Bijlage 1 - Nota van beantwoording zienswijzen
Tekst van het document
Reactienota zienswijzen bestemmingsplan ‘Meppel – Buitengebied, herziening de Wetering 2’
Reactienota zienswijzen bestemmingsplan ‘Meppel – Buitengebied, herziening de Wetering 2’
1
Samenvatting en beantwoording zienswijzen NL.IMRO.0119.deWetering2-BPC1
12 april 2024
Reactienota zienswijzen bestemmingsplan ‘Meppel – Buitengebied, herziening de Wetering 2’
2
Inhoudsopgave ..........................................................................................................................1 Inhoudsopgave .....................................................................................................3 1.
Inleiding .......................................................................................................4 Procedure ........................................................................................................4 Leeswijzer ........................................................................................................4
2.
Beantwoording zienswijzen ................................................................................5 Overzicht ingekomen zienswijzen ............................................................................5 Samenvatting en beantwoording .............................................................................5
3.
Wijzigingen naar aanleiding van de vaststelling ......................................................11 Regels ..........................................................................................................11 Verbeelding ....................................................................................................11 Toelichting ......................................................................................................11
Reactienota zienswijzen bestemmingsplan ‘Meppel – Buitengebied, herziening de Wetering 2’
3
1. Inleiding Voor u ligt de ‘Nota beantwoording zienswijzen’ welke is opgesteld naar aanleiding van de tervisielegging van het ontwerp van het bestemmingsplan ‘Meppel – Buitengebied, herziening de Wetering 2’. Deze nota wordt na vaststelling van het bestemmingsplan door de gemeenteraad als bijlage X van de toelichting van het bestemmingplan opgenomen. In deze nota is allereerst een procedurele beoordeling opgenomen van de ontvangen zienswijzen. Ten aanzien van de ontvankelijke zienswijzen is in deze nota een inhoudelijke beantwoording opgenomen. Tevens is een overzicht opgenomen van de wijzigingen in het vastgestelde bestemmingsplan ‘Meppel – Buitengebied, herziening de Wetering 2’.
Procedure Conform artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening heeft het ontwerp van het bestemmingsplan ‘Meppel – Buitengebied, herziening de Wetering 2’ op grond van afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht voor een periode van zes weken (van 20 december 2023 tot en met 30 januari 2024) ter inzage gelegen. Binnen deze periode kon een ieder zijn of haar zienswijze met betrekking tot het ontwerp van het bestemmingsplan tijdig kenbaar maken bij de gemeenteraad. Ingevolge de Algemene wet bestuursrecht geldt een zienswijze als tijdig ingediend als het voor het einde van de termijn ter post is bezorgd, mits het niet later dan een week na afloop van de termijn is ontvangen. In totaal zijn binnen de termijn 2 zienswijzen binnengekomen. Er zijn geen zienswijzen binnengekomen buiten de termijn van de terinzagelegging. Bij de zienswijze staat afzonderlijk weergegeven op welke datum de zienswijze is gedateerd, op welke datum de zienswijze is ontvangen, of de zienswijze ontvankelijk is en tot slot staat het postregistratienummer weergegeven.
Leeswijzer Deze reactienota heeft betrekking op de ingediende zienswijzen met betrekking tot het ontwerp van het bestemmingsplan ‘Meppel – Buitengebied, herziening de Wetering 2’. In hoofdstuk 2 is een samenvatting opgenomen van de ingekomen zienswijzen met daarbij de gemeentelijke reactie en een conclusie. De gemeentelijke reactie en de conclusies staan cursief weergegeven. In de conclusie wordt ingegaan op de gevolgen van de ingediende zienswijzen voor de vaststelling van het bestemmingsplan. In hoofdstuk 3 is de staat van wijzigingen opgenomen. Deze staat van wijzigingen geeft een overzicht van alle relevante wijzigingen ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan ten aanzien van de vaststelling van het bestemmingsplan.
