3.1 Reestmond - Ontwerpbegroting 2027 en meerjarendoorrekening 2028-2030
Tekst van het document
BEGROTING 2027 Alsmede meerjaren doorrekeningen 2028-2030
REESTMOND
1
INHOUD
2
SAMENSTELLING ALGEMEEN BESTUUR SAMENSTELLING DAGELIJKS BESTUUR SAMENSTELLING DIRECTIE EN MANAGEMENT
4 4 4
UITGANGSPUNTEN BEGROTING 2027 SAMENVATTING KADERBRIEF 2027
5 5 5
BATEN EN LASTEN ...................................................................................................... 6
8 9 10 10 11 11 11 12 12 12 13 13 13 14 14 14 14
ALGEMEEN GRONDSLAGEN WAARDERING EN RESULTAATBEPALING TOEGEVOEGDE WAARDE LOON- EN BEGELEIDINGSKOSTEN WSW OVERIGE PERSONEELSKOSTEN PERSONEELSKOSTEN NIET-WSW AFSCHRIJVINGEN ONDERHOUD ENERGIE VERZEKERINGEN EN BELASTINGEN DIENSTVERLENING DERDEN INDIRECTE PRODUCTIEKOSTEN OVERIGE BEDRIJFSLASTEN ONVOORZIEN SALDO VAN DE FINANCIERINGSFUNCTIE INCIDENTELE BATEN/LASTEN GEMEENTELIJKE BIJDRAGEN
3
4
PARAGRAFEN ...........................................................................................................15
REIKWIJDTE EN KAPITAALGOEDEREN REIKWIJDTE EN KAPITAALGOEDEREN ONDERZOEK NAAR GEBOUWEN EN INSTALLATIES VOORBEREIDING VERBOUWING MEERJARENPERSPECTIEF
15 15 15 15 16
REESTMOND RAAT COMBINATIE B.V. REESTMOND SALES & PARTICIPATION B.V. REMET B.V. REESTDAL WERKEN B.V.
16 17 17 17
ALGEMEEN INVENTARISATIE VAN DE WEERSTANDSCAPACITEIT RISICO’S BEPALING WEERSTANDSVERMOGEN VERLOOP RESERVES EN VOORZIENINGEN
18 18 19 21 22
GEPROGNOTISEERDE BALANS EN EMU SALDO ....................................................................24
2
3
JAARPLAN SAMENSTELLING BESTUUR EN DIRECTIETEAM Samenstelling Algemeen Bestuur
Gemeente
Bestuurders
Gemeente Meppel
De heer K.J. de Vries
Gemeente Meppel
De heer R. van Ulzen (vicevoorzitter)
Gemeente Staphorst
De heer L. Mulder
Gemeente Staphorst
De heer J.C. Bos (secretaris)
Gemeente Westerveld
De heer F. Foreman De heer J.T. Boonstra (voorzitter)
Gemeente Westerveld
Samenstelling Dagelijks Bestuur
Gemeente
Bestuurders
Gemeente Meppel
De heer R. van Ulzen (vicevoorzitter)
Gemeente Westerveld
De heer J.T. Boonstra (voorzitter)
Gemeente Staphorst
De heer J.C. Bos (secretaris)
Samenstelling Directie en management
Functie Directeur
Mevr. J. Gorte
Teamleider Ondersteuning
Mevr. V. den Dekker
4
DE OPZET VAN DE BEGROTING Uitgangspunten begroting 2027 Bij de opstelling van de begroting 2027 gelden de volgende uitgangspunten: -
De interne organisatie van Reestmond is op een dusdanige wijze ingericht dat het, naast het faciliteren van de huidige Sw-medewerkers, de brede doelgroep van de Participatiewet op kwalitatieve en efficiënte wijze kan faciliteren door middel van werkplekken en ontwikkeltrajecten; De begroting is opgesteld op basis van zo recent mogelijke bekende en verwachte ontwikkelingen. Voor de jaren na 2027 is rekening gehouden met het indexcijfer conform de gecombineerde index uit de septembercirculaire van het gemeentefonds. In deze begroting is rekening gehouden met de verwachte uitstroom door pensioengerechtigde leeftijd en in beperkte mate met ziekte. De resultaten van de B.V’s, de zogenoemde verbonden partijen van Reestmond, zijn buiten beschouwing gelaten in deze begroting. De in deze begroting gehanteerde cijfers met betrekking tot de concept jaarrekening 2025 verwijzen naar de versie van de jaarrekening zoals deze op 1 april in de bestuursvergadering is gepresenteerd. Samenvatting
