Bijlage 2 - Reactienota zienswijzen omgevingsvisie
Tekst van het document
Reactienota zienswijzen Nota beantwoording zienswijzen Omgevingsvisie Gemeente Meppel
28 februari 2025
Inhoudsopgave 1.
Inleiding .......................................................................................................................................... 3 1.1 Overzicht van de ontvangen zienswijzen ...................................................................................... 3
2.
Reacties op de zienswijzen .......................................................................................................... 5 2.1 Zienswijze 1 Provincie Drenthe ..................................................................................................... 5 2.2 Zienswijze 2: Waterschap Drents Overijsselse Delta .................................................................... 5 2.3 Zienswijze 3: EnergieAlternatief Drenthe (EAD) ........................................................................... 6 2.4 Zienswijze 4: Natuur en Milieufederatie Drenthe (NMF Drenthe) ................................................. 7 2.5 Zienswijze 5: LTO Noord ............................................................................................................... 7 2.6 Zienswijze 6: Belanghebbende inwoner (geanonimiseerd)........................................................... 8 2.7 Zienswijze 7: Belanghebbende inwoner (geanonimiseerd)........................................................... 9 2.8 Zienswijze 8: TenneT TSO B.V. ..................................................................................................... 9 2.9 Zienswijze 9: GGD Drenthe .........................................................................................................
10 2.10 Zienswijze 10: Gemeente Steenwijkerland ............................................................................... 11 2.11 Zienswijze 11: ICC Parkmanagement Meppel ........................................................................... 11 2.12 Zienswijze 12: Belanghebbende inwoner (geanonimiseerd) .................................................... 12 2.13 Zienswijze 13: Belanghebbende inwoner (geanonimiseerd) .................................................... 13 2.14 Zienswijze 14: Belanghebbende inwoner (geanonimiseerd) .................................................... 14 2.15 Zienswijze 15: Cumela .............................................................................................................. 15 2.16 Zienswijze 16: Belanghebbende inwoner (geanonimiseerd) .................................................... 15 2.17 Zienswijze 17: Belanghebbende inwoner (geanonimiseerd) .................................................... 16 2.18 Zienswijze 18: Belanghebbende inwoner (geanonimiseerd) .................................................... 17 2.19 Zienswijze 19: Belanghebbende inwoner (geanonimiseerd) .................................................... 18 2.20 Zienswijze 20: Prorail ................................................................................................................
18 2.21 Zienswijze 21: Belanghebbende inwoner (geanonimiseerd) .................................................... 19 2.22 Zienswijze 22: Natuurbeschermingswacht ................................................................................ 19 2.23 Zienswijze 23: Belanghebbende inwoner (geanonimiseerd) .................................................... 20 2.24 Zienswijze 24: Belanghebbende inwoner (geanonimiseerd) .................................................... 21 2.25 Zienswijze 25: ZTF Vastgoed BV .............................................................................................. 21
3.
Bijlagen ......................................................................................................................................... 23
2
1. Inleiding De ontwerp Omgevingsvisie Meppel is een belangrijke stap in het vormgeven van de toekomst van onze gemeente. Het document schetst een ambitieus en integraal kader voor ruimtelijke ontwikkelingen, duurzaamheid, en leefkwaliteit. Tijdens de terinzagelegging, van 15 september tot en met 31 oktober 2024, kregen inwoners, organisaties en belanghebbenden de gelegenheid om zienswijzen in te dienen. Daarnaast vond op 1 oktober 2024 een goedbezochte inloopavond plaats in schouwburg Ogterop, waar belangstellenden vragen konden stellen en hun mening konden delen. De zienswijzenota biedt een overzicht van de ingediende reacties en laat zien hoe de gemeente deze heeft gewogen en verwerkt. Het doel is transparantie te bieden in het proces en inzicht te geven in eventuele aanpassingen van de ontwerpvisie op basis van de ingediende zienswijzen.
1.1 Overzicht van de ontvangen zienswijzen Tijdens de terinzageperiode zijn in totaal 24 zienswijzen ontvangen. Deze reacties zijn afkomstig van een diverse groep indieners, waaronder ketenpartners (zoals provincie Drenthe, Waterschap Drents Overijsselse Delta, en buurgemeenten), belangengroeperingen (zoals Natuur en Milieufederatie Drenthe en LTO Noord) en individuele inwoners van Meppel. Elke zienswijze wordt in deze nota afzonderlijk behandeld. Hierbij worden de volgende onderdelen besproken: 1. Samenvatting van de zienswijze: Een beschrijving van de ingediende reactie. 2. Overweging: Het gemeentelijk standpunt en de afwegingen naar aanleiding van de zienswijze. 3. Conclusie: Een beoordeling of de zienswijze leidt tot aanpassingen in de ontwerp Omgevingsvisie. De zienswijzen zijn geanonimiseerd wanneer deze afkomstig zijn van particulieren. In de onderstaande tabel is een overzicht opgenomen van de ingekomen zienswijze. In de bijlage zijn alle originele zienswijzen gebundeld. Nr.
Documentnummer
Gedateerd
Ontvangstdatum
Ontvankelijk
1.
3002528
5-11-2024
5-11-2024
Ja
2.
3006159
5-11-2024
6-11-2024
Ja
3.
3001355
5-11-2024
7-11-2024
Ja
4.
3002511
6-11-2024
6-11-2024
Ja
3
Nr.
Documentnummer
Gedateerd
Ontvangstdatum
Ontvankelijk
5.
3002490
29-10-2024
29-10-2024
Ja
6.
3001323
4-11-2024
5-11-2024
Ja
7.
3003068
27-9-2024
27-9-2024
Ja
8.
3002514
8-10-2024
7-11-2024
Ja
9.
3003068
5-11-2024
5-11-2024
Ja
10.
3003068
5-11-2024
5-11-2024
Ja
11.
3005413
5-11-2024
5-11-2024
Ja
12.
3001325
3-11-2024
5-11-2024
Ja
13.
3001354
5-11-2024
7-11-2024
Ja
14.
3001337
5-11-2024
6-11-2024
Ja
15.
3002419
8-10-2024
8-10-2024
Ja
16.
3001296
30-10-2024
1-11-2024
Ja
17.
3006163
Geen datum
6-11-2024
Ja
18.
3001352
5-11-2024
7-11-2024
Ja
19.
3001178
21-10-2024
22-10-2024
Ja
20.
3003068
7-10-2024
7-10-2024
Ja
21.
3001356
5-11-2024
7-11-2024
Ja
22.
3006135
28-10-2024
29-10-2024
Ja
23.
3006065
1-10-2024
1-10-2024
Ja
24.
3003068
26-9-2024
26-9-2024
Ja
25.
3006172
5-11-2024
11-11-2024
Ja
Tabel 1: Overzicht ingekomen zienswijzen
4
2. Reacties op de zienswijzen Hieronder is een samenvatting opgenomen van de binnengekomen zienswijzen en is deze voorzien van een gemeentelijke reactie.
