Ontwerp programmabegroting 2023
Tekst van het document
Wat gaan we daarvoor doen? - Uitvoeren van Streekbeheer voor natuur en landschap; - Verkennen en opstarten van een omgevingsprogramma biodiversiteit, passend bij de rol en invloedssfeer van de gemeente; - Inventariseren natuurwaarden in Meppel: eerste en tweede deel; - We verkennen met de provincie Drenthe hoe we de Basiskwaliteit Natuur kunnen versterken; - We verkennen met de provincie Drenthe de mogelijkheden voor een soortenmanagementplan voor vleermuizen; - Deelname Leader-subsidie, gericht op versterking van het platteland; - We vergroenen onze gemeentewerf; - Ondersteunen Gebiedscoöperatie Zuidwest Drenthe bij uitvoering Gebiedsdeal; - We stimuleren de aanleg van groene daken; - Samenwerken met lokale natuurpartners; - Deelname aan het Samenwerkingsverband Zuidwest Drenthe en uitvoeren gezamenlijke projecten; - Verkennen gemeentelijke rol in de provinciale gebiedsagenda NPLG (Nationaal Programma Landelijk Gebied). Hierin worden doelen geformuleerd voor het versterken van natuur, het verbeteren van de waterkwaliteit en klimaatverandering. - We onderzoeken op welke wijze we in gesprek kunnen zijn met stakeholders in het buitengebied, voor onder andere de thema’s stikstof en klimaat; - Faciliteren van maatschappelijke initiatieven die bijdragen aan het landschap, natuur en/of biodiversiteit.
Ontwerp Programmabegroting 2023
Pagina 69 van 161
4.11.4 Beleidsindicatoren Indicator
Eenheid
Omvang huishoudelijk restafval
Periode
Begroting 2022
Begroting 2023
kg per inwoner
2020
143
155
%
2020
4,9%
7,5%
Percentage bekende hernieuwbare elektriciteit
4.11.5 Wat mag het kosten? 11 Duurzaamheid Bedragen x €1.000,-
Rekening 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Lasten Baten Tota a l sa ldo va n ba te n e n la ste n xx Dotaties / onttrekkingen aan reserves Re sulta a t
5.133 - 4.159 974 - 344 630
4.804 - 4.328 477 0 477
5.864 - 4.871 994 0 994
5.382 - 4.500 882 0 882
5.559 - 4.692 867 0 867
5.572 - 4.457 1.115 0 1. 115
Uitsplitsing ra ming na a r produc te n 55 Afvalinzameling 56 Milieuzorg Tota a l sa ldo va n ba te n e n la ste n
- 815 1.789 974
- 894 1.371 477
- 961 1.955 994
- 995 1.877 882
- 1.014 1.881 867
- 775 1.890 1. 115
(plus = nadeel, min = voordeel)
Toelichting Begroting 2023 ten opzichte van 2022 Bij het product afvalinzameling is 100% kostendekkendheid het uitgangspunt. Het positieve saldo dient ter dekking van de toerekenbare kosten aan de afvalstoffenheffing. Zie voor meer informatie ook de paragraaf lokale heffingen. Binnen het product Milieuzorg is de bijdrage aan de RUD ten opzichte van 2022 met circa € 330.000 naar boven bijgesteld. Dit onder andere vanwege de gevolgen van de invoering van de Omgevingswet. Extra middelen zijn opgenomen voor natuur- en milieueducatie (structureel). Aanvullend is voor 2023 een bijdrage begroot aan de Young Solar Challenge en zijn middelen opgenomen voor het opstellen van een beleidsnota biodiversiteit. Begroting 2023 en meerjarenperspectief In het meerjarenperspectief is voor de berekening van de hoogte van de jaarlijkse opbrengst aan afvalstoffenheffing uitgegaan van het tarief 2023. In het meerjarenperspectief is een toename begroot van de lasten. Deze toename houdt verband met de stijgende kapitaallasten door investeringen in (de verduurzaming van) het wagenpark en een verwachte toename voor de kosten van afvalinzameling bij nieuwe aanbesteding. De komende jaren zal worden beoordeeld in hoeverre hierdoor een tariefsaanpassing nodig is. Een deel van de stijgende kosten kan nog worden opgevangen binnen de voorziening voor afvalstoffenheffing.
In 2026 zou op basis van de huidige uitgangspunten de voorziening volledig zijn benut. 4.11.6 Investeringen Overzicht geplande en nieuwe investeringen bedragen x € 1
Uitvoeringsplanning (verwachte) (verwacht) start jaar van uitvoering realisatie
Benodigd krediet
Begrote inkomsten / bijdrage van derden
Nettoinvestering
Reeds beschikbaar gesteld
Beschikbaar te stellen krediet 2023
Programma 11 - Duurzaamheid Vervanging afzetcontainers
2023
2025
100.000
-
100.000
-
Vervanging ondergrondse containers
2024
2025
900.000
-
900.000
-
-
Investeringen klimaatadaptatie
2023
2025
350.000
-
350.000
50.000
300.000
2023
2023
252.000
-
252.000
-
252.000
2024
2024
295.000
-
295.000
-
-
2024
2024
40.000
-
40.000
-
-
2023
2023
15.000
-
15.000
-
15.000
2024
2026
2.580.000
-
2.580.000
515.000
-
4.532.000
-
4.532.000
565.000
GFT containers bij hoogbouwlocaties (boven de grond) Vervanging toegangscontrole ondergrondse containers AfvalRIS, managementcontrolsysteem (pasjes etc) Vrieskist kadavers
40.000
Wagenpark Wagenpark afvalinzameling Totaal Programma 11 - Duurzaamheid
Ontwerp Programmabegroting 2023
607.000
Pagina 70 van 161
In de meerjarenraming wordt uitgegaan van een jaarlijkse vervanging van afzetcontainers en ondergrondse containers. Bij de (vervangings)investeringen ten aanzien van het wagenpark (materieel reiniging) ligt de focus op circulair wagenpark beheer. Uitgangspunt is duurzame aanschaf waar mogelijk. Een investering in software voor de toegangscontrole van ondergrondse containers is nodig om de overgang van 3G naar 5G te kunnen realiseren. Het krediet voor investeringen klimaatadaptatie betreft een krediet voor fysieke ingrepen waarmee klimaatknelpunten in de openbare ruimte kunnen worden opgelost.
Ontwerp Programmabegroting 2023
Pagina 71 van 161
4.12 Programma 12: Burgerzaken 4.12.1 Wat valt onder dit programma?
Onderdelen
Begraafplaatsen Burgerzaken (Publiekszaken/KCC/WOZ) Programma Dienstverlening
Prod.
Portefeuille
30 31
Korteland Korteland
Onder het programma Burgerzaken vallen de onderdelen zoals hierboven beschreven. Dit betreft: - De algemene begraafplaats in Meppel en Nijeveen: begrafenissen en verstrooiing; - Burgerzaken is de poortwachter voor het vaststellen en daarna vaststellen van de juiste identiteitsgegevens. Daarnaast is Burgerzaken onder meer verantwoordelijk voor het verstrekken van reisdocumenten, rijbewijzen, het voltrekken van huwelijken en aanvragen van de Nederlandse nationaliteit; - Het Klant Contact Centrum (KCC) handelt alle eerste klantcontacten af en is de verbindende factor tussen de inwoner/ondernemer/instelling (=klant) en onze organisatie; - De waardering van onroerende zaken: de uitvoering van de Wet waardering van onroerende zaken (wet WOZ) en uitvoering van de lokale heffingen. - Programmateam Dienstverlening: het opzetten van een dienstverleningsvisie, deze implementeren, borgen en verder ontwikkelen binnen de organisatie met als doel de dienstverlening van de gehele organisatie te verbeteren.
Wettelijke en beleidskaders, zoals : - Wet op de Lijkbezorging (Wlb); - Beleidskader Begraven 13 juni 2013; - Wet basisregistratie personen (BRP); - Burgerlijk Wetboek boek 1 (BW); - Rijkswet op het Nederlanderschap (RWN); - Algemene verordening gegevensbescherming (AVG); - Algemene wet bestuursrecht (AWB); - Wet waardering onroerende zaken (WOZ); - Wet open overheid (Woo); - Dienstverleningsvisie en digitaliseren dienstverlening; - Besluit Digitale Toegankelijkheid Overheid (BDTO); - Single Digital Gateway (SDG); - Wet Elektronische Publicaties (WEP); - Wet Modernisering Elektronisch Bestuurlijk Verkeer (WMEBV); Relatie met andere beleidsterreinen Dienstverlening doen we allemaal. Dit beperkt zich niet tot de diensten aan de balie van het stadhuis of het telefonische contact via het Klant Contact Centrum. Alle medewerkers en bestuurders hebben hun bijdrage in de dienstverlening. Denk bijvoorbeeld aan de ontwikkelingen binnen het Sociaal domein, het wijk- en dorpsgericht werken, de nieuwe Omgevingswet en het verbeterplan informatisering. Dienstverlening is ook de interne ondersteuning door onze collega’s, zoals facilitaire diensten, ICT, advies op het gebied van HR of juridische zaken enz. Alles is gericht op samen het goede met onze inwoners, ondernemers en partners (=klant) te doen. Gastvrijheid, meedoen en kansen zien zit in het DNA van de gemeente Meppel.
