CConstaterende datMeppel
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage - Adviesraad Sociaal Domein Meppel - Gevraagd advies college regiovisie jeugdhulp

1 - RAADSVERGADERING 18 december 2025, gemeente MeppelBij agendapunt: Zienswijze gemeenteraad regiovisie JHRD1.198 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

College van Burgemeesters en Wethouders Meppel Postbus 501 7940 AM Meppel Onderwerp: gevraagd advies regiovisie jeugdhulp

Datum: 9 oktober 2025

Geacht college, De voorliggende concept visie op regionale jeugdhulp is een met daadkracht, stevige intentie en prachtige doelstellingen geschreven stuk. Het leest makkelijk en heeft een geruststellende toon dat het nu goed komt: “..jeugdigen en hun gezinnen kunnen nu daadwerkelijk passende hulpverlening krijgen…” zoals in de visie staat. Wat ook fijn is om te lezen is dat het niet meer gaat om het belang van de jeugdhulpstructuur, maar om de leefwereld van het kind en dat het gericht is op het versterken van het gewone leven. (Pag 4) Zoals al een tijdje in de rechten van het kind staat, is nu de intentie dat het kind centraal stellen in de context van de leefwereld ook werkelijk gaat gebeuren. De adviesraad juicht dit toe. Betrokkenheid en verbinding worden belangrijker geacht dan beheersing. Een sterk samenspel tussen lokale en regionale aanpak en acties is nodig en er gaat gewerkt worden vanuit de bedoeling. Mooie leidende principes in deze visie. Net als beschikbaarheid, bereikbaarheid en betaalbaarheid van de hulpverlening ook belangrijke pijlers zijn. Zo kun je bijna op elke pagina wel iets naar voren halen wat er goed uitziet. Een sterk geschreven stuk dus. En zoals al is aangeven in het stuk, is de praktijk als altijd weerbarstig en hangt de kracht van deze visie erg af van de uitvoering van elk individueel hulpverleningsproces.

Omdat het vooral gaat over visie, is het dus afwachten wat de uitvoering brengt. En met dat in gedachten heeft de adviesraad een aantal aandachtspunten die zij graag wil meegeven. Sommige punten kunnen wellicht ook een directe link met de uitvoering hebben. Aandachtspunten: 1. Zoals overal, maar zeker ook in hulpverleningsprocessen, zijn de toon en de woordkeus belangrijk in de communicatie. a. In de visie staat dat jeugdigen en gezinnen ook daadwerkelijk passende hulpverlening krijgen. Dit impliceert dat dit eerder niet het geval is geweest en is daarmee een oordeel op het eerdere werk van professionals. Als dit ook de bedoeling is, dan gewoon laten staan.

b. “Aanbieders en professionals voegen kennis en kunde toe aan gezin, kind en andere professionals in het kwadrant”. Dit impliceert dat kind en gezin ook kennis en kunde hebben. Als dit zo bedoeld is, werk dit dan verder uit want dit besef is ook een basisstuk in de samenwerking. Zie ook aandachtspunt 2. c. “..kiezen voor koers die begint bij de leefwereld..” Dit is mooi gezegd, echter het begint toch altijd bij de leefwereld? De hulpverlening begint en eindigt bij de leefwereld. Daarbij zou het passend zijn wanneer organisaties in hun doelstelling hebben staan dat zij streven naar overbodigheid. Past ook bij het centraal stellen van het kind en de leefwereld en niet de systeemwereld. d. “…actief luisteren naar stem (wensen en behoeften) van de jeugdigen en gezin/opvoeders, dat ook expliciet gevraagd wordt naar wensen en behoeften en dat deze betrokken worden bij het bepalen van passende hulp…”. Door in plaats van betrokken worden te praten over dat deze van invloed zijn, wordt het meer een richtlijn dan een keuze. Het zou ook, in het kader van normaliseren, goed zijn om uit te werken wie bepaalt wat passende hulpverlening is en hoe deze rol tijdens de hulpverlening wellicht verschuift. e. “…een kind mag struikelen…” heeft een toestemmende toon. Ietwat bevoogdend ook, terwijl kinderen gewoon struikelen. Gezinnen ook.

