Raadsbesluit - Wijzigingsverordening Sociaal Domein 2021
Tekst van het document
Sociaal Domein Gemeente Meppel – Verordening Sociaal Domein gemeente Meppel Raadsbesluit nr. ….. De
Raad
van de gemeente Meppel;
gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders (…… 2021), nr……; besluit: vast te stellen de wijzigingsverordening: Sociaal domein gemeente Meppel De Verordening Sociaal Domein gemeente Meppel wordt als volgt gewijzigd: Artikel I Artikel 2 lid 2 sub a wordt tekstueel gewijzigd. Artikel 2 lid 2 sub a komt als volgt te luiden: Oud tekst: Niet iedere melding hoeft bevestigd te worden, bijvoorbeeld als de melding niet bij het sociaal domein thuishoort of wanneer alleen informatie geven voldoende is.
Nieuwe tekst: De melding waarop een onderzoek volgt in de zin van artikel 2.3.2. Vierde lid Wmo 2015 wordt schriftelijk bevestigd.
Artikel II Na artikel 7 lid 4 wordt lid 5 ingevoegd. Lid 5 en lid 6 van artikel 7 worden vernummerd naar lid 6 en lid 7. • Artikel 7 lid 5 komt, op basis van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening, als volgt te luiden: Artikel 7 lid 5. Beslistermijn Schuldhulpverlening Oude tekst: Geen
Nieuwe tekst: De beschikking tot schuldhulpverlening of de afwijzing ervan, bedoeld in artikel 4a, eerste lid, van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening, wordt genomen binnen een termijn van 8 weken na de dag waarop het eerste gesprek, bedoeld in artikel 4, eerste lid, van die wet, heeft plaatsgevonden.
Artikel III Artikel 10 lid 6 sub d wordt geschrapt. Oud: d. Voor de PGB houder, voor wie een in 2019 een WMO PGB beschikking heeft ontvangen met de mogelijkheid op een vrij te besteden bedrag, geldt een uitsterfconstructie tot en met tot en met
31 december 2020. Het vrijbesteedbaarbedrag blijft beschikbaar in 2020 voor deze PGB houders. Artikel IV De titel van artikel 10a wordt gewijzigd van ‘Regels voor het aanwijzen van professionele zorgaanbieders’ naar ‘Regels voor het aanwijzen van professionele zorgaanbieders pgb.’ Verder wordt dit artikel tekstueel gewijzigd. Artikel 10a komt als volgt te luiden: Oude tekst: Als aanbieders van jeugdhulp en maatschappelijke ondersteuning waarvoor een PGB tarief voor een professional beschikbaar kan worden gesteld volgens de Tarievenlijst sociaal domein (uit de Verordening Sociaal Domein gemeente Meppel) kwalificeren aanbieders die: 1. Niet door toezichthouders zijn gesignaleerd
2.
3. 4. 5.
6.
7. 8.
Nieuwe tekst: Als aanbieders van jeugdhulp en maatschappelijke ondersteuning waarvoor een PGB tarief voor een professional beschikbaar kan worden gesteld volgens de Tarievenlijst sociaal domein (uit de Verordening Sociaal Domein gemeente Meppel) kwalificeren aanbieders die: 1. Niet door toezichthouders zijn gesignaleerd wegens het verlenen van ondeskundige zorg, handelen in strijd met de wet, misleiding, fraude of uitbuiting van het personeel; 2. Een kwaliteitszorgsysteem hanteren, waarbij onder andere de cliënttevredenheid wordt getoetst; 3. Aangesloten zijn bij een professioneel collectief; 4. Een duidelijke regeling voor hulpverlening in periode van ziekte of vakantie hanteren; 5. verzekerd zijn voor beroepsaansprakelijkheid/bedrijfsaansprakelijk heid voor minimaal €1.250.000,-- per gebeurtenis en €2.500.000,-- per jaar; 6. Voldoen aan specifieke opleidingseisen gericht op het verlenen van maatschappelijke ondersteuning of jeugdhulp 7. Beschikken over een adequate klachtenregistratie; 8. Zich richting de belastingdienst gedragen als een zelfstandig ondernemer blijkend uit een of meer aangiften inkomstenbelasting over de afgelopen 3 jaar.