Zo geldt dit ook voor onze dienstverlening. Wij willen deze aan laten sluiten bij de behoeften van onze klant, in samenhang met de maatschappelijke ontwikkelingen. Wij geloven in de zelfredzaamheid van onze inwoners en helpen deze zelfredzaamheid te vergroten zodat iedereen mee kan doen. We gaan samen met anderen uit onze samenleving flexibel aan de slag, waarbij er meer ruimte komt voor het goede gesprek, eigen initiatief en participatie. Anderzijds doen we een groter beroep op de eigen regie, weerbaarheid en het zelf oplossend vermogen. Steeds vaker zijn we deelnemer en/of facilitator in een proces. 4.12.2 Wat willen we bereiken? Algemene doelstelling: Gemeente Meppel wil haar dienstverlening aan laten sluiten bij de behoeften van haar klanten én bij de maatschappelijke en de technologische ontwikkelingen. Dit gebeurt binnen de wettelijke en beleidskaders, naast het lokale beleid.
Ontwerp Programmabegroting 2023
Pagina 72 van 161
De continue ontwikkeling van onze medewerkers staat hoog op de agenda, zo wel op inhoudelijk vlak als ook op het gebied van de benodigde competenties om onze doelen verder vorm te geven. Hiervoor is een opleidingsbudget beschikbaar. De Meppel Academy biedt een ruim aanbod aan (interne) trainingen en cursussen, maar ook kunnen vakopleidingen gevolgd worden. Daarnaast zijn er nog tal van maatwerk mogelijkheden waar medewerkers gebruik van kunnen maken. Denk bijvoorbeeld aan het volgen van een masteropleiding. 4.12.3 Wat gaan we daarvoor doen? Doelen en activiteiten Begraafplaats Wat willen we bereiken? Een begraafplaats die er optimaal verzorgd uitziet aan de hand van de kwaliteitscriteria die door de gemeenteraad zijn vastgesteld tegen een maatschappelijk aanvaardbare prijs. Wat gaan we daarvoor doen? - De begraafplaats op het afgesproken onderhoudsniveau onderhouden; - Het vervangen van diverse banken en grafbekisting op de begraafplaats; - Het herstellen van monumentale graven; - Optimaliseren van het proces en de administratie rondom de begraafrechten; - Verlengingsopgave van bestaande grafrechten. Dit heeft te maken met de overgang van grafrechten voor onbepaalde tijd naar grafrechten met een bepaalde tijd.
Burgerzaken Burgerzaken heeft te maken met een transformatie: het aantal contacten aan de balie neemt af, tegelijkertijd neemt de complexiteit van de vraagstukken door de maatschappelijke ontwikkelingen toe. Bijvoorbeeld door het toenemende risico op identiteitsfraude. Daarnaast wordt de gemeente door de toenemende digitalisering en de veranderde klantvraag uitgedaagd om haar dienstverlening anders in te richten en andere competenties en inhoudelijke kennis bij medewerkers te ontwikkelen. Wat willen we bereiken? - Moderne en innovatieve dienstverlening die nog beter aansluit bij de behoeften van onze externe klant, binnen de wettelijke- en beleidskaders; - Voorkomen van identiteitsfraude. Wat gaan we daarvoor doen? - Jaarlijks opleiden en bijscholen van medewerkers; - Het doorlopend optimaliseren en digitaliseren van de processen; - Gemeente Meppel stelt een nieuwe en toekomstbestendige visie op dienstverlening vast; - De afdeling en haar dienstverlening zo inrichten, dat deze passend is bij de nieuwe visie op dienstverlening. Klant Contact Centrum (KCC) Wat willen we bereiken? Moderne en innovatieve dienstverlening die nog beter aansluit bij de behoeften van onze interne en externe klant.
Wat gaan we daarvoor doen? - Jaarlijks opleiden en bijscholen van medewerkers; - Het uitvoeren van een klanttevredenheidsonderzoek om onze dienstverlening verder te verbeteren en nog meer aan te laten sluiten bij de vraag van onze klant; - Het structureel meten van onze dienstverlening om snel en adequaat bij te kunnen sturen en verbeteringen door te kunnen voeren; - Het doorlopend optimaliseren en digitaliseren van de processen; - De organisatie en de dienstverlening van de afdeling zo inrichten, dat deze passend is en aansluit bij de nieuwe visie op dienstverlening; Waardering Onroerende Zaken (WOZ) Wat willen we bereiken? De aansluiting op de Basis registratie kadaster 2.0 (BRK 2.0) zorgt er voor dat ook in de toekomst een reële perceeloppervlakte, de gerealiseerde verkoopprijzen en de correcte belastingplichtige geregistreerd staan in de administratie van de WOZ. Wat gaan we daarvoor doen? - Uitvoeren wet WOZ: - De BRK 2.0 koppelen met de kadastrale gegevens.
Ontwerp Programmabegroting 2023
Pagina 73 van 161
Doelen en activiteiten Programmateam Dienstverlening Wat willen we bereiken? - Een visie op dienstverlening voor de gemeente Meppel, die gedragen wordt door haar klanten, met een toekomstbestendige ambitie waar de dienstverlening van de gemeente naar toe gaat; - Een verbeterde dienstverlening van de hele organisatie voor de klanten van de gemeente Meppel. Deze kunnen meten en doorontwikkelen; - Een organisatie die dienstverlening in het DNA heeft, zelf doorontwikkelt, projecten durft te organiseren en te pionieren; - Een organisatie die klaar is voor de toekomst, de verwachtingen van de samenleving aankan en klaar is voor nieuwe ontwikkelingen en wetgeving. Wat gaan we daarvoor doen? - Verwachtingen en doelstellingen ophalen bij de klanten van gemeente Meppel en bij de interne organisatie over de dienstverlening van de gemeente Meppel; - Een programmateam inrichten die de dienstverleningsvisie gaat implementeren en uitvoeren; - Opzetten van projecten (pionieren en proberen) die de dienstverlening verder moeten verbeteren maar ook het draagvlak binnen de organisatie verder vergroten; - Het onderzoeken, meten en door ontwikkelen van de dienstverlening van gemeente Meppel op basis van haar dienstverleningsvisie.
4.12.4 Wat mag het kosten? 12 Burgerzaken Bedragen x €1.000,-
Rekening 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Lasten Baten Tota a l sa ldo va n ba te n e n la ste n xx Dotaties / onttrekkingen aan reserves Re sulta a t
2.324 - 695 1.629 0 1. 6 2 9
2.508 - 649 1.859 - 94 1. 7 6 5
2.569 - 602 1.967 0 1. 9 6 7
2.681 - 880 1.801 0 1. 8 0 1
2.728 - 927 1.801 0 1. 8 0 1
2.741 - 1.009 1.732 0 1. 7 3 2
Uitsplitsing ra ming na a r produc te n 30 Begraafplaatsen 31 Publiekszaken Tota a l sa ldo va n ba te n e n la ste n
98 1.532 1. 6 2 9
109 1.750 1. 8 5 9
138 1.829 1. 9 6 7
114 1.687 1. 8 0 1
126 1.674 1. 8 0 1
132 1.599 1. 7 3 2
(plus = nadeel, min = voordeel)
Toelichting Begroting 2023 ten opzichte van 2022 De ontwikkeling van de lasten is een gevolg van actualisatie van budgetten. In 2022 is € 94.000 onttrokken aan de coronareserve voor het waarborgen van de dienstverlening. Begroting 2023 en meerjarenperspectief De inkomsten uit leges voor reisdocumenten en rijbewijzen fluctueren afhankelijk van de uitgiftetermijnen. Voor de jaren 2024 tot en met 2026 wordt een toename verwacht in uitgiftes. De vraag zal in latere jaren naar verwachting weer stabiliseren. Voor het rijksdeel van deze leges leidt dit tot een toename van zowel de lasten als van de baten (wij ontvangen en dragen dit weer af).
Ontwerp Programmabegroting 2023
Pagina 74 van 161
5.
Algemene dekkingsmiddelen en overzicht overhead
Ontwerp Programmabegroting 2023
Pagina 75 van 161
Ontwerp Programmabegroting 2023
Pagina 76 van 161
5.1 5.1.1
Overzicht van de Algemene dekkingsmiddelen en overzicht overhead Wat valt onder dit overzicht?