2.1 Zienswijze 1 Provincie Drenthe Samenvatting De provincie Drenthe complimenteert de gemeente Meppel met de ambitie en toegankelijkheid van de ontwerp Omgevingsvisie. De provincie vraagt echter om specifieke aandacht voor: • Behoud en bescherming van beekdalen, in het bijzonder bij de geplande ontwikkeling van bedrijventerrein Noord IV. • Het creëren van een duidelijke groene buffer tussen Meppel en Nijeveen om het dorpse karakter en het cultuurhistorisch erfgoed te behouden. • Locatiekeuze voor wind- en zonne-energie, waarbij negatieve effecten op het Natuurnetwerk Nederland en landschappelijke kernkwaliteiten worden vermeden. Overweging De gemeente Meppel onderschrijft het belang van het beschermen van beekdalen en zal bij toekomstige planuitwerkingen van Noord IV rekening houden met de ecologische en hydrologische waarden. Voor de groene buffer tussen Meppel en Nijeveen wordt nader onderzocht hoe de meest passende invulling kan worden gewaarborgd. Bij de locatiekeuze voor duurzame energieopwekking wordt nadrukkelijk rekening gehouden met de adviezen van de provincie. Conclusie Deze zienswijze leidt tot: 1. Een nadruk op het belang van beekdalen bij de uitwerking van de omgevingsvisie. 2. De noodzaak voor een groene buffer tussen Meppel en Nijeveen wordt gedeeld.
In de strategische kaartlaag ‘ontwikkelen’ hebben we een zone met groene functies opgenomen (beoogd voor natuurinclusieve landbouw en parkzones). In de toekomstige gebiedsontwikkeling moet deze groene buffer verder invulling krijgen.
2.2 Zienswijze 2: Waterschap Drents Overijsselse Delta Samenvatting Het waterschap waardeert de aandacht voor water en bodem in de ontwerpvisie en benadrukt: • Het belang van waterberging, met name in kwetsbare gebieden zoals het beekdal bij de Oude Vaart. 5
• •
Toepassing van de principes uit het position paper "Water en Bodem sturend" bij toekomstige ruimtelijke plannen. Voortzetting van de samenwerking tussen gemeente en waterschap bij de verdere uitwerking van plannen.
Overweging De gemeente erkent het belang van water- en klimaatbestendigheid als fundament voor ruimtelijke plannen. De principes uit "Water en Bodem sturend" worden integraal meegenomen in de verdere beleidsontwikkeling. Daarnaast blijft de gemeente actief samenwerken met het waterschap om wateropgaven tijdig en adequaat op te pakken. Conclusie Deze zienswijze leidt tot: 1. De principes van "Water en Bodem sturend" zijn meegenomen in de visie. Bij de uitwerking van beleid en concrete gebiedsontwikkeling maakt de gemeente dit concreet. 2. De gemeente zet de samenwerking met het waterschap voort.
2.3 Zienswijze 3: EnergieAlternatief Drenthe (EAD) Samenvatting EnergieAlternatief Drenthe (EAD) uit uitgebreide kritiek op de geplande energietransitie binnen de ontwerp Omgevingsvisie. Zij wijzen op de volgende belangrijke punten: • Gezondheidseffecten van windturbines: EAD benadrukt de negatieve impact van laagfrequent geluid en slagschaduw op de gezondheid van omwonenden. Zij vragen om onafhankelijk onderzoek en een striktere toepassing van geluidsnormen. • Cumulatieve effecten: De clustering van windturbines in regio’s zoals De Wolden, Steenwijkerland en Meppel leidt tot ongewenste milieueffecten en vraagt om breder onderzoek naar regionale impact. • Alternatieven: EAD pleit voor het serieus overwegen van kernenergie als alternatief voor weersafhankelijke energiebronnen zoals wind en zon. • Actualiteit van RES-doelen: Ze stellen dat de landelijke RES-doelen al zijn gehaald, wat de noodzaak van aanvullende windturbines in Meppel ter discussie stelt. Overweging De gemeente Meppel erkent de zorgen rondom de impact van windturbines op de leefomgeving. Kernenergie vormt geen onderdeel van de lokale energieopgave. Bij de uitwerking van wind- en zonne-energieprojecten zal aandacht worden besteed aan gezondheidsnormen en regionale effecten. De clustering van turbines in omliggende gemeenten wordt besproken in regionale afstemming.
De landelijke doelstelling is nog niet helemaal gehaald. De doelstelling die de gemeente Meppel heeft binnen de RES Drenthe (bijdrage aan de landelijke doelstelling) is nog niet gehaald.
6
Conclusie Deze zienswijze leidt tot: 1. De gezondheidseffecten nemen we mee bij de uitwerking van windenergie.
2.4 Zienswijze 4: Natuur en Milieufederatie Drenthe (NMF Drenthe) Samenvatting NMF Drenthe complimenteert de ambitie en toegankelijkheid van de ontwerp Omgevingsvisie, maar uit zorgen over: • Landschapsbescherming: De plaatsing van windturbines en zonneparken mag geen negatieve invloed hebben op waardevolle natuurgebieden zoals het Reestdal, Dwingelderveld, en Weerribben/Wieden. • Ecologische impact: Zij vragen om onderzoek naar habitatverlies en sterfte onder vogels en vleermuizen door windturbines. • Participatie: Er is behoefte aan meer betrokkenheid van inwoners bij besluitvorming over locaties voor duurzame energie. Overweging De gemeente onderschrijft het belang van landschaps- en natuurbescherming en heeft oog voor natuurgebieden bij grootschalige energieopwekking. Participatie is een essentieel onderdeel bij energieprojecten. Conclusie Deze zienswijze leid niet tot wijzigingen in de omgevingsvisie.
2.5 Zienswijze 5: LTO Noord Samenvatting LTO Noord uit zorgen over de beperkte aandacht voor de agrarische sector in de ontwerp Omgevingsvisie. De zienswijze richt zich op: • Ruimte voor agrarische bedrijven: De sector vraagt om expliciete erkenning van het belang van landbouw in het buitengebied en om flexibiliteit bij bedrijfsontwikkeling. • Natuurontwikkeling: LTO Noord benadrukt het belang van vrijwillige participatie bij natuurontwikkeling en waarschuwt voor dwingend beleid. • Beleidsdoelen: Zij stellen dat doelen zoals groenblauwe dooradering alleen haalbaar zijn met provinciale of nationale financiering. • Waterbeheer: Er zijn zorgen over het effect van grondwaterpeilverhoging op landbouwbedrijven, vooral in veeteeltgebieden.