wegens het verlenen van ondeskundige zorg, handelen in strijd met de wet, misleiding, fraude of uitbuiting van het personeel; Een kwaliteitszorgsysteem hanteren, waarbij onder andere de cliënttevredenheid wordt getoetst; Aangesloten zijn bij een professioneel collectief; Een duidelijke regeling voor hulpverlening in periode van ziekte of vakantie hanteren; verzekerd zijn voor beroepsaansprakelijkheid/bedrijfsaansprak elijkheid voor minimaal €1.250.000,-- per gebeurtenis en €2.500.000,-- per jaar; Voldoen aan specifieke opleidingseisen gericht op het verlenen van maatschappelijke ondersteuning of jeugdhulp; Beschikken over een adequate klachtenregistratie; Zich richting de belastingdienst gedragen als een zelfstandig ondernemer blijkend uit een Bovenstaande nummers zijn extra bewijs van of meer aangiften inkomstenbelasting over professioneel ondernemerschap. De onderstaande de afgelopen 3 jaar. punten zijn voor jeugdhulpverleners een harde eis:
Specifiek voor jeugdhulpverleners geldt aanvullend dat aanbieders kwalificeren die: - Een VOG volgens het screeningsprofiel “(Gezins) voogd bij voogdij-instellingen, reclasseringswerker, raadsonderzoeker en
-
Een VOG volgens het screeningsprofiel “(Gezins) voogd bij voogdij-instellingen, reclasseringswerker, raadsonderzoeker en maatschappelijk werker” kunnen overleggen, niet ouder dan 3 maanden;
-
-
maatschappelijk werker” kunnen overleggen, niet ouder dan 3 maanden; Beschikken over een inschrijving in de Kamer van Koophandel als zorgaanbieder gericht op maatschappelijke ondersteuning of jeugdhulp; Zijn geregistreerd in het beroepsregister jeugd (SKJ) of BIG;
-
-
Beschikken over een inschrijving in de Kamer van Koophandel als zorgaanbieder gericht op maatschappelijke ondersteuning of jeugdhulp; Zijn geregistreerd in het beroepsregister jeugd (SKJ) of BIG;
Artikel V Artikel 11 is vernummerd. Na lid 8 wordt ingevoegd lid 9. De leden 10 tot en met 17 worden vernummerd naar lid 9 tot en met 16. Artikel 11 komt er als volgt uit te zien:
• • • • • • • • • • o
Oud: 8. Ingeval het huis met een woningaanpassing wordt verkocht en de waarde van het huis is gestegen door de woningaanpassing, wordt de hoogte van de waardestijging bepaald door het verschil tussen de waarde van het huis met de gerealiseerde woonvoorziening en de waarde van het huis als ware de woonvoorziening niet gerealiseerd. a. In afwijking van lid 8 wordt bij verschil • van mening tussen het college en de • woningeigenaar over de juiste • vaststelling van de meerwaarde, een • door de gemeente en de • woningeigenaar een objectieve externe• deskundige aangewezen die daarover • een rapport opstelt. De kosten van het • onderzoek worden verdeeld tussen de ‘• gemeente en de woningeigenaar. • 10. Ingeval het recht op een in bruikleen verstrekte voorziening is ingetrokken, kan deze voorziening door het college worden teruggevorderd. 11. Het college onderzoekt uit het oogpunt van kwaliteit van de geleverde zorg, al dan niet steekproefsgewijs, de bestedingen van pgb’s. 12. In geval van de peutertoeslag wordt overeenkomstig de vaststelling binnen vier weken betaald, onder verrekening van de betaalde voorschotten. 13.
