CConstaterende datMeppel
Koppel je AI →
Document · PDF

Reactienota inspraak Ontwerp Transitievisie Warmte

1 - RAADSVERGADERING 25 november 2021, gemeente MeppelBij agendapunt: Transitievisie Warmte5.353 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Reactienota inspraak Ontwerp Transitievisie Warmte

Samenvatting van en gemeentelijke reactie op inspraakreacties

Juli 2021

Inhoudsopgave 1 1.

Inleiding .....................................................................................................4 Inspraak.........................................................................................................4 Andere reactiemogelijkheden ............................................................................4 Leeswijzer ......................................................................................................4

2.

Inspraakreacties ..........................................................................................5

1. Inleiding Deze ‘Nota beantwoording inspraak en vooroverleg’ is opgesteld naar aanleiding van de terinzagelegging van de Ontwerp Transitievisie Warmte. In de nota is een inhoudelijke gemeentelijke reactie op de ingekomen inspraakreacties opgenomen.

Inspraak Van 17 mei tot en met 16 juli 2021 heeft de Ontwerp Transitievisie Warmte ter inzage gelegen. Publicatie van de terinzagelegging van de Ontwerp Transitievisie Warmte heeft plaatsgevonden in het huis aan huis blad, in het gemeenteblad op www.officielebekendmakingen.nl en op de website van de gemeente Meppel. Ook is tijdens alle georganiseerde bijeenkomsten benoemd dat er officiële inspraakreacties ingediend konden worden. Gedurende deze periode heeft een ieder zijn of haar zienswijze in de vorm van een mondelinge of schriftelijke inspraakreactie kenbaar kunnen maken. Van deze mogelijkheid is door 12 personen of groepen gebruik gemaakt.

Andere reactiemogelijkheden Gelijktijdig met de inspraakprocedure zijn er verschillende informatieve avonden georganiseerd, zijn er gastenboekpagina’s naar de ‘startwijken’ verzonden en zijn er enquêtes door zowel inwoners als ondernemers ingevuld (swipocratie en enquête voor ondernemers). De input die hier is opgehaald wordt ter aanvulling op de formele inspraakreacties gebruikt om de Ontwerp Transitievisie Warmte aan te scherpen tot een Transitievisie Warmte die vastgesteld kan worden door College en Raad.

Leeswijzer Deze reactienota heeft betrekking op de inspraakreacties op de Ontwerp Transitievisie Warmte van de gemeente Meppel. In hoofdstuk 2 is een samenvatting opgenomen van de ingekomen inspraakreacties met daarbij de gemeentelijke beantwoording en een conclusie. De beantwoording en de conclusies staan cursief weergegeven. In de conclusie wordt ingegaan op de gevolgen van de reactie voor de Transitievisie Warmte.

2. Inspraakreacties Gedurende de periode van tervisielegging zijn 12 inspraakreacties ontvangen. In onderstaande tekst worden de inspraakreacties samengevat en voorzien van een gemeentelijke reactie. Per inspraakreactie wordt afgesloten met een conclusie. Inspreker 1: Samenvatting: Op 30 juni werd bekend gemaakt dat de Gasunie een project gaat starten om te zien of waterstof een goed alternatief kan zijn voor aardgas. Waarom onderzoekt de gemeente Meppel niet of waterstof een geschikte optie is en doet ze mee met het initiatief van de Gasunie? Reactie: De gemeente Meppel sluit geen bronnen uit in de Transitievisie Warmte. Wij houden de ontwikkelingen rondom waterstof dan ook goed in de gaten. Voor een aantal woningen binnen de gemeente Meppel kan waterstof in de toekomst mogelijk een geschikte bron zijn. Vanwege de verwachte beperkte beschikbaarheid geld dit echter niet voor alle woningen. De Gasunie, maar ook andere partijen, geven aan dat waterstof in eerste instantie naar de industrie en de mobiliteit gaat, omdat daar weinig andere alternatieve bronnen zijn. De hoeveelheid die ze bovenop deze vraag extra kunnen produceren kan mogelijk gericht in bepaalde wijken worden ingezet om woningen te verwarmen. De kans dat waterstof beschikbaar komt in wijken waar de komende jaren een ander betaalbaar alternatief beschikbaar komt is echter klein.

Vanwege de onzekerheid over de levering van waterstof is besloten waterstof niet als voorkeursalternatief in de Transitievisie Warmte te benoemen. Dit betekent niet dat de gemeente de landelijke onderzoeken naar waterstof niet in de gaten houdt. De daadwerkelijke techniek- en bronkeuze wordt pas in het wijkuitvoeringsplan gemaakt. Daarnaast wordt de Transitievisie Warmte elke vijf jaar herzien. Op deze manier kan, wanneer blijkt dat waterstof toch in grotere mate beschikbaar komt, hierop geanticipeerd worden. Conclusie: In de huidige ontwerpvisie komt de visie van de gemeente Meppel ten opzichte van waterstof niet duidelijk naar voren. In de Transitievisie Warmte wordt daarom een uitgebreidere toelichting opgenomen over de rol van waterstof binnen de warmtetransitie. Inspreker 2: Samenvatting: Naast een toelichting op de (duurzame) uitgangspunten van Inspreker worden een vijftal reacties (A t/m E) op de Ontwerp Transitievisie Warmte gegeven: A. Starten in Berggierslanden is een logische keuze (vanwege de goede isolatie in veel woningen) B. Groen gas en waterstofgas zijn op dit moment niet beschikbaar, als het beschikbaar komt (eerst gaat het naar industrie en hoge warmtevragers) is het dus zeker niet ‘haalbaar en betaalbaar’. C. Een warmtenet voldoet niet aan de door duurzaamheidscriteria van Inspreker (als dit überhaupt mogelijk is in de wijk).

