A. Ontwerpbegroting 2026 en meerjarendoorrekening 2027-2029 Reestmond
Tekst van het document
BEGROTING 2026 Alsmede meerjaren doorrekeningen 2027-2029
REESTMOND
1
INHOUD 1
2
JAARPLAN ................................................................................................................ 3
SAMENSTELLING ALGEMEEN BESTUUR SAMENSTELLING DAGELIJKS BESTUUR SAMENSTELLING DIRECTIE EN MANAGEMENT
4 4 4
UITGANGSPUNTEN BEGROTING 2025 SAMENVATTING KADERBRIEF 2024
5 5 5
BATEN EN LASTEN ...................................................................................................... 6
ALGEMEEN GRONDSLAGEN WAARDERING EN RESULTAATBEPALING TOEGEVOEGDE WAARDE (OP AFDELING) LOON- EN BEGELEIDINGSKOSTEN WSW OVERIGE PERSONEELSKOSTEN PERSONEELSKOSTEN NIET-WSW AFSCHRIJVINGEN ONDERHOUD ENERGIE VERZEKERINGEN EN BELASTINGEN DIENSTVERLENING DERDEN INDIRECTE PRODUCTIEKOSTEN OVERIGE BEDRIJFSLASTEN ONVOORZIEN SALDO VAN DE FINANCIERINGSFUNCTIE INCIDENTELE BATEN/LASTEN GEMEENTELIJKE BIJDRAGEN 3
8 9 10 10 11 11 11 12 12 12 13 13 13 14 14 14 14
PARAGRAFEN ...........................................................................................................15
ALGEMEEN INVENTARISATIE VAN DE WEERSTANDSCAPACITEIT RISICO’S BEPALING WEERSTANDSVERMOGEN VERLOOP RESERVES EN VOORZIENINGEN
4
18 18 19 21 21
GEPROGNOTISEERDE BALANS EN EMU SALDO ....................................................................24
2
1 JAARPLAN
3
SAMENSTELLING BESTUUR EN DIRECTIETEAM Samenstelling Algemeen Bestuur
Gemeente
Bestuurders
Gemeente Meppel
De heer K.J. de Vries
Gemeente Meppel
De heer R. van Ulzen (vicevoorzitter)
Gemeente Staphorst
De heer L. Mulder
Gemeente Staphorst
De heer J.C. Bos (secretaris)
Gemeente Westerveld
Mevrouw R. den Hollander De heer J.T. Boonstra (voorzitter)
Gemeente Westerveld
Samenstelling Dagelijks Bestuur
Gemeente
Bestuurders
Gemeente Meppel
De heer R. van Ulzen (vicevoorzitter)
Gemeente Westerveld
De heer J.T. Boonstra (voorzitter)
Gemeente Staphorst
De heer J.C. Bos (secretaris)
Samenstelling Directie en management
Functie Directeur
De heer P. Kuipers
Teamleider Ondersteuning
Mevr. V. den Dekker
4
DE OPZET VAN DE BEGROTING Uitgangspunten begroting 2026 Bij de opstelling van de begroting 2026 gelden de volgende uitgangspunten: -
De interne organisatie van Reestmond is op een dusdanige wijze ingericht dat het, naast het faciliteren van de huidige Sw-medewerkers, de brede doelgroep van de Participatiewet op kwalitatieve en efficiënte wijze kan faciliteren door middel van werkplekken en ontwikkeltrajecten; De begroting is opgesteld op basis van zo recent mogelijke bekende en verwachte ontwikkelingen. Voor de jaren na 2026 is rekening gehouden met het indexcijfer conform de gecombineerde index uit de septembercirculaire van het gemeentefonds. In deze begroting is rekening gehouden met de verwachte uitstroom door pensioengerechtigde leeftijd en in beperkte mate met ziekte. De resultaten van de B.V’s, de zogenoemde verbonden partijen van Reestmond, zijn buiten beschouwing gelaten in deze begroting. Samenvatting
Omschrijving
Concept Jaarrekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2024
2025
2026
2027
2028
2029
Toegevoegde waarde
2.276
1.944
2.000
1.900
1.800
1.700
Uitvoeringslasten
-3.873
-4.285
-4.579
-4.768
-4.952
-5.139
Operationeel resultaat
-1.597
-2.340
-2.579
-2.868
-3.152
-3.439
Wsw personele lasten
-8.942
-9.658
-9.306
-9.084
-9.013
-8.817
Operationeel resultaat
-1.597
-2.340
-2.579
-2.868
-3.152
-3.439
Exploitatieresultaat
-10.539
-11.999
-11.885
-11.952
-12.165
-12.256
38
-
-
-
-
-
10.961
11.999
11.885
11.952
12.165
12.256
460
-
-
-
-
-
Incidentele baten/lasten Onttrekking uit reserve Bijdrage deelnemende gemeenten Resultaat
-
De verwachte toegevoegde waarde neemt af met ca. 0,1 mln per jaar. Dit wordt grotendeels veroorzaakt door de afnemende inzetbaarheid van het personeelsbestand, met name bij de detacheringen. De uitvoeringslasten stijgen voornamelijk door het toepassen van het indexatie. Het personeelsbestand daalt door uitstroom van personeel.
Kaderbrief 2025 De opstelling van deze begroting is gebaseerd op de aan de gemeenteraden aangeboden kaderbrief 2025.
