Raadsvoorstel - Perspectiefnota 2025-2028
Tekst van het document
Agendapunt:
Vertrouwelijkheid: Openbaar
Meppel. Aan de Gemeenteraad.
Raadsvoorstel nr. 1935181
Onderwerp: Perspectiefnota 2025-2028 Voorgesteld besluit: De perspectiefnota 2025-2028 vast te stellen en daarmee in te stemmen met: • De inhoudelijke keuzes en deze te gebruiken als basis voor volgende begrotingen; • Het investeringsprogramma voor de komende vier jaar; • Het structureel verder verbeteren van de financiële positie via een proces bestaande uit drie onderdelen: Zero Based Begroten (inzicht in de begroting), sparen voor later (vervangingsinvesteringen structureel opnemen in de begroting) en een takendiscussie (keuzes maken). De uitkomsten, voor zover gereed, voorleggen bij de volgende perspectiefnota. Inleiding: Met deze perspectiefnota zetten we de lijn van de vorige perspectiefnota voort. Onze energie richten we op het realiseren van het collegeprogramma, waarmee we het niveau van onze voorzieningen kwalitatief op peil willen houden door als gemeente verder te ontwikkelen en groeien. Voor een mooier Meppel, waar het voor inwoners en bezoekers goed toeven is. Nog sterker dan vorig jaar zetten we in op realisme. We zien een stevige, structurele verlaging van onze inkomsten van het Rijk op ons af komen. Daarnaast is onzeker welke maatregelen het nieuwe kabinet voor gemeenten in petto heeft en welke de effecten worden van de onrustige internationale situatie.
Om hiermee beter te kunnen omgaan, zetten we in op het verstevigen van onze buffers en het voorbereiden van het gesprek over wat we als gemeente wel en niet moeten en willen doen. Als we willen sparen voor later, moeten we onze huidige uitgaven beperken en onze ambities inperken. Beoogd (maatschappelijk) effect Groeiend de kwaliteit van voorzieningen in Meppel op peil houden en verhogen. Dit doen op een duurzame en verbindende wijze, waarbij verantwoord wordt omgegaan met de middelen. Argumenten 1. De perspectiefnota biedt evenwicht tussen inhoudelijk en financieel realisme De financiële vooruitzichten zijn niet rooskleurig, terwijl ook de arbeidsmarkt het lastig maakt om alle plannen zonder meer te realiseren. Daarom hebben we realisme
voorop gesteld in deze perspectiefnota. Inhoudelijk zien we mogelijkheden om de focuspunten uit het collegeprogramma te realiseren. Dat doen we zo effectief mogelijk. Tegelijk zetten we stevig in op verbetering van onze financiële positie. We bereiden ons concreet voor op een gesprek over hoe we onze buffers kunnen vergroten en welke taken we daarbij moeten, kunnen en willen uitvoeren en welke dus ook niet. Ons programma Balans Ambities en Middelen (BAM) is het voertuig voor dit traject. Allereerst vergroten we het inzicht in onze begroting via Zero Based Budgetting/Begroten (ZBB). Dit diepgaande inzicht benutten we voor een gesprek over onze taken. Op basis van feitelijke gegevens en een visie op onze rol als overheid bereiden we het gesprek voor over wat we moeten en kunnen doen. Onderdeel daarin is dat we willen gaan sparen voor vervangingsinvesteringen, die op middellange en lange termijn op ons afkomen. Dat alles vraagt een uitvoerig onderzoek, maar is nodig voor een degelijk en toekomstbestendig financieel perspectief. We hebben u nog geen sluitend perspectief kunnen bieden. Dit geldt voor de langere termijn, omdat de middelen van het Rijk per 2026 (ravijnjaar genoemd) structureel afnemen. Maar ook voor 2025 is het perspectief niet sluitend.
We hebben alles op alles gezet om dat wel voor elkaar te krijgen en binnen de kaders van het vastgestelde financieel actieplan te blijven: alleen nieuw geld voor verplichte en noodzakelijke onderwerpen; ook daar nog een slag overheen om het bedrag te verlagen; investeringen waar dat mogelijk is met een jaar uitgesteld; mogelijke overschrijdingen voorlopig nog even aanzien en niet meteen doorzetten naar volgende jaren. Dat is een penibele situatie. Voor de begroting moet dit probleem zijn opgelost. De komende maanden zullen we dan ook gebruiken om oplossingen te vinden. We zullen u een sluitende begroting 2025 presenteren. 2. We doen wat nodig is De komende jaren zetten we onze energie op het realiseren van de vijf prioritaire thema's uit ons collegeprogramma: Verstedelijking; Verduurzaming; Verbinding & Participatie; Maatschappelijke voorzieningen; en Bedrijfsvoering & Middelen. Nieuwe voorstellen voor uitgaven hebben we tegen een strenge maatlat gelegd en alleen verplichte uitgaven (wettelijk of contractueel) opgenomen. Plus enkele onderwerpen, die grote risico's met zich zouden meebrengen als ze niet zouden doorgaan. Dit zijn: • • •
Armoederegelingen – de vraag naar deze regelingen is toegenomen en zal naar verwachting de komende tijd zeker niet afnemen. Asfaltdeklagen – deze moeten worden vervangen; bij niet-tijdige vervanging nemen de kosten exponentieel toe. Buurtsportcoaches – we ontvangen middelen van het Rijk via het Gezond en Actief Leven Akkoord; daar moet gemeentelijke co-financiering bij en als die
•
•
er niet is, missen we ook de Rijksmiddelen, die nodig zijn voor de doelen in de sportvisie. Stationsomgeving – een strategische ontwikkelvisie is nodig om twee redenen: 1. kunnen inspelen op de activiteiten van ProRail bij de realisatie van het vierde perronspoor, waarvoor het Rijk middelen heeft beschikbaar gesteld (koppelkansen); 2. blijven meedoen in het traject van Regio Zwolle rond Karakteristieke Stationsomgevingen, waaruit ontwikkelkansen kunnen voortkomen. Omgevingswet – dit is een verplichting, want alle gemeenten moeten in 2032 het gehele bouwwerk van de Omgevingswet gereed hebben. Om dit waar te kunnen maken, is het binnenhalen van enkele specialismen onontbeerlijk.