Reactienota zienswijzen bestemmingsplan ‘Meppel – Buitengebied, herziening de Wetering 2’
4
2. Beantwoording zienswijzen Overzicht ingekomen zienswijzen In het kader van de tervisielegging van het ontwerpbestemmingsplan zijn 2 zienswijzen ontvangen. In onderstaande tabel is een overzicht opgenomen van de ingekomen zienswijzen.
1.
Indiener
Kenmerk
Gedateerd
Ontvangstdatum
Ontvankelijk
Zienswijze 1
1857439
13-01-2024
15-01-2024
Ja
Zienswijze 2
1861479
19-01-2024
25-01-2024
Ja
Tabel 1. Overzicht ingekomen zienswijzen
Samenvatting en beantwoording Hieronder is een samenvatting opgenomen van de binnengekomen zienswijzen. Deze zijn voorzien van een gemeentelijke reactie. Zienswijze 1 Registratienummer 1857439 1. De Wetering valt onder het buitengebied. Het is een rustige omgeving met een mooie natuur. In deze natuur leven diverse diersoorten, waaronder vossen, dassen, en ijsvogels. Het is ongewenst om de natuurlijke habitat van deze dieren te verstoren. 2. De bewoners van deze omgeving hebben er bewust voor gekozen om te wonen in deze omgeving vanwege de rust, ruimte en het uitzicht op de mooie velden. 3. Indiener vreest dat de marktwaarde van de omliggende huizen zal dalen indien het bestemmingsplan van De Wetering 2 naar voorgenomen plannen zal worden gewijzigd en geeft aan dat dit onacceptabel is. 4. Indiener geeft aan dat De Wetering een weg is, welke door veel fietsende kinderen wordt gebruikt om naar school te komen. Het planvoornemen zal een toename van verkeer betekenen. De ligging aan de Hoogeveense vaart, de aanwezigheid van bomen, scherpe bochten en op sommige plekken slecht zicht heeft een nadelig effect op de verkeersveiligheid aan de Wetering. 5. Indiener geeft aan dat de voorgestelde locatie te dichtbij een aantal veehouderij bedrijven ligt en binnen de richtafstanden van geur- en lawaai naar de dichtstbijzijnde woning. 6.
Indiener geeft aan dat de camping een onbeheerd terrein zal betreffen, waar al de nodige overlast speelt en waar de buurtbewoners al hinder van ondervinden. Met het realiseren van camperplaatsen neemt de kans op hinder van personen én dieren toe. 7. Indiener stelt dat 50 camperplaatsen zorgt voor veel te veel beweging en uitstoot in dit gebied. Er wordt hierbij gerekend met 50 campers die om de 3 dagen worden gewisseld is 100 stuks, dat zijn al 200 bewegingen keer ongeveer 40 weken is 8000 verplaatsingen. Ook wordt gesteld dat de meeste campers nog dieselvoertuigen zijn, wat bijdraagt aan een grotere uitstoot. 8. Indiener vraagt zich af of de naastgelegen veehouderij niet belemmerd wordt in de ontwikkelmogelijkheden ten aanzien van de camperplaats. Reactienota zienswijzen bestemmingsplan ‘Meppel – Buitengebied, herziening de Wetering 2’
5
9. Indiener vraagt een geur/fijnstof rapportage van 4 jaargetijden uit te voeren, zodat achteraf geen klachten kunnen ontstaan richting het naastgelegen bedrijf. 10. Indiener vraagt om inspraak in de landschappelijke inpassing, zodat er bijvoorbeeld bomen kunnen worden gerealiseerd zodat het zicht op de camperplaats volledig wordt ontnomen. 11. Indiener geeft aan dat in de vergunning wordt gerekend met een (geur)hindercirkel van 300 meter en het bestemmingsplan onjuist uitgaat van 200 meter. 12. Indiener geeft aan dat het bestemmingsplan op 9 december is gepubliceerd, maar in de publicatie 19 december is opgenomen en vraagt wat hierin leidend is, i.v.m. de bezwaartermijn. 13. Indiener geeft aan het bespreekbaar te willen maken om over te gaan op natuurlijke ventilatie van het bedrijf, omdat bewezen is dat stikstof neerslaat op 150 meter rondom het bedrijf. 14. Indiener geeft aan dat eventuele inkomstenderving van de camping in relatie met eventuele geurhinder vanuit het bedrijf nooit op rekening van het bedrijf mag komen. Beantwoording gemeente: 1. De gemeente onderschrijft de waarde van het gebied. Juist vanwege de hoge (cultuurhistorische) waardering van het gebied heeft de initiatiefnemer, in overleg met de gemeente en de provincie een landschappelijk inpassingsplan opgesteld.
