CConstaterende datMeppel
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel - Vaststelling omgevingsvisie gemeente Meppel

3 - RAADSCOMMISSIE ALGEMEEN 10 april 2025, gemeente MeppelBij agendapunt: Vaststelling omgevingsvisie gemeente Meppel3.640 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Agendapunt:

Vertrouwelijkheid: Openbaar

Meppel. Aan de Gemeenteraad.

Raadsvoorstel nr. 3366607

Onderwerp: Vaststelling omgevingsvisie gemeente Meppel Voorgesteld besluit: 1. het toetsingsadvies van de commissie voor de milieueffectrapportage (bijlage 1) voor kennisgeving aan te nemen; 2. De Reactienota zienswijzen omgevingsvisie (bijlage 2) vast te stellen; 3. De omgevingsvisie gemeente Meppel (bijlage 3) gewijzigd vast te stellen; 4. Het PlanMER ‘omgevingseffectrapportage omgevingsvisie Meppel’ (bijlage 4) vast te stellen; 5. De navolgende beleidsstukken in te trekken: a. Duurzaam energieplan, zoals vastgesteld door de gemeenteraad op 26 april 2012; b. Woonvisie 2016-2020, zoals vastgesteld door de gemeenteraad op 31 maart 2016; c. Toeristisch Recreatief Ontwikkelingsplan 2.0 2013-2018, zoals vastgesteld door de gemeenteraad op 31 oktober 2013; d. Structuurvisie Meppel 2030 – Duurzaam verbinden, zoals vastgesteld door de gemeenteraad op 7 november 2013; e. Archeologische beleidskaart 2010, zoals vastgesteld door de gemeenteraad in 27 mei 2013 f. Binnenstadsplan, zoals vastgesteld door de gemeenteraad in 26 april 2018; g. Ruimtelijke Visie Nijeveen, dorp in evenwicht, zoals vastgesteld door de gemeenteraad in 9 februari 2006; h. Kromme Elleboog Meppel, zoals vastgesteld door de gemeenteraad in 15 december 2011; i. Visie omgeving Slotplantsoen, zoals vastgesteld door de gemeenteraad in 5 juni 2003; j.

Vledderhof Meppel, zoals vastgesteld door de gemeenteraad in 10 november 2009; k. Ruimtelijke visie Werkhorst Oost, zoals vastgesteld door de gemeenteraad in 3 oktober 2002;

l.

Binnenstadvisie, zoals vastgesteld door de gemeenteraad op 8 januari 2009; m. Ontwikkelvisie stadsrandzone Meppel-Reestdal 2007, zoals vastgesteld door de gemeenteraad op 24 april 2007; 6. Het monitoringsplan (bijlage 5) vast te stellen; 7. Het college opdracht te geven om de monitoring van de omgevingsvisie nader uit te werken op basis van het monitoringsplan; 8. Werkafspraken tussen college en gemeenteraad over omgevingsprogramma’s vast te stellen (bijlage 6). Inleiding: De gemeenteraad heeft in 2018 het college verzocht om een integrale omgevingsvisie op hoofdlijnen voor de toekomst van Meppel op te stellen. Na een uitgebreid proces biedt het college u nu de omgevingsvisie gemeente Meppel ter vaststelling aan. De omgevingsvisie is een kaderstellende visie voor de toekomst van de fysieke leefomgeving in de gemeente Meppel. De visie geeft de ambities weer voor de gemeente Meppel tot 2040. De visie vormt de kapstok en het richtsnoer voor ontwikkelingen, beleidsuitwerking en uitvoering van maatregelen in de gehele fysieke leefomgeving. Hoewel de omgevingsvisie vooral over de fysieke leefomgeving – de ruimte – gaat, gaat de visie ook over onze samenleving en onze economie. Ons college is trots op het proces en het resultaat van de omgevingsvisie. We hebben veel energie gestoken in een zorgvuldig proces om tot de nu voorliggende omgevingsvisie te komen.

