Eindrapport Meppelse Gracht
Tekst van het document
25 | 42
Witteveen+Bos | 117983/ | Definitief 1
-
vleermuizen: Een oud stadscentrum is een gewilde verblijfplaats van verschillende soorten vleermuizen. Vleermuizen maken gebruik van vliegroutes om van hun dagverblijf naar een foerageerterrein te bewegen. Voor deze vliegroutes is een veilige blauw/groene corridor gewenst. De aanwezigheid van bomen is voor deze vliegroute het belangrijkst. De toevoeging van water is voor deze vliegroutes van minimaal belang. Doordat de gracht ten aanzien van de bomen weinig tot geen verandering teweeg zal brengen, verwachten wij weinig tot geen effect voor de vleermuizen. Hierbij moet wel worden gesteld dat dit niet met zekerheid valt te zeggen. Voor een helder beeld zal bij aanvang van de werkzaamheden een vleermuizen onderzoek moeten worden gestart om te kijken wat precies de lokale effecten zijn. Dit wordt niet meegenomen in de MKBA, het effect wordt als nihil beoordeeld.
Wij concluderen dat er geen baten ontstaan die betrekking hebben op de flora en fauna binnen het gebied met als voornaamste reden dat de ingreep erg klein van aard is en dat er geen aanvullende maatregelen worden genomen om groen in het gebied toe te voegen in combinatie met de gracht.
4.5
Leefbaarheid en gezondheid
Het RIVM presenteert modellen die acht maatschappelijke baten van stedelijk groen en water in beeld brengen (RIVM, 2017). Het gaat om effecten van groen op de verkoeling van de stad, op de gezondheid, en op de luchtkwaliteit, effecten van water en groen op huizenprijzen, effecten van groen op energiebesparing door de beschutting van bomen, energieopwekking uit (snoei)restanten van groen, houtproductie, en ten slotte de aanwezigheid van groen om koolstofdioxide af te vangen om effecten van klimaatverandering tegen te gaan. In de rekentool van TEEB-stad worden verschillende effecten van groen en blauw op gezondheid in beeld gebracht. Deze tool is als basis gebruikt voor het uitwerken en beoordelen van deze effecten.
4.5.1
Toename Sociale cohesie
Sociale cohesie staat voor de mate van verbondenheid en solidariteit binnen groepen en gemeenschappen. Sociale cohesie in een wijk wordt door veel verschillende factoren bepaald. Sociale cohesie is meestal geen doel op zich, maar een middel dat bijdraagt aan het realiseren van andere doelen voor een buurt, zoals veiligheid en tegengaan van verloedering, overlast en criminaliteit. Condities die van invloed zijn op de mate van sociale cohesie in een buurt, zijn: - het aantal ontmoetingsmogelijkheden in de buurt; - de laagdrempeligheid van de contacten tussen bewoners; - de motivatie van bewoners om te investeren in relaties in de buurt (Vreke, Salverda, & Langers, 2010). De verwachting is dat het aantal ontmoetingen tussen buurtgenoten niet noemenswaardig zal groeien door de aanleg van de stadsgracht: er zijn immers geen bankjes of plantsoentjes gepland waar extra mensen kunnen samenscholen. Minder verhuiskosten Gebleken is, dat hoe groter de sociale cohesie in een buurt is, hoe minder snel mensen uit die buurt verhuizen. De sociale cohesie stijgt onder andere door het toevoegen van groen en water. Mensen voelen zich in een wijk met meer groen en/of blauw meer verbonden met de wijk en met elkaar. In de tool TEEBstad kan het effect van toename van wateroppervlakte in de buurt op het aantal verhuizingen worden berekend (RIVM, 2020).
De sociale cohesie in een buurt wordt aangegeven op een puntenschaal van 1-5, waarbij een gemiddelde buurt een sociale cohesie heeft van 3 punten. Bij een toename van 1 % water in een buurt, stijgt de sociale cohesie met 37 %. Voor een gemiddelde buurt met een sociale cohesie van 3 punten betekent dit een stijging van (0,01 ∗ 0,37 ∗ 3) 0,011 punt. Aannames voor het kwantificeren en in geld uitdrukken van deze baat zijn: - bevolkingsdichtheid Meppel: 590 per km² (Oozo, 2020); - toename wateroppervlakte 7,5 m (breedte) * 160 m (lengte) = 1.200 m²; - oppervlakte van de buurt met direct effect van de wateroppervlakte: 50.000 m²;
26 | 42
Witteveen+Bos | 117983/ | Definitief 1
-
relatieve toename wateroppervlakte: 0,024; aantal inwoners langs de gracht: 122; relatieve toename van de sociale cohesie: 37 % (1 % toename van wateroppervlak leidt tot een 37 % stijging van de sociale cohesie in de buurt); kosten verhuizing: EUR 2.945,-- (NIBUD, 2002)1.
Met deze aannames is een baat berekend van EUR 200,--2 vermeden verhuiskosten per jaar. De contante waarde van deze baat is circa EUR 6.528,-- De baathouders van deze baat zijn bewoners en corporaties.
Tabel 4.4 Uitgangspunten baat sociale cohesie Variabel
Waarde
inwoners
#122
relatieve toename
0,024
impact op sociale cohesie
0,37 absolute waarde
gemiddelde sociale cohesie
3 punt
verhuizende per punt impact
0,021
minder verhuizende gemiddelde kosten verhuizing
4.5.2
0,0,068 EUR 2.945
Effecten op gezondheid
Afvang van fijnstof Het afvangen van fijnstof heeft positieve gevolgen voor de gezondheid van de mensen in Meppel. Bij aanleg van een groene gracht met 25 nieuwe bomen zou er een effect op fijnstofafvangst zijn van 2,5 kg per jaar, met een waarde van EUR 405,-- per kg fijnstof. De maatregel ‘het terugbrengen van de gracht op het Prinsenplein’ behelst geen aanleg van extra groen. Groen kan dan ook niet als baat worden meegenomen. Koeling Een andere te verwachten gezondheidsbaat van de maatregel is ‘koeling’. Er zijn echter vooralsnog geen betrouwbare methodes voorhanden die het effect van specifiek water in de stad kunnen kwantificeren met betrekking tot het verkoelende effect (Cascon, Zijlema, Vert, White, & Nieuwenhuijsen, 2017). Wij kijken dan ook verder naar het effect van het nieuwe waterlichaam op hittestress en het effect van hittestress op gezondheid.
Tabel 4.5 Uitgangspunten fijnstofafvangst Variabel
Waarde
bomen
25
fijnstof afvang kg/Per boom
0,1
prijs per kg fijnstof
1
EUR 405
Geïndexeerd kengetal gebaseerd op Nibud onderzoek, uitgaande van een gemiddeld huishouden. Kengetal van EUR 2.318,-plus omzetbelasting opslag van 18,2 %.
2
Stap 1 - effect: inwoners * relatieve toename * impact op sociale cohesie * gemiddelde sociale cohesie * minder verhuizende per punt impact = 0,068 minder verhuizende. Stap 2 - waarde: minder verhuizende * gemiddelde verhuiskosten = vermeden verhuiskosten per jaar.