Het bestemmingsplan ziet op de realisatie van een recreatiebestemming ten behoeve van camperplaatsen op grond die met de huidige bestemming nog agrarisch in gebruik is ten behoeve van landbouw, waarvan de grond met enige regelmaat wordt bewerkt. Het plangebied heeft ons inziens dan ook geen specifieke natuurwaarde. Ons inziens doet het landschappelijk inpassingsplan voldoende recht aan de locatie. De voorgenomen ontwikkeling zorgt ons inziens dan ook niet voor een verstoring van de genoemde of beschermde diersoorten. 2. Met het plan wordt op het noordelijke deel van het plangebied voorzien in recreatieve mogelijkheden, waarop mobiele kampeermiddelen kunnen staan. Er wordt één permanent gebouw gerealiseerd ten behoeve van service en sanitaire voorzieningen. De omliggende woningen liggen op relatief grote afstand van het plangebied, waarbij de dichtstbijzijnde woning op ca. 120 meter afstand ligt van de beoogde camperplaatsen. Hoewel enig verlies van vrij uitzicht op enige afstand niet kan worden uitgesloten, is er ons inziens geen sprake van een onevenredige aantasting van het woonmilieu van de omliggende percelen. 3. De kans bestaat dat planschade optreedt als gevolge van een ruimtelijke ontwikkeling. Hoewel er ons inziens geen sprake is van een onevenredige aantasting van het woonmilieu (zie punt 2), kan de gemeente niet op voorhand planschade uitsluiten.
Belanghebbenden die planschade ondervinden naar aanleiding van een nieuw bestemmingsplan kunnen – conform artikel 6.1 van de Wet ruimtelijke ordening - daartoe bij de gemeente een verzoek om planschade indienen. Daarna zal bekeken worden of er sprake is van planschade en of indiener recht heeft op een vergoeding. Dit is een aparte procedure die pas kan worden doorlopen na een besluit van de gemeenteraad over het vaststellen van het bestemmingsplan en de Reactienota zienswijzen bestemmingsplan ‘Meppel – Buitengebied, herziening de Wetering 2’
6
publicatie/ter inzagelegging van het bestemmingsplan en raadsbesluit. Binnen vijf jaar nadat de terinzagelegging van het vastgestelde bestemmingsplan start kan het verzoek worden ingediend. 4. De gemeente hecht belang aan de verkeersveiligheid op deze locatie. De verkeerssituatie zal in ieder geval veranderen ten opzichte van de huidige situatie, waarbij er een toename optreedt van verkeer. Het verkeer zal komen via de Hoogeveenseweg of via de Sluisweg, waarbij beide wegen overgaan de op Wetering. De weg is weliswaar smaller op dit stuk, maar de weg zelf kan de verkeersgeneratie die voortvloeit uit het planvoornemen voldoende verwerken. Wel een punt van aandacht is de breedte van de weg, waarbij er mogelijk te weinig ruimte is voor het passeren van twee campers. De weg wordt nu natuurlijk al gebruikt door verkeer, waarbij op dit moment ook mogelijk is dat twee auto’s of vervoer zoals tractoren elkaar kruisen. Echter, door de voorziene verkeerstoename kan het bijvoorbeeld zo zijn dat op termijn de berm kapot wordt gereden. De gemeente heeft hier aandacht voor. Indien noodzakelijk kunnen in de toekomst maatregelen genomen worden zoals het uitvoeren van verkeerstellingen en/of het realiseren van een uitwijkplaats op dit stuk van de Wetering. In eerste instantie worden er geen belemmeringen verwacht met betrekking tot (verkeers)veiligheid. 5.
