Memo MeppelEnergie - ambtelijke bijstand
Tekst van het document
Memo Kenmerk Aan Van Datum Onderwerp Afschriften voor
: 1584177/1584179 : De gemeenteraad : : 6 januari 2022 : Vragen omtrent MeppelEnergie : N.v.t.
§1 Aanleiding De gemeenteraad heeft verzocht om ambtelijke bijstand inzake de problematiek rondom MeppelEnergie B.V. (hierna: ME). Het gaat hierbij om beantwoording van de volgende vraag: Welke bevoegdheden, mogelijkheden en verantwoordelijkheden heeft het college c.q. de portefeuillehouder als bestuursorgaan, dan wel de gemeente als aandeelhouder van MeppelEnergie, juridisch én anderszins, om op diens initiatief oplossingen te bewerkstelligen voor de problematiek die wordt ondervonden met de biomassacentrale en het warmtenet in de wijk Nieuwveense Landen? Deze centrale vraag is vervolgens nader geconcretiseerd in een (vervolg)gesprek. De vraag richt zich vooral op de mogelijkheden van de gemeente Meppel als aandeelhouder dan wel het college als bestuursorgaan met betrekking tot de volgende drie onderwerpen: 1. De overlast van de biomassacentrale in het kader van geur en geluid in relatie tot de gestelde normen; 2. De door ME gehanteerde tarieven en schade-regelingen; 3. De afhandeling van klachten van burgers, waarbij de klachten het gevolg zijn van systemen van ME die niet naar behoren werken. Hieronder zal worden ingegaan op de gestelde vraag. Daarbij zal eerst worden ingegaan op de rechten en plichten die horen bij het aandeelhouderschap. Daarna zal kort worden ingaan op de bevoegdheid van het college om handhavend op te treden.
Tot slot zal concreet worden ingegaan op de drie onderwerpen waarop de algemene vraag betrekking heeft. §2 Aandeelhouderschap MeppelEnergie B.V. is in 2012 opgericht door Rendo Duurzaam B.V. (hierna: Rendo) en de gemeente Meppel (hierna: gemeente). De twee oprichters houden beide 50% van de in totaal 600 uitgegeven aandelen. In de statuten is bepaald dat elk aandeel recht geeft op één stem in de Algemene vergadering van Aandeelhouders. Bestuurder van de vennootschap is Rendo. Zoals artikel 2:177 van het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW) voorschrijft, bevat de akte van oprichting van ME tevens de statuten van de vennootschap. In het BW is bepaald dat het bestuur belast is met het besturen van de vennootschap. Dit houdt in dat de beslissingen omtrent de dagelijkse gang van zaken van de vennootschap door het bestuur worden genomen. In de statuten is deze bepaling overgenomen. De rol van de aandeelhouders is beperkter dan de rol van het bestuur bij een vennootschap. Aandeelhouders hebben de volgende rechten en verplichtingen binnen de vennootschap:
Rechten en plichten - Recht op dividend (artikel 26 e.v. van de statuten); - Vergaderrecht (artikel 20 e.v. van de statuten); - Stemrecht tijdens die vergaderingen (artikel 23 van de statuten) - Het recht om te verzoeken een enquêteprocedure te starten (artikel 2:345 e.v. BW). Dit is een procedure welke opgestart kan worden middels een schriftelijk verzoek van een aandeelhouder aan de ondernemingskamer van het Hof te Amsterdam. Het doel van dit verzoek is om een of meer personen te benoemen tot het instellen van een onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van een rechtspersoon. -
-
Benoeming, schorsing en ontslag van het bestuur (artikel 14 statuten); Bepalen bezoldiging van het bestuur (artikel 14, lid 6 statuten); Vaststellen van (artikel 21, lid 2 statuten): o de jaarrekening; o het jaarverslag; o kwijting en decharge van bestuursleden; o kwijting en decharge van de commissarissen; Goedkeuring verlenen aan de in de statuten bepaalde besluiten van het bestuur (artikel 15, lid 3 statuten). Het gaat hier bijvoorbeeld om het overdragen van de onderneming, het verkrijgen of vervreemden van registergoederen en het instellen van een rechtsgeding. Overigens is dit een intern werkende statutaire goedkeuringsregeling. Het ontbreken van deze goedkeuring tast de vertegenwoordigingsbevoegdheid van het bestuur niet aan (artikel 15, lid 5 statuten).
