21-029 Bijlage 5. Ingekomen stukken commissie AB
Tekst van het document
66.000
Positief resultaat 2e begrotingswijziging Orionis
628.000
onttrekkingen: Negatief rekeningsresultaat 2019 Sluitend maken begroting 2020 met eenmalige middelen Dekking invoeringskosten Omgevingswet Bijdrage project Cool Towns
-465.000 -2.401.000 -300.000 -31.000
Negatief resultaat Bestuursrapportage 2020
-3.777.000
Financieel herstelplan: maatregelen ter verlaging ontttrekking tekorten 2020 aan algemene reserve
1.143.000
Negatief resultaat Najaarsbrief 2020
-423.000
Verwacht eindsaldo 31-12-2020
13.471.000
12
B I J L A G E 5: Aanvullende uitgaven op tekorten BUIG aan Orionis
Overzicht verloop rijksbijdrage BUIG en gemeentelijke bijdrage BUIG aan Orionis
Ontvangen rijksuitkering BUIG Bijdrage gemeente aan Orionis t.b.v. BUIG
2017 18.074.760 19.995.215
2018 18.398.370 20.342.124
2019 17.230.494 19.035.148
2020 (raming) 18.702.368 20.027.992
Verschil (= extra bijdrage)
-1.920.455
-1.943.754
-1.804.654
-1.325.624
13
Brief aan de leden T.a.v. het college en de raad
Datum
3 februari 2021 Kenmerk
TFI/U202100049 Lbr. 21/009 Telefoon
070-373 83 93 Bijlage(n)
-
Onderwerp
Start consultatie herijking gemeentefonds
Samenvatting Het ministerie van BZK heeft op 2 februari 2021 de Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB) gevraagd om advies te geven over het voorstel van de fondsbeheerders voor de nieuwe verdeling van het gemeentefonds per 2023. Met het indienen van deze adviesaanvraag, zijn ook de voorlopige uitkomsten van de verdeling voor individuele gemeenten bekend gemaakt. Na weging van het advies van de ROB zullen de fondsbeheerders ook de VNG consulteren. Het besluit tot invoering van de nieuwe verdeling zal door het huidige demissionaire kabinet, net als andere besluiten met betrekking tot de inrichting van de financiële verhouding, aan het nieuwe kabinet worden gelaten. Met deze ledenbrief informeren wij u hoe de consultatiefase voor gemeenten eruit komt te zien, hoe en wanneer u daar zelf in kunt bijdragen en hoe het uitgangspunt van de VNG, dat de financiële positie van gemeenten substantieel verbeterd moet worden voordat een nieuwe verdeling ingevoerd kan worden, betrokken wordt in de consultatie en in onze inzet richting een nieuw kabinet.
Vereniging van Nederlandse Gemeenten Nassaulaan 12 Den Haag | Postbus 30435 | 2500 GK Den Haag 070 - 373 83 93 | info@vng.nl
U202100049
PROD
Aan de leden
Datum
3 februari 2021 Kenmerk
TFI/U202100049 Lbr. 21/009 Telefoonnummer
070-373 83 93 Bijlage(n)
-
Onderwerp
Start consultatie herijking gemeentefonds
Geacht college en gemeenteraad, Het ministerie van BZK heeft op 2 februari 2021 de Raad voor het Openbaar Bestuur gevraagd om advies te geven over het voorstel van de fondsbeheerders voor de nieuwe verdeling van het gemeentefonds per 20231. Met het indienen van deze adviesaanvraag, zijn ook de voorlopige uitkomsten van de verdeling voor individuele gemeenten bekend gemaakt. Het verdeelvoorstel is volgens de fondsbeheerders een verbetering ten opzichte van de huidige verdeling, maar zij constateren ook dat de nieuwe verdeling geen oplossing is voor alle knelpunten in de financiële verhouding. De ROB is gevraagd om daarop en op enkele specifieke punten te reflecteren. Na weging van het advies van de ROB zullen de fondsbeheerders ook de VNG consulteren. Het besluit tot invoering van de nieuwe verdeling wordt door het huidige demissionaire kabinet, net als andere besluiten met betrekking tot de inrichting van de financiële verhouding, aan het nieuwe kabinet gelaten. Met deze ledenbrief informeren wij u hoe de consultatiefase voor gemeenten eruit komt te zien en hoe en wanneer u daar zelf in kunt bijdragen. Het uitgangspunt van de VNG is helder: ook wij willen zo snel mogelijk overgaan tot een nieuwe betere verdeling, maar de financiële positie van gemeenten moet substantieel verbeterd worden voordat een nieuwe verdeling ingevoerd kan worden.
Een herverdeling van grote tekorten brengt gemeenten geen stap verder. In deze ledenbrief leest u ook hoe dat uitgangspunt betrokken wordt in de consultatie en in onze inzet richting een nieuw kabinet.
1 Zie:
https://www.tweedekamer.nl/kamerstukken/brieven_regering/detail?id=2021Z02143&did=2021D046 98
Vereniging van Nederlandse Gemeenten Nassaulaan 12 Den Haag | Postbus 30435 | 2500 GK Den Haag 070 - 373 83 93 | info@vng.nl
U202100049
PROD
Achtergrond en aanleiding van de herijking De afgelopen jaren is door de VNG en individuele gemeenten op verschillende momenten gepleit voor aanpassing van de verdeelmodellen van het gemeentefonds. De huidige verdeling van het sociaal domein is immers gemaakt op basis van cijfers van voor de decentralisaties. Al bij invoering in 2015 was duidelijk dat ze op zeker moment herzien moeten worden. Ook de andere knelpunten die de herijking beoogt op te lossen kennen een meerjarige voorgeschiedenis. Gemeenten hebben de VNG dan ook opgeroepen om de verdeelmodellen sociaal domein zo snel mogelijk aan te passen. In de zomer van 2018 kondigden de fondsbeheerders daarom aan de verdeelmodellen van het gemeentefonds te herzien. Op de algemene ledenvergadering in september 2020 gaven gemeenten duidelijk aan dat een herverdeling van het gemeentefonds geen oplossing biedt voor de financiële problemen bij gemeenten zolang de omvang van het gemeentefonds onvoldoende is. Het uitgangspunt van de VNG is dan ook helder: de omvang van het gemeentefonds moet groter voordat een nieuwe verdeling ingevoerd kan worden. Zonder gelijktijdige vergroting van de omvang dreigt dit een herverdeling van grote tekorten te worden. Het kabinet kon (of wilde) de koek niet vergroten.
Vanwege de nog lopende gesprekken over de tekorten van gemeenten op jeugd heeft het kabinet dan ook besloten de invoering van de nieuwe verdeling aan het volgende kabinet te laten. Daarom heeft de minister van BZK in december 2020 aangegeven dat de invoering van de nieuwe verdeling opschuift naar 1 januari 20232. Hoe ziet het vervolgproces eruit? De VNG bereidt zich voor op de formatie van het nieuwe kabinet. Het is van groot belang dat er goede afspraken gemaakt worden voor gemeenten. Daaronder valt ook het structureel op orde brengen van de gemeentelijke financiën. Meer informatie hierover is te lezen op de VNG-website. We willen ook een goede consultatie voeren over de verdeling van het gemeentefonds. Nu de besluitvorming aan het nieuwe kabinet wordt gelaten, wil de VNG de uitkomsten van de consultatie inbrengen in de kabinetsformatie. Wanneer een nieuw kabinet besluit ‘de koek’ te vergroten, wil de VNG ook het gesprek met de leden over de uitkomsten van de verdeling afgerond hebben. De komende maanden organiseren we daarom een informatie- en consultatietraject, waarin alle gemeenten ambtelijk en bestuurlijk de gelegenheid hebben om hun reactie te geven. Daarover leest u verderop in deze ledenbrief meer. Hoe kunt u input leveren? De consultatie van gemeenten over de nieuwe verdeling van het gemeentefonds zal getrapt plaatsvinden.
Terwijl de ROB haar advies voorbereidt, organiseert de VNG diverse informatieve bijeenkomsten waarin BZK uitleg geeft over het verdeelvoorstel. De VNG licht daar ook toe hoe zij geacteerd heeft in het traject van de herijking. Deze bijeenkomsten zijn bedoeld voor gemeenteambtenaren en vinden online plaats. Vervolgens, wanneer de adviesaanvraag aan de ROB is afgerond, en ook de VNG om advies wordt gevraagd, zal de VNG via online bijeenkomsten gemeentebestuurders consulteren. Daarover wordt u geïnformeerd in een volgende ledenbrief.