Na een uitgebreid participatieproces en de terinzagelegging van de ontwerp omgevingsvisie is nu de definitieve omgevingsvisie opgesteld. Wij zijn van mening dat de voorliggende visie een veelomvattende en integrale visie is die richting geeft voor ontwikkelingen in de toekomst. De omgevingsvisie is een visie op hoofdlijnen en is daardoor een startpunt. De doelen in de omgevingsvisie vormen de basis voor het opstellen van omgevingsprogramma’s en het werken aan de fysieke leefomgeving. Het omgevingsplan biedt vervolgens de mogelijkheid om de omgevingsvisie en omgevingsprogramma’s in juridisch bindende regels te vatten. De nieuwe beleidscyclus onder de Omgevingswet maken we rond door te monitoren en evalueren. Dat kan leiden tot aanpassing van de maatregelen of extra inzet in de fysieke leefomgeving om de doelen uit de omgevingsvisie te behalen. Beoogd (maatschappelijk) effect Richting geven aan de toekomst van de fysieke leefomgeving van de gemeente Meppel en daarmee een kader bieden voor ontwikkelingen, beleidsuitwerking en uitvoering van maatregelen in de fysieke leefomgeving. Argumenten 1.1 Het advies van de commissie voor de milieueffectrapportage (m.e.r.) is verwerkt in de omgevingseffectrapportage en in het monitoringsplan van de omgevingsvisie.

Ten behoeve van de omgevingsvisie is een PlanMER opgesteld als onderdeel van de omgevingseffectrapportage. Het opstellen van een PlanMER is wettelijk verplicht (artikel 16.36 Omgevingswet), net als het vragen om advies van de commissie voor de m.e.r. op de rapportage (artikel 16.39 Omgevingswet). Het advies van de commissie over de omgevingseffectrapportage is overwegend positief. Naar aanleiding van het advies van de commissie voor de m.e.r. hebben we de omgevingseffectrapportage op enkele onderdelen aangepast. Zo is onder meer de effectbeoordeling verduidelijkt. In de rapportage is een paragraaf opgenomen waarin nader wordt ingegaan op de inhoud van het advies. De commissie voor de m.e.r. vraagt in het advies aandacht voor monitoring. Inmiddels hebben wij een eerste monitoringsplan opgesteld, zie onder argument 6.1. 1.2 Het advies van de commissie voor het vervolg na vaststelling van de omgevingsvisie helpt bij het opstellen van omgevingsprogramma’s. De commissie voor de m.e.r. heeft hoofdzakelijk geadviseerd over de omgevingseffectrapportage. Zij constateert echter ook dat de omgevingsvisie op hoofdlijnen is en uitwerking nog moet plaatsvinden. Deze constatering is in lijn met de startnotitie van uw raad uit 2018 waarin is afgesproken dat de omgevingsvisie een visie op hoofdlijnen moet zijn. De commissie heeft een aantal adviezen gegeven voor het vervolg.

Deze adviezen zal ons college gebruiken bij het opstellen van omgevingsprogramma’s. 2.1 In de Reactienota zienswijzen omgevingsvisie geven we een reactie op de zienswijzen die inwoners, ketenpartners en organisaties op de omgevingsvisie hebben ingediend. Tijdens de terinzagelegging van de ontwerp omgevingsvisie zijn 25 zienswijzen ingediend. In de reactienota hebben we elke zienswijze voorzien van een reactie en aangegeven tot welke aanpassing dit heeft geleid.

3.1 De omgevingsvisie geeft aan hoe de gemeente Meppel omgaat met de kwaliteiten, de opgaven en ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving nu en in de toekomst. De omgevingsvisie vertelt het verhaal van de leefomgeving van Meppel, Nijeveen, Rogat en omstreken, nu en in de toekomst. Het is nodig verder vooruit te kijken dan komend jaar of de komende twee jaar. Deze omgevingsvisie bevat de koers van de gemeente Meppel over de leefomgeving tot aan 2040. De gemeente Meppel heeft vier ambities en wil: a. b. c. d.

duurzaam zijn in alle opzichten, schoon, natuurlijk en gezond, levendig en leefbaar en kwalitatief en inclusief groeien.

