CConstaterende datMeppel
Koppel je AI →
Document · PDF

Toelichting bijlage 9. Beeldkwaliteitsplan

1 - RAADSVERGADERING 21 december 2023, gemeente MeppelBij agendapunt: Bestemmingsplan Meppel - Randweg LTS1.844 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beeldkwaliteit locatie praktijklokalen Voormalige Technische School Meppel

augustus 2023

Inhoud 1

Inleiding ........................................................................................................................................... 3 Een nieuw gebruik, een nieuwe toekomst .......................................................................................... 3 Cultuurhistorische context .................................................................................................................. 3

2

Bestaande situatie ........................................................................................................................... 4

3

Stedenbouwkundige opzet.............................................................................................................. 5 Ontsluiting ........................................................................................................................................... 6 Oriëntatie ............................................................................................................................................ 6 Parkeren .............................................................................................................................................. 6

4

Beeldkwaliteit .................................................................................................................................. 7 Uitgangspunten voor de buitenruimte ............................................................................................... 7 Criteria voor de architectuur ............................................................................................................... 8 Oriëntatie ........................................................................................................................................ 8 Hoofdvorm ...................................................................................................................................... 8 Gevels .............................................................................................................................................. 8 Kleur- en materiaalgebruik .............................................................................................................. 8 Inspiratie 1 : functionalisme van de school ..................................................................................... 9 Inspiratie 2 (eigentijds) functionalisme op schaal woningbouw ................................................... 10

2

1

Inleiding Een nieuw gebruik, een nieuwe toekomst

De voormalige Lagere Technische School voor Meppel en omstreken werd in 1966-1967 gebouwd naar een ontwerp van het architectenbureau G.A. Heldoorn uit LeeuwardenAmsterdam in een modern-functionalistische stijl in de uitbreidingswijk Koedijkslanden. Het is een provinciaal monument. Het gehele terrein van de voormalige LTS krijgt een herbestemming. Het oostelijke gedeelte met de te handhaven monumentale gebouwen wordt bestemd tot appartementen en kantoorunits. Op het westelijke gedeelte van het terrein komt nieuwbouw in de vorm van eengezinswoningen.

Cultuurhistorische context In de naoorlogse periode nam de rijksoverheid de centrale leiding over de scholenbouw en werden aanvragen voor de bouw van scholen afhankelijk van de rijksgoedkeuring van de Centrale Directie van de Wederopbouw en de Volkshuisvesting. In 1967-1968 – de periode waarin deze school tot stand kwam – werd de Wederopbouw van Nederland als afgerond beschouwd. Nieuwe inzichten over pedagogiek, hygiëne en sociale verhoudingen – die in de vroeg-naoorlogse periode grote invloed hadden op de ontwikkeling van het schoolgebouw – waren gemeengoed geworden. Zo ook het gebruik van bouwtechnieken als montage- en systeembouw. Belangrijke aspecten bleven bijvoorbeeld de plaatsing in het groen, de oriëntatie, de aanwezigheid van grote ramen voor veel zon en lichttoetreding, goede ventilatie en een monumentale uitstraling van de architectuur van grote schoolgebouwen. Aspecten die ook bij de herbestemming en de herontwikkeling van belang blijven. De Lagere Technische School met ruime praktijk- en theorielokalen en sportzalen is gebouwd in de uitbreidingswijk Koedijkslanden. De school staat op de hoek van de Werkhorst en de Randweg en fungeert daarmee als stedenbouwkundige landmark in de wijk.

De school bestaat uit vier aaneengeschakelde bouwvolumes, die een schoolplein omsluiten met fruitbomen, zitelementen en een sculptuur – “Drie wachters” of “De waakzamen” – van beeldhouwer Jacob (Jaap) van der Meij uit 1968 van aluminiumcement. Tuinaanleg en kunstwerk maken integraal onderdeel uit van het monument. Aan de westzijde van de school zijn de praktijklokalen ondergebracht in een éénlaagse bebouwing langs de Randweg.

3

2

Bestaande situatie

De school is gelegen op de hoek van de Werkhorst en de Randweg en wordt aan drie zijden omgeven door groen. De school is opgebouwd uit vier aaneengeschakelde bouwvolumes. Op het langgerekte drielaagse theoriegebouw, gelegen evenwijdig aan de Randweg, sluit aan de rechter achterzijde haaks een tweelaags administratiegebouw (administratie, overblijf, centrale hal) aan. Aan de linkerzijde is het theoriegebouw met een loopgang op de eerste verdieping verbonden met de gymzaal. Het theoriegebouw, de administratievleugel en de gymzaal omsluiten een schoolplein. Vanuit het administratiegebouw vormt een loopgang op de begane grond de verbinding met een éénlaags praktijkgebouw. De loopgang en het praktijkgebouw vallen buiten de bescherming van provinciewege. Deze bouwvolumes hebben wel degelijk cultuurhistorische en ensemblewaarde, maar significant minder architectonische en stedenbouwkundige waarde in vergelijking met het hoofdgebouw. Het praktijkgebouw en de loopgang daarnaartoe gaan met de herontwikkeling verdwijnen. De vervangende nieuwbouw zal opnieuw een rol te spelen krijgen als het gaat om de ensemblewaarde van het geheel. Voor de herontwikkeling is het van belang de behoudenswaardige kwaliteiten en kenmerken te onderkennen en als uitgangspunt voor de transformatie te beschouwen. In de redengevende beschrijving1 worden de volgende waarden beschreven: Stedenbouwkundige waarde -

de situering als landmark als ensemble door de ruimtelijke relatie die het alzijdig ontworpen hoofdgebouw aangaat met de omgeving