2 Zie: https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2020/12/07/kamerbrief-over-stand-
van-zaken-en-vervolg-herijking-gemeentefonds-en-financiele-verhoudingen-provincies
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
3/5
Samenvattend ziet het proces van de herijking er momenteel als volgt uit: • 2 februari 2021: BZK vraagt ROB om advies: individuele gegevens gemeenten bekend • Februari en maart: Informatiesessies over uitkomsten herijking • Maart: Bestuurlijke consultatie VNG • April: VNG advies nieuwe verdeling algemene uitkering gemeentefonds. Informatieve bijeenkomsten voor ambtenaren VNG en BZK organiseren informatieve online bijeenkomsten met verschillende thema’s: •
Algemene informatiesessie Herijking Gemeentefonds waarin uitleg en toelichting wordt gegeven op de verdeelmodellen klassiek domein en sociaal domein. Deze vinden plaats op: o Vrijdag 19 februari: van 9:30u tot 11:00u en ook van 13:00u tot 14:30u o Dinsdag 23 februari: van 9:30u tot 11:00u en ook van 13:00u tot 14:30u o Woensdag 24 februari: van 9:30u tot 11:00u en ook van 13:00u tot 14:30u o Maandag 1 maart: van 9:30u tot 11:00u en ook van 13:00u tot 14:30u o Woensdag 3 maart: van 13:00u tot 14:30u Daarnaast worden enkele sessies in samenwerking met de provinciale afdelingen van de VNG georganiseerd. Deze richten zich op ambtenaren uit de betreffende provincies. • Informatiesessie Verdeling Beschermd Wonen waarin dieper wordt ingegaan op het nieuwe objectieve model voor beschermd wonen en de uitwerking van de financiële randvoorwaarden. Deze bijeenkomsten vinden plaats op: o Donderdag 25 februari: van 9:30u tot 11:00u o Dinsdag 2 maart: van 9:30u tot 11:00u o Woensdag 3 maart: van 9:30u tot 11:00u o Donderdag 11 maart: van 9:30u tot 11:00u • Informatiesessie Inkomstenverevening waarin wordt ingegaan op het voorstel van BZK om in de nieuwe verdeling rekening te houden met de eigen inkomsten van gemeenten.
Deze bijeenkomsten worden gehouden op: o Donderdag 25 februari: van 13:00u tot 14:30u o Dinsdag 2 maart: van 13:00u tot 14:30u • Technische verdiepingssessie waarin financieel specialisten zich samen met de bureaus die het herijkingsonderzoek hebben uitgevoerd kunnen verdiepen in details van de techniek van de verdeling. Deze vinden plaats op: Sociaal domein (met onderzoeksbureau AEF): o Donderdag 4 maart: van 9:30u tot 11:00u en ook van 13:00u tot 14:30u Klassiek domein (met onderzoeksbureau Cebeon): o Maandag 8 maart: van 9:30u tot 11:00u en ook van 13:00u tot 14:30u U dient zich van tevoren in te schrijven voor deze bijeenkomsten. Er geldt namelijk een maximum aantal deelnemers per sessie. U kunt zich inschrijven via de VNG-website. Bij grote belangstelling kunnen extra bijeenkomsten worden georganiseerd. Consultatiebijeenkomsten voor bestuurders Zodra de ROB advies heeft gegeven aan BZK, zal het ministerie ook de VNG om advies vragen. De VNG vindt het belangrijk dat alle gemeenten de mogelijkheid hebben om een bijdrage te leveren aan deze reactie. Daarom willen wij graag samen met voor- èn nadeelgemeenten het gevoerde proces en de inhoud bespreken, zodat we tot een gedegen en gedragen reactie kunnen komen. De VNG zal het nieuwe verdeelmodel beoordelen op de wijze waarop het model door de fondsbeheerders is uitgewerkt en op de financiële consequenties voor gemeenten.
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
4/5
Aandachtspunten daarbij zijn de uitgangspunten van de herverdeling zoals deze vooraf zijn vastgesteld, de mogelijke uitschieters en bijzonderheden in de financiële consequenties voor gemeenten en regio’s. De tweede stap van de consultatiefase zal bestaan uit een serie online bijeenkomsten om gemeentebestuurders te consulteren. Deze stap volgt op de informatieve bijeenkomsten voor ambtenaren. Deze consultatiebijeenkomsten voor bestuurders worden binnenkort ingepland, als bekend is wanneer de reactie van de ROB te verwachten is. De VNG zal gemeenten actief informeren en uitnodigen voor deze consultatiebijeenkomsten. Als u naar aanleiding van deze ledenbrief vragen heeft aan de VNG over de herijking gemeentefonds, kunt u daarover contact opnemen via verdelen@vng.nl. Met vriendelijke groet, Vereniging van Nederlandse Gemeenten
Mr L.K. Geluk Algemeen directeur
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
5/5
vJËRA Provincie
Abdij 6 4331 BK Middelburg Postbus 6001 4330 l-A Middelburg +31 118631011 IBAN NL08 BNGH 0285010557
/^Zeeland
De raad van de gemeente Middelburg Postbus 6000 4330 LA Middelburg
f ciari Onderwerp
Zaaknummer
8e en 9e wijziging begroting 2020
9049
Uw kenmerk
Behandeld door
Verzonden
S. Douma +31 6 25726606
18 JAN. 202’
gemeente Middelburg Middelburg, 15 januari 2021 Geachte raad,
In het kader van het preventief begrotingstoezicht begroting 2020 hebben we van u de 8e en 9e wijziging van de begroting 2020 ter goedkeuring ontvangen. Deze begrotingswijzigingen hebben o.a. betrekking op: Krediet renovatie constructie dakvoet Zeeuwse Concertzaal Krediet aanschaf software DSO Omgevingswet Aanpassing begroting conform rapportage Najaarsbrief 2020 Omdat de begrotingswijzigingen waar nodig van een structurele dekking zijn voorzien hebben wij de 8e en 9e begrotingswijziging van de programmabegroting 2020 goedgekeurd. Een afschrift van deze brief hebben we aan het college van burgemeester en wethouders verzonden.
Met vriendelijke groet, Gedeputeerde Staten, namens dezen,
mevr. W C A A. Nevels-Gouverneur, Afdelingsmanager Bestuursondersteuning.
U wordt verzocht om in uw correspondentie steeds het zaaknummer te vermelden.
Xtochrift tor konnianemino
Abdij 6 4331 BK Middelburg Postbus 6001 4330 LA Middelburg +31 118631011 IBAN NL08 BNGH 0285010557
Provincie
^Zeeland
De raad van de gemeente Middelburg Postbus 6000 4330 LA Middelburg
Onderwerp
Zaaknummer
8e en 9e wijziging begroting 2020
9049
Uw kenmerk
Behandeld door
Verzonden
S. Douma +31 6 25726606
1 8 JAN. 2021
gemeente Middelburg Middelburg, 15 januari 2021 Geachte raad,
In het kader van het preventief begrotingstoezicht begroting 2020 hebben we van u de 8e en 9e wijziging van de begroting 2020 ter goedkeuring ontvangen. Deze begrotingswijzigingen hebben o.a. betrekking op: Krediet renovatie constructie dakvoet Zeeuwse Concertzaal Krediet aanschaf software DSO Omgevingswet Aanpassing begroting conform rapportage Najaarsbrief 2020 Omdat de begrotingswijzigingen waar nodig van een structurele dekking zijn voorzien hebben wij de 8e en 9e begrotingswijziging van de programmabegroting 2020 goedgekeurd. Een afschrift van deze brief hebben we aan het college van burgemeester en wethouders verzonden.
Met vriendelijke groet, Gedeputeerde Staten, namens dezen,
mevr. W.C.A.A. Nevels-Gouverneur, Afdelingsmanager Bestuursondersteuning.
U wordt verzocht om in uw correspondentie steeds het zaaknummer te vermelden.
