CConstaterende datMeppel
Koppel je AI →
Document · PDF

College 1.14.8 Bijlage 5 - Rapportage voortgang per doelstelling Drentse Energietafel 2023

1 - RAADSVERGADERING 30 maart 2023, gemeente MeppelBij agendapunt: Categorie 1: Voor kennisgeving aannemen1.890 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

BIJLAGE 5 VOORTGANG DOELSTELLINGEN RES 1.0 REGIO DRENTHE Doelstelling Vermeden CO2 uitstoot 0,7 Mton CO2 reductie

Op te wekken elektriciteit 3,45 TWh hernieuwbare elektriciteit in 2030

Opwek De Drentse bijdrage is 3.45 TWh en is als volgt opgebouwd: 1,123 TWh wind 1,249 TWh zon op land, 0,893 TWh grootschalig zon op dak, 0,234 TWh techniek neutraal in 2030.

Toelichting

Voortgang

Met de 3,45 TWh aan hernieuwbare energieproductie van de RES-regio Drenthe wordt een bijdrage geleverd aan de emissie reductie in Nederland.

Op 31 december 2022 is er sprake van 385,3 kton vermeden CO2. Door de introductie van de systematiek gerealiseerd/pijplijn valt deze vermeden CO2 een fractie lager uit dan in juli 2022 (oude systematiek), toen de vermeden CO2-uitstoot 387,4 kton was.

We maken onderscheid tussen zonne-energie op land, zonne-energie op dak, windenergie en techniek neutraal. Techniek neutraal betekent dat er nog invulling aan moet worden gegeven; het kan gaan om opwekking van elektriciteit door middel van zonne-energie op land, zonneenergie op dak en windenergie.

We constateren dat op 31 december 2022 met de huidige opwek van 1,899 TWh een aanzienlijk deel van onze bijdrage van 3,45 TWh is gerealiseerd, namelijk 55,0%. Dit is berekend volgens de huidige NP RES systematiek.

Per gemeente monitoren we de realisatiegraad en status van de opwek van hernieuwbare elektriciteit in TWh.

Op 31 december 2022 was de stand van zaken m.b.t. de invulling van de Drentse bijdrage van 3,45 TWh als volgt: • Huidig (=gerealiseerd): 0.885 TWh wind, 0,598 TWh zon op land en 0.416 TWh zon op dak. • Pijplijn: 0,135 TWh wind, 0,619 TWh zon op land, 0,081 TWh zon op dak. • Ambities: 0,104 TWh wind, 0,295 TWh zon op land en 0,402 TWh zon op dak, 0,065 TWh als techniekneutraal.

1

Op 31 december 2022 zat er voor 0,835 TWh aan projecten in de pijplijn en er stond 0,866 TWh als te realiseren ambities open. Een klein deel daarvan, 0,065 TWh, is de techniek neutrale ambitie van enkele gemeenten

Warmtebesparing gebouwde omgeving In de periode tot 2030 wordt door RES-regio Drenthe heeft een de gebouwde omgeving voor besparingsdoelstelling voor warmte. Dit wordt warmte 15% minder energie gemonitord aan de hand van de jaarlijkse gebruikt: van 3,9 TWh in 2020 naar gegevens over het aardgasverbruik in de 3,3 TWh in 2030. bebouwde omgeving.

Initiatieven warmtebesparing Inwoners en bedrijven worden gemotiveerd tot het nemen van geen-spijt maatregelen. Initiatieven en energiecoöperaties worden gestimuleerd en er wordt een beweging van ambassadeurs opgebouwd.

Aardgasvrije wijken/hybride wijken In de Transitievisie Warmte (TVW) van de gemeenten zijn wijken genoemd waar plannen zijn om in de periode tot 2030 van het aardgas af te gaan.

In 2021 is iets meer aardgas gebruikt in de gebouwde omgeving dan in 2020. Dit is te verklaren doordat in deze periode, vanwege het toen geldende coronabeleid, veel meer mensen thuis hebben gewerkt in vergelijking met de jaren daarvoor.

Inwoners en bedrijven worden door de overheid geïnformeerd over de noodzaak om energie te besparen, duurzaam op te wekken en te gebruiken. Ook moet de overheid duidelijke kaders en mogelijkheden meegeven om daadwerkelijk tot actie over te gaan. Dit proces wordt versneld wanneer de energietransitie ook lokaal wordt opgepakt.

In de RES-regio Drenthe zijn er vanuit inwoners 25 initiatieven die met warmtebesparing bezig zijn. Insteek bij deze groepen is vooral om energie – gebruik voor verwarmen - te besparen. Incidenteel houden deze initiatieven zich ook al bezig met de overstap naar duurzame warmtebronnen.

Met het opstellen van de Transitievisie Warmte werken de gemeenten aan het aardgasvrij maken van woonwijken.