27 | 42
Witteveen+Bos | 117983/ | Definitief 1
4.5.3
Afname Hittestress
Hitte heeft veel effect op de gezondheid van mensen. Tijdens een hittegolf kan het sterftecijfer in Nederland toenemen met 12 %. Dat komt neer op ongeveer 40 extra doden per dag ten opzichte van een periode met lagere temperaturen. Vooral in steden vormt hittestress één van de belangrijkste risico’s van klimaatverandering voor de mens. Bij hittestress probeert het lichaam de lichaamswarmte kwijt te raken via de huid (transpireren) en door bloedvatverwijding. Soms werken deze verkoelingsmechanismen onvoldoende, zoals bij ouderen en kleine kinderen. Hittestress kan leiden tot: - toename van slaapproblemen; - toename van gezondheidsproblemen; - toenemende druk op gezondheidszorg en hulpdiensten; - toename van ziekenhuisopnames; - toename van sterfte (RIVM, 2019). Warme nachten kunnen zorgen voor hoge temperaturen in slaapkamers. Of dit gebeurt – en in welke mate – hangt af van gebouweigenschappen, klimaatbeheersing, de oriëntatie van het raam, ventilatiemogelijkheden, de isolatiegraad en de verdieping in het huis. Ook de locatie in de stad is van invloed: ligt de woning in een warme wijk die te maken heeft met het stedelijk hitte-eilandeffect, of niet? Verder is vooral het eigen gedrag van belang: is er sprake van zonwering en voldoende ventilatie op de goede momenten? Maar wanneer het klimaat verandert, kan iedere inwoner hiermee te maken krijgen.
Hoge temperaturen in slaapkamers veroorzaken slaapproblemen. Mensen slapen minder vast, minder diep, worden vaker wakker en slapen minder snel weer in. Dit heeft gevolgen voor de gezondheid. Slechter slapen leidt ook tot concentratieproblemen overdag en dat heeft gevolgen voor de arbeidsproductiviteit, zowel bij werkzaamheden binnen als buiten. Voor de potentiële vermindering van hittestress door de nieuw aan te leggen gracht is het noodzakelijk dat in kaart wordt gebracht hoeveel mensen er ongeveer wonen aan de nieuw aan te leggen gracht. Dit omdat hittestress veel effect heeft op de gezondheid van mensen, maar ook erg lokaal optreedt. Om een goede indicatie te kunnen geven van het effect hittestress op de mens is gekeken naar het aantal omwonenden binnen het projectgebied. In afbeelding 4.1 staat één bolletje1 op de kaart voor één geregistreerd verblijfsobject wat gelijk wordt gesteld aan één huishouden. Van de 90 geregistreerde verblijfsobjecten zijn er uiteindelijk - in overleg met de gemeente- 55 aangeduid als daadwerkelijke woningen. In Meppel bestaat het gemiddelde huishouden uit 2,21 personen, dit komt overeen met het landelijk gemiddelde van 2,18 voor heel Nederland. Tabel 4.6 geeft een indicatie van 122 omwonenden binnen het projectgebied die mogelijk de effecten van verminderde hittestress merken.
Er zijn wel enkele aannames gedaan om tot deze schatting te komen: - het projectgebied is midden in het centrum met geregistreerde verblijfsobjecten boven winkels en horeca waaronder de uitgaansgelegenheid Lord Nelson. Je kan je hierdoor afvragen of bij elk geregistreerd verblijfsobject ook daadwerkelijk mensen wonen, of dat deze ruimte wordt gebruikt door ondernemers voor hun winkels en horecagelegenheden. In sommige gevallen wonen er mensen boven de winkels en horecagelegenheden; - op een paar appartementenblokken na, zijn de woningen aan de gracht allemaal bovenwoningen. Dit trekt een bepaald soort publiek (jong, starters, singles). Een gemiddelde huishoudensgrootte van 2,21 personen is hierdoor misschien een overschatting. Anderzijds komt het vaak voor dat woningen worden opgeknipt en onderverhuurd aan meerdere huurders. Daarom is ervoor gekozen om de huishoudensgrootte van 2,21 te blijven hanteren.
1
Alle geel gemarkeerde bolletjes zijn meegenomen in de telling.
28 | 42
Witteveen+Bos | 117983/ | Definitief 1
Tabel 4.6 Overzicht huishoudens projectgebied Prinsengracht Geregistreerd verblijfsobjecten1
Huishoudensgrootte
Totaal aantal omwonenden
2,212
1223
55
Afbeelding 4.1 Huishoudens project gebied Prinsengracht-Prinsenplein Meppel
Beschikbare informatie over het effect van water in de stad op hittestress Wij hebben gekeken naar verschillende bronnen die het effect van water in de stad op hittestress kwantificeren. Hieronder volgt een overzicht van deze bronnen. Klimaatschadeschatter De klimaatschadeschatter van het NKWK (het Nationaal Kennis- en Innovatieprogramma Water en Klimaat) geeft inzicht in toename van kosten van sterfte, verlies van arbeidsproductiviteit, bestrijding van eikenrupsprocessie en ziekenhuisopnamen4. In de Klimaatschadeschatter zijn schadecomponenten kwantitatief uitgewerkt. De tool geeft geschatte schades weer voor de periode 2018-2050. De kosten zijn waar mogelijk uitgesplitst in de schades die te verwachten zijn zonder klimaatverandering en de extra schade die kan optreden bij klimaatverandering. Voor het ongewijzigde klimaat is een grove schatting gemaakt van de kosten voor ziekenhuisopnames en bestrijding van de eikenprocessierups. Voor het klimaatscenario waarin het klimaat sterk verandert, het WH-scenario, is een grove schatting gemaakt van de kosten voor sterfte, ziekenhuisopnames en vermindering van arbeidsproductiviteit. Voor de stad Meppel geldt, dat de
1
Aantal geregistreerde verblijfsobjecten in het projectgebied. Van de 90 verblijfsobjecten zijn er in overleg met de gemeente 55 aangeduid als daadwerkelijke woonverblijven. Getallen zijn afgelezen van de PDOK Viewer, geselecteerd op BAGverblijfsobjecten: https://www.pdok.nl/viewer/.
2
Personen per huishouden voor de gemeente Meppel, cijfers van 2019: https://meppel.incijfers.nl/dashboard/huishoudens-5.
3
Uitkomst is 121,55 dit is afgerond naar 122 voor het gemak van rekenen.
4
https://www.klimaatschadeschatter.nl/
29 | 42
Witteveen+Bos | 117983/ | Definitief 1
klimaatschade tussen 2018 en 2050 voor de eikenprocessierups, sterfte, ziekenhuisopnames en vermindering van arbeidsproductiviteit in totaal EUR 430,-- tot EUR 530,-- per inwoner over een periode van 32 jaar bedraagt (zie afbeelding 4.2). Dat is dus EUR 13,44 tot EUR 16,56 per inwoner per jaar. In het ongunstigste geval is de klimaatschade bij de 122 bewoners van het projectgebied dus 122 x EUR 16,56 = EUR 2.020,-- per jaar. Dit heeft een contante waarde van EUR 65.860,-- De vraag is nu of de nieuw aan te leggen gracht effectief is om deze klimaatschade te voorkomen, want dan ontstaat een baat.