Aan: alle Nederlandse gemeenten en provincies
Zeist, 15 januari 2021 Onderwerp: dringende oproep - Help winkelondernemers overleven! Geachte gemeentelijke bestuurders, Geachte provincie bestuurders, INretail roept alle overheden op, om winkelondernemers te helpen overleven. Onze leden en heel veel andere ondernemingen staan voor een grote uitdaging: ondernemen tijdens de coronacrisis terwijl de winkels nu al meerdere weken gesloten zijn en het einde van de lockdown nog niet in zicht is. Wij zien onder onze leden omzetdalingen van gemiddeld 60% oplopend tot zelfs 95%. En dat na een heel moeizaam jaar voor veel ondernemers in bijvoorbeeld de mode, sport en schoenendetailhandel waarin marges onder druk hebben gestaan en in veel gevallen de ondernemer niet in staat was om voor een eigen inkomen te zorgen. Als brancheorganisatie waarderen we de inspanning van ook gemeenten om met goede lokale maatregelen ondernemers te helpen: de gemeente is voor ons een belangrijke partner om onder andere de financiële druk te spreiden! We schrijven u echter opnieuw aan om duidelijk te maken dat het huidige landelijke steun- en herstelpakket niet toereikend is voor ondernemers. Ook in 2021 hebben lokale winkelondernemers uw hulp hard nodig.
Kort zullen we op de belangrijkste maatregelen en pijnpunten van het huidige landelijk steun- en herstelpakket ingaan om te laten zien dat er meer nodig is: NOW Omdat de subsidie vanuit de NOW voor de compensatie van het loon van medewerkers de omzet vergelijkt met een kwart van de omzet van 2019 moeten veel ondernemers in het belangrijke laatste omzetkwartaal met de feestmaand december feitelijk een veel hoger omzetverlies maken dan 20% om in aanmerking te komen voor deze noodsteun. TVL De tegemoetkoming in de vaste lasten van ondernemers hanteert een drempel van een verlies van 30% over een heel kwartaal. Aangezien de lockdown in twee kwartalen valt betekent dit voor retailers dat zij in beide kwartalen een omzetverlies van 30% moeten hebben, terwijl dit in december wel gehaald wordt, maar niet in het laatste kwartaal. Daarnaast is de kostenvergoeding voor de retail veel te laag. Gemiddeld kennen onze branches een vaste lastenpercentage van 21% terwijl de regeling uitgaat van 15%. VGD De voorraadvergoeding is een toeslag bovenop de TVL. Dit houdt in dat ook voor het verkrijgen van deze vergoeding moet worden voldaan aan het omzetverlies van 30% over het hele kwartaal (zie hiervoor, welke al door voor retail onhandige systematiek misgelopen wordt). Daarnaast is deze subsidie heel erg beperkt en overgenomen van de koelkastvergoeding van de horeca.
We geven een voorbeeld van een ondernemer met een kledingwinkel met € 1 miljoen omzet op jaarbasis, waarvan € 350.000,- in oktober, november, december. Om in aanmerking te komen voor de TVL, moet hij een omzetverlies van 30% hebben. De totale inkoopwaarde op € 350.000,- bedraagt € 203.000,- aan voorraad. Een omzetverlies van 30% betekent dat € 60.900,- aan goederen niet verkocht wordt. Herenkleding wordt na 3 maanden (einde Q4) afgewaardeerd met 25%. Dit betekent € 15.225 afwaardering en daarmee verlies. Met de voorgestelde berekening voorraadsubsidie bedraagt de voorraadsubsidie € 2.940,-. Dit is afgerond slechts een vijfde van de daadwerkelijke kosten van de afschrijving op de voorraad. Pijnpunten Naast de hiervoor genoemde regelingen willen we graag ook aandacht vragen voor de groep ondernemers die misgrijpen: de regelingen zijn niet geschikt voor ondernemers die in 2020
gestart zijn, of die hun bedrijf hebben uitgebreid. Deze ondernemers komen vaak helemaal niet in aanmerking voor een enkele vorm van steun. Ook zijn de steun- en herstelmaatregelen niet van toepassing op middelgrote retailers zoals familiebedrijven die meer dan 250 medewerkers in dienst hebben. Deze vaak voor de lokale economie belangrijke aanjagers en bieders van werkgelegenheid krijgen geen steun bij vaste lasten, zoals huren, en verliezen op voorraden. Zoals gezegd zijn de huidige maatregelen niet voldoende om retailers te helpen overleven. Uit een recente ledenpeiling blijkt ook dat 70% van onze leden in 2021 in (sterk) afgeslankte vorm verder zal gaan. Dit zal ook een enorme impact hebben op ook het winkelaanbod in en leefbaarheid van uw gemeente/provincie en daarmee de aantrekkelijkheid van het winkellandschap in Nederland. Daarom roepen wij lokale en provinciale overheden op om retailers te helpen overleven in deze crisis die nu al bijna twaalf maanden duurt. Dit past bij de gedachte achter de landelijke Retailagenda en de gezamenlijke inzet van IPO, VNG en INretail om te werken aan vitaliteit van winkelgebieden. Dat heeft een enorme urgentie gekregen nu winkelondernemers – groot en klein – opnieuw keihard zijn getroffen door de coronacrisis. Wij vragen u om samen met winkelondernemers te inventariseren wat nodig is om ondernemerschap overeind te houden.
Zowel voor lastenverlichting als voor de inventarisatie om winkelondernemers overeind te houden doen wij de volgende suggesties: Verlaag ook voor 2021 zo snel mogelijk de financiële druk (zie ook opties voor gemeenten en ondersteuning via VNG) door: • Uitstel van betalingen tot na de crisis en/of spreiding van betalingen; • Kwijtschelding van (een deel van) de lokale lasten; • Alle lopende invorderingstrajecten stop te zetten; • Versoepelen van lokale regelgeving die ondernemerschap beperken. En deel s.v.p. goede praktijkvoorbeelden met andere gemeenten via het VNG forum. Faciliteer en stimuleer ondernemers in winkelgebieden door: • In gesprek te gaan met alle stakeholders (vastgoed en ondernemers) om tot een gezamenlijke oplossing te komen waar iedereen baat bij heeft, zodat tijdens en na deze crisis het aantal faillissementen en leegstand beperkt blijven; • Collectieve ideeën die ontstaan financieel en met kennis te stimuleren zoals lokale platformen voor het winkelgebied, alsmede de gezamenlijke bezorging. Hierbij kunt u denken aan het inzetten van het ondernemersfonds, BIZ of lokale en provinciale subsidies; • Bieden van advies aan individuele ondernemers. Denk aan adviesvouchers voor Bedrijfsadvies, versnelde digitalisering, financiering, bedrijfsbeëindiging en schuldhulpsanering.
• Investeer in de toekomstbestendigheid van winkelgebieden; • Het aanbieden van vouchers om ondernemers te helpen digitaliseren, juist ook die ondernemers die nog geen webwinkel hebben. • Het aanbieden van online coaching. En deel s.v.p. goede praktijkvoorbeelden die ontstaan met INretail, opdat wij dit kunnen delen. Tot slot willen wij u attenderen op https://www.inretail.nl/special/corona/, Platform De Nieuwe Winkelstraat (DNWS), Lokaal Retailbelang en Retailagenda voor meer informatie. Voor vragen of behoefte aan meer informatie, vernemen wij dat graag. Met hartelijke groet,
Jan Meerman Algemeen directeur INretail
Meerjarenagenda Zorg- en Veiligheidshuis Zeeland
2021 – 2025
Inhoudsopgave 1. Zorg- en Veiligheidshuis Zeeland ......................................................................................................... 2 2. De Landelijke Meerjarenagenda 2021-2025 als basis ......................................................................... 3 3. Zicht op 2025 ....................................................................................................................................... 3 4. Invulling van de Zeeuwse Meerjarenagenda 2021-2025 .................................................................... 4 4.1 Versterken van de persoonsgerichte aanpak ................................................................................ 4 Integrale procescoördinatie ............................................................................................................ 4 Radicalisering en extremisme ......................................................................................................... 4 4.2 Verbinding met de omgeving ........................................................................................................ 4 We blijven onze partners faciliteren ............................................................................................... 5 Lokale aansluiting versterken ..........................................................................................................
5 Veilig Thuis....................................................................................................................................... 5 ZSM (Zorgvuldig, Snel en Maatwerkgerichte afdoeningstafel OM) ................................................ 5 4.3 Huis op orde .................................................................................................................................. 6 Lerende organisaties en kwalitatief goede procesregie.................................................................. 6 Informatiedeling & privacy, kwaliteitsborging ................................................................................ 6 Ondersteunend ICT-systeem ........................................................................................................... 6 Informatieverzameling & -analyse .................................................................................................. 7 Het “nieuwe werken” ...................................................................................................................... 7 5. Gemeentelijke opdrachten.................................................................................................................. 7 5.1 Re-integratie van (ex)- gedetineerden ..........................................................................................