Iedereen struikelt wel eens en dan is de kracht van de contextuele leefwereld belangrijk. Evenals ook de bereikbaarheid én beschikbaarheid van professionele ondersteuning. Zo zijn er in deze visie wel meer van deze voorbeelden naar voren te halen, wellicht kan nu volstaan worden met deze voorbeelden en dat er met deze blik nog een keer naar de visie wordt gekeken. 2. “…duidelijk maken dat hulpverleners maar ook verwijzers, naast jeugdigen en hun sociale context staan…” Het is de mening van de adviesraad dat deze aanpak vereist dat de kwaliteit van de vaardigheden van de professionals wordt doorontwikkeld of verder aangescherpt. Het zijn de professionals, die de gesprekken moeten voeren en het hulpverleningsproces gaan ondersteunen. Ook al staat in het stuk dat er training moet komen voor professionals, dit is te mager. Zoiets wordt namelijk altijd gezegd. Als het gaat om termen als “regie daar laten waar het hoort” en “normaliseren van gezinssituaties” zijn specifieke vaardigheden vereist. Dus maak het specifiek door te spreken over deskundigheidsbevordering op bijvoorbeeld: a. Samenwerking b. Regievoering en regieshift gedurende het hulpverleningsproces c. Communicatie en houding die passend en nodig zijn bij het centraal stellen van de jeugdige en de samenwerking met de leefwereld van de jeugdige. 3.

Er wordt wel gesproken over regievoering bij maar het wordt minimaal uitgewerkt waar dan de regie ligt. Waar ligt de regie vanaf de start van de hulpverlening en kan dit verschuiven gedurende dit proces en zo ja, hoe dan. 4. Zoals ook staat in de leidende principes is reflectie en monitoring vanzelfsprekend. Monitoring is niet hetzelfde als leren. Vaak wordt monitoring uitgewerkt in termen van efficiëntie en kosten. In de aanhef van de visie wordt aangegeven dat dit een nieuwe aanpak is. Men werkt vanuit bedoeling en van sommige zaken weet men nog niet precies hoe het zal uitpakken. a. Dan is het wellicht ook goed om een universiteit en/of hogeschool mee te nemen in dit proces om te kijken of deze aanpak ook leidt tot normaliseren van de

gezinssituatie en/of thuissituatie. Wat zijn dan in dit nieuwe de werkende en de remmende factoren. En hoe kunnen we het geleerde inpassen en/of toevoegen aan een al lopende hulpverleningsproces. 5. Het zou goed zijn dat, naast dat dit een nieuwe aanpak is, ook wordt uitgewerkt waarom men denkt dat kind en gezin bij deze andere koers baat hebben. Het zou passen bij de bedoeling. 6. Betaalbaarheid is een pijler in deze visie. Is het geen uitgelezen moment om in plaats van kosten en financiële haalbaarheid te gaan spreken van een realistische investering in de jeugd als het gaat om geld? 7. In de Regiovisie staat bij de beschikbaarheid in hoofdstuk 2: "Onze visie op beschikbaarheid vraagt ook om een cultuuromslag: van aanbodgericht naar vraaggericht werken. Niet de jongere moet zich aanpassen aan het bestaande aanbod; de expertise moet zich bewegen naar waar de jongere is. Flexibiliteit, interdisciplinaire samenwerking en het loslaten van organisatiebelangen zijn hierin cruciaal." Dit klinkt als de zorg dichtbij brengen wat goed aansluit bij IZA. De zorg van de adviesraad is dat deze, gewenste, cultuuromslag, veel beslag zal leggen op professional en organisatie. Er zal veel energie en tijd gestoken moeten worden. Niet alleen als professional en organisatie heb je dan wat te doen, maar ook de samenwerking met andere belanghebbenden zal aandacht vereisen.

De adviesraad beseft dat men al doende leert, echter dat kan en mag niet te koste gaan van de jeugdige en gezin. Zij moeten bij de nieuwe aanpak baat hebben. Het zou goed zijn als men in de visie daar rekening mee houdt en aangeeft hoe men dit spanningsveld wil aanvliegen. Wij wensen u veel succes met de verdere uitwerking van de visie en zien graag uw reactie op onze aandachtspunten tegemoet. Adviesraad Sociaal Domein Meppel Secretaris Voorzitter

Thijs Visser

Gerard Velthuis

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Meppel&id=2215bf85-f58d-4996-891b-139a54574a10