D. Overstappen op all-electric warmtepompen is volgens Inspreker de enige logische oplossing voor de wijk Berggierslanden. E. Dit betekent niet dat de warmtetransitie in Berggierslanden makkelijk gaat zijn. Er zijn nog veel praktische knelpunten die opgelost moeten worden (o.a. de betaalbaarheid voor iedereen, het voorkomen van geluidsoverlast en het gebrek aan ervaren installateurs) Inspreker zou graag zien dat de door hun benoemde knelpunten een plek krijgen in het wijkuitvoeringsplan. Reactie: De uiteengezette punten van Inspreker liggen in lijn met de conclusies die zowel de professionele werkgroep (bestaande uit gemeente, netbeheerder, provincie en adviesbureaus) als de later gevormde werkgroep met bewoners en ondernemers zijn gekomen. Waterstof, groengas en een warmtenet lijken allemaal geen logische keuze voor de wijk Berggierslanden. Enerzijds omdat de bronnen (op dit moment) ontbreken. Anderzijds omdat de verwachting is dat deze bronnen in de toekomst schaars zijn. Deze bronnen worden (als ze beschikbaar komen) dan ook ingezet in wijken waar geen ander alternatief voorhanden is. Het proces om te komen tot het wijkuitvoeringsplan moet nog worden ingevuld. Wel staat vast dat dit wijkuitvoeringsplan samen met de inwoners van Berggierslanden wordt opgesteld.

Waarschijnlijk gaat de gemeente aan de start van het traject in gesprek met inwoners om te achterhalen welke belangrijke knelpunten er zijn waar onderzoek voor nodig is. Op dat moment gaan we uiteraard in gesprek met Inspreker. Conclusie: Naar aanleiding van deze inspraakreactie is geen aanpassing nodig van de Transitievisie Warmte. Deze inspraakreactie onderschrijft de keuze van de gemeente om in Berggierslanden te starten. We nemen de knelpunten mee als we starten met het wijkuitvoeringsplan. Inspreker 3: Samenvatting: Er worden in de inspraakreactie drie punten genoemd. 1) Ondanks dat in de Ontwerp Transitievisie Warmte niet over biomassacentrales wordt gesproken, willen ze zich uitspreken tegen biomassacentrales in of rondom Meppel. 2) Nu huishoudens moeten overstappen kunnen mensen ervoor kiezen om gebruik te maken van pellet- of houtkachels. Dit komt de luchtkwaliteit niet ten goede. Kan de gemeente actief beleid voeren tegen het gebruik van pallet- en houtkachels voor verwarming van de woning? Een concrete mogelijkheid ligt hierbij in het omgevingsplan. 3) Voor individuele huishoudens kunnen de kosten erg hoog uitvallen. In de visie wordt een tegemoetkoming voor individuele huishoudens gemist. Reactie: Het gebruik van biomassa voor de verwarming van woningen komt de laatste maanden steeds vaker negatief in het nieuws.

We begrijpen ook uw punten over zowel biomassacentrales als hout- en pelletkachels. Op dit moment volgt de gemeente Meppel hierin het landelijke beleid en zijn hout- en pelletkachels dus nog toegestaan. Ze worden niet actief gepromoot, maar ze zijn nog wel te koop. Als de landelijke richtlijnen hiervoor

worden aangescherpt of als de gemeente constateert dat hout- en pelletkachels zorgen voor onacceptabele overlast in bepaalde gebieden, dan kan de gemeente hier actief haar beleid op aanpassen. Dit zou onder andere kunnen in een omgevingsplan zoals voorgesteld. De aanleg van een nieuwe biomassacentrale in de gemeente Meppel ligt niet voor de hand. Wel staat er al een biomassacentrale die het warmtenet in Nieuwveenselanden van warmte voorziet. Mede naar aanleiding van recente inzichten en discussie is deze techniek niet als optie genoemd voor andere wijken in de Transitievisie Warmte. We gaan er op dit moment vanuit dat we tussen nu en 2040 andere en duurzamere alternatieven voor aardgas vinden dan een biomassacentrale. Elke vijf jaar, bij de herziening van de Transitievisie Warmte, kijken we of we nog steeds achter deze uitspraak staan. Ook wordt in de Ontwerp Transitievisie Warmte een financiële tegemoetkoming gemist. Deze ontbreekt in de Ontwerp Transitievisie Warmte omdat deze financiële tegemoetkoming er op dit moment niet of nauwelijks is. Het uitgangspunt van het landelijke Klimaatakkoord is echter dat de transitie voor iedereen haalbaar en betaalbaar moet zijn. Ook in Meppel staat dit uitgangspunt centraal. In het klimaatakkoord is vastgesteld dat de maandelijkse financieringslasten niet hoger mogen zijn dan de besparing op de energierekening.