7 5.2 Advies- en Meldpunt verward gedrag ........................................................................................... 7 5.3 De Ketenveldnorm......................................................................................................................... 8 5.4 Zorgcoördinatie Slachtoffers Mensenhandel (uitvoeringsprogramma)........................................ 9 Begroting 2021 ...................................................................................................................................... 10 Samenwerkingsovereenkomst Zorg- en Veiligheidshuis Zeeland ......................................................... 11
1
Meerjarenagenda Zorg- en Veiligheidshuis Zeeland 2021 – 2025
1. Zorg- en Veiligheidshuis Zeeland Het Zorg- en Veiligheidshuis Zeeland richt zich primair op personen met complexe problematiek1 op meerdere leefgebieden met een hoog veiligheidsrisico waar samenwerking over de domeinen van straf, zorg en gemeenten noodzakelijk is om effect te bereiken. Hierbij biedt het Zorg en Veiligheidshuis Zeeland maatschappelijke toegevoegde waarde in het netwerk van partners binnen het zorg-, sociaal en veiligheidsdomein. De essentie van de aanpak en de kracht van het Zorg- en Veiligheidshuis is het gedeeld eigenaarschap van de deelnemende partners die zich tot doel stelt:
crimineel en overlastgevend gedrag en zwaardere geïndiceerde zorg te voorkomen; herhaling en escalatie van strafbare feiten terug te dringen; een fysiek knooppunt te zijn van preventie, repressie en (na)zorg; de effectiviteit van justitiële, zorg- en welzijnsorganisaties te verhogen.
Sommige problemen van burgers zijn zo complex dat geen oplossing wordt bereikt in de reguliere processen van zorg en veiligheid. Er is dan regie en coördinatie nodig om tot een doorbraak te komen. Het Zorg- en Veiligheidshuis Zeeland kan deze regie en coördinatie op zich nemen. In het Zorg- en Veiligheidshuis Zeeland werken we in een team met professionals die expert zijn op het gebied van regie en coördinatie. Deze regisseurs brengen sinds 2009 professionals uit de zorg, veiligheid en gemeente bij elkaar. Zonder de verantwoordelijkheden van de ketenpartners over te nemen, dragen wij oplossingen aan voor gecoördineerde actie. Het Zorg- en Veiligheidshuis Zeeland bewaakt de uitvoering van de afspraken en neemt initiatief als het proces stagneert. Dankzij de netwerksamenwerking worden complexe problemen integraal aangepakt en beter beheersbaar.
1 Volgens het Landelijk kader Veiligheidshuizen voldoet een casus aan de notie ‘complexe casuïstiek’ wanneer deze aan de volgende criteria
voldoet: 1) Er is sprake van ernstige lokale of gebiedsgebonden veiligheidsproblematiek, die vraagt om een ketenoverstijgende aanpak, of 2) De problematiek wordt beïnvloed door en heeft impact op het (gezins-)systeem en/of de directe sociale leefomgeving (of wordt verwacht dat te gaan hebben) en 3) Samenwerking tussen meerdere ketens (minimaal dwang en drang) is nodig om tot een effectieve aanpak te komen; het is in de reguliere samenwerking tussen partners binnen één keten niet mogelijk om deze problematiek effectief aan te pakken en 4) Er is sprake van meerdere problemen (multiproblem) die op meer dan één leefgebied spelen en (naar verwachting) leiden tot crimineel en/of overlastgevend gedrag of verder afglijden.
2
2. De Landelijke Meerjarenagenda 2021-2025 als basis Het Zorg- en Veiligheidshuis Zeeland is geen opzichzelfstaande organisatie maar is onderdeel van een Landelijk dekkend Netwerk van Zorg- en Veiligheidshuizen. Daarom is in 2017 is een belangrijke stap gezet in het versterken van de rol en positie van de Nederlandse Zorg- en Veiligheidshuizen door het formuleren van een Landelijke Meerjarenagenda 2017-2020. Met deze agenda hebben de Zorg- en Veiligheidshuizen bepaalde doelen gesteld die ze binnen 4 jaar wilden behalen. Inmiddels is deze agenda afgerond en zijn belangrijke doelstellingen gerealiseerd2. Zo zijn er grote stappen gezet in de verbinding tussen de domeinen zorg en veiligheid, is de kennis en expertise op complexe multiproblematiek verbreed en is er gewerkt aan een gemeenschappelijke basis in de dienstverlening. Daarnaast is de basis op het gebied van privacy en informatiedeling op orde gebracht met privacyconvenanten. Andere gestelde ambities vragen ook de komende jaren nog tijd en aandacht, zoals de samenwerking met ZSM de afdoeningstafel openbaar ministerie (OM) en Veilig Thuis.3 Als Zorg- en Veiligheidshuis zijn we echter allerminst klaar met ontwikkelen. De complexiteit van de maatschappelijke opgaven waar straf en zorg samenkomen is toegenomen. Er is meer casuïstiek waar sprake is van een hoog dreigingsniveau (gevaarzetting).
De inzet binnen het vrijwillig kader op wijk- of lokaal niveau is hiervoor niet altijd toereikend waardoor afstemming nodig is met het gedwongen kader van de strafrechtpartners en/of geestelijke gezondheidszorg en verstandelijk gehandicaptenzorg.
3. Zicht op 2025 Zoals bovenstaande aangeeft is de maatschappelijke functie van het Zorg- en Veiligheidshuis nog belangrijker geworden. Alle partners van het Zorg- en Veiligheidshuis voelen deze verantwoordelijkheid en daarom is door de landelijke Stuurgroep Zorg- en Veiligheid besloten om te komen tot een nieuwe Meerjarenagenda 2021-2025. De nieuwe Landelijke Meerjarenagenda 2021-2025 is onderdeel van de brede beweging naar meer regionale verbinding en samenwerking tussen en binnen het zorg-, sociaal en veiligheidsdomein. Daar hoort ook een goed georganiseerd ‘zorg- en veiligheidslandschap’ bij waarin de samenwerkende partijen een duidelijk gedefinieerde rol en positie hebben. Deze nieuwe Meerjarenagenda 2021-2025 beoogt de positie van het Zorg- en Veiligheidshuis als de plek voor de regie over de moeilijkste zorg- en veiligheidscasuïstiek verder te verduidelijken en te verstevigen. De nieuwe Landelijke Meerjarenagenda 2021-2025 dient als basis voor de Zeeuwse Meerjarenagenda. De Zeeuwse Meerjarenagenda is dan ook opgesteld door de directeur samen met de ambtelijke vertegenwoordigers van het Zorg- en Veiligheidshuis Zeeland en door het bestuur vastgesteld. De uitvoering van beide agenda’s staat in samenhang met relevante landelijke programma’s en trajecten en in het bijzonder de programma’s die samenkomen in het kernteam VLOT4.
2
Voor een volledig beeld van de resultaten van de afgelopen jaren wordt verwezen naar het Eindrapport Uitvoering Meerjarenagenda zorg- en Veiligheidshuizen 2017-2020 3 Voor een volledig beeld van de resultaten van de afgelopen jaren wordt verwezen naar het Eindrapport Uitvoering Meerjarenagenda zorg- en Veiligheidshuizen 2017-2020. 4 VLOT heeft tot doel het ondersteunen van de regio’s en het verbinden van de verschillende landelijke programma’s rondom kwetsbare personen, te weten: de (keten)programma’s voor de implementatie van de Wet verplichte ggz, voor de Wet zorg en dwang en voor de Wet forensische zorg; de meerjarenagenda Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang; implementatie van de Ketenveldnorm beveiligde zorg en levens-loopfunctie; aansluiting forensische en reguliere zorg in het kader van het programma Koersen Kansen; re-integratie exgedetineerden en aanpak personen met verward gedrag.
