. We zijn verheugd dat bijna alle gemeenten al aan de slag zijn met invoering zodat we voorkomen dat jeugdigen bij de overgang naar het nieuwe woonplaatsbeginsel tussen wal en schip vallen. Convenant Implementatie woonplaatsbeginsel Jeugd Om de implementatie van deze wet soepel te laten verlopen én de administratieve lasten voor gemeenten en zorgaanbieders zo laag mogelijk te houden, hebben we een convenant opgesteld.
Wij verzoeken het college dit convenant te ondertekenen door middel van het invullen van het ondertekeningsregister, graag vóór 1 juli 2021. Voor alle duidelijkheid: met het tekenen van het ondertekeningsregister heeft u het convenant ondertekend. U hoeft het convenant niet fysiek of digitaal naar ons terug te sturen. U vindt het convenant en het register op https://vng.nl/reactieformulier-ondertekening-convenant-implementatie-woonplaatsbeginsel-jeugd.
Vereniging van Nederlandse Gemeenten Nassaulaan 12 Den Haag | Postbus 30435 | 2500 GK Den Haag 070 - 373 83 93 | info@vng.nl
U202100503
PROD
In deze brief lichten we achtereenvolgens toe waarom dit convenant is opgesteld, wat er in dit convenant wordt geregeld en hoe de implementatie van het woonplaatsbeginsel verloopt. Een bericht van gelijke strekking gaat ook naar uw ambtelijke organisatie. Waarom dit convenant? Op dit moment wordt door gemeenten uitgezocht welke jeugdigen nu jeugdhulp (met verblijf) ontvangen waarvan de zorg doorloopt na 2022. De jeugdigen die per 1 januari 2022 door het nieuwe woonplaatsbeginsel ‘administratief’ gaan verhuizen naar een andere gemeente, noemen we de migratiegroep. Dit zullen bijna uitsluitend jeugdigen zijn met verblijf. Gemeenten en zorgaanbieders hebben uitgesproken behoefte te hebben aan duidelijke afspraken over de implementatie van het Woonplaatsbeginsel om te voorkomen dat onduidelijkheden nadelige gevolgen hebben voor jeugdigen waarvoor gemeenten verantwoordelijk zijn. Daarom zijn aanvullende afspraken gemaakt, in nauwe afstemming met gemeenten, die zijn vastgelegd in het convenant. Hoofdlijnen van het convenant Ten aanzien van de migratiegroep worden in het convenant enkele aanvullende afspraken gemaakt. Het gaat feitelijk om twee afspraken: 1.
De afspraak dat de beslissing of de startdatum van (aaneengesloten) verblijf, vanwege het ontbreken van historische gegevens, niet of zeer moeilijk te achterhalen is, is een gezamenlijke beslissing van twee gemeenten: • de gemeente die vóór de inwerkingtreding van de Wet wijziging woonplaatsbeginsel verantwoordelijk is, en • de gemeente die na de inwerkingtreding van de Wet wijziging woonplaatsbeginsel verantwoordelijk wordt. En dat, wanneer de twee gemeenten er gezamenlijk niet uitkomen, de gemeente die vóór de inwerkingtreding van de Wet wijziging woonplaatsbeginsel verantwoordelijk was, verantwoordelijk blijft. Daarbij geldt nog dat bij een verschil van inzicht eerst een adviescommissie geconsulteerd kan worden. Deze adviescommissie bestaat uit de regioadviseurs van het Ketenbureau iSociaal Domein. Wanneer het advies van de adviescommissie het verschil van inzicht tussen twee gemeenten niet oplost, kunnen de gemeenten zich wenden tot de Geschillencommissie Sociaal Domein. 2. Tijdens de behandeling van de wet is een motie aangenomen, de motie van het lid Westerveld. In deze motie wordt de regering gevraagd om afspraken te maken met VNG en gemeenten om jeugdhulp die nog niet is afgerond, die doorloopt na de wettelijke overgangstermijn van één jaar, en waarvan er geen zorginhoudelijke redenen zijn om de jeugdhulp te wijzigen of te stoppen, te continueren.
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
2/3
Met de ondertekening van het convenant zijn gemeenten gebonden aan de afspraken. De afspraken in het convenant zijn enkel van toepassing op de migratiegroep. Het convenant is goedgekeurd door de VNG-commissie Zorg, Jeugd en Onderwijs van de VNG op 15 april 2021. Implementatie woonplaatsbeginsel Dit convenant staat niet op zich. De voorbereidingen van de implementatie zijn al in het voorjaar 2020 gestart. Gemeenten en zorgaanbieders worden ondersteund door een projectgroep Implementatie woonplaatsbeginsel bestaande uit Ketenbureau i-Sociaal Domein, VNG, VWS en zorgbranches Jeugd. Ook is een referentiegroep met gemeenten, zorgaanbieders en gecertificeerde instellingen nauw betrokken bij de implementatie. Via een community, webinars en regiobijeenkomsten hebben we veel contact met gemeenten en zorgaanbieders. Daarnaast zijn al diverse handreikingen en andere documenten opgeleverd. Meer informatie over deze implementatie-ondersteuning is terug te vinden in de community Groep Woonplaatsbeginsel Jeugd op de website i-sociaaldomein.nl. Vragen Heeft u nog vragen dan kunt u contact opnemen met Hester Heringa, e-mailadres: hester.heringa@vng.nl, telefoon: 06 – 1809 5479. Met vriendelijke groet, Vereniging van Nederlandse Gemeenten
mr L.K. Geluk Algemeen directeur
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
3/3
01-06-2021 Voorstel tot motie vreemd aan de orde van de dag
AANVAARD Voor: 10 (LB, NLM, PWM/50PLUS) Tegen: 9 (CDA, VVD, LVM)
Raadsfracties gemeente Maasgouw
MOTIE VREEMD AAN DE ORDE VAN DE DAG ‘Voor 14’ De raad van de gemeente Maasgouw in vergadering bijeen op 1 juni 2021; Constaterende dat; • • • • • • •
Nederland een van de rijkste landen ter wereld is, maar een groep inwoners binnen Maasgouw achterblijft: iemand met minimumloon kan hier nu 20% minder van betalen dan 40 jaar geleden; Ons minimumloon veel lager is dan de Europese norm van 60% van het mediane inkomen; 220.000 Nederlanders kunnen worden gekwalificeerd als “werkende armen” Honderdduizenden mensen ervoor zorgen dat onze samenleving blijft functioneren in moeilijke tijden, terwijl ze zelf rond moeten komen van minder dan 14 euro per uur; Op steeds meer plekken in Nederland mensen opstaan voor een eerlijke verdeling van de welvaart, te beginnen met een minimumloon van 14 euro; Steeds meer economen de voordelen zien van een verhoging van het minimumloon en de daaraan gekoppelde uitkeringen; Toen het minimumloon werd ingevoerd, werd de hoogte daarvan vastgesteld op 65% van het gemiddelde inkomen. Omdat dát mínimaal nodig was om van te kunnen leven. In het begin werd dit niveau gehandhaafd. In de jaren 80 is (i.v.m. bezuinigingen) het minimumloon verlaagd en meerder malen bevroren. Vervolgens is er niets meer gedaan om deze achterstand in te halen. Daardoor is het minimumloon nu nog maar 43% van het gemiddelde inkomen.