Architectonische / architectuurhistorische waarde -

de esthetische kwaliteiten van het functionalistische ontwerp de bijzondere schakering van bouwvolumes, de bijzondere detaillering van de transparante buitengevels met betonnen omkadering en de markante plaatsing van de open trappenhuizen op en plint van een opgetild volume op een kolommenrij,

in relatie met het monument -

de esthetische kwaliteiten van het aan het gebouw relateerde kunstwerk “Drie wachters” van beeldhouwer Jacob van der Meij. De inrichting van de buitenruimte, tuinaanleg

1

Bron; www.provincialemonumentendrenthe.nl gebaseerd op de beschrijving en waardering van Randweg 1 zoals uitgevoerd door Het Oversticht in opdracht van de gemeente Meppel, d.d. 2 Maart 2016.

4

3

Stedenbouwkundige opzet

De stedenbouwkundige opzet voor de herontwikkeling van de locatie is in het onderstaande kaartje weergegeven2.

Van de stedenbouwkundige uitgangspunten die zijn aangegeven zijn met name de structuur en de verbindingen van belang. De met een groene arcering aangeduide gewenste groene structuur en de blauwe streeplijnen voor verbindingen staan voor elementen die zorgdragen voor de samenhang tussen de verschillende onderdelen van de locatie zelf als met de omgeving. In het kaartje is de te handhaven bebouwing in grijs aangegeven. De locatie van de praktijklokalen wordt getransformeerd. Voor de nieuwe opzet is het van belang dat er opnieuw een ensemble ontstaat van de nieuwbouw en de te handhaven monumentale panden tezamen. Er wordt uitgegaan van een heldere opzet waarbij grondgebonden woningen een cluster vormen dat in het gehele ensemble als vervanging van het praktijkgebouw kan dienen. Binnen het cluster kan een eigen sfeer tot stand komen. De gekozen opzet voor de nieuwbouw bestaat uit twee bebouwingsstroken met geschakelde danwel aaneengesloten grondgebonden woningen. De achterzijden van de woningen liggen tegenover elkaar op het binnenterrein. De entrees (voordeuren) van de noordelijke

2

‘Gemeentelijke randvoorwaarden ontwikkeling’ Biedboek

5

bebouwing zijn op de Randweg georiënteerd, die van de zuidelijke op een pad langs de groenzone. Tussen het oostelijke en het westelijke deel wordt in het stedenbouwkundig plan een sterke zichtrelatie gelegd door een doorlopende as. Door het verlengde van deze as in westelijke richting wordt de locatie ook verbonden met het groene nieuwbouwgebied aan de westzijde.

Ontsluiting In de randvoorwaarden is aangegeven dat bij een nieuwe invulling een goede verkeerskundige ontsluiting op de omgeving gerealiseerd dient te worden, passend bij de functies, zowel voor langzaam verkeer als gemotoriseerd verkeer. Conform duurzaam veilig dient, passend binnen het 30 km/h regime, een gelijkwaardig kruispunt te worden gerealiseerd. Als onderbreking van de rechtstand tussen de rotonde en de driesprong is, gezien de afstand tussen deze punten, er in principe één gelijkwaardig kruispunt mogelijk. In de ruimtelijke beleving draagt een gelijkwaardige ontsluiting ertoe bij dat het nieuwe buurtje als onderdeel van de wijk ervaren wordt. Een ontsluiting voor autoverkeer via Werkhorst is niet mogelijk Aandacht wordt voor wat het langzaamverkeer betreft gevraagd voor de relaties tussen de deelgebieden onderling en met de omgeving waarbij er één verblijfsgebied gaat ontstaan.

Oriëntatie De oriëntatie van de woningen op de Randweg is een belangrijk punt. Er zijn geen individuele achtertuinen richting Randweg gewenst. In de kaart ‘stedenbouwkundige uitgangspunten is een zone met een groene arcering aangegeven tussen de Randweg en de parallel daaraan lopende verbinding. Deze ruimte wordt als openbaar gebied ingevuld. De naar de Randweg gerichte gevel is een voorgevel. Deze krijgt in het bestemmingsplan de aanduiding voorgevelrooilijn waardoor er in deze zone niet vergunningvrij gebouwd kan worden.

Parkeren Het is van belang dat voldoende parkeerplaatsen op een evenwichtige manier binnen het plangebied een plek krijgen. Voor het benodigd aantal parkeerplaatsen wordt uitgegaan van de “Nota parkeernormen Gemeente Meppel”.