Op de locatie van indiener worden vleeskalveren en paarden gehouden. Voor het houden van vleeskalveren, maar ook voor varkens- en/of pluimvee geldt een richtafstand van 200 meter tot een voor geur gevoelig object of bestemming. Daarom is het raadzaam een afstand van ten minste 200 meter aan te houden tussen een voor geur gevoelige bestemming en het bouwvlak van een intensieve veehouderij. Hier is in het ontwerpbestemmingsplan van uit gegaan. De werkelijke afstand tussen de recreatieve bestemming ten opzichte van het bouwvlak behorend bij het agrarisch bedrijf bedraagt circa 220 meter. Hiermee worden de rechten van het bedrijf voldoende in acht genomen. Conclusie is dat in het kader van een goede ruimtelijke ordening een afstand van ten minste 200 meter tussen een intensieve veehouderij en een woonbestemming voldoende is. Dit geldt voor het maatgevende aspect geur maar ook voor geluid. Een camperplaats heeft geen woonbestemming maar een recreatieve bestemming. Een camperplaats is geen geurgevoelig object. Dit betekent dat bedrijven in de omgeving niet belemmerd worden door de komst van de recreatieve bestemming. 6. De bestaande woning aan de Wetering 2 is op dit moment als woning in gebruik. De aanliggende gronden worden gebruikt ten behoeve van de landbouw.
Hoewel er in de toekomstige situatie niet 24 uur per dag iemand op het terrein aanwezig zal zijn, is het niet de verwachting dat er onevenredige hinder vanuit personen of dieren ontstaat op het perceel. Het terrein zal alleen toegankelijk zijn met een inlogcode die de slagboom kan openen. Ook zal er een camerasysteem aanwezig zijn dat beheer op afstand mogelijk maakt. Dit type kampeerterrein is geen nieuw concept en in de omgeving komt een dergelijk systeem vaker voor. Bovendien spreekt een camperplaats naar Reactienota zienswijzen bestemmingsplan ‘Meppel – Buitengebied, herziening de Wetering 2’
7
een bepaalde doelgroep (oudere) recreanten, welke juist opzoek is naar rust en ruimte. Ons inziens wordt daarom geen toename van hinder verwacht. 7. In de bijgevoegde AERIUS berekening is, middels een zeer ruimte berekening, aangetoond dat er geen sprake is van onevenredige uitstoot. Voor het punt m.b.t. verkeersbewegingen wordt verwezen naar punt 4. Daarnaast is het niet realistisch om er vanuit te gaan dat de camping gedurende 40 weken 100% bezetting heeft. Daardoor zal de uitstoot velen malen lager liggen dan door indiener wordt gesteld. 8. Zie hiervoor ook de beantwoording onder 5. 9. Er zijn voor dit perceel geen fijnstof onderzoeken bekend. De hoeveelheid fijnstof afkomstig van de naastgelegen veehouderij draagt ‘niet in betekenende mate’ bij op het bestemmingsvlak voor recreatie. In lijn met de beoordeling van geur wordt het tijdelijk verblijf van een camper op de staanplaats niet als stofgevoelig beoordeeld. Een onderzoek over een heel jaar is ons inziens daarom niet noodzakelijk. Voor het aspect geur wordt verwezen naar punt 5. 10. Zoals ook onder punt 1 beschreven hecht zowel de provincie als de gemeente waarde aan de landschappelijke inpassing van het gebied. In gezamenlijkheid met de provincie zijn daarom de richtlijnen voor de inpassing bepaald en is een inpassingsplan opgesteld. Dit plan is door de verschillende partijen akkoord bevonden.