Afbeelding 4.2 Uitkomsten klimaatschadeschatter voor de gemeente Meppel
Klimaatbestendige wijk In 2015 en 2016 is het onderzoek ‘De klimaatbestendige stad, inrichting in de praktijk’ uitgevoerd. Dit onderzoek is een samenwerking van vijf gemeenten, een waterschap en twee hogescholen. Binnen dit onderzoek zijn onder andere hittemetingen bij water in de stad Amsterdam gedaan. Het doel van de hittemetingen was om de verkoelende werking van verschillende watervormen in Amsterdam beter te bepalen. Er is een maatschappelijke kosten-batenanalyse (MKBA) opgesteld om varianten van straatinrichtingen met elkaar te vergelijken. Op vijf verschillende zomerse dagen zijn metingen gedaan nabij het water en op een referentielocatie in een gelijke omgeving. Uit de metingen blijkt dat de luchttemperatuur nabij alle watervormen behalve aan de Amstel significant lager ligt, maar dat het verkoelende effect van water gering is (minder dan 0,7°C). De gevoelstemperatuur ook wel uitgedrukt in zogenaamde PET-waardes (Physiological Equivalent Temperature) laat zien dat de gevoelstemperatuur aan het water op alle locaties hoger is, variërend van 0,5 tot 5,3°C, behalve bij de fontein. Dit geeft aan hoe warm een persoon een bepaalde weerssituatie beleeft, i.e. hoe gemakkelijk een persoon warmte kan afstaan.
De verklaring voor deze hoge PET-waarden is voor elke locatie verschillend en hangt vaak samen met een hogere luchtvochtigheid, minder wind of een hogere stralingstemperatuur bij het water. Dat het verkoelende effect van water gering is, blijkt ook uit interviews. Thermische perceptie, comfort en preferentie werden op de locaties nabij het water niet significant anders ervaren dan op de locaties zonder water. De resultaten zijn in lijn met eerdere studies zoals die van (Steeneveld, Koopmans, Heusinkveld, & Theeuwes, 2014), waaruit blijkt dat stedelijk water ’s nachts zelfs een bron van warmte kan zijn. Het effect ervan is weliswaar klein, maar kan bij gebruik op grotere schaal of in combinatie met andere verkoelende maatregelen mogelijk tot meer verkoeling leiden (HVA, 2017).
30 | 42
Witteveen+Bos | 117983/ | Definitief 1
Hittebestendige stad Een onderzoek van de Hogeschool van Amsterdam in 2020 over de hittebestendige stad geeft een overzicht van verkoelende groene, blauwe of grijze inrichtingsmaatregelen (HVA, 2020). Deze maatregelen zijn door hun verkoelingsprincipe effectief op het schaalniveau van de stad of lokaal en verlagen hiermee de lucht- of gevoelstemperatuur vooral overdag of ’s nachts. De opgenomen temperatuureffecten komen uit verschillende wetenschappelijke studies en presenteren waarden die op verschillende momenten op de dag, hoogtes, en afstanden tot de maatregel kunnen zijn gemeten of gemodelleerd. Er zijn in de genoemde wetenschappelijke studies geen eenduidige waardes gevonden. Uit de gegevens van dit onderzoek blijkt dat aanleg van een gracht in de stad overdag zorgt voor een lokaal effect van verkoeling: een daling van de luchttemperatuur van 0.1-0.8 °C en een daling van de gevoelstemperatuur van 0.2-2.0 °C. Het uiteindelijke effect is afhankelijk van het temperatuurverschil tussen water en lucht en de grootte van het waterlichaam. De onderzoekers concluderen dat kleine stedelijke watervormen, zoals grachten en vijvers, over het algemeen geen effectieve verkoelende maatregelen zijn. Ze verlagen de lucht- of de gevoelstemperatuur maar in geringe mate (Jacobs, et al., 2020).
Watervormen die wél voor verkoeling kunnen zorgen zijn die maatregelen waarbij water in contact komt met de huid, zoals schone grachten om in te zwemmen en fonteinen of bedriegertjes om in te spelen. Ook kunnen op lokale schaal en voor kortere periodes vernevelingsinstallaties de luchttemperatuur merkbaar verlagen. Daarnaast biedt de omgeving rond stedelijke waterelementen vaak de gelegenheid om een verkoelende groene, schaduwrijke omgeving met bomen te creëren of de natuurlijke ventilatie te vergroten. Op basis van bovengenoemde onderzoeken komen wij tot de conclusie dat de aanleg van de stadsgracht in het centrum van Meppel niet effectief is om hittestress te verminderen en derhalve niet leidt tot een gezondheidsbaat door vermindering van hittestress.
4.5.4
Toename veiligheidsrisico’s
Door de aanleg van de gracht in het centrum van Meppel bestaat er een kans dat er een toename van watergerelateerde ongevallen komt. Voor Meppel zijn er geen cijfers bekend over dergelijke ongevallen. Voor Amsterdam zijn die cijfers er wel. Het gebeurt daar regelmatig dat er dronken mensen in de gracht vallen en er hulpdiensten moeten uitrukken. Dit brengt kosten met zich mee: kosten voor het uitrukken van hulpdiensten (ambulance en brandweer) en ziektekosten. Het uitgaansleven van Meppel is geconcentreerd rond het centrum, in de buurt van de plek waar de gracht zou worden teruggebracht. Bekend is, dat Meppel in de weekenden een hoog incidentencijfer heeft: zo staat Meppel op de derde plaats in Nederland wat betreft wildplassen. Daarnaast heeft Meppel een regionale functie voor evenementen. Deze feiten, plus het feit dat er een smal pad overblijft voor voetgangers in de plannen voor de nieuwe gracht, maakt dat de situatie kan worden vergeleken met die van de grachten in Amsterdam, uiteraard op veel geringere schaal. Kosten ambulance Sinds 1 januari 2014 zijn de tarieven voor ambulanceritten in Nederland overal hetzelfde. Hierbij is een onderscheid gemaakt tussen twee verschillende soorten inzetten: 1 spoedinzetten met A-urgentie; 2 planbare ambulancezorg met B-urgentie.
De tarieven voor zowel de spoedeisende als de planbare ambulance-inzetten kennen zogenaamde ‘basisaanslagen’. Dit zijn vaste bedragen. Het aantal kilometers dat een ambulance rijdt heeft dus geen invloed op de hoogte van de basisaanslag. Naast de basisaanslag wordt ook het aantal kilometers dat de ambulance rijdt (met patiënt) in rekening gebracht. Dit bedrag wordt bij de basisaanslag opgeteld. Voor specifieke ritten zoals grensoverschrijdend vervoer of MICU-ritten (Mobiele Intensive Care Unit), geldt een ander tarief. De tarieven worden vastgesteld door de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa). Voor 2020 zijn de volgende tarieven vastgesteld, zie tabel 4.7.
31 | 42
Witteveen+Bos | 117983/ | Definitief 1
Tabel 4.7 Tarieven ambulance Type
Eenheid
Kosten per eenheid in EUR
beladen vervoerskilometer
kilometer
4,23
planbare ambulancezorg (B-rit)
rit
328,66
stand-by
uur
135,17
MICU-vervoer
rit
2.362,35
spoedeisende ambulancezorg (A1-/A2-rit)
rit
740,81
Een vertaling van deze kosten per keer (inzet) specifiek voor de Prinsengracht in Meppel is gedaan in tabel 4.8.
Tabel 4.8 Uitwerking kosten ambulance rit Variabel
Uitkomst
rit spoedeisende ambulancezorg (A1-/A2-rit)
EUR 740,81
afstand Isala Diaconessenhuis Meppel - Gasgracht
5,4 Km1
beladen vervoerskilometer
EUR 4,23
totaal kosten ambulance rit
EUR 764
Kosten brandweer Kosten van de inzet van de brandweer zitten onder meer in de vergoeding van de vrijwilligers, maar ook de brandstofkosten moeten worden meegenomen, de afschrijvingskosten van het materiaal en eventueel ook de inhuur van materiaal van derden. Een vrijwillige gemeentelijke brandweerman/-vrouw verdient volgens de regeling College voor Arbeidszaken van de VNG (tarieven per 1 januari 2020) bruto EUR 24,84 per uur. Bij waterongevallen wordt een duikploeg ingezet, bijvoorbeeld als een persoon of auto te water geraakt is. Een duikploeg bestaat uit 5 personen. Een duikploegleider krijgt bruto EUR 27,38 per uur. In Amsterdam moest de brandweer in 2017 131 keer uitrukken om in actie te komen voor een drenkeling. (AT5, 22 januari 2018). De totale lengte van de Amsterdamse grachten is 75 km. De lengte van de geplande gracht in Meppel is 160 m. Dit is 0,00213 de lengte van de Amsterdamse grachten. Dit zou betekenen dat verwacht kan worden dat er in Meppel 0,33 keer per jaar (1 keer per 3 jaar) een watergerelateerd ongeval zou plaatsvinden waarbij hulpdiensten moeten uitrukken. De uitgangspunten voor de berekening staan in tabel 4.9.