Overwegende dat; • Wij als gemeente een sociale zorgplicht hebben voor alle inwoners van Maasgouw • •
Wij ons daar voor inzetten met de middelen die we hebben; We tegelijk ook afhankelijk zijn van het landelijke beleid;
SPREEKT UIT: Van mening te zijn dat het minimumloon naar 14 euro per uur verhoogd moet worden. VERZOEKT DE GRIFFIE OM: Deze motie namens Maasgouw ter kennis te brengen bij de gemeenteraden in Nederlandse gemeenten. VERZOEKT HET COLLEGE VAN B&W OM: Om middels een brief de mening van de gemeenteraad van Maasgouw over te brengen aan de landelijke regering om het minimumloon te verhogen naar 14 euro per uur en de raad te informeren over de resultaten. en gaat over tot de orde van de dag. Raadsleden Lokaal Belang: S. Blomen, A. van Dam, M. van Herten, G. Hilbrink, B. Impelmans, S. Oosterwaal, G. Vervoort, E. Vrinzen.
Raadslid Nieuw Links Maasgouw: P. Kaal
Raadslid PWM/50PLUS: M. Richter
2021 Terugkijken en vooruitblikken [april 2021]
Vastgesteld DB 27 mei 2021
Inhoudsopgave In deze rapportage kijken we terug op wat de verwachtingen waren in de begroting en we kijken waar we nu staan per april. Op basis daarvan beschrijven we de verwachtingen voor de rest van 2021 en 2022. Dat doen we in algemene zin, en zoomen daarna in op drie onderwerpen: Bijstand, Schuldhulpverlening en Ondernemers.
Stand van zaken april 2021 - Algemeen
2
Bijstand
3
Schuldhulpverlening
8
Zelfstandig ondernemers
9
Bijlage
12
Economie na een jaar coronacrisis
1
Stand van zaken april 2021 – Algemeen Onderstaande grafiek vergelijkt de werkloosheidsontwikkeling van Walcheren met Zeeland en nationaal. Daaruit blijkt dat de werkloosheid op Walcheren vanaf het laatste kwartaal 2020 uit de pas loopt met de landelijke ontwikkeling: de werkloosheid op Walcheren is t/m maart 2021 11% harder gestegen dan landelijk.
Ontwikkeling werkloosheid (dec 2019 = 100)
150 140 130 120 110 100 90 dec
mrt
jun
2019 NL
sept 2020 Zeeland
dec
mrt 2021
Walcheren
Op 31 maart heeft het CPB haar Centraal Economisch Plan (CEP) 2021 gepresenteerd. Hierin is een verwachting voor de ontwikkeling van de werkloosheid in verschillende scenario’s opgenomen. In alle scenario’s stijgt de werkloosheid in 2021 verder door, om vervolgens in 2022 weer te dalen.
2
Bijstand Wat willen we bereiken Vanwege de coronacrisis geeft 2021 veel onzekerheid en daarom werken we met scenario’s. We gaan hierbij uit van drie varianten; licht, middel en zwaar. Hoewel deze varianten niet alle onzekerheden in beeld kunnen brengen helpt scenario-analyse om de onzekerheid over de ontwikkeling inzichtelijker te maken. Daarnaast moeten de lichte en zware variant niet gezien worden als de boven- en ondergrens van mogelijke uitkomsten. Per scenario zijn voor elke arbeidsmarktsector gedetailleerde inschattingen gemaakt over de volledige en deeltijd plaatsingsmogelijkheden. Per scenario zijn ook voor de componenten instroom en overige uitstroom inschattingen gemaakt. Dit mede op basis van de landelijke doorrekening van de CPBscenario’s naar bijstandsaantallen. Dit leidt tot de volgende cijfers. Scenario’s 2021 Volledige uitstroom naar werk Opbrengsten uit deeltijdwerk Mutatie klantenaantal in het jaar Eindstand klantenaantal
Licht - 350 klanten € 2,40 miljoen + 150 klanten 3085
Middel - 250 klanten € 2,30 miljoen + 475 klanten 3410
Zwaar -100 klanten € 2,20 miljoen + 800 klanten 3735
Dit laat een grote spreiding zien, die zichtbaar is gemaakt in onderstaande jaargrafiek.
begroting 2021-1
3800
3735
3700 Scenario 1 (licht) 3600 Scenario 2 (middel) 3500 3410
Scenario 3 (zwaar) 3400
3300 3200 3085
3100 3000
2935
2900 1-jan jan
feb
mrt
apr
mei
jun
jul
aug
sep
okt
nov
dec
Waar staan we op 1 april We kunnen het verloop van de bijstand goed volgen. De gevolgen van de coronacrisis zijn duidelijk te zien: hogere instroom en lagere uitstroom.
3
PW-uitkeringen Beginstand Instroom 27+ Instroom 27ov. toekenningen Uitstroom Werk Uitstroom overig Eindstand Gemiddelde
Jaarnorm Scenario 1 2.935 745 335 70 -350 -650 3.085
Norm t/m mrt 2.935 205 82 11 -100 -155 2.978
Realisatie t/m mrt 2.935 195 116 12 -49 -163 3.046
2.994
2.963
2.992
Realisatie mrt 2020
Realisatie heel 2020
158 66 4 -59 -152
602 280 65 -280 -634
klantenbestand 2021 PW per 1 april
3240 3200
3152
3160 3120 3080
3057
3046
3040 3000
2979
2960
2935 2920 1 jan
jan
feb
mrt
realisatie doelstelling (scenario middel) benchmark grote gemeenten
apr
doelstelling (scenario licht) doelstelling (scenario zwaar)
In de begroting 2021 is gekozen om scenario 1 – het lichte scenario - als begroting op te nemen. Het volledige eerste kwartaal van 2021 wordt echter gekenmerkt door een complete lockdown. De omstandigheden zijn dus zwaar negatief voor de ontwikkeling van het bijstandsvolume, waardoor uitgaan van het zware scenario aannemelijk is. Maar zowel de instroom als de uitstroom zijn gunstiger dan de aannames in het zware scenario. Hierdoor beweegt het klantenaantal zich rond het middelste scenario. In onderstaande tabel de ontwikkelingen t/m maart, afgezet tegen de 3 scenario’s. PW-uitkeringen Scenario Scenario Scenario Realisatie Realisatie Realisatie t/m maart licht middel zwaar licht middel zwaar Beginstand 2.935 2.935 2.935 2.935 2.935 2.935 Instroom 27+ 205 248 282 195 195 195 Instroom 2782 99 111 116 116 116 ov. toekenningen 11 11 11 12 12 12 Uitstroom Werk -100 -82 -34 -49 -49 -49 Uitstroom overig -155 -155 -155 -163 -163 -163 Eindstand 2.978 3.056 3.150 3.046 3.046 3.046 Gemiddelde
2.963
3.003
3.045 4
2.992
2.992
2.992
Gezien de huidige ontwikkelingen moeten we met het middelste scenario rekening houden voor het volledige eerste halfjaar. De verwachting is dat dit minimaal tot 1 juli aanhoudt. In 2020 heeft het klantenaantal zich positief ontwikkeld ten opzichte van landelijk: eind 2020 was sprake van een ‘voordeel’ van circa 100 klanten. De afgelopen maanden ontwikkelt de bijstand op Walcheren zich daarentegen slechter dan landelijk. De benchmarkcijfers zijn bekend tot 1 april 2021. Hieruit blijkt dat de eerste drie maanden sprake is van een ‘nadeel’ van 86 klanten. De werkloosheidscijfers op Walcheren laten eenzelfde beeld zien. De huidige lockdown heeft grote gevolgen voor de werkgelegenheid op Walcheren. Om de gevolgen beter te kwantificeren is een aparte analyse noodzakelijk. Deze wordt hieronder toegelicht: Instroom: Aan de hand van de instroomredenen wordt gekeken welk deel van de instroom door baanverlies1 wordt veroorzaakt. Hierbij wordt 2020 vergeleken met 2019. En daarnaast wordt het eerste kwartaal 2021 vergeleken met het eerste kwartaal 2020. Uitstroom naar werk: De afgelopen jaren was sprake van extra uitstroom naar werk vanuit het klantenbestand door het plan van aanpak. Om die reden was ook zonder corona de begrote uitstroom voor 2020 lager dan de afgelopen jaren. Om dit effect te elimineren vergelijken we de uitstroom van klanten die recent zijn ingestroomd.