Onderdelen
Algemene dekkingsmiddelen
Prod. 59
Portefeuille de Vries
Dit overzicht gaat onder meer over de algemene dekkingsmiddelen. Het kenmerk van deze dekkingsmiddelen is dat ze vrij besteedbaar zijn. Ze zijn dus niet aan een bepaald programma gebonden. Hier worden de gemeentefondsuitkering, de gemeentelijke belastingen, dividend en het saldo op de financieringsfunctie (zoals rente voor- en nadelen) verantwoord. De algemene dekkingsmiddelen vormen de financiële dekking van de bestedingen van de programma’s 1 tot en met 12. Daarnaast staat hier de verplichte post onvoorzien. Specifieke dekkingsmiddelen zijn bijvoorbeeld de opbrengst afvalstoffenheffing, de opbrengst rioolheffing maar ook de specifieke uitkeringen van het rijk zoals de Gebundelde Uitkering (BUIG: zie programma 3). De specifieke dekkingsmiddelen staan opgenomen in de betreffende programma’s in deze ontwerp begroting. Ze verlagen het saldo van lasten en baten op het betreffende programma. Beleidskader - Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV); - Financieel toezichtskader provincie Drenthe; - Financiële verordening en overige (financiële) beleidsnotities. In dit overzicht staan de producten: Algemene Ondersteuning Onder Algemene ondersteuning staat onder meer het begrotingssaldo, treasury (= renteresultaat) en de storting in het ondernemersfonds (=bestemmingsreserve). Onvoorziene uitgaven De post onvoorziene uitgaven bedraagt € 50.000 per jaar.
Het is voor de opvang van incidentele uitgaven die voldoen aan de criteria: Onvoorzien, Onontkoombaar en Onuitstelbaar. Deelnemingen In de paragraaf Verbonden partijen worden de deelnemingen toegelicht. De inkomsten uit de deelnemingen in de vorm van dividend worden hier geraamd. We ramen hier het dividend van Rendo, BNG, Wadinko en Enexis. Belastingen In de paragraaf Lokale heffingen wordt informatie over de diverse gemeentelijke belastingen en overige heffingen compact weergegeven. De grootste gemeentelijke belasting qua opbrengst is de onroerende zaakbelastingen (OZB). In dit overzicht is de raming van de OZB en de precariobelasting meegenomen. De overige heffingen zijn opgenomen in de programma’s. De raming van de opbrengst OZB en precariobelasting is ingaande 2023 verhoogd met een inflatiecorrectie van 2,5% conform de uitgangspunten die we bij deze ontwerp begroting hanteren (zie bij toelichting overzicht baten en lasten achterin dit boekwerk). De kosten van invordering van belastingen en de waardebepaling van de onroerende zaken (Wet WOZ) zijn geraamd in programma 12 Burgerzaken. Gemeentefondsuitkering Gemeenten ontvangen geld van het rijk uit het gemeentefonds om hun taken uit te voeren. Het is de grootste inkomstenpost voor iedere gemeente. Gemeenten mogen zelf bepalen waar ze dit geld aan besteden. Uiteraard wel binnen de regels van de wet.
Een groot deel van het geld uit het gemeentefonds keert het rijk uit in de vorm van een Algemene uitkering. Daarnaast zijn er nog integratie- en decentralisatie-uitkeringen (10%). Een decentralisatieuitkering is tijdelijk voor een bepaald aantal jaren. Een integratie-uitkering is ingesteld met de bedoeling dat het op korte termijn overgaat naar de Algemene uitkering. Dat gebeurt vanaf 2023 met de integratie-uitkering Voogdij 18 plus en de integratie-uitkering voor Inburgering. Gemeenten ontvangen normaal gesproken op drie tijdstippen in het jaar informatie over de gemeentefondsuitkering. De raming van de gemeentefondsuitkering voor de jaren 2023-2026 is in deze ontwerp programmabegroting bepaald op basis van de meicirculaire 2022.
Ontwerp Programmabegroting 2023
Pagina 77 van 161
Groei van de “landelijke pot”. De ontwikkeling van Algemene uitkering wordt voor een belangrijk deel bepaald door de ontwikkeling van de rijksuitgaven. Geeft het rijk meer uit dan krijgen gemeenten meer en geeft het rijk minder uit dan krijgen gemeenten minder. Dit onder de noemer “Samen de trap op en samen de trap af”. De omvang van het totale gemeentefonds is ten opzichte van de laatste circulaires voor 2022-2025 behoorlijk toegenomen. Deze incidentele meevallers komen met name voort uit mutaties op basis van de Voorjaarsnota 2022 van het rijk. Voor het jaar 2026 daalt de groei helaas sterk. Als motivatie daarvoor geldt dat het kabinet vanaf 2026 en verder kijkt naar een andere bekostigingssystematiek voor gemeenten en een verruiming van het lokale belastinggebied. Meer info van het rijk daarover verwachten we in dit najaar. Voor Meppel betekent de hogere gemeentefondsuitkering circa € 10 miljoen per jaar extra in 2023-2025. Dit ten opzichte van de vorige meerjarenbegroting die in november 2021 is vastgesteld. In deze raming is de andere verdeling die landelijk is ingezet en de extra bijdrage voor de jeugdzorg naar 100% meegenomen (zie hieronder voor beide onderdelen de toelichting). Voor de jaren 2024-2026 hebben we voorzichtigheidshalve wel rekening gehouden met onderuitputting van de rijksuitgaven.
Reden: een daling van de rijksuitgaven leidt ook weer tot een daling van het gemeentefonds. We hebben daarom in de berekening van de raming van het gemeentefonds voor 2024-2026 enige “behoedzaamheid” meegenomen. Andere verdeling met ingang van 2023 Hoeveel geld een individuele gemeente uit het gemeentefonds krijgt, hangt af van de kenmerken en de belastingcapaciteit van een gemeente. Met ingang van 2023 vindt onder de gemeenten een andere verdeling plaats van de “landelijke pot” van ruim € 34 miljard. De verdeling van het gemeentefonds sluit door onder andere de decentralisaties in het Sociaal domein niet meer aan bij de huidige tijd en is bovendien in de afgelopen twintig jaar ingewikkeld en ondoorzichtig geworden. Het doel van de herziene verdeling is een stabiel verdeelmodel dat zo goed mogelijk aansluit bij de kosten van gemeenten. Het model is geen eindstation en zal continu onderhoud vragen. Voor Meppel pakt de herverdeling helaas niet gunstig uit. De afgelopen jaren is vanuit het ministerie van BZK al veel gecommuniceerd over de voorlopige uitkomsten. In onze vorige meerjarenbegroting hebben we al rekening gehouden met een nadeel van € 7,00 per inwoner (€ 231.000) ingaande 2023. Dit was gebaseerd op een voorstel van augustus 2021 op basis van gegevens 2019.
In de meicirculaire 2022 is het verdeelmodel geactualiseerd naar de stand van 1 januari 2023 met aantallen van 2022. Meppel gaat er op basis van de definitieve verdeling nu € 56,00 per inwoner op achteruit. Een nadelig verschil ten opzichte van de vorige meerjarenbegroting van € 49,00 per inwoner. Wel komt Meppel net als 40 andere gemeenten in aanmerking voor een ingroei-pad. Het netto nadeel door de herverdeling bedraagt daardoor per jaar: Herverdeeleffecten gemeentefonds (bedragen x € 1.000) Nadelig herverdeeleffect: Tegemoetkoming via aangepast ingroeipad Netto nadeel Netto nadeel per inwoner (plus = nadeel, min = voordeel)
€ 56,00 per inwoner
2023 1.930 -1.758 172
2024 2025 en verder 1.930 1.930 -1.500 -1.156 430 774
€ 5,00
€ 12,50
€ 22,50
Het netto nadeel is in deze ontwerp programmabegroting meegenomen in de raming van het gemeentefonds voor de jaren 2023-2026. Extra bijdrage jeugdzorg In de meicirculaire 2022 is ook opgenomen de extra middelen voor jeugdzorg voor 2023. Inmiddels zijn er nadere afspraken over de jaren 2024 en verder. Dat houdt het volgende in: - Gemeenten mogen in de jaarschijven 2024 tot en met 2026 de middelen die het rijk heeft gereserveerd volledig meenemen in hun meerjarenbegroting; - Gemeenten mogen in hun meerjarenbegroting rekening houden met een besparing op de uitgaven van totaal € 100 miljoen in 2024, € 500 miljoen in 2025 en 2026 en vanaf 2027 € 511 miljoen structureel als gevolg van rijksmaatregelen. In de vorige programmabegroting hebben we al rekening gehouden met een structurele extra bijdrage van 75%. Voor Meppel was dat € 2,5 miljoen voor 2024, € 2,3 miljoen voor 2025 en € 1,6 miljoen structureel vanaf 2026.