7
Overweging De gemeente herkent het belang van de agrarische sector en heeft in de omgevingsvisie expliciet aandacht besteed aan landbouw in het buitengebied. Vrijwillige participatie blijft het uitgangspunt bij natuurontwikkeling en de gemeente erkent het belang van het verdienmodel van de agrariër. De zorgen over het waterbeheer zijn begrijpelijk. We nemen als gemeente niet het voortouw in het waterbeheer in het landelijk gebied. Voor een toekomstbestendige bedrijfsvoering is het wel van belang dat deze past bij het water- en bodemsysteem, agrariers zijn uiteraard onderdeel van het zoeken naar deze balans. Conclusie Deze zienswijze leidt tot: 1. Het belang van landbouw nemen we mee bij de beleidsuitwerking voor het buitengebied.
2.6 Zienswijze 6: Belanghebbende inwoner (geanonimiseerd) Samenvatting De inwoner verzet zich tegen de stelling in de omgevingsvisie dat uitstoot van fossiele brandstoffen de grootste oorzaak is van klimaatverandering. Hij betoogt dat wetenschappelijke studies aantonen dat opwarming grotendeels door natuurlijke processen wordt veroorzaakt, met slechts een marginale menselijke bijdrage aan CO2-uitstoot. Inwoner uit kritiek op het streven naar hernieuwbare energie (zon en wind), wijzend op instabiliteit, netcongestie en hoge kosten. Verder stelt inwoner dat de focus op duurzame energie een onhaalbare en onbetaalbare koers is en pleit voor een realistischer beleid met behoud van fossiele brandstoffen. Overweging De gemeente volgt het Klimaatakkoord als basis voor haar duurzaamheidsbeleid. Dit akkoord is gebaseerd op een brede wetenschappelijke consensus die aangeeft dat de reductie van CO2-uitstoot essentieel is voor het tegengaan van klimaatverandering. De gemeente waardeert de inbreng en erkent de zorgen over kosten, stabiliteit en uitvoerbaarheid. Hoewel alternatieve perspectieven worden overwogen, blijven de kernprincipes van het Klimaatakkoord leidend. Het beleid is gericht op een pragmatische en haalbare transitie, waarbij rekening wordt gehouden met innovatie, betaalbaarheid en samenwerking.
De gemeente blijft transparant en zal blijven onderzoeken hoe alternatieve technologieën bijdragen aan de energietransitie, binnen de kaders van nationale afspraken. Conclusie Deze zienswijze leidt tot: 1. Behoud van het huidige duurzaamheidsbeleid zoals vastgelegd in het Klimaatakkoord en de RES. 2. Aandacht voor kosten, stabiliteit (van het net) en uitvoerbaarheid bij de uitwerking van energieprojecten. 8
3. We houden onze ogen open voor innovaties en andere vormen van duurzame energie, de gemeenteraad heeft in eerste instantie gekozen voor zon- en windenergie.
2.7 Zienswijze 7: Belanghebbende inwoner (geanonimiseerd) Samenvatting De indiener beklaagt zich over het gebrek aan respons vanuit de gemeente bij eerdere communicatiepogingen en uit frustraties over het wijkplatform in Haveltermade. Belangrijke punten zijn: • Het wijkplatform vertegenwoordigt niet adequaat de bewoners. • Er is onvoldoende dialoog met individuele inwoners. Overweging De gemeente onderneemt actie om de verbinding met bewoners te versterken. Specifiek voor Haveltermade stellen we een wijkagenda op door zorgvuldige afweging met de wijk. Conclusie Deze zienswijze leidt tot: 1. Specifiek voor de omgevingsvisie niet tot aanpassingen. 2. Voor het wijkgericht werken onderzoekt de gemeente hoe de dialoog met de inwoners zo goed mogelijk vorm kan krijgen. Er is reeds gestart met de dialoog voor de wijkagenda.
2.8 Zienswijze 8: TenneT TSO B.V. Samenvatting TenneT waardeert de aandacht voor duurzame energie in de ontwerp Omgevingsvisie, maar wijst op het belang van: • Bescherming van infrastructuur: De visie moet explicieter rekening houden met bestaande en toekomstige hoogspanningsinfrastructuur, waaronder het hoogspanningsstation Meppel-Noord en nieuwe verbindingen. • Locatiekeuzes: Zij pleiten voor zorgvuldig gekozen locaties voor wind- en zonneenergie om interferentie met het hoogspanningsnetwerk te voorkomen. • Veiligheid: Het toepassen van voorzorgsmaatregelen bij gevoelige bestemmingen nabij hoogspanningslijnen om risico’s en magneetveldeffecten te beperken. • Ruimtebeslag: Zij vragen om het ruimtebeslag van toekomstige netontwikkelingen expliciet op te nemen in de visie. Overweging De gemeente erkent het belang van een robuuste energie-infrastructuur en zal in de Omgevingsvisie explicieter verwijzen naar bestaande en geplande hoogspannings-netwerken. Aanvullende richtlijnen betrekken we bij de ontwikkeling van locaties voor duurzame energie in 9
afstemming met TenneT, waarbij rekening wordt gehouden met veiligheid en magneetveldzones. Conclusie Deze zienswijze leidt tot: 1. Aanpassing van de kaart in de Omgevingsvisie om middenspanning- en hoogspanningsinfrastructuur expliciet in beeld te brengen. 2. Toezegging om afstemming met TenneT te continueren bij toekomstige planvorming en ervan uitgaan dat TenneT dat andersom ook doet.
2.9 Zienswijze 9: GGD Drenthe Samenvatting De GGD Drenthe complimenteert de ontwerp Omgevingsvisie voor de aandacht voor gezondheid, maar heeft specifieke aanbevelingen: • Gezondheidsnormen: Strengere normen voor luchtkwaliteit, geluidsoverlast en slagschaduw, vooral bij de ontwikkeling van wind- en zonne-energie. • Ruimtelijke planning: Het creëren van gezonde en leefbare wijken met meer groen en ruimte voor recreatie. • Monitoringssystemen: Het opnemen van meetbare indicatoren om de gezondheidseffecten van ruimtelijke ontwikkelingen te monitoren. • Bewustwording: Meer aandacht voor de impact van duurzame energie op gezondheid en leefkwaliteit in communicatie met bewoners. Overweging De gemeente deelt de visie van de GGD Drenthe dat gezondheid een centrale rol moet spelen in ruimtelijke ontwikkelingen. We gaan uit van landelijke normen. Er wordt gewerkt aan een monitoringssysteem om de effecten van ruimtelijke plannen op gezondheid te meten. In communicatie met bewoners wordt aandacht besteed aan de impact van duurzame energie. Voor het sociaal domein werkt de gemeente op dit moment aan preventief beleid. Conclusie Deze zienswijze leidt tot: 1. Extra aandacht voor gezondheidsnormen bij de uitwerking van beleid, in ieder geval bij het omgevingsprogramma gezonde leefomgeving. 2. Voortzetting van de prettige samenwerking bij uitwerking van beleid. 3.
Er is binnen de gemeente Meppel een monitoringsplan en daarin nemen we gezondheidseffecten mee.