Onder recente instroom verstaan we in dit kader klanten die in het lopende of voorgaande jaar zijn ingestroomd2. Hierdoor worden de corona-effecten beter in beeld gebracht. Instroomanalyse Uit onderstaande tabel blijkt dat door corona aanzienlijk meer inwoners door baanverlies in de bijstand instromen. Instroom baanverlies Jongeren 27 jaar en ouder totaal
2019 72 183 255
2020 mutatie 95 23 243 60 338 83
in % 32% 33% 33%
q1 2020 q1 2021 mutatie 19 38 19 68 87 19 87 125 38
in % 100% 28% 44%
In de periode 2020 tot en met maart 2021 gaat dit over circa 120 inwoners. Hierbij is niet gekeken naar inwoners die voor corona al parttime werkten en door corona hun neveninkomsten zien dalen. Jongeren maken een groot deel uit van de inwoners met baanverlies. In 2020 was hun aandeel nog vergelijkbaar met inwoners van 27 jaar en ouder. In het eerste kwartaal van 2021 stromen ze bovenmatig in de bijstand in. Uitstroomanalyse Naast een hogere instroom worden door de coronacrisis ook aanzienlijk minder mensen op werk geplaatst.
1
Instroomredenen die worden meegenomen in de analyse zijn: einde van arbeid in dienstbetrekking, uitkering ww, zelfstandig beroep of bedrijf en additionele arbeidsplaats. 2 Uitstroom 2019 wordt meegenomen in de analyse indien instroom in 2018 of 2019 heeft plaatsgevonden. Uitstroom 2020 wordt meegenomen indien instroom in 2019 of 2020 heeft plaatsgevonden. Uitstroom kwartaal 2021 wordt meegenomen voor instroom in 2020 of 2021.
5
Uitstroom naar werk Jongeren 27 jaar en ouder totaal
2019 57 190 247
2020 mutatie 47 -10 153 -37 200 -47
in % -18% -19% -19%
q1 2019 q1 2021 mutatie 17 12 -5 57 15 -42 74 27 -47
in % -29% -74% -64%
NB: Deze tabel geeft niet de volledige uitstroom weer, maar enkel uitstroom van recent ingestroomde klanten.
In 2020 zijn circa 50 inwoners minder uit de bijstand uitgestroomd naar werk. In het eerste kwartaal 2021 gaat het opvallend genoeg om dit zelfde aantal. Hierbij moet wel gezegd worden dat de uitstroom naar werk in kwartaal 1 van 2019 opvallend hoog is. Voorzichtigheidshalve gaan we er om die reden van uit dat tot en met maart 2021door corona 80 inwoners minder geplaatst zijn op werk. Deeltijdwerken Daarnaast wordt ook het deeltijd werken in de bijstand negatief beïnvloed door de coronacrisis. Om het effect te meten is voor drie peildata deeltijdwerken in beeld gebracht: in februari 2019, in februari 2020 en in februari 2021. klanten met deeltijdwerk inkomsten uit deeltijdwerk
feb-19 416 2.265.000
feb-20 373 2.427.000
feb-21 286 1.741.000
Het aantal klanten met deeltijdwerk is in het coronajaar fors gedaald met 87 van 373 naar 286. Dit betekent op jaarbasis circa €700.000 hogere bijstandslast. Om het jaarverloop te bekijken is onderstaande overzicht opgenomen. Klanten met deeltijdwerk deeltijd begin periode -/- terugval naar volledig in de uitkering -/- vanuit deeltijd werken naar volledig uit de uitkering = blijft deeltijd + van volledige uitkering naar deeltijds werken + nieuw in de uitkering maar deeltijds werken = deeltijd einde periode mutatie deeltijd in de uitkering
feb'19 - feb '20 416 -82 -146 188 133 52 373 -43
feb '20-feb '21 373 -105 -83 185 50 51 286 -87
Hieruit blijkt hoe de daling van de 87 klanten tot stand is gekomen. In vergelijking met de vergelijkbare periode voor corona blijken twee grote effecten op te treden: Sterke daling van klanten die vanuit deeltijd werken volledig uit de uitkering gaan: slechts 83 in het coronajaar in vergelijking tot 146 in de vergelijkbare periode. Eveneens sterke daling van klanten die vanuit een volledige uitkering deeltijd gaat werken: slechts 50 in het coronajaar in vergelijking tot 133 in de vergelijkbare periode. Het deeltijdwerken ontwikkelt zich in 2021 slechter dan we in het zware scenario hebben begroot. Verwachtingen voor de rest van 2021 en gevolgen voor 2022 In de begroting 2021 is rekening gehouden met het lichte scenario. Door de huidige lockdown hebben we echter te maken met een andere realiteit. Het klantenaantal ontwikkelt volgens het middelste scenario. Het deeltijdwerken slechter dan het zware scenario. Gezien de voortdurende beperkende maatregelen en het tempo van de uitrol van het openingsplan moeten we minimaal met het middelste scenario rekening houden voor het volledige eerste halfjaar. 6
Het klantenaantal ligt per 1 april 2021 circa 200 hoger door corona als gevolg van hogere instroom (120) en lagere uitstroom naar werk (80). Naast de maatschappelijke gevolgen heeft dit ook financiële gevolgen. De uitkeringslasten zijn fors hoger dan begroot. Gezien de achterstand op de landelijke tendens moeten we rekening houden met het feit dat dit niet volledig wordt gecompenseerd door een hogere Rijksbijdrage. Door de huidige lockdown worden er ook minder werkleertrajecten ingezet, wat op termijn gevolgen heeft voor de doorstroom naar werk. Daarnaast zijn ook de uitvoeringskosten hoger, voor zowel de afdeling Inkomen als Werk. Bij de uitwerking van de begroting is uitgegaan van de werklast die hoort bij het lichte scenario en zijn voor deze afdelingen 6 fte aan extra middelen toegekend (als onderdeel van het steun- en herstelpakket). De werkelijke ontwikkeling geeft echter aanleiding voor een verdubbeling, in ieder geval over het eerste halfjaar van 2021. Mogelijk kan een deel van de benodigde extra middelen vanuit de arbeidsmarktregio gefinancierd worden. Maar gemeenten moeten rekening houden met een hogere claim op de middelen.
Bijstelling Rijksvergoeding Eind april is het `Nader voorlopig budget’ bekend gemaakt. Het macrobudget daalt met 5,6%. Belangrijkste reden hiervoor is de nieuwe werkloosheidsraming van het CPB. Het CPB heeft bij de CEP de werkloosheidsverwachtingen voor zowel 2020 als 2021 fors naar beneden bijgesteld. Omdat het CPB nu minder grote toenames in de werkloosheid voorspelt, is de verwachte toename in het bijstandsvolume ook minder groot. Het resterende macrobudget `COVID-19 deel’ is ook eind april verwerkt. Uiteindelijk volgens de reguliere verdeelsleutel. Dit omdat uit onderzoek bleek dat de verschillen in ontwikkeling van de bijstandsvolumes van gemeenten in het coronajaar 2020 niet uitzonderlijk zijn ten opzichte van eerdere jaren. Er is dus geen reden voor een aangepaste verdeelsleutel. Het effect op de begroting van Orionis van beide bijstellingen is € 2 miljoen minder Rijksvergoeding. Eind september vindt nog een laatste bijstelling van de Rijksvergoeding plaats en kan dit bedrag weer wijzigen. Bij de begrotingswijziging van deze zomer nemen we deze bijstelling mee. Tevens zullen we dan een nieuwe prognose van de uitkeringslast opnemen. De verwachting is, ook gebaseerd op de recente CPB prognose, dat deze gunstiger uit zal gaan vallen dan de huidige begroting. Vooralsnog zien we geen aanleiding voor bijstelling van de gemeentelijke bijdrage.