Ontwerp Programmabegroting 2023
Pagina 78 van 161
We mogen nu de extra middelen voor 100% inboeken rekening houdend met de aanvullende besparing van € 500 miljoen die het rijk in het regeerakkoord heeft opgenomen. Voor Meppel komen de nieuwe afspraken neer op ongeveer € 2,8 miljoen voor 2024, € 1,7 miljoen voor 2025 en € 0,8 miljoen voor 2026. Een meevaller voor 2024 van € 0,3 miljoen maar een tegenvaller voor 2025 en 2026 van respectievelijk € 0,6 miljoen en € 0,8 miljoen ten opzichte van de vorig jaar vastgestelde meerjarenbegroting. Daar staat tegenover dat gemeenten in hun meerjarenbegroting rekening mogen houden met een besparing op de uitgaven als gevolg van maatregelen die het rijk zal treffen. In programma 3 hebben we daarvoor vanaf 2024 een stelpost opgenomen. Gemeentefondsuitkering (bedragen x € 1.000) Gemeentefonds op basis van meicirculaire 2022 Onderuitputting rijksuitgaven (behoedzaamheid) Structurele stelpost jeugdhulp (100%) Totaal (plus = nadeel, min = voordeel)
2023 -77.716
2024 2025 2026 -75.979 -77.385 -71.947 800 1.000 1.000 -2.800 -1.700 -800 -77.716 -77.979 -78.085 -71.747
In deze raming zijn de herverdeeleffecten voor de jaren 2023-2026 zoals hierboven geschetst, inbegrepen. Saldo op de financieringsfunctie (renteresultaat) In de paragraaf Financiering wordt ingegaan op de financiering van de gemeente en de ontwikkelingen op de geld- en kapitaalmarkt. Voor een toelichting verwijzen wij u naar deze paragraaf. Heffing VPB De te betalen vennootschapsbelasting is geraamd op basis van de verwachte resultaten van de grondexploitaties. Voor het eerste jaar hebben we daarvoor niets geraamd. Vanaf 2024 hebben we € 40.000 meegenomen.
Ontwerp Programmabegroting 2023
Pagina 79 van 161
Overzicht overhead
Onderdelen
Prod. 58
Overhead
Portefeuille Korteland
Tot overhead behoren alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van medewerkers in het primaire proces. Overhead (bedragen x € 1.000) min = voordeel, plus = nadeel Huisvesting Facilitair Informatisering & automatisering (IC T) Personeel Totaal overhead
Rekening 2021 1.319 751 1.317 8.442 11.829
Begroting 2022 1.108 824 1.331 9.573 12.836
Begroting 2023 1.097 889 1.417 10.790 14.193
De toename bij Facilitair komt met name door een extra budget voor de uitvoering van de Wet Open Overheid. Bij ICT zijn de kapitaallasten toegenomen. De hogere personeelskosten ontstaan door de gevolgen van een nieuw af te sluiten CAO vanaf 1 januari 2023 en de noodzakelijke uitbreiding van de formatie. Zie hiervoor ook de paragraaf bedrijfsvoering. Doorbelasten van overhead In beginsel worden hier alle overheadkosten verantwoord. Er zijn echter uitzonderingen op deze regel. Eén van die uitzonderingen is de mogelijkheid om overheadkosten toe te rekenen aan grote investeringsprojecten en grondexploitaties. In 2023 hebben we voor € 1.228.000 vanuit de overhead toegerekend aan projecten en grondexploitaties. 5.1.2
Beleidsindicatoren
Indicator
Eenheid
Periode
Begroting 2022
Begroting 2023
Demografische druk
%
2022
75,3%
74,7%
Gemeentelijke woonlasten éénpersoonshuishouden
€
2022
678
752 752
Gemeentelijke woonlasten meerpersoonshuishouden
€
2022
678
Gemiddelde WOZ waarde
x €1.000
2021
213
228
Nieuw gebouwde woningen
%
2021
15,3%
10,4%
5.1.3
Wat moet het opbrengen?
ALG Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien Bedragen x €1.000,-
Rekening 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Lasten Baten Tota a l sa ldo va n ba te n e n la ste n xx Dotaties / onttrekkingen aan reserves Re sulta a t
12.166 - 81.945 - 69.780 581 - 6 9 . 19 9
13.815 - 84.460 - 70.645 254 - 70.390
14.509 - 89.002 - 74.493 3.491 - 7 1. 0 0 2
14.751 - 89.244 - 74.493 3.386 - 7 1. 10 7
14.322 - 89.331 - 75.009 4.386 - 70.623
14.400 - 82.974 - 68.574 386 - 6 8 . 18 8
- 459
0 50 - 663 - 9.976 - 73.298 250 61 12.931 0 - 70.645
0 50 - 643 - 10.293 - 77.716 0 - 84 14.193 0 - 74.493
0 50 - 643 - 10.293 - 77.979 0 - 71 14.404 40 - 74.493
0 50 - 643 - 10.293 - 78.085 0 2 13.920 40 - 75.009
0 50 - 643 - 10.293 - 71.747 0 191 13.828 40 - 68.574
Uitsplitsing ra ming na a r produc te n A0 Algemene Ondersteuning A1 Onvoorziene uitgaven A2 Deelnemingen A3 Belastingen en Invordering A4 Algemene uitkeringen A5 Stelposten A6 Saldo op de financieringsfunctie A7 Overhead A8 Heffing VPB Tota a l sa ldo va n ba te n e n la ste n
- 954 - 9.646 - 69.908 - 751 11.944 -6 - 69.780
Ontwerp Programmabegroting 2023
Pagina 80 van 161
Toelichting Begroting 2023 ten opzichte van de begroting 2022 Lasten Het nadelig verschil van 2023 ten opzichte van 2022 wordt voornamelijk veroorzaakt door de hogere kosten van overhead als gevolg van noodzakelijke uitbreiding van de formatie. Baten Het voordelig verschil van 2023 ten opzichte van 2022 van ruim € 4,4 miljoen wordt voornamelijk veroorzaakt door een hogere gemeentefondsuitkering. De raming van 2022 is gebaseerd op de bestuursrapportage. Daarin zijn de uitkomsten van de meicirculaire 2022 nog niet verwerkt. Die leverde voor 2022 nog ruim € 3 miljoen extra op. Begroting 2023 en meerjarenperspectief Lasten Nagenoeg geen afwijkingen. Baten De verschillen worden veroorzaakt door de gemeentefondsuitkering van het rijk. Het nadelig effect van de herverdeling die ingaande 2023 wordt toegepast, loopt op naar € 0,8 miljoen in 2025 en latere jaren. Er vanuit gaande dat we het ingroei-pad ook de latere jaren nog geldt. Als gevolg van de toename van de rijksuitgaven stijgt de uitkering van het rijk voor de jaren 2023-2025 behoorlijk. Met ingang van 2026 daalt de groei van het gemeentefonds sterk omdat dan de koppeling met de rijksuitgaven is losgelaten. 5.1.4
Investeringen
Overzicht geplande en nieuwe investeringen bedragen x € 1
Uitvoeringsplanning (verwachte) (verwacht) start jaar van uitvoering realisatie
Benodigd krediet
Begrote inkomsten / bijdrage van derden
Nettoinvestering
Reeds beschikbaar gesteld
Beschikbaar te stellen krediet 2023
Overhead Warmtepompen gemeentewerf (vervanging C V)
2023
2023
200.000
-
200.000
-
Projecten automatisering & informatisering
2023
2026
1.824.000
-
1.824.000
-
456.000
2.024.000
-
2.024.000
-
656.000
Totaal Overhead
200.000
De projecten automatisering en informatisering hebben ten doel de gemeentelijke processen verder te optimaliseren. De cv-ketels van de gemeentewerf moeten vervangen te worden. Hierbij wordt ingezet op duurzame vervanging via warmtepompen.
Ontwerp Programmabegroting 2023
Pagina 81 van 161
Ontwerp Programmabegroting 2023
Pagina 82 van 161
6.