Oftewel de overgang op een andere warmtebron moet woonlastenneutraal kunnen worden uitgevoerd. Op dit moment is dit nog lang niet voor iedereen het geval, maar hier wordt op rijksniveau over nagedacht. Conclusie: In de Transitievisie Warmte wordt een aanvullend stuk tekst opgenomen over de visie van de gemeente op het gebruik van hout- en pelletkachels binnen de gemeente en biomassacentrales. Inspreker 4: Samenvatting: Naar aanleiding van de uitspraak van o.a. Gasunie over het gebruik van het bestaande gasnetwerk voor waterstof zou het wenselijk zijn om waterstof aan de inwoners en industrie van Meppel aan te bieden als optie. De aanschaf van warmtepompen is dan niet langer nodig en het bestaande net kan worden behouden. Reactie: De gemeente Meppel sluit geen bronnen uit in de Transitievisie Warmte. Daarnaast wordt de definitieve techniekkeuze pas gemaakt in het wijkuitvoeringsplan. Wanneer we met het wijkuitvoeringsplan van Berggierslanden aan de slag gaan onderzoeken we de voor Berggierslanden haalbare en betaalbare technieken. Waterstof lijkt voor Berggierslanden echter geen logische techniek. Voor andere, oudere, wijken kan waterstof in de toekomst mogelijk een uitkomst bieden, maar ook dit is onzeker.

De Gasunie, maar ook andere partijen, geven aan dat waterstof in eerste instantie naar de industrie en de mobiliteit gaat, omdat daar weinige andere alternatieve bronnen zijn. De hoeveelheid die ze bovenop deze vraag extra kunnen produceren kan mogelijk gericht in bepaalde wijken worden ingezet om woningen te verwarmen. De kans dat waterstof beschikbaar komt in wijken waar de komende jaren een ander betaalbaar alternatief beschikbaar komt is echter klein. Omdat goed geïsoleerde wijken, zoals Berggierslanden, waarschijnlijk op andere manieren verwarmd kunnen worden lijkt waterstof hier geen geschikte optie. Maar zoals eerder beschreven zal dit in een wijkuitvoeringsplan beter bekeken moeten worden.

Conclusie: In de huidige ontwerpvisie komt de visie van de gemeente Meppel ten opzichte van waterstof niet duidelijk naar voren. In de Transitievisie Warmte wordt daarom een uitgebreidere toelichting opgenomen over de rol van waterstof binnen de warmtetransitie. Dit verandert niks aan de voorkeurstechnieken zoals deze nu staan beschreven voor de verschillende wijken, maar biedt ruimte om in de oudere wijken de waterstofontwikkelingen af te wachten. Inspreker 5: Samenvatting: Aangezien het doel van de warmtetransitie CO2-reductie is, kan men zich niet vinden in de keuze om te starten in Berggierslanden en daarbij over te stappen op warmtepompen. In andere, minder goed geïsoleerde wijken kan meer CO2 winst behaald worden dan in Berggierslanden door daar isolatiemaatregelen te nemen. Daarnaast is het zonde om de relatief nieuwe infrastructuur weg te gooien om over te stappen op een warmtepomp. Daarnaast zorgt de geringe CO2 winst ervoor dat de investering in een warmtepomp niet uit kan (zowel in aanschaf als in maandelijkse lasten). Ook neemt een warmtepomp veel ruimte in en creëert het geluid. In al goed geïsoleerde woningen zorgt een warmtepomp daarmee niet voor comfortverhoging ten opzichte van de huidige situatie. Daarnaast zijn warmtepompen nog onderontwikkeld en is er nog veel onduidelijk over andere technieken.

Zelf zou inspreker graag op een later moment de afweging maken tussen de technieken die tegen die tijd beschikbaar zijn, zoals waterstof of een warmtenet. Reactie: Het klopt dat er in oudere wijken een hoge CO2-reductie mogelijk is door daar aan de slag te gaan met isolatiemaatregelen. In de Transitievisie Warmte zijn deze maatregelen bestempeld als ‘no-regret-maatregelen’ of ‘geen spijtmaatregelen’. Isolatie staat hierbij centraal. Veel oudere wijken lenen zich echter nog niet voor een onderzoek naar de aardgasvrijmogelijkheden. Berggierslanden en nieuwere woningen in andere wijken lopen hierbij een stap voor in de transitie en hoeven niet meer of minder te isoleren. Dit is een van de redenen waarom we voor Berggierslanden starten met een onderzoek naar de haalbare en betaalbare technieken voor de wijk. Op dit moment komt een warmtepomp als meest logische techniek naar voren, vanwege de goede isolatie van de woningen. Wel zitten hier inderdaad financiële knelpunten aan die tijdens het wijkuitvoeringsplan verder onderzocht moeten worden. Daarnaast moeten tijdens het opstellen van een wijkuitvoeringsplan meerdere technieken met elkaar worden vergeleken. Waterstof en een warmtenet lijken echter geen logische keuze voor de wijk Berggierslanden, maar dit zal in het wijkuitvoeringsplan verder onderbouwd moeten worden.