Omschrijving
Toegevoegde waarde
Concept Jaarrekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2025
2026
2027
2028
2029
2030
2.422
1.986
2.072
1.972
1.872
1.772
Uitvoeringslasten
-3.896
-4.565
-5.095
-5.290
-5.482
-5.716
Operationeel resultaat
-1.474
-2.579
-3.024
-3.318
-3.611
-3.944
Wsw personele lasten
-9.649
-9.306
-8.980
-8.879
-8.598
-8.138
Operationeel resultaat
-1.474
-2.579
-3.024
-3.318
-3.611
-3.944
Exploitatieresultaat
-11.123
-11.885
-12.004
-12.197
-12.209
-12.082
-
-
-
-
-
-
11.999
11.885
12.004
12.197
12.209
12.082
878
-
-
-
-
-
Incidentele baten/lasten Onttrekking uit reserve Bijdrage deelnemende gemeenten Resultaat
-
De verwachte toegevoegde waarde neemt af met ca. 0,1 mln per jaar. Dit wordt grotendeels veroorzaakt door de afnemende inzetbaarheid van het personeelsbestand, met name bij de detacheringen. De uitvoeringslasten stijgen voornamelijk door het op sterkte brengen van de staffuncties. Daarnaast wordt een stijging veroorzaakt door het toepassen van het indexatie. Het personeelsbestand daalt door uitstroom van personeel.
Kaderbrief 2027 De opstelling van deze begroting is gebaseerd op de aan de gemeenteraden aangeboden kaderbrief 2027.
5
2 BATEN EN LASTEN Alle bedragen in € 1.000,- tenzij anders aangegeven.
6
OVERZICHT VAN BATEN EN LASTEN, INCLUSIEF MEERJAREN DOORREKENINGEN
Concept Omschrijving
Omzet
Jaarrekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2025
2026
2027
2028
2029
2030
2.496
2.054
2.162
2.062
1.962
-74
-68
-90
-90
-90
-90
2.422
1.986
2.072
1.972
1.872
1.772
Personeelskosten WSW
9.649
9.306
8.980
8.879
8.598
8.138
Overige personeelskosten
362
483
550
574
598
627
Personeelskosten niet WSW
1.900
2.346
2.876
3.001
3.126
3.277
Afschrijvingen
256
255
260
260
260
260
Onderhoud
393
387
410
410
410
410
Energie
258
305
274
285
297
312
Verzekeringen en belastingen
122
141
132
137
143
150
Dienstverlening derden
247
197
157
164
171
179
Indirecte productiekosten
72
84
77
81
84
88
Overige bedrijfslasten
331
337
381
397
414
434
Onvoorzien
-
25
25
25
25
25
Saldo van de financieringsfunctie
-43
5
-45
-45
-45
-45
13.545
13.871
14.076
14.169
14.081
13.854
-11.123
-11.885
-12.004
-12.197
-12.209
-12.082
-
-
-
-
-
-
11.999
11.885
12.004
12.197
12.209
12.082
-
-
-
-
-
Inkoopwaarde van de omzet Toegevoegde waarde
1.862
Bedrijfskosten
Bedrijfsresultaat Incidentele baten/lasten Onttrekking uit reserve
Bijdragen deelnemende gemeenten Resultaat
878
7
VERDELING NAAR TAAKVELDEN Op grond van de BBV is het verplicht om de activiteiten in te delen in taakvelden. De achterliggende gedachte hierbij is dat de diverse gemeenten en Gemeenschappelijke Regelingen meer vergelijkbaar worden. Reestmond kent twee taakvelden, te weten: Begeleide participatie (uitvoering Wsw; taakveld 6.4); Overhead (taakveld 0.4). Voor 2027-2030 geeft dit de onderstaande verdeling naar taakvelden. 2027