3
4. Invulling van de Zeeuwse Meerjarenagenda 2021-2025 In het proces om te komen tot een Zeeuws Meerjarenagenda 2021-2025 starten we niet vanaf nul. De oude landelijke Meerjarenagenda heeft enkele aanbevelingen gedaan, er zijn actuele ontwikkelingen en ketenpartners hebben behoeften gesignaleerd. Op basis daarvan zijn er 3 hoofdlijnen benoemd met daarbinnen aandacht voor specifieke doelgroepen, samenwerkingsverbanden en de inrichting en organisatie van ‘het huis’. Al deze onderwerpen krijgen eveneens landelijke aandacht waarvoor werkgroepen en “kartrekkers” benoemd zijn. De hoofdlijnen zijn:
verder versterken van de persoonsgerichte aanpak; blijvende verbinding met de omgeving en waar nodig versterken; het “huis” staat maar moet op orde gehouden worden.
4.1 Versterken van de persoonsgerichte aanpak Het Zorg- en Veiligheidshuis Zeeland zet de komende jaren in op het verder versterken van de persoonsgerichte aanpak. Waar relevant gecombineerd met een systeem- of gebiedsgerichte benadering met aandacht voor de (lokale) omgeving van dader en slachtoffer(s).
Integrale procescoördinatie Kerntaak is aanpak van complexe problematiek. We blijven adviezen geven, wekelijkse triage doen en procesregie voeren op complexe casussen (Integrale procescoördinatie). De komende jaren wordt meer aandacht besteed aan het professionaliseren van onze werkwijze. Verdieping van het werk en het meer methodisch werken krijgt de aandacht.
Radicalisering en extremisme Het proces van radicalisering kan leiden tot activisme, (gewelddadig) extremisme, terrorisme en terreur. De gemeenten hebben de regierol bij het tegengaan hiervan. Met het aangaan van het “Convenant Persoonsgerichte Aanpak Radicalisering en Extremisme” hebben de partners de rol voor het signaleren en de aanpak van geradicaliseerde personen, uitreizigers en terugkeerders belegd bij het Zorg- en Veiligheidshuis. Het Zorg- en Veiligheidshuis onderhoudt een groot en sterk netwerk gericht op het signaleren van casuïstiek waar gevaar en maatschappelijke onrust een rol kunnen spelen. Radicalisering en extremisme hoort daarbij. We blijven periodiek trainingen en bijeenkomsten bijwonen die zijn gericht op dit thema en we blijven deelnemen aan bovenlokale ontwikkelingen en samenwerkingsverbanden, zoals het landelijke flex-team (experts die ondersteuning bieden). Daarnaast zullen we de zes wekelijkse weegploeg blijven organiseren en zo nodig een maatwerkoverleg inzetten.
4.2 Verbinding met de omgeving Er zijn goede afspraken gemaakt met de lokale teams en de zorg- en veiligheidsdomeinen van gemeenten over op- en afschalen van casuïstiek. Dit is essentieel om het gezamenlijk uitgangspunt van ‘lokaal tenzij’ te waarborgen en als Zorg- en Veiligheidshuis de aandacht te kunnen geven aan de complexe problematiek waar straf en zorg samenkomen en hulp in het vrijwillig kader niet (meer) werkt. Het versterken van de verbindingen met verschillende netwerken vindt plaats door processen beter op elkaar aan te laten sluiten en heldere en transparante afspraken te maken over inhoud, vorm en moment van informatie-uitwisseling. Deze taken en netwerken zijn onder andere de volgende. 4
We blijven onze partners faciliteren Het Zorg- en Veiligheidshuis verbindt zorg- en strafpartners en gemeenten bij de aanpak van complexe zorg- en veiligheidsproblemen. Partners maken gebruik van ons huis ten behoeve van samenwerking die valt binnen de reguliere inzet onder hun eigen regie. Het gaat om thema’s als huiselijk geweld, multidisciplinaire aanpak (MDA++), justitiabelen 18+ en justitiabelen 18-, Leerplicht, Trajectberaad en OM-zittingen. Het verlenen van deze faciliteiten verbindt de partners aan het samenwerkingsverband en draagt zo in belangrijke mate bij aan een sterk netwerk. De komende jaren willen we die faciliteiten blijven bieden.
Lokale aansluiting versterken Alle Zorg- en Veiligheidshuizen verbinden zich met de sociale wijkteams, maar de mate waarin dat geborgd is varieert van `Men weet elkaar te vinden’ tot en met afspraken op papier. Aanbevolen wordt aan alle Zorg- en Veiligheidshuizen om het relatiebeheer met de sociale wijkteams als een continuproces te benaderen en zorg te dragen dat afspraken met de gemeente(n) over de op- en afschaling van complexe casuïstiek actueel blijven. Hiernaast wordt aan de gemeenten en de Zorg- en Veiligheidshuizen gevraagd om sociale wijkteams te ondersteunen bij het versterken van de kennis en kunde op het terrein van casuïstiek met aspecten van onveiligheid. Daarbij zijn goede afspraken essentieel om het gezamenlijk uitgangspunt van ‘lokaal tenzij’ te waarborgen en als Zorg- en Veiligheidshuizen de aandacht te kunnen geven aan de complexe problematiek waar straf en zorg samenkomen en hulp in het vrijwillig kader niet (meer) werkt. Het Zorg- en Veiligheidshuis Zeeland heeft al goede afspraken gemaakt met de lokale teams (o.a. middels de Zeeuwse regiekaart) maar zal hierin blijvend aandacht geven, zeker nu de gemeenten meer hun regierol oppakken waardoor er nog striktere verbindingen gelegd moeten worden. Voorbeeld hiervan is de aanpak personen met verward gedrag.
Veilig Thuis De ambitie is om de komende jaren betere samenwerkingsafspraken te maken. Een klein deel van de situaties rondom huiselijk geweld, kindermishandeling en stalking is dermate complex, dat een integrale aanpak vanuit het Zorg- en Veiligheidshuis (samen met en onder de coördinatie van Veilig Thuis) nodig is om de structureel onveilige situatie te doorbreken. Het coördinatievraagstuk met de daarbij behorende taken en rollen, alsmede de verbinding op doelgroepen (personen met een hoog veiligheidsrisico), fenomenen zoals stalking en werkwijzen zoals (MDA++), zijn onderwerpen voor een nadere, gezamenlijke uitwerking en verdere toepassing in onze regio. Daarbij wordt tevens de verbinding gemaakt met landelijke programma’s, zoals “Geweld Hoort Nergens Thuis” en “Veiligheid Voorop”. Tevens wordt er in Zeeland een Actie-overleg voor de complexe huiselijk geweld zaken onder voorzitterschap van Veilig Thuis en in samenwerking met het Zorg- en Veiligheidshuis opgezet en ingericht op onze locatie.
ZSM (Zorgvuldig, Snel en Maatwerkgerichte afdoeningstafel OM) Een versterking van de verbinding tussen de Zorg- en Veiligheidshuizen en ZSM is nodig om de veiligheid van slachtoffers en omgeving én een betekenisvolle interventie voor dader, slachtoffer en omgeving, beter te waarborgen. De Zorg- en Veiligheidshuizen en de strafrechtpartners op ZSM werken hierin samen om vanuit een gedeeld kader en ambitieniveau, te komen tot een verbeterde werkwijze die toepasbaar én uitvoerbaar is in alle regio’s. De Zorg- en Veiligheidshuizen en de strafrechtpartners op ZSM hebben een gezamenlijke en gedeelde ambitie om te komen tot een nog betere verbinding en effectievere samenwerking tussen het 5
straf-, zorg- en sociaal domein. Gelet op de ervaring in de afgelopen jaren, waarbij er op verschillende locaties is gewerkt aan het versterken van verbindingen tussen ZSM en de Zorg- en Veiligheidshuizen, blijkt het in de praktijk lastig om tot duurzame effectieve samenwerking te komen. Hiervoor is in het arrondissement een werkgroep samengesteld met vertegenwoordigers uit de vier Zorg- en Veiligheidshuizen om bovenstaande ambitie te realiseren.