Als bij de vaststelling van de peutertoeslag blijkt dat door middel van de betaalde voorschotten inmiddels meer is uitbetaald dan waar recht op is vordert het college het teveel betaalde van de ouder of partner terug op grond van artikel 1.13 Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen.
Nieuw: 8. Ingeval het huis met een woningaanpassing wordt verkocht en de waarde van het huis is gestegen door de woningaanpassing, wordt de hoogte van de waardestijging bepaald door het verschil tussen de waarde van het huis met de gerealiseerde woonvoorziening en de waarde van het huis als ware de woonvoorziening niet gerealiseerd. a. In afwijking van lid 8 wordt bij verschil van mening tussen het college en de woningeigenaar over de juiste vaststelling van de meerwaarde, een door de gemeente en de woningeigenaar een objectieve externe deskundige aangewezen die daarover een rapport opstelt. De kosten van het onderzoek worden verdeeld tussen de ‘ gemeente en de woningeigenaar. 9. Ingeval het recht op een in bruikleen verstrekte voorziening is ingetrokken, kan deze voorziening door het college worden teruggevorderd. 10. Het college onderzoekt uit het oogpunt van kwaliteit van de geleverde zorg, al dan niet steekproefsgewijs, de bestedingen van pgb’s. 11. In geval van de peutertoeslag wordt overeenkomstig de vaststelling binnen vier weken betaald, onder verrekening van de betaalde voorschotten. 12.
Als bij de vaststelling van de peutertoeslag blijkt dat door middel van de betaalde voorschotten inmiddels meer is uitbetaald dan waar recht op is vordert het college het teveel betaalde van de ouder of partner terug op grond van artikel 1.13 Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen.
• • • • • • • • •
• • • • o
• • • • • • • • • • • • • • • • • • • o
14. De ouders zijn verplicht wijzigingen, die van 13. De ouders zijn verplicht wijzigingen, die van invloed kunnen zijn op de toegekende invloed kunnen zijn op de toegekende vervoersvoorziening, onder vermelding van vervoersvoorziening, onder vermelding van de datum van wijziging, onverwijld mede te delen de datum van wijziging, onverwijld mede te delen aan het college. aan het college. a. Indien sprake is van een wijziging die van a. Indien sprake is van een wijziging die van invloed is op de toegekende invloed is op de toegekende vervoersvoorziening, vervalt de aanspraak vervoersvoorziening, vervalt de aanspraak daarop en kent het college al dan niet daarop en kent het college al dan niet opnieuw een vervoersvoorziening toe. opnieuw een vervoersvoorziening toe. b. Indien de ouders niet voldoen aan het b.
Indien de ouders niet voldoen aan het bepaalde in het eerste lid van dit artikel, en bepaalde in het eerste lid van dit artikel, en het college een wijziging als bedoeld in het het college een wijziging als bedoeld in het tweede lid van dit artikel vaststelt, tweede lid van dit artikel vaststelt, waardoor blijkt dat ten onrechte een waardoor blijkt dat ten onrechte een vervoersvoorziening is verstrekt, vervalt de vervoersvoorziening is verstrekt, vervalt de aanspraak op de vervoersvoorziening aanspraak op de vervoersvoorziening terstond en kent het college al dan niet terstond en kent het college al dan niet opnieuw een vervoersvoorziening toe. Het opnieuw een vervoersvoorziening toe. Het college deelt zijn besluit schriftelijk college deelt zijn besluit schriftelijk mee mee aan de ouders. aan de ouders. c. Ten onrechte genoten bekostiging kan van c. Ten onrechte genoten bekostiging kan van de ouders worden teruggevorderd, dan wel de ouders worden teruggevorderd, dan wel worden verrekend bij een eventuele nieuw worden verrekend bij een eventuele nieuw verstrekte vervoersvoorziening. verstrekte vervoersvoorziening. 15. Naast de bevoegdheid tot terugvordering is 14. Naast de bevoegdheid tot terugvordering is in de wet ook een drietal andere in de wet ook een drietal andere (gerelateerde) (gerelateerde) bevoegdheden opgenomen: bevoegdheden opgenomen: a.