2028
Beg. Particip. Overhead fte:
219,3
43,4
83%
17%
Toegevoegde waarde
2.072
-
Personele lasten
8.755
Afschrijvingen
217
Onderhoud
Totalen 262,7
2029
Beg. Particip. Overhead
206,0
44,3
82%
18%
2.072
1.972
-
3.651
12.406
8.626
43
260
214
342
68
410
Energie
228
45
Verzekeringen en belastingen
110
Dienstverlening derden
131
Indirecte productiekosten
77
Overige bedrijfslasten
318
Onvoorzien
21
Saldo van de financieringsfunctie
-45
Totalen 250,3
2030
Beg. Particip. Overhead
189,8
43,4
81%
19%
1.972
1.872
-
3.828
12.455
8.328
46
260
212
337
73
410
274
235
50
22
132
113
26
157
135
77
81
381
327
63 4 -
25
21
-45
-45
Totalen
Beg. Particip. Overhead
233,2
194,5
40,4
83%
17%
Totalen 234,9
1.872
1.772
-
3.994
12.322
8.024
4.018
12.042
48
260
215
45
260
334
76
410
340
70
410
285
242
55
297
258
54
312
24
137
116
27
143
124
26
150
29
164
139
32
171
148
31
179
81
84
84
88
397
337
414
359
75
434
70 4 -
25
20
-45
-45
77 5 -
25
21
-45
-45
1.772
-
88 4
25
-
-45
Saldo baten en lasten
-8.082
-3.922
-12.004
-8.072
-4.125
-12.197
-7.895
-4.314
-12.209
-7.760
-4.322
-12.082
Bijdragen deelnemende gemeenten
8.082
3.922
12.004
8.072
4.125
12.197
7.895
4.314
12.209
7.760
4.322
12.082
Resultaat na bijdragen
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
Aan de overhead zijn de volgende personele lasten toegerekend: Werkleiding (zowel Wsw als niet-Wsw); Directie, staf en management; en daarnaast de naar rato hiervan afgeleide niet personele lasten. Gezien de geringe omvang van de financieringslasten hoeven deze niet te worden verdisconteerd over de taakvelden. In bovenstaand overzicht zijn deze toegewezen aan het taakveld ‘begeleide participatie’ (uitvoering Wsw).
TOELICHTING OVERZICHT VAN BATEN EN LASTEN Algemeen In de begroting 2027 is gerekend op basis van zo recent mogelijke bekende en verwachte ontwikkelingen. Verder is voor de begroting 2027en de doorrekeningen 2028 – 2030 gerekend met onderstaande algemene uitgangspunten: Om een inschatting te kunnen maken voor de kosten van de komende jaren is een indexatiepercentage gebruikt. Hierbij is aansluiting gezocht bij de indexcijfers die worden genoemd in de septembercirculaires van het gemeentefonds. Hieruit worden de gecombineerde indexcijfers aangehouden. Deze staan in onderstaande tabel weergegeven. 2027 4,39% -
2028 4.37%
2029 4,15%
2030 4,84%
Er is geen toegevoegde waarde ingerekend voor Reestdal Werken B.V. De resultaten van Remet B.V. en Reestdal Werken B.V. blijven buiten beschouwing.
8
Vergelijkende cijfers In de overzichten die zijn opgenomen in deze begroting, zijn voor de vergelijking de cijfers van de concept jaarrekening 2025 en de begroting 2026 opgenomen. Medewerker aantallen In de begroting 2027 en verder wordt uitgegaan van de onderstaande aantallen SE Wsw-medewerkers (in loondienst c.q. Begeleid Werken). De medewerkers waarvoor een Dienstverleningsovereenkomst is afgesloten vallen buiten deze aantallen.