5
2 BATEN EN LASTEN Alle bedragen in € 1.000,- tenzij anders aangegeven.
6
OVERZICHT VAN BATEN EN LASTEN, INCLUSIEF MEERJAREN DOORREKENINGEN Concept Omschrijving
Omzet
Jaarrekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2024
2025
2026
2027
2028
2029
2.350
2.012
2.068
1.968
1.868
-74
-68
-68
-68
-68
-67
2.276
1.944
2.000
1.900
1.800
1.700
Personeelskosten WSW
8.942
9.658
9.306
9.084
9.013
8.817
Overige personeelskosten
470
493
483
504
526
547
Personeelskosten niet WSW
1.924
2.107
2.347
2.453
2.557
2.662
Afschrijvingen
247
293
255
250
245
240
Onderhoud
400
328
387
404
421
439
Energie
286
379
304
318
331
345
Verzekeringen en belastingen
129
132
141
147
153
159
Dienstverlening derden
140
53
197
206
214
223
Indirecte productiekosten
91
110
99
103
108
112
Overige bedrijfslasten
233
360
337
352
367
382
Onvoorzien
-
25
25
25
25
25
Saldo van de financieringsfunctie
-46
5
5
5
5
5
12.815
13.943
13.885
13.852
13.965
13.956
-10.539
-11.999
-11.885
-11.952
-12.165
-12.256
-
-
-
-
-
11.999
11.885
11.952
12.165
12.256
-
-
-
-
-
Inkoopwaarde van de omzet Toegevoegde waarde
1.767
Bedrijfskosten
Bedrijfsresultaat Incidentele baten/lasten
38
Onttrekking uit reserve 38 Bijdragen deelnemende gemeenten Resultaat
10.961 460
7
VERDELING NAAR TAAKVELDEN Op grond van de BBV is het verplicht om de activiteiten in te delen in taakvelden. De achterliggende gedachte hierbij is dat de diverse gemeenten en Gemeenschappelijke Regelingen meer vergelijkbaar worden. Reestmond kent twee taakvelden, te weten: Begeleide participatie (uitvoering Wsw; taakveld 6.4); Overhead (taakveld 0.4). Voor 2026-2029 geeft dit de onderstaande verdeling naar taakvelden. 2026
2027
Beg. Particip. Overhead
Totalen
2028
Beg. Particip. Overhead
Totalen
2029
Beg. Particip. Overhead
Totalen
Beg. Particip. Overhead
Totalen
fte:
239,0
40,6
279,6
228,8
39,6
268,4
211,7
38,7
250,4
196,2
38,7
234,9
Toegevoegde waarde
2.000
-
2.000
1.900
-
1.900
1.800
-
1.800
1.700
-
1.700
Personele lasten
8.966
3.170
12.136
8.754
3.288
12.042
8.718
3.377
12.095
8.505
3.521
Afschrijvingen
218
37
255
213
37
250
207
38
245
200
40
240
Onderhoud
331
56
387
345
60
404
356
65
421
366
72
439
12.026
Energie
260
44
304
271
47
318
280
51
331
288
57
345
Verzekeringen en belastingen
120
20
141
125
22
147
129
24
153
133
26
159
29
197
175
99
103
Dienstverlening derden
168
Indirecte productiekosten
99
-
30 -
206
181
103
108
33 -
214
186
108
112
37
223
-
112
Overige bedrijfslasten
288
49
337
300
52
352
310
57
367
319
63
382
Onvoorzien
21
4
25
21
4
25
21
4
25
21
4
25
Saldo van de financieringsfunctie
5
5
5
5
5
5
5
-
-
-
-
5
Saldo baten en lasten
-8.477
-3.408
-11.885
-8.413
-3.539
-11.952
-8.516
-3.649
-12.165
-8.436
-3.819
-12.256
Bijdragen deelnemende gemeenten
8.477
3.408
11.885
8.413
3.539
11.952
8.516
3.649
12.165
8.436
3.819
12.256
Resultaat na bijdragen
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
Aan de overhead zijn de volgende personele lasten toegerekend: Werkleiding (zowel Wsw als niet-Wsw); Directie en management; en daarnaast de naar rato hiervan afgeleide niet personele lasten. Gezien de geringe omvang van de financieringslasten hoeven deze niet te worden verdisconteerd over de taakvelden. In bovenstaand overzicht zijn deze toegewezen aan het taakveld ‘begeleide participatie’ (uitvoering Wsw).
TOELICHTING OVERZICHT VAN BATEN EN LASTEN Algemeen In de begroting 2026 is gerekend op basis van zo recent mogelijke bekende en verwachte ontwikkelingen. Verder is voor de begroting 2026 en de doorrekeningen 2027 – 2029 gerekend met onderstaande algemene uitgangspunten: Om een inschatting te kunnen maken voor de kosten van de komende jaren is een indexatie percentage gebruikt. Hierbij is aansluiting gezocht bij de indexcijfers die worden genoemd in de septembercirculaires van het gemeentefonds. Hieruit worden de gecombineerde indexcijfers aangehouden. Deze staan in onderstaande tabel weergegeven. 2026 4,61% -
2027 4.45%
2028 4,22%
2029 4,11%
Er is geen toegevoegde waarde ingerekend voor Reestdal Werken B.V. De resultaten van Remet B.V. en Reestdal Werken B.V. blijven buiten beschouwing.
8
Vergelijkende cijfers In de overzichten die zijn opgenomen in deze begroting, zijn voor de vergelijking de cijfers van de concept jaarrekening 2024 en de begroting 2025 opgenomen. Medewerker aantallen In de begroting 2026 en verder wordt uitgegaan van de onderstaande aantallen SE Wsw-medewerkers (in loondienst c.q. Begeleid Werken). De medewerkers waarvoor een Dienstverleningsovereenkomst is afgesloten vallen buiten deze aantallen.
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2026
2027
2028
2029
SE's, Alleen SW incl. begeleid werken Gemeente Meppel
159
152
142
141
Gemeente Staphorst
16
15
14
14
Gemeente Westerveld Totaal
51
47
46
42
226
214
202
197
Grondslagen waardering en resultaatbepaling De begroting 2026 is opgemaakt met inachtneming van de bepalingen van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV). Algemene grondslagen Binnen de bepalingen van het BBV worden baten en lasten toegerekend aan de periode waarop ze betrekking hebben. Winsten worden slechts opgenomen indien zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar worden opgenomen indien bekend voor het opmaken van de jaarrekening. Omzet De omzet betreft de opbrengst van aan derden geleverde goederen en diensten, exclusief de over de omzet geheven BTW en onder aftrek van eventuele kortingen. Inkoopwaarde van de omzet De inkoopwaarde bestaat uit grondstoffenverbruik, uitbesteed werk en fabricageresultaten. Het grondstoffenverbruik wordt berekend op basis van standaardverrekenprijzen. Uitbesteed werk wordt verantwoord op basis van hiervoor in rekening gebrachte bedragen. Lonen en sociale lasten Wsw personeel Dit betreffen de aan het boekjaar toe te rekenen brutolonen van het WSW personeel, vermeerderd met vakantietoeslag en eindejaarsuitkering en verhoogd met een opslag voor sociale en pensioenlasten. Eventuele ziekengelduitkeringen die op het boekjaar betrekking hebben ontvangen worden op de loonkosten in mindering gebracht.
