CConstaterende datMiddelburg
Koppel je AI →
Document · PDF

21-104 Bijlage 1. ingekomen stukken commissie MZ

Gemeenteraad 7 juli 2021, gemeente MiddelburgBij agendapunt: Ingekomen stukken gemeenteraad periode 5-2021 (MZ/RM/AB 21-104)17.583 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

19

Begroting 2022

Hoe wordt het vervolgproces over het maken van (bestuurlijke) keuzes vormgegeven?

Indien de gemeentelijke bijdrage niet wordt verhoogd dient de GGD gezamenlijk met de gemeentelijke partners op zoek te gaan naar een wijziging van de huidige beleidskoers. Hierbij zullen andere bestuurlijke keuzes in het ambitieniveau van de (wettelijke) taken tot de mogelijkheden behoren om het structurele begrotingstekort op te lossen.

Versie: 2 juni 2021

Overzicht vragen en antwoorden webinars GGD Zeeland (10 mei, 17 mei, 19 mei en 26 mei 2021) NR.

Onderwerp

Vraag

Antwoord Indien dit aan de orde is zullen ook de raden worden betrokken.

20

Begroting 2022

Is de (financiële) situatie in Zeeland beter, gelijk of slechter in vergelijking tot andere regio’s?

Dit is afhankelijk van het onderwerp. Een kleinere GGD, waaronder Zeeland, loopt eerder tegen haar grenzen aan en is kwetsbaarder in vergelijking tot grotere regio’s. GGD’en als Amsterdam en Rotterdam hebben door hun omvang (aantal inwoners) meer mogelijkheden, meer financiering en daardoor meer slagkracht.

21

Begroting 2022

Gezondheidsverschillen lopen op in Nederland. Geldt dit ook voor Zeeland?

De verwachting is dat de ontwikkelingen in Zeeland in lijn liggen met de landelijke ontwikkelingen. Dit betekent dat de gezondheidsverschillen ook in Zeeland oplopen. GGD Zeeland beschikt echter niet over specifieke cijfers om dit te onderbouwen. De gezondheidsmonitor ouderen en volwassen 2020, waarvan de resultaten deze zomer bekend worden, geeft hier geen antwoord op, omdat hierbij geen uitsplitsing plaatsvindt naar opleiding en inkomen.

22

Begroting 2022

Zijn er gezondheidsverschillen tussen steden en dorpen of bepaalde delen van Zeeland?

Het is van belang om naar de achterliggende oorzaak van gezondheidsverschillen te kijken. Deze zijn voor een (groot) deel het gevolg van ongelijke sociale economische omstandigheden.

Versie: 2 juni 2021

Overzicht vragen en antwoorden webinars GGD Zeeland (10 mei, 17 mei, 19 mei en 26 mei 2021) NR.

Onderwerp

Vraag

Antwoord De onderliggende oorzaken hebben te maken met inkomenssituatie, schulden, opleiding en vaardigheden (denk daarbij ook aan laaggeletterdheid of het niet voldoende Nederlands kunnen spreken/lezen), werksituatie en werkomstandigheden, fysieke omgeving, veiligheid en sociale omgeving. Maar ook met de positie van flexwerkers of nieuwkomers (jongeren en statushouders) op de arbeidsmarkt. De onderliggende oorzaken kunnen verschillend zijn tussen (en binnen) steden en dorpen. Hoe meer onderliggende oorzaken een rol spelen, hoe groter de gezondheidsverschillen kunnen zijn.

23

Begroting 2022

Zijn niet beïnvloedbare factoren de enige redenen van het structureel tekort?

Ja, dit begrotingstekort wordt in zijn geheel veroorzaakt door exogene (niet beïnvloedbare) factoren in de loonkostenstijging (verhoging CAO, pensioenlasten en ziektekostenlasten).

24

Begroting 2022

Binnen preventie zijn meerdere partijen betrokken. Wie is er nu van?

Preventie is een gezamenlijke verantwoordelijkheid. De expertise van betrokken zorgpartners wordt gebundeld om de effectiviteit en efficiency te vergroten. De ontwikkeling van de samenwerking tussen de wijkteams en GGD (Jeugdgezondheidszorg) in het kader van vroeg signalering is hier een voorbeeld van.

Versie: 2 juni 2021

Overzicht vragen en antwoorden webinars GGD Zeeland (10 mei, 17 mei, 19 mei en 26 mei 2021) NR.

Onderwerp

Vraag

Antwoord De Jeugdgezondheidszorg heeft contactmomenten met alle kinderen van 0-19 jaar en hun ouders waarbij de focus ligt op vroegsignaleren en normaliseren. Hierdoor kan in een vroeg stadium worden voorkomen dat jongeren in aanraking komen met jeugdbescherming. Hiervoor is samenwerking op medisch, sociaal en het fysieke domein noodzakelijk.

25

Begroting 2022

Versie: 2 juni 2021

De GGD heeft veel wettelijke taken. Welke keuzes kunnen dan worden gemaakt om het tekort op te lossen?

Niet alle taken die de GGD uitvoert zijn wettelijke taken. Er zijn ook markttaken bij, welke voor een groot deel bijdragen aan dekking van de overhead. Bij de wettelijke taken kan worden gekeken naar de wijze /ambitieniveau van de taakuitvoering. Een zorgpunt hierbij is de uitholling van de kwaliteit van de publieke gezondheid met daarbij het feit dat de voorbereiding op toekomstige (gezondheids)crisis steeds moeilijker wordt.

Aan de informateur Mevrouw M.I. Hamer De Tweede Kamer T.a.v. Bureau Woordvoering Kabinetsformatie Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG

Datum:

25 mei 2021

Kenmerk:

D21-079-AR

Betreft:

Oproep en investeringsagenda GGD’en: 600 miljoen voor herstel en versterking van de publieke gezondheid

Geachte informateur, De GGD’en en GHOR-bureaus staan sinds het begin van de coronacrisis vol in de frontlinie. Gezamenlijk, met onze partners in de keten, hebben we een ongekende operatie neergezet. Iedere Nederlander kan op de GGD rekenen als het gaat om snel en efficiënt testen, traceren en vaccineren. In alle regio’s was en is de Directeur Publieke Gezondheid (DPG) met zijn of haar medewerkers de schakel tussen zorg, openbaar bestuur en veiligheid. Naast deze cruciale rol in de bestrijding van de coronapandemie, staan de GGD’en en GHORbureaus voor een minstens even belangrijke, minder zichtbare publieke taak: het bewaken, beschermen en bevorderen van een gezonde en veilige leefomgeving voor alle Nederlanders. Nu corona de zwaktes in het systeem van publieke gezondheid heeft blootgelegd, is voor alle betrokkenen duidelijk dat een volgend kabinet ook hier voor urgente keuzes staat. En hoewel de coronacrisis nog volop onderwerp van evaluatie is en nog zal zijn, kunnen sommige keuzes niet wachten. Als Directeuren Publieke Gezondheid zien wij vier zaken die hoe dan ook in de komende kabinetsperiode moeten worden geregeld. 1.

Een structurele investering in herstel én versteviging van het fundament van de publieke gezondheidszorg, inclusief infectieziekten bestrijding en de basis van de jeugdgezondheidszorg.

2.

Realiseren van de hoognodige verschuiving van ziekte en zorg, naar gezondheidsbevordering en leefstijl, door te voorzien in een basis preventie infrastructuur in elke regio.

3.

Versterken van de informatievoorziening van en door de publieke gezondheid.

4.

Het opzetten van een robuuste, slagvaardige crisisorganisatie en uitvoeringsinfrastructuur, toegerust en voorbereid op gezondheidscrises (zoals een pandemie).

GGD GHOR Nederland

•

Zwarte Woud 2

•

3524 SJ Utrecht

•

directie@ggdghor.nl

In deze brief gaan we in op de maatregelen en investeringen waartoe het nieuwe kabinet moet besluiten om deze vier zaken geregeld te krijgen. Om er zo voor te zorgen dat de basis van onze publieke gezondheidszorg weer op orde komt. En om er tegelijkertijd voor te zorgen dat Nederland beter is toegerust en voorbereid op de voorzienbare gezondheidsuitdagingen in de nabije toekomst.