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2027
2028
2029
2030
SE's, Alleen SW incl. begeleid werken Gemeente Meppel
145
135
134
128
Gemeente Staphorst
15
14
14
13
Gemeente Westerveld Totaal
46
45
41
35
206
194
189
177
Grondslagen waardering en resultaatbepaling De begroting 2027 is opgemaakt met inachtneming van de bepalingen van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV). Algemene grondslagen Binnen de bepalingen van het BBV worden baten en lasten toegerekend aan de periode waarop ze betrekking hebben. Winsten worden slechts opgenomen indien zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar worden opgenomen indien bekend voor het opmaken van de jaarrekening. Omzet De omzet betreft de opbrengst van aan derden geleverde goederen en diensten, exclusief de over de omzet geheven BTW en onder aftrek van eventuele kortingen. Inkoopwaarde van de omzet De inkoopwaarde bestaat uit grondstoffenverbruik, uitbesteed werk en fabricageresultaten. Het grondstoffenverbruik wordt berekend op basis van standaardverrekenprijzen. Uitbesteed werk wordt verantwoord op basis van hiervoor in rekening gebrachte bedragen. Lonen en sociale lasten Wsw personeel Dit betreffen de aan het boekjaar toe te rekenen brutolonen van het WSW personeel, vermeerderd met vakantietoeslag en eindejaarsuitkering en verhoogd met een opslag voor sociale en pensioenlasten. Eventuele ziekengelduitkeringen die op het boekjaar betrekking hebben ontvangen worden op de loonkosten in mindering gebracht.
Salarissen en sociale lasten overig personeel Dit betreffen de aan het boekjaar toe te rekenen brutolonen van het ambtelijk personeel, vermeerderd met vakantierechten en een eindejaarsuitkering, evenals sociale en pensioenlasten daarover. Daarnaast zijn onder deze noemer de kosten van het door RRC BV doorbelaste overige personeel verantwoord. Afschrijvingen Dit betreft de afschrijvingskosten van vaste activa. De afschrijvingstermijn bedraagt maximaal de economische levensduur. Overige bedrijfslasten De overige bedrijfskosten hebben met name betrekking op de indirecte bedrijfsvoering.
9
Saldo van de financieringsfunctie Dit betreft het saldo van de rentelasten en de rentebaten. Gelet op de geringe omvang van deze functie behoeft geen rentetoerekening aan de taakvelden plaats te vinden. Bijdragen deelnemende gemeenten Dit betreft de bijdragen van de in de gemeenschappelijke regeling deelnemende gemeenten in de voorziene exploitatietekorten. Toegevoegde waarde Concept Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Productie
760
763
740
740
740
740
Facilitaire projecten (WOL)
135
120
140
140
140
140
1.005
727
866
766
666
566
Trajecten en begeleiding
232
150
191
191
191
191
Overige opbrengsten
290
226
135
135
135
135
2.422
1.986
2.072
1.972
1.872
1.772
Detachering
TOTAAL
De toegevoegde waarden bestaan uit de omzet en de bijbehorende inkoopkosten. Dit zijn bijvoorbeeld projectkosten voor facilitair en groen. De toegevoegde waarde is ingeschat op basis van de resultaten uit 2025 en de reeds bekende ontwikkelingen. De opbrengsten uit detacheringen nemen af met ca. 0,1 mln per jaar. Dit wordt grotendeels veroorzaakt door de afnemende inzetbaarheid van het personeelsbestand.
Loon- en begeleidingskosten Wsw Concept Omschrijving
Lonen WSW incl. sociale lasten
Jaarrekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2025
2026
2027
2028
2029
2030
10.489
10.147
9.872
9.779
9.540
Loonkostensubsidie
111
100
110
110
110
110
Doorberekende loonkosten
-951
-941
-1.002
-1.010
-1.052
-1.103
9.649
9.306
8.980
8.879
8.598
8.138
TOTAAL
9.130
De loonkosten inclusief sociale lasten en pensioenpremies zullen de komende jaren steeds verder afnemen. Deze daling komt door uitstroom in verband met pensioengerechtigde medewerkers en ziekte.
10
Overige personeelskosten Concept Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Reis- en verblijfkosten
90
120
96
100
104
109
Studiekosten
20
78
104
109
113
119
Arbodienstverlening
51
58
125
131
136
143
Werkkleding
38
42
42
44
45
48
Jubilea
32
42
37
38
40
42
Overige personeelskosten
133
143
146
153
159
167
TOTAAL
362
483
550
574
598
627
In de overige personeelskosten zijn ook de kosten voor de arbodienstverlening opgenomen. Vanaf 1 januari 2026 is Reestmond overgestapt naar een andere aanbieder, dit omdat de bestaande dienstverlening werd gestopt. De uitgaven voor arbodienstverlening zullen fors gaan stijgen, maar zijn wel marktconform. Ook voor studiekosten worden gezien de aandacht voor ontwikkeling hogere kosten verwacht dan in 2025. De overige personeelskosten zullen in 2027 en verder aansluiten bij de gerealiseerde kosten in 2025. Personeelskosten niet-Wsw Concept Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Salariskosten Ambtelijk Doorberekende personeelskosten R.R.C.