Waarbij de kanttekening geldt dat de werkloosheidsontwikkeling op Walcheren anders kan zijn dan de gemiddelde ontwikkeling van Nederland. Dat is al zichtbaar in de grafiek op blz. 2. Plus de onzekerheid in de ontwikkeling van de werkloosheid bij het aflopen van de steunmaatregelen voor bedrijven.
7
Schuldhulpverlening Wat willen we bereiken De begroting gaat uit van een beperkte stijging van aanvragen schuldhulpverlening (SHV) voor particulieren. Het is een bekend gegeven dat er een lange tijd zit tussen inkomstenterugval en de daadwerkelijke hulpvraag bij gemeenten. In alle scenario’s is de stijging geraamd op 55 extra aanvragen in 2021. Waar staan we op 1 april De eerste signalen van een stijgend beroep op schuldhulpverlening door particulieren zijn zichtbaar. In het eerste kwartaal van 2021 zijn 114 startgesprekken Schuldhulpverlening gevoerd door klantmanagers. In het eerste kwartaal van 2020 bedroeg dit 58. Er is dus bijna sprake van een verdubbeling van startgesprekken. Verwachtingen voor de rest van 2021 en gevolgen voor 2022 Dit leidt ongetwijfeld tot een stijging van aanvragen en regelingen in de loop van het jaar.
8
Zelfstandig ondernemers Wat willen we bereiken De coronacrisis hakt er stevig in bij zelfstandigen. Velen zijn opeens onverwacht geconfronteerd met de vraag: redt mijn bedrijf het wel? Zij moeten zich bezinnen op hun toekomst. Onze doelgroep betreft zelfstandig ondernemers die door de coronacrisis in financiële problemen zijn geraakt. Veel ondernemers gaan zelf actief op zoek naar een nieuw toekomstperspectief, maar er zijn er ook genoeg die een helpende hand van gemeente en arbeidsmarktregio goed kunnen gebruiken. Door de ‘tweede golf’ in de coronacrisis en de bijbehorende lockdown is de bedrijfsvoering van ondernemers nog sterker onder druk komen te staan, waardoor zij de overlevingskansen van hun bedrijf steeds somberder inzien. Het is zeer gewenst om op korte termijn duidelijkheid te bieden over een verstandige en haalbare route uit de problemen. De gemeente kan hierbij een belangrijke rol spelen vanuit de ondersteuning bij heroriëntatie. Deze heroriëntatie houdt in dat de ondernemer kijkt hoe hij na corona zijn huidige bedrijf voortzet of hoe hij de bakens kan verzetten om zijn bedrijf te transformeren naar een levensvatbare onderneming. En als dit niet realistisch is, wat voor werk hij dan kan doen. Het doel is dan ook: Duurzame onafhankelijkheid als zelfstandig ondernemer of in loondienst Voor gemeenten is dit nog een vrij nieuw terrein.
Zij hebben tot nu toe vaak een beperkt contact met zelfstandigen en weinig of geen ervaring met de ondersteuning bij heroriëntatie. Door de Tozo is wel bekender geworden dat de gemeente een rol heeft bij de ondersteuning van de ondernemer. Wat zegt het Rijk: Leidraad voor gemeenten - Heroriëntatie van zelfstandig ondernemers Er is een verplicht aanbod voor elke zelfstandige binnen de eigen arbeidsmarktregio of gemeente. Er zijn drie routes waarlangs ondernemers zich straks kunnen richten op een nieuwe toekomst: 1. Versterken van de eigen onderneming, bijvoorbeeld door een nieuw businessmodel of de keuze voor andere activiteiten. Dit vraagt van publieke partijen expertise wat betreft ondernemerschap. 2. Zoeken van een oplossing voor (financiële) problemen. Dit wordt de-escalatie genoemd. De ondernemer gaat door na het wegwerken van acute problematische schulden of stopt met zijn bedrijf vanwege te weinig inkomsten. Hiervoor is expertise in verband met ondernemerschap nodig. Maar ook aandacht voor dringende psychische en praktische problemen, die ondernemers kunnen hebben. Zij kunnen dan vanuit het bredere sociaal domein van de gemeente worden geholpen. 3. Kiezen voor een baan of bijbaan in loondienst. Dit past bij de kerntaak van de arbeidsmarktregio om mensen te begeleiden richting werk. Het is geen of-of. Routes kunnen elkaar opvolgen of worden gecombineerd.
Denk bijvoorbeeld aan een ondernemer die zijn businessmodel vernieuwt en daarvoor een scholingstraject wil volgen. Het is hiervoor belangrijk dat er binnen de regio goed wordt samengewerkt bij om- of bijscholing. Kan de gemeente heroriëntatie verplichten voor zelfstandigen die een beroep doen op de Tozo of het BBZ? (Besluit bijstandsverlening zelfstandigen) Dit is wettelijk niet expliciet geregeld. Maar in de praktijk is wel sprake van een zachte dwang. De ondernemer zal actie moeten ondernemen om weer in eigen levensonderhoud te kunnen voorzien. De gemeente kan daarbij hulp aanbieden.
9
Ook voor de gemeente is het van belang om snel in actie te komen. Het voornemen van het Rijk is om Tozo per 1 juli 2021 te stoppen en geen nieuwe Tozo in te voeren, ondernemers kunnen dan terugvallen op de bestaande BBZ-regeling. De toetsing die daarbij hoort is veel arbeidsintensiever dan bij de Tozo. Door nu meteen te helpen bij heroriëntatie krijgen ondernemers weer sneller perspectief. Zo kan hopelijk een grote druk op de uitvoering worden voorkomen. Wat doet Orionis? In de begroting 2021/22 is het volgende opgenomen: Om de dienstverlening aan zelfstandig ondernemers effectief en efficiënt in te richten voegen we alle diensten voor ondernemers, in ieder geval BBZ, Tozo en Schuldhulpverlening, samen binnen één team. In een vervolgstap breiden we dit uit met re-integratie (van zelfstandig ondernemer naar loondienst of van bijstand naar ondernemerschap) en aansluiting bij het Zeeuwse mobiliteitsteam. Ondernemers met een niet-levensvatbaar bedrijf worden geadviseerd om hun bedrijf te beëindigen en doorverwezen naar partijen voor administratieve ondersteuning. Waar staan we op 1 april Vóór corona bestond de dienstverlening aan zelfstandig ondernemers uit 1 fte voor BBZ. Op dit moment hebben we hiervoor een kernteam van 3 fte. Dit zijn specialisten die BBZ beheersen en de heroriëntatie kunnen begeleiden.