Ook geeft u aan liever te wachten om desinvestering te voorkomen. Op dit moment is iedere inwoner in Nederland vrij om te beslissen of hij of zij de overstap op een andere warmtebron wil maken of nog niet. Dit geldt dus ook voor u. Wel kan het zijn dat dit in de toekomst verandert. Wanneer er een betaalbare techniek wordt gevonden (woonlastenneutraal) kan het zo zijn dat een wijk wordt afgesloten van het gas. De gemeente Meppel wil deze dwang zoveel mogelijk voorkomen. Conclusie: Naar aanleiding van deze inspraakreactie wordt er in de Transitievisie Warmte niks aangepast aan de techniekkeuze of termijn waarop Berggierslanden aan de beurt is. Wel hebben we in de Transitievisie de tekst over de wijkuitvoeringsplannen aangepast. Daar staat nu beschreven dat de techniekkeuze en eventuele termijn pas in de

wijkuitvoeringsplannen wordt bepaald. Ook staat er verderop in de visie dat de gemeente dwang zo lang mogelijk probeert te voorkomen, maar dat uiteindelijk iedereen toch echt aardgasvrij moet worden. Inspreker 6: Samenvatting: Meppel aardgasvrij in 2040 is een mooi streven, maar nog ver weg. Het stellen van tussentijdse doelstellingen zou kunnen helpen de urgentie om aan de slag te gaan te verhogen. Door in te zetten op isoleren (en woningen hiermee geschikt te maken voor alternatieve warmtebronnen) en hier harde jaartallen aan te hangen wordt direct resultaat bereikt. Zowel in CO2 besparing als op de energierekening van mensen. De keuze om in Berggierslanden te starten is enerzijds logisch (woningen zijn er geschikt voor), maar levert kijkend naar de levensduur van woningen en infra een hoge desinvestering op ten opzichte van een geringe CO2 winst. Zo zijn er in 2020 nog gasgestookte woningen opgeleverd. De kosten van het vroegtijdig vervangen van deze nieuwe ketels wegen niet op tegen de daarmee behaalde CO2 winst. Reactie: Veel woningen van Meppel moeten we nog beter isoleren. Deze worden echter niet op het niveau van wijken of buurten in een wijkuitvoeringsplan aangepakt, maar voor de hele gemeente. Hier is in de Transitievisie Warmte dus zeker aandacht voor. Een groot deel van de CO2 besparing is namelijk mogelijk door slecht geïsoleerde huizen beter te isoleren.

Of warmtepompen in Berggierslanden een goed idee zijn en op welke termijn de overstap kan plaatsvinden zal het wijkuitvoeringsplan moeten uitwijzen. Omdat er ook woningen in Berggierslanden staan waarbij de CV ketel sneller aan vervanging toe is (tussen nu en de komende 5 jaar) is het wenselijk om nu de mogelijkheden van de warmtetransitie in Berggierslanden in beeld te brengen. Hierbij is het uiteraard belangrijk om alle positieve en negatieve effecten tegen elkaar af te wegen. Het aandachtspunt over de nieuwe woningen zullen we dan ook in het wijkuitvoeringsplan van Berggierslanden meenemen. Conclusie: Naar aanleiding van deze inspraakreactie wordt er in de Transitievisie Warmte niks aangepast aan de techniekkeuze of termijn waarop Berggierslanden aan de beurt is. Wel nemen we de aandachtspunten mee in het wijkuitvoeringsplan van Berggierslanden. Inspreker 7: Samenvatting: Voorop willen lopen in de transitie is dom. Het verleden leert ons niet zomaar aan de slag te gaan. Werk daarom met beleid – haastige spoed is zelden goed – zorg voor de juiste infrastructuur (o.a. accu’s en kernenergie) en maak de juiste afwegingen (koop geen rommel). Reactie: Een van de uitgangspunten in de Transitievisie Warmte luidt als volgt: ‘kwaliteit is belangrijk dan snelheid’. Ook de gemeente ziet in dat we zorgvuldige afwegingen moeten maken. Maar niks doen is geen optie.