Paragrafen
Ontwerp Programmabegroting 2023
Pagina 83 van 161
Ontwerp Programmabegroting 2023
Pagina 84 van 161
6.1 6.1.1
Paragraaf lokale heffingen Inleiding
In deze paragraaf wordt de informatie over de diverse gemeentelijke belastingen en heffingen, die in de verschillende programma’s staat, compact weergegeven. Op hoofdlijnen wordt een overzicht van de diverse heffingen gegeven en we besteden aandacht aan de geraamde inkomsten en het beleid ten aanzien van die heffingen. Verder wordt de lokale lastendruk ten opzichte van de overige Drentse gemeenten weergegeven en kunt u informatie lezen over het kwijtscheldingsbeleid. 6.1.2
Actuele ontwikkelingen
Index op heffingen: - Voor de belastingen (OZB en precariobelasting) hanteren nemen we een inflatiecorrectie op van 2,5%; - Voor de afvalstoffen- en rioolheffing is en blijft het uitgangspunt 100% kostendekkend; - Voor alle overige gemeentelijke heffingen bekijken we afzonderlijk de mogelijkheid van (groei naar) 100% kostendekkendheid. Dit met uitzondering van de lijkbezorgingsrechten. Wet WOZ: De Waarderingskamer controleert en beoordeelt gemeenten op de uitvoering van de Wet WOZ. De mogelijkheid om de WOZ-waarden van andere woningen te raadplegen via www.woz-waardeloket.nl wordt door veel Nederlanders gewaardeerd en benut. De berekening van de taxaties voor woningen vindt nu plaats op basis van de oppervlakte van een woning. 6.1.3
Overzicht belastingen en heffingen
Gemeenten zijn beperkt in de belastingen die ze mogen heffen. Deze zijn limitatief opgesomd in de Gemeentewet. Er wordt onderscheid gemaakt tussen gebonden en ongebonden belastingen. Ongebonden belastingen die in Meppel worden geheven zijn: - Onroerendezaakbelasting; - Parkeerbelasting; - Precariobelasting. De opbrengsten van de ongebonden belastingen behoren tot de algemene dekkingsmiddelen en zijn vrij te besteden. Ongebonden belastingen die niet worden geheven in Meppel zijn roerende zaakbelasting, hondenbelasting, toeristenbelasting en forensenbelasting. Naast ongebonden belastingen kan een gemeente rechten heffen. Dit zijn vergoedingen voor concrete prestaties door de gemeente geleverd. De rechten die in Meppel worden geheven zijn: - Rioolheffing; - Afvalstoffenheffing/reinigingsrechten; - Naheffingsaanslagen parkeren; - Binnenhavengelden; - Lijkbezorgingsrechten; - Marktgelden; - Leges. De opbrengst van de rechten is niet vrij besteedbaar. De tarieven van rechten moeten zodanig worden vastgesteld dat de opbrengsten de kosten voor het verlenen van de diensten niet overschrijden (maximaal 100% kostendekkendheid). Naast de directe kosten worden ook de overheadkosten (de zogenaamde indirecte kosten) meegenomen in de bepaling van het tarief. 6.1.4
Onroerende zaakbelasting (OZB)
De OZB zijn veruit de belangrijkste gemeentelijke belastingen. Er zijn drie belastingsoorten, namelijk: 1 een belasting geheven van eigenaren van woningen; 2 een belasting geheven van eigenaren van niet-woningen; 3 een belasting geheven van gebruikers van niet-woningen. De raming van de OZB is voor 2023 ten opzichte van de vorige meerjarenbegroting verhoogd met een inflatiecorrectie van 2,5% en een autonome stijging als gevolg van verbouw/nieuwbouw. De heffingsgrondslag van de OZB is gebaseerd op de waarde zoals vastgesteld in het kader van de Wet waardering onroerende zaken (wet WOZ). Het OZB-bedrag wordt berekend op basis van een percentage (het tarief) van de WOZ-waarde.
Ontwerp Programmabegroting 2023
Pagina 85 van 161
Hieronder een specificatie van de opbrengst OZB per belastingsoort. Opbrengst onroerende zaakbelastingen (bedragen x € 1.000) (plus = nadeel, min = voordeel) OZB - woningen eigenaren OZB - niet woningen eigenaren OZB - niet woningen gebruikers Totaal
6.1.5
2023
2024
2025
2026
-4.985 -3.079 -1.953 -10.017
-4.985 -3.079 -1.953 -10.017
-4.985 -3.079 -1.953 -10.017
-4.985 -3.079 -1.953 -10.017
Parkeerbelasting
In de gemeente Meppel worden de parkeertarieven gebruikt om de kosten voor parkeervoorzieningen te dekken en om het parkeren binnen de gemeente te reguleren. Meppel heft parkeergelden bij parkeermeters en -automaten en via parkeervergunningen. Bij de parkeergarage Keyserstroom, de parkeergarage Kromme Elleboog en het parkeerterrein Stadhuis worden parkeergelden achteraf geïnd. De tabel hieronder laat zien wat de tarieven zijn van onze gemeente ook in relatie tot omliggende gemeenten voor 2021 en 2022. Voor Meppel zijn de tarieven voor 2023 toegevoegd. Van de andere gemeenten zijn die nog niet bekend. Tarieven per uur
Meppel
Meppel
Hoogeveen
Zwolle
2021
2022
2023
2021
2022
2021
2022
Centrum (zone 1)
1,85
1,85
1,95
1,75
1,80
3,00
3,00
Buitenring (zone 2)
1,50
1,50
1,60
nvt
nvt
2,00
2,00
zone 3 Tijden betaald parkeren
0,85
0,85
0,95
nvt
nvt
1,20
1,20
6.1.6
ma t/m ma t/m ma t/m ma t/m ma t/m za ma t/m za ma t/m za za 9:00- za 9:00- za 9:00- za 9:008:009:009:0018:00, 18:00, 18:00, 18:00, 19:00, 23:00 uur, 23:00 uur, vrij 18:00- vrij 18:00- vrij 18:00- vrij 18:00- vrij 19:00- zo 13:00- zo 13:0021:00 uur 21:00 uur 21:00 uur 21:00 uur 21:00 uur 17:00 uur 17:00 uur
Precariobelasting
Precariobelasting wordt geheven voor het hebben van voorwerpen onder of boven voor openbaar gebruik bestemde, gemeentegrond. Voor terrassen of vaste standplaatsen wordt bijvoorbeeld precariobelasting geheven. De raming van de opbrengst is voor 2023 verhoogd met een inflatiecorrectie van 2,5%. 6.1.7
Rioolheffing
Rioolheffing wordt opgelegd aan de gebruikers van een perceel waar direct of indirect water op het riool wordt afgevoerd. Er wordt een vast bedrag aan rioolheffing in rekening gebracht, onafhankelijk van de hoeveelheid geloosd water. Het tarief rioolheffing voor 2023 is ten opzichte van 2022 verhoogd met € 3,00 per aansluiting. Het komt daarmee op € 177 per aansluiting. De kosten voor het beheren en in stand houden van het rioolstelsel worden uit de opbrengst rioolheffing betaald. Het dekkingspercentage bedraagt in 2023 98%.
Ontwerp Programmabegroting 2023
Pagina 86 van 161
Berekening van kostendekkendheid Taakveld 7.2 Riolering, Product 64 Riolering Kosten, incl. (omslag) rente Inkomsten, excl. heffingen Netto kosten taakveld
Rioolheffing 2.226.000 0 2.226.000
Toe te rekenen kosten Taakveld 2.1 Verkeer en vervoer (straatreiniging) Taakveld 5.7 Leggers schouw, waterlossing Taakveld 0.4 Overhead Taakveld 6.3 Inkomensregelingen (kwijtschelding) C ompensabele BTW over exploitatiekosten riolering C ompensabele BTW over afschrijving op investeringen Totale kosten
161.000 83.000 86.000 150.000 183.000 131.000 3.020.000
Opbrengst rioolheffing
-2.960.000
Dekkingspercentage
98%
Ten laste van de voorziening
6.1.8
-60.000
Reinigingsheffingen
Afvalstoffenheffing wordt geheven bij alle huishoudens. De gemeente is verplicht de huishoudelijke afvalstoffen in te zamelen. Daarom is ieder huishouden verplicht bij te dragen in de kosten van afvalinzameling. Het maakt daarbij niet uit of mensen wel of geen afval aanbieden. Reinigingsrecht wordt geheven voor de afvoer van bedrijfsafval en mag alleen in rekening worden gebracht als ook daadwerkelijk een dienst wordt geleverd. Het tarief afvalstoffenheffing voor 2023 is ten opzichte van die van 2022 gelijk gebleven. Het tarief voor 2023 bedraagt € 212 per huishouden. Er is sprake van een dekkingspercentage van 100%. Berekening van kostendekkendheid Taakveld 7.3 Afval, Product 55 Afvalinzameling Kosten, incl. (omslag) rente Inkomsten, excl. heffingen Netto kosten taakveld
Reinigingsheffingen 3.436.000 -1.012.000 2.424.000
Toe te rekenen kosten Taakveld 2.1 Verkeer en vervoer (straatreiniging) Taakveld 0.4 Overhead Taakveld 6.3 Inkomensregelingen (kwijtschelding) C ompensabele BTW over exploitatiekosten product afval C ompensabele BTW over afschrijving op investeringen afval Totale kosten
161.000 237.000 170.000 309.000 91.000 3.392.000
Opbrengst heffingen
-3.381.000
Dekkingspercentage
100%
Ten laste van de voorziening
-11.000
6.1.9
Naheffingsaanslag parkeren
Een naheffingsaanslag parkeerbelastingen wordt opgelegd als een auto op een terrein met een betaalautomaat of bij een parkeermeter wordt geparkeerd en niet is betaald of wanneer de parkeertijd is verstreken. Per 1 januari 2023 bedraagt het maximumbedrag dat voor een naheffingsaanslag aan kosten in rekening mag worden gebracht € 72,90.
