Het Meppeler Kerkengesprek
Tekst van het document
Het Meppeler Kerkengesprek Toekomstperspectief religieus erfgoed Meppel
Het Meppeler Kerkengesprek - Toekomstperspectief religieus erfgoed Meppel – is de weergave van de gesprekken die zijn gevoerd over behoud van religieus erfgoed. De gemeente Meppel is daarvoor vanuit haar faciliterende rol in gesprek gegaan met de verschillende geloofsgemeenschappen, zowel afzonderlijk als samen, om alle geloofsgebouwen in samenhang te bezien. De belangen werden daarbij gehoord en informatie over het multifunctioneel inzetten en verduurzamen van de gebouwen werd gedeeld. De inhoud van dit document is afgestemd met de deelnemende geloofsgemeenschappen.
2
Geschreven door
Mireille Dosker, Het Oversticht Sharan Bekker, Het Oversticht
In opdracht van
De gemeente Meppel
Datum
7 november 2023
Inhoudsopgave Inleiding
4
Hoofdstuk 1: Gesprekken en factsheets
5
Introductie
5
Gestelde vragen aan geloofsgemeenschappen
5
Gesprekspartners, data en locaties
6
Hoofdstuk 2: Analyse
8
Introductie
8
Samenvatting vraagstukken naar een duurzaam toekomstperspectief
8
Kansen en bedreigingen op het gebied van cultuurhistorie
10
Ruimtelijke kwaliteit
12
Samenwerking burgerlijke gemeente en geloofsgemeenschappen
12
Hoofdstuk 3: Werkplaats
13
Introductie
13
Werkplaats
13
Samenvatting van de presentaties
15
Hoofdstuk 4: conclusies en aanbevelingen voor vervolg
21
Conclusies
21
Voorstellen voor procesafspraken
21
Bijlagen
24
Factsheets
25
3
Inleiding Veel geloofsgemeenschappen in Nederland kampen met vragen over de toekomstbestendigheid van het geloofsgebouw. Dat kan komen door een teruglopend aantal geloofsgenoten, maar bijvoorbeeld ook door hoge gebruikslasten in verband met hedendaagse eisen aan comfort en oplopende energiekosten. In sommige gevallen is men al aan het nadenken hoe te anticiperen op de veranderende omstandigheden of heeft men dat al gedaan. Wegens de strikte scheiding van kerk en Staat sinds 1848, hebben veel (burgerlijke) gemeenten zich sindsdien op gepaste afstand willen houden van de geloofsgemeenschappen en vice versa. Nu er echter geloofsgebouwen zijn die leeg komen te staan of juist uit hun jas groeien, wordt duidelijk welke impact zulke ontwikkelingen ook hebben op de (burgerlijke) gemeente, onder andere wat betreft erfgoed, ruimtelijke kwaliteit, sociaal-maatschappelijke structuren en leefbaarheid. Het Rijk heeft vanuit het programma Toekomst Religieus Erfgoed geld beschikbaar gesteld voor (burgerlijke) gemeenten om een integrale kerkenvisie op te stellen. De kerkenvisie is vrij van vorm, maar heeft tot doel een bijdrage te leveren aan het ontwikkelen van een duurzaam toekomstperspectief voor de geloofsgebouwen.
Ook de gemeente Meppel heeft zo’n decentrale uitkering van het Rijk ontvangen en wil graag faciliterend zijn aan de geloofsgemeenschappen in (toekomstige) opgaven wat betreft geloofsgebouwen. In Meppel (en op veel andere plaatsen) zijn enerzijds geloofsgemeenschappen te onderscheiden die een gebedshuis in eigendom hebben of huren, en anderzijds geloofsgemeenschappen die samenkomen in een gebouw dat niet als zodanig is gebouwd. De vragen met betrekking tot de toekomstbestendigheid, hangen vooral samen met die gebouwen die gebouwd zijn als gebedshuis, omdat deze vaak lastiger a) warm te krijgen zijn, b) multifunctioneel in te zetten zijn of c) opnieuw te bestemmen zijn. Bij veranderingen kunnen cultuurhistorische waarden in het geding zijn. In Meppel gaat het om de volgende gebedshuizen: Oude Kerk, Groenmarkt 4 (PGM) Grote Kerk, Hoofdstraat 52 (PGM) Gebedshuis Vrije Evangelische Gemeente, Julianastraat 32 (VEG) Christelijke Gereformeerde Kerk, Vledderstraat 7 (CGK) Kruiskerk, Thorbeckelaan 73 (GKV) Gebedshuis Apostolisch Genootschap, Witte de Withstraat 2 (AG) Gereformeerde Kerk Nijeveen, Dorpsstraat 7 (GK) Hervormde Kerk Nijeveen, Dorpsstraat 58 (HK) Hervormde Kerk Kolderveen, Kolderveen 47 (HK) Sint Stephanuskerk, Comm.
De Vos van Steenwijklaan 30 (RK) Kerk, Havenstraat 13 (Leger des Heils) Kerk Vledderstraat 20 (DoRe-gemeenschap en Oecumenische wijkgemeente) Daarnaast zijn er actieve geloofsgemeenschappen in Meppel die niet samenkomen in een gebouw dat is gebouwd als gebedshuis. Het gaat over: Jehovah’s Getuigen (Jufferenpad 1) Vergadering van Gelovigen en Zevende Dag Adventisten (Nova Zemblastraat 4) Islamitische gemeenschap (Groen van Prinstererstraat 13) Baptistengemeente (op dit moment: CSG Dingstede, Het Behouden Huis, De Kameel en Het Achterhuis) Christengemeenschap Meppel (Catharinastraat 44) Op 28 maart 2022 heeft een aftrap van de kerkenvisie plaatsgevonden met de (burgerlijke) gemeente Meppel. Hierin heeft de gemeente de voorkeur uitgesproken om in plaats van een plenaire aftrap met de geloofsgemeenschappen, direct over te gaan tot individuele gesprekken met de geloofsgemeenschappen, waarbij de bedoeling van de kerkenvisie ter plekke wordt toegelicht. Het Oversticht heeft deze wens ter harte genomen en heeft met iedere geloofsgemeenschap afzonderlijk een gesprek gehouden. In dat gesprek is de bedoeling van de kerkenvisie toegelicht en zijn de toekomstperspectieven gedeeld vanuit de geloofsgemeenschappen.
De verwerking van de gesprekken tot factsheets zijn terug te vinden in hoofdstuk 1, een analyse van de kansen en bedreigingen in hoofdstuk 2 en de uitgewisselde informatie in de werkplaatsen in hoofdstuk 3. Tot slot conclusies en aanbevelingen voor vervolg in hoofdstuk 4. 4
Hoofdstuk 1: Gesprekken en factsheets Introductie Het Oversticht heeft iedere geloofsgemeenschap in Meppel afzonderlijk uitgenodigd voor een gesprek. In dat gesprek hebben we de kerkenvisie toegelicht en de gebouwen en gronden, het huidig gebruik, het toekomstperspectief, de sociale structuren, de perceptie van de betreffende geloofsgemeenschap op de cultuurhistorie en ruimtelijke kwaliteit en de kansen en bedreigingen besproken. De gesprekken zijn vertaald naar factsheets. De factsheets zijn daarmee vooral een weergave van hoe de geloofsgemeenschap naar zichzelf kijkt. Rechtsonderaan iedere factsheet zijn twee kopjes toegevoegd, namelijk: ‘ruimtelijke kwaliteit en cultuurhistorische waarde’ en ‘kansen vanuit Het Oversticht gezien’. Hier zijn de factsheets aangevuld met een zienswijze vanuit Het Oversticht. Er zijn geen facstheets opgemaakt van: Leger des Heils (Havenstraat 13) Islamitische gemeenschap (Groen van Prinstererstraat 13) Christengemeenschap Meppel (Catharinastraat 44) Vergadering van Gelovigen en Zevende-dags Adventisten (Nova Zemblastraat 4) Met drie van de bovenste gemeenschappen hebben wij ondanks verschillende pogingen geen contact kunnen leggen. Met de Vergadering van Gelovigen hebben wij wel telefonisch contact gehad. Zij zijn een kleine gemeenschap (15 personen), die samenkomen in een eigen gebouw dat niet is gebouwd als gebedshuis.
De Zevende-dags Adventisten nemen het gebouw mogelijk over.
Gestelde vragen aan geloofsgemeenschappen 1.