Salarissen en sociale lasten overig personeel Dit betreffen de aan het boekjaar toe te rekenen brutolonen van het ambtelijk personeel, vermeerderd met vakantierechten en een eindejaarsuitkering, evenals sociale en pensioenlasten daarover. Daarnaast zijn onder deze noemer de kosten van het door RRC BV doorbelaste overige personeel verantwoord. Afschrijvingen Dit betreft de afschrijvingskosten van vaste activa. De afschrijvingstermijn bedraagt maximaal de economische levensduur. Overige bedrijfslasten De overige bedrijfskosten hebben met name betrekking op de indirecte bedrijfsvoering.
9
Saldo van de financieringsfunctie Dit betreft het saldo van de rentelasten en de rentebaten. Gelet op de geringe omvang van deze functie behoeft geen rente toerekening aan de taakvelden plaats te vinden. Bijdragen deelnemende gemeenten Dit betreft de bijdragen van de in de gemeenschappelijke regeling deelnemende gemeenten in de voorziene exploitatietekorten. Toegevoegde waarde (op afdeling) Concept Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2024
2025
2026
2027
2028
2029
Assembleren & Verpakken
666
583
600
600
600
600
Facilitair
154
98
120
120
120
120
Havelte
345
290
340
340
340
340
Detachering
658
735
550
450
350
250
Staf/overige
123
-
127
127
127
127
Inkopen werkplekken
117
100
100
100
100
100
Trajecten Gemeenten
70
25
50
50
50
50
Huurbaten
143
113
113
113
113
113
TOTAAL
2.276
1.944
2.000
1.900
1.800
1.700
De toegevoegde waarden bestaan uit de omzet en de bijbehorende inkoopkosten. Dit zijn bijvoorbeeld projectkosten voor facilitair en groen. De toegevoegde waarde is ingeschat op basis van de resultaten uit 2024 en de reeds bekende ontwikkelingen. De opbrengsten uit detacheringen nemen af met ca. 0,1 mln per jaar. Dit wordt grotendeels veroorzaakt door de afnemende inzetbaarheid van het personeelsbestand. Loon- en begeleidingskosten Wsw Concept Omschrijving
Lonen WSW incl. sociale lasten
Jaarrekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2024
2025
2026
2027
2028
2029
11.000
11.420
10.187
10.001
9.935
9.778
-
-
-
-
-
Te ontvangen LIV
-92
Begeleidingsvergoeding BW
57
90
60
60
60
60
Doorberekende loonkosten
-2.023
-1.852
-941
-976
-982
-1.022
TOTAAL
8.942
9.658
9.306
9.084
9.013
8.817
De loonkosten inclusief sociale lasten en pensioenpremies zullen ten opzichte van de begroting 2025 dalen. Deze daling komt door uitstroom in verband met pensioengerechtigde medewerkers en ziekte.
10
Overige personeelskosten Concept Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2024
2025
2026
2027
2028
2029
Reis- en verblijfkosten
106
159
120
125
130
136
Studiekosten
71
78
78
82
85
89
Arbodienstverlening
52
57
58
60
63
65
Werkkleding
50
39
42
44
46
47
Jubilea
41
42
42
44
46
47
Overige personeelskosten
151
119
143
150
156
162
TOTAAL
470
493
483
504
526
547
De post overige personeelskosten zal in 2026 en verder aansluiten bij de gerealiseerde kosten in 2024. De aandacht voor ontwikkeling zal blijven, dus de studiekosten zijn ingerekend op een hoger niveau dan in de jaren voor 2024. Personeelskosten niet-Wsw Concept Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2024
2025
2026
2027
2028
2029
Salariskosten Ambtelijk
332
386
411
429
447
465
Doorberekende personeelskosten R.R.C.
1.721
1.852
2.075
2.168
2.257
2.348
Doorberekende loonkosten
-129
-132
-139
-143
-147
-151
1.924
2.107
2.347
2.453
2.557
2.662
TOTAAL
De personeelskosten van de medewerkers die niet onder de Wsw vallen stijgen ten opzichte van de begroting 2025. In deze groep medewerkers is geen sprake van uitstroom. Het uitgangspunt is dat, indien medewerkers uit dienst gaan, hier een vacature voor wordt opgesteld. Daarnaast gaan SW medewerkers uit dienst, die vervangen moeten worden door niet-Wsw personeel. De doorberekende loonkosten betreffen kosten die worden doorberekend aan Remet B.V. Afschrijvingen Concept Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2024
2025
2026
2027
2028
2029
Bedrijfsgebouwen
127
148
130
125
120
115
Vervoermiddelen
18
24
15
15
15
15
Machines, App
61
75
65
65
65
65
Ov. Materiële vaste activa
40
46
45
45
45
45
247
293
255
250
245
240
TOTAAL
De afschrijvingen zijn constant ten opzichte van de realisatie in 2024. Voor wat betreft de afschrijving van investeringen, wordt in de begroting uitgegaan van realisatie van investeringen per 1 juli van het boekjaar.
11
Onderhoud Concept Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2024
2025
2026
2027
2028
2029
Bedrijfsgebouwen
149
73
105
109
114
Machines
39
42
37
38
40
41
Automatisering
104
99
126
131
137
142
Vervoermiddelen
16
21
21
22
23
24
Overige
92
94
99
104
108
113
TOTAAL
400
328
387
404
421
439
119
De verwachting is dat de onderhoudskosten op de meeste posten de komende jaren ongeveer gelijk blijven. Op het gebied van automatisering is wel een verhoging te verwachten doordat licenties en beveiliging steeds meer kosten met zich meebrengen. Energie Concept Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2024
2025
2026
2027
2028
2029
Elektra
129
177
136
142
148
154
Gas
100
146
105
109
114
119
Water
3
2
3
3
3
4
Brandstof
54
54
61
63
66
69
TOTAAL
286
379
304
318
331
345
De energiekosten zijn begroot op basis van de realisatie in 2024. De begroting 2025 was op dit punt erg ruim opgezet, gezien de toenmalige onzekerheden in de markt. Verzekeringen en belastingen Concept Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2024
2025
2026
2027
2028
2029
Brandschade verzekering
43
44
47
49
51
53
Onroerende Zaak Belasting
35
31
37
38
40
41
Motorrijtuigenbelasting
14
16
16
16
17
18
Motorrijtuigen verzekering
20
26
21
22
23
24
Overige
17
15
20
21
22
23
TOTAAL
129
132
141
147
153
159
Voor de kosten voor verzekeringen en belastingen zijn ten opzichte van de begroting 2025 geen grote aanpassingen te verwachten.