6

4

Beeldkwaliteit

De herontwikkeling brengt wijzigingen aan het monument met zich mee. Voor de te handhaven onderdelen is het monument zelf het kader voor de beoordeling. De monumentale waarden uit de redengevende omschrijving zijn daarbij uitgangspunt. Groen is een belangrijk aspect bij de herontwikkeling. De ontwerpopgave daarbij is de gewenste vergroening te verenigen met het behoud van de monumentale waarden. Kansen liggen vooral in de groene inbedding van de bouwwerken en de landschappelijke inrichting van de gehele locatie.

Uitgangspunten voor de buitenruimte Het landschapsontwerp voor de openbaar toegankelijke ruimte benut de beeldbepalende ligging van het ensemble van de verschillende gebouwen optimaal en zorg dat er nieuwe samenhang ontstaat in de groene inrichting en (half)verhardingen, die voor wegen, paden en parkeren benodigd zijn. De vormgeving sluit aan bij die van de functionalistische architectuur, de esthetische kwaliteiten en de stijlkenmerken van het monumentale complex van gebouwen, met de sterk horizontale geleding, het strakke lijnenspel, de samenhang tussen de in functie gescheiden hoofdvolumes. Denk daarbij aan de strakke belijning van het voormalige schoolplein. Het groen op het terrein wordt functioneel ingezet voor verkoeling en waterberging en draagt zo goed mogelijk bij aan biodiversiteit. Bij ‘vergroening’ van gebouwen blijft de architectuur herkenbaar. Een bijzondere opgave wordt gevormd door de gewenste groene overgang (‘inpassing’) om het industriële beeld van het zuidelijk gelegen terrein te verzachten. Voor de groene inbedding in de stedenbouwkundige opzet is het belangrijk dat er van een groene zoom tussen Randweg, Werkhorst en het monumentale complex sprake blijft. Waar mogelijk wordt bij verhardingen waterdoorlatende verharding of halfverharding toegepast. Bijvoorbeeld in de vorm van grasstenen.

Voor de inrichting van de openbare ruimte, de groene inbedding van de gebouwen op het terrein en de overgangen privé-openbaar zal vanwege de gewenste samenhang een inrichtings-/landschapsplan worden opgesteld.

7

Criteria voor de architectuur Oriëntatie Hoofdgebouwen worden georiënteerd op de openbare ruimte. Leidend is daarbij de ruimtelijke hiërarchie van de verschillende wegen. Zo zijn de woningen langs de Randweg op deze weg georiënteerd. De op deze weg georiënteerde gevel krijgt in het bestemmingsplan de aanduiding ‘voorgevelrooilijn’. De woningen die aan de west- en oostzijde van het cluster gelegen zijn en waarvan de kavel niet aan de Randweg grenst krijgen eveneens een naar buiten gerichte voorgevel. Aan- en uitbouwen hebben een ondergeschikte positie en worden in de architectuur meeontworpen. Bijgebouwen worden enkel op achtererven gesitueerd Hoofdvorm De woningen worden zodanig geschakeld dat deze gezamenlijk een eenvoudig helder cluster of bouwblok opleveren dat in zijn totaliteit in balans is met de andere bouwvolumes in het ensemble. Door de wijze van schakelen ontstaat er een meerwaarde voor het cluster. De woningen bestaan uit rechthoekige bouwvolumes. De daken worden uitgevoerd als platte daken waarbij ruimte geboden kan worden aan dakterrassen of -tuinen en zonnepanelen.

Gevels De onderlinge samenhang is van belang. De gevels zijn binnen het cluster verwant en zijn op een wijze vormgegeven die passend is bij de functionalistische stijl van het ensemble. De gevels hebben een relatief open karakter en een overwegend horizontale geleding.

Kleur- en materiaalgebruik Het materiaal- en kleurgebruik moet binnen het cluster voor samenhang zorgen en wordt daartoe afgestemd. Daarnaast wordt er ook naar verwantschap gezocht met het kleur- en materiaalgebruik van de monumenten in het ensemble. Het moet m.a.w. passen bij de architectuur van beton, staal en glas.

8

Inspiratie 1 : functionalisme van de school Kenmerken architectuur school: Functionalisme systeembouw in beton, staal & glas gebruik van lange lijnen, horizontale en verticale geleding sierbeton en B2 blokken als verbijzondering bijzondere onderverdeling gevelopeningen (rasters) heldere volumes, slanke en ingetogen details

9

Inspiratie 2 (eigentijds) functionalisme op schaal woningbouw Kenmerken architectuur referenties: robuust metselwerk of gestucte gevels heldere volumes en insnedes ingetogen uitstraling gebruik van lange lijnen, horizontale en verticale geleding aandacht voor detail opening; diepe of juist vlakke negge slanke kozijnen, aandacht voor onderverdeling openingen bewust open en dichte gevel

10

Plint begane grond als verbinding geeft samenhang aan het cluster

11

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Meppel&id=8ad22447-7c16-46ae-a1be-778d0849bc1c