Alle Drentse gemeenten hebben in de afgelopen periode een Transitievisie Warmte vastgesteld. In de basis zetten vrijwel alle gemeentes voor de komende jaren in op het besparen van energie voor warmte.

Op basis van de regionale verdeling valt op dat er voor dit onderwerp in iets meer dan de helft van de Drentse gemeenten groepen actief zijn. In de andere gemeenten ontbreken burgerinitiatieven die zich hiermee bezighouden.

Vijf gemeenten hebben geen specifieke wijken of gebieden beschreven die op korte termijn stappen richting aardgasvrij gaan maken. De overige gemeenten hebben hier wel - in totaal 17 wijken/buurten/gebieden/dorpen- voor aangewezen.

2

Experimenten warmte Innovatie bij lokale en regionale bedrijven wordt gestimuleerd.

Participatiebeleid De gemeenten geven vorm aan hun eigen energiebeleid. Evenals de gemeenten draagt de provincie Drenthe zorg voor participatiebeleid bij energieprojecten.

Procesparticipatie Er vindt procesparticipatie plaats in de ontwikkeling, bouw en exploitatie van een energieproject.

Het gaat om het toepassen van innovatie in de gebouwde omgeving op het gebied van duurzame warmte, in de vorm van: (1) gebruik nieuwe warmtebronnen en/of technieken (2) optimalisatie inzet ICT en/of techniek, (3) conversie energie en/of opslag, (4) besparing warmtevraag

In 8 van de 12 Drentse gemeentes vinden experimenten op het gebied van warmte plaats. Het gaat hierbij o.a. om maatregelen om energie te besparen in de gebouwde omgeving, het gebruik van waterstof, het decentraal opwekken van groen gas en het gebruik van warmtebatterijen.

Gemeenten die energiebeleid hebben, verscherpen en/of actualiseren dit beleid indien dat nodig is. Hierbij kiezen ze voor een participatieproces dat bij deze herziening past. Enkele gemeenten werken op dit moment aan energiebeleid.

Op dit moment hebben nagenoeg alle gemeenten energiebeleid opgesteld. Op het moment van vaststelling van de RES 1.0 had de meerderheid van de Drentse gemeenten en de provincie Drenthe al vastgesteld energiebeleid. Er is na de vaststelling van de RES 1.0 in enkele gemeenten nieuw beleid ontwikkeld, enkele gemeenten ontwikkelen op dit moment hun energiebeleid.

Onder procesparticipatie verstaat de RES-regio Drenthe het actief en inhoudelijk informeren van de omgeving in het proces van het project, en het meepraten, meedenken, meedoen, adviseren en/of meebeslissen van de omgeving over de inpassing, reductie overlast, randvoorwaarden, etc. richting de besluitvorming.

Bij nagenoeg alle zonneparken is sprake geweest van een participatieproces, waarbij eigen gemeentelijk beleid, de landelijke gedragscodes en/of maatwerkafspraken tussen gemeente en initiatiefnemer leidend waren. De mate van participatie verschilt per park. De procesparticipatie was voornamelijk gericht op ontwerp en inrichting en financiële participatie. In een enkel geval konden inwoners ook participeren met betrekking tot de locatiekeuze.

3

Financiële participatie Er vindt financiële participatie plaats in de ontwikkeling, bouw en exploitatie van een energieproject.

Lokaal eigendom Er wordt gestreefd naar 50% lokaal eigendom bij nieuwe energieprojecten.

Zon op land per soort locatie Onze doelstelling is zoveel mogelijk zonne-energie binnen de gebouwde omgeving op te wekken.

Onder financiële participatie verstaat de RESregio Drenthe de mogelijkheid voor de omgeving om financieel deel te nemen aan het project of op een andere manier profijt te hebben van een tegemoetkoming, door middel van financiële deelneming, een omgevingsfonds, een omwonendenregeling en/of een eenmalige maatschappelijke bijdrage.

Bij veel energieprojecten wordt de mogelijkheid geboden tot financiële participatie, door bijvoorbeeld aandelen in het project. Bij enkele energieprojecten is daarnaast sprake van een omgevingsfonds en/of een eenmalige bijdrage aan een of meerdere lokale maatschappelijke doelen.

Onder lokaal eigendom verstaat de RES-regio Drenthe eigendom van de lokale omgeving waarbij iedereen (inwoners en lokale bedrijven) in de omgeving de kans krijgt om mee te investeren en mede-eigenaar te worden en de brede omgeving betrokken is als mede-eigenaar (vaak als collectief samenwerkingsverband).

Lokaal eigendom zien we nog bij weinig projecten. Overheden zetten hier steeds steviger op in. Bij enkele projecten is het daardoor gelukt om lokaal eigendom te realiseren. We verwachten dat dit bij nieuwe projecten vaker zal lukken, aangezien de bijbehorende vergunningstrajecten zijn gestart na vaststelling van de RES 1.0-regio Drenthe – het moment dat we afspraken te streven naar 50% lokaal eigendom. Het niet-juridisch kunnen afdwingen van lokaal eigendom blijft een groot knelpunt, dat de voortgang in de weg zit.