3. Investeringen blijven binnen de norm van het financieel actieplan Ook bij de investeringen hebben we de lijn gehanteerd dat alleen verplichte zaken en zaken waarmee onoverkomelijke risico's zijn gemoeid, zijn opgenomen in het investeringsprogramma. De meest omvangrijke zijn: • •
•
•
Greijdanus – permanente uitbreiding van deze school is verplicht, vanwege de stijging van het leerlingenaantal. Vervangingen – enkele zaken dienen te worden vervangen, omdat ze aan het einde van hun levensduur zijn. In enkele gevallen is het zo dat vervanging nodig is omdat essentiële onderdelen niet meer geleverd kunnen worden. Indexeringen – bij enkele projecten is indexering nodig, omdat de kosten fors zijn gestegen en er veel tijd zit tussen de planvorming en de realisatie. Dit is een normale procedure in dit soort situaties. Naar LED – Vanwege Europese regelgeving worden conventionele lampen niet meer geproduceerd. Daarom moet worden overgeschakeld naar LED.
Kanttekeningen 1. De perspectiefnota dient een sluitende eerste jaarschijf te kennen De aanbieding van een perspectiefnota met een niet sluitende eerste jaarschijf (2025) is inderdaad een unicum en hebben wij niet lichtvaardig gedaan. Dit toont vooral aan dat het enorm lastig is om te doen wat nodig en zorgvuldig is én op korte termijn een sluitend perspectief te bereiken. Het nu gepresenteerde tekort komt door het eerder invoeren van een andere financieringssystematiek van het rijk voor het gemeentefonds. Dat is aangekondigd in de Voorjaarsnota 2024 van het rijk. Het geld dat gemeenten mislopen door het eerder omschakelen wordt door het rijk bijna geheel gecompenseerd. Bijna, want voor 2025 is de compensatie niet volledig zodat een tekort voor dat jaar ontstaat. De Voorjaarsnota van het rijk wordt uitgewerkt in de meicirculaire 2024. In deze PPN hebben we daarop alvast een voorschot genomen. Richting aanstaande programmabegroting nemen wij onze verantwoordelijkheid en doen we een voorstel met een sluitende begroting 2025.
2. De indeling van hoofdstuk 3 sluit niet aan bij de programma-indeling van de begroting De indeling van hoofdstuk 3 is opgehangen aan de prioritaire thema's en niet aan de programma-indeling van de p&c-documenten. Kanttekening kan zijn dat dit moeilijkheden kan geven bij de vertaling naar de begroting. Echter: de indeling naar programma's is bij de perspectiefnota, waar het gaat om de hoofdlijnen, inhoudelijk niet altijd helpend. In hoofdstuk 3 wordt ingegaan op de grotere dossiers, die van belang zijn voor de keuzes op langere termijn. Die zijn gerelateerd aan de prioritaire thema's, die ons collegeprogramma en daarmee de voorstellen in deze perspectiefnota kenmerken. Het beschrijven van ontwikkelingen in de diverse programma's zou slechts afleiden van deze hoofdzaken. Er is dus sprake van een inhoudelijke keuze voor deze indeling. 3. Vaststelling van de perspectiefnota is geen verlening van een krediet Door het instemmen met het investeringsplan wordt in principe ingestemd met de plannen die daarin vermeld zijn. Om hiermee verder te kunnen gaan, dienen nog wel kredieten beschikbaar te worden gesteld. Integrale afstemming Directie, teammanagers, strategen, financieel adviseurs, beleidsmedewerkers Financiën De perspectiefnota toont de gemeentelijke financiën in meerjarig perspectief.
Met de vaststelling zijn de kaders voor de begroting 2024 geschetst en de doorkijk naar de volgende begrotingen. Effecten overige programma’s De perspectiefnota heeft effecten op alle programma's en domeinen. Communicatie Over de perspectiefnota wordt actief gecommuniceerd. Uitvoering Na vaststelling van de perspectiefnota wordt de eerste jaarschijf ervan vertaald in de begroting 2024. De perspectiefnota is richtinggevend voor de begrotingen van de volgende jaren. Effecten op pijlers duurzaamheid Duurzaamheid is een prioritair thema in deze perspectiefnota. Er wordt daarom stevig ingezet op dit thema en zeker op de uitvoering van de voorgenomen activiteiten. Bijlagen 1. Perspectiefnota 2024-2027
2. Raadsbesluit Burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, A.J. Kastelein
R.T.A. Korteland