10
2.10 Zienswijze 10: Gemeente Steenwijkerland Samenvatting De gemeente Steenwijkerland heeft geen inhoudelijke bezwaren tegen de ontwerp-Omgevingsvisie van Meppel en spreekt haar waardering uit voor de wijze waarop deze tot stand is gekomen. Steenwijkerland benadrukt dat zij graag wil blijven samenwerken aan grensoverschrijdende thema’s, zoals de opwek van windenergie en de verkenning van de A32-zone binnen de regionale energiestrategie (REB2040). Overweging De gemeente Meppel waardeert de positieve houding en de bereidheid tot samenwerking van Steenwijkerland. Het grensoverschrijdende karakter van thema’s zoals windenergie en mobiliteit vraagt om een integrale aanpak en regionale afstemming. De aandachtspunten die Steenwijkerland benoemt sluiten goed aan bij de ambitie van Meppel om duurzame energie en infrastructuur op een verantwoorde wijze in te passen in de ruimtelijke ontwikkeling. Conclusie Deze zienswijze leidt tot: 1. Voortzetten en versterken van de regionale samenwerking op het gebied van duurzame energieopwekking, met name windenergie. 2. Intensiveren van de afstemming over de A32-zone binnen de REB2040-strategie. 3. Betrekken van Steenwijkerland bij relevante vervolgstappen in de uitvoering van de omgevingsvisie.
2.11 Zienswijze 11: ICC Parkmanagement Meppel Samenvatting ICC Parkmanagement Meppel is over het algemeen positief over de positie van economie in de Omgevingsvisie maar vraagt nog aandacht voor onder andere het dekken van kosten voor transformatie van bestaande bedrijventerreinen, het behoud van fysieke ruimte voor de economie en een nadere uitwerking van begrippen als "toegevoegde waarde” en “licence to operate”. Belangrijkste punten zijn: Bedrijventerreinen: Er is behoefte aan meer ruimte voor lokale en regionale bedrijven om te groeien. Ook hecht ICC Parkmanagement waarde aan een gezamenlijke oplossing om bedrijven op de juiste plek in de gemeente te krijgen. • Duurzaamheid: ICC Parkmanagement benadrukt dat verduurzaming haalbaar en betaalbaar moet blijven voor ondernemers en dat hier een financiering voor gevonden moet worden. • Bereikbaarheid: Goede bereikbaarheid van bedrijventerreinen en het centrum is essentieel voor economische vitaliteit. Overweging De gemeente Meppel omarmt de handreiking van ICC Parkmanagement om tot een gezamenlijke inzet te komen voor een verbeterde en een toekomstbestendige invulling van het bedrijfsleven in Meppel. De gemeente erkent het belang van ondernemers en ruimte voor 11
ondernemen en heeft nadrukkelijk aandacht voor bedrijventerreinen en bereikbaarheid. Omdat ruimte schaars is, willen we graag ruimte bieden aan bestaande bedrijven die qua aantal en aard van werkgelegenheid belangrijk zijn van Meppel om te groeien. Als het kan op hun huidige locatie, als het moet op een nieuwe locatie.In de Omgevingsvisie wordt gesproken over “licence to operate”. De gedachte hierbij is dat verduurzaming van producten en productieprocessen uiteindelijk geen keuze is maar een verplichting. Door druk vanuit wetgeving en afnemers van producten zullen bedrijven de transities door moeten gaan. Wie dit doet krijgt nieuwe kansen, wie dit niet doet, zal uiteindelijk het bestaansrecht als bedrijf verliezen. We verwachten niet van bedrijven dat ze deze transities geheel zelf kunnen doorlopen. Waar mogelijk en nodig zullen wij ons georganiseerd bedrijfsleven hierbij ondersteunen met kennisontwikkeling en in contact brengen met subsidiebronnen Conclusie Deze zienswijze leidt tot: 1. De toezegging om het onderwerp “toekomstbestendigheid van onze bedrijventerreinen” samen met ons georganiseerd bedrijfsleven verder uit te werken. 2. Hierbij oog te houden voor het feit dat verduurzaming haalbaar en betaalbaar moet zijn voor ondernemers. 3. Het begrip "toegevoegde waarde” wordt met consultatie van het georganiseerd bedrijfsleven uitgewerkt. 4.
In de Economische Agenda die in 2025 wordt opgesteld, worden verdere procesafspraken gemaakt over hoe de samenwerking op het gebied van ondernemersdienstverlening kan worden verbeterd. 5. De ontbrekende locatie wordt in de definitieve versie toegevoegd.
2.12 Zienswijze 12: Belanghebbende inwoner (geanonimiseerd) Samenvatting Inwoner waardeert de brede ambities van de omgevingsvisie, maar uit zorgen over de bescherming van het cultuurhistorisch erfgoed in Meppel. Inwoner noemt specifieke voorbeelden, zoals een recent bouwwerk aan de Keizersgracht dat volgens omwonenden niet past bij de historische omgeving. Ook de geplande bouw aan Herberg het Plein roept weerstand op. Daarnaast benadrukt hij het belang van een gezonde leefomgeving en pleit hij voor het stimuleren van natuurinclusieve landbouw rondom Meppel, terwijl hij negatieve milieueffecten van traditionele landbouwactiviteiten aanhaalt. Ten slotte benadrukt hij het belang van stedelijke voorzieningen zoals bibliotheken, musea, muziekscholen, verenigingen, en sportfaciliteiten, die volgens hem essentieel zijn voor sociale samenhang, educatie, en toerisme. Overweging De gemeente erkent het belang van het behoud van cultuurhistorisch erfgoed en acht de toetsing van bouwplannen aan welstandscriteria van belang. De zorgen over bouwplannen aan de Keizersgracht en het Herberg het Plein krijgen een plek in het toekomstig omgevingsprogramma ruimtelijke kwaliteit. Voor landbouw en milieu worden maatregelen opgenomen in het programma biodiversiteit, het op te stellen programma buitengebied en het omgevingsplan.
Deze instrumenten bieden een kader om natuurinclusieve landbouw te bevorderen en 12
negatieve milieueffecten te mitigeren. Voorzieningen in de breedte blijven een prioriteit in de uitwerking van de visie, gezien hun rol in sociale, culturele en toeristische ontwikkeling. Conclusie Deze zienswijze leidt tot: 1. Bescherming van cultuurhistorisch erfgoed in het toekomstig omgevingsprogramma ruimtelijke kwaliteit. 2. Uitwerking van natuurinclusieve landbouw in relevante programma’s zoals biodiversiteit en het buitengebied. 3. Prioriteit voor de verdere beleidsuitwerking in het strategisch huisvestingsplan voor maatschappelijke accommodaties.