Als we starten dan gebruiken we zoveel mogelijk de kennis die in andere gemeenten is opgedaan. Hoe we van start gaan zetten we zoveel mogelijk gezamenlijk met inwoners tijdens wijkuitvoeringsplannen uiteen. Hierbij kijken we breder dan alleen naar de woningen en bedrijven. We kijken ook naar de infrastructuur en eventuele andere opgaven in een wijk. Een andere opgave is bijvoorbeeld de herinrichting van een straat of de renovatie van appartementen. De gemeente is al langer met de netbeheerder in gesprek over de mogelijkheden met de

elektriciteitsnet. Keuzes over het gebruik van kernenergie worden niet door de gemeente gemaakt maar door de rijksoverheid. Conclusie: Naar aanleiding van deze inspraakreactie wordt er in de Transitievisie Warmte niks aangepast. Wel nemen we de aandachtspunten mee in het vervolgproces. Inspreker 8: Samenvatting: Niet mee eens om in 2040 aardgasvrij te zijn. Laten we de landelijke norm van 2050 aanhouden. Daarnaast hebben de bewoners van Berggierslanden niet per definitie meer geld te besteden. Ook zijn de kosten voor inwoners niet duidelijk in de Ontwerp Transitievisie. Hoe komt de gemeente aan deze getallen en welk bedrag moet de inwoner betalen? En waar kunnen inwoners welke subsidies krijgen? Daarnaast moet er meer gebeuren dan alleen de overstap op een warmtepomp, men moet ook anders gaan koken (wat dus ook meegefinancierd moet worden). Daarnaast zijn er nog veel vragen over de warmtepomp (mag de buitenunit overal geplaats worden, hoe zit het met het geluid?). Ook is het wenselijk dat bepaalde zaken provinciaal of landelijk worden aangepakt i.p.v. gemeentelijk, op wijkniveau of op nog kleiner schaalniveau (bijvoorbeeld de inkoop van warmtepompen). Daarnaast worden er landelijk maatregelen genomen die de transitie niet ten goede komen. Zo wordt de salderingsregeling afgebouwd vanaf 2023. Vraag is of de wethouder dit op de provinciale agenda kan krijgen.

Reactie: De gemeenteraad heeft op 17 december 2020 de ambitie van een CO2-neutraal Meppel in 2040 opnieuw bekrachtigd. Deze ambitie staat nog steeds en de gemeente wil ook van het aardgas afstappen. Hierbij staat de haalbaarheid en betaalbaarheid van de transitie voorop. Op dit moment gaan wij er van uit dat de komende 20 jaar voldoende duurzame alternatieven voor aardgas beschikbaar komen en 2040 een haalbare aardgasvrij termijn is. Als deze ontwikkelingen de komende jaren langzamer gaan dan gedacht, dan kan het mogelijk zijn dat we deze ambitie loslaten. De kosten van de warmtetransitie zullen per woningeigenaar verschillen en zijn afhankelijk van het type woning en de maatregelen die nodig zijn. De kosten in de Ontwerp Transitievisie Warmte geven een bandbreedte aan. Dit is gebaseerd op landelijk gebruikte kentallen. Uiteindelijk is op wijkniveau in het wijkuitvoeringsplan een nauwkeurigere berekening nodig. Daarnaast zullen we in een wijkuitvoeringsplan stilstaan bij de praktische uitdagingen die technieken met zich meebrengen (zoals geluidsoverlast van een warmtepomp). Voor concrete informatie op woningniveau werkt de gemeente met het Drents Energieloket. Zij kunnen per woning nauwkeurigere informatie verstrekken en een inzicht geven in alle subsidies.

Daarnaast stimuleert de provincie Drenthe de verschillende gemeenten in de provincie en wordt kennis over de warmtetransitie gedeeld. Concrete acties om gezamenlijk warmtepompen te kopen vallen hier nog niet onder, maar mogelijk dat dit in de toekomst veranderd. De opwekking van duurzame elektriciteit valt niet onder de warmtetransitie, maar onder bijvoorbeeld de Regionale Energiestrategie. Ook uw opmerkingen over de salderingsregeling valt buiten de Transitievisie Warmte. Met de inspraakreactie is de oproep van de inspreker aan het bestuur onder de aandacht gebracht.

Conclusie: Naar aanleiding van deze inspraakreactie wordt er in de Transitievisie Warmte niks aangepast. Wel nemen we de aandachtspunten met betrekking tot de kosten en de praktische uitdagingen mee in het vervolgproces. Inspreker 9: Nijeveen Samenvatting: Er zijn voor woningen van voor 2000 nog veel vaagheden, waarbij wordt gesproken over een hybride warmtepomp op groengas als tussenoplossing. De eindoplossing is vervolgens all-electric. Deze eindoplossing is naar verwachting niet nodig. Door over te stappen op hybride warmtepompen en niet de ontwikkeling van groengas, maar van waterstof af te wachten. Concreet voor Nijeveen zou dit kunnen worden gerealiseerd door een hectare zonnepanelen. Hiervoor kunnen zonnepanelen worden aangelegd en kan het waterstof met aardgas worden gemengd. Wel moeten we hierbij natuurlijk nog steeds op ons verbruik besparen, maar niet zo drastisch als bij een all-electric oplossing. Daarnaast is het onterecht is dat de bedrijven deels buiten deze transitie worden gehouden / dan wel in mindere mate worden gedwongen dan huiseigenaren om van het aardgas af te moeten. Landelijk gezien is de CO₂ uitstaat vanuit de bedrijvensector vele malen groter dan de uitstoot van de woningbouw. Reactie: Eindoplossingen voor woningen staan nog niet vast en worden uiteindelijk in het wijkuitvoeringsplan bepaald.