Herstel én versteviging van het fundament van de publieke gezondheidszorg Mensen beschermen tegen gezondheidsrisico’s waar ze zelf nauwelijks invloed op hebben is dé kerntaak van de publieke gezondheidszorg en daarmee van de GGD’en. Naast het opsporen en bestrijden van infectieziekten en het vaccineren ter bescherming van individu en samenleving werken de GGD’en en GHOR-bureaus aan een gezonde en veilige leefomgeving, waarbinnen thema’s als luchtkwaliteit, veiligheid en zorgcontinuïteit belangrijk zijn. De DPG is in tijden van crisis en rampen, zoals zichtbaar is tijdens de Coronacrisis, belast met de zorgcontinuïteit in de Veiligheidsregio en zorgt voor verbinding tussen de zorgsector en het openbaar bestuur. Hoewel duizenden GGD’ers naast de coronabestrijding ook dit enorme takenpakket in de lucht hielden, heeft de coronacrisis pijnlijk blootgelegd dat de basis piept en kraakt. Gezondheidsbescherming, als taak neergelegd bij de gemeenten, heeft het te lang verloren van andere budgettaire noden, waardoor GGD’en geleidelijk steeds verder zijn uitgekleed. Op veel plekken in het land is deze overheidstaak te zeer verschraald, wat zich bij de opschaling in de crisis extra deed voelen. Naast een tekort aan voorzieningen, middelen en mensen, nodig om in crisissituaties snel te kunnen opschalen, signaleren we dat de basis op verschillende punten dringend versterking behoeft.

Vooral daar waar de echte basis voor een gezonde en kansrijke start wordt gelegd: in de jeugdgezondheidszorg. Duizenden professionals, merendeels werkzaam bij GGD’en, ervaren dat hier meer nodig is om alle ouders en kinderen eenzelfde basis aan gezondheidsbescherming en ondersteuning te kunnen bieden. Onze professionals zien welke extra hulp nodig is, maar kunnen die alleen bieden wanneer gemeenten ruimte hebben om daarvoor kiezen. Deze facultatieve infrastructuur in de (preventieve) jeugdgezondheidszorg vergroot de risico’s op een ongelijke start, wat de druk op gemeentelijke ondersteuning en jeugdzorg op termijn doet toenemen. Herstel én versterking van het fundament van gezondheidsbescherming is dus dringend geboden. Daarvoor is nodig dat een volgend kabinet fors investeert in het wegwerken van achterstallig onderhoud, over de volle breedte van de publieke gezondheidszorg, als ook structureel investeert in versterking. Concreet gaat het dan om: 

Het vaststellen van een basispakket met gezondheidsbeschermende maatregelen waarop alle Nederlanders kunnen rekenen, ongeacht de gemeente waarin ze wonen.

GGD GHOR Nederland

•

Zwarte Woud 2

•

3524 SJ Utrecht

•

directie@ggdghor.nl

Het landelijk voorzien in structureel budget, toereikend om over de volle breedte van het GGD-takenpakket, de kennis, kunde, menskracht en middelen van elke GGD-regio op orde te brengen.

Extra versterking van de jeugdgezondheidszorg, door landelijk structureel budget veilig te stellen voor het leveren van een integraal pakket aan jeugdgezondheidszorg aan ieder opgroeiend kind, ongeacht de gemeente waarin het woont.

Een extra structurele investering in de gezondheidsbeschermende taken van de GGD’en: 100 miljoen euro voor Infectieziekten bestrijding, 25 miljoen euro voor versterking van het brede GGD-takenpakket (van SOA-bestrijding tot toezicht kinderopvang en van medische milieukunde tot de lijkschouw) en 300 miljoen euro voor versterking van de jeugdgezondheidszorg.

Realiseer de verschuiving van ziekte en zorg naar gezondheidsbevordering en leefstijl Meer aandacht voor gezondheid en preventie was al onomstreden, maar de coronacrisis heeft dit versterkt. Zo lang we de focus niet verleggen naar gezondheid en preventie, in plaats van bijna uitsluitend op ziekte en zorg, dreigen gezondheidsverschillen en ziektelasten alleen maar verder toe te nemen. Het is hoognodig om de goede aanzet van het Nationale Preventieakkoord nu door te zetten en de krachten verder te bundelen. Nu is het moment voor een kabinet om door te pakken met een aanpak die echt inzet op een gezondere samenleving, met meer gezonde levensjaren en lagere maatschappelijke kosten. Naast een blik op een gezonde toekomst is nodig dat er structureel en substantieel wordt geïnvesteerd in een nieuwe, brede en samenhangende aanpak. Met landelijk ambities en een regionale uitvoering. Waarbij landelijke sturing op randvoorwaarden borgt dat meer gezondheid en kansengelijkheid worden ontwikkeld. En waar lokaal en regionaal verantwoordelijkheid wordt genomen om gezondheidswinst te realiseren in en met een netwerk van partijen. GGD’en zijn als vanzelfsprekend betrokken bij de vele gezondheidsarrangementen en preventie initiatieven, lokaal en regionaal.

Het ligt dan ook voor de hand om gezondheidsbevordering ook wettelijk als taak bij de GGD’en te beleggen en ze een coördinerende rol te geven in de regionale infrastructuur. Kortweg zien wij dat het volgende nodig is om de omslag naar meer gezondheid, met meer gezonde mensen en meer gezonde levensjaren, ook echt te gaan maken: 

Creëer structurele niet-vrijblijvende preventie-infrastructuren per regio. Bijvoorbeeld door per GGD-regio gezamenlijke, controleerbare gezondheidsdoelen te stellen. Leg deze aanpak vast in een niet-vrijblijvend meerjarenplan voor het bevorderen van gezondheid in de (sub)regio.

GGD GHOR Nederland

•

Zwarte Woud 2

•

3524 SJ Utrecht

•

directie@ggdghor.nl

Werk de wettelijke basis voor gezondheidsbevordering en de regionale preventieinfrastructuur uit in de Wet Publieke Gezondheidszorg en neem spiegelbepalingen op in aanpalende wetgeving.

Zorg voor structurele financiering van deze regionale preventie-infrastructuur door te voorzien in een regionaal preventiefonds, te vullen vanuit in ieder geval de Rijksoverheid, de zorgverzekeraars en de gemeenten, maar waaraan mogelijk het bedrijfsleven ook bijdraagt. Dit fonds borgt dat preventieactiviteiten structureel mogelijk zijn.

Stel een structureel budget van 50 miljoen euro beschikbaar voor financiering van de GGD-rol in preventie.

Voorzien in landelijke normering voor een basisinfrastructuur en een landelijke programmering, zodat iedere inwoner van Nederland toegang heeft tot dezelfde basis voor een gezond leven.

Investeer in goede data en wetenschappelijk onderzoek voor en modernisering van gezondheidsbevordering, zodat de nieuwste kennis en juiste interventies kunnen worden ingezet om de gezondheidswinst te vergroten.

Versterk de informatievoorziening van en door de publieke gezondheid De fixatie op de ‘dagelijkse cijfers’ in de coronacrisis (of het ontbreken ervan) is illustratief voor de kwetsbaarheid van betrouwbare data en het belang van een goede informatievoorziening. Het heeft ook heel duidelijk gemaakt dat dringend moet worden geïnvesteerd in een betrouwbare, functionele en veilige informatievoorziening. Niet alleen ten behoeve van de effectieve en efficiënte uitvoering van publieke gezondheidstaken door de GGD’en, maar ook in de communicatie en uitwisseling met systemen van externe en landelijke diensten. Informatievoorziening is steeds meer verworden tot een noodzakelijke randvoorwaarde voor het functioneren van de GGD’en, maar ook voor andere organisaties in de zorg- en preventieketen. Naast dat ook hier de basis versterking behoeft, vereist het terrein van de informatievoorziening dat tegelijk ook een sprong voorwaarts wordt gemaakt. Dit om beter te kunnen inspelen op toekomstige ontwikkelingen als AI en e-health-toepassingen. Versterking van de landelijke informatievoorziening van en door de publieke gezondheidszorg vraagt van het nieuwe kabinet: 

Een jaarlijkse investering op Rijksniveau, waardoor een landelijke inrichting van de informatievoorziening mogelijk wordt.