4.3 Huis op orde Het Zorg- en Veiligheidshuis Zeeland zal de komende jaren blijven investeren in de ondersteunende processen; het fundament om de noodzakelijke kwaliteit te blijven waarborgen. De focus ligt hierbij op:
Lerende organisaties en kwalitatief goede procesregie Een uitstekend functionerend netwerk is de basis voor samenwerking. Het Zorg- en Veiligheidshuis is een lerende netwerkorganisatie waarbij duurzaam geïnvesteerd wordt in kennis, attitude en vaardigheden, niet alleen omwille van de expertise van medewerkers en partners, maar ook om de relatie met netwerkpartners te onderhouden. In 2020 hebben onze procesregisseurs deelgenomen aan de leergang procesregisseurs. De leergang bevat een combinatie van persoonlijkheid (gericht op persoonlijke effectiviteit), skills (gericht op vaardigheden, methoden en technieken) en context (gericht op positie en rol binnen het krachtenveld van het straf-, zorg- en sociaal domein). Ook hebben we trainingen georganiseerd, gericht op Radicalisering en Gegevensdeling en voorlichting gegeven over Mensenhandel en de Zeeuwse Regiekaart. Op basis van deze ervaringen blijven we ook de komende jaren ons inzetten op de ontwikkeling van kennis, attitude en vaardigheden van de overige medewerkers. Maar ook op die van partners, zodat ook hun kennis, attitude en vaardigheden in de samenwerking eveneens op orde blijft.
Informatiedeling & privacy, kwaliteitsborging De Zorg- en Veiligheidshuizen staan voor een zorgvuldige domeinoverstijgende informatie-uitwisseling volgens de privacywet- en regelgeving. Hoewel de basis op orde is, blijft aandacht nodig op kwaliteitsborging van informatie-uitwisseling in de praktijk. Hierbij wordt aangesloten bij het VLOT, de Wet gegevensverwerking door samenwerkingsverbanden, de Zeeuwse Leertuin Gegevensdeling en het Landelijk Handvat Gegevensuitwisseling. Twee belangrijke ontwikkelingen versterken deze beweging en dragen eveneens bij aan het vergroten van de professionele standaard en kwaliteit: -Een wettelijke grondslag voor de Zorg- en Veiligheidshuizen binnen de Wet gegevensverwerking door samenwerkingsverbanden. Het wetgevingstraject is begin 2020 versneld ingezet en heeft tot doel de mogelijkheden tot gezamenlijke verwerking van persoonsgegevens binnen samenwerkingsverbanden te verbeteren. -Het Uitvoeringsprogramma persoonsgegevens en privacy sociaal domein (UPP) waar samen wordt gewerkt aan het opheffen van ‘wettelijke’ knelpunten op het gebied van gegevensuitwisseling zonder de privacy van betrokkenen te schenden.
Ondersteunend ICT-systeem ICT-systemen worden verder geoptimaliseerd zodat casusondersteuning, management- en sturingsinformatie en landelijke uitwisseling gewaarborgd zijn. Alle Zorg- en Veiligheidshuizen maken gebruik van het informatiesysteem GCOS (geïntegreerd casusoverleg ondersteunend systeem) of hebben inmiddels via de functie Middenvelder verbinding met GCOS waardoor een landelijke check op bekendheid op lopende casussen mogelijk is. 6
Gezien het GCOS systeem verouderd is en niet (geheel) meer voldoet aan alle eisen en wensen is er een lopende verkenning onder leiding van de VNG (Vereniging van Nederlandse Gemeenten) naar een nieuwe informatievoorziening voor de Zorg- en Veiligheidshuizen.
Informatieverzameling & -analyse De Zorg- en Veiligheidshuizen zetten in op het versterken van de informatieverzameling en -analyse met als doel de persoonsgerichte aanpakken met feiten en data te kunnen onderbouwen en effectiviteit te kunnen meten. Er wordt op landelijk niveau een onderzoeksagenda opgesteld met aandacht voor de typen onderzoeken (zoals benchmarks en monitors) en de inhoudelijke onderwerpen (zoals de persoonsgerichte aanpak, specifieke inhoudelijke thema’s en samenwerkingsvraagstukken). Zo wordt er jaarlijks een trendscan en instroomanalyse uitgevoerd. Begin vorig jaar is bij het Zorg- en Veiligheidshuis Midden Brabant een criminoloog gestart. Deze criminoloog is in gesprek gegaan met verschillende collega’s om de aard van de problematieken in kaart te brengen waar de Zorg- en Veiligheidshuizen Midden Brabant, Baronie Breda, De Markiezaten en Zeeland mee te maken hebben. Deze trendscan heeft een indicatie gegeven over waar we als Zorg- en Veiligheidshuizen in 2018 mee geconfronteerd werden. Om goed zicht te blijven houden op die trends en ontwikkelingen, is het belangrijk om de trendscan jaarlijks te herhalen. In 2020 is de trendscan voor de vier Zorg- en Veiligheidshuizen herhaald. Samen met de vier Zorg- en Veiligheidshuizen in ons arrondissement is de ambitie uitgesproken om deze trendscan te borgen en door te ontwikkelen.
Het “nieuwe werken” De “Corona-crisis” bracht een plotselinge en onverwachte noodzaak om thuis te werken met zich mee. Er is nog veel onduidelijkheid over de rechten en verplichtingen die daarmee gepaard gaan. Als eerste reactie hebben we onze medewerkers naar wens voorzien van de noodzakelijke (digitale) hulpmiddelen en zijn er afspraken gemaakt. Omdat het einde van deze noodzaak niet in zicht is, zullen we ons oriënteren op de consequenties zoals Arbo regels, cyberveiligheid, privacy, relevante wetgeving, communicatie et cetera.
5. Gemeentelijke opdrachten Naast de kerntaken heeft het Zorg- en Veiligheidshuis Zeeland van de gemeenten als opdracht gekregen de volgende taken op zich te nemen:
5.1 Re-integratie van (ex)- gedetineerden De komende jaren willen we de coördinatie van re-integratie van (ex) -gedetineerden verbeteren door mee te werken aan de ontwikkeling en implementatie van het “Bestuurlijk Akkoord Re-integratie”. De taken en de verantwoordelijkheden zijn duidelijk en gekaderd rondom de re-integratie (ex-) gedetineerden. Denk hierbij aan de BIJ-regeling (bestuurlijke informatie justitiabelen), ISD (inrichting stelselmatige daders) , TBS (ter beschikking stelling) en de ambulante begeleiding van ex-gedetineerden.
5.2 Advies- en Meldpunt verward gedrag Per 1 januari 2020 is het Zorg- en Veiligheidshuis Zeeland aangewezen en gestart als regionaal Meldpunt voor de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) en de Aanpak personen met verward gedrag. Per juli 2020 is daarbij gekomen het Meldpunt zorgwekkend gedrag 0800-1205. Deze drie functies hebben we gezamenlijk ondergebracht bij het ‘Advies- en Meldpunt verward gedrag’.
7
Deze drie opdrachten kennen, zoals bij elke nieuwe wet en opdracht, een leertraject. Voor een groot gedeelte is het nog onontgonnen terrein. Door de opdrachten te bundelen op Zeeuws niveau, kunnen we de komende jaren op regionaal niveau goed zicht krijgen op de problematiek van verwarde personen en de zorg aan deze doelgroep. Door samen te werken in de keten en contacten te leggen en onderhouden met ketenpartners en collega-meldpunten in het land, blijven we op de hoogte van de ontwikkelingen en werken we gezamenlijk aan deskundigheidsbevordering. Op deze manier zullen we de komende jaren op basis van ervaring en ontwikkelingen op regionaal en landelijk niveau, de werkprocessen en werkwijzen steeds verder verfijnen. Het is onze doelstelling het ‘Advies- en Meldpunt verward gedrag’ zo in te richten dat we informatie en kennis op een juiste manier kunnen bundelen en zorg kunnen dragen voor een sluitende aanpak bij complexe problematiek van verwarde personen. We zetten daarbij in op het tot stand brengen van goede samenwerking en afstemming met onze ketenpartners.
5.3 De Ketenveldnorm De ketenveldnorm is een van de opbrengsten van het programma “Continuïteit van Zorg” (januari 2016 – juli 2017). Dit programma is vorm gegeven in opdracht van de Ministeries Volksgezondheid, Welzijn en Sport en van Justitie en Veiligheid, in samenwerking met Zorgverzekeraars Nederland, GGZ Nederland en de VNG. Het programma was en is gericht op het verbeteren van de aansluiting tussen de zorg voor forensische patiënten en de reguliere zorg. Uit de praktijk bleek dat de zorg in een beveiligde setting voor psychiatrische patiënten en/of mensen met een verstandelijke beperking met (mogelijk) gevaarlijk gedrag vaak onvoldoende beschikbaar is na afloop van de strafrechtelijke titel. Om die reden is besloten een ketenveldnorm te ontwikkelen. Deze veldnorm is tevens onderdeel van het Bestuurlijk Akkoord GGZ 2019-2022. De ketenveldnorm is een zorgstandaard die de kwaliteit en continuïteit van zorg en straf beter aan elkaar verbindt, voor mensen met GGZ- en/of LVB-problematiek ((licht) verstandelijke beperking) en/of met een niet-aangeboren-hersenletsel (NAH). Zij hebben bijkomende problematiek zoals een verslaving en vertonen daardoor gedrag dat schadelijk is voor de samenleving. Deze groep heeft bij uitstek baat bij continuïteit van zorg en begeleiding en bij soepel op- en afschalen van en naar beveiligde zorg.