We passen drie strategieën toe: beschermen, transformeren en ontwikkelen. Aan de ene kant willen we onze kwaliteiten beschermen: ons erfgoed, ons landschap, onze

groenblauwe structuur en onze natuur. Dat maakt ons tot wie we zijn. Aan de andere kant willen én moeten we werken aan de grote uitdagingen van nu en van de toekomst. De gemeente Meppel is ambitieus en wil groeien. Denk aan het aantal nieuw te bouwen woningen en ruimte bieden aan bedrijvigheid. We gaan ontwikkelen. Maar de grootste uitdagingen liggen in het transformeren van onze bestaande gebieden. De ruimte in onze gemeente is beperkt en dat vraagt om het maken van keuzes. In de omgevingsvisie geven we richting aan die keuzes. In de omgevingsvisie is beschreven hoe we gaan werken aan de ambities die we hebben voor onze fysieke leefomgeving. We geven aan welke rol we als gemeente nemen in de verschillende opgaven. Het is een uitnodiging om ons te helpen ambities te realiseren, want we hebben de samenleving nodig. Het is een vertrekpunt. 3.2 De omgevingsvisie kent een goede beleidsmatige basis door inbedding van bestaand beleid en "Samen bouwen aan kwaliteit – Visie op de fysieke leefomgeving". De gemeenteraad heeft in 2021 “Samen bouwen aan kwaliteit – Visie op de fysieke leefomgeving” vastgesteld als basis voor het vervolgproces van de omgevingsvisie. In "Samen bouwen aan kwaliteit" wordt, naast het DNA van de gemeente Meppel, een toekomstbeeld geschetst aan de hand van vijf centrale kwesties.

De vijf centrale kwesties zijn verstedelijking, verduurzaming, gezonde leefomgeving, bedrijvigheid en toekomstbestendig buitengebied. Deze kwesties vormden de basis voor verdere uitwerking in opgaven, ambities en doelen in de omgevingsvisie. Ook bestaand beleid is meegenomen en integraal afgewogen in de omgevingsvisie. Denk aan Zo doen we groen!, de Bouwstenennotitie wonen en de Lokale adaptatie strategie. 3.3 De omgevingsvisie geeft een integraal antwoord op de grote opgaven van nu en in de toekomst in de gemeente Meppel. Een omgevingsvisie biedt kansen om integraal naar opgaven in een gemeente te kijken. Een omgevingsvisie is een nieuw instrument onder de Omgevingswet. De Omgevingswet bevat een breed scala aan onderwerpen die betrekking hebben op de leefomgeving. De omgevingsvisie gaat niet alleen over traditionele thema's zoals wonen, bedrijvigheid, landschap, erfgoed, milieu en mobiliteit, maar betreft ook andere thema's in de fysieke leefomgeving zoals gezondheid, voorzieningen, water, klimaat, natuur en energie. De benadering van de leefomgeving is in de Omgevingswet verbreed. Mede vanwege grote opgaven die op ons afkomen, is deze integrale benadering zo belangrijk. Er wordt niet alleen gestuurd op individuele thema's, er wordt ook samenhang tussen thema's gecreëerd. In de omgevingsvisie is gewerkt met de doelstellingen van de Omgevingswet in het achterhoofd.

3.4 De omgevingsvisie is tot stand gekomen door brede participatie en betrokkenheid vanuit de samenleving. Participatie is een belangrijk thema in de Omgevingswet. Participatie bij de totstandkoming van beleid leidt tot draagvlak in de samenleving. We hebben een drietal participatierondes voor de omgevingsvisie georganiseerd met inwoners,