Dat additioneel wordt geïnvesteerd in middelen en ruimte bij de GGD’en, om landelijk en in samenhang met partners in de gezondheidsketen, een landelijke architectuur in te richten en een sterke regie op de informatievoorziening te voeren.

In totaal gaat het om een extra investering van 100 miljoen euro.

GGD GHOR Nederland

•

Zwarte Woud 2

•

3524 SJ Utrecht

•

directie@ggdghor.nl

Stappen voor een robuuste, slagvaardige uitvoerings- en crisisorganisatie GGD’en zijn een stevige crisispartner in de nationale pandemiebestrijding gebleken. De lokale en regionale wortels, als ook de mogelijkheid om vanuit de reguliere taak op te kunnen schalen, is daarbij zowel een sterkte als een zwakte gebleken. Grootste structurele knelpunt in opschaling en uitvoering is, naast het tekort aan mensen en middelen, vooral gelegen in een nationaal onvoldoende uitgewerkte rolverdeling. Coördinatie en regie op inhoud en uitvoering tussen partners en tussen het landelijke en regionale niveau moet beter, zodat meer als één partij kan worden opgetreden. Het is duidelijk dat er werk te doen is om beter voorbereid te zijn op een volgende gezondheidscrisis. Voor een slagvaardige crisisorganisatie is daarom nodig dat het nieuwe kabinet met spoed beslist tot: 

Een bindende opdracht voor uitwerking van een robuuste crisisinfrastructuur, met landelijk vastgelegde structuren en middelen, gezamenlijk uit te werken spelregels en helder vast te leggen bestuurlijke lijnen.

Een wettelijke grondslag voor landelijke coördinatie bij gezondheidscrises, die vanwege de gewenste verwevenheid met de inhoudelijk-deskundige lijn, meest logisch bij het RIVM kan worden belegd.

GGD’en en RIVM te voorzien van ruimte, middelen en mandaat om de benodigde organisatie en ondersteuning, als ook de onderlinge relatie in gezondheidscrises, verder te ontwikkelen en uit te werken.

Voor het versterken en landelijk aansluiten van de GGD-crisisinfrastructuur een structureel bedrag van 25 miljoen euro te reserveren.

Tot slot Het klinkt logisch. We investeren in dijken om droge voeten te houden, in onderwijs voor de beste kansen voor onze kinderen, in goede zorg voor wanneer we ziek worden. Allemaal collectieve zaken waar we nu in investeren, om grotere ellende op langere termijn te voorkomen. Toch hebben we dit verzaakt op het terrein van de publieke gezondheidszorg. Om grotere ellende te voorkomen en om beter te zijn voorbereid op toekomstige gezondheidscrises moeten we het fundament dringend herstellen en versterken. Dat duldt geen uitstel meer. Voor de publieke gezondheid is een forse structurele investering uit de Rijksbegroting nodig. Voor de investeringsagenda die wij als Directeuren Publiek Gezondheid hier aanreiken, is een extra jaarlijkse investering nodig van minimaal 600 miljoen euro. Deze investeringsagenda wordt ondersteund door alle voorzitters van de GGD-besturen die de Bestuurlijke Adviescommissie Publieke Gezondheid vormen.

GGD GHOR Nederland

•

Zwarte Woud 2

•

3524 SJ Utrecht

•

directie@ggdghor.nl

Met deze dringende investeringen zorgt het nieuwe kabinet in de eerste plaats voor meer mensen in de publieke gezondheidszorg: artsen, epidemiologen, milieudeskundigen, informatietechnologen en al die andere professionals die we de komende jaren hard nodig gaan hebben. Maar naast deze budgettaire stappen, vragen we dat een kabinet ook bestuurlijk en organisatorisch de stappen zet die wij in deze brief benoemen. Stappen waardoor er ruimte komt voor het inzetten op meer gezondheid voor alle Nederlanders. Ruimte om vanuit de lokale en fijnmazige professionele basis die GGD’en hebben, snel orde op zaken te kunnen stellen. En om recht te doen aan de uitvoering van onze belangrijke publieke taak: het bewaken, beschermen en bevorderen van de gezondheid en veiligheid van en voor alle Nederlanders.

Namens de 25 Directeuren Publieke Gezondheid,

André Rouvoet Voorzitter GGD GHOR Nederland

Hugo Backx

Nicolette Rigter

Algemeen directeur

Directeur Corona Projectorganisatie

GGD GHOR Nederland

GGD GHOR Nederland

GGD GHOR Nederland

•

Zwarte Woud 2

•

3524 SJ Utrecht

•

directie@ggdghor.nl

Webinar Zeeuwse gemeenteraden

Impact COVID-19 op GGD Zeeland &

Programmabegroting 2022-2025 van gemeenschappelijke regeling Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Zeeland (onderdeel GGD) ‘Samen werken aan gezonder en veiliger leven in Zeeland!’

Webinar Zeeuwse gemeenteraden

Programma 19.30 – 19.35 uur:

Inleiding

19.35 – 19.50 uur:

Impact COVID-19 op GGD Zeeland

19.50 – 20.15 uur:

Vragen?

20.15 – 20.20 uur:

PAUZE

20.20 – 20.35 uur:

Programmabegroting 2022-2025

20.35 – 20.55 uur:

Vragen?

20.55 – 21.00 uur:

Afsluiting

Webinar Zeeuwse gemeenteraden

Programma 19.30 – 19.35 uur:

Inleiding

19.35 – 19.50 uur:

Impact COVID-19 op GGD Zeeland

19.50 – 20.15 uur:

Vragen?

20.15 – 20.20 uur:

PAUZE

20.20 – 20.35 uur:

Programmabegroting 2022-2025

20.35 – 20.55 uur:

Vragen?

20.55 – 21.00 uur:

Afsluiting

Coronacrisis – Covid-19

Grieppandemie kwam niet als verrassing

Impact COVID-19 op GGD Zeeland 1. Impact op organisatie > belang robuuste GGD 2. Impact op programmabegroting > inhoudelijke keuzes 3. Impact op kosten > Covid-kosten gefinancierd door VWS

4. Impact op governance > GRIP-4 brengt vz VR in positie

Impact COVID-19 op GGD Zeeland

• > 250.000 uitgevoerde • 600 medewerkers COVID-19 • Bron- en testen contactonderzoek • Capaciteit: 3.850 per dag • 7 testlocaties binnen normtijd: > 95% • Testvraag: 10.000 per week • 4 vaccinatielocaties • Aantal besmettingen: 27.000 • 100.000 telefoontjes

Impact COVID-19 op GGD Zeeland

• 100.000 prikken gezet • Prognose: naar 38k per week • Aandeel in Zeeland: 75% • Gemiddeld gevacc. 18+ = 25% • Gemiddeld gevacc. 70-79 = >80%

• Epi’s • THZ • Clusters

• BTZ • TTZ • ZMB • GHOR (CTZ) • ROAZ

GGD'en onder waakvlamniveau: Onvoldoende geld voor: • Gezondheidsbescherming • ICT-infrastructuur

• Monitoring Gevolg: gezond en veilig leven in Zeeland onder druk (op korte en lange termijn):

• Vertraging in opschaling bij infectieziekte uitbraak • IT risico’s • Niet proactief handelen op basis van monitoring

Effect bezuinigingen op GGD’en

Vragen?

Webinar Zeeuwse gemeenteraden

Programma 19.30 – 19.35 uur:

Inleiding

19.35 – 19.50 uur:

Impact COVID-19 op GGD Zeeland

19.50 – 20.15 uur:

Vragen?

20.15 – 20.20 uur:

PAUZE

20.20 – 20.35 uur:

Programmabegroting 2022-2025

20.35 – 20.55 uur:

Vragen?

20.55 – 21.00 uur:

Afsluiting

Begroting 2022-2025: Alles voor een gezond Zeeland! • Betrokkenheid gemeenteraden & Gemeenschappelijke regeling Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Zeeland • Programmabegroting – Wat doet GGD Zeeland voor alle gemeenten? • Preventie; iedereen is er vóór, wie is er ván?