Hoe wordt het geloofsgebouw op het moment gebruikt? Welke dagen open/toegankelijk? Waarvoor? Zijn er ook incidentele activiteiten? Wordt het gehele gebouw gebruikt, of enkele delen? 2. Hoeveel gelovigen zijn verbonden aan het gebouw? Hoeveel daarvan zijn actief? Welke sociale structuren, actieve vrijwilligersgroepen en samenwerkingsverbanden zijn actief in en vanuit het geloofsgebouw? 3. Welke gebouwen en gronden horen bij het geloofsgebouw? Hoe worden omliggende gebouwen en gronden gebruikt (inclusief parkeervoorzieningen)? 4. Welke ruimtelijke waarden vertegenwoordigt het geloofsgebouw volgens u? Staat het gebouw op een bijzondere plek? Welke ruimtelijke en cultuurhistorische verbanden zijn belangrijk? Zijn er plekken die erg worden gewaardeerd door omwonenden? Zijn er plekken die wel wat vergroening of een andere ontwikkeling kunnen gebruiken? 5. Zijn er problemen, bedreigingen, kansen? Bijvoorbeeld een teveel of juist tekort aan ruimte. Wat zijn effecten daarvan op de langere termijn? Geeft het onderhoud en/of beheer financiële zorgen en op welke termijn? 6. Zijn er plannen, wensen en restricties aangaande het toekomstig gebruik van het geloofsgebouw (bijvoorbeeld waar het gaat om multifunctioneel gebruik of herbestemming)? 7. Hebben jullie initiatieven of vraagstukken op het gebied van verduurzaming en klimaatadaptatie? 8.
Hoe is jullie geloofsgebouw te verbinden aan maatschappelijke en ruimtelijke opgaven van de (burgerlijke) gemeente (bijvoorbeeld op het gebied van energie, klimaat, vergroening, leefbaarheid, sociale vragen, bepaalde functies)? Voor welke netwerken kan jullie geloofsgebouw inclusief het sociale netwerk eromheen een belangrijke rol spelen (netwerk van vrijetijdseconomie, maatschappelijke doelen, wijkcentra, bibliotheken, cultuur, natuur, energie, wonen, zorg)? 9. Welke ondersteuning van de (burgerlijke) gemeente zou wenselijk zijn? 10. Zouden jullie het op prijs stellen als inwoners van Meppel meedenken over de toekomst van jullie geloofsgebouw?
5
Gesprekspartners, data en locaties Locatie
Hervormd Nijeveen, Dorpsstraat 58, Nijeveen
Deelnemers
Jan van der Woerdt (vz kerkeraad) en Gea Veeloo (scriba)
Datum
28 juni, 10.00u – 11.30u
Locatie
Kruiskerk, Thorbeckelaan 73, Meppel
Deelnemers
Koos Tamminga (voorganger) en Henk Bergsma (koster)
Datum
28 juni, 12.00u – 13.30u
Locatie
Gereformeerd Nijeveen, Dorpsstraat 7, Nijeveen
Deelnemers
Klaas Neutel (vz kerkeraad), Anje Lalkens (scriba)
Datum
28 juni, 14.00u – 15.30u
Locatie
Protestantse Gemeente Meppel, Groenmarktstraat 2, Meppel
Deelnemers
Giny Torenbos (secretaris) en Gerrit Aartsen (penningmeester)
Datum
29 juni, 15.00u – 16.30u
Locatie
Apostolisch Genootschap, Witte de Withstraat 2, Meppel
Deelnemers
Peter Klaassen (geestelijk werker)
Datum
29 juni, 17.00u – 18.30u
Locatie
Christelijk Gereformeerde Kerk Meppel, Vledderstraat 7, Meppel
Deelnemers
Tijmen Koning (vz kerkenraad) en Gert van Tuim (commissie beheer)
Datum
29 juni, 19.00u – 20.30u
Locatie
Hervormde Gemeente Kolderveen, Kolderveen 47, Kolderveen
Deelnemers
Jacob Bakker (kerkrentmeester) en Cor Hoorn (kerkrentmeester, voorzitter)
Datum
7 juli 14.00u – 15.30u
6
Locatie
Vrije Evangelische Gemeente, Julianastraat 32, Meppel
Deelnemers
Henk van Dam (voorganger)
Datum
7 juli 16.00u – 17.30u
Locatie
Digitaal, betreffende de Stephanuskerk
Deelnemers
Marloes Vennix (vz locatieraad) en Taco Overvliet (R.K. parochie Heilige Drie-eenheid, gebouwen/begraafplaats)
Datum
12 juli 14.30u – 16.00u
Locatie
Telefonisch en schriftelijk, Baptistengemeente
Deelnemers
Johan Otten (voorganger)
Datum
4 november 2022, 5 januari 2023
Locatie
Telefonisch en schriftelijk, DoRe gemeente
Deelnemers
B. H. Snijders – Jensen
Datum
9 oktober 2022
7
Hoofdstuk 2: Analyse Introductie Na afloop van de gesprekken heeft Het Oversticht de opgehaalde informatie naast elkaar gelegd. Wat zijn de voorliggende vragen om tot een duurzaam toekomstperspectief te komen? En zien we nog aanvullende kansen en bedreigingen bijvoorbeeld op het gebied van cultuurhistorie, ruimtelijke kwaliteit?
Vragen naar een duurzaam toekomstperspectief Leegstand Grote Kerk De Protestantse Gemeente Meppel heeft twee gebouwen in eigendom: de Grote Kerk en de voormalige Oude Kerk, en huurde daarnaast nog een gebouw. Van het gebouw dat gehuurd werd is de huur opgezegd. In de voormalige Oude Kerk, die nu De Samenstroom heet, is 2 miljoen euro geïnvesteerd om het gebouw volledig te vernieuwen en verduurzamen, zodat de geloofsgemeenschap daar samen kan komen; nu en in de toekomst. De Grote Kerk is daarmee overbodig geworden en is per 15 oktober 2022 gesloten. De Protestantse Gemeente Meppel wil dit gebouw afstoten. Een onderzoeksbureau heeft de opdracht gekregen om mogelijkheden voor een nieuwe toekomst van de Grote Kerk te onderzoeken. De toren van de Grote Kerk is sinds de Napoleontische tijd in eigendom van de (burgerlijke) gemeente Meppel. De Protestantse Gemeente Meppel ziet het liefst een nieuwe religieuze of cultureel-maatschappelijke functie voor het gebouw. Als dat niet lukt, dan wordt ook gekeken naar commerciële verkoop. Uit het onderzoek is gebleken dat de bibliotheek wel interesse heeft om zich in de kerk te vestigen, maar dat de bibliotheek de exploitatie niet alleen kan en wil dragen (onhaalbaar). Daarom wordt er nog druk gezocht hoe de exploitatie wel rond kan komen.
Gedachten zijn bijvoorbeeld: medegebruik door andere geloofsgemeenschappen, dé huiskamer van Meppel: koffie- en theeplek etc. De Baptistengemeente Meppel heeft geconcludeerd dat de Grote Kerk voor hen op dit moment te klein is en te weinig nevenruimten kan bieden. Naast de exploitatie zijn er vragen over dat wat wel en wat niet aangepast mag worden vanwege de monumentale waarden en wat de beste wijzen zijn om te denken aan isolatie, een nieuw verwarmingssysteem e.d. Uit de gesprekken met de andere geloofsgemeenschappen bleek dat bijna iedereen uit zichzelf het vraagstuk rondom de Grote Kerk aanhaalde en dat allen zich betrokken en verantwoordelijk voelden om de kerk voor de stad te bewaren. Er werden onderling zelfs gedachtes uitgesproken om met zijn allen in de Grote Kerk te gaan kerken, maar dit leverde teveel logistieke en emotionele vraagstukken op. Fusie Kolderveen en Nijeveen leidt wellicht ook tot veranderingen kerkgebouwen Hervormd Nijeveen, Gereformeerd Nijeveen en Hervormd Kolderveen fuseren op 1 januari 2026. Een fusie die helpt om de geloofsbijeenkomst en betaalbaarheid daarvan te garanderen. Met de fusie worden kosten verlaagd, doordat zij bijvoorbeeld gezamenlijk één predikant aan kunnen stellen. De gemeenschappen zullen in de toekomst wellicht ook onderzoeken of het verstandig is om van 3 gebouwen, naar 2 of 1 gebouw te gaan.
Uit de gesprekken met de drie gemeenschappen blijkt dat zij nog niet allemaal hetzelfde denken over de toekomstige plek(ken) van samenkomst. Voor sommigen ligt het voor de hand om in de toekomst samen te komen in de Gereformeerde Kerk van Nijeveen, omdat deze wat betreft ruimte en functionaliteit momenteel het meest geschikt zou zijn, anderen zoeken naar de mogelijkheid om de andere kerkgebouwen te behouden en geschikt te maken voor de toekomst. Voor zowel Hervormd Kolderveen als Hervormd Nijeveen zijn niet alleen de kerkgebouwen, maar ook de begraafplaatsen van bijzondere betekenis. Het zou wenselijk zijn als de (burgerlijke) gemeente mee kan denken hoe (de grafrechten op) de begraafplaatsen behouden kunnen blijven.