ketenpartners, organisaties, jongeren, raadsfracties etc. en bijeenkomsten met de expertgroep omgevingsvisie. Deze participatie heeft inzichten opgeleverd in hoe onze Meppeler samenleving aankijkt tegen verschillende opgaven en onderwerpen. Hieruit kwam een duidelijke wens naar voren voor een evenwichtige groei, waarbij economische, sociale en duurzame aspecten hand in hand gaan. Dit past bij de ambities in de omgevingsvisie. Er is een sterke wens voor betrokkenheid en zeggenschap van de gemeenschap in de wijken en buurten. In de ontwerp omgevingsvisie hebben we voor elk gebied een eerste gebiedsuitwerking gemaakt. In de omgevingsvisie is aangegeven hoe met de ambities wordt omgegaan (strategieën) en welke rol we daarin als gemeente nemen (reguleren, realiseren, stimuleren/faciliteren, samenwerken). Het realiseren van de ambities kunnen we als gemeente niet alleen. Daar hebben we de Meppeler samenleving bij nodig. 3.5 Opiniërende bespreking van de ontwerp omgevingsvisie is betrokken bij het opstellen van de definitieve omgevingsvisie. Naast aanpassingen als gevolg van de onder 2.1 genoemde zienswijzen, is sprake van wijzigingen ten opzichte van het ontwerp als gevolg van de opiniërende behandeling in de raadscommissie op 3 oktober 2024. Een totaaloverzicht van de wijzigingen is opgenomen in de reactienota zienswijzen.

3.6 Gemeenten moeten op 1 januari 2027 een omgevingsvisie hebben vastgesteld. Gemeenten moeten een omgevingsvisie hebben (artikel 3.1, lid 1 van de Omgevingswet). In artikel 4.9, eerste lid, van de Invoeringswet Omgevingswet is bepaald dat bij Koninklijk besluit een datum wordt gesteld waarop gemeenten aan die verplichting moeten voldoen. Die datum is vastgesteld op 1 januari 2027. 4.1 Bij het samenstellen van de omgevingsvisie zijn de inzichten uit de omgevingseffectrapportage meegenomen. De omgevingseffectrapportage hoort bij de omgevingsvisie. In de omgevingsvisie worden keuzes gemaakt over de fysieke leefomgeving. Deze keuzes kunnen uiteenlopende effecten hebben. In de omgevingseffectrapportage zijn de milieueffecten en sociaalmaatschappelijke effecten in beeld gebracht van drie verschillende toekomstscenario’s. Wat gebeurt er als we uitgaan van maximale groei? Wat gebeurt er als water en bodem leidend zijn? Wat gebeurt er als we grootschalig energie opwekken? De inzichten uit de effecten van de scenario’s zijn gebruikt bij het opstellen van de omgevingsvisie. Zo wordt in de visie ingezet op kwalitatieve groei, waarbij de bestaande voorzieningen worden versterkt. Aan ontwikkelingen worden voorwaarden gesteld, ter voorkoming van negatieve effecten en om positief bij te dragen aan de ambities van Meppel.

We stellen voor te kiezen voor in- en uitbreidingslocaties die de (sociale) structuur versterken. 4.2 Bij een omgevingsvisie is een planMER opgesteld conform artikel 16.36 Omgevingswet Bij de voorbereiding van een omgevingsvisie moet in sommige gevallen een planmilieueffectrapport (hierna planMER) worden opgesteld. Dat is het geval als de

omgevingsvisie het kader vormt voor te nemen besluiten voor projecten die aanzienlijke milieueffecten kunnen hebben of waarbij dit moet worden beoordeeld. We hebben dit planMER opgenomen in een omgevingseffectrapportage (OER), waarin naast de milieueffecten ook de sociaalmaatschappelijke effecten zijn onderzocht. De omgevingseffectrapportage is daarmee tevens een planMER als bedoeld in artikel 16.36 Omgevingswet. 5.1 Enkele beleidsdocumenten zijn verouderd of niet meer actueel. Strategische beleidskeuzes uit bestaande beleidsdocumenten hebben we, waar relevant en actueel, opgenomen in de omgevingsvisie. Enkele beleidsdocumenten zijn oud en hebben hun relevantie verloren. Andere beleidsdocumenten zijn hiervoor in de plaats gekomen. Met het vaststellen van de omgevingsvisie is het tijd om deze verouderde beleidsdocumenten in te trekken en niet meer aan de basis te laten staan voor gemeentelijk beleid voor zover dat nog het geval was. Verder vervangt onder de Omgevingswet de omgevingsvisie de in het verleden vastgestelde structuurvisies. Beleid wat nog wel actueel en relevant is, hebben we in een overzicht als bijlage bij de omgevingsvisie opgenomen. Met de vaststelling van omgevingsprogramma’s wordt ook dit beleid langzamerhand vervangen door omgevingsdocumenten onder de Omgevingswet. 5.2.a Duurzaam energieplan is opgegaan in ander beleid.