• Financiën 2022 op hoofdlijnen • Programmabegroting 2022-2025 vraagt om bestuurlijke keuzes

Betrokkenheid gemeenteraden Wat • Planning & Control cyclus

Hoe • Formeel aanbieden van stukken voorzienswijze bijv. Begroting(s) wijzigingen

Meer verbinden? • GR Academy • Informatiebrief gemeenteraden • Op verzoek van de Raad • Raadsklankbordgroepen

Gemeenschappelijke Regeling Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Zeeland

Begroting 2022-2025: Alles voor een gezond Zeeland! • Betrokkenheid gemeenteraden & Gemeenschappelijke regeling Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Zeeland • Programmabegroting – Wat doet GGD Zeeland voor alle gemeenten? • Preventie; iedereen is er vóór, wie is er ván?

• Financiën 2022 op hoofdlijnen • Programmabegroting 2022-2025 vraagt om bestuurlijke keuzes

Programmabegroting - Waar is GGD Zeeland van? Wet op de publieke gezondheid Missie: Samen werken aan een gezonder en veiliger Zeeland! Visie: Positieve gezondheid als basis

Programmalijnen: • Gezondheid in de wijk • Fysieke veiligheid & bescherming • Sociale veiligheid • Veilig Thuis • Gezondheidsbescherming • Gezondheidsbewaking • Gezondheidsbevordering

Wat doet de GGD voor alle gemeenten?

Website speciaal gericht op gemeenten en andere professionele stakeholders

https://www.activiteitenggdzeeland.nl

Wat doet de GGD voor alle gemeenten?

Positieve Gezondheid is een samenspel ‘Gezondheid als het vermogen om je aan te passen en je eigen regie te voeren, in het licht van de sociale, fysieke en emotionele uitdagingen van het leven’ (Machteld Huber)

Samengevat: gezondheidsbevordering is samenspel van het medische, sociale en fysieke domein.

Begroting 2022-2025: Alles voor een gezond Zeeland! • Betrokkenheid gemeenteraden & Gemeenschappelijke regeling Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Zeeland • Programmabegroting – Wat doet GGD Zeeland voor alle gemeenten? • Preventie; iedereen is er vóór, wie is er ván?

• Financiën 2022 op hoofdlijnen • Programmabegroting 2022-2025 vraagt om bestuurlijke keuzes

Preventie: iedereen is er vóór, wie is er ván? • Covid-19 laat belang zien van een gezonde basis voor weerbaarheid en veerkracht

+ • We lopen, ook in Zeeland, tegen de grenzen van de zorg aan; we “vergrijzen en ontgroenen” • De gezonde basis verdient aandacht: focus van ziekte en zorg naar gezondheid en gedrag

Preventie: iedereen is er vóór, wie is er ván? Ter illustratie (landelijk beeld): • Vaccinatiegraad Zeeland onder landelijk gemiddelde • % overgewicht in NL stijgt van 50% naar 60% in 2040 • Rokers leven gemiddeld 13 jaar korter • Gezondheidsverschillen lopen op • 30% van de ziekten worden (mede) veroorzaakt door gedrag & omgeving • In 2040 heeft ruim 50% minimaal één chronische aandoening • In 2040 ziektelast grotendeels veroorzaakt door kanker, hart- en vaatziekten en psychische stoornissen

Het begint bij een gezonde en veilige basis • Gezond en veilig leven, opgroeien & ouder worden begint met een goede start. • Wat betekent GGD voor de inwoners van Zeeland?

• Vroegsignaleren en versterken eigen kracht “in de GGD genen”, preventie is waar we voor staan, ons fundament • Voor alle Zeeuwen, ook de kwetsbaren • Medisch en steeds meer op gedrag/leefstijl • Expertise en slagkracht door Zeeuwse schaal

Begroting 2022-2025: Alles voor een gezond Zeeland! • Betrokkenheid gemeenteraden & Gemeenschappelijke regeling Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Zeeland • Programmabegroting – Wat doet GGD Zeeland voor alle gemeenten? • Preventie; iedereen is er vóór, wie is er ván?

• Financiën 2022 op hoofdlijnen • Programmabegroting 2022-2025 vraagt om bestuurlijke keuzes

Financiën 2022 - baten op hoofdlijnen

Financiën 2022 - primaire processen op hoofdlijnen

Overhead gewijzigde begroting 2020 Lasten:

6.666 K

Baten: - 366 K Benchmark 2019 laat een overheadpercentage voor finance/control, P&O én management zien van: Landelijk gemiddelde GGD ‘en in Nederland: Overhead GR Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Zeeland, inclusief IJZ: Overhead GR Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Zeeland, exclusief IJZ:

Gerealiseerd 2020 6.793 K

- 403 K

7,31 % 6,3 % 5,67%

Structureel begrotingstekort € 371.000

Begrotingstekort veroorzaakt door exogene (niet beïnvloedbare) factoren: • CAO • ABP • Ziektekostenverzekering

Structureel begrotingstekort € 371.000 • Exploitatie lasten bij de GGD bestaan voor 77% uit personeelslasten • Grafiek laat zien dat financieel meerjaren perspectief niet gezond is RISICO • CAO loopt tot 1 januari 2021 • Nieuwe CAO hogere looneisen > oplopend tekort

Begroting 2022-2025: Alles voor een gezond Zeeland! • Betrokkenheid gemeenteraden & Gemeenschappelijke regeling Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Zeeland • Programmabegroting – Wat doet GGD Zeeland voor alle gemeenten? • Preventie; iedereen is er vóór, wie is er ván?

• Financiën 2022 op hoofdlijnen • Programmabegroting 2022-2025 vraagt om bestuurlijke keuzes

Acties GGD Zeeland • Taakstelling 2019 • Beïnvloeding ziekteverzuim • Verlaging externe inhuur, incl. externe advisering • Aanspreken reserves voor incidentele verbeteringen • Doorontwikkeling interne beheersing: Werkgroepen (Formatie en bezetting, Beleid en begroting, Overhead en Taakstelling 2019)

➢ Begrotingstekort noodzaakt bestuurlijke keuzes!

Begrotingstekort noodzaakt bestuurlijke keuzes • Ontwikkelingen en uitdagingen op zorg(continuïteit) Zeeland • Een gezonde en veilig basis is het fundament voor gezondheid en vitaliteit van alle Zeeuwen, verder bezuinigen raakt dit fundament; investeer aan de voorkant • Bezuinigen op programmabegroting 2022 raakt dit fundament (dat voor een deel al “onder waakvlamniveau” is gekwalificeerd) • Beroep op bestuurders: VZG-norm is al jaren ontoereikend, loslaten om strategische (lange termijn) redenen

Financiële situatie Zeeuwse gemeenten

Begrotingstekort noodzaakt bestuurlijke keuzes

Programmabegroting vraagt om: herziening gemeentelijke bijdrage óf

Keuzes door raden en bestuur op het basis takenpakket van de GGD

Vragen?

Afsluiting

Bedankt voor uw aandacht

Het college van Burgemeester en Wethouders gemeenteraad van de gemeente Middelburg Postbus 6000 4330 LA MIDDELBURG

VERZONDEN

2 8 MEI 2021

UW BRIEF VAN

UW KENMERK

ONS KENMERK

DATUM

1312886

28 mei 2021

BEI IANDCLD DOOR

ESbZUbKAUKfcS

TELEFOON

BIJLAGEN

A. van der Reest

Paul Krugerstraat 1

0118-487308

ONDERWERP

Ontwikkelagenda Sociaal Domein en Uitvoeringsprogramma 2021-2022

Geacht college, geachte raad, De gemeente Vlissingen heeft de afgelopen periode in de Ontwikkelagenda Sociaal Domein de gewenste situatie in het sociaal domein richting het jaar 2023 en verder geformuleerd en vastgesteld. We willen u met deze brief en bijlagen graag informeren over deze gewenste situatie en welke keuzes hierbij zijn gemaakt. Op 8 juli 2020 is de Ontwikkelagenda Sociaal Domein tot en met het onderdeel ‘doelstellingen' door onze gemeenteraad vastgesteld. Dit deel van de Ontwikkelagenda beschrijft de gewenste situatie. De doelstellingen van de Ontwikkelagenda Sociaal Domein en de verbetervoorstellen in het Plan van Aanpak Artikel 12 zijn vertaald in targets: concrete, meetbare doelen. De gemeenteraad heeft op 28 januari 2021 ook het hoofdstuk ‘targets’ vastgesteld. Als we deze targets hebben bereikt, hebben we de eerste stappen op weg naar de gewenste situatie gezet. De vastgestelde Ontwikkelagenda Sociaal Domein van de gemeente Vlissingen is voor u bijgevoegd. Het college van B&W van de gemeente Vlissingen heeft vervolgens het Uitvoeringsprogramma Ontwikkelagenda Sociaal Domein 2021-2022 vastgesteld. In dit uitvoeringsprogramma beschrijft het college welke inspanningen verricht gaan worden om de targets te realiseren. Daar waar nodig en mogelijk zijn de inspanningen voorzien van een eindpunt, zodat duidelijk is wanneer welke inspanning afgerond moet zijn.