8
Multifunctioneel gebruik van kerkgebouwen Veel geloofsgemeenschappen zouden het gebouw graag inzetten voor medegebruik of nevenfuncties, dit om een bijdrage te leveren aan de exploitatie van het gebouw, maar vaak ook om dienstbaar te kunnen zijn aan de samenleving. -
De Oude Kerk/De Samenstroom is met zijn vernieuwing klaargestoomd voor medegebruik en nevenfuncties.
-
Het Apostolisch Genootschap staat open voor medegebruik of neven-/buurtfuncties zoals de muziekschool.
-
De Christelijk Gereformeerde Kerk staat open voor medegebruik of nevenfuncties in het algemeen (ook commercieel, bijvoorbeeld fysiotherapie)
-
De Vrije Evangelische Gemeente staat open voor verhuur en wil dienstbaar zijn aan de samenleving.
-
De Stephanuskerk staat open voor medegebruik en passende nevenfuncties (verenigingen) en wil graag iets betekenen voor de medemens.
-
De Kruiskerk wil graag iets betekenen voor de medemens en de wijk.
-
De DoRe-gemeente staat open voor medegebruik of verhuur van het gebouw.
Religieuze samenkomstruimte gezocht De Baptistengemeente heeft op dit moment geen eigen gebouwen of gronden in bezit. Zij huurt diverse gebouwen voor de kerkdienst en verschillende activiteiten. De verhuurder van de locatie waar op het moment de kerkdienst georganiseerd wordt (CSG Dingstede), gaat waarschijnlijk naar een nieuwe locatie, waar geen plek meer is voor de kerkdienst. De Baptistengemeenschap zoekt daarom naar een nieuwe (eigen) ruimte, het liefst voor de dienst en activiteiten. Verduurzaming onderhoud van het groen in de directe omgeving van het geloofsgebouw De Hervormde Gemeente Kolderveen gaf mee dat ze het onderhoud aan begraafplaats en terrein om en naar de kerk verder willen verduurzamen. De hulp van de burgerlijke gemeente kunnen ze daarbij goed gebruiken. Als voorbeeld: “het gras dat in de oprijlaan en schelpenpaden groeit, wordt nu nog chemisch bestreden. Wij hebben zelf niet het materiaal om onkruid weg te borstelen of af te branden.” Ook de samenwerking tussen de Kruiskerk en (burgerlijke) gemeente kan verbeterd worden als het gaat om groenonderhoud rondom de kerk. Onlangs heeft een buurtcoalitie het groen ingezaaid met wilde bloemen om de biodiversiteit te vergroten, maar vervolgens is het groen door de burgerlijke gemeente gemaaid, waardoor het werk teniet is gedaan.
Tevens gaf de Christelijk Gereformeerde Kerk aan dat de boom voor de deur eens is gesnoeid door de burgerlijke gemeente, en zij zich hier erg mee geholpen voelde. Verduurzaming van het geloofsgebouw Veel geloofsgemeenschappen zijn op zoek hoe zij het gebouw betaalbaar kunnen verwarmen en onderzoeken daarmee zowel laagdrempelige (reversibele) ingrepen die kosten efficiënt zijn, alsmede structurele, omvangrijker verduurzamingsmogelijkheden. Informatie, advisering of subsidiering op dit gebied wordt daarmee als zeer wenselijk gezien door de geloofsgemeenschappen.
9
Cultuurhistorie religieus erfgoed Meppel inclusief kansen en bedreigingen Het religieus erfgoed in de gemeente Meppel is veelkleurig en heeft een indrukwekkende geschiedenis. Het is gebouwd door en voor verschillende geloofsgemeenschappen (die in sommige gevallen elkaar het stokje overdroegen) en is nauw verweven met de ruimtelijke ontwikkeling van de (burgerlijke) gemeente. Hieronder eerst heel compact iets over de collectie van het religieuze erfgoed in Meppel. Al in de veertiende, respectievelijk vijftiende eeuw kwamen, na toestemming van de bisschop van Utrecht, drie kerken in Kolderveen, Meppel, en Nijeveen tot stand. Deze drie – inmiddels zeer oude – kerken zijn bijzonder goed bewaard gebleven, weliswaar met in de loop van de tijd enkele verbouwingen. De Grote of Mariakerk in Meppel bijvoorbeeld kreeg in het begin van de 16de eeuw een nieuwe noordbeuk en aan het eind van de 18 de eeuw een nieuwe oostgevel. De kerk in Nijeveen kreeg in de 17de eeuw bakstenen zijmuren, die vervolgens in de 19de eeuw werden opgehoogd, maar bij de restauratie in de jaren ’70 van de 20ste eeuw is het gewelf er weer teruggebracht naar de situatie van voor de 19de eeuwse verbouwing. Opvallend overigens is dat de 14 de eeuwse toren van de kerk van Kolderveen er eerder stond dan de kerk, dus nog vóórdat de bisschop toestemming had gegeven.
Deze drie kerken werden welbewust gebouwd op strategische plekken in het natuurlijke landschap. De Grote Kerk van Meppel bouwde men bijvoorbeeld dichtbij de plek waar de waterlopen Reest, Wold Aa en Havelter Aa uitwaterden in de Sethe (nu Meppeler Diep). De kerk van Kolderveen is gebouwd op een natuurlijke verhoging van zand midden in een laagveengebied. Het door de mens gemaakte landschap van Kolderveen en Nijeveen is nog altijd goed herkenbaar als typische strokenverkaveling van de ontginning van het randveen vanuit lintdorpen. Vaak bouwde men eerst de kerk (met het koor gericht op het oosten) en plaatste men vervolgens de boerderijen in het lint langs de afwatering. Eind 16de eeuw zijn deze drie kerken overgegaan op de zogenaamde Nederduits Gereformeerde Kerk (vanaf 1816 de Nederlandse Hervormde Kerk en vanaf 2004 de Protestantse Kerk in Nederland). Formeel bleef deze religie tot 1798 van overheidswege de enige toegestane. Rooms-katholieken, Doopsgezinden, Joden, afscheidingsgroeperingen van de hoofdkerk: allen moesten hun toevlucht zoeken in schuilkerken of iets wat als zodanig kon functioneren. Tijdens de Franse overheersing na 1798 is godsdienstvrijheid voor het eerst in de wet geregeld.
Daarbij is ook het eigendomsrecht van kerkgebouwen herzien (met de intentie om de gebouwen voor een deel terug te geven aan de Rooms-Katholieke Kerk, maar per gemeente werd bezien welk geloof de meeste aanhang genoot). Tegelijk werden alle op dat moment bestaande kerktorens overgedragen aan de burgerlijke overheid, zodat ze een dubbelfunctie als militaire uitkijkpost konden vervullen. Er volgden nog meer wettelijke bepalingen en vanaf 1848 waren kerk en staat echt formeel gescheiden van elkaar. Na deze herwonnen godsdienstvrijheid bouwde men in Nijeveen al in 1832 een kerkje voor degenen die later zouden gaan heten de Afgescheidenen van 1834. Dit kerkje is in 1972 op dezelfde plek vervangen door het huidige gebouw. Ook in Meppel bouwde men een kerk voor de Afgescheidenen van 1834. De huidige Samenstroom (voormalige namen: Gereformeerde kerk, Oude Kerk), in 1897 gebouwd naar ontwerp van Roelof Kuipers, is in feite de vervanger van het eerste kerkgebouw (zij het op een andere plek), en is gebouwd nadat de Afgescheidenen van 1834 inmiddels samen waren gegaan met de Dolerenden van 1886. Uiteraard bood de herwonnen godsdienstvrijheid ook voor de Rooms-katholieken de mogelijkheid om weer openlijk het geloof te belijden. In 1866 werd een nieuw Rooms-katholiek kerkgebouw met pastorie aan het Zuideinde in gebruik genomen.