Daarnaast is een medewerker van de afdeling Werk aangesloten om ondernemers eventueel naar loondienst te begeleiden. En een medewerker Schuldhulpverlening die de schuldhulpverlening aan ondernemers uitvoert of begeleid. Voor de uitvoering van Tozo en Tonk worden op dit moment circa 3,5 fte ingezet. Onderdeel van Tozo 3 is het aanbieden van heroriëntatie. Er hebben ruim 1.000 klanten een beroep gedaan op Tozo 3. De communicatie over deze heroriëntatie wordt op dit moment uitgerold door middel van een flyer en informatie op de website. Verder worden afspraken gemaakt met partners. De belangrijkste hierbij zijn: Instituut voor Midden- en Kleinbedrijf (IMK): Sterk in bedrijfsadvies en financieringsvragen. Dockwize: Regionaal ondersteuningsprogramma met name voor horeca-ondernemers. Over Rood: Stichting die ondernemers helpt bij de afwikkeling van de administratie bij staken van hun activiteiten Zuidweg en partners: Specialist in schuldhulpverlening voor kleine ondernemers. De dienstverlening op basis van de routes uit de leidraad bestaat uit 5 activiteiten: 1) Toets levensvatbaarheid onderneming: Door bedrijfseconomische analyse en een beoordeling van het ondernemerschap wordt de levensvatbaarheid van de onderneming vastgesteld. Deels kan dit door het kernteam plaatsvinden. Deels zullen we hiervoor verwijzen naar IMK en Dockwize.
2) Financiële ondersteuning: In veel gevallen zal financiële ondersteuning noodzakelijk zijn om ondernemers door de crisis heen te helpen. De regelingen BBZ, Tozo en Tonk zijn gemeentelijke regelingen voor de ondernemer. Daarnaast wijzen we de ondernemer op andere mogelijkheden. Voor Tozo 4 zijn per medio april 200 aanvragen binnen. Voor Tonk zijn 120 3 aanvragen afgehandeld. BBZ geeft nog geen extra aanvragen. 3
Dit betreft bijna uitsluitend zelfstandig ondernemers
10
3) Begeleiden transformatie van de onderneming: Wanneer een transformatie van de onderneming noodzakelijk is dan vergt dit in sommige gevallen extra begeleiding, zowel bedrijfseconomisch als qua ondernemerschap. Deze extra begeleiding vindt plaats door het IMK en Dockwize. 4) Begeleiding naar loondienst: Dienstverlening door de afdeling Werk in overleg met het Zeeuwse mobiliteitsteam. 5) Schuldhulpverlening: Dit kan apart plaatsvinden of in combinatie met bovenstaande activiteiten. Hiervoor wordt in de meeste gevallen Zuidweg en Partners ingeschakeld. De eerste signalen van ondernemers die een beroep doen op schuldhulpverlening zijn waar te nemen. In 2021 hebben zich tot nu toe 14 ondernemers voor schuldhulpverlening gemeld. Dit zijn er al meer dan in 2020 over het hele jaar. Verwachtingen voor de rest van 2021 en gevolgen voor 2022 De verwachting is dat de extra ondersteuning – de hierboven genoemde 5 activiteiten – zeker noodzakelijk is tot eind 2022. We komen wel tot de conclusie dat de afgelopen jaren de gemeentelijke dienstverlening voor ondernemers niet is meegegroeid met de groei van het aantal zelfstandig ondernemers. Maar ook dat ondernemers vòòr corona de gemeente niet echt in beeld hadden. Vanaf 2023 resteert na de afbouw een stevigere basis voor dienstverlening aan ondernemers en blijven we de 5 bovengenoemde activiteiten integraal bezien.
De extra schuldhulpverlening is opgenomen in de begroting conform het lichte scenario en wordt gedekt vanuit het Steun- en herstelpakket. Voor de overige taken (heroriëntatie) zijn gereserveerde Tozo-gelden beschikbaar van € 300.000. Er is een reële kans dat de te maken kosten dit budget overstijgen. In dat geval kan gekeken worden naar de beschikbare middelen voor Tonk en uitvoeringskosten Tozo-3 en Tozo-4 over 2021.
11
Bijlage Economie na een jaar coronacrisis Op 31 maart heeft het CPB haar Centraal Economisch Plan (CEP) 2021 gepresenteerd. Hieruit een infographic met hoofdpunten.
12
Van: Aan:
Cc: Onderwerp: Datum: Bijlagen:
Hans van Beek phdevree@borsele.nl; b.van.doornum@goes.nl; d.van.bunder@gemeentehulst.nl; a.meijer@kapelle.nl; Alex Rijpert; k.poortvliet@noord-beveland.nl; griffie@reimerswaal.nl; griffie@schouwen-duiveland.nl; griffiersbureau@gemeentesluis.nl; griffier@terneuzen.nl; griffie@tholen.nl; griffie@veere.nl; griffie@vlissingen.nl; k.verburg@reimerswaal.nl; s.suij@terneuzen.nl; mcjvandeplassenagelkerke@borsele.nl; a.slenter@noord-beveland.nl; a.vander.reest@goes.nl; ankie.smit@schouwenduiveland.nl; a.evertz@kapelle.nl; Carla Doorn; c.maas@veere.nl; corniel.vanleeuwen@tholen.nl; Els Verhage (Weth. Vlis); jwerkman@gemeentesluis.nl; R.Ruissen@gemeentehulst.nl; C. Goedhart; Elvira Busé; Emmy Bouwense; Evert de Moor; Frans van der Grinten; Gerda van Bambost; Hans van Beek; HGrim@Borsele.nl; j.kramer@noord-beveland.nl; Jack Gillissen; Jos Schlicher; Karen Mellegers; Naomi de Smit; Oscar Osendarp; s.van.den.beemt; Schriemer, R.; Vincent Burger - gemeente Tholen; Vriends, K. Joke Gaemers; Eric van Peet; Secretariaat-Directie GGD Zeeland informatie in verband met de webinars in mei 2021 woensdag 2 juni 2021 15:40:16 aanbiedingsbrief gemeenteraadsleden webinars 2021.pdf definitieve presentatie webinar gemeenteraden 2021.pdf 20210602 Overzicht vragen en antwoorden webinars GGD Zeeland mei 2021.pdf D21-079-AR - Informateur - Oproep en investeringsagenda GGD"en pfd.pdf
Geachte griffiers, AB-leden, PAO-leden en leden van de Begeleidingscommissie GGD Zeeland, Bijgaand ontvangt u een aantal documenten die betrekking hebben op de webinars van GGD Zeeland die onlangs (op 10, 17, 19 en 26 mei) hebben plaatsgevonden. Dit betreft de volgende documenten: Aanbiedingsbrief Presentatie webinars (versie webinar 26.05.2021) Vragen en antwoorden n.a.v. de webinars Filmpje voor de gemeenteraden (zie link: GGD | Presentatie programmabegroting 20222025 (vimeo.com) Brief van GGD GHOR Nederland aan de informateur Aan de griffiers wil ik vragen om deze documenten zo spoedig mogelijk door te sturen naar de gemeenteraadsleden van uw gemeente, zodat zij voorafgaande aan de raadsvergadering waar de begroting van GGD Zeeland wordt behandeld, kennis kunnen nemen van deze stukken. Indien u eventuele vragen hebt, dan kunt u contact opnemen met Hans van Beek, bestuursadviseur GGD Zeeland: hans.vanbeek@ggdzeeland.nl 0630998187 Met vriendelijke groet, Joke Gaemers Met vriendelijke groet, Hans van Beek Bestuursadviseur T: 0630998187 E: Hans.vanBeek@ggdzeeland.nl W: www.ggdzeeland.nl Disclaimer: GGD Zeeland, Veilig Thuis Zeeland, Inkooporganisatie Jeugdhulp Zeeland gaan zorgvuldig om met informatie. Desondanks kan de organisatie niet aansprakelijk worden gesteld voor eventuele onjuistheden in dit bericht of gevolgen die er uit voortvloeien.
De informatie is uitsluitend bedoeld voor de geadresseerde. Verstrekking aan en gebruik door anderen is niet toegestaan. Indien u niet de geadresseerde bent, verzoeken wij u ons het bericht retour te zenden.