De overstap van alle woningen van voor 2000 op elektrische warmtepompen lijkt met de kennis van nu niet haalbaar. Hetzelfde geldt voor de overstap van alle woningen van voor 2000 woningen op een hybride warmtepomp met duurzaam gas. Per situatie zal daarom in het wijkuitvoeringsplan een afweging gemaakt worden. De oplossing die inspreker schets is daarbij een mogelijk alternatief voor de woningen. We weten echter niet hoe de ontwikkeling van duurzaam gas er voor de gebouwde omgeving (woningen, kantoren, andere gebouwen) uit gaat zien. Door in te zetten op een (tussen)oplossing met hybride warmtepompen kunnen we op deze onzekerheid inspelen. Eerst kunnen deze hybride warmtepompen naast een CV ketel op aardgas werken. Als over 15 tot 20 jaar duidelijk is dat er voldoende duurzaam gas in Meppel beschikbaar is, dan kan de hybride warmtepomp als eindoplossing dienen. Blijkt dit toch niet het geval dan kan een andere overstap gemaakt worden (ook hybride warmtepompen zijn net als de CV ketel na een x aantal jaar aan vervanging toe, door dit moment te benutten voorkom je een desinvestering). Proceswarmte bij bedrijven is niet in de Transitievisie Warmte meegenomen omdat in het klimaatakkoord is vastgesteld dat de Transitievisie Warmte over de gebouwde omgeving gaat. Onder de gebouwde omgeving vallen woningen, kantoren, bedrijfsgebouwen scholen en alle andere gebouwen.

Het gaat hierbij dus om warmte die nodig is om de ruimtes in het (bedrijfs)gebouw zelf te verwarmen en niet om de warmte die nodig is om fabrieken te laten draaien (proceswarmte). Daarnaast is op andere plekken wel aandacht voor de verduurzaming van bedrijfsprocessen. In 2050 moeten namelijk alle bedrijven in Nederland circulair zijn en mogen ze vrijwel geen broeikasgassen meer uitstoten. Om dit te bereiken zijn in het klimaatakkoord verschillende maatregelen voor de industrie vastgelegd.

Conclusie: Naar aanleiding van uw inspraakreactie en de reacties ontvangen tijdens verschillende dialoogavonden hebben wij de visie op hybride warmtepompen aangepast. Deze worden nu zowel als tussen- als eindoplossing in de transitievisie weergegeven. Inspreker 10: Samenvatting: Uitgangspunt 4, kwaliteit is belangrijker dan snelheid, is in tegenspraak met de gemeentelijke ambitie om in 2040 aardgasvrij te zijn. Uitgangspunt 6, starten in een wijk met minder contractpartijen, is in strijd met de start in Berggierslanden waar maar weinig corporatiebezit aanwezig is. Ook is in 2022 starten in een wijk met de laagste CO2 winst met een onderontwikkelde techniek is zeer onwenselijk en een politieke keuze. Dat er al mensen zijn die zich oriënteren op een alternatief voor aardgas kan geen reden zijn om de hele wijk Berggierslanden aan te wijzen voor een wijkuitvoeringsplan. Daarnaast gaan ze in andere landen over op het aardgas om dezelfde reden waarom wij van het aardgas af gaan. Reactie: De gemeenteraad heeft op 17 december 2020 de ambitie van een CO2-neutraal Meppel in 2040 opnieuw bekrachtigd. Deze ambitie staat nog steeds en de gemeente wil ook van het aardgas afstappen. Hierbij staat de haalbaarheid en betaalbaarheid van de transitie voorop.

Op dit moment gaan wij er van uit dat de komende 20 jaar voldoende duurzame alternatieven voor aardgas beschikbaar komen en 2040 een haalbare aardgasvrij termijn is. Als deze ontwikkelingen de komende jaren langzamer gaan dan gedacht, dan kan het mogelijk zijn dat we deze ambitie loslaten. De keuze voor de wijk Berggierslanden is niet alleen gebaseerd op een aantal mensen die al aan de slag willen in de wijk. Zowel de professionele werkgroep als de werkgroep van bewoners en ondernemers zien dat Berggierslanden de meeste kansen biedt om concreet een onderzoek te starten naar het aardgasvrij maken van woningen. Dat we in 2022 starten met een wijkuitvoeringsplan betekent overigens niet dat inspreker dan ook al de overstap moet maken. We proberen samen een planning te maken waarbij we rekening houden met de ‘natuurlijke vervangingsmomenten’ in de woningen. Dat is dus bijvoorbeeld het moment dat uw CV-ketel aan vervanging toe was of bij een geplande verbouwing meteen extra gaan isoleren. Iedere inwoner kiest zelf of ze met dit wijkuitvoerinsplan mee doen of nog even de ontwikkelingen afwacht. Uiteindelijk zal iedereen echter de overstap moeten maken binnen een bepaalde tijsperiode zoals deze wordt vastgelegd in het uitvoeringsplan. Het klopt dat als we kiezen voor de wijk Berggierslanden dat we niet voldoen aan uitgangspunt 6.