356
411
414
432
450
364
1.626
2.075
2.556
2.668
2.779
3.021
-83
-139
-95
-99
-103
-108
1.900
2.347
2.876
3.001
3.126
3.277
Doorberekende loonkosten TOTAAL
De personeelskosten van medewerkers die niet onder de Wsw vallen, nemen toe ten opzichte van zowel de realisatie 2025 als de begroting 2026. Binnen deze groep is geen sprake van uitstroom, waardoor de formatie minimaal gelijk blijft. Daarnaast zullen enkele functies die momenteel door SW-medewerkers worden ingevuld, bij pensionering moeten worden vervangen door regulier personeel. In de begroting is daarnaast voorzien in een structurele versterking van het kaderpersoneel, ter borging van de benodigde organisatorische capaciteit en continuïteit.
Afschrijvingen Concept Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Bedrijfsgebouwen
136
130
130
130
130
130
Installaties, machines en inventaris
59
65
65
65
65
65
Automatisering
44
45
60
60
60
60
Vervoermiddelen
17
15
5
5
5
5
256
255
260
260
260
260
TOTAAL
11
De afschrijvingen zijn constant ten opzichte van de realisatie in 2025. Voor wat betreft de afschrijving van investeringen, wordt in de begroting uitgegaan van realisatie van investeringen per 1 juli van het boekjaar. Bij de afschrijvingen is nog geen rekening gehouden met de verbouwing gezien de onzekerheden. Onderhoud Concept Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Bedrijfsgebouwen
140
105
140
140
140
Installaties, machines en inventaris
84
105
90
90
90
90
Automatisering
129
126
140
140
140
140
Vervoermiddelen
40
52
40
40
40
40
393
387
410
410
410
410
TOTAAL
140
De verwachting is dat de onderhoudskosten op de meeste posten de komende jaren ongeveer gelijk blijven. Op het gebied van automatisering is wel een verhoging te verwachten doordat licenties en beveiliging steeds meer kosten met zich meebrengen. Energie Concept Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Elektra
92
136
97
101
106
111
Gas
115
108
123
129
134
140
Water
4
4
4
4
5
5
Brandstof
46
58
49
51
53
56
TOTAAL
258
305
274
285
297
312
De energiekosten zijn begroot op basis van de realisatie in 2025. Verzekeringen en belastingen
Concept Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Schade verzekering
46
47
49
51
53
56
Motorrijtuigen verzekering
19
21
21
22
23
24
Overige verzekeringen
9
13
10
11
11
12
Motorrijtuigenbelasting
5
16
6
7
7
7
Gemeentelijke belastingen
43
44
45
47
49
51
122
141
132
137
143
150
TOTAAL
Voor de kosten voor verzekeringen en belastingen zijn ten opzichte van de begroting 2025 geen grote aanpassingen te verwachten. 12
Dienstverlening derden
Concept Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Inhuur derden
247
197
157
164
171
179
TOTAAL
247
197
157
164
171
179
De kosten voor inhuur derden komen naar verwachting lager uit dan de realisatie in 2025. Onder deze post worden de werkzaamheden begroot die derden voor Reestmond uitvoeren. Per jaar verschilt het welke partijen en werkzaamheden dit zijn, afhankelijk van de thema’s die spelen. Vanaf 2027 zal een aantal posten op andere plekken worden begroot. De dienstverlening voor schoonmaak onder de schoonmaakkosten en een deel van de salarisadministratiekosten is opgenomen als vacatureruimte onder de personeelskosten. Indirecte productiekosten Concept Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Hulpstoffen en gereedschappen
54
63
58
60
63
66
Vrachtkosten en vuilafvoer
18
22
19
20
21
22
TOTAAL
71
85
77
81
84
88
Bij de begroting van de indirecte productiekosten is de jaarlijkse prijsstijging conform de indexcijfers meegenomen. Overige bedrijfslasten Concept Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Accountantskosten
57
47
60
62
65
68
Abbonementen & contributies
36
39
40
41
43
45
Kantoorbenodigdheden
14
21
18
19
20
21
Loonverwerking
11
13
13
13
14
14
Overige algemene kosten
63
61
94
98
102
107
Leasekosten
149
157
157
163
170
178
TOTAAL
331
337
381
397
414
434
De overige bedrijfslasten zijn begroot in lijn met de realisatie 2025, met ingang van de begroting 2027 zijn de schoonmaakkosten onder deze post opgenomen.