Het was een éénbeukige neogotische kerk naar ontwerp van architect H. Wennekes, maar de geloofsgemeenschap groeide de eeuw erna zó sterk dat op 3 oktober 1961 al een nieuw gebouw (inmiddels gesloopt) op de hoek van de Grote Oever en de Kinkhorststraat, ontworpen door architect P. Starmans uit Utrecht, werd ingewijd door de eerste bisschop van het in 1956 heropgerichte bisdom Groningen. Vervolgens slonk de katholieke geloofsgemeenschap echter in snel tempo. In 2007 bleek de ruimtelijke oplossing om de kerkgang voort te zetten in een kerkgebouw van de Gereformeerde Kerk vrijgemaakt (die zelf naar de Kruiskerk was gegaan) aan de Commissaris de Vos van Steenwijklaan 30. Deze voormalige Opstandingskerk was in 1974 gebouwd en in 1986 uitgebreid. Intussen werden in 1879 zowel de Doopsgezinde Gemeente Meppel als de Remonstrantse Gemeente Meppel opgericht. 10
De Doopsgezinde Gemeente nam in 1880 een nieuwgebouwde kerk aan de Markstraat in gebruik, alwaar de geloofsgemeenschap kerkte tot 1986. In het kader van de vernieuwing van de binnenstad in het laatste kwart van de 20ste eeuw is deze kerk echter gesloopt. De nieuwe Doopsgezinde kerk (de Vermaning) van 1988 kwam een klein stukje verder, op Vledderstraat 20, en maakt deel uit van een appartementencomplex. Het gebouw is van buiten niet als kerk herkenbaar. Van de Remonstrantse Gemeente is het eerste kerkgebouw in de Tweede Wereldoorlog verwoest. Op dezelfde plek, aan de Heerengracht, werd een nieuwe kerk gebouwd, maar eind 2007 heeft de Remonstrantse gemeente Meppel dit gebouw verkocht, om vervolgens samen met de Doopsgezinde gemeente te gaan kerken in het nieuwe gebouw aan de Vledderstraat. Op 31 december 1887 is het Leger des Heils in Meppel gestart en heeft de activiteiten gehuisvest aan de Havenstraat 13-15. In 1921 vervolgens bouwde de Christelijk Gereformeerde Kerk aan de Vledderstraat 7 een éénbeukige kerkzaal in neogotische vormentaal, met glas-in-lood spitsboogramen. En drie jaar later, in 1924, realiseerde de Hersteld Apostolische Gemeente een kerk aan de Julianastraat, naar ontwerp van architect G. Otten. Dit gebouw is inmiddels in gebruik als kerk van de Vrije Evangelische Gemeente, een geloofsgemeenschap die in 1948 officieel werd opgericht.
Het Apostolisch Genootschap in Meppel bestaat sinds 1951 aan de Witte de Withstraat. Rond 2000 is besloten op dezelfde plek een nieuw gebouw te realiseren, dat in gebruik genomen is in 2007. In de eerste helft van de twintigste eeuw onderging ook de Gereformeerde geloofsgemeenschap een forse groei. Deze geloofsgemeenschap liet daarom in 1958 een extra kerk bouwen in de Wederopbouwwijk Haveltermade, naar een ontwerp van de Amersfoortse architect B.W. Plooy. De Nieuwe of Kruiskerk staat stedenbouwkundig beeldbepalend in de as van de Thorbeckelaan, is opgetrokken op een langgerekte achthoekige plattegrond, dwars geplaatst en betreft een centraalbouw. Maar ook deze geloofsgemeenschap kampte vlak na de bouw met kerkverlating en koos ervoor om toch weer te gaan kerken in het gebouw van Roelof Kuipers, de huidige Samenstroom. De Gereformeerde Kerk vrijgemaakt kerkt sindsdien in deze Kruiskerk. De Jehovah’s Getuigen kochten in 1973 van de gemeente een voormalig woonhuis aan het Jufferenpad en komen daar sindsdien twee keer per week samen. Het gebouw is in 1994 uitgebreid met een voorportaal en bijzalen. Meppel kent ook een moskee. De geloofsgemeenschap komt samen in een gebouw dat niet als geloofsgebouw is gebouwd. Ook de Vergadering van Gelovigen komt samen in een gebouw dat niet als gebedshuis is gebouwd.
De Baptistengemeente Meppel kwam in 1976 voort uit de Baptistengemeente van Hoogeveen. Deze geloofsgemeenschap kerkt voorlopig onder meer in het gebouw van CSG Dingstede, een gebouw dat eveneens niet als kerk is gebouwd. De geloofsgemeenschap zoekt naar een nieuw onderkomen. Kansen om het religieuze erfgoed te benutten en bedreiging verlies van cultuurhistorie Eerder zijn twee kerken aangewezen als provinciaal monument: de Oude Kerk/Samenstroom (inclusief pastorie) en de Kruiskerk. En drie van de geloofsgebouwen hebben de status van Rijksmonument, te weten: de Grote Kerk in Meppel en de Hervormde kerken in Nijeveen en Kolderveen. Deze drie Rijksmonumenten hebben enorm veel te bieden wat betreft cultuurhistorie, erfgoed, duurzaamheid en schoonheid, maar zeker ook wat betreft functionele ruimte, bijzondere hoogtes en een centrale ligging. Het advies is om als gemeente Meppel de geloofsgemeenschappen die voor deze gebouwen verantwoordelijk zijn pro-actief te helpen met het zoeken van kansen voor mede- of hergebruik. Zie voor nadere toelichting hoofdstuk 4. En het advies is om te onderzoeken of de begraafplaatsen kunnen worden opgenomen in de redengevende omschrijvingen van de rijksmonumentale kerken van Kolderveen en Nijeveen. De andere religieuze gebouwen worden op dit moment niet beschermd vanwege hun erfgoedwaarde. Toch zijn er gebouwen bij die de historie vertellen.
Zo toont de Doopsgezinde Kerk een tijdsbeeld waarin de kerk niet meer nadrukkelijk zichtbaar hoefde te zijn en onopvallend geïntegreerd werd in de stedelijke ruimte, en is zodoende interessant als Post ’65 gebouw. Het gebouw van de Jehovah’s Getuigen is weliswaar niet als religieus gebouw gebouwd, 11
maar de villa is wel het enige bouwwerk dat nog verwijst naar de vroegere fabriekslocatie. En het gebouw van het Leger des Heils verwijst met zijn neoromaanse bouwstijl naar een tijdsperiode waarin de belangstelling voor bouwstijlen uit de middeleeuwen weer in opkomst was. Ook de Christelijk Gereformeerde Kerk en de kerk van de Vrije Evangelische Gemeente bezitten cultuurhistorische, stedenbouwkundige en/of architectuurhistorische waarden. Een verdiepend waarderend onderzoek kan hiervoor van nut zijn. De combinatie van de geringe, doch niet verwaarloosbare historische verwijzingen, samen met de wens om het religieuze erfgoed als bijzondere plekken van ontmoeting te behouden, en tegelijk de wetenschap dat veel geloofsgemeenschappen voor lastige (financiële) keuzes staan, leidt tot een aanbeveling om de gebouwen geen al te strikte beschermingsregimes op te leggen, maar vooral gezamenlijk (geloofsgemeenschap met burgerlijke gemeente) af te stemmen wat het meest wenselijke toekomstperspectief biedt. Om een voorbeeld te noemen: de Christelijk Gereformeerde Kerk kerkt in een gebouw van meer dan 100 jaar oud. Het bestaat uit een niet-geïsoleerde steensmuur met de fundering direct op het zand. Op sommige plekken verzakt de vloer, wat gevolgen heeft voor de vloerverwarming die er al sinds de jaren 70 ligt.
De gemeenschap staat op dit moment voor allerlei afwegingen: moeten we nu investeren in vervanging van het orgel, vergroening van de buitenruimte, het vinden van geschikte nevenhuurders, verfrissing van het gebouw (andere kleuren), groot onderhoud en verduurzaming van het gebouw of voor sloop-nieuwbouw? Dergelijke vraagstukken staan op gespannen voet met de financiën die beschikbaar en nodig zijn om het geloof te belijden en wat de kerndoelstelling is. Een gemeentelijke monumentenstatus zou kunnen beperken in de mogelijkheden om te blijven kerken op de plek waar zij dit nu doen. De eisen kunnen er bijvoorbeeld voor zorgen dat het restaureren, met de bijpassende bouwmaterialen, ervoor zorgt dat de geloofsgemeenschap juist nog langer in een niet-duurzaam gebouw kerkt of in het ergste geval dat er leegstand ontstaat, omdat de ingrepen te duur zijn of het gebouw op die manier onfunctioneel is geworden voor samenkomst. Daarom stellen we voor om, indien er gekozen wordt om een waarderend onderzoek uit te voeren, de waarden in overleg met de eigenaar zo goed mogelijk te benoemen en borgen in een eventuele renovatie of transformatie.
Ruimtelijke kwaliteit Wanneer geloofsgemeenschappen veranderingen willen doorvoeren om tot een duurzaam toekomstperspectief te komen, zoals een verbouwing of een verandering in functie(s), dan komt deze vraag voor te liggen bij de gemeente. Om handvatten te geven voor veranderopgaven, hebben wij de factsheets aangevuld met onze bevindingen met betrekking tot de ruimtelijke kwaliteit en cultuurhistorische waarden. Op de factsheets geven wij ook suggesties voor kansen. Deze zijn rechtsonder, onder de ruimtelijke kwaliteit te vinden.