Ontwerp Programmabegroting 2023
Pagina 87 van 161
Berekening van kostendekkendheid Taakveld 2.2 Parkeren, Product 65 Parkeren Kosten, incl. (omslag) rente Inkomsten, exclusief heffingen Netto kosten taakveld
Naheffingsaanslagen parkeren 182.001 0 182.001
Toe te rekenen kosten Taakveld 0.4 Overhead incl. (omslag) rente Totale kosten
37.851 219.851
Opbrengst heffingen
-50.000
Dekkingspercentage
23%
6.1.10
Binnenhavengelden
Onder de naam ‘binnenhavengeld’ wordt een recht geheven voor het gebruik van de haven met een vaartuig. De kosten van door de gemeente verstrekte diensten in de haven worden deels gedekt uit de opbrengst binnenhavengeld. Hierbij wordt onderscheid gemaakt in beroepsvaart en pleziervaart. Vanaf 2021 is een algemene verhoging voor de beroepsvaart van elk jaar 5%. Voor de pleziervaart is een verhoging van de opbrengst opgenomen van jaarlijks gemiddeld 10% (vaste ligplaatsen 5% en passanten inclusief campers 15%). In verband met de kostendekkendheid worden de tarieven ook beoordeeld bij de voorziene harmonisatie van tarieven in het kader van de samenwerking Port of Zwolle. Toelichting op het dekkingspercentage van de tarieven voor de beroepsvaart: Berekening van kostendekkendheid Binnenhavengelden Taakveld 2.4 Economische havens en waterwegen, Product 62 Water, activiteit beroepsvaart Beroepsvaart Kosten, incl. (omslag) rente 211.233 Inkomsten, excl.
heffingen 0 Netto kosten taakveld 211.233 Toe te rekenen kosten Taakveld 2.1 verkeer en vervoer, product 60 activiteit onderhoud civiele kunstwerken Taakveld 2.4 economische havens en waterwegen, activiteit beheer en onderhoud watergangen (25%) Taakveld 2.4 economische havens en waterwegen, activiteit onderhoud havenvoorzieningen (80%) Taakveld 2.4 economische havens en waterwegen, activiteit brugwachterlocaties (80%) Taakveld 2.4 economische havens en waterwegen, activiteit havenkantoor (67%) Taakveld 0.4 Overhead incl. (omslag) rente Totale kosten
32.311 9.463 588.942
Opbrengst heffingen
-236.961
Dekkingspercentage
40%
Ontwerp Programmabegroting 2023
189.346 10.240 100.318 36.030
Pagina 88 van 161
Toelichting op het dekkingspercentage van de tarieven voor de pleziervaart: Berekening van kostendekkendheid Binnenhavengelden Taakveld 2.3 Recreatieve havens, Product 62 Water, activiteit pleziervaart Pleziervaart Kosten, incl. (omslag) rente 92.766 Inkomsten, excl. heffingen 0 Netto kosten taakveld 92.766 Toe te rekenen kosten Taakveld 2.1 verkeer en vervoer, product 60 activiteit onderhoud civiele kunstwerken Taakveld 2.4 economische havens en waterwegen, activiteit beheer en onderhoud watergangen (25%) Taakveld 2.4 economische havens en waterwegen, activiteit onderhoud havenvoorzieningen (20%) Taakveld 2.4 economische havens en waterwegen, activiteit brugwachterlocaties (20%) Taakveld 2.4 economische havens en waterwegen, activiteit havenkantoor (33%) Taakveld 0.4 Overhead incl. (omslag) rente Totale kosten
15.928 9.463 273.610
Opbrengst heffingen
-163.130
Dekkingspercentage
60%
6.1.11
111.126 10.240 25.080 9.008
Leges
Leges zijn rechten die worden geheven voor verstrekte diensten. In de legesverordening zijn bepalingen opgenomen over de activiteiten waarvoor de gemeente leges in rekening brengt, welke tarieven en de grondslag. De legesverordening is onderverdeeld in drie titels (zie tabel). Ook voor dit jaar is beoordeeld in hoeverre de leges en tarieven kostendekkend zijn. Leges
Totaal lasten
Totaal baten
Kostendekking 2023
Kostendekking Titel 1 (algemene dienstverlening)
€
402.190
€
340.225
Kostendekking Titel 2 (dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving)
€
1.019.897
€
852.901
84,6% 83,6%
Kostendekking Titel 3 (dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn)
€
66.834
€
24.417
36,5%
Kostendekking totale tarieventabel
€ 1.488.921
€ 1.217.543
81,8%
Bij Titel 1 is veelal sprake van wettelijke maximumtarieven. De kostendekkendheid van Titel 3 is met name beperkt vanwege het niet heffen van leges voor evenementen. 6.1.12 Lijkbezorgingsrechten Op basis van de verordening worden rechten geheven voor het gebruik van de begraafplaats en voor het door de gemeente verlenen van diensten in verband met de begraafplaats. Het dekkingspercentage bedraagt 59%. Berekening van kostendekkendheid Taakveld 7.5 Begraafplaatsen en crematoria, Product 30 Begraafplaatsen Kosten, incl. (omslag) rente Inkomsten, excl. heffingen Netto kosten taakveld
Lijkbezorgingsrechten
431.757 -5.700 426.057
Toe te rekenen kosten Taakveld 0.4 Overhead incl. (omslag) rente Totale kosten
47.313 473.370
Opbrengst heffingen
-280.000
Dekkingspercentage
59%
Ontwerp Programmabegroting 2023
Pagina 89 van 161
6.1.13 Marktgelden Marktgeld wordt geheven voor het hebben van een standplaats op de markt. De tarieven mogen niet meer dan kostendekkend zijn. Het dekkingspercentage bedraagt 27%. Berekening van kostendekkendheid Taakveld 3.3 Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen, Product 35 Bijzondere wetgeving, activiteit markten Kosten, incl. (omslag) rente Inkomsten, excl. heffingen Netto kosten taakveld
Marktgelden
75.971 0 75.971
Toe te rekenen kosten Taakveld 0.4 Overhead incl. (omslag) rente Totale kosten
9.463 85.434
Opbrengst heffingen
-23.000
Dekkingspercentage
27%
6.1.14 Geraamde opbrengsten van alle heffingen voor 2023 In de tabel hieronder zijn de geraamde opbrengsten voor 2023 vergeleken met de raming van 2022 en de werkelijke opbrengst over 2021. Soort Heffing
Realisatie 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
Bedragen x € 1.000 OZB gebruikers niet-woningen
1.827
1.887
1.953
OZB eigenaren niet-woningen
2.986
2.978
3.079
OZB eigenaren woningen
4.642
4.825
4.985
Onroerende zaakbelasting totaal
9.455
9.690
10.017
Afvalstoffenheffing/reinigingsrecht
3.260
3.341
3.381
Rioolheffing
2.888
2.929
2.960
Parkeerbelasting
1.137
1.490
1.610
Precariobelasting
18
63
64
Lijkbezorgingsrechten
232
284
280
Leges omgevingsvergunning
1.043
853
853
Leges burgerzaken
460
413
340
Leges europese dienstenrichtlijn
18
24
24
Leges totaal
1.521
1.290
Marktgelden
23
22
1.218 23
Havengeld beroepsvaart
202
227
237
Havengeld pleziervaart
119
146
163
Liggelden
14
7
Havengeld en liggeld totaal Totaal
335 18.869
7 380 19.489
407 19.960
6.1.15 Kwijtschelding Het kwijtscheldingsbeleid is vastgelegd in de Leidraad Invordering. De hierin gestelde criteria zijn afgeleid van de regelgeving van het rijk. Bij het behandelen van een kwijtscheldingsverzoek vindt een inkomens- en vermogenstoets plaats. De normen voor kwijtschelding worden landelijk bepaald. Als een belastingschuldige noch betalingscapaciteit noch vermogen heeft, wordt kwijtschelding van afvalstoffenheffing en rioolheffing verleend. In incidentele gevallen komt het voor dat ook de OZB wordt kwijtgescholden. Bij de bepaling van kwijtschelding houden wij rekening met 100% van de kosten van levensonderhoud. Er is bewust geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid om lagere normen (90% of 95%) te hanteren om zodoende de meest ruimhartige kwijtschelding te kunnen verlenen. Ook kleine ondernemers komen voor kwijtschelding van de privé-aanslag in aanmerking. In onderstaande tabel staat het bedrag dat in 2021 aan kwijtschelding is verleend. Voor 2022 en 2023 is het bedrag opgenomen dat we verwachten uit te geven. Kwijtschelding
Realisatie 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
Afvalstoffenheffing
166
170
170
Rioolheffing
138
150
150
Totaal
304
320
320
Bedragen x € 1.000
Ontwerp Programmabegroting 2023
Pagina 90 van 161
6.1.16 Lokale lastendruk In de volgende tabel geven we een overzicht van de woonlasten van alle Drentse en naburige gemeenten voor 2022. Meppel staat op nummer 3 in het rijtje van voordelige gemeenten in Drenthe en de directe omgeving van Meppel. Een aantal Drentse gemeenten kent tariefdifferentiatie voor afvalstoffenheffing en/of rioolheffing. Woonlastendruk Gemeente
OZB
Afvalstoffenheffing
Rioolheffing
Mph
Mph
Totale woonlasten
Tynaarlo
372
189
166
727
Steenwijkerland
288
249
202
739
Meppel
366
212
174
752
Midden-Drenthe
317
207
239
763
AA en Hunze
361
242
163
766
De Wolden
380
189
233
802
Staphorst
372
249
208
829
Noordenveld
356
227
256
839
Assen
454
253
137
844
Westerveld
399
239
220
858
Hoogeveen
449
287
150
886
Emmen
417
285
216
918
Coevorden
490
296
218
1004
Borger-Odoorn
533
222
268
1023
Bron: www.coelo.nl Mph = Meerpersoonshuishouden (2 personen of meer) Note: Borger-Odoorn, de Wolden, Staphorst, Emmen en Steenwijkerland hebben Diftar
6.2
Paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing
Deze paragraaf geeft inzicht in de financiële kengetallen. De kengetallen geven in gezamenlijkheid en in hun onderlinge verhouding een goed beeld van de financiële positie van een gemeente. Verder staan in deze paragraaf de belangrijkste risico’s. Een risico is een onzekere gebeurtenis met (gewenste of ongewenste) gevolgen voor de gemeente. Deze gevolgen kunnen beleidsmatig en/of financieel zijn. Bij het weerstandsvermogen ligt de focus op de financiële gevolgen van de risico’s. Het is een maatstaf voor de mate waarin de gemeente in staat is om de gevolgen van de risico’s op te vangen. Dit zonder dat het beleid of de uitvoering daarvan in gevaar komt. Het weerstandsvermogen is afhankelijk van de beschikbare weerstandscapaciteit (hoeveel niet bestemde middelen zijn beschikbaar) en de benodigde weerstandscapaciteit (hoeveel middelen zijn nodig om alle risico’s op te kunnen vangen). Aan de hand van deze grootheden wordt het weerstandsvermogen bepaald. Beleidskader is het “Besluit begroting en verantwoording” voor de financiële kengetallen en de “Nota risicomanagement en weerstandsvermogen” uit 2013 waarin de uitgangspunten voor de berekening voor het weerstandsvermogen is vastgelegd. In het coalitieakkoord staat dat we de reserves meer in overeenstemming willen brengen met de risico’s én de schuldenlast willen verminderen.