2.13 Zienswijze 13: Belanghebbende inwoner (geanonimiseerd) Samenvatting Inwoner maakt bezwaar tegen de plannen voor het bedrijventerrein en de plaatsing van windturbines in het gebied Noord IV (Nijentap). Inwoner benadrukt het verlies van leefkwaliteit, waardedaling van hun woningen en gezondheidsrisico’s door de geplande ontwikkelingen. Specifieke aandachtspunten zijn: • Windturbines: De verschuiving van zoekgebieden voor windmolens naar het noorden vergroot negatieve effecten op mens, natuur, en landschap. Ze wijzen op toenemende zorgen over gezondheidseffecten en pleiten voor alternatieven. • Bedrijventerrein: De combinatie van een bedrijventerrein met windturbines leidt tot inbreuk op de leefomgeving en roept twijfels op over ruimtelijke motivatie en milieueffecten. • Participatie en communicatie: De familie voelt zich onvoldoende betrokken en roept op tot betere informatievoorziening en inspraakmogelijkheden. • Draagvlak en compensatie: Ze vragen aandacht voor de ongelijke verdeling van lasten en baten, en pleiten voor een eerlijke compensatieregeling voor direct betrokkenen. Overweging De gemeente neemt de zorgen serieus en onderkent de impact van de geplande ontwikkelingen op de leefomgeving. Bij de verdere uitwerking van de plannen wordt extra aandacht besteed aan een zorgvuldige afweging van de ruimtelijke effecten.
Gezondheids- en milieueffecten van windmolens worden grondig onderzocht, waarbij de mogelijkheid voor compensatie van direct betrokken bewoners wordt meegenomen. Participatie en communicatie krijgen prioriteit in het proces, met als doel het vertrouwen van bewoners te herstellen en te waarborgen dat zij voldoende worden geïnformeerd en gehoord. Conclusie Deze zienswijze leidt tot: 1. Uitvoering van impactonderzoek bij uitwerking van beleid naar gezondheids- en milieueffecten. 13
2. Onderzoek naar een compensatiebeleid voor direct betrokken bewoners. 3. Uitwerken van participatie- en communicatiestrategieën bij planontwikkeling. 4. Zorgvuldige ruimtelijke inpassing van windturbines en bedrijventerrein Noord IV.
2.14 Zienswijze 14: Belanghebbende inwoner (geanonimiseerd) Samenvatting De indieners, een drietal leden van de expertgroep omgevingsvisie, waarderen de ontwerp omgevingsvisie en hebben actief bijgedragen aan de ontwikkeling ervan. Ze benadrukken dat de visie verder ontwikkeld moet worden als een toekomstverhaal dat beleefd en gevoeld wordt, met een participatief vervolg. Enkele specifieke aandachtspunten zijn: • Ruimtelijke kwaliteit: verbetering van stads- en binnenstadsontwikkeling, behoud van historisch karakter, en uitbreiding van natuur- en groenwaarden in de omgevingsvisie. • Mobiliteit: het creëren van een logischer verkeersstructuur, scheiden van fiets- en autoverkeer, en optimalisatie van OV-ontsluiting, inclusief beter gebruik van het stationsgebied. • Toerisme en economie: versterking van Meppel als toeristische en economische hub, met betere regionale verbindingen en behoud van waardevolle historische gebieden. • Participatie: een levend proces creëren waarin inwoners en ondernemers actief blijven bijdragen aan de visie, bijvoorbeeld via festivals of burgerbegrotingen. Overweging De gemeente waardeert de inbreng van de indieners en ziet de zienswijze als een bevestiging van de brede en integrale aanpak van de Omgevingsvisie. De voorgestelde thema’s, zoals ruimtelijke kwaliteit, mobiliteit en participatie, sluiten goed aan bij de ambities van de gemeente.
Het behoud van historisch erfgoed en de verdere uitwerking van groenwaarden worden meegenomen in het stedelijk beleid. Mobiliteitsvraagstukken, zoals het scheiden van fiets- en autoverkeer en de verbetering van het stationsgebied, zullen worden opgenomen in het toekomstige mobiliteitsprogramma. Participatie wordt versterkt bij de uitwerking in onder andere omgevingsprogramma’s door middel van een strategie die ruimte biedt voor innovatieve vormen. Conclusie Deze zienswijze leidt tot: 1. Uitwerking van ruimtelijke kwaliteit in het verlengde van de omgevingsvisie met een focus op historisch erfgoed en groenwaarden in een omgevingsprogramma. 2. Uitwerking van mobiliteitsvraagstukken krijgen een plek in het toekomstige mobiliteitsprogramma. 3. Blijvend ontwikkelen van een participatiedialoog in omgevingsprogramma’s om de visie levend te houden. 4. Versterking van de toeristische en economische positie van Meppel als regionale hub als kans te zien.
14
2.15 Zienswijze 15: Cumela Samenvatting Cumela pleit voor meer aandacht voor de positie van de grond-, weg- en waterbouwsector (GWW-sector) in de Omgevingsvisie. Belangrijke punten zijn: • Erkenning van de economische rol van de sector. • Behoefte aan ruimte voor opslag en logistieke activiteiten. • Afstemming over toekomstige infrastructurele projecten. Overweging De gemeente waardeert de inbreng van Cumela en ziet de economische rol van de GWWsector. Er wordt bij werken aan de weg en nieuwe infrastructuur goed gecommuniceerd, zowel met de directe omgeving als met belanghebbenden. Conclusie Deze zienswijze leidt tot: 1. De zienswijze leidt niet tot aanpassingen van de omgevingsvisie.
2.16 Zienswijze 16: Belanghebbende inwoner (geanonimiseerd) Samenvatting Inwoner maakt bezwaar tegen de aanwijzing van het gebied tussen Nieuwveense Landen en Nijeveen als "onderzoeksgebied niet-woonfuncties." Inwoner benadrukt dat Nijeveen zijn eigen identiteit moet behouden en vreest dat bebouwing in dit gebied zal leiden tot een vervaging van de grens tussen Nijeveen en Meppel, waardoor het dorp meer op een buitenwijk van Meppel zou gaan lijken. Inwoner wijst op de cultuurhistorische waarde van het open landschap en stelt alternatieve locaties voor maatschappelijke voorzieningen of woningbouw voor, zoals gebieden ten oosten of westen van Nieuwveense Landen of ten zuiden van de Matenweg. Inwoner pleit ervoor het betreffende gebied als open landschap te behouden om de zelfstandigheid van Nijeveen te waarborgen. Overweging De gemeente waardeert de zienswijze van en erkent het belang van het behoud van de dorpsidentiteit van Nijeveen. Het open landschap tussen Meppel en Nijeveen draagt bij aan de cultuurhistorische waarde en versterkt de leefkwaliteit. Bij de verdere uitwerking van de Omgevingsvisie is de status van het gebied als "onderzoeksgebied niet-woonfuncties" heroverwogen. Alternatieve locaties voor maatschappelijke voorzieningen en woningbouw worden onderzocht om de impact op de identiteit van Nijeveen te minimaliseren.