Het Duurzaam energieplan is onderdeel geworden van het programma duurzaamheid 2021-2023 en kan daarom worden ingetrokken. 5.2.b Woonvisie 2016-2020 is verlopen. De Woonvisie 2016-2020 is verlopen, niet meer actueel en vervangen door de Bouwstenennotitie wonen. 5.2.c Toeristisch Recreatief Ontwikkelingsplan 2.0 2013-2018 is niet meer actueel. Het Toeristisch recreatief ontwikkelingsplan is niet meer actueel en volstaat niet meer als toetsingskader. De aders voor toerisme en recreatie zijn opgenomen in de omgevingsvisie. 5.2d Structuurvisie Meppel 2030 – Duurzaam verbinden vervalt. De omgevingsvisie vervangt de structuurvisie als beleidsmatig ruimtelijk kader. 5.2.e Archeologische beleidskaart 2010 is opgegaan in ander beleid. De archeologische beleidskaart uit 2010 is vervangen door de archeologische beleidskaart uit 2023. 5.3.f Het binnenstadsplan 2017 is uitgevoerd. De maatregelen uit het binnenstadsplan zijn uitgevoerd. De ambities zijn, voor zover nog actueel, verwerkt in de omgevingsvisie. 5.3.g Ruimtelijke Visie Nijeveen, dorp in evenwicht is niet meer actueel.

De ruimtelijke visie Nijeveen is vervangen door de Structuurvisie en niet meer actueel. 5.3.h Kromme Elleboog Meppel is niet meer actueel. Het document Kromme Elleboog Meppel uit 2011 is vervangen door het Binnenstadsplan en niet meer actueel. 5.3.i Visie omgeving Slotplantsoen is niet meer actueel. Het document Visie omgeving Slotplantsoen uit 2003 is vervangen door het Binnenstadsplan en niet meer actueel. 5.3.j Vledderhof Meppel is niet meer actueel. Het document Vledderhof Meppel uit 2009 is vervangen door het Binnenstadsplan en niet meer actueel. 5.3.k Ruimtelijke visie Werkhorst Oost is niet meer actueel. Het document Ruimtelijke visie Werkhorst Oost uit 2002 is vervangen door het Binnenstadsplan en niet meer actueel. 5.3.l Binnenstadvisie is niet meer actueel. De Binnenstadvisie uit 2009 is vervangen door het Binnenstadsplan en niet meer actueel. 5.3.m Ontwikkelvisie stadsrandzone Meppel-Reestdal 2007, Meppel is niet meer actueel. De Ontwikkelvisie stadsrandzone Meppel-Reestdal 2007 uit 2007 is vervangen door de Structuurvisie en niet meer actueel. 6.1 Het monitoringsplan geeft een aanzet voor de monitoring van de omgevingsvisie. Monitoring en evaluatie vormen de ruggengraat van een effectieve omgevingsvisie. Het maakt de beleidscyclus onder de Omgevingswet rond.

Door de effecten van de beleidsvoornemens uit de omgevingsvisie voor de staat en de kwaliteit van de fysieke leefomgeving te volgen, kunnen we bepalen of we doelen bereiken en waar nodig op doelen bijsturen. Op basis van monitoring kan de omgevingsvisie (deels) worden geactualiseerd en zo meebewegen met veranderende inzichten, actualiteiten en omstandigheden. Het monitoringsplan beschrijft de wijze waarop de monitoring van de omgevingsvisie plaatsvindt. Door de wijze van monitoring vooraf vast te leggen, ontstaat duidelijkheid bij alle betrokken. Ook de commissie voor de milieueffectrapportage heeft geadviseerd om aandacht te besteden aan de monitoring van de omgevingsvisie. 7.1 Afspraken over monitoring en evaluatie zijn belangrijke uitgangspunten (21 en 22) uit de Nota van Uitgangspunten Omgevingsvisie 2021. In de Nota van Uitgangspunten is vastgelegd dat afspraken gemaakt worden tussen raad en college over de monitoring en de evaluatie. Deze afspraken zijn het

