CConstaterende datMeppel
Koppel je AI →
Document · PDF

NIEUW - Beantwoording technische vragen VVD - APV gemeente Meppel

1 - RAADSVERGADERING 27 november 2025, gemeente MeppelBij agendapunt: Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Meppel721 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Technische vragen raadsvoorstellen Raadsvoorstel: APV gemeente Meppel Portefeuillehouder: A. Maathuis Fractie (naam indiener) VVD (D. Jansen)

Vraag

Antwoord

1. In het raadsvoorstel wordt onder ‘Kanttekeningen en alternatieven’ onder ‘1.1’ aangegeven dat diverse uitvoeringsbesluiten tegen het licht worden gehouden en zo nodig worden geactualiseerd. - Betekent dit ook dat er scherp gekeken gaat worden of er (delen van) uitvoeringsbesluiten eventueel geschrapt of gecombineerd kunnen worden?

Ja, er zal gekeken worden naar de vraag in hoeverre regels samengevoegd of geschrapt kunnen worden.

2. Artikel 2.26 Ordeverstoring. - Wordt in dit artikel met de term ‘orde’ een andere ‘orde’ bedoeld dan de ‘openbare orde’?

Het artikel geeft een verbod om de orde bij evenementen te verstoren, dat zich in zijn algemeenheid tot bezoekers richt. Het hier gebruikte begrip orde wordt in de VNG modelverordening niet expliciet gedefinieerd of toegelicht. In de modelverordening en bijbehorende toelichtingen wordt het begrip "orde" gebruikt in verband met het waarborgen van het ordelijk verloop van maatschappelijke activiteiten, evenementen en het tegengaan van wanorde, hinder, onveiligheid of overlast. Dit verbod hangt dan ook samen met de taak van de burgemeester om toe te zien op openbare samenkomsten en vermakelijkheden (artikel 174 Gemeentewet).

3. Artikel 2.28 Exploitatie openbare inrichting. - Lid 4 sub b: Is ‘slecht levensgedrag’ voldoende te definiëren en daarmee voldoende duidelijk voor vergunninghouders en/of ambtenaren? Is dit artikel, zonder nadere invulling

De burgemeester beschikt op grond van vaste rechtspraak over beoordelingsruimte bij de invulling van het slecht levensgedragcriterium. Deze beoordelingsruimte is niet in strijd met artikel 10 van de Dienstenrichtlijn geacht, mits voldaan wordt aan een aantal randvoorwaarden die de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State in de uitspraak van 25 mei 2022

van het begrip ‘slecht levensgedrag’ in bijvoorbeeld beleidsregels, voldoende om te voldoen aan artikel 10 van de Dienstenrichtlijn, vooral gelet op lid 2 sub d, e en f?

(ECLI:NL:RVS:2022:1493) uiteen heeft gezet. Zo mag de beoordelingsruimte niet leiden tot willekeurige toepassing van het criterium. Er moet op grond van artikel 10, tweede lid, onder d, e en f, van de Dienstenrichtlijn sprake zijn van criteria die duidelijk en ondubbelzinnig, objectief zijn en vooraf openbaar bekend gemaakt. Artikel 10 van de Dienstenrichtlijn verzet zich dus niet tegen vergunningscriteria bij de toepassing waarvan het bevoegd gezag beoordelingsruimte toekomt. Wel vereist artikel 10, tweede lid, van de Dienstenrichtlijn dat vooraf duidelijk is wanneer aan die criteria wordt voldaan. Die specificatie kan zijn vastgelegd in een beleidsregel of een ander beleidsstuk, maar kan ook per geval gemotiveerd worden zonder beleidsregels. De VNG raadt daarom in het kader van dit artikel uit de modelverordening wel aan om beleidsregels vast te stellen. Deze beleidsregels zijn al in (ambtelijke) voorbereiding met het oog op de vaststelling van de nieuwe APV. Met dergelijke beleidsregels zal de invulling van het begrip voldoende duidelijk zijn voor vergunninghouders en ambtenaren.

4. Artikel 2.73a Carbid. - Sub b: Hoe zijn deze afstanden tot stand gekomen? Welke onderbouwing ligt ten grondslag aan het gekozen aantal meters? - Sub d: Wat is een ‘veilige afstand’? Wie beoordeeld dit en hoe rechtszeker is dit voor inwoners? - Sub e: Is dit niet voldoende geregeld in formele wetgeving? Zo nee, op welke punten wordt formele wetgeving met dit lid aangevuld? Is dit lid noodzakelijk voor handhaving? - Sub f: Is dit niet uitputtend geregeld in artikel 184 wetboek van strafrecht? Of is er sprake van een ander object en/of motief?

Het artikel over carbidschieten uit de huidige APV wordt met een aantal aanvullingen gehandhaafd. Het artikel kent een verbod op carbidschieten, met een uitzondering onder voorwaarden op het verbod. Deze voorwaarden zijn gesteld vanuit het oogpunt van veiligheid en voorkomen van overlast. Voor het aanvullen van de voorwaarden is aansluiting gezocht bij voorwaarden die andere Drentse gemeenten stellen aan carbid schieten. De afstanden die zijn opgenomen, zijn overgenomen uit de huidige APV en dus neutraal omgezet naar de nieuwe APV. Het zijn aldus de reeds gebruikelijke afstanden. De veilige afstand zal worden gerealiseerd door de organisator. Met deze voorwaarde is bedoeld dat het terrein zodanig wordt afgezet dat bezoekers niet in de schietrichting kunnen komen. De voorwaarden onder e en f regelen dat wanneer gevaar, hinder of schade dreigt te ontstaan of dat wanneer aanwijzingen van politie, boa’s of toezichthouders niet worden opgevolgd, automatisch het verbod weer geldt en het carbid schieten niet langer is toegestaan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Meppel&id=5df8560a-8f7c-44ab-b715-f78d899f8475