Het college heeft de verplichting tot a. Het college heeft de verplichting tot intrekking of herziening, als er sprake is intrekking of herziening, als er sprake is van van ten onrechte of tot een te hoog ten onrechte of tot een te hoog bedrag bedrag verstrekte uitkering als gevolg van verstrekte uitkering als gevolg van een een schending van deinlichtingenplicht op schending van de inlichtingenplicht op grond van de Wet aanscherping grond van de Wet aanscherping handhaving en sanctiebeleid SZWhandhaving en sanctiebeleid SZWwetgeving. wetgeving. b. Het college heeft de bevoegdheid tot b. Het college heeft de bevoegdheid tot intrekking of herziening van het recht op intrekking of herziening van het recht op bijstand dan wel een uitkering in het bijstand dan wel een uitkering in het kader kader van de lOAW of lOAZ (artikel 54, van de lOAW of lOAZ (artikel 54, derde lid derde lid van de Participatieweten artikel van de Participatieweten artikel 17, derde 17, derde lid van de lOAW en lOAZ). lid van de lOAW en lOAZ). c. Het college heeft de bevoegdheid om de c.
Het college heeft de bevoegdheid om de teveel verleende bijstand dan wel een teveel verleende bijstand dan wel een uitkering in het kader van de IOAW of IOAZ uitkering in het kader van de IOAW of IOAZ terug te vorderen op grond van artikel 58 terug te vorderen op grond van artikel 58 van de participatiewet of op basis van de van de participatiewet of op basis van de wet BUIG. wet BUIG. 16. Het college heeft de bevoegdheid om 15.Het college heeft de bevoegdheid om gebruik te maken van de in titel 4.4 van de Algemene gebruik te maken van de in titel 4.4 van de Algemene wet bestuursrecht genoemde wet bestuursrecht genoemde mogelijkheden tot invordering van een schuld. mogelijkheden tot invordering van een schuld.
17.Het college heeft de bevoegdheid tot 16. Het college heeft de bevoegdheid tot brutering van de vordering in het kader van te brutering van de vordering in het kader van te veel genoten uitkering (artikel 58, vijfde veel genotenuitkering (artikel 58, vijfde lid (v/h vierde lid) van de Participatiewet en artikel 25, lid (v/h vierde lid) van de Participatiewet en artikel 25, vijfde lid (v/h vierde lid) van de vijfde lid (v/h vierde lid) van de lOAW en lOAZ). lOAW en lOAZ).
Artikel VI Na artikel 11 wordt een nieuw artikel 11a toegevoegd. Het nieuwe artikel komt als volgt te luiden: Oud: Geen
Nieuw: 1. Het college stelt voor onderzoeksmethoden die vaak worden toegepast protocollen op. Het gaat in ieder geval om een protocol voor de inzet van huisbezoeken. De protocollen moeten ervoor zorgen dat er geen ongeoorloofde inbreuk op het privéleven van inwoners plaatsvindt. 2. Bij het uitvoeren van onderzoek zorgt het college ervoor dat inbreuk op persoonlijkheidsrechten, zoals op de bescherming van het privéleven, niet verder gaat dan wat noodzakelijk, passend en wettelijk toegestaan is.