fundament van de beleidscyclus. Met bijgevoegde opzet voor monitoring en evaluatie heeft ons college een eerste aanzet gegeven. Voortschrijdend inzicht en ervaring door het werken met de omgevingsvisie zullen zeer waarschijnlijk een bijstelling van het monitoringsplan noodzakelijk maken. Op dat moment zal een geactualiseerde versie van het monitoringsplan aan u worden voorgelegd. 8.1 De werkafspraken scheppen duidelijkheid voor college en gemeenteraad over de betrokkenheid van de gemeenteraad bij omgevingsprogramma’s. De omgevingsvisie wordt uitgewerkt in omgevingsprogramma’s. Het vaststellen van omgevingsprogramma’s is een bevoegdheid van het college van B&W. De inhoud van een omgevingsprogramma kan echter in meerdere of mindere mate politieke en/of maatschappelijke relevantie hebben waardoor de betrokkenheid van uw raad wisselend kan zijn. In het document “Werkafspraken college en raad rond omgevingsprogramma’s” is beschreven hoe we hier mee willen omgaan. Voor de beschrijving van dit samenspel tussen college en raad vormt de bespreking in De Ronde op 13 februari 2025 de grondslag. Het instrument omgevingsprogramma is nog relatief onbekend. In de beginperiode van het gebruik is het handig om hierover afspraken te maken.

8.2 De opdracht tot het maken van werkafspraken staat in de Nota van Uitgangspunten Omgevingsvisie van de raad Een belangrijk onderdeel van de door uw raad in 2021 vastgestelde Nota van Uitgangspunten Omgevingsvisie is de relatie tussen de omgevingsvisie en de omgevingsprogramma’s. In de nota is opgenomen dat gelijktijdig met de omgevingsvisie ook goede werkafspraken gemaakt worden voor monitoring en evaluatie van de omgevingsvisie en het opstellen van omgevingsprogramma’s. De nota noemt als reden dat de raad in staat wordt gesteld haar kaderstellende en controlerende rol waar te kunnen maken. Werkafspraken over hoe om te gaan met omgevingsprogramma’s zijn hier een belangrijk onderdeel van. In dezelfde Nota van uitgangspunten wordt aangegeven dat deze afspraken een fundament zijn voor de beleidscyclus. Kanttekeningen 1.1 We hebben geen “agenda voor het vervolg” opgesteld. De commissie voor de m.e.r. adviseert om het vervolg van de omgevingsvisie te concretiseren in een “agenda voor het vervolg”. Aandachtspunten van de commissie zijn het maken van concrete keuzes en de integraliteit en samenhang tussen omgevingsprogramma’s. Het advies van de commissie komt voort uit het globale karakter van de omgevingsvisie en het OER. Niet alles is nog duidelijk. In de omgevingsvisie geven we aan dat we de omgevingsvisie uitwerken in enkele gebiedsgerichte en thematische omgevingsprogramma's.

Nu doen we dat op basis van al ingezette beleidstrajecten. Zo zijn we bezig met een omgevingsprogramma mobiliteit vanwege de vraag naar beleid rond parkeren etc.. Ook verwachten we de komende jaren een aantal verplichte omgevingsprogramma’s. U kunt als raad