Uw kenmerk
: -
Uw brief van
: -
Ons kenmerk
: JG/HvB
Datum
: 02.06.2021
Onderwerp
: Webinars aan de gemeenteraden
Aan de gemeenteraden van Zeeland
over Covid-19 en programmabegroting 2022-2025 van GR Gemeenschappelijke regeling gezondheidsdienst Zeeland (organisatieonderdeel GGD Zeeland)
Geachte leden van de gemeenteraden, In mei 2021 (10, 17, 19 en 26 mei) heeft u kunnen deelnemen aan een aantal webinars in de aanloop naar de behandeling in de raden van de programmabegroting 2022-2025. Tijdens deze webinars bent u geïnformeerd over twee onderwerpen: 1. De Coronapandemie en de impact voor GGD Zeeland 2. De begroting 2022-2025 van het organisatieonderdeel GGD Zeeland (exclusief Inkoop Jeugd Zeeland (IJZ)). Onderstaand treft u in grote lijnen de belangrijkste punten. Coronapandemie (COVID-19) Sinds de eerste besmetting in Nederland op 27 februari 2020 zijn onze artsen en verpleegkundigen Infectieziekten en epidemiologen belast met de bestrijding van COVID-19 in Zeeland. Tot september 2020 hebben wij met de eigen GGD medewerkers uitvoering gegeven aan de opdracht van de minister van VWS om de bestrijding ter hand te nemen. Dit betreft alle activiteiten die nodig zijn zoals testen, bron- en contactonderzoek, communicatie etc. De omvang en duur van de pandemie maakte het noodzakelijk vanaf september 2019 binnen de GGD een aparte COVID- projectorganisatie op te richten waar nu, eind mei 2021, circa 700 externe medewerkers hun bijdrage leveren. Naast het testen en bron- en contactonderzoek vraagt nu tevens het vaccineren een verdere uitbreiding van medewerkers.
De kosten van deze enorme operatie worden gedeclareerd bij VWS, de uitvoering ligt bij ons en heeft een enorme impact op de GGD organisatie. In de webinars hebben wij u meegenomen in de ontwikkelingen en heb ik het belang van een robuuste GGD organisatie benoemd voor de snelle en adequate opschaling die nodig is bij een pandemie. In de bijgevoegde presentatie kunt u dit nalezen.
De coronapandemie houdt ons tevens een spiegel voor. We hebben gezien dat lichamelijke gezondheid bijdraagt aan een milder verloop van het virus en dat mentale veerkracht mensen helpt om staande te blijven in perioden van tegenslag. Dit geldt niet alleen voor kwetsbaren en ouderen, maar ook voor jongeren. Hierin heeft de pandemie ons een spiegel voorgehouden. We hebben overvolle IC’s gezien en dit dreigende tekort kan de vraag stimuleren naar meer IC bedden. De vraag is of dit ons de oplossing gaat brengen. Jaar na jaar groeien de uitgaven aan zorg, maar we worden er niet gezonder op. Dat vraagt om een omslag naar een focus op gezondheid en gedrag in plaats van op ziekte en zorg. Dat vraagt om een steviger fundament van onze publieke gezondheid. Dat is ook waar wij als GGD voor staan en wat wij voor de inwoners van Zeeland betekenen: samen werken aan een gezonder en veiliger leven in Zeeland. Investeren in preventie is investeren in een gezonde toekomst. Voorkomen is beter dan genezen. Bovenstaande constateringen zijn niet specifiek voor Zeeland. De landelijke media hebben de laatste tijd veelvuldig bericht over de enorme financiële druk op de GGD‘en in de trant van “help de GGD verzuipt”. Dat dit een landelijk probleem is laat ook de brief zien die namens de 25 DPG’en is verstuurd naar de informateur mevrouw M.I. Hamer (zie bijlage).
In deze brief wordt door de GGD’en een investering vanuit de Rijksbegroting gevraagd van totaal 600 miljoen euro. Als 25 Directeuren Publieke Gezondheid zien wij vier urgente zaken die in de komende kabinetsperiode moeten worden geregeld. 1. Een structurele investering in herstel én versteviging van het fundament van de publieke gezondheidszorg, inclusief infectieziekten bestrijding en de basis van de Jeugdgezondheidszorg. Dit is een investering van 425 miljoen euro. 2. Realiseren van de hoognodige verschuiving van ziekte en zorg, naar gezondheidsbevordering en leefstijl, door te voorzien in een basis preventie infrastructuur in elke regio. Dit is een investering van 50 miljoen euro. 3. Versterken van de informatievoorziening van en door de publieke gezondheid. Dit is een investering van 100 miljoen euro. 4. Het opzetten van een robuuste, slagvaardige crisisorganisatie en uitvoeringsinfrastructuur, toegerust en voorbereid op gezondheidscrises (zoals een pandemie). Dit is een investering van 25 miljoen euro. Programmabegroting 2022-2025 toont een structureel begrotingstekort. Voor de inhoudelijke behandeling van de programmabegroting verwijs ik u naar de presentatie en de uitgebreide programmabegroting. Hierin laten we zien welke doelen wij voor de Zeeuwse inwoners nastreven en welke activiteiten we daarvoor doen.
En benoemen we ook het belang van samenwerking in de hele keten van het sociale, fysieke en medische domein.
In de programmabegroting 2022-2025 ontstaat een structureel begrotingstekort (€ 371.000 in 2022) indien de VZG norm wordt gehandhaafd. Het begrotingstekort wordt in zijn geheel veroorzaakt door exogene (niet beïnvloedbare) factoren in de loonkostenstijging (verhoging CAO, pensioenlasten en ziektekostenlasten). Ook de begeleidingscommissie heeft in haar advies benoemd dat de GGD “niet zoveel knoppen heeft om aan te draaien“ als bijvoorbeeld de een gemeente die een grotere diversiteit aan beleidsterreinen kent. De VZG norm is al jaren niet toereikend en de afgelopen jaren heeft de GGD zelf al diverse bezuinigingen doorgevoerd, waaronder bijvoorbeeld de taakstelling 2019, verlaging van ziekteverzuim, verlagen van de externe inkoopkosten. Tevens zijn de reserves ingezet bij begrotingswijzigingen. Hiermee is er geen ruimte meer binnen de GGD begroting om deze tekorten op te lossen. Verder bezuinigen zal het fundament van de publieke gezondheid voor de inwoners van Zeeland verder verschralen, omdat er dan keuzes moeten worden gemaakt in het basis takenpakket. Ik realiseer mij terdege dat er ook bij gemeenten een grote financiële opgave ligt en dat er voor u als raden en voor onze bestuurders geen eenvoudige opgave voorligt. Niet voor niets sturen wij als 25 DPG’en ook aan op een landelijke investeringsagenda.
Vanuit een lange termijn perspectief gericht op de volksgezondheid, doe ik een beroep op u als raden en bestuurders om in uw zienswijze de VZG norm los te laten en de benodigde middelen vanuit de gemeenten toe te wijzen. Afsluitend wens ik u wijsheid toe bij de beraadslagingen tijdens de raadsvergaderingen en vraag ik u om een gezonde financiële uitgangspositie voor de GGD te realiseren. namens het Algemeen Bestuur, hoogachtend,
Joke Gaemers Directeur Publieke Gezondheid/ ambtelijk secretaris Algemeen Bestuur Bijlagen: Presentatie webinars Vragen en antwoorden n.a.v. webinars Filmpje voor de gemeenteraden Brief van GGD GHOR Nederland aan de informateur
Overzicht vragen en antwoorden webinars GGD Zeeland (10 mei, 17 mei, 19 mei en 26 mei 2021) Onderstaand is een overzicht opgenomen met de meest gestelde vragen tijdens de webinars. NR.