Artikel VII De titel van artikel 47 wordt gewijzigd van ‘De hoogte van de bijdrage’ naar ‘De hoogte van de bijdrage uit het Fonds Deelname Maatschappelijke activiteiten’. Artikel VIII Artikel 50a komt er als volgt uit te zien: •
• o
Oud: Nieuw: a. Het college stelt ten behoeve van de jeugdige 1. Het college stelt ten behoeve van de op wie een kinderbeschermingsmaatregel van jeugdige op wie een toepassing is, waarbij het voor de voogd waar de kinderbeschermingsmaatregel van jeugdige onder toezicht staat, blijkt dat het toepassing is, waarbij het voor de voogd duurzaam onmogelijk is om zelf van de waar de jeugdige onder toezicht staat, blijkt onderhoudsplichtige ouders een bijdrage voor dat het duurzaam onmogelijk is om zelf van zak- en kleedgeld te ontvangen, een de onderhoudsplichtige ouders een bijdrage vervangende bijdrage ter beschikking gelijk aan voor zak- en kleedgeld te ontvangen, een maximaal de geldende wettelijke kinderbijslag vervangende bijdrage ter beschikking gelijk volgens de Algemene kinderbijslagwet. aan maximaal de geldende wettelijke kinderbijslag volgens de Algemene b. De gemeente toetst de situatie aan de kinderbijslagwet. volgende punten: 1. Het kind staat onder toezicht van een 2. De gemeente toetst de situatie aan de gezinsvoogd en kan niet meer thuis volgende punten: wonen. Een vertegenwoordiger van de a. Het kind staat onder toezicht van een plek waar het kind woont heeft minimaal gezinsvoogd en kan niet meer thuis wonen. Een vertegenwoordiger van de één keer de ouder(s) aangeschreven en deze gewezen op de financiële plek waar het kind woont heeft
o o o o o o o o o o •
•
•
verantwoordelijkheid en / of; minimaal één keer de ouder(s) 2. De ouders kunnen voor minimaal 6 aangeschreven en deze gewezen op de maanden niet voldoen aan hun financiële financiële verantwoordelijkheid en / of; verantwoordelijkheid. Dit toetst de b. De ouders kunnen voor minimaal 6 maanden niet voldoen aan hun gemeente aan het gezamenlijk inkomen en vermogen van de ouders en / of; financiële verantwoordelijkheid. Dit toetst de gemeente aan het gezamenlijk 3. Het is in het belang van het kind om het contact over de bijdrage met ouders te inkomen en vermogen van de ouders en / of; vermijden en / of; 4. De ouders wonen op een onbekende c. Het is in het belang van het kind om het contact over de bijdrage met ouders te plaats. c. De gezinsvoogd vraagt de bijdrage aan. In de vermijden en / of; aanvraag maakt de gezinsvoogd de situatie d. De ouders wonen op een onbekende duidelijk aan de hand van de punten die in lid 2 plaats. worden genoemd. 3. De gezinsvoogd vraagt de bijdrage aan. In de d. De vervangende bijdrage voor zak- en aanvraag maakt de gezinsvoogd de situatie kleedgeld is gelijk aan de maximale kinderbijslag duidelijk aan de hand van de punten die in volgens de Algemene Kinderbijslagwet. lid 2 worden genoemd. e. De gemeente kan van bovenstaande artikelen 4. De vervangende bijdrage voor zak- en gemotiveerd afwijken als daar aanleiding voor is.