Ook zijn er kritische prestatie indicatoren (KPI’s) benoemd om te monitoren of er voortgang wordt gerealiseerd. In het Uitvoeringsprogramma Ontwikkelagenda Sociaal Domein 2021-2022 zijn alle inspanningen en KPI's voor de nabije toekomst bij elkaar gebracht en inzichtelijk gemaakt. Uitvoering verloopt via het Plan van Aanpak artikel 12 en de reguliere taakuitvoering van de gemeente Vlissingen. Het vastgestelde uitvoeringsprogramma en de bijlagen ontvangt u hierbij. De gemeente Vlissingen zet zich de komende periode actief in om de hiervoor genoemde targets en KPI’s te realiseren met ingang van de gestelde streefdata. Alle relevante

POSTBUS 3000, 4380 GV VLISSINGEN TELEFOON 0118-487000 EMAIL GEMEENTE@VLISSINGEN.NL FAX 0118-410218 IBAN: NL36BNGH0285008889 BIC: BNGHNL2G

elementen van de genoemde onderdelen worden daarbij eerst specifiek onderzocht, in kaart gebracht en nader uitgewerkt. We hopen u hiermee voldoende geïnformeerd te hebben.

Hoogachtend, burgemeester en wethouders van Vlissingen, namens het college, de teamleider van het team Sociaal,

P. Roodenburg

Blad 2 behorend bij 1214077

ONTWIKKELAGENDA SOCIAAL DOMEIN: Op weg naar een inclusief Vlissingen

Inhoudsopgave Inleiding.....................................................................................................................................3 Traject en methode...................................................................................................................5 Doelenboom............................................................................................................................. 7 Visie Vlissingen: de strategische lange termijn....................................................................... 8 Kern van de zaak......................................................................................................................9 Kritische succesfactoren (KSF).............................................................................................10 Doelstellingen.........................................................................................................................

11 Targets....................................................................................................................................13 Noodzakelijke verandering 1:I erugdringen van het aantal aanvragen voor individuele maatwerkvoorzieningen.................................................................................................14 Noodzakelijke verandering 2: Doelmatiger en doeltreffender inzetten van individuele voorzieningen (kortdurend, resultaatgericht)................................................................ 16 Noodzakelijke verandering 3: Een gezonde financiële balans binnen het Sociaal Domein realiseren.......................................................................................................... 18 Noodzakelijke verandering 4: Gemeente Vlissingen als opdrachtgever, meer nadruk op sturing, verantwoording en integraal werken.......................................................... 19 Noodzakelijke verandering 5: Zorgen voor een andere manier van denken en werken door inwoners, professionals en de gemeente Vlissingen gericht op de gewenste situatie............................................................................................................................21

ONTWIKKELAGENDA SOCIAAL DOMEIN: Op weg naar een inclusief Vlissingen

2

Inleiding Voor u ligt de Ontwikkelagenda Sociaal Domein Vlissingen. In deze Ontwikkelagenda schetsen we de gewenste situatie in het sociaal domein in Vlissingen richting het jaar 2023 en verder. De Ontwikkelagenda is de beleidsnota sociaal domein. Hiermee stelt de gemeenteraad de kaders voor uitvoering binnen het brede sociaal domein vast. Onder de term ‘sociaal domein’ verstaan we alle inspanningen die de gemeente verricht rond werk, participatie en zelfredzaamheid, zorg en jeugd, op basis van de Wmo 2015, de Participatiewet, Jeugdwet, de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening en de nieuwe Wet inburgering. In de ruime, integrale zin van het woord vallen onder ‘sociaal domein’ ook alle aanverwante taken, zoals handhaving bij leerplicht, het voorkomen van vroegtijdig schoolverlaten, passend onderwijs, leerlingenvervoer, de reguliere en bijzondere bijstand, schuldhulpverlening en (jeugd)gezondheidzorg. Het uiteindelijke doel is ondersteuning te kunnen blijven bieden aan de inwoners van Vlissingen die dit nodig hebben en de ondersteuning te financieren binnen de middelen die we daarvoor van het rijk ontvangen. Het huidige systeem is niet toekomstbestendig en niet langer betaalbaar. Met de toenemende vraag, de stijgende kosten en de krapte op de arbeidsmarkt ligt er een enorme uitdaging. Er zullen andere keuzes gemaakt moeten worden.

Juist omdat de tekorten op het sociaal domein op dit moment al zo groot zijn, ligt er tegelijkertijd een opdracht van de artikel 12-inspecteur om met grote bezuinigingsvoorstellen te komen. Daarvoor is het ‘Plan van Aanpak artikel 12’ ontwikkeld. De Ontwikkelagenda Sociaal Domein en het Plan van Aanpak artikel 12 geven samen vorm aan de dóórontwikkeling van het sociaal domein. Met het vaststellen van de Ontwikkelagenda Sociaal Domein bepaalt de raad de kaders waarbinnen het college de dóórontwikkeling vormgeeft. Het Plan van Aanpak artikel 12 heeft meer zeggingskracht als het gedragen wordt door beleidskaders die in de Ontwikkelagenda zijn vastgesteld. De kaders van de Ontwikkelagenda bepalen de ruimte waarbinnen keuzes gemaakt kunnen worden en geven richting aan uit te voeren acties. Het Plan van Aanpak reikt instrumenten, acties en processen aan voor de uitvoering, steeds gericht op de meest efficiënte en effectieve aanpak. De Ontwikkelagenda en het Plan van Aanpak artikel 12 zijn daarom onlosmakelijk verbonden. Om daadwerkelijk toekomstbestendig te worden, zal op een aantal punten een wezenlijk andere (lees vernieuwende aanpak) ontwikkeld moeten worden. Hierbij is het noodzakelijk dat er creatief, innovatief, integraal en flexibel gewerkt kan worden. Meebewegend met de vraag en buiten de gebaande paden. Om deze beweging vorm te geven hebben we nieuwe kaders nodig.

Deze kaders worden in dit document beschreven. Om ons doel te bereiken is het niet alleen nodig integraal te werken binnen het sociaal domein, maar ook met andere domeinen, zoals het fysieke domein. Aspecten als gezondheid, veiligheid, onderwijs, woningvoorraad en zelfredzaamheid hebben ook een fysieke vertaling daarvoor zullen we in de Omgevingsvisie aandacht hebben. De samenhang tussen de verschillende domeinen is van essentieel belang om een oplossing te vinden voor de (sociale en fysieke) opgaven die er liggen.

ONTWIKKELAGENDA SOCIAAL DOMEIN: Op weg naar een inclusief Vlissingen

3

In het vervolg van dit document schetsen we het traject dat we doorlopen hebben en de ingezette methode, daarna schetsen we de visie van de gemeente Vlissingen, de kern van de zaak, kritische succesfactoren en doelstellingen. Tot slot vertalen we de doelstellingen in targets. Targets als concrete meetbare doelen op weg naar de gewenste situatie. In het uitvoeringsprogramma, dat vastgesteld wordt door het college, wordt beschreven welke concrete maatregelen, projecten en andere inspanningen ingezet worden en voorzien van een tijdslijn wanneer wat gerealiseerd moet zijn.

ONTWIKKELAGENDA SOCIAAL DOMEIN: Op weg naar een inclusief Vlissingen

4

Traject en methode Op 20 december 2018 heeft de gemeenteraad van Vlissingen de ‘‘Visie en Ambities op het Sociaal Domein” vastgesteld. Deze visie en ambities moeten worden uitgewerkt in een zogenoemde Gewenste situatie. Het college heeft een knip gemaakt ten aanzien van de lokaal gewenste situatie als opdracht voor de lokale toegang Wmo en Jeugd per 1 januari 2020 (fase 1) en de gewenste situatie als meerjarige Ontwikkelagenda Sociaal Domein voor na 2020 (fase 2). Op 28 februari 2019 heeft de gemeenteraad de gewenste situatie als inhoudelijke opdracht voor de lokale toegang per 1 januari 2020 vastgesteld (fase 1).