Samenwerking burgerlijke gemeente en geloofsgemeenschappen Een enkele geloofsgemeenschap ziet het als zinvol om in een afspraak te voorzien tussen de geloofsgemeenschappen, welzijnsorganisaties en de burgerlijke gemeente om de sociale en maatschappelijke rollen te definiëren en om de samenwerking op te zoeken. Zie hiervoor ook Hoofdstuk 4, Conclusies en aanbevelingen voor vervolg.
12
Hoofdstuk 3: Werkplaats Introductie Het doel van de werkplaats was om de geloofsgemeenschappen informatie mee te geven, zodat zij zelf verder kunnen met de vraagstukken die er zijn voor het religieus erfgoed. Daarnaast om mensen met elkaar in contact te brengen en de dialoog met elkaar te verdiepen. Omdat bijna iedere geloofsgemeenschap in Meppel graag multifunctioneel gebruik van het gebouw ziet, om de samenkomst van de geloofsgemeenschap te garanderen en kosten voor verduurzaming te kunnen dragen, is de werkplaats in Meppel geconcentreerd op het verstrekken van informatie over het multifunctioneel inzetten en het verduurzamen van de gebouwen. We gingen met elkaar in gesprek over twee nadrukkelijke wensen vanuit de geloofsgemeenschappen: inzet voor de medemens en de instandhouding van de Grote Kerk.
Werkplaats Op 10 januari 2023 kwamen de geloofsgemeenschappen bij elkaar voor de werkplaats. Aanwezig waren: -
Vertegenwoordigers van de Vrije Evangelische Gemeente
-
Vertegenwoordigers van de Christelijk Gereformeerde Kerk
-
Vertegenwoordigers van het Apostolisch Genootschap
-
Vertegenwoordigers van de Protestantse Gemeente
-
Vertegenwoordigers van de Rooms Katholieke Kerk
-
Vertegenwoordigers van de Gereformeerde kerk Nijeveen,
-
Vertegenwoordigers van de Hervormde kerk Nijeveen
-
Vertegenwoordigers van de Hervormde kerk Kolderveen
-
Vertegenwoordigers van de Baptistengemeente
-
Vertegenwoordigers van de Oecumenische wijkgemeente
-
Vertegenwoordiging DoRe-gemeente
-
Vertegenwoordiging De Christen Gemeenschap Meppel
Afwezig: -
Vertegenwoordiging Leger des Heils
-
Vertegenwoordiging Jehovah’s Getuigen
-
Vertegenwoordiging Moskee Meppel
-
Vertegenwoordiging Kruiskerk
Na een welkom en introductie door Joop Nuijens, gemeente Meppel, stelde wij ons aan elkaar voor en deelde Mireille Dosker van Het Oversticht wat we tot nu toe opgehaald hebben met de kerkenvisie. Erna gaf Sharan Bekker van Het Oversticht een presentatie waarin ze informatie deelde op het gebied van medegebruik en nevenfuncties.
13
Vervolgens werkten we met elkaar samen aan de volgende vragen: 1)
Wat hebben de kerken te bieden, bijvoorbeeld op het stedenbouwkundige en/of sociale vlak? Geloofsgemeenschappen willen graag veel betekenen voor de medemens en zetten zich graag in, bijvoorbeeld door maaltijden te verzorgen, ontmoeting te faciliteren waarmee eenzaamheid wordt tegengegaan of door geestelijke zorg te geven. Uit het gesprek bleek echter ook dat er belemmeringen gezien worden. Zo werd er aangegeven dat er voor reguliere Verenigingen en Stichtingen veel ruimere subsidiemogelijkheden zijn dan voor religieuze instellingen, waardoor zij sociaal-maatschappelijk minder kunnen betekenen. De geloofsgemeenschappen pleiten voor een gelijke behandeling daarin. De kerken hebben interkerkelijk overleg via ‘platform Kerken van Meppel’ en ‘Missie Meppel’.
2)
Welke aanvullende functies zijn te bedenken voor de Grote Kerk? Is er een geloofsgemeenschap die mede gebruik zou willen maken van de Grote Kerk? Naast de bibliotheekfunctie, worden veel andere functies aangehaald. Veelvuldig komt het idee van museum of tentoonstellingsruimte terug, een (kerkelijk) concertpodia, theater, cultureel centrum. Ook een gezondheidscentrum, sportcentrum (klimwand), raadszaal (stadhuis), plek om burgerlijke huwelijken te sluiten en galerij of markt met verschillende (duurzame) winkeltjes en ateliers worden genoemd. Toch ligt veel aandacht op huiselijkere functies. Iemand vindt dat in de grote ruimte ook kleinere ruimtes moeten komen voor activiteiten. Het gaat bijvoorbeeld om een speelotheek, ruimte voor (volks)dans, stilte- of bezinningsruimte, een plek voor Oud-Meppel of voor (Oekraïense) hulp. Iemand oppert: ‘zet de kerk gewoon open en laat het dé huiskamer zijn van Meppel’. CGK Meppel laat weten wel te overwegen in de Grote Kerk te kerken, al is die gedachte ook omgeven door vragen: Hoe kan de ruimte kleiner en goed op te warmen zijn? Wat zijn de kosten van het gebruik van een deel van het gebouw?
Tom Temmink van Het Oversticht sloot de avond af met een presentatie over verduurzamingsmogelijkheden voor religieus erfgoed.
14
Samenvatting van de presentaties Valorisatie (intensiever gebruik), medegebruik en nevenbestemming Er zijn verschillende mogelijkheden om als geloofsgemeenschap financieel draagkrachtiger te worden, om gebruik van het gebouw voor de geloofsgemeenschap voort te zetten. De regels voor aanvullend gebruik verschillen per geloofsgemeenschap. Wanneer een katholieke geloofsgemeenschap het kerkgebouw voor andere doeleinden dan de geloofsbeoefening wil gebruiken, dan zal de bisschop de kerk moeten onttrekken aan de eredienst. In het algemeen is nevengebruik voor protestantse kerken meer bespreekbaar. En zo zijn er natuurlijk nog vele andere denominaties met ieder zijn eigen zienswijzen en regels.
Verschillende mogelijkheden Valorisatie Een woord om aan te duiden: extra activiteiten van de geloofsgemeenschap zelf, dus een intensiever gebruik van het gebouw door de gelovigen zelf. Te denken valt aan: voordrachten, concerten, specifieke tentoonstellingen, bezinningsruimte, rondleidingen of kunsthistorische toelichtingen. Valorisatie is relatief eenvoudig, omdat hiervoor vaak nauwelijks procedures binnen de geloofsgemeenschap doorlopen hoeven te worden. Het biedt potentie tot verdieping van het geloof, mogelijk ontmoeting van nieuwe leden, kennisoverdracht en verlevendiging voor het dorp. Maar valorisatie biedt de minste uitkomst als het gaat over het willen binnenhalen van extra financiële draagkracht.
Medegebruik Hierbij wordt het gebouw ook gebruikt door een andere kerkgemeenschap. Voordelen hiervan zijn dat er sprake is van efficiënter ruimtegebruik en dat je gezamenlijk de lasten kunt dragen voor onderhoud en verduurzaming van het gebouw. Dit maakt het geheel draagkrachtiger. Het delen van het gebouw kan mogelijk gevoelens oproepen. In positieve zin bijvoorbeeld dat men verblijd is dat het gebouw nog rijker gebruikt wordt voor het geloof. En in negatieve zin kunnen aanpassingen aan het interieur, tijdswijzigingen of simpelweg het delen van het gebouw leiden tot een verandering in de emotionele beleving van het geloof. Het is belangrijk duidelijke afspraken te maken over welke herinrichting wel of niet wenselijk is, en wie de lasten daarvoor draagt. Medegebruik kan draagkrachtiger maken, maar doorgaans zien we dat het gebedshuis alsnog het merendeel van de week buiten gebruik is, en daarmee niet optimaal benut wordt. Nevenbestemming De ruimte delen kan ook met een andere (niet per se religieuze) gebruiker op vaste basis, dat wordt nevengebruik genoemd. Te denken valt bijvoorbeeld aan de harmonie, de muziekschool, een muziekpodium, de toneelvereniging, het dorpshuis, het uitvaartcentrum.
Als het om nevenbestemming gaat zijn er twee keuzes: ofwel je deelt de ruimte op en zorgt ervoor dat de verschillende partijen er tegelijkertijd gebruik van maken, ofwel je deelt dezelfde ruimte in verschillende tijdseenheden. Het geeft doorgaans dezelfde voordelen als bij medegebruik: efficiency en lasten delen, waarbij de efficiency doorgaans hoger ligt dan bij medegebruik. Uiteraard moet de geloofsgemeenschap hier wel voor open staan en vraagt het in sommige gevallen (bijvoorbeeld bij het opdelen van het gebouw) wel om extra investeringen en is behoud van waardevol erfgoed een aandachtspunt.