Andere wijken scoren echter slechter op andere uitgangspunten. Hierdoor komt Berggierslanden bij de afweging tussen verschillende wijken toch op plek 1 te staan, ondanks het lagere percentage huurwoningen in de wijk. Aan uitgangspunt 6 willen we onder andere invulling gegeven door in deze wijken aan de slag te gaan met isoleren. Andere landen hebben inderdaad dezelfde opgave als wij. Ook zij mogen in 2050 geen CO2 meer uitstoten en mogen in 2050 dus geen aardgas meer gebruiken. Waarom sommige landen juist overstappen op het aardgas terwijl wij er vanaf gaan is goed te verklaren. In een aantal landen (bijvoorbeeld Duitsland) wordt op dit moment voor de verwarming van woningen brandstoffen zoals olie gebruikt die veel vervuilender zijn dan aardgas. Om op korte termijn minder CO2 te gebruiken, worden inwoners in deze gebieden gestimuleerd hun veel vervuilendere olieketels te verruilen voor een HR-ketel

op aardgas of een warmtepomp. Daarbij liggen in bepaalde steden geschikte aardgasleidingen in de grond die nog niet gebruikt worden voor de verwarming van woningen. Het is relatief eenvoudig om de woningen op die aardgasleidingen aan te sluiten. Als inwoners kiezen voor een HR-ketel is dit overigens een tussenstap en moeten ze voor 2050 nog van het aardgas overstappen op een duurzame warmtebron om volledig CO2 neutraal te worden. Conclusie: Naar aanleiding van deze inspraakreactie wordt er in de Transitievisie Warmte niks aangepast. Wel nemen we de aandachtspunten mee in het vervolgtraject. Inspreker 11: Samenvatting: De kosten voor de technieken lijken te laag ingeschat. Wanneer er wordt gekeken naar de kosten die appartementen in Villa Landleven maken, liggen deze hoger dan het genoemde bedrag in de visie. Daarnaast laat ervaring zien dat planologische barrières de transitie ingewikkeld kunnen maken. Er mist in de Ontwerp Transitievisie Warmte een hoofdstuk dat laat zien hoe de visie overeenkomt of juist knelpunten oplevert met het bestemmingsplan. Dit zou met name relevant zijn voor als een individueel of collectief wko-systeem buiten de eigen perceelsgrenzen aangelegd zou kunnen worden. Daarnaast moet het net in Berggierslanden mogelijk verzwaard worden.

Het is hierbij belangrijk om verder dan alleen de warmtetransitie te kijken, maar ook naar andere toekomstige ontwikkelingen. Reactie: De kosten zoals deze zijn opgenomen geven een bandbreedte aan waar veel woningen binnen vallen. Deze kosten zijn berekend aan de hand van kentallen voor de meest voorkomende woningen. Appartementen zijn hierbij niet in de berekening meegenomen, omdat deze kosten sterk afhangen van het type woningen. We zullen de genoemde kosten dan ook meenemen in het wijkuitvoeringsplan, maar nemen deze niet op in de transitievisie. Planologische barrières treden vooral daar op waar mensen geen eigen tuin hebben of gezamenlijk een collectieve bron willen benutten. In het wijkuitvoeringsplan moeten we concreet per wijk kijken waar er knelpunten met het bestemmingsplan zijn en wat er voor oplossingen mogelijk zijn. Hetzelfde geldt voor het elektriciteitsnetwerk en de overige ondergrondse infrastructuur. Bij het opstellen van het wijkuitvoeringsplan zit de netbeheerder aan tafel, waarbij we niet alleen kijken naar de impact van de warmtepompen in de wijk, maar ook naar de impact van zonnepanelen en elektrische auto’s. Conclusie: Naar aanleiding van deze inspraakreactie vinden geen wijzigingen in de Transitievisie Warmte plaats.

Inspreker 12: Samenvatting: Een toelichting op de ambitie om in 2040 energieneutraal te zijn ontbreekt. Inwoners wordt hiermee 10 jaar een kans op innovatie en ontwikkeling ontnomen. Van de verdeling van lasten in de warmtetransitie is geen sprake. Links of rechtsom gaat de burger voor de transitie betalen. Daarnaast zijn er veel inwoners die niet willen, maar hoeft de gemeente haar dwang waarschijnlijk niet in te zetten. Indirect gebeurt dit toch wel doordat gasprijzen stijgen, andere heffingen hoger worden en