13
Onvoorzien Conform het BBV dient in de begroting 2027 een post voor onvoorziene lasten te worden opgenomen. Reestmond neemt hiertoe in de begrotingen 2027 en verder een post op ad. € 25.000 voor niet voorzienbare exploitatie afwijkingen. Saldo van de financieringsfunctie Concept Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Rente baten
60
50
50
50
50
50
Rente kosten
-16
-55
-5
-5
-5
-5
TOTAAL
43
-5
45
45
45
45
De rentebaten bestaan uit ontvangen rente van Remet en de de baten over het creditsaldo. De rentekosten zijn gedaald doordat de kasgeldlening volledig is afgelost. Incidentele baten/lasten Bij Reestmond wordt de posten incidentele baten en lasten gebruikt voor kosten en opbrengsten die gedurende een boekjaar optreden, maar welke niet voorzien waren. Ook hebben deze kosten en opbrengsten een incidenteel karakter en zullen in de volgende jaren niet optreden. Derhalve is in de begroting geen rekening gehouden met incidentele baten en lasten. Gemeentelijke bijdragen
Bij de bepaling van de gemeentelijke bijdragen wordt uitgegaan van een verdeling op basis van onderstaande SE’s. Concept SE's, Alleen SW incl. begeleid werken
Jaarrekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Gemeente Meppel
165
159
145
135
134
128
Gemeente Staphorst
19
16
15
14
14
13
Gemeente Westerveld
57
51
46
45
41
35
241
226
206
194
189
177
Totaal
Concept Bijdrage
Jaarrekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Gemeente Meppel
7.509
8.379
8.455
8.497
8.669
Gemeente Staphorst
876
843
875
879
903
917
Gemeente Westerveld
2.576
2.663
2.673
2.821
2.637
2.420
10.961
11.885
12.004
12.197
12.209
12.082
Totaal
14
8.745
3 PARAGRAFEN ONDERHOUD KAPITAALGOEDEREN Het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) verplicht tot het bieden van inzicht in het beleid, de kwaliteitseisen en de financiële consequenties van het onderhoud van kapitaalgoederen. Deze paragraaf geeft een integraal beeld van de staat van onderhoud van de panden van Reestmond, de gekozen financiële systematiek, de onderzoeksresultaten van de afgelopen jaren en de voorbereidingen op een omvangrijke verbouwing van de hoofdlocatie. Hiermee wordt tevens invulling gegeven aan de aandachtspunten die de provincie in haar brief voor de Begroting 2027 heeft aangegeven.
Reikwijdte en kapitaalgoederen Onder kapitaalgoederen worden verstaan: de in eigendom verworven terreinen, gebouwen en technische installaties, evenals onderhoudsplichten voor gehuurde of gepachte objecten. Voor Reestmond betreft dit: • Hoofdlocatie Reestmond, Eekhorstweg in Meppel • Locatie Reestmond, Oeveraseweg in Havelte Deze locaties vormen de centrale werkomgeving voor zowel productieactiviteiten als staf- en ondersteunende functies, en hebben daarmee een directe relatie met de kwaliteit van dienstverlening en de realisatie van de maatschappelijke opdracht. Reikwijdte en kapitaalgoederen Reestmond past de componentenbenadering toe voor groot onderhoud, conform de BBV-richtlijnen. Dat betekent dat: • Grote onderhoudsuitgaven worden geactiveerd als materiële vaste activa. • De afschrijving plaatsvindt over de gebruiksduur van de betreffende component of installatie. • Regulier en klein onderhoud jaarlijks als lasten in de exploitatie is opgenomen. Met deze systematiek ontstaat een beter passend beeld van de werkelijke kosten van instandhouding en wordt de financiële positie transparanter. De reguliere onderhoudskosten zijn in deze begroting volledig meegenomen. Onderzoek naar gebouwen en installaties Eind 2022 is een externe partij ingeschakeld om de bouwkundige en installatietechnische staat van de hoofdlocatie in kaart te brengen.