Continuïteit moet er ook zijn als het gaat om wonen, werk of dagbesteding en inkomen. De ketenveldnorm is in andere woorden de ‘sluitende aanpak’ voor de hoog-risicogroep. Het is een aanpak die disciplines en zorgstelsels overstijgt. De ketenveldnorm kent twee hoofdlijnen, te weten: 1. Beveiligde intensieve (klinische) zorg: De uitvoering en casusregie is een verantwoordelijkheid van de gespecialiseerde (forensisch) zorgaanbieders. 2. De levensloopfunctie: De levensloopfunctie kent twee sporen: a) Doorgaande, langlopende, ondersteuning en zorg in een ambulante setting met aandacht voor alle levensgebieden van de cliënt. Deze ambulante zorg wordt geboden door gespecialiseerde begeleiding onder de zorgverzekeringswet, bij afschaling onder de Wmo2015. b) Passende woon-, werk- en inkomensvoorzieningen voor een stabiele leefsituatie en zorg die daarop aansluit. Dit sluit aan op de wettelijke maatwerktaken van gemeenten.
8
Kern van het onderdeel levensloopregeling zit vooral in de continuïteit van de ondersteuning, de zorg en de voorzieningen. Intensieve zorg blijft beschikbaar en professionals blijven bij de cliënt betrokken zo lang dat nodig is. Op- en afschalen naar zwaardere of lichtere vormen van ondersteuning en zorg gebeurt zonder toestemming van financiers gedurende een traject. Dit kan door hierover vooraf afspraken te maken en te werken met maatwerkplannen per cliënt. Het bestuur van het Zorg- en Veiligheidshuis Zeeland is verzocht, onder voorbehoud van financiering door de Zeeuwse Colleges van B&W, akkoord te gaan met het beleggen van de volgende taken (die horen bij de levensloopfunctie): a. de meldfunctie; b. een multidisciplinaire triagetafel voor het includeren van een cliënt in de levensloopfunctie; c. de verbinding maken met de ketenpartners zorg en veiligheid, ten behoeve van de toeleiding naar de ketenveldnorm of naar andere passende ondersteuning in de zorg- en strafketen.
5.4 Zorgcoördinatie Slachtoffers Mensenhandel (uitvoeringsprogramma) Het Zorg- en Veiligheidshuis Zeeland heeft de opdracht gekregen van alle Zeeuwse gemeenten om binnen de vier jaar de zorgcoördinatie in Zeeland goed vorm te geven. De Zorgcoördinatie Slachtoffers van mensenhandel is onderdeel van het Zeeuws uitvoeringsprogramma “Mensenhandel in Zeeland”. De complexiteit van de problematiek en de grote hoeveelheid aan betrokken partijen vraagt om onderlinge afstemming, samenwerking en coördinatie. In het overgrote deel van de Nederlandse gemeenten draagt de zorgcoördinator hiervoor de verantwoordelijkheid. De zorgcoördinator fungeert als schakel tussen de ketens en tegelijkertijd als een overkoepelende coördinator in het opvang- en/of zorgtraject. Zij kunnen ondersteunen en adviseren bij het zichtbaar maken van de problematiek en het vroegtijdig herkennen of zelfs voorkomen van slachtofferschap. De zorgcoördinator coördineert de ondersteuning en begeleiding van slachtoffers en zorgt ervoor dat deze efficiënt verloopt en dat bijvoorbeeld de juiste (juridische) procedures worden opgestart. Vanaf het moment van aanmelding tot en met het afsluiten van het traject is de zorgcoördinator betrokken.
De afgelopen maanden is er een netwerk opgebouwd van justitiële diensten, signalerende organisaties (zoals gemeenten) en van zorginstellingen die een rol kunnen hebben bij het daadwerkelijk verlenen van hulp aan slachtoffers. De komende jaren blijven we ons inzetten en zorgen we er voor dat we samen met deze partners een integrale aanpak ontwikkeld hebben.
9
Begroting 2021 De begroting 2021 is opgemaakt door de directeur met de financiële controllers van de gemeente Vlissingen en het openbaar ministerie. Deze is besproken in de kascommissie met de penningmeester.
STAAT VAN BATEN EN LASTEN Jaarrekening
Begroting
Begroting
2019
2020
2021
Baten
687.472
811.480
1.227.170
Totaal baten
687.472
811.480
1.227.170
Bedragen in €
Lasten Bedragen in €
Jaarrekening 2019
Begroting 2020
Begroting 2021
Personeelskosten Afschrijvingen Overige bedrijfskosten Onvoorzien
545.219 8.165 143.767 -
673.230 14.100 181.390 5.200
1.005.110 12.438 229.060 5.200
Totaal lasten
697.151
873.920
1.251.808
-9.679
-62.440
-24.638
81
-
-
-9.598
-62.440
-24.638
62.440
24.638
0
0
Bedrijfsresultaat Financiële baten en lasten Resultaat voor mutaties reserves (+ = positief, -/- = negatief) Dotatie / onttrekking algemene reserve Resultaat na mutatie reserves (+ = positief, -/- = negatief)
-9.598
10
Samenwerkingsovereenkomst Zorg- en Veiligheidshuis Zeeland Onderstaande partijen hebben in deze overeenkomst afspraken vastgelegd met betrekking tot de samenwerking tussen de verschillende partijen. Hierna te noemen deelnemende gemeenten: Gemeente Vlissingen Gemeente Middelburg Gemeente Veere Gemeente Sluis Gemeente Terneuzen Gemeente Hulst Gemeente Goes Gemeente Noord-Beveland Gemeente Schouwen-Duiveland Gemeente Reimerswaal Gemeente Kapelle Gemeente Borsele Gemeente Tholen
En hierna te noemen deelnemende ketenpartners: Zorg- en Veiligheidshuis Zeeland Maatschappelijk Werk Walcheren Stichting Maatschappelijk Werk Oosterschelderegio GGD Zeeland / Veilig Thuis Zeeland GGZ Emergis Stichting Intervence Openbaar Ministerie Zeeland West Brabant Politie district Zeeland Reclassering Nederland Raad voor de Kinderbescherming Penitentiaire Inrichting Middelburg Leger des Heils Welzijns- en Gezondheidszorg Zuidwest Nederland Leger des Heils Jeugdbescherming en Reclassering Mozaik/Pameijer Hulst voor Elkaar Aan-Z Orionis Walcheren DOOR, onderdeel van Stichting Tragelzorg Stichting ROAT Stichting Halt William Schrikker Stichting Jeugdbescherming & Jeugdreclassering Stichting Zeeuwse Gronden Stichting Zeeuwse Zorgschakels CZW bureau
Zorg- en Veiligheidshuis Zeeland Vrijlandstraat 33b 4337 EA Middelburg december 2020 B. Vanassche
11
"DOOFPOTTEN" VAN DE NEDERLANDSE REGERINGEN IN "HET TORENTJE VAN DE HAAGSE BERMUDADRIEHOEK"
Geachte griffie(r) In februari 2020 heb ik ook uw medewerking gekregen, dit gaat om heel veel door Nederland opgeroepen internationale- en nationale problematiek, toen heeft u het ook doorgezonden naar B & W en de Gemeenteraadsleden. Bent u dat met deze lange berichtgeving ook te doen. Mag ik u verzoeken deze lange berichtgeving door te zenden naar: De Burgemeester en de Wethouders, en aan de Gemeenteraadsleden. Dit heeft niet alleen te maken met de Oorlogsmisdaden en Mensenrechtenschendingen van het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek-Indonesië, maar ook de Mensenrechtenschendingen van de Nederlandse Regering in Nederland. Zoals o.a. de Kinderopvangtoeslag, de houding van de Regering inzake de financiële afwerking, de al tientallen jaren durende financiële afwikkelingen voor de schade aan de woningen in de Provincie Groningen, enz. Bij voorbaat dank voor het doorsturen van deze berichtgeving. Siemon Goossensen Woonplaats: Zwolle email: onderstesteen@hotmail.com Juridisch- en Maatschappelijk Adviseur Historisch Onderzoeker Met betrekking op de VOC, Nederlands-Indië, De Dekolonisatieoorlog, De Genocide van Nederland door de VOC, De Nederlandse Oorlogsmisdaden van Nederland in Nederlands-Indië De Genocide, vandaag de dag op (voormalig) Nederlands Nieuw-Guinea, door de Republiek-Indonesië.