Gewenste VJtUitl#

112020 HuKjif?

WHke doorontwtUrfanf wensen we wanneet getenteerd hebben» (korte en langere termijn)

UtuJt*

1 1-2019 tn»ioudeti{kr opdracht

totfing Vlttungen

Het totale proces van fase 2 bestaat uit de volgende stappen: 1. Deskresearch ten aanzien van actuele en toekomstige context: a. analyse van actuele feiten, cijfers en ontwikkelingen; b. resultaten samenvatten in factsheets voorzien van vragen en dilemma’s; 2. Gespreksronden met verschillende stakeholdersgroepen voor het brengen en halen van informatie op basis van kennis en expertise of deskundigheid van de stakeholders. 3. Formuleren van de concept Ontwikkelagenda en inspraakprocedure. 4. Vaststellen Ontwikkelagenda tot en met doelstellingen door de gemeenteraad. 5. Formuleren integrale targets (inclusief wettelijke vereisten voor beleidsplannen) en inspraakprocedure. 6. Vaststellen integrale (beleids) targets door de gemeenteraad. 7. Uitwerken in Meerjaren Uitvoeringsprogramma. 8. Vaststellen Meerjaren Uitvoeringsprogramma door het college. Deze Ontwikkelagenda is de beschrijving van de Gewenste situatie 2023 en verder. Uit het deskresearch is naar voren gekomen welke kenmerken de gemeente Vlissingen heeft. Het gaat hierbij om kenmerken van inwoners, maar ook om financiële gegevens, de omvang van de vraag naar ondersteuning en de structuur van het veld waarin men werkt. Dit is ook gedeeld met stakeholders. ONTWIKKELAGENDA SOCIAAL DOMEIN: Op weg naar een inclusief Vlissingen

Tijdens de stakeholdersbijeenkomsten is aan de experts in het veld gevraagd hoe zij hun werkveld zien, tegen welke problemen zij aanlopen en welke mogelijke oplossingen er zijn om het veld beter in te richten zodat we een overzichtelijk speelveld hebben waar de inwoners hun weg weten te vinden, organisaties eikaars expertise benutten en de verhoudingen duidelijk zijn. De financiële noodzaak is duidelijk gemaakt, maar dit mag geen beperking zijn wanneer nagedacht wordt over de toekomst. Er is gevraagd creatief en out of the box te denken. Om de visie en ambities te vertalen naar concrete acties waarmee we de visie en ambities kunnen bereiken is gekozen voor het gebruik van een strategieboom, ook wel doelenboom genoemd. In de Ontwikkelagenda worden de visie en ambities steeds concreter geformuleerd tot het niveau van meetbare doelstellingen, oftewel targets. In dit document wordt de Ontwikkelagenda tot en met doelstellingen ter vaststelling aangeboden aan de gemeenteraad. Hiermee worden de kaders bepaald voor het vervolg. In het Uitvoeringsprogramma wordt uitgewerkt welke prioriteiten we aanbrengen, wat wc wanneer realiseren, welke acties en projecten daarbij horen, welke indicatoren de verbeteringen sturen en wie ervoor verantwoordelijk is.

ONTWIKKELAGENDA SOCIAAL DOMEIN: Op weg naar een inclusief Vlissingen

6

Doelenboom1 Visie Ylissingen

De kern van de zaak

Kritische succesfactoren

Lange termijn visie

Wat zorgt voor defocus van alle partners in het sociaal domein?

Wat is cruciaal om succesvol te ziin?

Doelstellingen Targets Welke ER doelen / effecten willen u e bereiken ?

Concrete doelen

Projecten Op welke projecten / inspanningen moeten we ons concentreren?

KPI’s

Eigenaren

Welke indicatoren Wie is waarvoor sturen onze verantwoordelijk? verbeteringen?

1 ER-doelen zijn doelen die een ideaal aangeven en waarvan moeilijk te bepalen valt of ze echt gehaald zijn. Het verschil tussen nu en straks wo'dt aangeduid met het -ER woord. Voorbeelden van ER-doelen: betER, constantER, goedkopER, kostenbewustER, efficiéntER, slimmER, effectievER Gebruik van deze term hoor, bij de gehanteerde methode van de doelenboom. ONTWIKKELAGENDA SOCIAAL DOMEIN: Op weg naar een inclusief Vlissingen

7

Visie Vlissingen: de strategische lange termijn In de Visie op het Sociaal Domein’ hebben we vastgelegd dat het bieden van toegang tot en met het leveren van ondersteuning een samenspel is tussen de inwoner, zijn netwerk, professionals en de gemeente. Dat betekent dus dat we toewerken naar een lokale netwerkorganisatie om efficiënte en effectieve ondersteuning te kunnen realiseren. Het uiteindelijke doel is dat inwoners van Vlissingen met en voor elkaar bijdragen aan het welbevinden van eenieder. Op alle fronten is een toename van vraag naar ondersteuning zichtbaar en naar verwachting zal dit nog verder toenemen, gezien demografische gegevens, wettelijke wijzigingen en andere factoren. Met de toenemende krapte op de arbeidsmarkt wordt het moeilijk om goed opgeleide professionals te behouden en de kwaliteit van ondersteuning te garanderen. Het huidige beroep op ondersteuning verhoudt zich niet tot de middelen die we daarvoor beschikbaar hebben. Voorgaande dwingt ons tot integrale samenwerking, meer aandacht voor preventie en vroegsignalering en te zoeken naar slimme nieuwe concepten voor ondersteuning en financiering. Om toekomstbestendig en betaalbaar te worden hebben we onze visie in de volgende strategische lange termijn doelen (2023 e.v.) voor het sociaal domein verwoord. 1. Inzetten op een sociale en gezonde omgeving voor de inwoners van Vlissingen.

In een gezonde sociale omgeving wonen mensen veilig, is de samenhang in de buurt groot en krijgen mensen steun als zij dat nodig hebben. Dit is nog niet vanzelfsprekend voor al onze inwoners en hangt nauw samen met individuele factoren - aangeboren kwetsbaarheid, leefstijl, culturele en sociale achtergrond - en omgevingsfactoren zoals (het hebben van) werk, inkomen, opleiding, armoede, leefomgeving en opvoeding. Uiteraard zijn mensen zelf verantwoordelijk voor hun gezondheid, maar niet iedereen heeft vanaf de geboorte een zelfde uitgangspositie. Daarom zetten we in op het verbeteren van de randvoorwaarden om alle inwoners in staat te stellen tot hun volle capaciteit gezond te leven en volwaardig deel te nemen aan de samenleving. 2

Een toekomstbestendig systeem van ondersteuning, door een stelsel van op elkaar aansluitende (maatwerk) voorzieningen te behouden en te verbeteren. Vanuit verschillende wettelijke kaders (bijvoorbeeld Jeugdwet, Participatiewet, Wmo, Wlz, Zvw) worden inwoners ondersteund. Dit loopt niet altijd synchroon met elkaar, soms werkt men elkaar zelfs (onbedoeld) tegen. We zetten daarom in op een stelsel van ondersteuning waarbij er zoveel mogelijk doorlopende lijnen zijn, een integrale aanpak voor de hand ligt en inwoners zo min mogelijk last hebben van deze verschillende wettelijke kaders. Kwaliteit en betaalbaarheid zijn daarbij belangrijke speerpunten. 3.

Vinden van nieuwe concepten van ondersteuning en financieringsmodellen teneinde grip te krijgen en te houden op de toenemende kosten. Er zit spanning op het huidige systeem van ondersteuning. Het aantal inwoners dat ondersteuning nodig heeft stijgt, de kostprijzen stijgen, de financiële middelen zijn beperkt en het wordt steeds moeilijker om voldoende gekwalificeerd personeel te vinden om de benodigde ondersteuning te bieden. Om tot een toekomstbestendig systeem van kwalitatief goede en veilige ondersteuning te komen is verandering nodig. De gemeente moet haar rol als opdrachtgever nadrukkelijker invullen, beleid en uitvoering beter op elkaar afstemmen en daarop aansluitend het contractmanagement versterken ten einde een passend en betaalbaar aanbod te kunnen bieden aan onze inwoners.

