12.a.1 Amendement SGP, CDA en LPM bij Risicomanagementbeleid - aangepast
Tekst van het document
AMENDEMENT art. 35 RvO Voorstelnummer 21-066 / agendapunt 12.a.1 Onderwerp: Risicomanagementbeleid gemeente Middelburg De raad van de gemeente Middelburg in vergadering bijeen op 27 mei 2021 Ondergetekenden stellen voor, gehoord de beraadslaging, punt 2 als volgt te wijzigen en punt 3 toe te voegen in het dictum van het raadsvoorstel: 2. 3.
Het absolute minimum voor de weerstandstandsratio vast te stellen op 1.0, hetgeen als “voldoende” kwalificeert. De streefwaarde voor de weerstandsratio vast te stellen op 1.4, hetgeen als “ruim voldoende” kwalificeert.
Toelichting: Het weerstandsvermogen betreft de mate waarin de organisatie in staat is middelen vrij te maken (weerstandscapaciteit) om verwachte financiële tegenvallers (risico’s) op te vangen. Dit wordt uitgedrukt met behulp van de weerstandsratio. Bij een ratio hoger dan 1 zijn er in principe voldoende middelen beschikbaar om de aanwezige risico’s af te dekken. Daarbij moet bedacht worden dat een ratioscore een momentopname is en dat bij de beoordeling van de score ook de lange termijnontwikkelingen in beschouwing moeten worden genomen. In het voorliggende raadsvoorstel wordt ingezet op een bandbreedte 1.0 - 1.4 als minimale streefwaarde voor de weerstandsratio, hetgeen als “voldoende” kwalificeert. We zijn van mening dat de minimale streefwaarde niet net voldoende moet zijn, maar dat bij het vaststellen van deze streefwaarde ook rekening gehouden moet worden met financieel mindere jaren, zodanig dat er ook voldoende reserves opgebouwd worden. Tevens mogen we ook wel wat ambitieuzer zijn m.b.t. het weerstandsratio. Dat is tot uiting gebracht in dit amendement, waarin ingezet wordt op een streefwaarde van 1.4, hetgeen als “ruim voldoende” kwalificeert. In het verleden is deze streefwaarde van 1.4 ook altijd als zodanig gehanteerd. Door te werken met een streefwaarde wordt een buffer gecreëerd waar binnen je tegenvallers kunt opvangen.
Zodoende is er meer tijd om herstelmaatregelen zodat niet direct gegrepen hoeft te worden naar het instrument inkomstenverhoging. Deze buffer kan eventueel ingezet worden voor noodzakelijke investeringen die op korte termijn noodzakelijk zijn of indien zich kansen voor dan. Dat rust er wel de verplichting om dit weer aan te vullen tot 1.4. Indien de ratio onder de 1.0 zakt dienen direct maatregelen genomen te worden. Namens de fracties van SGP,
CDA,
LPM,
Paul Moens
Wim Kant
Jesse Aarnoutse