1
Een rit van het Isala Diaconessenhuis naar de Gasgracht en terug = 2,7 km * 2= 5,4 km.
32 | 42
Witteveen+Bos | 117983/ | Definitief 1
Tabel 4.9 Uitgangspunten kosten uitrukken brandweer per keer Variabel
Eenheid
Uitkomst
uitrukken duikploeg
uitrukken per jaar
inzet uren duikploeg
uren per keer
4 uren * 5 personen = 20 uren
kosten inzet uren
euro per keer
5071
brandstof inzet
euro per keer
1,562
reservering afschrijven materiaal
euro per jaar
91,50
totaal uitrukken brandweer duikploeg
euro per keer
600
1 * per 3 jaar = 0,33
Ziektekosten van slachtoffer door ongevallen water Voor kosten van ziekenhuisopname gebruiken wij de cijfers van het SWOV voor slachtoffers van verkeersongevallen. Dit omdat ongevallen waarbij geen motorvoertuig betrokken is, zeer beperkt worden geregistreerd hierdoor zijn er geen gegevens beschikbaar (Ecorys, 2012).
Tabel 4.10
Maatschappelijke kosten van verkeersongevallen per slachtoffer en UMS-ongeval in 1997, 2000, 2003 en 2007 (in EUR 1.000,--, lopende prijzen). Bronnen: (AVV, 2006) en (SWOV, 2009), (Rijkswaterstaat, 1 februari 2012) 1997
2000
2003
2007
2.033
2.159
2.427
2.601
212
231
249
267
SEH
5
6
8
8
licht letsel
3
3
5
5
UMS
2
3
4
4
doden ziekenhuisgewonden
De factsheet van het SWOV over ernstige verkeersgewonden in 2019 doet ook melding van de maatschappelijke kosten per slachtoffer (SWOV, 2019). Volgens deze factsheet bedroegen de kosten per ernstig verkeersgewonde in 2018 circa EUR 300.000,--. Dit laatste bedrag is overgenomen in de batenberekening voor de aanleg van de Meppelse gracht, aangezien dit het meest recente cijfer is. Totale toename in kosten door een verhoogd veiligheidsrisico is in tabel 4.11 weergegeven. Het betreft hier dus een negatieve baat van aanleg van de gracht.
Tabel 4.11 Opsomming veiligheidsbaten Baat
EUR per keer inzet
ambulance
764
uitrukken brandweer
600
ziektekosten subtotaal
300.000 -301.364 * 0,33 (1 keer per 3 jaar) = EUR -100.454 per jaar
contante waarde
EUR -3.2742.69794
1
Kosten inzet uren = 20 uren * gemiddeld uurloon EUR 25,35 (4 * gewoon lid, 1 * duikploegleider/5)= EUR 507,--.
2
Route kazerne via de ringweg 3,9 km * 2 *EUR 0,20 = EUR 1,56.
33 | 42
Witteveen+Bos | 117983/ | Definitief 1
4.6
Bereikbaarheid
4.6.1
Afname bereikbaarheid voetgangers
Door de aanleg van de gracht moeten voetgangers en omwonenden verder lopen om openbare functies te bereiken. De Prinsenstraat kan zonder ingreep van de gracht op elke plek worden gekruist door bezoekers. Na aanleg van de gracht kan dit niet meer en kan de gracht als een obstakel worden beschouwd. Het is niet langer mogelijk om direct de straat over te steken om van de ene winkel naar de andere winkel te lopen. Dit is niet zozeer een probleem voor winkelend publiek wat zich een langere tijd in de binnenstad begeeft, maar dit kan wel als een negatieve baat worden ervaren door omwonenden die zich snel van A naar B moeten begeven. Om die reden is deze baat dan ook meegenomen in de MKBA. In tabel 4.12 zijn de uitgangspunten opgenomen voor het berekenen van deze baat.
Tabel 4.12 Uitgangspunten baat afname bereikbaarheid voetgangers Variabel
Waarde
omwonenden
122 personen
#lengte omloop
90 meter
loopsnelheid
5 km/uur
maatschappelijke waarde van reistijden per persoon1
2020 gemiddeld
EUR 7,80
2030 gemiddeld
EUR 8,45
2040 gemiddeld
EUR 9,29
2050 gemiddeld
EUR 10,12
Voor het berekenen van deze baat is ervan uitgegaan dat één omwonenden één keer per dag zich van de ene kant van de gracht naar de andere kant van de gracht gaat bewegen met als gevolg daarvan een langere reistijd. Deze extra reistijd kan in geld worden uitgedrukt middels een zogenaamde Value of Time (VoT) kengetal dat is vastgesteld door het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (KiM, 2013). Dit getal drukt de waarde van tijd voor verschillende manieren van vervoer uit in euro/per persoon. Hieruit kan de baat afname bereikbaarheid voetgangers worden berekend op een totaal van EUR -160.723,--2 contante waarde. Dit is een negatieve baat in de kosten- batenanalyse, omdat het extra reistijd betreft. Deze baat is contant gemaakt met een discontovoet van 4,5 % over een looptijd van 100 jaar.
4.6.2
Reistijdverlenging door openstaande brug
De gracht kan overstoken worden door auto- en fietsverkeer via een brug die de Kromme-Elleboog verbindt met de Marktstraat. Deze brug vormt een belemmering voor eventueel scheepvaartverkeer wat verder de gracht in wilt varen, hierdoor is als uitgangspunt gehanteerd dat de brug beweegbaar is en schepen kan doorlaten. Als de brug openstaat moet het verkeer wachten. Dit leidt tot langere reistijd. Voor de waardering van tijd wordt uitgegaan van een bepaald bedrag dat een reiziger bereid is te betalen voor een uur tijdwinst. Zie voor meer informatie het rapport van Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid, (2013)3. Dit bedrag is verschillend per type wegverkeer evenals voor een laag of hoog economisch 1
Voor de maatschappelijke waarde van kortere en betrouwbare reistijden is een gemiddelde van een laag en hoog economisch scenario genomen voor de categorie overig. Zie voor meer informatie: https://www.rwseconomie.nl/kengetallen/kengetallenbereikbaarheid-map.
2
Hierbij is gebruik gemaakt van een discontovoet van 4,5 %.
3
Zie voor achterliggende informatie het rapport bij de KiM-studie. Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid, (2013). De maatschappelijke waarde van kortere en betrouwbare reistijd.