15
Een slim interieur kan helpen bij aanvullende functies: te denken valt aan verplaatsbare banken of stoelen, schuifwanden om de zaal op te kunnen delen of akoestisch te verbeteren, diverse verlichting om de sfeer te veranderen en een podium dat in grootte aan te passen is. Hoe te komen tot een keuze Om te achterhalen of aanvullende functies wenselijk zijn voor een geloofsgemeenschap, is het verstandig om eerst de waarden op te halen. Wat zijn bijvoorbeeld de geloofsdoelen en -wensen en kunnen aanvullende functies daaraan bijdragen? Net zo belangrijk is het om de vraag te stellen of er mensen zijn die zich in willen zetten voor aanvullende functies. Wie wordt er enthousiast en waar liggen de energie en de drijfveren? Zijn er meer betrokkenen? Is er kennis in huis? Dit is doorgaans sturend in de mogelijkheden. Toch houdt het hier niet helemaal op, want als er weinig bemensing van de geloofsgemeenschap zelf voorhanden is, kunnen er eventueel wel ‘derden’ die ’stakeholders’ zijn, en zich er daarom voor willen inzetten. Door de vraag te stellen wanneer een verandering een meerwaarde heeft voor de omgeving, kan men niet alleen komen tot extra bemensing, maar ook tot draagkracht, draagvlak en uiteindelijk tot het succes van de aanvullende functies. Door bovenstaande op een rij te zetten, is er doorgaans al inzicht gekomen in de wensen en mogelijkheden.
Houden zoals het is, of toch richting valorisatie, medegebruik of nevenbestemming? Iedere richting heeft weer zijn eigen vervolgaanpak. Zo ligt de focus bij valorisatie veelal intern. Het gaat dan om vragen als: Zijn er geloofsleden die behoefte hebben aan verdieping? Op welke manier zou dat bereikt worden? Zijn er leden die interesse hebben om te experimenteren met aanvullende geloofsprogrammering? Bij medegebruik ligt de focus juist meer extern: Weet men over een geloofsgemeenschap die ruimte zoekt of die moeilijk rondkomt in het huidige gebouw? Heeft iemand zich misschien al bij de gemeente gemeld met een zoekvraag? En bij nevenbestemming is de focus vaak eerst ruimtelijk, bouwtechnisch en juridisch. Hoeveel ruimte hebben we nodig tijdens de dienst en hebben we dan nog ruimte over? Is de ruimte in tweeën te delen? Is dat wenselijk? Aan de hand daarvan kunnen inspirerende voorbeelden opgezocht worden, bijvoorbeeld via de website: www.parcum.be/nl/herbestemming-kerken of via het boek: Kerkgebouwen 88 inspirerende voorbeelden.
Medegebruik
Nevenbestemming, kantoren in de kerk
Aandachtspunten
-
16
Past een gewijzigd gebruik in het bestemmingsplan? Verliest men vrijstelling van de WOZ-waarde en/of de ANBI-status door ander gebruik? Heeft ander gebruik effect op de juridische rechtsvorm en belastingen?
Herontwikkeling/herbestemming Soms is het niet mogelijk om het gebouw te laten voortbestaan voor geloofsdoeleinden. Er is dan bijvoorbeeld vanuit de parochie besloten dat in een andere kerk medegebruik plaatsvindt, waardoor het huidige gebouw vrijvalt. Of misschien is het simpelweg niet meer houdbaar, omdat de vergrijzing steeds verder doorzet en er personele tekorten zijn. In veel gevallen wordt het gebouw dan met de omliggende gronden verkocht. Toch kan het interessant zijn om als geloofsgemeenschap te overwegen zelf de herontwikkeling te initiëren, bijvoorbeeld vanwege de zorg voor de erfgoedwaarde, de emotionele binding met het gebouw, het specifieke zicht op wat het dorp nodig heeft, de mogelijkheid om een langdurige inkomstenstroom te genereren waarmee eventuele andere gebedshuizen langdurig vooruit kunnen of simpelweg vanwege de expertise van de laatste beheerders en kerkrentmeesters. Het is dan belangrijk je als geloofsgemeenschap de vraag te stellen of er een natuurlijke en energieke initiatiefnemer en ‘kartrekker’ is, welke kennis in huis is en of het de wens is het gebouw te herontwikkelen om te verkopen of te herontwikkelen en beheren. Net zo belangrijk is het om draagvlak te creëren binnen en buiten de gemeenschap. Bij herontwikkeling komt veel kijken.
Het gaat dan niet alleen om de interne waarden, drijfveren en organisatie, maar ook om politiek, bouwtechniek, financiële expertise, marketing en projectontwikkeling. Meestal gaat men ermee aan de slag in een haalbaarheidsstudie. In plaats van dat deze invalshoeken elkaar lineair opvolgen, lopen zij door elkaar en ga je ondertussen een aantal keer terug naar de teken- en rekentafel. Een groot deel van het voorwerk voor zo’n haalbaarheidsstudie kan de geloofsgemeenschap zelf, ook zonder (of met minimale) kennis, uitgevoerd worden. Enkele handreikingen: Ruimtelijke ordening Onder andere via www.ruimtelijkeplannen.nl, is de bestemming van het geloofsgebouw op te halen. Hier vindt men het gebruik dat zonder bestemmingsplanwijziging is toegestaan. Op de website van monumenten.nl zijn de Rijksmonumenten in Meppel in te zien en op de website van de gemeente Meppel is een erfgoedregister met de gemeentelijke monumenten te vinden. Ook is er op de website van de gemeente Meppel een welstandsnota (2004) en een Ontwerp-Structuurvisie Meppel 2030 te vinden. Bouwtechniek Als gebruiker is de geloofsgemeenschap expert in de sterke en zwakke punten van het gebouw en de directe omgeving ervan. Waardoor voelt men zich er behaaglijk, waardoor niet? Schrijf dat op. Dat kan de basis vormen voor een nieuwe situatie met verbeteringen.
Als de geloofsgemeenschap besluit te gaan brainstormen over mogelijk nieuwe invullingen, dan kan men zich ook zelf in gedachten vaak al een globaal beeld vormen van hoe de indeling er dan uit zou kunnen zien en op welke wijze het interieur (indien wenselijk) zoveel mogelijk bewaard kan blijven. Door na te denken over een nieuwe indeling en daarbij de vorm van het gebouw te volgen, voorkom je financiële en bouwtechnische obstakels. Men kan hierover nadenken als geloofsgemeenschap, eventueel met omwonenden. Ook zijn er vaak nog oude bouwtekeningen en onderhoudsinventarisaties. Het ophalen van deze documenten kan helpend zijn om de technische staat tijdig te (laten) onderzoeken. Door de onderhoudsstaat van de schil in kaart te (laten) brengen, het liefst met historisch-bouwkundige en financiële expertise om de kosten door te rekenen, krijg je doorgaans al gevoel bij welke functies haalbaar zijn. Financiële expertise De financiële expertise kan opgedeeld worden in het in kaart brengen van de kosten om de schil voor de komende jaren in een goede staat te krijgen, en verschillende interieurmogelijkheden. Inzicht in de kosten voor de schil zijn behulpzaam om een gevoel te krijgen bij welke functies haalbaar zijn. Verschillende interieurmogelijkheden kunnen dan op een later moment nog doorgerekend en tegen elkaar afgewogen worden.
Het is overigens aan te raden verschillende functie-gedachten, eerst te delen met het Steunpunt Cultureel Erfgoed Drenthe, zeker waar het gaat om monumenten. Dit kan voorkomen dat men tijd en geld steekt in het onderzoeken van opties die weinig potentie hebben. Is er een beeld van de verschillende gebruiksmogelijkheden en de kosten en opbrengsten daarbij: dan resteert het nog om te zeggen: financieel realisme is belangrijk, doch niet het allerbelangrijkst. Is er een functie die het herontwikkelteam veel energie geeft? Dan zorgt dat er vaak voor dat die ontwikkeling, ook bij tegenslagen, door gaat. Daarnaast kan juist die energie ervoor zorgen dat het ophalen van externe financiële middelen, bijvoorbeeld via Crowdfunding, gemakkelijker gaat.
17
Tijdelijk gebruik
V.l.n.r.: 1) pop-up hotel als onderdeel van het programma Heilige Nachten 2) benefietdiner in de kerk en 3) tentoonstelling over het geloof waarin diverse ervaringen gedeeld worden.