Onderwerp
Vraag
Antwoord
1
Covid-19
Er is afgelopen jaren meerdere keren geoefend hoe om te gaan met een pandemie. Hebben deze oefeningen bijgedragen aan de aanpak van de coronapandemie?
Tijdens de oefeningen zijn onder andere de protocollen en draaiboeken voor de bestrijding van een pandemie beoefend. Op basis van deze oefeningen heeft de GGD de planvorming bijgewerkt en aangescherpt. Deze voorbereiding draagt bij aan een goede basis voor de aanpak van de huidige pandemie. De snelheid en omvang van deze pandemie is echter niet te vergelijken met een oefening en vraagt een grotere inspanning van de GGD en alle zorgpartners.
2
Covid-19
Hoe verloopt de samenwerking met partners bij de bestrijding van de coronapandemie?
De GGD werkt met vele zorginstellingen, ziekenhuizen en hun labs, Veiligheidsregio Zeeland, gemeenten en de GHOR samen om de coronapandemie te bestrijden. Deze samenwerking verloopt goed. De schaalgrootte waarop diverse zaken zijn georganiseerd in Zeeland is hierbij een voordeel. Er is een goed netwerk op Zeeuwse schaal en de lijnen tussen de partners zijn kort. Het Beleidsteam zorg (BTZ) is opgericht vanuit de rol van de Directeur Publieke Gezondheid (DPG) om de zorgcontinuïteit in de regio te borgen. Dit overleg over de bestrijding van de coronapandemie vindt plaats met de belangrijkste zorgpartners uit Zeeland, waaronder de
Versie: 2 juni 2021
Overzicht vragen en antwoorden webinars GGD Zeeland (10 mei, 17 mei, 19 mei en 26 mei 2021) NR.
Onderwerp
Vraag
Antwoord ziekenhuizen ADRZ en ZorgSaam, huisartsen, apothekers en de koepels van VVT-organisaties. De coronapandemie heeft meer samenwerking tussen deze partijen gebracht. Voor de toekomst wordt dit op verzoek van de DPG behouden.
3
Covid-19
Voor de opschaling van de crisisorganisatie van GGD zijn nieuwe mensen aangetrokken. Hoe verloopt deze samenwerking?
De crisisorganisatie is in september 2020 opgeschaald naar een projectorganisatie van circa 120 fte, die zich dagelijks inzetten voor de bestrijding van de pandemie. Het opzetten van deze projectorganisatie was een omvangrijke operatie. De samenwerking en aansturing van de projectorganisatie verloopt goed.
4
Covid-19
De ICT-systemen waren niet toegerust voor een omvang van deze pandemie. Zou het verschil hebben gemaakt voor de bestrijding van de pandemie wanneer de ICTsystemen wel op orde waren?
De ICT-systemen van GGD GHOR Nederland bleken onvoldoende geschikt voor de omvang van de pandemie. De systemen waren bijvoorbeeld onvoldoende toegerust voor de grote aantallen bron- en contactonderzoek. Daarom wordt dit systeem vervangen. De snelheid van de gevraagde opschaling maakte het niet mogelijk eerst het systeem te vervangen. In de bestrijding van de pandemie heeft dit er wel toe geleid dat bepaalde zaken in het begin relatief veel inspanning hebben gevraagd en er een groter risico was, dan wanneer sprake was van een goed werkend ICT-systeem. De datadiefstal die op landelijk niveau heeft plaatsgevonden is hiervan een voorbeeld.
Versie: 2 juni 2021
Overzicht vragen en antwoorden webinars GGD Zeeland (10 mei, 17 mei, 19 mei en 26 mei 2021) NR.
Onderwerp
Vraag
Antwoord Voor de bestrijding en het inzicht in de pandemie kan worden geconcludeerd dat het verschil had gemaakt wanneer de ICT-systemen wel direct op orde waren.
5
Covid-19
Welke inzichten heeft de bestrijding van de coronapandemie opgeleverd?
De bestrijding van de coronapandemie toont aan dat het waakvlamniveau van de GGD onder druk staat. In het belang van een gezond en veilig leven in Zeeland (op korte en lange termijn) is het noodzakelijk een stevig fundament te hebben en dit in stand te houden. Dit geldt voor Infectieziektebestrijding maar zeker ook in de breedte voor preventie ten behoeve van de publieke gezondheid. Binnen de GGD, maar ook landelijk, wordt daarom ingezet op het verstevigen van de infectieziektebestrijding, een solide basis voor de preventie infrastructuur en de verdere optimalisatie van de crisisorganisatie (incl. partners). De coronapandemie heeft daarnaast tot meer samenwerking geleid tussen vele zorginstellingen, ziekenhuizen en hun labs, Veiligheidsregio Zeeland, gemeenten en de GHOR. Deze samenwerking heeft meerwaarde en wordt na de pandemie gecontinueerd.
6
Covid-19
Versie: 2 juni 2021
Zijn er normtijden voor bron- en contactonderzoek? En worden deze ook gehaald in Zeeland?
Voor bron- en contactonderzoek zijn normtijden vastgesteld. Deze normtijden worden door GGD Zeeland in meer dan 95% van de gevallen behaald.
Overzicht vragen en antwoorden webinars GGD Zeeland (10 mei, 17 mei, 19 mei en 26 mei 2021) NR.
Onderwerp
Vraag
Antwoord
7
Covid-19
Is bekend hoe hoog het percentage is dat zich niet wilt laten vaccineren?
In Zeeland is het vaccinatiepercentage vergelijkbaar met het landelijke percentage. De gemeenten Reimerswaal en Tholen blijven net als bij het Rijksvaccinatieprogramma iets achter. Dit heeft onder andere te maken met de bevolkingssamenstelling in beide gemeenten. De inwoners van deze gemeenten zijn jonger dan gemiddeld in Zeeland, waardoor momenteel nog een kleiner aandeel van de bevolking gevaccineerd is. De GGD volgt dit nauwgezet. Op dit moment kunnen nog geen uitspraken worden gedaan over het percentage dat zich niet wil laten vaccineren. In de categorie 70 -79 jaar is de gemiddelde vaccinatiegraad in Zeeland circa 80%. In deze groep is het vaccineren inmiddels afgerond en dit geeft daardoor een goed beeld. De gemiddelde vaccinatiegraad voor 18+ in medio mei is circa 25%. Wanneer het vaccineren van de doelgroep 18+ is afgerond kan pas duidelijkheid worden gegeven over de vaccinatiegraad bij deze groep.
8
Covid-19
Versie: 2 juni 2021
Kunnen mensen na een vaccinatie nog corona krijgen?
Na vaccinatie is besmetting nog steeds mogelijk, de kans om ernstig ziek te worden is veel kleiner omdat mensen beter beschermd zijn tegen het virus. Het beeld is momenteel dat mensen die gevaccineerd zijn zelden in het ziekenhuis en op de IC terecht komen.
Overzicht vragen en antwoorden webinars GGD Zeeland (10 mei, 17 mei, 19 mei en 26 mei 2021) NR.
Onderwerp
Vraag
Antwoord
9
Covid-19
Welke info krijgt de burgemeester m.b.t. tot waar Covid besmettingen zijn vastgesteld (bv. in welke kern) en welk instrumentarium heeft een burgemeester om in te grijpen waar door gedrag het aantal besmettingen hoog is?