Daarbij houden we ruimte om met ambitie de opgaven voor de toekomst aan te pakken die voor ons liggen. Dit is mede de aanleiding om in 2023 de nota risicomanagement en weerstandsvermogen te actualiseren. 6.2.1
Financiële kengetallen
Met ingang van 2016 worden een vijftal financiële kengetallen voorgeschreven. Dit onder andere om de financiële positie van de gemeente voor de raad inzichtelijker en beter vergelijkbaar te maken. Het gaat om de netto schuldquote, de solvabiliteitsratio en indicatoren met betrekking tot de grondexploitatie, structurele exploitatieruimte en belastingcapaciteit. Kengetallen hebben een signalerende functie, geven inzicht in de financiële positie en over de weerbaarheid en wendbaarheid van een gemeente. We sluiten voor de verplichte kengetallen aan bij de
Ontwerp Programmabegroting 2023
Pagina 91 van 161
signaleringswaarden die de VNG adviseert. Over het algemeen kan worden gesteld dat “groen” het minst risicovol is en “rood” het meest. Provinciale categorie A
Minst risicovol
B C
Meest risicovol
In onderstaand overzicht wordt het verloop van onze kengetallen weergegeven: Financiele kengetallen
JR 2021
B2022
B2023
B2024
B2025
B2026
1. netto schuldquote 1a. netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen 1b. netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen en voorraden grond 2. solvabiliteitsratio
88%
108%
90%
78%
66%
67%
80%
98%
82%
71%
59%
60%
64%
70%
57%
57%
48%
48%
10%
9%
11%
14%
19%
17%
3. grondexploitatie
24%
27%
25%
14%
11%
12%
4. structurele exploitatieruimte
0,8%
3,2%
2,8%
2,7%
3,2%
-2%
5. belastingcapaciteit
89%
86%
85%
85%
85%
85%
Als de uitkomst van één van de kengetallen uit de pas schiet, wil dat niet zeggen dat we financieel niet (langer) gezond zijn. Het is een mogelijke indicatie dat (aanvullende) beheersmaatregelen moeten worden getroffen of de bestaande beheersmaatregelen moeten worden herijkt. Toelichting tabel Netto schuldquote De netto schuldquote geeft inzicht in de mate waarin de schuldenlast drukt op de exploitatie. Dit kengetal wordt berekend door het totaal van de geleende gelden te delen door de totale jaarlijkse baten. Dit saldo wordt uitgedrukt in een percentage van de totale jaarlijkse baten. Hogere baten zorgen dus voor een daling van de netto schuldquote. De netto schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossing op de exploitatie. Bij deze uitkomst kunnen twee factoren worden genoemd die het niveau verklaren en zijn opgenomen als 1a en 1b: a) Verstrekte leningen. De rente- en aflossingsverplichtingen op deze leningen worden volledig doorberekend aan andere partijen en drukken niet op de exploitatie van de gemeente. b) Voorraad bouwgrond. Om deze gronden aan te kopen heeft de gemeente leningen afgesloten, de rentelast drukt op de grondexploitaties. Met de verkoopopbrengst kunnen leningen afgelost worden. Uit dit kengetal blijkt dat de voorraad grond een belangrijke verklarende factor is voor de netto schuldquote.
Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio is een kengetal dat weergeeft welk deel van het gemeentelijk vermogen is gefinancierd met eigen vermogen. Het is een maatstaf dat inzicht geeft in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. De solvabiliteitsratio is relatief laag en nog ruim verwijderd van de minder risicovolle categorie die start bij een solvabiliteitsratio van 20%. Op basis van de meerjarenraming 2023-2026 is de verwachting dat de solvabiliteit zal stijgen. Dit is onder andere het gevolg van de voorgenomen storting in de reserves en de begrote opbrengsten vanuit de grondexploitaties. Opgemerkt moet worden dat de uitwerking van een aantal kernopgaven uit het coalitieakkoord nog niet financieel zijn vertaald. De ontwikkeling van de solvabiliteitsratio geeft daardoor een vertekend beeld. Grondexploitatie Het kengetal grondexploitatie geeft aan hoe groot de grondpositie (de boekwaarde van de grond) is ten opzichte van de totale baten. De boekwaarde van de voorraden grond is van belang, omdat deze moet worden terugverdiend bij de verkoop. Structurele exploitatieruimte Voor de beoordeling van het structurele en reële evenwicht wordt onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele lasten. Een overzicht van de incidentele lasten en baten is opgenomen achterin dit boekwerk.
De structurele exploitatieruimte wordt bepaald door het saldo van de structurele baten en lasten te delen door de totale baten. Belastingcapaciteit
Ontwerp Programmabegroting 2023
Pagina 92 van 161
Onder de woonlasten worden verstaan de OZB, de rioolheffing en de afvalstoffenheffing voor een woning op basis van de gemiddelde WOZ-waarde in de gemeente. De belastingcapaciteit van gemeenten wordt daarom berekend door de totale woonlasten meerpersoonshuishouden in jaar t te vergelijken met het landelijke gemiddelde. Voor het landelijke gemiddelde wordt jaar t-1 gehanteerd. De belastingcapaciteit wordt uitgedrukt in een percentage. Zoals uit de tabel van de kengetallen blijkt, zijn de woonlasten in onze gemeente lager dan het landelijke gemiddelde voor een gezin. Als basis hebben we het landelijk gemiddelde van 2021 (= 100% ) genomen. Dat staat op € 904. Met een woonlast van € 764 vallen we hiermee in de categorie “groen” oftewel van het minst risicovol. 6.2.2
Risicoanalyse en beheersmaatregelen
De belangrijkste risico’s voor de gemeente zijn in beeld gebracht, voor zover op dit moment bekend. Er is een inschatting gemaakt van de financiële impact van deze risico’s. Uiteraard met de kanttekening dat elke inschatting met de nodige onzekerheden is omgeven. Alle risico’s zijn in de volgende risicokaart ingedeeld. De werkwijze om daar te komen bestaat uit vier stappen: - Identificeren van risico’s In deze fase worden alle potentiële risico’s geïnventariseerd; - Kwantificeren van risico’s De analyse bestaat uit een schatting van de kans dat een gebeurtenis optreedt, en wat daarvan de gevolgen zullen zijn; - Definiëren en implementeren van beheersmaatregelen Beheersmaatregelen kunnen preventief van aard zijn, gericht op het voorkomen van de gebeurtenis; - Financieel afdekken van risico's Tot slot kan dan op grond van deze analyses bepaald worden hoeveel middelen gereserveerd moeten worden ter afdekking van de risico’s. Het gaat daarbij om de restrisico’s. Daarmee wordt bedoeld dat de mate waarin de getroffen beheersmaatregelen het oorspronkelijke risico terugdringen, moet worden meegewogen.