34 | 42
Witteveen+Bos | 117983/ | Definitief 1
toekomstscenario. Berekenen van reistijdeffecten zijn op zichzelf staande studies. In deze MKBA is dan ook geen rekening gehouden met een hoog/laag economisch toekomstscenario, evenmin is er een groeivoet en/of krimpvoet voor wegverkeer gehanteerd. Verdere uitgangspunten die wij hebben gebruikt in deze MKBA zijn hieronder toegelicht. Uitgangspunten - vanuit de gemeente is aan de hand van een combinatie van verkeersmetingen en -modellen een schatting gemaakt van het aantal te passeren motovoertuigen en fietsers per etmaal1; · 7.000 motovoertuigen passanten per etmaal; · 5.000 fiets passanten per etmaal; - aantal brugopeningen per jaar wordt geschat op 100.
Dit komt neer op gemiddeld één opening per dag in het seizoen; - gemiddelde wachttijd bij het openstaan van de brug: · motorvoertuigen 5 minuten per brug opening per motorvoertuig; · fietsers 1 minuut per brug opening per fietser2; - doordat de frequentie van wegverkeer niet evenredig is over een etmaal en er toch een inschatting moet worden gemaakt over de wachttijd lengte in aantal en minuten is het wegverkeer verdeeld over 16 uur om zo tot een gemiddelde te komen; - met aftrek van vakanties en weekenddagen wordt uitgegaan van 270 dagen per jaar effectief reizen; - gemiddelde bezettingsgraad van motorvoertuigen is 1,453 en van fietsers is dit 1; - er wordt een gemiddelde waardering van tijd (VoT) voor een hoog/laag economisch scenario genomen met als basisjaar 2020 en veranderende prijzen in 2030, 2040 en 2050 welke vervolgens wordt doorgetrokken tot 2120. Met bovenstaande uitgangspunten kan de negatieve baat door reistijdverlenging door een openstaande brug worden berekend voor motorvoertuigen op EUR -128.561,-- en voor fietsers op EUR -1.747,-- contante waarde.
4.6.3
Afname bereikbaarheid en toegankelijkheid winkels en horeca
Tijdens de aanleg van de gracht kan er hinder ontstaan voor het wegverkeer, omwonenden, winkeliers en horecagelegenheden. Het uitgangspunt is dat ondernemers aan de gracht zo min mogelijk hinder ervaren van de werkzaamheden aan de gracht en beweegbare brug. Hierdoor worden effecten op een langere reistijd voor winkelend publiek, dat de auto voorheen op de Prinsenstraat parkeerde, niet meegenomen in de MKBA. Omdat als uitgangspunt is genomen dat de winkels en horeca gelegenheden aan de Prinsenstraat bereikbaar moeten blijven, wordt hinder door werkzaamheden ook niet meegenomen in de MKBA.
4.7
Ruimtelijke kwaliteit
4.7.1
Cultuurhistorische belevingswaarde
Cultureel erfgoed is een publiek goed dat de ruimtelijke kwaliteit in een stad verhoogt. Het kan een extra aantrekkingskracht zijn voor bedrijven, winkels, horeca en evenementen. Met andere woorden: het geeft een stad een extra imago. Dat geldt ook voor de binnenstad van Meppel wanneer de huidige Gasgracht wordt doorgetrokken tot het Prinsenplein. Dit versterkte imago van de binnenstad van Meppel kan ertoe leiden dat
1
Cijfers van het jaar 2019.
2
Fietsers hebben een kortere wachttijd omdat er verschillende mogelijkheden tot omrijden zijn waarvan gebruik gemaakt kan worden. Fietsers zullen dus alleen wachten voor de brug als deze al bijna open gaat, vandaar een schatting van gemiddeld 1 min per fietser per brugopening.
3
Omdat in deze MKBA niet met een hoog en laag economisch scenario wordt gewerkt is er een gemiddelde genomen van deze twee scenario’s
35 | 42
Witteveen+Bos | 117983/ | Definitief 1
nieuwe bedrijven zich vestigen en dat de stad extra inwoners aantrekt, of dat meer mensen de stad bezoeken en er geld uitgeven (Dammers, Hornis, & Vries, 2005). In de publicatie ‘Cultureel Erfgoed op Waarde geschat’ uit 2013 worden resultaten gepresenteerd van een tweejarig onderzoek door de Vrije Universiteit Amsterdam in consortium met de gemeenten Dordrecht, Haarlem, Heerlen, Helmond en Zaanstad en de Universiteit Twente en met publiek-private gebiedsontwikkelingsprojecten waaronder de Wagenwerkplaats in Amersfoort, het Hart van Zuid in Hengelo, de Spoorzone in Tilburg en het Hembrugterrein in Zaanstad. Volgens Jos Bazelmans, sectorhoofd Kennis Erfgoed bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed en bijzonder hoogleraar Monumentenzorg aan de Vrije Universiteit Amsterdam, heeft erfgoed ‘gebruikswaarde, marktwaarde, cultuurhistorische waarde, belevingswaarde, statuswaarde (dat wil zeggen: het verleent aanzien) en levensbeschouwelijke waarde’ (Dommelen & Pen, 2013). Voor het bepalen van de waarde van erfgoed door de maatregel ‘het terugbrengen van de gracht op het Prinsenplein’, worden de eerste vier waarden meegenomen. De statuswaarde heeft vooral betrekking op monumentale panden en wordt daarom niet meegenomen, omdat de ingreep hier niet monumentale panden betreft.
Voor het kwantificeren van de levensbeschouwelijke waarde zijn onvoldoende gegevens voor handen en tevens geen kengetallen beschikbaar. De gebruikswaarde (recreatieve aantrekkelijkheid) en marktwaarde (waardestijging woningen, vestigingsklimaat bedrijven) zijn reeds behandeld als onderdeel van de economische baten. De belevingswaarde van de binnenstad komt tot uitdrukking in de verwachte groei van het aantal bezoekers en dat is ook reeds behandeld bij de directe economische baten. Onder de noemer ‘ruimtelijke kwaliteit’ behandelen we hier de belevingswaarde van cultureel erfgoed. Betalingsbereidheid Belevingswaarde van cultureel erfgoed is gebaseerd op een gevoel of emotie. Het is subjectief en lastig meetbaar. Als huishoudens zich graag vestigen in de buurt van cultureel erfgoed, betekent dit dat er een hogere vraag is naar woningen in gebieden met cultureel erfgoed, die dan leidt tot een hogere woningprijs. Deze woningprijs laat zien wat mensen willen betalen om in de buurt van erfgoed te wonen en een ‘gevoel van cultuur’ te beleven. Daaruit is af te leiden wat voor deze mensen de waarde van erfgoed is.
Eén van de onderzoeken uit de publicatie ‘Cultureel Erfgoed op waarde geschat’ heeft met het econometrisch Equilibrium Sorting Model de waarde van oppervlakte stadsgezicht in Nederlandse gemeenten berekend, door de indicator betalingsbereidheid voor cultureel erfgoed in de eigen gemeente toe te passen. De betalingsbereidheid van het gemiddelde Nederlandse huishouden voor cultureel erfgoed, zoals dat uit het Equilibrium Sorting Model blijkt, is uitgerekend voor één extra vierkante kilometer stadsgezicht in een gemeente. Daaruit blijkt dat een gemiddeld huishouden bereid is om bijna EUR 5.500,-- meer te betalen voor een woning in die gemeente. Het gaat hierbij om een gemiddelde voor alle gemeenten in Nederland, bij een gemiddelde huizenprijs van EUR 190.000,-- (Duijn & Rouwendal, 2013). De uitgangspunten voor het berekenen van de betalingsbereidheid van herstel cultuurhistorische waarde zijn weergegeven in tabel 4.13.