Daarnaast blijft het onderscheid van Meppel en Nijeveen een belangrijk uitgangspunt in de ruimtelijke ordening. Conclusie Deze zienswijze leidt tot:
15
1. De aanwijzing van het gebied tussen Meppel en Nijeveen als onderzoeksgebied aanpassen naar ruimte voor groene functies (natuurinclusieve landbouw, groen- en park zones, sportvoorzieningen). 2. Behoud van het onderscheid tussen Meppel en Nijeveen als uitgangspunt in toekomstige plannen.
2.17 Zienswijze 17: Belanghebbende inwoner (geanonimiseerd) Samenvatting Inwoner uit zorgen over de impact van elektromagnetische straling (EMS) op de gezondheid en pleit voor een stralingsbewuste benadering in de omgevingsvisie. Specifieke punten zijn: • Gezondheidsimpact: EMS veroorzaakt volgens inwoner verschillende gezondheidsklachten, zoals slaapproblemen en moeheid, en heeft negatieve effecten op planten, dieren en mensen. • Bewustwording: Ze benadrukt dat er meer onderzoek en voorlichting nodig is over de effecten van straling en pleit voor beleidsaanpassingen die rekening houden met stralingsgevoeligheid. • Innovatie: Ze ziet kansen voor Meppel als trendsetter, bijvoorbeeld door een stralingsarme wijk te creëren met stralingsvrije voorzieningen en toerisme, en te investeren in stralingsarme technologieën zoals bekabelde netwerken. • Vergelijking met roken: Ze vergelijkt straling met het "nieuwe roken" en benadrukt de noodzaak van een mentaliteitsverandering om de gezondheid van inwoners te beschermen. Overweging De gemeente neemt kennis van de zorgen van en volgt de landelijke richtlijnen met betrekking tot elektromagnetische straling, zoals vastgesteld door het RIVM en de Rijksoverheid. Conclusie Deze zienswijze leidt niet tot aanpassingen.
16
2.18 Zienswijze 18: Belanghebbende inwoner (geanonimiseerd) Samenvatting De indieners uiten forse kritiek op de plannen voor Noord IV en de manier waarop de besluitvorming rondom het gebied is verlopen. Hun belangrijkste bezwaren zijn: • Leefkwaliteit en waardevermindering: Ze vrezen dat hun woonkwaliteit fors achteruitgaat door de combinatie van een bedrijventerrein en windturbines, en stellen dat de waarde van hun woning al is gedaald door de plannen. • Regionale samenwerking zonder inspraak: De indieners geven aan verrast te zijn door bestuurlijke afspraken tussen Meppel en omliggende gemeenten zoals De Wolden, Steenwijkerland en Westerveld, zonder dat bewoners daar voldoende over zijn geïnformeerd. • Politieke en commerciële motieven: Ze bekritiseren de afwegingen achter eerdere plannen, zoals het themapark, dat volgens hen vooral politiek en commercieel gedreven was en uiteindelijk onhaalbaar bleek. Ze vrezen dat eenzelfde patroon zich herhaalt met de plannen voor windturbines. • Negatieve effecten van windenergie: De familie verwijst naar recente kritische rapporten en Kamervragen over windmolens op land en pleit ervoor deze inzichten mee te nemen in de besluitvorming. • Verzoek tot heroverweging: Ze vragen de gemeente expliciet of en wanneer deze bereid is om af te zien van de huidige plannen, gezien de groeiende maatschappelijke weerstand tegen windenergie op land.
Overweging De gemeente herkent de zorgen van de indieners en begrijpt dat de ontwikkelingen rondom Noord IV impact hebben op hun gevoel van zekerheid en leefbaarheid. De ruimtelijke ontwikkelingen in dit gebied worden zorgvuldig afgewogen en zijn onderdeel van bredere regionale en provinciale afspraken binnen de RES en het Omgevingsprogramma Noord IV. De keuze voor windenergie en bedrijventerreinen is gebaseerd op de duurzaamheidsopgave en economische ontwikkeling van Meppel. Bij de verdere uitwerking van de plannen wordt rekening gehouden met de nieuwste inzichten over de effecten van windenergie, waarbij milieueffecten en gezondheidsaspecten worden onderzocht. Daarnaast blijft de gemeente inzetten op transparantie en participatie om bewoners beter te betrekken bij toekomstige besluitvorming. Conclusie Deze zienswijze leidt tot: 1. Voortzetting van de planvorming voor Noord IV, met aandacht voor landschappelijke en ruimtelijke kwaliteit. 2. Uitvoering van onderzoeken naar de milieueffecten en gezondheidsimpact van windenergie in het gebied. 3. Uitgebreid aandacht voor participatie en communicatie over bestuurlijke afspraken en ruimtelijke keuzes, ook in regionaal verband. 4. Monitoring van nationale en internationale ontwikkelingen rond de effectiviteit en impact van windturbines op land.
17
2.19 Zienswijze 19: Belanghebbende inwoner (geanonimiseerd) Samenvatting De inwoner uit kritiek op de huidige focus op zonneparken en windmolens als methoden voor duurzame energieopwekking. Hij stelt dat zonneparken particuliere eigenaren van zonnepanelen benadelen door netwerkoverbelasting en wijst op de inefficiëntie van thuisaccu’s. In plaats daarvan pleit hij voor de opwekking van waterstofgas met zonne-energie, zoals ontwikkeld door de Universiteit van Leuven, en voor opslag van waterstof in de zomer voor gebruik in de winter. Inwoner verzet zich tegen de bouw van 250 meter hoge windmolens nabij Nijeveen, vanwege de aantasting van de leefomgeving en de onbalans in het elektriciteitsnetwerk. Inwoner pleit ook voor een toekomstgerichte investering in kernenergie, met als voorbeeld de ontwikkeling van de gesmolten-zoutreactor. Ten slotte roept inwoner op om gezondheidsnormen voor windmolens strenger toe te passen, vergelijkbaar met normen voor warmtepompen. Overweging De gemeente waardeert de suggesties van de indiener en erkent het belang van innovatie in de energietransitie. Op dit moment focust Meppel zich voor de Regionale Energiestrategie (RES) op wind- en zonne-energie, waarbij landelijke wet- en regelgeving wordt gevolgd, inclusief normen voor geluid en afstand.
Andere vormen van duurzame energie, zoals kernenergie, worden gezien als waardevolle innovaties op de lange termijn. De effecten van zonneparken en windmolens op de leefomgeving krijgen bijzondere aandacht, en de gemeente committeert zich aan het strikt toepassen van gezondheids- en geluidsnormen. Conclusie Deze zienswijze leidt tot: 1. De gemeente blijft vasthouden aan de focus op wind- en zonne-energie binnen de RES-opgave, met aandacht voor goede ruimtelijke inpassing. 2. Toepassing van gezondheids- en geluidsnormen wordt gewaarborgd ofwel via landelijke normen of via lokaal te ontwikkelen normen.