Het realiseren van een geluidswal met bomen aan de zuid-oost zijde om het zicht weg te nemen is een te grote inbreuk op de openheid van het gebied en in strijd met de uitgangspunten van de provincie en gemeente. Dit is ons inziens dan ook niet noodzakelijk. De initiatiefnemer kan er wel voor kiezen om met u in overleg te gaan over de concrete invulling in het gebied, mits dit overeenkomt met de uitgangspunten zoals is opgenomen in het landschappelijk inpassingsplan. 11. Zie hiervoor ook de beantwoording onder 5. Voor dit bestemmingsplan is 200 meter vanaf naastgelegen veehouderijen leidend en geldt voor gevoelige bestemmingen. Een camperplaats wordt niet als zodanig aangemerkt, waardoor de naastgelegen veehouderij niet wordt belemmerd door de komst van de camperplaats. 12. Voor de publicatie is de officiële publicatie in het landelijk gemeenteblad van 19 december 2023 leidend. 13. Het aanpassen van een vergunning voor de veehouderij is geen onderdeel van de bestemmingsplanprocedure en kan daarom ook niet worden meegenomen in de beoordeling van het bestemmingsplan. De gemeente gaat natuurlijk graag met u in overleg wanneer er concrete plannen zijn en wij dit ook kunnen beoordelen. 14. Zoals ook eerder in de beantwoording naar voren is gekomen is een camper geen geur-, stof-, of geluidgevoelig object.
Deze worden dan ook niet beschermd vanuit de landelijke wetgeving en eventuele klachten hieromtrent kennen dan ook geen wettelijke grondslag. Bij vergelijkbare projecten is de doelgroep vaak ouderen die willen kamperen in landelijk gebied, waarbij dus ook agrarische activiteiten met bijbehorende geur- en geluidseffecten horen. Het is daarom niet de verwachting dat er klachten zullen ontstaan over eventuele hinder van het bedrijf.
Reactienota zienswijzen bestemmingsplan ‘Meppel – Buitengebied, herziening de Wetering 2’
8
Zienswijze 2 Registratienummer 1861479 1. De Wetering valt onder het buitengebied. Het is een rustige omgeving met een mooie natuur. In deze natuur leven diverse diersoorten, waaronder vossen, dassen, en ijsvogels. Het is ongewenst om de natuurlijke habitat van deze dieren te verstoren. 2. De bewoners van deze omgeving hebben er bewust voor gekozen om te wonen in deze omgeving vanwege de rust, ruimte en het uitzicht op de mooie velden. 3. Indiener vreest dat de marktwaarde van de omliggende huizen zal dalen indien het bestemmingsplan van De Wetering 2 naar voorgenomen plannen zal worden gewijzigd en geeft aan dat dit onacceptabel is. 4. Indiener geeft aan dat De Wetering een weg is, welke door veel fietsende kinderen wordt gebruikt om naar school te komen. Het planvoornemen zal een toename van verkeer betekenen. De ligging aan de Hoogeveense vaart, de aanwezigheid van bomen, scherpe bochten en op sommige plekken slecht heeft een nadelig effect op de verkeersveiligheid aan de Wetering. 5. Indiener geeft aan dat de camping een onbeheerd terrein zal betreffen, waar al de nodige drugsdeal plekken zijn en waar de buurbewoners al hinder van ondervinden. Met het realiseren van camperplaatsen neemt de kans op hinder van personen toe, zonder controle vanuit de gemeente. 6. Indiener geeft aan dat de landschappelijke en groene inpassing voor het plangebied onvoldoende is.
Indiener geeft aan dat er een heg van 3 meter hoog zou moeten ontstaan, wat natuurlijk oogt en jaarrond groen is. 7. Ook wordt aangegeven dat het beoogde onderhoud onvoldoende is, omdat het zorgt voor veel ongewenste (giftige) onkruiden. 8. Indiener stelt dat 50 camperplaatsen zorgt voor veel te veel beweging en uitstoot in dit gebied. Er wordt hierbij gerekend met 50 campers die om de 3 dagen worden gewisseld is 100 stuks, dat zijn al 200 bewegingen keer ongeveer 40 weken is 8000 verplaatsingen. Ook wordt gesteld dat de meeste campers nog dieselvoertuigen zijn, wat bijdraagt aan een grotere uitstoot. 9. De camperplaats zou zorgen voor een aanzienlijke toename van de hoeveelheid fijnstof in Meppel, waar gemeente breed er al sprake is van een forse overschrijding van het aandeel fijnstof. 10. Indiener geeft aan dat naast fijnstof ook sprake is van een overbelasting van stikstof op de omringende Natura-2000 gebieden. Ook is stikstof schadelijk voor gezondheid van omwonenden.