Door grootschalige productie van zonne-energie Veel zonneparken die zijn ontwikkeld na vaststelling van de RES 1.0 binnen de gebouwde omgeving wordt de druk sluiten aan op deze doelstelling. Enkele zonneparken zijn niet op het landschap verminderd. Voordat we gesitueerd binnen de gebouwde omgeving. nieuwe locaties voor zon-op-landprojecten aanwijzen op landbouwgronden, kijken we daarom zorgvuldig naar mogelijkheden binnen de bebouwde omgeving.

4

Ruimtegebruik opwek zon op land Bij zon-op-landprojecten streven we naar combinaties met meerwaarde voor andere functies en beleidsdoelstellingen en/of waarbij sprake is van meervoudig ruimtegebruik.

Aandacht landschap Bij het realiseren van zon-op-landprojecten, windturbines en nieuwe elektriciteitsstations hebben we aandacht voor het Drentse landschap. We houden rekening met een aantal landschapsclassificaties en eigenschappen.

De druk op de Drentse ruimte is groot, zon-oplandprojecten nemen veel ruimte in. Daarom willen we de ruimte zo goed mogelijk benutten zoals no-regret locaties. No-regret locaties zijn locaties waar de impact op het landschap van een nieuw zon-op-land-project minimaal is, bijvoorbeeld op of nabij bedrijventerreinen of glastuinbouwgebieden. Vaak is ook sprake van meervoudig ruimtegebruik.

Bij de meeste zonneparken die zijn vergund na vaststelling van de RES 1.0 is er sprake van meervoudig ruimtegebruik. Er zijn een paar zonneparken zonder meervoudig ruimtegebruik maar wel gelegen op een no-regret locatie.

We monitoren energieprojecten gecombineerd met Drentse landschapsclassificaties en andere eigenschappen die met het landschap samenhangen.

Bij de meeste gerealiseerde zonneparken (>80%) is aandacht voor het landschap in de vergunningsaanvraag meegenomen. Het is inmiddels een vast toetsingscriterium voor de beoordeling van vergunningsaanvragen geworden.

Effecten op natuurwaarden, biodiversiteit en bodemkwaliteit De doelstelling is aandacht hebben De verzamelde informatie draagt bij aan de voor effecten op natuurwaarden, bewustwording en een beter begrip van de biodiversiteit en bodemkwaliteit bij wisselwerking tussen energieprojecten en ontwikkeling van zon-op-landeffecten op natuurwaarden, biodiversiteit en projecten, windturbines en bodemkwaliteit. grootschalige inzet van duurzame warmtebronnen.

5

De effecten op natuurwaarden, biodiversiteit en bodemkwaliteit zijn kwalitatief beschreven. De verplichte Natuurtoets leidt ertoe dat in vrijwel alle projecten (>90%) naar de effecten op flora en fauna wordt gekeken. Diverse projecten laten zien dat men meer kan doen dan de wettelijke eisen, als gevolg van de natuurtoets.

Verleende vergunningen Benodigde vergunningen voor energieprojecten zijn vóór 1 januari 2025 verleend.

Ruimtelijke afspraken Ruimtelijke afspraken borgen in Omgevingsvisie en plannen.

Verleende vergunningen bieden inzicht in het tempo, de schaal en de manier waarop energieprojecten in de loop van de tijd ruimtelijk worden ingebed. De datum 1 januari 2025 komt voort uit de landelijke RESdoelstelling, vanuit de gedachte dat men daarna nog 5 jaar de tijd heeft om alle vergunde energieprojecten te realiseren. Voor zon-op-dak is overigens in de regel geen vergunning nodig.

Inmiddels zijn er circa 185 vergunningen verleend. Volgens de monitor hebben op dit moment dertien vergunning plichtige projecten zicht op vergunningverlening vóór 1 januari 2025, maar dit aantal groeit als gevolg van netcongestie niet of nauwelijks. Netaansluiting vormt een randvoorwaarde bij de beoordeling van vergunningsaanvragen en belemmert op die manier projectinitiatieven.

Voor het aanwijzen van nieuwe locaties voor zon-op-land-projecten en windturbines zijn afspraken gemaakt. We monitoren per gemeente wat de status is en in hoeverre de afspraken geborgd zijn in plannen.

De provincie en veel gemeenten hebben na vaststelling van de RES 1.0 eigen omgevingsbeleid vastgesteld waarin ook ruimtelijke afspraken in het licht van RES 1.0 zijn opgenomen. Bijlage 9 bij het Voortgangsdocument RES-regio Drenthe 2023 bevat een overzichtstabel van dit nieuwe beleid per organisatie.

6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Meppel&id=0c8f29d4-fef3-49d3-a859-8a264e54fb49