2.20 Zienswijze 20: Prorail Samenvatting ProRail geeft aan dat de ontwerp Omgevingsvisie geen aanleiding geeft tot het indienen van een zienswijze. Zij verwijzen naar eerdere opmerkingen die zij tijdens de Notitie Reikwijdte en Detailniveau hebben ingebracht. Overweging De gemeente neemt kennis van de reactie van ProRail en waardeert de eerdere inbreng bij de Notitie Reikwijdte en Detailniveau. Er wordt geen verdere actie ondernomen. Conclusie Deze zienswijze leidt niet tot aanpassingen.
18
2.21 Zienswijze 21: Belanghebbende inwoner (geanonimiseerd) Samenvatting Inwoner maakt bezwaar tegen de plannen voor het bedrijventerrein en de plaatsing van windturbines in het gebied Noord IV (Nijentap). De belangrijkste zorgen zijn: • Leefkwaliteit en toekomstperspectief: de combinatie van een bedrijventerrein en windturbines nabij hun woonomgeving leidt volgens hen tot waardedaling van woningen, gezondheidsrisico's, en verlies van leefkwaliteit. • Draagvlak en participatie: ze uiten kritiek op het participatieproces en het gebrek aan serieuze betrokkenheid van bewoners bij besluitvorming. Ze zien financiële participatie voor andere groepen als oneerlijk. • Ruimtelijke impact: ze vragen om een onderzoek naar cumulatieve milieueffecten van de plannen, met aandacht voor negatieve gevolgen voor bewoners en natuur. • Windenergie: ze wijzen op de toenemende weerstand tegen windmolens op land, benadrukken negatieve gezondheidseffecten en pleiten voor alternatieven. Overweging De gemeente herkent de zorgen en onderkent het belang van een zorgvuldige afweging van ruimtelijke, sociale en ecologische effecten. Bij de verdere uitwerking van de plannen voor Noord IV wordt het onderzoeken van de cumulatieve milieueffecten en de impact op de leefomgeving van belang geacht. Gezondheidsrisico’s van windmolens worden meegenomen in aanvullende studies.
Het participatieproces wordt versterkt om bewoners in een vroeg stadium te betrekken en hun inspraak te waarborgen. Tevens wordt gekeken naar een eerlijk compensatiebeleid om de lasten en baten beter te verdelen. Conclusie Deze zienswijze leidt tot: 1. Uitvoering van onderzoeken naar milieueffecten en gezondheidsrisico’s bij de uitwerking. 2. Onderzoek naar een compensatiebeleid voor direct betrokken bewoners. 3. Voortzetting van aandacht voor het participatieproces bij concretisering planvorming om betrokkenheid van bewoners te verbeteren. 4. Zorgvuldige ruimtelijke inpassing van bedrijventerrein en windturbines in Noord IV.
2.22 Zienswijze 22: Natuurbeschermingswacht Samenvatting De Stichting Natuurbeschermingswacht wijst erop dat de ontwerp Omgevingsvisie in strijd is met meerdere richtlijnen, waaronder de Habitatrichtlijn en de Kaderrichtlijn Water. De stichting stelt dat het Omgevingseffectrapport (OER) niet voldoet aan de vereisten voor een passende beoordeling en dat de visie mogelijk significante negatieve effecten kan hebben op Natura 2000-gebieden. De stichting betoogt dat de staat van instandhouding van deze gebieden onvoldoende wordt verbeterd en dat er onvoldoende waarborgen zijn voor waterkwaliteit. Ze pleiten voor een herziening van de visie met een grondige passende beoordeling en
19
roepen op tot duidelijke rechtsbescherming door beroepsmogelijkheden te bieden tegen de omgevingsvisie. Overweging De gemeente erkent het belang van een zorgvuldige besluitvorming voor besluiten met mogelijke gevolgen voor Natura 2000-gebieden en waterkwaliteit. In het OER is naast een MER ook een passende beoordeling opgenomen. Het OER wordt opnieuw getoetst om te garanderen dat dit voldoet aan de vereisten van de Habitatrichtlijn en de Kaderrichtlijn Water. De Omgevingsvisie is een dynamisch document en wordt op basis van de beleidscyclus voortdurend geactualiseerd. Waar nodig wordt bij die actualisaties bijgestuurd om negatieve effecten op Natura 2000-gebieden te voorkomen. De Algemene wet bestuursrecht kent geen mogelijkheden om beroep in te stellen tegen de omgevingsvisie. De gemeente Meppel voldoet aan de vereisten in de Omgevingswet met betrekking tot vaststellen van de omgevingsvisie. Conclusie Deze zienswijze leidt tot: 1. Extra aandacht in het definitieve Omgevingseffectrapport aan de passende beoordeling op strategisch niveau en nader toegelicht wat er in het kader van vervolgbesluiten en procedures nodig is voor concrete gebiedsontwikkeling..
2.23 Zienswijze 23: Belanghebbende inwoner (geanonimiseerd) Samenvatting De inwoner uit zijn ongenoegen over de omgevingsvisie, waarin hij stelt dat Meppel steeds meer op een dichtbevolkte stad begint te lijken. Hij klaagt over de nauwe bouw van nieuwe woningen en de afwezigheid of krappe afmetingen van balkons. Inwoner vindt het onbegrijpelijk dat, ondanks de doorlopende bouw, de woningnood blijft bestaan. Daarnaast pleit inwoner voor maatregelen om de luchtkwaliteit te verbeteren door houtstook te verbieden en geeft inwoner aan last te hebben van laagfrequent geluid, waarvoor regulering wordt gesuggereerd. Tot slot stelt inwoner dat groenbeheer niet door een loonbedrijf moet worden uitgevoerd. Overweging De gemeente erkent dat het behoud van leefkwaliteit een belangrijk aandachtspunt is. De woningdichtheid en het gebrek aan wooncomfort, zoals balkons, worden meegenomen in de afwegingen bij toekomstige bouwplannen. Houtstook en laagfrequent geluid zijn onderwerpen die landelijk worden gereguleerd. Voor groenbeheer wordt onderzocht of lokale uitvoering de betrokkenheid en kwaliteit kan verhogen. Conclusie Deze zienswijze leidt tot: 1. Woningdichtheid en wooncomfort worden goed afgestemd in toekomstige bouwplannen. 2. Aandacht voor houtstook en laagfrequent geluid blijft afgestemd op de landelijke richtlijnen. 20
2.24 Zienswijze 24: Belanghebbende inwoner (geanonimiseerd) Samenvatting Inwoner waardeert de toekomstgerichte benadering in de Omgevingsvisie en benadrukt het belang van een balans tussen evenementen en leefbaarheid in de binnenstad. Ten aanzien van toerisme uit inwoner zorgen over geluidsoverlast bij evenementen zoals de "Meppeller dagen." Vooral de zware bastonen die weerkaatsen tussen de gebouwen veroorzaken overlast, waardoor sommige bewoners de stad tijdelijk verlaten. Verder merkt inwoner op dat het aantal parkeerplaatsen in de binnenstad is afgenomen, waardoor bewoners, ondanks een parkeervergunning, moeite hebben om een beschikbare plaats te vinden. Overweging De gemeente erkent het belang van een goede balans tussen levendigheid en leefbaarheid in de binnenstad. Geluidsoverlast bij evenementen is een punt van aandacht en zal worden opgenomen in het toekomstige evenementenbeleid en omgevingsplan. Voor wat betreft parkeervoorzieningen zal in het mobiliteitsprogramma extra aandacht worden gegeven aan parkeeropties voor bewoners, waaronder een heroverweging van het huidige parkeerbeleid. Conclusie Deze zienswijze leidt tot: 1. Geluidsoverlast bij evenementen en de overwegingen daarbij krijgen een plek in toekomstig evenementenbeleid. 2. Parkeervoorzieningen voor bewoners worden herzien binnen het mobiliteitsprogramma.