ONTWIKKELAGENDA SOCIAAL DOMEIN: Op weg naar een inclusief Vlissingen

8

Kern van de zaak

Voor de gemeente Vlissingen en alle partners in het sociaal domein is het de komende jaren belangrijk om: Efficiënt en effectief te worden door "Integraal (samen) te werken in beleid en uitvoering De decentralisatie van taken in het sociaal domein is ingezet vanuit de gedachte dat gemeenten haar inwoners sneller en beter kunnen helpen bij ondersteuningsvragen. De decentralisaties vragen om een flinke cultuurverandering: een transformatie. De afgelopen jaren zijn taken vooral door gemeenten overgenomen van het rijk en de provincie (transitie), de gewenste transformatie is nog niet behaald. We moeten ervoor zorgen dat er ondersteuning is voor wie dat nodig heeft, maar daarbij moeten we rekening houden met de financiële beperkingen. We willen dat de taken binnen het sociaal domein (waaronder Wmo, Participatiewet en Jeugdwet) uitgevoerd worden met de daarvoor van rijkswege beschikbaar gestelde middelen. We staan voor de opgave inkomsten en uitgaven meer met elkaar in evenwicht te brengen, net als vraag en aanbod. We willen dat mensen zo veel mogelijk mee kunnen doen in de maatschappij en dat zij zo lang mogelijk zelfstandig kunnen blijven wonen. Hierbij ligt de nadruk op de mogelijkheden van de inwoners, eventueel met hulp van mensen uit hun omgeving. Daarna komt de vraag of, en welke, professionele ondersteuning nodig is.

We zijn nu op het punt dat we voor het gehele sociaal domein één gezamenlijke visie, doelstellingen en targets vast willen stellen waarbij integraliteit voorop staat. Veel vraagstukken staan immers niet op zichzelf maar vereisen een bredere aanpak waarbij meerdere partijen en beleidsterreinen zijn betrokken. Het gaat hierbij niet alleen om de samenhang tussen Wmo / Jeugd / Participatie en Onderwijs, maar ook om de samenhang met (partners in) andere beleidsterreinen die ook onderdeel uitmaken van het sociaal domein en beleidsterreinen die raken aan het sociaal domein. We verwachten dat er veel winst te behalen is door zaken meer in samenhang aan te pakken. Winst die zowel betrekking heeft op de kwaliteit als de betaalbaarheid van ondersteuning. Belangrijk hierbij is: • integraal werken vraagt integraal beleid; • resultaatgerichtheid; • een lerende houding én gerichtheid op samenwerking; • grip op beleid en financiën.

ONTWIKKELAGENDA SOCIAAL DOMEIN: Op weg naar een inclusief Vlissingen

9

Kritische succes factoren (KSF) Uit de gesprekken met de stakeholders komt naar voren dat de volgende factoren van cruciaal belang zijn om de Ontwikkelagenda succesvol uit te voeren: 1. Ontschot beleid zowel voor wat betreft budget als toegang. 2. Het verstrekken van een integrale opdracht aan een beperkt aantal opdrachtnemers met resultaatafspraken. 3. De woonomgeving als middelpunt van de gemeente Vlissingen. 4. Het uitgangspunt is 1 gezin, 1 plan, 1 regisseur. 5. Ondersteuning zo vroeg als mogelijk en zo dicht mogelijk bij de oorzaak. 6. Kiezen voor duurzame financiële oplossingen. 7. Informatievoorziening. Verschillende stakeholders geven aan dat het noodzakelijk is om afgestemde opdrachten te krijgen, om efficiënt en effectief samen te kunnen werken. De inwoners en de stakeholders zijn puzzelstukjes in de te leggen puzzel. Alle stukjes moeten in elkaar passen en er mogen geen stukken ontbreken. De vergrijzing, de toenemende vraag naar ondersteuning en het tekort aan professionals op tal van terreinen zorgt ervoor dat we het sociaal domein anders moeten organiseren. We zullen de individualisering tegen moeten gaan. We willen de sociale cohesie, zelfredzaamheid en samenredzaamheid versterken. Daarbij speelt de woonomgeving (lees wijk/buurt/straat) van de inwoner een belangrijke rol.

Door de woonomgeving aantrekkelijker te maken en ervoor te zorgen dat er noodzakelijke voorzieningen zijn, komen mensen naar buiten, bewegen ze zich in de woonomgeving en leren ze elkaar kennen. De bereidheid tot burenhulp neemt toe en er wordt iets minder snel een beroep op professionele hulp gedaan. Wanneer ondersteuning nodig is, dan is het belangrijk deze zo vroeg mogelijk en zo dicht mogelijk bij de oorzaak in te zetten, om het ontstaan, terugkeren of verergeren van problemen te voorkomen. Daarbij het is goed om te weten welke causale verbanden er zijn, zeker bij complexe vraagstukken waarbij de problemen elkaar versterken. Wanneer inwoners contact met elkaar hebben in de eigen woonomgeving, kan het opgemerkt worden indien iemand hulp nodig heeft. Hoe eerder opgemerkt wordt dat iemand zich niet alleen kan redden, hoe beter deze persoon geholpen kan worden zonder escalatie van de problematiek. Bovendien blijkt in andere gemeenten dat een oplossing zo dicht mogelijk bij de oorzaak zorgt voor lagere kosten. Het realiseren van een verbetering van de woonomgeving is een kritische succesfactor die breder is dan alleen het sociaal domein. Hier ligt een relatie met onder andere de Strategische visie en de Omgevingsvisie. De woonomgeving van de inwoners staat nog niet centraal in de wijze waarop ondersteuning vanuit het sociaal domein is georganiseerd.

Daarom is hierop in het volgende hoofdstuk ook een doelstelling geformuleerd. Informatievoorziening is een belangrijke voorwaarde voor een integrale aanpak, zodat duidelijk is wie betrokken is bij de inwoner en wat er binnen het huishouden aan ondersteuning nodig is. Daarbij hoort ook het uitwisselen van noodzakelijke gegevens tussen betrokken partijen. Daarnaast is informatie voor de gemeente randvoorwaardelijk om grip te krijgen. De gemeente zal informatie ophalen bij partijen en duidelijk aangeven op basis van welke indicatoren zij de resultaten meet.

ONTWIKKELAGENDA SOCIAAL DOMEIN: Op weg naar een inclusief Vlissingen

10

Doelstellingen 1... De zelf- en samenredzaamheid van de inwoners vergroten. Door de basis in wijken en buurten te versterken zetten we in op sociale cohesie en preventie, het versterken van de samenredzaamheid en het voorkomen van problemen. Deze basis wordt primair gevormd door de inwoners, mantelzorgers en vrijwilligers. Daarnaast bestaat de basis ook uit allerlei algemene voorzieningen en zaken zoals jongerenwerk, wijkvoorziehingen, openbaar vervoer, informatievoorziening, goed onderwijs, een gezonde leefstijl en bewonersinitiatieven. Ook een goed functionerende arbeidsmarkt, waarbij maximaal gebruik wordt gemaakt van het potentieel aan arbeidskrachten, is een belangrijk onderdeel van de basis. We willen dë basis versterken zodat inwoners zovéél mogelijk op eigen kracht, eventueel met lichte ondersteuning, kunnen participeren in de samenleving. Hierbij zetten we primairin op economische zelfstandigheid. We focussen daarbij op kracht en talenten vanuit de eigen intrinsieke motivatie en niet op beperkingen. Op diè manier kunnen inwoners, ook als zij ondersteuning nodig hébben, iets betékenen voor dé maatschappij. Deze wederkerigheid geeft inwoners de kans hun mogelijkheden te verruimen, maar ook om gewaardeerd te worden voor de dingen die zij kunnen. Een sterke basis zal eraan bijdragen dat inwoners meer zelf kunnen.