netbeheerders straks mogen bepalen dat gasleidingen worden afgesloten. Daarnaast kunt u het uitgangspunt haalbaar en betaalbaar niet waarmaken. Woonconcept lukte het financieel al niet, hoe moet het de gewone inwoner dan lukken? U wilt goed contact, relatie en wilt weten hoe men denkt in de wijken van Meppel, bent u bereid om dit mondeling in de wijken te vragen en te beantwoorden en tevens de alternatieven en onmogelijkheden aangedragen door de burger te onderkennen, ook op financieel gebied? Daarnaast zijn de exploitatiekosten in uw kostenraming te laag ingeschat. Reactie: De gemeenteraad heeft op 17 december 2020 de ambitie van een CO2-neutraal Meppel in 2040 opnieuw bekrachtigd. Op dit moment gaan we ervanuit dat we voor 2040 voor iedereen een geschikt aardgasalternatief kunnen vinden. Blijkt dit toch niet te lukken dan kan worden besloten deze ambitie los te laten. In het klimaatakkoord staat haalbaarheid en betaalbaarheid voorop. In het klimaatakkoord is vastgesteld dat de maandelijkse financieringslasten niet hoger mogen zijn dan de maandelijkse financiële besparing op de energierekening (woonlastenneutraal). Op dit moment is dat nog niet haalbaar voor elke woningeigenaar, maar hier wordt op rijksniveau hard over nagedacht. Uiteraard klopt het dat iedere inwoner van Nederland hier indirect aan meebetaalt via belastingen.

Dat geldt voor elke subsidie of tegemoetkoming die in Nederland wordt verstrekt. Ook klopt het dat naar verwachting netbeheerders in de toekomst mogen bepalen een wijk van het gas af te sluiten. Ook is de verwachting dat de gasprijs gaat stijgen. Om deze consequenties zo goed mogelijk voor te zijn, starten we met het opstellen van wijkuitvoeringsplannen en het stimuleren van isolatiemaatregelen in woningen. Op deze manier verkennen we samen welke stappen er nu al mogelijk zijn en welke stappen mogelijk in de komende jaren. Ook gaan wij het gesprek met inwoners aan. De afgelopen weken hebben wij dit gedaan op verschillende avonden en hebben wij wensen en bezwaren opgehaald via enquêtes (swipocratie, ondernemersenquête) en gastenboekpagina’s. Als we met een wijkuitvoeringsplan aan de slag gaan worden inwoners van die wijk hier actief bij betrokken. Als veel inwoners een bepaalde techniek willen onderzoeken, dan kan hier in de fase van het wijkuitvoeringsplan ruimte voor komen. De exploitatiekosten voor warmtepompen zullen we met de projectgroep goed bekijken om te zien of we deze in de Transitievisie Warmte willen opnemen. De kosten in de Ontwerp Transitievisie Warmte zijn gebaseerd op kentallen en gemiddelden. Uiteindelijk maken we op het niveau van een wijkuitvoeringsplan een gedetailleerde kostenberekening.

Conclusie: We zullen in de Transitievisie Warmte beter onderbouwen waar de ambitie van een energieneutraal Meppel in 2040 vandaan komt. Inspreker 13: Samenvatting: De inspreker heeft drie punten aangedragen ter verbetering: Punt 1: De energieopbrengst van de zonnepanelen van de inspreker wordt beperkt door de grote kruinen van de bomen. De resultaten van de zonnekaart zijn dan ook nogal suggestief en kloppen niet voor alle panden. Daarom stelt de inspreker voor de inval van

zonlicht op zonnepanelen voorrang te geven boven de vrije groei van bomen en dit als uitgangspunt toe te voegen aan de visie. Punt 2: De verzilverlening spreekt de inspreker aan. Alleen ziet de inspreker zorgen in de hoeveelheid beschikbaar geld. De inspreker ziet daarom liever dat de financiële kant van de verzilverlening loopt via een bedrijf voor warmtetransitie en niet via de jaarlijks begrote budgetten. Punt 3: Inspreker stelt voor dat de verordening verzilverlening zodanig wordt aangepast dat de mogelijkheden voor warmtetransitie voldoen aan en passen in deze verordening (bijvoorbeeld artikel 3). Reactie: De transitievisie gaat over de route die de komende jaren wordt doorlopen om aardgasvrij te worden. Het elektriciteitsvraagstuk heeft hier een relatie mee, maar valt hier niet onder. Wel krijgt de gemeente steeds vaker vragen over zowel zonnepanelen als bijvoorbeeld elektrisch laden en de conflicten die hier soms mee ontstaan. De vraag is daarom doorgezet naar de desbetreffende persoon binnen de gemeente, maar krijgt geen plek in de transitievisie. Op de andere twee punten met betrekking tot de verzilverlening kan op deze korte termijn niks worden gezegd. Er wordt daarom op dit moment niks aangepast. De komende maanden zullen we de genoemde suggestie wel meenemen wanneer we verder vorm geven aan het ‘geen spijt maatregelen’ spoor van de warmtetransitie.

Conclusie: Naar aanleiding van deze inspraakreactie vinden geen wijzigingen in de Transitievisie Warmte plaats.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Meppel&id=24c47acd-eadd-4f50-8f93-b12be88c82c6