2.25 Zienswijze 25: ZTF Vastgoed BV Samenvatting ZTF Vastgoed BV stelt vragen bij de plaatsing van industriële windturbines en de impact hiervan op hun projecten in Meppel, met name Noordpoort. Ze benoemen de volgende punten: • Gezondheids- en milieueffecten: Windturbines brengen ernstige gezondheidsrisico's en milieuschade met zich mee, zoals slagschaduw, geluidsoverlast, en waardevermindering van vastgoed. • Ruimtelijke beperkingen: De turbines verminderen bruikbare bouwruimte door restricties rondom de turbines. • Economische impact: Het projectrisico voor Noordpoort wordt onaanvaardbaar hoog door de aanwezigheid van windturbines, wat financiering bemoeilijkt. • Alternatieven: ZTF pleit voor andere methoden van energietransitie, zoals clustering van zonnepanelen, die zij effectiever en minder schadelijk achten. • Kritiek op advies: Ze betwijfelen de onafhankelijkheid van adviseurs en vinden dat de gemeente zich teveel laat leiden door de windturbinelobby. • Historisch perspectief: Ze trekken een parallel met eerdere plannen om grachten in Meppel te dempen, die na protest werden herzien, en benadrukken dat de plaatsing van windturbines een vergelijkbare negatieve impact kan hebben. 21
Overweging De gemeente neemt de zorgen van ZTF Vastgoed BV serieus en erkent de complexiteit van de afweging tussen duurzaamheidsdoelen en ruimtelijke ontwikkelingen. Gezondheids- en milieueffecten van windturbines worden grondig onderzocht, met aandacht voor cumulatieve effecten en alternatieven. Risico’s voor grote ontwikkelingen worden zorgvuldig beoordeeld om economische haalbaarheid te waarborgen. Participatie en transparantie worden verder versterkt om vertrouwen van belanghebbenden te behouden. Conclusie Deze zienswijze leidt tot: 1. Aanvullend onderzoek naar cumulatieve milieueffecten en gezondheidsrisico’s van windturbines bij uitwerking van beleid. 2. Gebruik maken van participatie en communicatie om draagvlak te vergroten. 3. Zorgvuldige en integrale afweging van economische en ruimtelijke effecten in grote projecten zoals Noordpoort.
22
3. Bijlagen 1. Overzicht ambtshalve wijzigingen Inleiding Naast de verwerking van de ingediende zienswijzen zijn er ook enkele ambtshalve wijzigingen doorgevoerd in de ontwerp-Omgevingsvisie Meppel. Deze wijzigingen vloeien voort uit interne inzichten, technische correcties en aanvullingen op basis van voortschrijdend beleid. Het doel van deze wijzigingen is om de visie nauwkeuriger te laten aansluiten op de actuele beleidscontext en om feitelijke en cartografische correcties door te voeren. Hieronder volgt een overzicht van de belangrijkste ambtshalve wijzigingen. Overzicht van ambtshalve wijzigingen 1. Redactionele en tekstuele verbeteringen • Algemene link en vaststellingsdatum: De verwijzing naar de website www.meppel.nl/omgevingsvisie is aangepast en de definitieve versie krijgt een vermelding van de vaststellingsdatum. • Tikfouten en terminologie: Diverse correcties, zoals het consistent schrijven van "CO₂-neutraal", correcties in terminologie over het warmtetransitiebeleid en verduidelijkingen van beleidsmatige samenhang. • Aanvulling op wettelijke verplichtingen: De tekst op pagina 17 is aangepast om te verduidelijken dat met de vaststelling van de omgevingsvisie wordt voldaan aan wettelijke verplichtingen. 2. Kaartaanpassingen en cartografische correcties • Bescherming van erfgoed: Molen De Vlijt ontbrak op de kaart en is toegevoegd als monument.
• Aanpassing zoekgebied windenergie Noord IV: De weergave van de zoekgebieden voor windenergie is aangepast, zodat deze beter overeenkomt met het Omgevingsprogramma Noord IV. De term zoekgebieden is gewijzigd in kansrijke gebieden. • Correctie energie-infrastructuur: De kaarten over de energietransitie zijn aangepast door toevoeging van zoekgebieden voor biogas en de juiste plaatsing van energiehubs en hoogspanningsstations. 3. Beleidsmatige aanvullingen en verduidelijkingen • Mobiliteit en parkeren: In de tekst over mobiliteit is verduidelijkt hoe de balans tussen autovrije zones en parkeervoorzieningen wordt gewaarborgd. • Water en bodem als sturend principe: Expliciete verwijzing naar de principes van het position paper "Water en Bodem sturend" en de invloed daarvan op ruimtelijke ontwikkelingen. • Duurzame energie: Aanpassing in de paragraaf over windenergie om expliciet te vermelden dat windturbines pas mogelijk worden na aanvullend beleid en wijziging van het omgevingsplan.
23
•
Groen en cultuurhistorie: Toevoeging van een paragraaf over de bescherming van cultuurhistorisch erfgoed en beeldbepalende structuren binnen stedelijke ontwikkelingen.
4. Nieuwe beleidsverwijzingen en samenhang met andere programma’s • Overzicht bestaand beleid: In bijlage 3 is een overzicht opgenomen van bestaand beleid dat relevant is voor de omgevingsvisie en toekomstige omgevingsprogramma’s. • Uitbreiding hoofdstuk energie: Nieuwe paragraaf over kansrijke gebieden voor windenergie en een update over de rol van voormalige gaswinlocaties in het toekomstige netwerk van duurzame gassen of waterstof. • Monitoring en evaluatie: Aanvulling in hoofdstuk 8.5 over de ontwikkeling van een monitoringsplan voor de uitvoering en effectiviteit van de omgevingsvisie. Conclusie De bovenstaande wijzigingen dragen bij aan een verbeterde nauwkeurigheid en volledigheid van de Omgevingsvisie Meppel. De correcties en aanvullingen zijn technisch van aard en veranderen de hoofdlijnen van het beleid niet, maar zorgen voor een beter onderbouwde en uitvoerbare visie.
2. Bundeling ingediende zienswijzen
24