36 | 42
Witteveen+Bos | 117983/ | Definitief 1
Tabel 4.13 Uitgangspunten betalingsbereidheid cultuurhistorisch erfgoed Variabel
Eenheid
extra cultuurhistorisch stadsgezicht
m2
Uitkomst voor het projectgebied 1.7601
betalingsbereidheid gemiddeld Nederlands huishouden voor cultuurhistorisch erfgoed
euro per huishouden
9,682
gemiddelde koopsom van een woning in Meppel
euro per koopwoning
255.7133
belevingswaarde herstel cultuurhistorie
euro per huishouden
13,05
aantal huishoudens in Meppel
# huishoudens
15.1764
Met het hanteren van bovenstaande uitgangspunten kan een eenmalige baat van EUR 198.047,-- worden opgenomen voor het herstel van cultuurhistorie door de aanleg van de Prinsengracht.
4.7.2
Belevingswaarde binnenstad
De recreatieve belevingswaarde is de waarde die mensen ontlenen aan een gebied of object door het te bezoeken, zonder dat er daadwerkelijk geld wordt uitgegeven aan bijvoorbeeld consumpties. Er bestaan twee methoden waarmee de belevingswaarde kan worden bepaald: de Reiskostenmethode en de Conditionele Waarderingsmethode. De Reiskostenmethode is gebaseerd op de aanname dat de reiskosten die recreanten maken om een gebied te bezoeken een goede maat zijn voor de welvaart die zij er aan ontlenen en dus voor de economische waarde ervan. Met deze methode kan men alleen de huidige recreatieve belevingswaarde van een gebied bepalen. Men kan er geen verandering in waarde, c.q. meerwaarde mee meten. De Conditionele Waarderingsmethode is een enquêtemethode waarmee burgers wordt gevraagd naar hun betalingsbereidheid voor een bezoek aan een gebied of object. In tegenstelling tot de Reiskostenmethode, kan met deze methode wel de waarde van een verandering bepaald worden (W+B, 2004). Het koopstromenonderzoek Oost-Nederland 2019 toont dat het bezoekmotief ‘sfeer en uitstraling’ voor bezoekers (zowel Meppelaars als niet-Meppelaars) aan het Centrum van Meppel die mode en luxeartikelen komen kopen 22 % was in 2019, terwijl dat voor de vergelijkbare gemeenten (benchmark) 17 % was. Het Centrum van Zutphen scoorde ook 22 %, het Centrum van Deventer 26 % en het centrum van Zwolle 19 %.
Het waarderingscijfer van bezoekers van Meppel die mode en luxeartikelen komen kopen voor het Centrum van Meppel was 7,9, voor de benchmarkgemeenten was dat een 7,5. Het centrum van Meppel scoort dus nu ook al goed op sfeer en uitstraling bij bezoekers. Het centrum van Deventer en dat van Zutphen, gemeenten in Oost-Nederland die bekend staan om hun aantrekkingskracht wat betreft sfeer en uitstraling, scoren eveneens een 7,9. Zwolle scoort een 7,7. Het is dan ook niet waarschijnlijk dat winkelend publiek vanuit deze gemeenten afvloeit naar Meppel.
1
Is de breedte van de gracht (wateroppervlakte + kademuren = 9 m, vrije ruimte = 2 * 1 m) * de lengte van de gracht = 160.
2
Uitgaande van de betalingsbereidheid van het gemiddelde Nederlandse huishouden voor cultureel erfgoed, betekent dat 1.760/1.000.000= 0,00176 km² * EUR 5.500,-- = EUR 9,68 per huishouden bij een gemiddelde huizenprijs van EUR 190.000,--, ofwel 0,029 * de woningprijs.
3
https://meppel.incijfers.nl/dashboard/wonen/.
4
https://meppel.incijfers.nl/dashboard/bevolking-3/.
37 | 42
Witteveen+Bos | 117983/ | Definitief 1
De vraag is ook of de belevingswaarde van bezoekers nog verder kan stijgen en of dat dan kan worden vertaald in hun betalingsbereidheid voor behoud van de cultuurhistorisch waardevolle bebouwing. Omdat in deze MKBA geen interviews worden gehouden, wordt de belevingswaarde van de binnenstad in deze studie alleen meegenomen in de verwachte stijging van het aantal bezoekers, hun verblijftijd en bestedingen. Dit wordt meegenomen bij het onderdeel economische baten, toename bestedingen. Er worden geen extra baten verwacht vanwege cultuurhistorie : Meppel scoort al zeer goed op sfeer en uitstraling en geplande stadsgracht zal de belevingswaarde niet verder verhogen.
38 | 42
Witteveen+Bos | 117983/ | Definitief 1
5 KOSTEN-BATENOVERZICHT EN GEVOELIGHEIDSANALYSE 5.1
Kosten-batenoverzicht
Het kosten-batenoverzicht is weergegeven in tabel 5.1 en toont de kosten en baten bij de maatregel ‘het terugbrengen van de gracht op het Prinsenplein’. In de eerste kolom staan de diverse kosten- en batenposten. In de tweede kolom staan de berekeningsresultaten voor het terugbrengen van de gracht op het Prinsenplein. Onderaan staan het saldo en de baten/kostenratio van het open maken van de gracht. Het saldo geeft aan of de contante waarde van de baten groter is dan de contante waarde van de kosten. Een investering dient een positief saldo te hebben, anders is er sprake van verlies. De baten-kostenratio geeft een indicatie van het rendement van de investeringen. Hoe hoger deze ratio hoe beter het rendement. De baten-kostenratio dient in ieder geval hoger zijn dan 1, anders is er geen rendement maar verlies. Uit deze kosten-batenanalyse komt een negatief saldo van circa -9,4 miljoen euro naar voren. Aan de kostenzijde zijn er twee belangrijke posten die allebei ongeveer even groot zijn: de aanleg van de gracht en de aanleg van de beweegbare brug. Een alternatief waarin de beweegbare brug wordt weggelaten zou de kosten bijna halveren. In de gevoeligheidsanalyse zoomen wij hier verder op in, zie hierover meer in paragraaf 5.2.
Aan de batenzijde zijn er drie belangrijke baten die het verschil maken; de toename in bestedingen (detailhandel) en de waardestijging van vastgoed nabij de gracht gelegen, beiden directe economische baten. Als derde belangrijke baat is de toename van het veiligheidsrisico voor de gracht. Dit is een negatieve baat. Deze drie grote posten beschouwen wij nader in de gevoeligheidsanalyse in paragraaf 5.2. Het laatste dat opvalt is dat veel baten klein of nihil zijn. Dit heeft er mee te maken dat de beschouwde ingreep relatief klein is.