-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
DE MENSENRECHTENSCHENDINGEN VAN OOK DE NEDERLANDSE REGERING(EN) VANAF DE LIBERALE- EN CALVINISTISHE OVERHEID VANAF DE VOC IN HET JAAR 1602 ! TOT EN MET DE LIBERALE-,CALVINISTISCHE- EN SOCIALISTISCGE OVERHEID IN HET JAAR 2021 ! MAAR OOK: Het smerige handelen (in ieder geval de laatste 40/50 jaar tot nu toe in 2021) van de: Liberale-. Calvinistische- en Socialistische Regeringen op het afschuiven van: VERANTWOORDELIJKHEDEN, "DIE DE NEDERLANDSE REGERINGEN ZOUDEN MOETEN UITVOEREN NAAR": DE 355 GEMEENTEN EN DE 12 PROVINCIËN IN NEDERLAND.
----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
VERZENDEN AAN: Zijne Majesteit Koning Willem-Alexander en Hare Majesteit Koningin Maximá De Minister President van het Koninkrijk der Nederlanden, M. Rutte De President van de Republiek-Indonesië, J. Widodo De Minister van Buitenlandse Zaken van het Koninkrijk der Nederlanden, S. Blok De Minister van Buitenlands Zaken van de Republiek-Indonesië, Retno L. P. Marsudi De Ambassadeur van het Koninkrijk der Nederlanden in de Republiek-Indonesië, dhr. GRIJNS De Ambassade van de Republiek-Indonesië in Nederland - Den Haag, Mayerfas De Dienst Oceanië en Azië (DOA) van het Nederlandse Ministerie van Buitenlandse Zaken De heer F.
Timmermans, Eerste vicevoorzitter van de Europese Commissie Het Nederlands Instituut Oorlog Documentatie (NIOD) Het Militaire Instituut Militaire Historie (MIMH) Het Koninklijk Instituut Taal-, Land- en Volkenkunde(KITLV) De Commissie Buitenlandse Zaken van de Tweede Kamer der Staten-Generaal De Commissie Binnenlandse Zaken van de Tweede Kamer der Staten-Generaal De Commissie Financiën van de Tweede Kamer der Staten-Generaal De Commissie Justitie van de Tweede Kamer der Staten-Generaal De Tijdelijke Commissie Uitvoeringsorganisaties van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Raad van State Voorzitter en Leden van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Voorzitter en Leden van de Eerste Kamer der Staten-Generaal Leden en gedeputeerden van de 12 Provinciale Staten in Nederland Gemeenteraadsleden en Colleges van B & W van de 355 gemeenten in Nederland Het Internationaal Strafhof in Den Haag Het bestuur en Parlement van de Europese Unie (EU) in Brussel Het Europese Gerechtshof in Luxemburg De Regeringen van de overige 26 EU-landen De Verenigde Naties (VN) in New York Amnesty International in Nederland en in de Republiek-Indonesië Meerdere andere Mensenrechtenorganisaties Nederlandse Dagbladen Landelijke Nederlandse Tv-kanalen Provinciale Nederlandse Tv-kanalen VRT en Canvas - Belgische Tv-kanalen Tv-kanalen in de Republiek-Indonesië: tvOne Indonesia TVRI Sulawesi Utara TVRI Papua TVRI
Maluku TVRI Aceh MNC News Kompas TV
JAK TV Molucca TV Bali TV Bandung TV DKI Jakarta De in ROOD aangegeven instanties/personen ontvangen deze berichtgeving in het Bahasa. Meerdere andere instanties krijgen deze berichtgeving vertaald in het Frans, Duits of Engels. Zoals onder andere de EU, VN, Internationaal Strafhof, Frankrijk en alle andere EU-landen -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------HET NEDERLANDSE "BEESTENGEDRAG" VANAF: 1602 tot 2021 VANAF 1602 "DE GOUDEN GENOCIDE EEUW" TOT EN MET 1949 NAAR DE GENOCIDE, MENSENRECHTENSCHENDINGEN t/m de DEKOLONISATIEOORLOG. ONRECHTMATIGE BEZETTING VAN DE EILANDENGROEP VANAF 1602 TOT 1942. MINIMAAL "2.000.000" EILANDBEWONERS "DOOR NEDERLAND" VERMOORD! "350 JAAR ONDER DE DWANG" VAN "DE NEDERLANDSE REGERING" NEDERLAND WAS VAN 1602 - 1940 "EEN ROOFSTAAT" IN NEDERLANDS-INDIË NA DE TWEEDE-WERELDOORLOG WAS NEDERLAND BIJNA FAILLIET EN: WILDEN ZE VANAF 1946/1947 WEER GAAN ROVEN IN DE REPUBLIEK-INDONESIË BEEL EN DREES GAVEN DE OPDRACHT OM NEDERLANDS-INDIË TE HEROVEREN ------------------------------------------------------------------------------------------MENSENRECHTENSCHENDINGEN DOOR DE REPUBLIEK-INDONSIË OP: OOST-TIMOR: 200.000 DODEN EN 4.000 KINDEREN GESTOLEN, jaren '70/'90 JAVA
: 150.000/200.000 DODEN, beginjaren 1900
MOLUKKEN : 500.000 tot 1.000.000 DODEN, jaren 1990-2000. OP ANDERE EILANDEN ZIJN OOK VELE DUIZENDEN INWONERS VERMOORD.
VOORMALIG NEDERANDS NIEUW-GUINEA, NU PAPUA/WEST-PAPUA: DE GENOCIDE BEGON IN 1962, TOT VANDAAG 600.000 VERMOORDDE PAPOEA'S
GEACHTE ? ? ? HEER (OP)RUTTE. Als u de bovenste regels hebt doorgelezen, dan is daar gelijk een antwoord waarom u na 2012, geen activiteiten hebt opgepakt op de met Algemene Stemmen aangenomen motie van het Schenden van de Mensenrechten door de Republiek-Indonesië. De smerige situaties die Nederland vanaf 1602 (VOC) , Genocide, Mensenrechtenschendingen en Oorlogsmisdaden daar heeft uitgevoerd, is zonder meer de reden dat u met die zaak verstopt blijft in uw BERMUDADRIEHOEKTORENTJE. Nee, maar daardoor, door het niet oppakken van de door de Republiek-Indonesië, bent u
medeverantwoordelijk voor dode Papoea's vanaf die met Algemene Stemmen aangenomen motie door de Tweede Kamer der Staten-Generaal. Als ik een automobilist een fietser zie doodrijden en ik onderneem geen stappen, dan kan de Rechtbank mij ook veroordelen. Zolang als u al in de politiek zit en uiteraard ook vanuit de door u gevolgde studie GESCHIEDENIS: DROMMELS GOED WEET ! ! ! WAT DAAR IN DE REPUBLIEK-INDONESIË GEBEURDE / GEBEURT VANAF DE VOC TOT HET WEGGOOIEN VAN DE PAPOEA'S in 1962 EN WAT ZICH DAAR GEBEURDE/GEBEURT TOP DE DAG VAN VANDAAG NU IN 2021. Toen u als staatssecretaris in 2005, tegelijkertijd met Ben Bot (CDA), de toenmalige Minister van Buitenlandse Zaken, een stoel bezette in het Kabinet Balkellende 2, heeft u zeer zeker mee gekregen dat Ben Bot het onderzoek van het NIOD door Pieter Drooglever, "DAAD VAN VRIJE KEUZE", weigerde van Drooglever in ontvangst te nemen.
Dat onderzoek is verricht op verzoek van de Tweede Kamer in 1999.
Jozias van Aartsen, toenmalig fractievoorzitter van de VVD in de Tweede Kamer nam het rapport toen maar aan van Pieter Drooglever.