kleedgeld is gelijk aan de maximale kinderbijslag volgens de Algemene Kinderbijslagwet. 5. De gemeente kan van bovenstaande artikelen gemotiveerd afwijken als daar aanleiding voor is. Artikel IX Artikel 59 wordt tekstueel gewijzigd en komt als volgt te luiden:
•
• •
Oude tekst: Nieuwe tekst: 1. De peutertoeslag wordt in de vorm van een 1. De peutertoeslag wordt in de vorm van een voorschot in maandelijkse termijnen uitbetaald voorschot in maandelijkse termijnen rechtstreek aan de voorschoolse voorziening. rechtstreeks uitbetaald aan de voorschoolse voorziening. Artikel X Artikel 73 wordt geschrapt. Schrapping van het volgende:
•
Oude tekst: Nieuwe tekst: Het college zorgt dat er drie maanden na het Dit artikel komt per 1-1-2021 te verzenden van een toekenningsbeschikking vervallen. Wmo 2015 wordt onderzocht of het maatwerk voldoet. Artikel XII Artikel 89 komt als volgt te luiden:
•
Oude tekst: 1. De verzoeker dient op de datum van de
•
Nieuwe tekst: 1. De verzoeker dient op de datum van de
• • • • • • • • • • • • • • •
aanvraag: • a. een persoon te zijn die behoort tot de • doelgroep; • b. 18 jaar of ouder te zijn en; c. recht te hebben op studiefinanciering op grond van de Wet studiefinanciering 2000 of recht op een tegemoetkoming op grond van hoofdstuk 4 van de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten en; d. het vermogen als bedoeld in artikel 34 van• de Participatiewet niet te overschrijden en;• e. niet in staat te zijn tot het verdienen van het • wettelijk minimumloon, doch wel • mogelijkheden tot arbeidsparticipatie te • hebben. • 2.Het college beoordeelt of een persoon met voltijdse arbeid in staat is tot het verdienen van het wettelijk minimumloon. Indien het college hier onvoldoende zicht op heeft, kan zij advies inwinnen voor haar oordeel.
•
aanvraag: a. een persoon te zijn die behoort tot de doelgroep; b. recht te hebben op studiefinanciering op grond van de Wet studiefinanciering 2000 of recht op een tegemoetkoming op grond van hoofdstuk 4 van de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten en; c. het vermogen als bedoeld in artikel 34 van de Participatiewet niet te overschrijden en; d. door een medische beperking naast de studie structureel niet kunnen bijverdienen, doch wel mogelijkheden tot arbeidsparticipatie te hebben. 2.Het college beoordeelt of een persoon door een medische beperking niet in staat is naast de studie structureel te kunnen bijverdienen. Indien het college hier onvoldoende zicht op heeft, kan zij advies inwinnen voor haar oordeel.
Artikel XIII Artikel 91 wordt tekstueel gewijzigd en komt als volgt te luiden:
•
•
Oude tekst: 1. De individuele studietoeslag is een vastgesteld • bedrag per maand. Het bedrag staat in de tarievenlijst sociaal domein. 2. Het bedrag genoemd in het eerste lid wordt • jaarlijks geïndexeerd met 1,5%. Het bedrag wordt afgerond op hele euro's. •
Nieuwe tekst: 1. De individuele studietoeslag is een vastgesteld bedrag per leeftijd per maand. De bedragen staan in de tarievenlijst sociaal domein. 2. De bedragen genoemd in het eerste lid worden jaarlijks geïndexeerd met 1,5%. De bedragen worden afgerond op hele euro's.
Artikel XV Artikel 124 wordt de inwerkingtreding als volgt: Oude Tekst Deze verordening treedt, met terugwerkende kracht, in werking op 1 januari 2018.
Nieuwe Tekst Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2021.