Misschien is er nog geen idee welke functies zouden werken of is er nog uitbreiding van het herontwikkelteam wenselijk. Tijdelijk gebruik, bijvoorbeeld in de vorm van een diner, concert of tentoonstelling, kan ervoor zorgen dat er meer mensen betrokken raken bij het project. Het kan een vorm zijn om voor participatie te zorgen en bijvoorbeeld vragen voor te leggen als: wat zijn de wensen of wat vindt u van de huidige gedachten? Of een vorm van stakeholderanalyse: wanneer is het project interessant voor anderen? Tijdelijk gebruik wekt interesse en zorgt voor levendigheid. Het kan zodoende ook gebruikt worden om te experimenteren welke functies werken en welke niet. Projectontwikkeling Er is een aantal vragen waar men mee aan de slag kan voor men daadwerkelijk aan het ontwikkelen gaat. Te denken valt aan vragen als: Zijn er bijzondere objecten, zoals het orgel, die een nieuwe plek nodig hebben? En waar zou dat kunnen zijn? Zijn er onderdelen die de mensen van het herontwikkelteam zelf, of met het dorp, op kunnen en willen pakken? Bijvoorbeeld het schilderwerk binnen. Is er een architect en aannemer die geschikt is voor deze opgave? Zijn er via referentieprojecten mogelijk geschikte partijen vinden? Hoeveel capaciteit hebben die partijen? Als bovenstaande stappen doorlopen zijn, is het tijd voor de laatste stap van de haalbaarheidsstudie.
Het bij elkaar brengen van alle gegevens, komen tot een conclusie en het definitief maken van de plannen. Voor Rijksmonumenten is voor het opstellen van een haalbaarheidsstudie jaarlijks subsidie aan te vragen bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Na de uitvoer volgen het aanvragen van een omgevingsvergunning en tot slot het verbouwproces zelf.
V.l.n.r. 1) De hoogte van de kerk wordt graag gebruikt door acrobaten 2) lokaalmarkt in de kerk omringd met horeca en 3) opnieuw begraven in de kerk
18
Verduurzaming Veel geloofsgemeenschappen zouden het gebouw graag verduurzamen. Bijvoorbeeld vragen sommige zich af hoe eenvoudigweg stookkosten te verlagen en tegelijk comfort te houden/verkrijgen. Andere geloofsgemeenschappen willen de verduurzaming grootschalig aanpakken. Verduurzamingsplannen beginnen bij de afweging welke duurzaamheidsinvesteringen op te brengen of weer terug te verdienen zijn. De hierboven besproken opties van bijvoorbeeld medegebruik of nevenfuncties kunnen zodoende bijdragen aan draagkracht voor de verduurzamingsmogelijkheden. Verder eisen zowel erfgoedwaarden als bouwfysische kenmerken aandacht op. Hoe de erfgoedwaarde geen geweld aan te doen, wat de staat van het onderhoud is en of het gebouw gemakkelijk opdeelbaar is, kunnen bijvoorbeeld sturend zijn in de verduurzamingsmogelijkheden. Wees voorzichtig met het zomaar overnemen van allerlei voorspellingen (op het internet) over kostenbesparing door een bepaalde duurzaamheidsingreep aan het gebouw, want de effecten van zo’n ingreep zijn niet voor ieder gebouw gelijk. Zeker voor (monumentale) kerkgebouwen is het lastig een inschatting te maken, omdat elk gebouw anders is.
Voor een overzicht dat specifiek rekening houdt met uw gebouw kunt u overwegen een duurzaamheidsscan voor monumenten (DuMo scan) te laten uitvoeren: dit betreft een duurzaamheidsadvies voor gebouwen met belangrijke erfgoedwaarde en geeft inzicht in mogelijk te nemen duurzaamheidsmaatregelen, zie voor financiering en proces: https://www.restauratiefonds.nl/zakelijk/kennis-diensten/duurzaamheidsadvies. Hieronder alvast een aantal mogelijkheden voor zowel kleine als grootschalige duurzaamheidsmaatregelen. Kleine ingrepen Dicht de kieren Vaak wordt bij verduurzaming al snel gedacht aan betere beglazing, maar als het eromheen tocht, is dit nagenoeg zinloos. Controleer daarom de kieren en denk aan het aanbrengen van tochtbanden, tochtstrippen, en dorpelstrippen. Radiatorfolie Doordat de radiatoren vaak aan de buitenmuur bevestigd zijn, kan de warmte van de radiatoren direct door de buitenmuur ontsnappen als de muur slecht geïsoleerd is. Radiatorfolie weerspiegelt en houdt warmte beter binnen. Het is eenvoudig zelf aan te brengen. Isoleren van de leidingen Grote gebouwen hebben vaak lang en dik leidingwerk lopen, in sommige gevallen door de kelder of over de zoldering. Het zijn juist de plekken die doorgaans erg koud blijven. Hierdoor gaat veel warmte verloren. Door de leidingen te isoleren, wordt meer warmte vastgehouden.
Verlichting Vervang verlichting, voor zover nog niet toegepast, door Ledverlichting.
V.l.n.r. 1) tochtkieren 2) het aanbrengen van radiatorfolie en 3) het isoleren van leidingen
19
Grotere ingrepen Isolatie algemeen: Water geleidt 25 keer beter dan lucht. Er dient daarbij extra aandacht te zijn voor het voorkomen dat isolatiemateriaal nat wordt en niet op kan drogen. Dat zou namelijk een averechts effect kunnen hebben. Na-isolatie werkt daarom het best aan de buitenzijde. Hoe warmer de schil kan blijven, hoe beter condensatie voorkomen kan worden. Maar bij monumenten of bijzondere gebouwen is dit niet altijd mogelijk. Wees hier alert op. Op de plek in de constructie waar het temperatuurverschil het grootst is, is condensatie te verwachten. De R-waarde geeft het warmte-isolerend vermogen van een materiaal-laag aan en is eenvoudig zelf te berekenen door de dikte van het materiaal te delen door de warmtegeleidingscoëfficiënt. -
-
-
-
-
Vloer/bodemisolatie Na-isolatie kan bijvoorbeeld door isolatiemateriaal tussen de balken aan te brengen, door kieren te dichten met purschuim (nadelen: niet omkeerbaar, brandbaar en schadelijke stoffen) en door het aanbrengen van TONZONvloerisolatie (enkel interessant bij weinig leidingen). Isoleren van zoldervloer Bij isolatie van het dak gaan vaak historische waarden verloren, daarbij is het ook een kostbare ingreep. Het kan daarom in veel gevallen beter zijn om na te denken over isolatie van de zoldervloer. Dit kan extra handig zijn, omdat men op die manier ook een kleiner compartiment hoeft te verwarmen. In de zoldervloerisolatie kan het leidingwerk netjes weggewerkt worden. Na-isolatie wanden Er kan gedacht worden aan isolatie met een stilstaande luchtlaag tussen een buiten- en binnenmuur, beter nog is het opvullen van de luchtlaag met isolatiemateriaal (bijvoorbeeld door EPS-parels of minerale wol vlokken in te spuiten) en de allerbeste warmte-isolatie wordt gegeven door de combinatie van een stilstaande luchtlaag met ernaast een isolatielaag (isovlas of schapenwol bijvoorbeeld). Isoleren van beglazing Tegenwoordig zijn er allerlei soorten glas op de markt; naast enkelglas en dubbelglas, ook HR++ en HR+++ glas. De grootste winst wordt behaald door de overstap te maken van enkelglas naar dubbelglas.
Het aanbrengen van HR++ en zeker van HR+++ glas kan problemen opleveren met plaatsing door een niet-passende sponning maat, terwijl de temperatuurwinst hier relatief klein is. Ook kan het zo zijn dat bij vervanging van het glas, niet het glas zelf, maar het kozijn (zeker bij een houten kozijn) de koudebrug gaat vormen. Alternatieven zijn het plaatsen van voorzetramen (aan de binnenzijde voor warmte-isolatie) of het toepassen van speciale glasfolie voor monumenten (bijvoorbeeld van 3M). Compartimentering Door de kerkzaal te compartimenteren hoeft, afhankelijk van gebruik, een kleiner oppervlak verwarmd te worden.
Alternatieve vormen van verwarming Er kan ook gedacht worden aan alternatieve vormen van verwarming. Door bijvoorbeeld de mens te verwarmen in de plaats van het gebouw. Dat kan bijvoorbeeld door infraroodpanelen gericht op kerkbanken toe te passen, plaatselijke vloer- of bankverwarming of stoofjes.
20
Hoofdstuk 4: Conclusies en aanbevelingen Conclusie We verwachten dat - binnen nu en tien jaar, nog meer dan nu al - vragen over aanpassingen in verband met medegebruik, nevenbestemming en herbestemming bij de gemeente terecht zullen komen. En de vraag over verduurzamingsmogelijkheden ligt op dit moment al op tafel.