12
Dienstverlening derden Concept Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2024
2025
2026
2027
2028
2029
Inhuur derden
140
53
197
206
214
223
TOTAAL
140
53
197
206
214
223
De kosten voor inhuur derden komen naar verwachting hoger uit dan de begroting 2025. Onder deze post worden de werkzaamheden begroot die derden voor Reestmond uitvoeren. Per jaar verschilt het welke partijen en werkzaamheden dit zijn, afhankelijk van de thema’s die spelen. Een grote structurele component hierin zijn de kosten voor de salarisadministratie, welke wordt ingehuurd van ADP. Dit zorgt wel voor een daling van de kosten van de loonverwerking. Indirecte productiekosten Concept Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2024
2025
2026
2027
2028
2029
Hulpstoffen en gereedschappen
58
59
63
66
68
71
Vrachtkosten en vuilafvoer
32
50
36
38
39
41
TOTAAL
90
110
99
103
108
112
Bij de begroting van de indirecte productiekosten is de jaarlijkse prijsstijging conform de indexcijfers meegenomen. Overige bedrijfslasten Concept Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2024
2025
2026
2027
2028
2029
Accountantskosten
41
47
47
49
51
53
Telefoonkosten
10
21
13
14
14
15
Abbonementen & contributies
37
36
39
40
42
44
Kantoorbenodigdheden
18
14
21
22
23
24
Loonverwerking
18
42
13
13
14
14
Overige algemene kosten
57
45
48
50
52
54
Leasekosten
94
156
157
164
171
178
Boekwinst
-42
-
-
-
-
-
TOTAAL
233
360
337
352
367
382
De overige bedrijfslasten zijn begroot in lijn met de realisatie 2024, met daarbij een daling op de kosten voor de loonverwerking.
13
Onvoorzien Conform het BBV dient in de begroting 2025 een post voor onvoorziene lasten te worden opgenomen. Reestmond neemt hiertoe in de begrotingen 2025 en verder een post op ad. € 25.000 voor niet voorzienbare exploitatie afwijkingen. Saldo van de financieringsfunctie Concept Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2024
2025
2026
2027
2028
2028
Rente baten
-82
-50
-50
-50
-50
-50
Rente kosten
36
55
55
55
55
55
TOTAAL
-46
5
5
5
5
5
Het saldo van de financieringsfunctie is zeer beperkt. De rentekosten worden deels doorbelast naar Remet, tevens worden rentebaten ontvangen over het creditsaldo. Incidentele baten/lasten Bij Reestmond wordt de posten incidentele baten en lasten gebruikt voor kosten en opbrengsten die gedurende een boekjaar optreden, maar welke niet voorzien waren. Ook hebben deze kosten en opbrengsten een incidenteel karakter en zullen in de volgende jaren niet optreden. Derhalve is in de begroting geen rekening gehouden met incidentele baten en lasten. Gemeentelijke bijdragen
Bij de bepaling van de gemeentelijke bijdragen wordt uitgegaan van een verdeling op basis van onderstaande SE’s. Concept SE's, Alleen SW incl. begeleid werken
Jaarrekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2024
2025
2026
2027
2028
2029
Gemeente Meppel
165
160
159
152
142
141
Gemeente Staphorst
19
19
16
15
14
14
Gemeente Westerveld
57
54
51
47
46
42
241
233
226
214
202
197
Totaal
Concept Bijdrage
Jaarrekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2024
2025
2026
2027
2028
2028
Gemeente Meppel
7.509
8.250
8.379
8.501
8.552
Gemeente Staphorst
876
991
843
838
845
872
Gemeente Westerveld
2.576
2.758
2.663
2.613
2.768
2.607
10.961
11.999
11.885
11.952
12.165
12.256
Totaal
14
8.777
3 PARAGRAFEN
15
ONDERHOUD KAPITAALGOEDEREN Onder kapitaalgoederen wordt verstaan: de in eigendom verkregen terreinen, gebouwen en installaties en onderhoud e.d. voor gehuurde/gepachte objecten. Hieronder vallen de volgende locaties: De hoofdlocatie van Reestmond aan de Eekhorstweg in Meppel De locatie van Reestmond aan de Oeveraseweg in Havelte Reestmond heeft het stelsel voor de verwerking van kosten voor groot onderhoud gewijzigd naar de componentenbenadering. Hierbij worden kosten voor groot onderhoud geactiveerd onder de materiële vaste activa en over de gebruiksduur afgeschreven. De reguliere onderhoudskosten zijn in de begroting meegenomen. Eind 2022 is een externe partij in de arm genomen om een inventarisatie op te stellen over het gebouw en de technische installaties, ook is duurzaamheid hierin een belangrijk item. Medio 2023 werd dit plan verwacht. Echter heeft de eerste inventarisatie aanvullende vragen opgeroepen en is er nog geen inschatting te maken van de toekomstige uitgaven. Dit is afhankelijk van de keuzes die gemaakt gaan worden. Inmiddels zijn de plannen verder uitgewerkt en wordt in het voorjaar van 2025 een kostenraming verwacht. Hierin zal ook aandacht worden besteed aan de onderhoudscomponent. Zodra dit bekend is zal de raming worden bekeken in het licht van de huidige begroting.
Indien blijkt dat het geraamde budget lager is dan het benodigde budget, zullen maatregelen worden genomen om dit op te lossen. In de risico paragraaf van de begroting is hierover een zinssnede opgenomen.
BEDRIJFSVOERING Investeringen Voor de jaren 2024 tot en met 2026 zijn de investeringen als volgt geweest c.q. geraamd: Concept Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
Begroting
2024
2025
2026
Gebouwen
271
Vervoermiddelen
33
Machines, apparaten en installaties
21
30
60
Overige materiële vaste activa
53
35
40
378
65
140
Totaal
40 -
Reestmond heeft in de afgelopen jaren zeer behoudend geïnvesteerd; als gevolg hiervan hebben in 2024 inhaalinvesteringen plaats gevonden. Daarna wordt in beginsel uitgegaan van het zogenaamde ideaalcomplex, waarbij vanuit de kasstroom uit de afschrijvingen kan worden geïnvesteerd. Informatisering en automatisering Reestmond heeft Compas als cliëntvolgsysteem en ten behoeve van de personeelsadministratie. Exact wordt als ERP-software gebruikt voor de administratie en productie.