De conclusie van deze inventarisatie luidde dat: • Er sprake is van achterstallig onderhoud aan zowel het gebouw als de installaties. • Diverse onderdelen het einde van hun technische levensduur naderen. • Duurzaamheidsmaatregelen noodzakelijk zijn om toekomstige exploitatie- en energiekosten te beperken. In 2023 zijn aanvullende vragen gesteld om specificatie, prioriteit en urgentie van de geconstateerde punten verder te duiden. Hoewel hiermee het inzicht is vergroot, is nog geen sluitende begroting van de totale toekomstige onderhoudslasten mogelijk. De locatie in Havelte kent een beperkter schaalniveau en een betere technische uitgangspositie. Hier vindt regulier onderhoud plaats volgens planning en wordt geen groot achterstallig werk verwacht. Voorbereiding verbouwing Sinds 2023 vindt binnen Reestmond intensieve verkenning plaats naar een grootschalige verbouwing van het pand en de inrichting van de werkomgeving. Het algemeen bestuur heeft besloten tot het aanleggen van een bestemmingsreserve, zodat toekomstige investeringen mede hieruit kunnen worden gedekt.
Tijdens de bestuursvergadering van 26 juni 2025 is door het bestuur en de toenmalige interim-directeur vastgesteld dat: • een grote investering slechts verantwoord is indien deze past binnen de strategische toekomstvisie van Reestmond als Werk- en Ontwikkelbedrijf; • de verbouwing moet bijdragen aan een duurzame, veilige en toekomstbestendige werkomgeving voor medewerkers; 15
•
de investering moet aansluiten bij de maatschappelijke opgave en de positie van Reestmond in de regio. Op dit moment loopt een verdiepend onderzoek naar de aard, omvang en financiële raming van de verbouwing. Naar verwachting is in het voorjaar van 2027 meer duidelijkheid beschikbaar. Bij de jaarrekening 2025 wordt de bestemmingsreserve “Verbouwing Reestmond” gevormd. Deze reserve heeft als doel: • middelen doelgericht te oormerken voor de geplande verbouwing; • transparantie te vergroten richting het bestuur en de provincie; • zorg te dragen voor een verantwoorde, gefaseerde financiering van de ingreep. Afwijken van de bestemming is uitsluitend mogelijk na expliciete goedkeuring door het Dagelijks Bestuur. Meerjarenperspectief Omdat de benodigde investeringen mede afhankelijk zijn van beleidskeuzes over duurzaamheid, energie-infrastructuur, werkprocessen en inrichting, wordt op dit moment nog geen definitieve kostenschatting opgenomen. De kwaliteitseisen die Reestmond hanteert sluiten aan bij: • Arbo- en veiligheidsnormen • Duurzaamheidsdoelstellingen • Efficiënte werkprocessen • Innovaties in werkontwikkeling en productie Het meerjarenbeeld wordt geactualiseerd zodra de onderzoeksresultaten en investeringsramingen in 2027 definitief zijn.
BEDRIJFSVOERING Investeringen Voor de jaren 2025 tot en met 2027 zijn de investeringen als volgt geweest c.q. geraamd: Concept Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
Begroting
2025
2026
2027
Gebouwen Vervoermiddelen
50
30
20
10
Machines, apparaten en installaties
46
75
40
Overige materiële vaste activa
10
55
30
Totaal
56
200
110
Reestmond heeft in de afgelopen jaren zeer behoudend geïnvesteerd; als gevolg hiervan hebben in 2024 inhaalinvesteringen plaats gevonden. Daarna wordt in beginsel uitgegaan van het zogenaamde ideaalcomplex, waarbij vanuit de kasstroom uit de afschrijvingen kan worden geïnvesteerd. Informatisering en automatisering Reestmond heeft Compas als cliëntvolgsysteem en ten behoeve van de personeelsadministratie. Exact wordt als ERP-software gebruikt voor de administratie en productie.