39 | 42
Witteveen+Bos | 117983/ | Definitief 1
Tabel 5.1 Kosten-batenoverzicht aanleg Prinsengracht Posten
Kosten en baten in EUR
Kosten aanleg Prinsengracht
4.178.877
aanleg beweegbare brug
3.801.365
levensduurkosten
Prinsengracht beweegbare brug
286.476 1.177.189 9.443.906
totaal kosten Baten economische baten
toename bestedingen
2.017.605
verbeterd vestigingsklimaat
0
toename parkeerinkomsten
3.539
waardestijging vastgoed
1.406.422
vermeden zuiveringskosten
0
vermeden schade door grondwateroverlast
0
vermeden schade door wateroverlast
0
vermeden schade aan funderingen
0
vermeden droogteschade aan de natuur
0
klimaat en natuur
toename flora en fauna
0
gezondheid en Leefbaarheid
toename sociale cohesie
0
water baten
minder verhuiskosten effecten op gezondheid
0
afname hittestress
0
toename veiligheidsrisico's bereikbaarheid
- 160.723
toename wachttijd voertuigen (brugopening)
- 128.561 - 1.747
afname bereikbaarheid winkels
0
afname toegankelijkheid winkels
0
stijging cultuurhistorische waarde
198.047
totaal baten
76.430 - 9.363.252
saldo baten-kostenratio
40 | 42
- 3.274.679
Afname bereikbaarheid voetgangers
toename reistijd fietsers
ruimtelijke kwaliteit
6.528
Witteveen+Bos | 117983/ | Definitief 1
0,01
5.2
Gevoeligheidsanalyse
De MKBA uitkomsten en de daaraan ten grondslag liggende uitgangspunten geven aanleiding tot een aantal verschillende gevoeligheidsanalyses. Wanneer kosten of baten groot genoeg zijn om de uitkomsten van de MKBA eenzijdig te beïnvloeden én wanneer zij onzeker zijn, is een gevoeligheidsanalyse een handige manier om te checken hoe robuust de MKBA-uitkomsten zijn. Wij onderzoeken hier de gevoeligheid van de uitkomst voor de volgende posten: - kosten van de aanleg van de gracht; - kosten van de beweegbare brug; - toename bestedingen; - toename veiligheidsrisico. Kosten aanleg gracht De kostenraming is deterministisch opgesteld met een variatiecoëfficiënt van 40 % op basis van de beschikbare informatie. Dit is een reële nauwkeurigheid in dit stadium van het project waarin nog veel onzekerheden en onduidelijkheden onbenoemd zijn. Bij het opstellen van de kostenraming hoort ook een bandbreedte voor de schatting van de investeringskosten. Deze bandbreedte geeft met 70 % zekerheid aan dat de investeringskosten hiertussen vallen. De twee grenzen van deze bandbreedte zijn gebruikt in de gevoeligheidsanalyse voor de investeringskosten van het aanleggen van de Prinsengracht, zie tabel 5.2.
Voor zowel een lagere inschatting als een hogere inschatting van de kosten blijft het saldo negatief en de batenkostenratio kleiner dan 1, waarmee de uitkomst van de MKBA robuust is voor variatie in de kosten van het opengraven van de Prinsengracht.
Tabel 5.2 Gevoeligheidsanalyse aanleg Prinsengracht
kosten
Variabel
Prinsengracht
-40 %
EUR 2.462.326
saldo
EUR -7.646.702
B/K ratio
0,01
kosten
basis
EUR 4.178.877
saldo
EUR -9.174.677
basis
0,01
kosten
+40 %
saldo
EUR 5.745.427 EUR -10.929.803
B/K ratio
0,01
Kosten aanleg beweegbare brug Onderdeel van de deterministische kostenraming is de beweegbare brug ter hoogte van de kruising van de Marktstraat/Kromme Elleboog met de Prinsengracht/Prinsenplein. Net zoals bij de kostenraming van de gracht is bij de kostenraming van de beweegbare brug gebruik gemaakt van een variatiecoëfficiënt van 40 % met een bandbreedte van 70 %. In de gevoeligheidsanalyse tonen wij wat er gebeurt als er geen beweegbare brug gebouwd wordt en als deze kosten 40 % hoger uitvallen, zie tabel 5.3. Te zien is hier, dat de B/K ratio met 0.07 punt omhoog schiet ten opzichte van de basis uitkomsten echter verandert de conclusie van de MKBA daardoor niet. Ditzelfde geldt ook voor een 40 % hogere inschatting van de kosten. Hiermee kan worden geconcludeerd dat de uitkomst van de MKBA robuust is voor variatie in de kosten van het aanleggen van de beweegbare brug.
41 | 42
Witteveen+Bos | 117983/ | Definitief 1
Tabel 5.3 Gevoeligheidsanalyse beweegbare brug
kosten
Variabel
Prinsengracht
geen beweegbare brug
EUR 0,0
saldo
EUR -5.561.888
B/K ratio
0,02
kosten
basis
EUR 3.801.365
saldo
EUR -9.174.677
basis
0,01
kosten
+40 %
saldo
EUR 5.321.910 EUR -10.883.798
B/K ratio
0,01
Toename bestedingen Voor de toename van de bestedingen in de detailhandel is gekozen de variabele in deze gevoeligheidsanalyse te variëren tussen 0 en +50 % De uitkomst en de B/K ratio zijn vervolgens vergeleken met de basisanalyse om het effect van de variatie te bepalen. In het geval van de bestedingen binnen het centrum Meppel is dat de koopkrachttoevloeiing voor zowel dagelijks als niet-dagelijkse artikelen. Dit is de mate waarin een aankoopplaats koopstromen aantrekt vanuit een andere gemeente, regio of provincie, uitgedrukt als een percentage van de totale bestedingen. Een toe- of afname van dit percentage leidt tot een verandering in de omzet van de detailhandel, en daarmee de netto winst. tabel 5.4 toont dat het effect op het saldo van de MKBA weliswaar groot is, maar dat het de uitkomst van de MKBA niet verandert. De MKBA kan ook op deze baat als robuust worden beschouwd.
Tabel 5.4 Gevoeligheidsanalyse toename bestedingen Variabel baat
koopkrachttoevloeiing in Meppel verandert niet door aanleg van de Prinsengracht
saldo
EUR 0,0 EUR -11.380.857
B/K ratio baat
Prinsengracht
n.v.t. basis: Koopkrachttoevloeiing dagelijkse artikelen (21,5 %) koopkrachttoevloeiing niet-dagelijkse artikelen (46 %)
EUR 2.017.605
saldo
EUR -9.174.677
basis
0,01
baat
koopkrachttoevloeiing dagelijkse artikelen (22 %) koopkrachttoevloeiing niet-dagelijkse artikelen (46,5 %)
saldo
EUR 3.246.528 EUR -8.134.329
B/K ratio
0,12
De toe- of afname van parkeerinkomsten in de gemeente Meppel zijn direct afhankelijk van de verandering in bestedingen. Deze veranderen ook mee met de gevoeligheidsanalyse voor de baat toename bestedingen. Zie tabel 5.5 voor het resultaat. Deze baat heeft geen significant invloed op het eindresultaat.
42 | 42
Witteveen+Bos | 117983/ | Definitief 1
Tabel 5.5 Gevoeligheidsanalyse parkeerinkomsten Variabel baat
koopkrachttoevloeiing in Meppel verandert niet door aanleg van de Prinsengracht
saldo
Prinsengracht EUR 0,0 EUR -11.380.857
B/K ratio baat
n.v.t. basis: Koopkrachttoevloeiing dagelijkse artikelen (21,5 %) koopkrachttoevloeiing niet-dagelijkse artikelen (46 %) bezoekers met auto dagelijks bezoekers met auto niet-dagelijks
saldo
EUR 13.539 36 244 EUR -8.383.415
B/K ratio baat
0,01 koopkrachttoevloeiing dagelijkse artikelen (22 %) koopkrachttoevloeiing niet-dagelijkse artikelen (46,5 %) bezoekers met auto dagelijks bezoekers met auto niet-dagelijks
saldo
EUR 21.077 72 370 EUR -8.134.329
B/K ratio
0,12
Toename veiligheidsrisico Kosten voor het uitrukken van hulpdiensten en het opnemen van personen in een ziekenhuis kunnen snel oplopen als er meerdere personen per jaar in de gracht vallen. tabel 5.6 toont de uitkomst van het saldo van de MKBA wanneer er één keer per 6 jaar een water gerelateerd ongeval plaatsvindt of wanneer dit twee keer per drie jaar plaatsvindt. Te zien is hier, dat het saldo van de MKBA niet dusdanig verandert dat de conclusie van de MKBA zou veranderen. Deze baat is negatief. Hierdoor is een lagere inschatting gunstig voor de uitkomst van de MKBA en een hogere inschatting ongunstig voor de uitkomst van de MKBA.