De burgemeesters worden wekelijks in het regionaal beleidsteam (RBT) geïnformeerd over ontwikkelingen m.b.t. Covid-19. De voorzitter van de Veiligheidsregio is voorzitter van dit overleg. De Directeur Publieke Gezondheid geeft een beeld op het gebied van zorg continuïteit, besmettingen, vaccinaties. Dit beeld beperkt zich tot het beeld van Zeeland en op gemeentelijk niveau. Tijdens het RBT wordt geen informatie gegeven op kern-niveau. Wel ontvangen de burgemeesters separaat informatie over clusters van besmettingen in bijvoorbeeld scholen, verzorgingstehuizen. De burgemeester kan als burgervader/ burgermoeder zijn of haar steun laten blijken bij besmettingen en clusters. De achterliggende periode hebben de Zeeuwse burgemeesters dit ook regelmatig gedaan. Sinds 1 december 2020 is de Tijdelijke wet maatregelen Covid-19 (Twm) van kracht. Vanaf die datum is een aantal bevoegdheden, die eerder bij de voorzitter van de Veiligheidsregio waren belegd vanuit de GRIP 4 situatie, teruggegaan naar de burgemeester. Bijvoorbeeld of bepaalde evenementen wel/niet zijn toestaan en het bepalen of mensen in quarantaine moeten.
Versie: 2 juni 2021
Overzicht vragen en antwoorden webinars GGD Zeeland (10 mei, 17 mei, 19 mei en 26 mei 2021) NR.
Onderwerp
Vraag
Antwoord De burgemeesters worden door de GGD geadviseerd over het risico voor de volksgezondheid en of er sprake is van een risico voor infectieziektebestrijding.
10
Covid-19
Wat is de impact van Covid-19 op de werkzaamheden van De werkzaamheden van Veilig Thuis hebben tijdens de Veilig Thuis? Zijn deze uitgevoerd? pandemie doorgang gevonden. Er is meer digitaal gewerkt en in het begin van de pandemie is een klein vast crisisteam op huisbezoek gegaan, daarna zijn de huisbezoeken, vanuit de cruciale beroepsgroep, weer opgestart met inachtneming de RIVM-richtlijnen. Sinds de coronamaatregelen van kracht zijn heeft Veilig Thuis meer en andersoortige adviesvragen ontvangen. Er is een toename in adviesvragen vanuit de omgeving (buurtbewoners) en vragen betreffende omgangsregelingen omtrent scheidingen.
11
Covid-19
De GGD-en zitten landelijk onder het waakvlamniveau. Er is onvoldoende geld beschikbaar. Dient het Rijk meer geld beschikbaar te stellen omdat het een landelijk probleem betreft?
Het is belangrijk dat na de crisis een evaluatie van de bestrijding van Covid-19 plaatsvindt met conclusies en aanbevelingen voor toekomstige financiering en governance rondom infectieziektebestrijding. In mei 2020 hebben de 25 DPG’en samen met GGD GHOR Nederland ten behoeve van de formatie van een nieuw Kabinet gezamenlijk een brief gezonden aan de informateur.
Versie: 2 juni 2021
Overzicht vragen en antwoorden webinars GGD Zeeland (10 mei, 17 mei, 19 mei en 26 mei 2021) NR.
Onderwerp
Vraag
Antwoord Hierin wordt onder andere nadrukkelijk aandacht gevraagd voor een structurele investering van 600 miljoen euro in herstel en versteviging van het fundament van de publieke gezondheidszorg, inclusief infectieziektebestrijding.
12
Begroting 2022
Wat heeft de GGD zelf al gedaan om het begrotingstekort te voorkomen?
Het begrotingstekort wordt in zijn geheel veroorzaakt door exogene (niet beïnvloedbare) factoren in de loonkostenstijging (verhoging CAO, pensioenlasten en ziektekostenlasten), omdat de VZG-norm niet voldoende is om deze loonkostenstijgingen te dekken. De begeleidingscommissie heeft in haar advies benoemd dat de GGD “niet zoveel knoppen heeft om aan te draaien“ als bijvoorbeeld een gemeente die een grotere diversiteit aan beleidsterreinen kent. De VZG-norm is al een aantal jaren niet toereikend en de afgelopen jaren heeft de GGD zelf al diverse bezuinigingen doorgevoerd, zo is in 2019 een taakstelling opgenomen. Maatregelen die hierop genomen zijn onder meer verlaging van ziekteverzuim en verlagen van de externe inkoop/inhuurkosten. Tevens zijn de reserves ingezet bij begrotingswijzigingen met incidentele kosten. Hiermee is er geen ruimte meer binnen de begroting om deze tekorten op te lossen.
Versie: 2 juni 2021
Overzicht vragen en antwoorden webinars GGD Zeeland (10 mei, 17 mei, 19 mei en 26 mei 2021) NR.
Onderwerp
Vraag
Antwoord Verder bezuinigen zal het fundament van de publieke gezondheid voor de inwoners van Zeeland verder verschralen, omdat dan keuzes moeten worden gemaakt in (het ambitieniveau van) het wettelijke takenpakket. Voor de doorontwikkeling van de interne beheersing zijn vier werkgroepen (formatie en bezetting, beleid en begroting, overhead en taakstelling 2019) gestart.
13
Begroting 2022
Het structurele tekort loopt op t/m 2024. In 2025 lijkt deze terug te lopen? Wat is hiervan de oorzaak.
Dit wordt veroorzaakt door het teruglopen van de afschrijvingslasten, omdat de MRU-bus (de mobiele unit die voor tbc-bestrijding wordt ingezet) in 2025 is afgeschreven.
14
Begroting 2022
Is het mogelijk om geen structurele loonstijging toe te passen?
De GGD dient voor de loonstijging de Cao te volgen. Voor 2021 is nog geen nieuwe Cao vastgesteld. Dit levert een extra risico op voor de begroting 2022 en verder.
15
Begroting 2022
Is in de begroting rekening gehouden met jaarlijks vaccineren voor Covid-19?
In de begroting van GGD Zeeland is hier niet in voorzien. De GGD gaat ervan uit dat dit, net als bij de huidige vaccinatiestrategie, via het Rijk wordt gefinancierd.
16
Begroting 2022
Levert samenwerking met VRZ en RUD nog efficiency (lagere kosten) op?
De verkenning naar samenwerking tussen GGD, RUD en VRZ loopt momenteel nog. Het is de verwachting dat een eventuele samenwerking niet leidt tot lagere kosten voor de deelnemers. Mogelijk wel minder-meer kosten op termijn.
Versie: 2 juni 2021
Overzicht vragen en antwoorden webinars GGD Zeeland (10 mei, 17 mei, 19 mei en 26 mei 2021) NR.
Onderwerp
Vraag
Antwoord
17
Begroting 2022
Welke ruimte bieden de reserves om het tekort op te lossen?
De algemene reserve is relatief laag en bedraagt in 2022 circa € 45.000. Daarnaast zijn bestemmingsreserves voor onder andere huisvesting en markttaken. Het betreft een structureel tekort, wat niet blijvend kan en mag worden gedekt door incidentele onttrekkingen aan reserves.
18
Begroting 2022
Hoe worden de resultaten van preventie meetbaar gemaakt?
Door preventie worden toekomstige kosten voor zorg niet gemaakt. Het is echter lastig aan te geven hoeveel kosten niet zijn gemaakt door preventie. Wat wel mogelijk is om bijvoorbeeld het gebruik van alcohol en/of drugs in Zeeland te monitoren en dit af te zetten tegen andere regio’s. Dit gebeurt ook bijvoorbeeld in de gezondheidsmonitors. In de begroting van de GGD zijn doelen opgenomen, waardoor de realisering van deze doelen beter meetbaar wordt gemaakt.