prioriteren in het opstellen van omgevingsprogramma’s, bijvoorbeeld rond de verkiezingen of in de perspectiefnota. Juist vanwege de aandachtspunten integraliteit en samenhang van de commissie voor de m.e.r., hebben we als college een leidraad werken met omgevingsprogramma’s vastgesteld. Deze draagt bij aan uniforme, herkenbare en integrale omgevingsprogramma’s en de samenhang ertussen. 3.1 De financiële uitvoerbaarheid van de ambities en doelen uit de omgevingsvisie is niet onderzocht. Het is niet mogelijk een financiële doorrekening te maken van de veelomvattende ambities en doelen uit de omgevingsvisie. Daarvoor zijn ze te globaal en is de tijdshorizon te groot. De omgevingsvisie is vooral een document op hoofdlijnen. Uitwerking is nodig in omgevingsprogramma's en het omgevingsplan. De uitvoering van de omgevingsvisie vindt zo veel mogelijk plaats binnen bestaande budgetten. Voor specifieke opgaven, zoals de ontwikkeling van het stationsgebied, zal te zijner tijd een afzonderlijk financieringsvoorstel aan de raad worden voorgelegd. Een eventuele budgetvraag is ook aan de orde bij concretere vervolgdocumenten op de omgevingsvisie, zoals een omgevingsprogramma of voortvloeiend uit de beleidscyclus. 7.1 Het is nog onbekend hoe de monitoring er precies uit zal zien en wat de kosten zijn. Het monitoringsplan is een aanzet voor monitoring van de omgevingsvisie.

Uitwerking van het monitoringsplan is nodig om een inschatting van de kosten en financiële consequenties te kunnen maken. Bij de uitwerking van de monitoring van de omgevingsvisie sluiten we zo veel mogelijk aan bij lopende monitoringstrajecten (duurzaam, wijk- en dorpsgericht werken) en zoeken we slimme combinaties binnen bestaande budgetten. Integrale afstemming De omgevingsvisie is enerzijds opgesteld op basis van input van inwoners, ketenpartners, organisaties, jongeren, raadsfracties en een expertgroep. Anderzijds is de inhoud tot stand gekomen door nauwe samenwerking tussen verschillende beleidsvelden binnen de gemeentelijke organisatie. Financiën De omgevingsvisie is een kaderstellend document. Er vloeien geen directe kosten voort uit het vaststellen van de visie. Zoals bij kanttekening 3.1 reeds aangegeven, heeft geen financiële doorrekening van de omgevingsvisie plaatsgevonden. Voor uitvoering van de visie wordt zo veel mogelijk gebruik gemaakt van bestaande budgetten. Indien nodig, zullen projectspecifieke kredietaanvragen aan de raad worden voorgelegd en/of worden voorgesteld in de meerjarenbegroting. Effecten overige programma’s De omgevingsvisie is een integraal beleidsdocument. Ambities en doelen vanuit het fysiek en sociaal domein zijn hierin meegenomen. Met de omgevingsvisie werken we

ook aan deze doelen. Datzelfde geldt voor het programma duurzaam. Met name de fysieke uitwerking van duurzaamheidsdoelen hebben een plek in de omgevingsvisie en in de uitwerking van de visie. Het wijk- en dorpsgericht werken is een manier van werken die in de omgevingsvisie wordt omarmd. Bij de vaststelling van de visie komt de omgevingsvisie voor een deel in de plaats van bestaand sectoraal beleid. Onder 5.1 is benoemd dat de Omgevingsvisie bestaande structuurvisies vervangt. Dit heeft onder meer tot gevolg dat de structuurvisie ‘Omgevingsprogramma Noord IV’ komt te vervallen. De beleidsmatige uitgangspunten voor het realiseren van een bedrijventerrein met een combinatie van andere opgaven in Noord IV zijn verwerkt in de omgevingsvisie. Communicatie De vaststelling van omgevingsvisie zal via de voorgeschreven methoden bekend worden gemaakt. Daarnaast zal via de gemeentelijke kanalen aandacht worden besteed aan de vaststelling. Uitvoering Na vaststelling van de omgevingsvisie vindt nadere uitwerking van het beleid plaats in omgevingsprogramma’s en in het omgevingsplan. Effecten op pijlers duurzaamheid De duurzaamheidsambities uit het Programma Duurzaam 2024-2028 zijn verwerkt in de omgevingsvisie. Bijlagen 1. Toetsingsadvies commissie voor de m.e.r. 2. Reactienota zienswijzen omgevingsvisie 3. Omgevingsvisie Meppel 4. Omgevingseffectrapportage omgevingsvisie Meppel 5.

Monitoringsplan omgevingsvisie 6. Werkafspraken omgevingsprogramma’s Burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, A.J. Kastelein

C. Bijl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Meppel&id=1d7e0f91-d5f6-48d8-b58d-33702e841b62