Reactienota zienswijzen bestemmingsplan ‘Meppel – Buitengebied, herziening de Wetering 2’
9
Beantwoording gemeente: 1. 2. 3. 4. 5.
Zie beantwoording onder 1 van de vorige zienswijze. Zie beantwoording onder 2 van de vorige zienswijze. Zie beantwoording onder 3 van de vorige zienswijze. Zie beantwoording onder 4 van de vorige zienswijze. Zie beantwoording onder 6 van de vorige zienswijze. In de omgeving van de Veltkamp en de Wetering zijn vanuit Toezicht en Handhaving verder ook geen recente meldingen bekend over overlast situaties of drugsdeal plaatsen. 6. Zoals ook onder punt 1 beschreven hecht zowel de provincie als de gemeente waarde aan de landschappelijke inpassing van het gebied. In gezamenlijkheid met de provincie zijn daarom de richtlijnen voor de inpassing bepaald en is een inpassingsplan opgesteld. Dit plan is door de verschillende partijen akkoord bevonden. Het realiseren van een (natuurlijke) heg van 3 meter hoog, waarschijnlijk aan de noordzijde van het plangebied is hier niet passend. Dit is ons inziens dan ook niet noodzakelijk. Zoals ook genoemd onder nummer 10 van de beantwoording van de vorige zienswijze kan de initiatiefnemer er wel voor kiezen om met u in overleg te gaan over de concrete invulling in het gebied, mits dit overeenkomt met de uitgangspunten zoals is opgenomen in het landschappelijk inpassingsplan. 7. De initiatiefnemer is vrij om onderhoud naar eigen inzicht te doen.
Uitgangspunt van het landschappelijke inpassingsplan is extensief onderhoud met één keer per jaar rooien en enkele maaipaden. 8. Zie beantwoording onder 7 van de vorige zienswijze. 9. Het aspect fijnstof wordt behandeld in paragraaf 5.3 ‘Luchtkwaliteit’. Hieruit blijkt dat het plan geen belemmering vormt voor de luchtkwaliteit in de omgeving. 10. Voor het plan is ook een stikstof berekening uitgevoerd voor de aanleg als de gebruiksfase. Het plan zorgt niet voor een onevenredige toename van stikstof op natuurgebieden of op de gezondheid van personen.
Reactienota zienswijzen bestemmingsplan ‘Meppel – Buitengebied, herziening de Wetering 2’
10
3. Wijzigingen naar aanleiding van de vaststelling Naar aanleiding van de vaststelling van het bestemmingsplan is een aantal wijzigingen doorgevoerd. Een overzicht van deze wijzigingen is opgenomen in dit hoofdstuk.
Regels Wijzigingen naar aanleiding van zienswijze(n): De ingediende zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van het plan. Ambtshalve wijzigingen: Niet van toepassing.
Verbeelding Wijzigingen naar aanleiding van zienswijze(n): De ingediende zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van het plan. Ambtshalve wijzigingen: Niet van toepassing.
Toelichting Wijzigingen naar aanleiding van zienswijze(n): De ingediende zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van het plan. Ambtshalve wijzigingen: In het ontwerpbestemmingsplan staat in de tabel op pagina 15 een richtafstand van 200 meter vermeld voor het bedrijf op het adres De Veltkamp 1 te Rogat. Als bedrijfsomschrijving staat een varkenshouderij vermeld. Dit is onjuist. Op dit adres worden vleeskalveren en paarden gehouden. Dit wordt aangepast.
Reactienota zienswijzen bestemmingsplan ‘Meppel – Buitengebied, herziening de Wetering 2’
11