Inwoners dénken eerst in éigen mogelijkheden, geven hun leven actief vorm, nemén een eigen aandeel, benutten mogelijkheden actief en pakken kansen daar waar ze liggen, ook als ze kwetsbaar zijn, 2. We bieden passende ondersteuning aan inwoners bij een duurzaam financieel evenwicht. Voor een bepaalde groep inwoners zal de basis niet voldoende:zijn en zal er extra ondersteuning; nodig zijn. Ondersteuning op het vlak van onderwijs, participatie, jeugd, Wmo en sport, gericht op hét Versterken van de zelfredzaamheid en het zelfstandig kunnen functioneren in de maatschappij. Belangrijk bij deze doelstelling is dat de beweging naar zo min mogelijk individuele ondersteuning wordt gerealiseerd, zodat de kosten van de passende ondersteuning binnen de financiële perken blijven. We willen één beweging inzetten, waarbij méér gébruik gemaakt wordt Van algeméne voorzieningen en minder individueel maatwerk. Één sterke sociale basis is hierbij erg belangrijk (samenhang met doelstelling 1). We willen de ondersteuning en hulp tijdig en zoveel mogelijk dicht bij de inwoners en laagdrempelig in de wijk organiseren. Daarbij investeren we actief in cultuurverandering: van ‘gezorgd wordt Voor’ naar ‘zorgen dat’. 3. Er is een goed vangnet voor de meest kwetsbare inwoners in de gemeente.

Er is een groep inwoners voor wie zelfredzaamheid, eigen regie en/of zelfstandig w.oneh (tijdëlijk) buiten bereik ligt. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om inwoners met zware psychiatrische en/of verslavingsproblematiek, kinderen die onder de jeugdbescherming of jeugdreclassering vallen, gezinnen met complexe problematiek met veiligheidsaspecten en risicofactoren of daklozen. We willen dat ér voor deze groep inwonérS een vangnet beschikbaar is. Het is van belang dat dë ondersteuning passend is bij de problematiek en dat de ondersteuning daar waar mogelijk tijdelijk van aard is. Ér wordt gestreefd naar inclusiviteit, waarbij inwoners zo veel als mogelijk meedoen in de maatschappij en door extramurale oplossingen zö veel als mogelijk in de eigen omgeving hulp krijgen.

ONTWIKKELAGENDA SOCIAAL DOMEIN: Op weg naar een inclusief Viissingen

11

4

Integraliteit in kijken en handelen is standaard. Steeds meer vraagstukken vragen om een brede blik en waar nodig een integrale aanpak. Zowel op beleidsniveau als op uitvoeringsniveau is integraliteit vaak vruchtbaar en noodzakelijk om te komen tot een effectieve aanpak. Op uitvoeringsniveau is er bij een deel van de inwoners sprake van multi-problematiek die alleen integraal, door een centraal opererende regisseur, efficiënt en effectief aangepakt kan worden. De integrale benadering begint bij de woonomgeving, wordt toegepast bij de toegang en krijgt zijn weerslag in het ondersteuningsplan en de werkwijze van de professionals. Een belangrijke voorwaarde hierbij is dat de informatie-uitwisseling goed is geregeld zodat duidelijk is wie er betrokken is bij het huishouden en wat er binnen het huishouden aan ondersteuning al aanwezig is. Integrale uitvoering vraagt integraal beleid. Er zijn veel raakvlakken en overlappen tussen Wmo, Participatiewet en Jeugdwet. Ook zijn er raakvlakken met andere beleidsterreinen waarop de gemeente beleid ontwikkelt zoals onderwijs, wonen, economie, gezondheid en de fysieke leefomgeving. Daarnaast zijn er ook nog raakvlakken met beleid dat door andere partijen wordt ontwikkeld, denk bijvoorbeeld aan de impact van het beleid van de zorgverzekeraars.

5. We werken vanuit en binnen het integrale budget Sociaal Domein. De grote vraagstukken in het sociaal domein hebben zelden betrekking op geïsoleerde problemen die tot een enkele beleidskolom zoals Jeugd, Participatie of Wmo terug te brengen zijn. In het sociaal domein hangt alles samen. Gezondheid en maatschappelijke participatie, werk en betrokkenheid in de eigen buurt, economische onafhankelijkheid, aandacht voor de jeugd, de beschikbaarheid van onderwijs en vrijetijdsbesteding, alles is met elkaar verbonden en heeft invloed op elkaar. Oplossingen worden daarom vanuit dat integrale beeld aangereikt en gefinancierd (gerelateerd aan doelstelling 4). Het budget sociaal domein wordt ingezet vanuit het principe dat het meeste resultaat behaald kan worden wanneer geïnvesteerd wordt op integrale producten in plaats van kolom-gebonden producten. Daarnaast is het belangrijk om dure en langdurige trajecten te voorkomen door tijdig actie te ondernemen en in te grijpen waar nodig. 6. Ondersteuning is georganiseerd vanuit de vertrouwde woonomgeving van de inwoner. We werken vanuit de vertrouwde woonomgeving van de inwoner. In deze omgeving voelen mensen zich meer zelfverzekerd, het sterkst en kunnen zij makkelijker een bijdrage leveren.

De klassieke aanpak van externe stimuleringsinvesteringen wordt losgelaten en (externe) inzet vanuit het voorliggend veld richt zich vooral op het activeren van in de buurt aanwezige kwaliteiten en energie. Het gaat steeds om de algehele beleving van de leefomstandigheden van de inwoner, diens positieve gezondheid en de samenhang binnen deze thema’s, tussen individuele en collectieve vooruitgang van de buurt. De gemeente werkt daarom met partners die ieder vanuit de eigen expertise en affiniteit, gezamenlijk actief zijn op de samenhangende factoren in de woonomgeving en goede aansluiting kunnen vinden bij de al aanwezige sociale cohesie structuren. Scholen, woningcorporaties, bewonersinitiatieven en wijkraden zijn voorbeelden van organisaties die deel uitmaken van de woonomgeving. Geen van hen werkt separaat, het gaat om een gecombineerde inzet, steeds ondersteunend aan de doelen van de inwoners. De inwoners zetten zich in om de doelen te realiseren.

ONTWIKKELAGENDA SOCIAAL DOMEIN: Op weg naar een inclusief Vlissingen

12

Targets De visie, de kern van de zaak, de kritische succesfactoren en de doelstellingen beschrijven samen de gewenste situatie. De volgende stap is het formuleren van targets als concrete meetbare doelen op weg naar de gewenste situatie. In het uitvoeringsprogramma wordt beschreven welke concrete maatregelen, projecten en andere inspanningen ingezet worden en voorzien van een tijdslijn wanneer wat gerealiseerd moet zijn. Om targets te kunnen formuleren is de huidige situatie - met behulp van onderstaande vragen - afgezet tegen de gewenste situatie: 1. Welke veranderingen ten opzichte van de huidige situatie zijn nodig om uiteindelijk onze doelstellingen te kunnen realiseren? 2. Welke ingrepen vanuit het Plan van Aanpak artikel 12 zijn noodzakelijk om financieel gezond te worden? 3. Hoe zorgen we ervoor dat deze - soms pijnlijke - ingrepen onze lange termijn visie en doelstellingen niet verstoren, maar juist versterken? De hierboven geformuleerde vragen leiden tot de conclusie dat de volgende veranderingen noodzakelijk zijn om de beweging van huidige situatie naar gewenste situatie mogelijk te maken: 1. Terugdringen van het aantal aanvragen voor individuele voorzieningen. 2. Doelmatiger en doeltreffender inzetten van individuele voorzieningen (kortdurend, resultaatgericht). 3. Een gezonde financiële balans binnen het Sociaal Domein realiseren. 4.

Gemeente Vlissingen als opdrachtgever, meer nadruk op sturing, verantwoording en integraal werken. 5. Zorgen voor een andere manier van denken en werken door inwoners, professionals en de gemeente Vlissingen gericht op de gewenste situatie. Aan deze veranderingen worden de targets van het eerste Uitvoeringsprogramma (2020 2022) gekoppeld. In de volgende paragrafen lichten we per verandering de targets toe. In het Uitvoeringsprogramma beschrijft het college met welke concrete maatregelen, projecten en andere inspanningen zij de targets gaan realiseren. Om de uitwerking te illustreren zijn hieronder bij de targets al een aantal maatregelen, projecten en inspanningen beschreven. Deze opsomming is niet volledig.

ONTWIKKELAGENDA SOCIAAL DOMEIN: Op weg naar een inclusief Vlissingen

13

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10251187/3