Tabel 5.6 Gevoeligheidsanalyse toename veiligheidsrisico
baat
Variabel
Prinsengracht
1 keer per 6 jaar een water-gerelateerd ongeval zou plaatsvinden waarbij hulpdiensten moeten uitrukken
EUR -1.637.340
saldo
EUR -7.725.912
B/K ratio baat
0,18 basis (1 keer per 3 jaar)
saldo
EUR 3.801.365 EUR -9.174.677
B/K ratio baat
0,01 2 keer per 3 jaar een water-gerelateerd ongeval zou plaatsvinden waarbij hulpdiensten moeten uitrukken
saldo
EUR -6.549.359 EUR -12.637.932
B/K ratio
5.3
n.v.t.
Conclusie
Op basis van deze MKBA concluderen wij dat de maatschappelijke kosten van het open maken van de Prinsengracht veel groter zijn dan de maatschappelijke baten. Uit de gevoeligheidsanalyse blijkt dat dit resultaat robuust is.
43 | 42
Witteveen+Bos | 117983/ | Definitief 1
44 | 42
Witteveen+Bos | 117983/ | Definitief 1
Bijlage(n)
I BIJLAGE: LITERATUURVERWIJZINGEN AVV. (2006). Kosten verkeersongevallen in Nederland. Ontwikkeling 1997-2003. Rotterdam. Bade, T., Smid, G., & Lardinois, R. (2007). Eigen haard is goud waard: over de economische baten van cultuurhistorisch erfgoed. Triple E Productios. Bakkers wereld. (2019, Augustus 9). Opgehaald van Waarde winkelpanden op toplocatie daalt: https://www.bakkerswereld.nl/nieuws/nieuws/2019/08/waarde-winkelpanden-op-toplocaties-daalt10153749?io_source=www.bakkerswereld.nl&_ga=2.91576031.417409177.16008735761582475189.1600873576 Bos, E. (2014). Bloeiende bedrijventerreinen, economische analyse ten ondersteuning presentatie. Wageningen UR, LEI, Den Haag. Opgehaald van https://edepot.wur.nl/333755 BRO. (2009). Rijngracht Woerden: Kans voor de binnenstad? Boxtel. Cascon, M., Zijlema, W., Vert, C., White, M., & Nieuwenhuijsen, M. (2017). Outdoor blue spaces, human health and well-being: A systematic review of quantitative studies. Int J Hyg envir Heal 4. doi:doi:10.1016/j.ijheh.2017.08.004 Centraal Planbureau. (2015). Rapport Werkgroep discontovoet. CPB. (2010). Stad en Land. Den Haag: de Swart. Dammers, E., Hornis, W., & Vries, J. d. (2005). Schoonheid is geld! Den Haag: Rotterdam/Ruimtelijk Planbureau. Dommelen, S. v., & Pen, C.-J. (2013). Cultureel erfgoed op waarde geschat Economische waardering, verevening en ergoedbeleid. Platform 31. Duijn, M.
v., & Rouwendal, J. (2013). Cultureel erfgoed en het vestigingsgedrag van huishoudens. 45-52. Ecorys. (2012). 'Veiligheid in Maatschappelijke Kosten-Baten Analyse. Rijkswaterstaat, Dienst Verkeer en Scheepvaart. HVA. (2017). De klimaatbestendige wijk. Amsterdam: Urban Technology Faculteit Techniek van de Hogeschool van Amsterdam. HVA. (2020). De hittebestendige stad. Amsterdam: Faculteit Techniek, Hogeschool van Amsterdam. INretail. (2019). Omzetkengetallen 2018. Jacobs, C., Lisette, K., Michael , B., Joao, C., Sanda, L., & Jeroen, K. (2020). Are Urban water bodies really cooling? Urban Climate, 32. KiM. (2013). De maatschappelijke waarde van kortere en betrouwbare reistijden. KSO. (2020). Koopstromen Oost-Nederland 2019. Enschede. NIBUD. (2002). Berekening verhuiskosten bij renovties. Nationaal Instituut Budgetvoorlichting. Oozo. (2020). Oozo cijfers meppel. Opgehaald van Wetenswaardigheden, cijfers en statistieken over Meppel: https://www.oozo.nl/cijfers/meppel PBL. (2010). Wat natuur de mens biedt. Ecosysteemdiensen in Nederland. Planbureau voor de Leefomgeving . PBL. (2015). Waardering van stedelijk groen en blauw. Planbureau voor de Leefomgeving. Opgehaald van https://www.pbl.nl/publicaties/waardering-van-stedelijk-groen-en-blauw-evaluatie-van-hetgebruik-van-de-teeb-stad-tool Rijkswaterstaat, D. V. (1 februari 2012). Veiligheid in Maatschappelijke Kosten-Baten Analyse.
RIVM. (2017). Natural Capital Model : Technical documentation of the quantification, mapping and monetary valuation of urban ecosystem services. Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVM. doi:10.21945/RIVM-2017-0040 RIVM. (2019). Ontwikkeling standaard Stresstest Hitte. Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. doi:10.21945/RIVM-2019-0008
Witteveen+Bos | 117983/ | Bijlage I | Definitief 1
RIVM. (2020). Snel inzicht in de waarde van groen en water in de stad. Opgehaald van https://www.teebstad.nl/ Ruijgrok, E., Brouwer, R., & Verbruggen, H. (2004). Waardering van Natuur, Water en Bodem in Maatschappelijke Kosten-Batenanalyses. Aanvulling op de Leidraad OEI. In samenwerking met de ministeries van Verkeer en Waterstaat, Economische Zaken, Financiën en VROM. In opdracht van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit. Steeneveld, G., Koopmans, S., Heusinkveld, B., & Theeuwes, N. (2014). Refreshing the role of open water surfaces on mitigating the maximum urban heat island effect. Landscape and Urban Planning, 9296. STOWA. (2009). MKBA in het waterbeheer. Witteveen + Bos in opdracht van STOWA. SWOV. (2009). Kosten van verkeersongevallen. Factsheet. Leidschendam: SWOV. SWOV. (2019). Ernstige verkeersgewonden in Nederland. Den Haag: SWOV. Opgehaald van https://www.swov.nl/feiten-cijfers/factsheet/ernstig-verkeersgewonden-nederland Vastned. (2020). Jaaverslag 2019. Amsterdam: Vastned Retail NV. Vreke, J., Salverda, I., & Langers, F. (2010). Niet bij Rood alleen: buurtgroen en sociale cohesie. Wageningen: Alterra. W+B. (2004). Economische waardering van cultuurhistorie. Rotterdam: Witteveen+Bos.
Witteveen+Bos | 117983/ | Bijlage I | Definitief 1
II BIJLAGE: VERSLAG STADSGESPREK 2019
Witteveen+Bos | 117983/ | Bijlage II | Definitief 1
III BIJLAGE: KOSTENRAMING
Witteveen+Bos | 117983/ | Bijlage III | Definitief 1
IV BIJLAGE: LIJST MET POTENTIËLE BATEN
Witteveen+Bos | 117983/ | Bijlage IV | Definitief 1
V BIJLAGE: VERSLAG WERKSESSIE MET STAKEHOLDERS 4 SEPTEMBER 2020
Witteveen+Bos | 117983/ | Bijlage V | Definitief 1
www.witteveenbos.com