Overige rechten en plichten heeft een aandeelhouder niet (uiteraard heeft een aandeelhouder ‘gewoon’ het recht om zijn aandelen te verkopen overeenkomstig de aanbiedingsregeling uit de statuten). §3 Het college als bestuursorgaan Het college dient te beslissen op ingediende verzoeken tot handhaving en heeft daarnaast een beginselplicht tot handhaving. De beginselplicht tot handhaving schrijft voor dat indien een bestuursorgaan een overtreding constateert, er gehandhaafd moet worden. Er zijn slechts enkele uitzonderingen op deze verplichting, namelijk wanneer er sprake is van een concreet zicht op legalisatie, de handhavingsmaatregel onevenredig is in verhouding tot de geschonden norm dan wel wanneer handhaving in strijd is met (een of meerdere) algemene beginselen van behoorlijk bestuur. In de centrale vraag werd nog op een eventuele rol van de portefeuillehouder gewezen. Voorgaande is een taak van het college als bestuursorgaan. Een portefeuillehouder is echter geen bestuursorgaan en heeft daarmee geen zelfstandige (handhavings)bevoegdheid. §4 De gestelde vraag De hoofdvraag is nader geconcretiseerd en onderverdeeld in de volgende ‘subvragen’. Wat zijn de mogelijkheden van de gemeente Meppel als aandeelhouder dan wel het college als bestuursorgaan met betrekking tot: 1. De overlast van de biomassacentrale in het kader van geur en geluid in relatie tot de gestelde normen; 2.
De door ME gehanteerde tarieven en schaderegelingen;
3. De afhandeling van klachten van burgers, waarbij de klachten het gevolg zijn van systemen van ME die niet naar behoren werken. Ad 1. Geur- en geluidsoverlast Zoals aangegeven dient het college verzoeken tot handhaving in behandeling te nemen. Daarnaast dient het college uit eigen beweging te handhaven wanneer een overtreding geconstateerd wordt. De normen voor geluid(s)overlast volgen uit het Activiteitebesluit milieubeheer. De biomassacentrale kan hierop getoetst worden. Het Activiteitenbesluit bevat echter geen geurnormen, anders dan bepalingen ten aanzien van vee(houderijen). Is er sprake van een overtreding, dan kan er handhavend worden opgetreden (in casu in de vorm van een last onder dwangsom) ten aanzien van degene die in staat is de overtreding feitelijk te beëindigen. In dit geval is dat de eigenaar en gebruiker van de biomassacentrale: Croonwolter&dros. Ad 2. De door ME gehanteerde tarieven en schaderegelingen De door ME gehanteerde tarieven zijn tot stand gekomen door de ‘Gunningsleidraad MeppelEnergie, Energie-opwekinstallatie en –levering Meppelenergie’. Dit document bevat informatie over de gunningsfase van de aanbesteding van het project ‘Energieopwekking- en levering MeppelEnergie’. Daarnaast zijn de tarieven zoals deze gehanteerd worden contractueel vastgelegd in een overeenkomst tussen ME en Croonwolter&dros.
Het aangaan van overeenkomsten is een bevoegdheid van het bestuur van de vennootschap. Een schaderegeling vanuit ME dient te worden vastgesteld door de vennootschap zelf. Dit is eveneens een bevoegdheid van het bestuur van ME. Zoals aangegeven in hetgeen beschreven onder paragraaf 2., is het aangaan van de hier bedoelde overeenkomst en het vaststellen van een schaderegeling geen onderwerp waar een aandeelhouder direct invloed op kan uitoefenen. Ad 3. ME is leverancier van ‘warmte voor ruimteverwarming en warm tapwater en de levering van Koude’. Bewoners van Nieuwveense Landen kunnen een overeenkomst aangaan met ME voor afname van de warmte en koude. Dit kunnen zij doen door het aanmeldformulier zoals te vinden op de website van ME in te vullen en te ondertekenen voor akkoord. Op het aanmeldformulier dient te worden aangegeven dat men akkoord gaat met de ‘Algemene Voorwaarden Warmte en Koude MeppelEnergie’ (hierna: AV). Deze AV zijn eveneens te vinden op de website van ME en zijn gebaseerd op de model Algemene Voorwaarden Warmte (2014) die tot stand zijn gekomen in overleg tussen Energie-Nederland en de Consumentenbond in het kader van de Coördinatiegroep Zelfreguleringsoverleg van de SER. In de AV is de klachtenprocedure beschreven.
Het aangaan van de overeenkomst namens ME met een afnemer kan gezien worden als bevoegdheid die valt onder ‘het besturen van de vennootschap’ en is daarmee eveneens een bestuursbevoegdheid. Ook hiervoor geldt, evenals de door ME gehanteerde tarieven en schaderegelingen, dat dit een onderwerp is waar een aandeelhouder geen directe invloed op kan uitoefenen.