VERBONDEN PARTIJEN Reestmond Raat Combinatie B.V. Reestmond Raat Combinatie B.V. (RRC B.V.) is op 27 december 2002 opgericht en gevestigd te Meppel. Binnen RRC werd vorm en uitvoering gegeven aan trajecten voor inwoners van de diverse deelnemende gemeenten met een grote afstand tot de arbeidsmarkt. De trajecten zijn zodanig fors afgenomen dat RRC B.V. is afgebouwd. Lopende en nieuwe trajecten worden thans binnen Reestmond uitgevoerd. Per 2015 wordt RRC B.V. dan ook primair gebruikt voor het werkgeverschap voor niet-Wsw medewerkers en kan daarnaast worden ingezet voor mogelijke niet Wsw-gerelateerde kosten en opbrengsten. Het belang in deze verbonden partij wordt verantwoord in de jaarrekening (financiële vaste activa). 16
Financiële informatie van deze B.V. is in een separate jaarrekening verantwoord. Onderstaand de vermogenspositie en het resultaat 2024 ( in €1.000,-). Begin 2024
Eind 2024
Eigen vermogen
2
1
Vreemd vermogen
134
147
Resultaat 2024
-1
Het resultaat van R.R.C voor 2025 en verder zal in lijn liggen met de voorgaande jaren. Gezien de beperkte omvang zal dit voor Reestmond geen financiële risico’s opleveren. Reestmond Sales & Participation B.V. Reestmond Sales & Participation B.V. (RSP B.V.) is opgericht op 16 november 2006 en gevestigd te Meppel. Via deze 100% dochter kan Reestmond deelnemingen aangaan met partijen waarbij een economisch belang, te weten werkgelegenheid voor onze doelgroep en/of risicobeperking, voorop staat. Financiële informatie van deze B.V. is in een separate jaarrekening verantwoord. Onderstaand de vermogenspositie en het resultaat 2024 (in € 1.000,-). Begin 2024 Eind 2024 Eigen vermogen
19
-15
Vreemd vermogen
5
5
Resultaat 2024
-34
Het resultaat van R.S.P. voor 2024 is voor een groot deel beïnvloed door het resultaat van Remet B.V. Voor de komende jaren is de verwachting dat Remet B.V. resultaatneutraal zal opereren en in lijn zal liggen met de voorgaande jaren. Gezien de beperkte omvang zal dit voor Reestmond geen financiële risico’s opleveren. Remet B.V. Remet B.V. is een 100% dochteronderneming van RSP B.V. Uitgangspunt is per 1 januari 2018 alle metaal activiteiten plaats te laten vinden vanuit Remet B.V. Hiermee wordt bereikt dat er reeds een aparte bedrijfsvoering en organisatiebeleid kan worden gevoerd. Financiële informatie van deze B.V. is in een separate jaarrekening verantwoord. Onderstaand de vermogenspositie en het resultaat 2024 (in € 1.000,-). Begin 2024
Eind 2024
Eigen vermogen
28
-10
Vreemd vermogen
717
604
Resultaat 2024
-34
Voor 2025 en verder is de verwachting dat Remet B.V. resultaatneutraal zal draaien. Gezien de beperkte omvang zal dit voor Reestmond geen financiële risico’s opleveren. Reestdal Werken B.V. Reestdal Werken B.V. is een 100% dochteronderneming van RSP, waarin mensen in het kader van Beschut Werken worden aangenomen. Onderstaand de vermogenspositie en het resultaat 2024 (in € 1.000,-). Begin 2024
Eind 2024
Eigen vermogen
-4
-4
Vreemd vermogen
303
184
Resultaat 2024
-
Het resultaat van Reestdal Werken B.V. voor 2025 en verder zal in lijn liggen met de voorgaande jaren. Gezien de beperkte omvang zal dit voor Reestmond geen financiële risico’s opleveren.
17
WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING Algemeen In deze paragraaf is het beleid van Reestmond inzake het weerstandsvermogen en risicomanagement uiteengezet. Op grond van artikel 11 BBV moet Reestmond in haar begrotingen inzicht geven in haar weerstandsvermogen. Het omvang van het weerstandsvermogen wordt bepaald door: a) de weerstandscapaciteit, zijnde de middelen en mogelijkheden waarover de gemeente (in casu Reestmond) beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken; b) alle (rest)risico's waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. De opzet van deze paragraaf is analoog aan de paragraaf in onze begrotingen vanaf 2015 (tot stand gekomen in afstemming met de gemeentelijke beleidsmedewerkers dan wel financiële medewerkers). De paragraaf betreffende het weerstandsvermogen en risicobeheersing bevat ten minste: a. een inventarisatie van de weerstandscapaciteit; b. een inventarisatie van de risico's; c. het beleid omtrent de weerstandscapaciteit en de risico's. De weerstandscapaciteit betreft die elementen waarmee tegenvallers eventueel bekostigd kunnen worden, zoals borgstellingen, reserves, onbenutte voorzieningen etc. Onderscheid wordt gemaakt in incidentele en structurele weerstandscapaciteit. Incidentele weerstandscapaciteit is de mogelijkheid om eenmalige tegenvallers op te vangen.
Structurele weerstandscapaciteit betreft middelen die permanent inzetbaar zijn voor het opvangen van tegenvallers. Een risico is de kans op het optreden van een gebeurtenis met een bepaald gevolg. Reguliere risico’s (risico’s die zich regelmatig voordoen en die veelal vrij goed meetbaar zijn) behoren hier niet toe. Deze dienen in principe te worden opgevangen binnen de bedrijfsvoering middels het afsluiten van verzekeringen of het vormen van voorzieningen. De risico’s, relevant voor het weerstandsvermogen, zijn die risico’s die niet op deze manier zijn te ondervangen en die een financieel gevolg kunnen hebben. Inventarisatie van de weerstandscapaciteit De volgende onderdelen kunnen als onderdeel van de weerstandscapaciteit worden gezien. Algemene reserve De algemene reserve is in principe volledig beschikbaar als incidentele weerstandscapaciteit. Na verwerking van het positieve resultaat van 2024 zal de algemene reserve stijgen naar € 2.060K. Bestemmingsreserves Bestemmingsreserves zijn geen onderdeel van de weerstandscapaciteit, totdat besloten wordt de reserve weer toe te voegen aan de algemene reserve. Onvoorzien incidenteel structureel Reestmond heeft in haar begroting in de regel € 25.000 onvoorzien opgenomen. Stille reserves Van stille reserves is sprake als activacomponenten onder de directe opbrengstwaarde zijn gewaardeerd. Reestmond kent twee soorten stille reserves.