Tarieven PGB WMO 2020 De tarievenlijst van PGB WMO 2020 wordt gewijzigd naar nieuwe tarieven voor 2021. De tarieven zijn als volgt gewijzigd:
TARIEVEN PGB Wmo Omschrijving
tarief 2021
per
PGB Wmo ondersteuning basis door een particuliere, niet professionele hulp PGB Wmo ondersteuning basis door een professionele hulp PGB Wmo ondersteuning plus door een particuliere, niet professionele hulp PGB Wmo ondersteuning plus, door een particuliere, professionele hulp PGB Wmo individuele begeleiding door een niet daartoe opgeleid persoon die mantelzorger is of afkomstig is uit het sociaal netwerk
€ 14,40
uur
€ 21,60 € 14,70
uur uur
€ 22,05
uur
€ 25,20
uur
PGB Wmo individuele begeleiding licht en PV door een daartoe opgeleid persoon
€ 37,80
uur
PGB Wmo individuele begeleiding midden door een daartoe opgeleid persoon
€ 44,55
uur
PGB Wmo individuele begeleiding zwaar door een daartoe opgeleid persoon
€ 57,60
uur
PGB Wmo Begeleiding groep of dagbesteding licht
€ 25,40
dagdeel
PGB Wmo Begeleiding groep of dagbesteding midden
€ 30,35
dagdeel
PGB Wmo Begeleiding groep of dagbesteding zwaar
€ 38,60
dagdeel
PGB Wmo Respijtzorg / kortdurend verblijf
€ 154,77 24 uur
PGB Wmo Vervoer
€ 12,50
dag
PGB Wmo vervoer rolstoel
€ 18,50
dag
Tarieven PGB Jeugd De tarieven van PGB Jeugd zijn voor het jaar 2021 gewijzigd. De tarieven zijn als volgt gewijzigd: TARIEVEN PGB Jeugd Omschrijving tarief 2021 Per begeleiding inclusief persoonlijke verzorging en vervoer zwaar door naasten of niet professionele jeugdhulpaanbieders
€ 21,73
uur
Begeleiding licht, interventieniveau 4
€ 48,00
uur
begeleiding inclusief persoonlijke verzorging en vervoer zwaar door naasten of niet professionele jeugdhulpaanbieders
€ 29,88
uur
Begeleiding midden, interventieniveau 5
€ 55,80
uur
Begeleiding zwaar, interventieniveau 6
€ 60,60
uur
Dagbesteding basis, interventieniveau 7
€ 55,20
dagdeel
Dagbesteding intensief, interventieniveau 7
€ 72,00
dagdeel
Hulp uit sociaal netwerk (Hus-regeling)
Tegemoetkoming max. €141
per maand
Wonen met begeleiding, interventieniveau 8
€ 143,05
24 uur
Gezinshuis, interventieniveau 8
€ 154,75
24 uur
Begeleid kamer wonen, interventieniveau 8
€ 77,71
24 uur
GGZ basis, interventieniveau 4
€ 85,20
uur
GGZ specialistisch, Interventieniveau 5
€ 94,20 65,40
24 uur uur
Vaktherapie, interventieniveau 4
Waardering mantelzorgers De waardering voor mantelzorgers wordt als volgt gewijzigd: Mantelzorgers ontvangen per kalenderjaar een waardering ter waarde van € 50,-
Financiële draagkracht leerlingenvervoer Voor de financiële draagkracht leerlingenvervoer wordt de tarievenlijst voor het jaar 2020-2021 gewijzigd. De tarieven zijn als volgt gewijzigd: Tarieven 2020-2021 Inkomen in euro’s 0 - 35.500 35.500 - 42.000 42.000 - 48.500 48.500 - 55.000 55.000 - 62.500 62.500 - 69.000 69.000 en verder
Eigen bijdragen in euro’s Nihil € 150 € 630 € 1.180 € 1.725 € 2.270 Voor elke extra € 5.500: € 560 erbij
Hoogte individuele studietoeslag De hoogte van de individuele studietoeslag wordt gewijzigd naar nieuwe geldbedragen per leeftijd. De hoogte van de individuele studietoeslag komt er als volgt uit te zien: Nieuwe geldbedragen per leeftijd: Leeftijdscategorie 21-jarigen en ouder 20-jarigen 19-jarigen 18-jarigen 17-jarigen 16-jarigen
Geldbedrag per maand € 300 € 240 € 180 € 150 € 118,50 € 103,50
15-jarigen
€ 90
Artikel XIII Artikel 123 van de Verordening komt na de wijziging als volgt te luiden: Oude Tekst: Deze verordening treedt, met terugwerkende kracht, in werking op 1 januari 2018. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van …. de griffier, de voorzitter,
Nieuwe Tekst: Deze verordening treedt, met terugwerkende kracht, in werking met ingang van 1 januari 2021.