Ontwerp Programmabegroting 2023
Pagina 93 van 161
Op basis van deze vier stappen is de verwachte financiële impact van de risico’s gemaakt. De berekening van de risico’s leidt tot een op te vangen risico van € 15,9 miljoen, het gemiddelde van het positieve scenario en het negatieve scenario. Totaaloverzicht Risico’s
Risico-bedrag Risicoweging
Positief scenario Negatief scenario
1 Grondexploitaties
9,8
25%-100%
2,5
9,8
2 Inflatie
5,0
25%-75%
1,25
3,75
3 Gemeentefonds
2,8
25%-75%
0,69
2,06
4 Sociaal domein
2,5
50% - 100%
1,3
2,5
5 Investeringsprojecten
2,3
25% - 75%
0,58
1,73
Ezinge school & 6 sportaccommodatie huurinkomsten
2,0
25% - 50%
0,50
1,00
7 Verbonden partijen
1,2
25% - 75%
0,30
0,90
8 Risico's in de bedrijfsvoering
1,0
25% - 75%
0,25
0,75
0,6
15% - 30%
0,09
0,18
1,8
25% - 75%
0,45
1,35
9
Multifunctionele accommodaties huurinkomsten
10 Overige risico's Totaal
7,8
24,0 15,9
Gemiddeld
1. Grondexploitaties Een extern adviesbureau heeft evenals voorgaande jaren een risicoanalyse gemaakt van de grondexploitaties (maart 2022). Risico’s zijn onder andere een te hoge boekwaarde van het grondbezit, tegenvallende verkoopresultaten in tijd en geld, stijgende kosten van bouw- en woonrijp maken en juridische geschillen. De risico’s zijn voor alle grondexploitaties afzonderlijk in beeld gebracht. Daarnaast is onderscheid gemaakt tussen algemene en (project)specifieke risico’s. Het belangrijkste risico voor de lopende projecten is het niet realiseren van de geprognosticeerde afzet (kavelverkoop). Vertraging in (de uitgifte van en realisatie woonrijp maken) een project kan leiden tot een toename van rente-, planontwikkeling- en beheerskosten. Ook het niet realiseren van de beoogde grondprijs vormt steeds weer een aanzienlijk risico. Daarnaast bestaan er risico’s die samenhangen met de ontwikkeling van de parameters binnen de projecten, zoals kosten- en opbrengstenstijging en de renteontwikkeling. Uitgangspunt voor de risicoanalyse is dat de projecten uiteindelijk volledig gerealiseerd worden. De individuele risico’s in de projecten liggen in lijn met de risico’s van vorig jaar. De grootste risico’s zijn terug te zien binnen de grondexploitaties Nieuwveense Landen en Noord III/IV.
Grote risico’s binnen het project Nieuwveense Landen zijn de ontwikkeling van de waarde van de nog aan te kopen gronden en de verlaging van de winstpotentie bij realisatie van een gebied door een projectontwikkelaar. Echter zullen in geval van zelfrealisatie andere risico’s komen te vervallen. Bij Noord III/IV is het grootste risico, naast het niet realiseren van de geprognosticeerde afzet, de uitwerking van de ongelijkvloerse verbinding tussen Noord II en Noord III. Hierbij is ook onzeker in welke mate hier een bijdrage van derden volgt. Risicobedrag De kwantitatieve risicoanalyse is op twee manieren uitgevoerd, zoals ook is vastgelegd in de Nota Risicomanagement van Meppel. De Monte Carlo methode geeft een uitkomst van € 8,3 miljoen. De IFLO methode komt uit op € 9,84 miljoen. Overeenkomstig de Nota Risicomanagement nemen wij dit hoogste bedrag van € 9,84 miljoen over. 2. Inflatie De inflatie is sterk gestegen als gevolg van een combinatie van factoren. Met name de energieprijzen en in het bijzonder olie-, gas- en elektriciteitsprijzen zijn het afgelopen najaar gestegen tot ver boven precoronacrisis niveaus. Deze inflatie werkt in meer of mindere mate door in alle uitgaven die wij doen en varieert van 3% voor tariefstijgingen tot 19% voor grond weg en waterbouw (prijspeil juli). Waar mogelijk hebben wij deze verwerkt in de ontwerp begroting.
De onzekerheid zit hem op de langere termijn. Houdt deze inflatie aan en met welke snelheid komt deze tot uiting in onze kosten. Per saldo komen we op een risico inventarisatie van ongeveer € 5,0 miljoen met een gemiddelde kans. 3.
Onzekerheden gemeentefonds
Ontwerp Programmabegroting 2023
Pagina 94 van 161
De ontwikkeling van de gemeentefondsuitkering wordt voor een belangrijk deel bepaald door de ontwikkeling van de rijksuitgaven. Geeft het rijk meer uit dan krijgen gemeenten meer en geeft het rijk minder uit dan krijgen gemeenten minder. De meicirculaire 2022 laat een groei zien voor de jaren 20232026 als gevolg van extra geraamde rijksuitgaven op basis van het coalitieakkoord van het rijk. De groei van het gemeentefonds daalt met ingang van 2026 sterk. Als motivatie daarvoor geldt dat het kabinet vanaf 2026 en verder kijkt naar een andere bekostigingssystematiek voor gemeenten en een verruiming van het lokale belastinggebied. Ook de opschalingskorting is tot en met 2025 bevroren. Dat wil zeggen dat de eerder geraamde oploop in de kortingen op het gemeentefonds, niet doorgaan. In de jaarschijf 2026 staat de opschalingskorting echter wel weer opgenomen voor het volledige en vanaf dat moment ook structurele bedrag. Voor de gemeentebegroting betekent dit dat de financiële ruimte in 2026 sterk daalt en de jaren ervoor een groot deel van de financiële ruimte als incidenteel aangemerkt moet worden. Het kabinet komt wellicht nog met een nadere duiding hoe om te gaan met het ravijnjaar (= 2026) en de jaren daarna. Verder wordt in de meicirculaire de herverdeling van het gemeentefonds per 1 januari 2023 definitief gemaakt. Voor Meppel is de uitkomst niet gunstig.
Onze gemeente gaat er bruto € 56,00 per inwoner op achteruit (€ 1,9 miljoen). Een behoorlijke tegenvaller ten opzichte van eerdere berichten. Wel staat er tegenover dat onze gemeente in aanmerking komt voor een aangepast ingroeimodel. Dat betekent dat we het 1e jaar (= 2023) netto € 5,00 per inwoner nadeel hebben, het 2e jaar € 12,50 en vanaf 2025 € 22,50 per inwoner moeten inleveren. Vooralsnog mogen we het ingroeipad ook na 2025 doortrekken in afwachting van de evaluatie van het nieuwe verdeelmodel. Het gaat vanaf 2025 en verder dan netto om € 775.000 (€ 22,50 per inwoner) structureel per jaar dat Meppel wordt gekort. Bij de raming van het gemeentefonds vanaf 2024 hebben we al enige behoedzaamheid ingebouwd. Hoewel lastig in te schatten houden we rekening met een risicobedrag van ongeveer circa € 0,5 miljoen dat groeit ingaande 2026 naar een bedrag van ongeveer € 5 miljoen (gemiddeld € 2,85 miljoen). 4. Sociaal domein We hebben de afgelopen jaren te maken gehad met een stijging in de zorgvraag en zorgtarieven waardoor het toegekende budget niet toereikend was. Dit wordt mede veroorzaakt door caoontwikkelingen, kostenontwikkeling zoals energieprijzen en krapte op de arbeidsmarkt, het 'open einde' karakter van de taken van de gemeente voor Jeugd en Wmo, en na-ijleffecten van corona waar geen middelen c.q. compensatie tegenover staan.
Voor de komende jaren zijn nadere afspraken gemaakt over extra middelen voor jeugdzorg. Onderdeel daarvan zijn rijksmaatregelen die moeten zorgen voor een besparing op de uitgaven jeugdhulp bij gemeenten. Gezien de groei van de jeugdhulp-uitgaven in de afgelopen jaren is het onzeker hoe de uitgaven zich ontwikkelen. Om de risico’s goed te beheersen wordt er onderscheid gemaakt tussen beïnvloedbare en niet beïnvloedbare kosten. Daarnaast volgen wij nauwgezet de landelijke ontwikkelingen en is een monitoring systematiek opgezet waardoor we meer inzicht hebben in de lokale (financiële) ontwikkelingen. Zo nodig wordt bijgestuurd, zowel beleidsmatig als financieel. Voor de bijstand worden de inkomsten bepaald door de ontwikkeling van het macrobudget, demografische- en sociaaleconomische factoren. In combinatie met het open-einde karakter van deze regeling leidt dit tot mogelijke overschrijdingen. De huidige arbeidsmarkt zorgt voor een lage werkloosheid en een laag aantal uitkeringen. Onzeker is hoe zich dit de komende jaren zal ontwikkelen. Het risico op de overschrijding van de budgetten voor de bijstand is geschat op 5% van het budget. Capaciteit en kennis Ook binnen het sociaal domein is er krapte op de arbeidsmarkt. Hierdoor ontstaat er veel druk op de beperkte kennis binnen de organisatie en de kosten van inhuur.