Dit zijn stille reserves in financiële bezittingen en stille reserves in materiële bezittingen. De stille reserves in financiële vaste activa hebben betrekking op (de waardering van) onze deelnemingen. De deelnemingswaarden zijn gebaseerd op en omvatten geen stille reserves. De mogelijke stille reserves in materiële vaste activa betreffen onze gebouwen. Deze gebouwen zijn enerzijds duurzaam dienstbaar aan de bedrijfsuitoefening en anderzijds zou bij geheel gedeeltelijke verkoop een substantiële boekwinst kunnen worden behaald.
18
Kostenreductie Vanuit onder meer de benchmarkonderzoeken door Cedris blijkt dat de mogelijkheden hiertoe binnen Reestmond niet dan wel zeer beperkt zijn, reden waarom kwantificering achterwege is gelaten. Samenvatting inventarisatie De verplichting van de gemeenten die de regeling zijn aangegaan kan gezien worden als de belangrijkste factor in de weerstandscapaciteit. De gemeenten zijn immers verplicht eventuele verliezen te compenseren zodat de bedrijfsvoering voortgezet kan worden. In deze analyse wordt daar geen rekening mee gehouden, vanuit de gedachte dat Reestmond zelfstandig de risico’s op dient te kunnen vangen. De verantwoordelijkheid van de gemeenten beperkt echter de risico’s tot het tekort over een enkel jaar. In deze paragraaf wordt ervan uitgegaan dat structurele verliezen door de gemeenten worden opgevangen. Elke gemeenten houdt daar ook rekening mee in het bepalen van het eigen weerstandsvermogen. Op basis van het bovenstaande kan worden geconcludeerd dat binnen Reestmond alleen de algemene reserve de weerstandscapaciteit vormt. Na verwerking van het positieve resultaat van 2024 zal de algemene reserve stijgen naar € 2.060K. Risico’s Indeling van risico’s Omwille van de structuur in deze paragraaf is de volgende indeling in risicogebieden en/of categorieën gehanteerd: - Inkomsten; - Financiering; - Bedrijfsvoering.
Het risicogebied Kapitaalgoederen is vanwege het geringe belang buiten beschouwing gelaten. Risico inschatting inkomsten Grote calamiteiten en risico’s die niet kwantificeerbaar zijn Met grote calamiteiten en risico’s die niet kwantificeerbaar zijn wordt in de risico-inschatting geen rekening gehouden. Bijdragen gemeenten In de begroting 2026 is -conform staand beleid- berekend dat voor een sluitende exploitatie bijdragen van de deelnemende gemeenten noodzakelijk zijn. De gemeenten die de gemeenschappelijke regeling hebben getroffen zijn verantwoordelijk voor de volledige financiering van deze regeling, ook als dit onverwachte verliezen betreft. Er is daarmee geen risico dat de gemeenten onvoldoende bijdragen. Financiering Reestmond loopt in principe geen risico over de opgenomen geldlening bij de BNG. De rekening-courant posities met RRC B.V. en RSP B.V. worden gezien hun geringe omvang buiten beschouwing gelaten. Bedrijfsvoering Verzekeringen Reestmond is verzekerd voor de meest voorkomende zaken. Het betreft verzekeringen voor: - Brand- en bedrijfsschade; - WA-verzekering; - Ongevallen voor BHV’ers; - Motorrijtuigen; - Werkmaterieel; - Bedrijfs-en productaansprakelijkheid. Tot op heden is door Reestmond met name een beroep gedaan op de motorrijtuigen- en werkmaterieel verzekeringen.
19
Realisatie toegevoegde waarden a. Externe factoren De begroting 2026 gaat uit van stabiele toegevoegde waarden. Er zijn externe factoren welke mede bepalend zijn voor het realiseren van deze doelstelling, waaronder bijvoorbeeld de bereidheid van externe partijen tot inleen van onze medewerkers (in geval van detacheringen) en de algemene economische omstandigheden. De realisatie van deze geraamde toegevoegde waarden over 2026 is in deze paragraaf benoemd als risico, en totaal geraamd op 10% van de toegevoegde waarde, € 179K. De weging van dit risico is gemiddeld. b. Ziekteverzuim Ook door ziekteverzuim daalt de toegevoegde waarde ten opzichte van de begroting. Ziekteverzuim van Wswmedewerkers van Reestmond leidt tot productieverlies. Het ziekteverzuim bij Reestmond ligt met ca 18% op een (grotendeels onbeïnvloedbaar) hoog niveau. De begroting gaat uit van een gelijkblijvend ziekteverzuim in de komende jaren. Om beter inzicht te krijgen heeft Reestmond onderscheid gemaakt tussen kort-, middellang- en lang verzuim. Het korte verzuim (griep e.d.) is laag en onder controle; het middellange- en lange verzuim daarentegen is hoog. Dit wordt veroorzaakt door veel langdurige en ernstige ziektegevallen, die in de toekomst mogelijk alleen nog maar in aantal zullen toenemen.