Voorstellen voor procesafspraken Overdracht kerkenvisie en aanspreekpunt Gedurende het proces heeft de gemeente inbreng geleverd en meegedacht. Het is belangrijk dat in de gemeentelijke organisatie de interne bekendheid van en betrokkenheid met de kerkenvisie op de radar blijft, want veranderingen zijn gaande. En die veranderingen hebben invloed op de ruimtelijke en sociale kwaliteit. Proactief meedenken kan synergie en meerwaarde opleveren in plaats van conflict en waardevermindering. De geloofsgemeenschappen hebben vragen: vragen hoe het gebouw te verduurzamen, vergroten, aanpassen en/of anders in te zetten. Het gaat om gevoelige kwesties, gepaard gaand met gevoelens van negatieve verwachtingen en verlies, en met vrijwilligerstekorten en ruimtelijke vraagstukken. Wij adviseren daarom een duidelijk aanspreekpunt: een punt om niet alleen vragen op te vangen, maar ook eens in de zoveel tijd zelf proactief te bellen en te vragen hoe het gaat. Wijkregisseurs zouden hierin bijvoorbeeld een belangrijk sociaal aanspreekpunt kunnen zijn en de schakel kunnen vormen tussen de geloofsgemeenschappen, afdeling Sociaal Beleid, afdeling Ruimtelijke Ordening, afdeling Erfgoed, afdeling Duurzaamheid etc. Hiernaast kunnen geloofsgemeenschappen altijd contact opnemen via het Klant Contact Centrum.
Actief meedenken op het gebied van medegebruik, nevenfuncties en herbestemming Sommige geloofsgemeenschappen staan open voor medegebruik of nevenfuncties, maar vinden het lastig nieuwe (passende) gebruikers te vinden. Andere geloofsgemeenschappen zullen herbestemming overwegen. De geloofsgebouwen - vaak bakens in het dorp of de wijk - zijn van belang voor de instandhouding van de cultuurhistorie, stedenbouwkundige structuur, sociale cohesie en levendigheid van het dorp of de wijk. Passend gebruik van het gebouw hangt daarmee samen. De eigenaar van het gebouw (meestal de geloofsgemeenschap) bepaalt de toekomst, geeft richting en heeft de regie. De burgerlijke gemeente heeft een bescheiden rol en is vaak faciliterend. Toch is het zo dat geloofsgemeenschappen zich meestal alleen melden bij de burgerlijke gemeente wanneer men feitelijk nadenkt over functiewijziging en daarvoor bijvoorbeeld een bestemmingsplanwijziging nodig is. Dit terwijl er uit deze kerkenvisie gebleken is, dat meerdere geloofsgemeenschappen multifunctioneel gebruik van het gebouw wensen om de instandhouding ervan te kunnen garanderen. De gemeente Meppel heeft daarbij de mogelijkheid, om op basis van deze informatie, faciliterend te zijn door pro-actief mee te denken en te adviseren bij het vinden van nieuwe gebruikers.
Ook kan de burgerlijke gemeente concrete ideeën en activiteiten aandragen aan de eigenaren van de gebedshuizen, om al-dan-niet-tijdelijk medegebruik of nevengebruik te stimuleren. Daarnaast heeft de gemeente een formele rol bij het behouden van erfgoed, het wijzigen van bestemmingen of het verlenen van vergunningen. In het bijzonder noemen we de rijksmonumentale kerken in Nijeveen, Kolderveen en de Grote Kerk in Meppel. En als ruimtezoeker de Baptistengemeenschap. Maar het vraagstuk speelt ook bij: de Christelijk Gereformeerde Kerk, de Vrije Evangelische Gemeente, het Apostolisch Genootschap en ook de Stephanuskerk en Kruiskerk staan open voor meerdere functies. Quick wins zouden kunnen zijn om: −
Regelmatig als gemeente jezelf de vraag te stellen: aan welke maatschappelijke uitdagingen/programma’s kunnen kerkgebouwen een bijdrage leveren? Op die manier kan de gemeente proactief meedenken over een passend nevengebruik of nieuwe invulling (behoud-door-ontwikkeling).
21
−
De ruimtezoekers, die zich bij de gemeente (waarschijnlijk bij de afdeling Vastgoed) melden, te koppelen aan de ruimtebieders van de verschillende geloofsgemeenschappen. Wellicht is het zelfs mogelijk een lijst op te stellen van geloofsgebouwen die (geheel of gedeeltelijk) kunnen worden verhuurd voor (maatschappelijke) doeleinden en deze lijst regelmatig te publiceren op een platform, in het plaatselijke krantje of in het gemeenteblad.
−
De mogelijkheid te bieden de globale transformatieplannen te bespreken met het Steunpunt Erfgoed Drenthe voor vroegtijdig advies over richting en (on)mogelijkheden. Ook kan de ambtelijke gemeente bij een eventueel vervolgtraject (een formele vergunningaanvraag) een vooroverleg bieden om de plannen te bespreken en om te informeren over en stimuleren van een vruchtbaar participatieproces. Overigens moeten bij een uitgewerkt plan voor herbestemming de cultuurhistorische / monumentale waarden in beeld gebracht worden (voor zover dit nog niet gedaan is).
−
Ten minste één keer per jaar een informeel overleg te organiseren over de onderwerpen die op dat moment spelen bij de geloofsgemeenschappen. De geloofsgemeenschappen en gemeente kunnen dan elkaar informeren, met elkaar meedenken en met elkaar op onderzoek gaan naar mogelijkheden voor ruimtegebruik, onderhoudskwesties, energiegebruik en verduurzaming. Samen kun je meer dan ieder voor zich en zo hoeft niet ieder het wiel opnieuw uit te vinden.
WOZ-vrijstelling Er kunnen juridische of financiële belemmeringen zijn bij geloofsgemeenschappen die het geloofsgebouw voor andere doeleinden willen inzetten dan voor de geloofsdienst. De geloofsgemeenschap kan bijvoorbeeld een WOZ-vrijstelling kwijtraken, waardoor nevenfuncties financieel juist niet lonend zijn. Wij zien het als van belang dat de ambtelijke gemeente van deze belemmeringen op de hoogte is. Wat betreft de WOZ-vrijstelling: de gemeente kan in overweging nemen om het percentage (dat de geloofsgemeenschap het erfgoed mag inzetten voor andere doeleinden dan de eredienst) te verhogen, waardoor het financieel minder snel een belemmering vormt om het religieus erfgoed anders in te zetten. Erfgoedverordening en Omgevingsplan Ons is opgevallen dat in Meppel geen enkel gebedshuis is aangewezen als gemeentelijk monument en we vragen ons daarmee af of de historische waarden van het religieus erfgoed bekend zijn bij de burgerlijke gemeente. Onze constatering is dat er religieuze gebouwen zijn die de cultuurhistorie uitdragen. Wij bevelen daarom een verdiepend waarderend onderzoek aan. Ook bevelen wij aan om vervolgens die waarden duidelijk te benoemen en kenbaar te make), en vooral in overleg met de eigenaar te blijven, om behoud van die benoemde cultuurhistorische waarden te garanderen, maar om niet per se tot formele bescherming over te gaan.
Verankering van de kerkenvisie in het toekomstige Omgevingsplan is daarbij aan te raden, om het religieuze erfgoed op de radar te houden. Ook bevelen we aan om te onderzoeken of de begraafplaatsen van de rijksmonumentale kerken van Kolderveen en Nijeveen kunnen worden opgenomen in de desbetreffende ‘redengevende omschrijvingen’. Participatie en draagvlak onder de lokale bevolking zijn belangrijk in het transformatieproces, samen met het initiatief van de eigenaar van het geloofsgebouw. Door wijzigingen van het gebruik van de gebouwen kunnen direct omwonenden hinder ondervinden. Belangrijk is dan ook om andere omwonenden goed te betrekken bij het proces, ook in het kader van de nieuwe Omgevingswet. Geef de geloofsgebouwen een belangrijke rol als het gaat om verduurzaming en klimaatadaptatie Veel geloofsgemeenschappen zien rentmeesterschap (het goed doorgeven van de schepping en bewustwording met betrekking tot duurzaamheid) als belangrijke maatschappelijke uitdaging van deze tijd waarvoor zij zich graag zouden inzetten. Wij stellen dan ook voor om de geloofsgebouwen waar mogelijk actief in te zetten voor vraagstukken over energiebesparing, duurzame warmte, klimaatadaptatie, hittestress, vergroening en het vergroten van de biodiversiteit. 22
Veel van de geloofsgemeenschappen zelf hebben aangegeven te kampen met (te) hoge kosten voor energiegebruik. Hun ambitie is energie te besparen, maar ze vragen zich af hoe zo’n besparing te realiseren voor de vaak grote, complexe ruimten. Concrete maatregelen kunnen bijvoorbeeld zijn: −