CConstaterende datMeppel
Koppel je AI →
Document · PDF

NIEUW - achterliggend stuk - Brief met reactie op advies van de Adviesraad Sociaal Domein

1 - RAADSVERGADERING 29 januari 2026, gemeente MeppelBij agendapunt: Wijzigingen Verordening Sociaal Domein 20251.041 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aan de Adviesraad Sociaal Domein

Uw brief van

15 oktober 2025

Uw kenmerk Ons kenmerk

Behandeld door

E. Visser

Telefoon

14 0522

Onderwerp

Bijlage(n)

3404592

Datum

Reactie op uw advies over de wijzigingen in de Verordening Sociaal Domein gemeente Meppel

Geachte leden van de Adviesraad Sociaal Domein, U heeft een advies aan ons uitgebracht over wijzigingen aan de Verordening Sociaal Domein gemeente Meppel. Wij willen u daar hartelijk voor bedanken. We zien ook dat het een hele klus was om alle teksten grondig door te nemen en daarover adviezen te geven. In deze brief willen we laten weten wat onze reactie is op uw advies. Ook vertellen we op welke manier door u gegeven adviezen worden opgevolgd. We bespreken daarom de opmerkingen en adviezen op de volgorde zoals ze in uw brief staan. Eerder is aan u mondeling en schiftelijk ook een ambtelijk antwoord gegeven op een deel van deze vragen. Maar we vinden het belangrijk om u ook onze bestuurlijke reactie te geven. Hieronder reageren wij op de aandachtspunten die u ons graag wilde meegeven. Artikel 1.7, eerste lid Bij elke Wmo-aanvraag gaat de gemeente in gesprek met de inwoner om te onderzoeken wat de inwoner zelf kan en welke steun er uit de directe omgeving, de persoonlijke en informele sociale basis' gegeven kan worden en realistisch is, voordat de gemeente maatschappelijke ondersteuning zal toekennen. De gemeente kijkt hierbij naar de persoonlijke eigenschappen, talenten en vaardigheden, en stelt of de inwoner mogelijk overbelast raakt als de inwoner de hulp niet krijgt.

Artikel 2.1.3, vierde lid en artikel 2.2.4, eerste lid We gaan ervanuit dat 2.2.4.1 wordt bedoeld. Indien nodig wordt een onafhankelijk arts ingezet. Maar soms is dat niet nodig, omdat een jeugdige al onder behandeling is bij een arts en die arts een advies kan geven. En soms is het advies van een jeugdconsulent voldoende. Een onafhankelijk arts wordt veelal ingezet bij twijfel of wanneer meer/specifieke expertise nodig is. Wat betreft artikel 2.1.3: in lid 5 van dit artikel wordt beschreven over welke kennis de adviseur moet beschikken. Dit vinden wij afdoende. Artikel 2.1.12, eerste lid Wat betreft de onafhankelijkheid van de toezichthouder, dit is vastgelegd in de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) 2015. Dit geldt ook voor de toetsingsmogelijkheden, restricties en middelen die ingezet kunnen worden. Als het gaat om het toetsen van kwaliteit verwachten we dat onze contractpartijen in eerste instantie zelf toetsen op de kwaliteit van het uitgevoerde werk. De toezichthouders controleren deze aanbieders periodiek, of naar aanleiding van problemen op basis van het vastgestelde toetsingskader. Daarbij is vastgesteld in de beleidsregels dat deze eisen voor zorg in natura (ZIN) en persoons gebonden budget (PGB) gelijk zijn. Wij kunnen geen eigen protocol maken en kwaliteit zelf definiëren, want dit staat haaks op onze samenwerking in de regio en provincie.

Artikel 2.2.2, tweede lid Ambtelijk hebben wij benoemd dat de gemeente bij fouten in de aanmeldprocedure uitbetaalt. Wij zien geen noodzaak om dit in de toelichting bij dit artikel op te nemen. Artikel 2.2.3, derde lid Voor aanvragen die spoedeisend zijn is een andere bepaling in de verordening opgenomen. Op dit moment hebben wij in de verordening geen termijn waarin een ‘reguliere’ aanvraag beoordeeld moet zijn. Zo'n termijn gaan wij onszelf nu wel opleggen. De genoemde termijn is realistisch en algemeen aanvaard (deze komt uit de modelverordening van de VNG). Wij zien geen noodzaak om in de toelichting een andere termijn te noemen. Artikel 2.2.3, zesde lid De hulp is al ingezet. De beschikking bevestigt dit en geeft zekerheid dat de hulp wordt voortgezet. Daarom streven wij ernaar dit zo snel mogelijk af te handelen, zoals in de verordening staat, met een maximum van vier weken. Omdat er in de verordening al 'zo snel mogelijk' staat, vinden wij

het dubbelop om in de toelichting op te nemen dat we het binnen 2 weken proberen te doen. Artikel 2.2.5.1 tweede lid We hebben het volgende opgenomen in de toelichting: Als het gaat om intieme persoonlijke verzorging aan oudere kinderen is hulp hierbij door het sociaal netwerk niet altijd passend. Wanneer een kind (of het netwerk) niet wil dat deze hulp door het netwerk wordt uitgevoerd, is het netwerk niet beschikbaar voor deze hulp en wordt een andere oplossing gezocht. Artikel 2.2.5.1 vijfde lid onder f Wij hebben deze wijziging overgenomen. Artikel 2.2.5.2 Tabel We zijn het met de adviesraad eens dat bij het schema dat nu in de verordening staat de dimensie tijd ontbreekt. In het Ciz protocol (uit 2014) ontbreekt echter de factor leeftijd, want dit protocol is ontwikkeld met ouderen in gedachten. Op dit moment is er geen enkel alternatief beschikbaar waarbij beide dimensies beschreven worden. Juridisch gezien kunnen wij dit onderwerp simpelweg niet voldoende dekken. Wij hebben daarom gekozen voor de oplossing die voor ons praktisch, in de uitvoering, het meeste houvast geeft. Het Ciz-protocol biedt vooral houvast voor kinderen onder de 4 jaar ten nadele van inwoners. Ter illustratie: volgens het Ciz-protocol zou het namelijk normaal zijn als ouders hun 12jarige nog dagelijks 2 keer een kwartier moeten helpen met aankleden.

De tabel die we in de verordening hebben opgenomen biedt voor alle leeftijden houvast. We kiezen er daarom voor om het Ciz-protocol niet te gebruiken en de opgenomen tabel te laten staan tot er landelijk een passend protocol voor jeugdhulp wordt ontwikkeld. Update: op 15 oktober 2025 is bekend gemaakt dat HHM in opdracht van het ministerie van VWS een protocol gebruikelijke/bovengebruikelijke hulp gaat ontwikkelen voor zowel Jeugdwet als Wmo. Zodra dit protocol beschikbaar is nemen we dit op in de verordening. Tenslotte willen wij benoemen dat wij sinds uw advies nog een kleine wijziging hebben toegevoegd in het hoofdstuk over leerlingenvervoer. Bij artikel 3.1.5 wordt bij lid 4 sub d een toevoeging gedaan zodat beleidsregels en verordening op elkaar aansluiten. Wij voegen aan de verordening toe dat dit artikel niet alleen van toepassing is bij wangedrag door leerlingen, maar ook bij wangedrag door ouders. We willen u nogmaals bedanken voor uw inzet en advies.

Hoogachtend, namens burgemeester en wethouders,

A.J. Kastelein

A. Maathuis

secretaris

burgemeester

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Meppel&id=cc2e2d04-5d88-4f83-af5c-4205893b3bb4