Hierop is geen sturing vanuit Reestmond mogelijk en kan alleen worden verlaagd doordat medewerkers eerder stoppen met werken. Reestmond zit hier maximaal bovenop. Elke maand staat er een overleg gepland met de bedrijfsarts en worden er -indien mogelijk- acties op gezet. Echter, de populatie wordt steeds ouder en krijgt meer gezondheidsklachten. Reestmond focust met name op arbeid en het zo lang mogelijk fit blijven. Landelijk gezien ligt het verzuimpercentage bij organisaties die net zoals Reestmond zijn ingericht (Nieuw Beschut) trouwens niet significant anders. Uitstroom Wsw-medewerkers In het kader van de invoering van de Participatiewet per 2015 is er vanaf dat moment geen nieuwe instroom van Wsw–medewerkers, waar tegenover wel natuurlijke uitstroom zal plaatsvinden (pensionering, arbeidsongeschiktheid, ontslag). Het navenante risico op verminderde toegevoegde waarden is in deze begroting volledig meegenomen en derhalve geen risico meer. Kostenontwikkelingen In de begroting(en) wordt rekening gehouden met stijgende (personele- en overige)lasten; hierbij blijft uiteraard altijd de kans aanwezig dat deze kostenontwikkelingen hoger zullen zijn dan de geraamde. Voor deze paragraaf wordt het risico hiertoe voorzien op maximaal 5% van de kosten, € 694K. Gezien het feit dat deze verhoogde kosten mogelijk (deels) te verdisconteren zijn in onze tariefstellingen is de weging laag.
Compensatie transitievergoeding Één van de afspraken in het Hoofdlijnenakkoord is dat vanaf 1-7-2026 organisaties met 25 medewerkers of meer geen gebruik meer kunnen maken van de compensatie transitievergoeding bij langdurige arbeidsongeschiktheid. Voor SW organisaties heeft dit een behoorlijke impact, de afgelopen jaren heeft Reestmond steeds ca. 200K per jaar uitbetaald. Op dit moment is dit nog geen volledig uitgewerkte wetgeving, daarom is dit risico nog niet in de begroting opgenomen. Onderhoud kapitaalgoederen Eind 2022 is een externe partij in de arm genomen om een inventarisatie op te stellen over het gebouw en de technische installaties aan de Eekhorstweg. Hieruit is naar voren gekomen dat er sprake is van achterstallig onderhoud. Er zullen kosten gemaakt moeten worden om het pand weer toekomstbestendig te maken. De hoogte van de investeringen is nog niet in te schatten. Dit hangt sterk samen met de keuzes die gemaakt worden; ook is duurzaamheid hierin een belangrijk item. In het voorjaar van 2025 wordt verwacht dat er meer duidelijkheid is over de kosten die hiermee gepaard gaan.
Debiteuren Er bestaat altijd de kans dat debiteuren niet aan hun betalingsverplichtingen (kunnen) voldoen. Dit risico wordt in de begrotingen van Reestmond, middels de opname van een stelpost, voorzien en is derhalve daarmee geen risico meer voor deze paragraaf. In de jaarrekeningen worden de mogelijk oninbare posten in mindering gebracht op het debiteurensaldo.
20
Hieronder volgt een overzicht ingeschatte risico’s (bedragen in €1.000,-) Basis Risico begroting Risicopercentage Weging Reserve 2026 Toegevoegde waarde 2.000 10% 50% 100 Kosten
13.885
5%
25%
174
Totaal
274
Bepaling Weerstandsvermogen De waarschijnlijke impact van de risico’s is € 274K. Deze verwachting is gebaseerd op het gewogen gemiddelde van alle inschattingen van kansen en impact. De algemene reserve, die ultimo 2024 € € 2.060K bedraagt, is momenteel van voldoende omvang teneinde dit risico op te vangen. 3.4.4.1
Kengetallen
Kengetallen
Concept Jaarrekening
Begroting
2024
2025
Begroting Begroting Begroting Begroting 2026
2027
2028
2029
Netto schuldquote Netto schuldquote gecorr. voor
-9,39%
-6,14%
-11,43%
-12,72%
-13,86%
-13,55%
verstr. leningen
-9,39%
-6,14%
-11,43%
-12,72%
-13,86%
-13,55%
Solvabiliteitsratio
72,52%
63,79%
81,85%
83,92%
86,00%
88,07%
Structurele exploitatieruimte
3,16%
0,00%
0,00%
0,00%
0,00%
0,00%
Toelichtingen op de kengetallen: Netto Schuldquote / Netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen: Deze kengetallen weerspiegelen het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. Gezien de geringe omvang van dit kengetal worden voor Reestmond geen exploitatie problemen verwacht voor de rentelasten en de aflossingen van de leningen. Solvabiliteitsratio Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin aan de financiële verplichtingen kan worden voldaan. Ondanks de afnemende omvang van dit kengetal worden voor Reestmond geen problemen voor de financiële positie verwacht. Structurele exploitatieruimte Dit kengetal geeft aan hoe groot de structurele exploitatieruimte is. Op basis van de gemeentelijke bijdragen sluit deze op nihil. De kengetallen over grondexploitatie en belastingcapaciteit komen bij deze gemeenschappelijke regeling niet voor. Verloop Reserves en Voorzieningen Reestmond heeft een algemene reserve en twee bestemmingsreserves. - De algemene reserve is positief. De totale gemeentelijke bijdrage is dusdanig begroot dat het resultaat van de GR op nihil uitkomt, hieruit is geen aanpassing van de algemene reserve te verwachten. Het is wenselijk om de algemene reserve op een positief niveau te houden, zodat de GR zelf kan inspelen op onvoorziene gebeurtenissen.
In 2022 is in het dagelijks bestuur vastgesteld binnen welke bandbreedte de algemene reserve van Reestmond mag liggen. - De bestemmingsreserve vakantiegeld strekt ter dekking van de uitstaande vakantiegeldverplichtingen. Ondanks de daling van het personeelsbestand zal deze reserve de komende jaren naar verwachting niet verder afnemen, dit wordt veroorzaakt door stijgende loonkosten. 21
-
De bestemmingsreserve verlofdagen strekt ter dekking van het uitstaande saldo verlofuren. De omvang van de reserve blijft gelijk, alleen op basis van een bestuursbesluit kan dit worden aangepast.
Vakantiegeld reserve
2025
2026
2027
2028
2029
Saldo 01-01
402
402
402
402
402
Toevoegingen
-
-
-
-
-
Onttrekkingen
-
-
-
-
-
Saldo 31-12
402
402
402
402
402
Verlofdagen reserve
2025
2026
2027
2028
2029
Saldo 01-01
1.186
1.186
1.186
1.186
1.186
Toevoegingen
-
-
-
-
-
Onttrekkingen
-
-
-
-
-
Saldo 31-12
1.186
1.186
1.186
1.186
1.186
Op dit moment staan er geen voorzieningen op de balans van Reestmond.
TREASURY (FINANCIERING) Reestmond beschikt over een treasury statuut, waarin door het Algemeen Bestuur regels zijn gesteld met betrekking tot bancaire zaken en het aantrekken c.q. het uitplaatsen van financiële middelen. Reestmond verricht haar bankzaken met één hoofdbankier, de BNG. Daarnaast is er een rekening bij de Rabobank voor afstortingen en opnames van kasgelden Op basis van de met de BNG afgesloten overeenkomst worden overschotten en tekorten aan liquiditeiten boven een grens van € 400.000 automatisch in daggeld of kasgeld omgezet. In het statuut worden alleen rekening courant, daggeld, deposito’s, en obligaties als beleggingsmiddel toegestaan, zodat er geen risico wordt gelopen over de ingezette middelen, alleen over de rendementen. De wet FIDO verplicht tot het opstellen van een dergelijk statuut en tot het verantwoorden over de stand van zaken via inzicht te geven in de kasgeldlimiet en rente-risiconorm. Kasgeldlimiet Kasgeldlimiet
Grondslag
Concept Jaarrekening
Begroting
2024
2025
Begroting Begroting Begroting Begroting 2026
2027
2028
2029
12.971 74 12.861 36
14.061 68 13.938 55
14.003 68 13.880 55
13.969 68 13.847 55
14.082 68 13.960 55
14.072 67 13.951 55
Vastgesteld percentage van 8,2%
1.064
1.153
1.148
1.145
1.155
1.154
Vlottende korte schuld
757
1.000
500
500
500
500
Netto vlottende schulden
757
1.000
500
500
500
500
Vlottende middelen
2.454
2.400
2.240
2.240
2.240
2.240
Banksaldi Overige vlottende middelen
515 1.939
400 2.000
515 1.725
515 1.725
515 1.725
515 1.725
Toets kasgeldlimiet
-633
-247
-592
-595
-585
-586
Netto vlottende kasgeldvordering
1.697
1.400
1.740
1.740
1.740
1.740
Kasgeldlimiet
1.064
1.153
1.148
1.145
1.155
1.154
Inkoopwaarde van de omzet Bedrijfslasten Rentelasten Toegestane kasgeldlimiet
Met de voorliggende begroting wordt aan de kasgeldlimiet voldaan. 22
Renterisiconorm Renterisiconorm
Totale lasten
Concept Jaarrekening
Begroting
2024
2025
Begroting Begroting Begroting Begroting 2026
2027
2028
2029
12.971
14.061
14.003
13.969
14.082
14.072
2.594
2.812
2.801
2.794
2.816
2.814
-
-
-
-
2.801
2.794
2.816
2.814
Renterisiconorm Vastgesteld percentage van 20% Renterisico Renteherzieningen Aflossingen Ruimte onder renterisiconorm
2.594
2.812
Met de voorliggende begroting wordt aan de renterisiconorm voldaan.
23
4 GEPROGNOTISEERDE BALANS EN EMU SALDO GEPROGNOTISEERDE BALANS Concept Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2024
2025
2026
2027
2028
2029
Materiele vaste activa Saldo 01-01
2.290
2.522
2.172
2.057
1.947
1.842
Investeringen
357
65
140
140
140
140
Afschrijvingen
247
293
255
250
245
240
Saldo 31-12
2.400
2.294
2.057
1.947
1.842
1.742
Saldo 01-01
3.037
2.650
2.560
2.400
2.400
2.400
Saldo 31-12
2.643
2.650
2.400
2.400
2.400
2.400
Saldo 01-01
5.327
5.172
4.732
4.457
4.347
4.242
Saldo 31-12
5.043
4.944
4.457
4.347
4.242
4.142
Saldo 01-01
3.188
3.154
3.648
3.648
3.648
3.648
Saldo 31-12
3.648
3.154
3.648
3.648
3.648
3.648
Saldo 01-01
2.139
2.018
1.084
809
699
594
Saldo 31-12
1.395
1.790
809
699
594
494
Saldo 01-01
5.327
5.172
4.732
4.457
4.347
4.242
Saldo 31-12
5.043
4.944
4.457
4.347
4.242
4.142
Vlottende activa
Totaal activa
Eigen vermogen
Vlottende passiva
Totaal passiva
24
EMU SALDO Concept Jaarrekening Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting Omschrijving
2024
2025
2026
2027
2028
2029
Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves
460
-
-
-
-
-
Afschrijvingen ten laste van de exploitatie
247
293
255
250
245
240
Bruto dotaties aan de post voorzieningen ten laste van de exploitatie
-
-
-
-
-
-
140
140
140
140
Uitgaven aan investeringen in (im)materiele vaste activa die op de balans worden geactiveerd
357
65
Baten uit bijdragen van andere overheden, de Europese Unie en overigen, die niet op de exploitatie zijn verantwoord en niet al in mindering zijn gebracht bij post 4 Desinvesteringen in (im)materiële vaste activa:
-
-
-
-
-
-
niet op exploitatie verantwoord
-
-
-
-
-
-
Aankoop van grond en de uitgaven aan bouw-, woonrijp maken e.d.
-
-
-
-
-
-
Baten bouwgrondexploitatie:
-
-
-
-
-
-
Baten voorzover transacties niet op exploitatie verantwoord
-
-
-
-
-
-
Lasten op balanspost Voorzieningen voorzover deze transacties met derden betreffen
-
-
-
-
-
-
gebracht en die nog niet vallen onder één van bovenstaande posten
-
-
-
-
-
-
Verkoop van effecten: Berekend EMU-saldo
-
-
-
-
-
-
350
228
115
110
105
100
Baten uit desinvesteringen in (im)materiële vaste activa (tegen verkoopprijs), voor zover
Lasten ivm transacties met derden, die niet via de onder post 1 genoemde exploitatie lopen, maar rechtstreeks ten laste van de reserves (inclusief fondsen en dergelijke) worden
BEGROTINGSSALDO Structureel begrotingssaldo
Concept Jaarrekening Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2024
2025
2026
2027
2028
2029
Saldo baten en lasten
460
-
-
-
-
-
Saldo toevoegingen en onttrekkingen aan reserves
-
-
-
-
-
-
Begrotingssaldo
460
-
-
-
-
-
Waarvan incidentele baten en lasten (saldo) Structureel begrotingssaldo
-
-
-
-
-
-
460
-
-
-
-
-
25