VERBONDEN PARTIJEN Reestmond Raat Combinatie B.V. Reestmond Raat Combinatie B.V. (RRC B.V.) is op 27 december 2002 opgericht en gevestigd te Meppel. Binnen RRC werd vorm en uitvoering gegeven aan trajecten voor inwoners van de diverse deelnemende gemeenten 16
met een grote afstand tot de arbeidsmarkt. De trajecten zijn zodanig fors afgenomen dat RRC B.V. is afgebouwd. Lopende en nieuwe trajecten worden thans binnen Reestmond uitgevoerd. Sinds 2015 wordt RRC B.V. dan ook primair gebruikt voor het werkgeverschap voor niet-Wsw medewerkers en kan daarnaast worden ingezet voor mogelijke niet Wsw-gerelateerde kosten en opbrengsten. Het belang in deze verbonden partij wordt verantwoord in de jaarrekening (financiële vaste activa). Financiële informatie van deze B.V. is in een separate jaarrekening verantwoord. Onderstaand de vermogenspositie en het resultaat 2025 (in €1.000,-). Begin 2025
Eind 2025
Eigen vermogen
1
1
Vreemd vermogen
148
140
Resultaat 2025
-
Reestmond Sales & Participation B.V. Reestmond Sales & Participation B.V. (RSP B.V.) is opgericht op 16 november 2006 en gevestigd te Meppel. Via deze 100% dochter kan Reestmond deelnemingen aangaan met partijen waarbij een economisch belang, te weten werkgelegenheid voor onze doelgroep en/of risicobeperking, voorop staat. Financiële informatie van deze B.V. is in een separate jaarrekening verantwoord. Onderstaand de vermogenspositie en het resultaat 2025 (in € 1.000,-). Begin 2025
Eind 2025
Eigen vermogen
-20
-20
Vreemd vermogen
20
20
Resultaat 2025
-
Remet B.V. Vanuit het voornemen tot verdere verzelfstandiging van de afdeling Metaal en het daarmee zo dicht mogelijk tegen de reguliere arbeidsmarkt brengen van de daar werkzame Wsw-medewerkers, is op 26 september 2017 de besloten vennootschap Remet B.V. opgericht. Remet B.V. is een 100% dochteronderneming van RSP B.V. Uitgangspunt is per 1 januari 2018 alle metaal activiteiten plaats te laten vinden vanuit Remet B.V. Hiermee wordt bereikt dat er reeds een aparte bedrijfsvoering en organisatiebeleid kan worden gevoerd. Financiële informatie van deze B.V. is in een separate jaarrekening verantwoord. Onderstaand de vermogenspositie en het resultaat 2025 (in € 1.000,-). Begin 2025
Eind 2025
Eigen vermogen
-14
40
Vreemd vermogen
809
545
Resultaat 2025
54
Reestdal Werken B.V. Op 26 september 2017 is de besloten vennootschap Reestdal B.V. opgericht. Reestdal B.V. is een 100% dochteronderneming van RSP B.V. Uitgangspunt was op de groenactiviteiten onder te brengen in deze vennootschap. Eind 2018 is de naam van deze BV gewijzigd in Reestdal Werken BV om mensen in het kader van Beschut Werken aan te nemen. Onderstaand de vermogenspositie en het resultaat 2025 (in € 1.000,-).
Begin 2025
Eind 2025
Eigen vermogen
-1
-1
Vreemd vermogen
213
271
Resultaat 2025
17
WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING Algemeen In deze paragraaf is het beleid van Reestmond inzake het weerstandsvermogen en risicomanagement uiteengezet. Op grond van artikel 11 BBV moet Reestmond in haar begrotingen inzicht geven in haar weerstandsvermogen. Het omvang van het weerstandsvermogen wordt bepaald door: a) de weerstandscapaciteit, zijnde de middelen en mogelijkheden waarover de gemeente (in casu Reestmond) beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken; b) alle (rest)risico's waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. De opzet van deze paragraaf is analoog aan de paragraaf in onze begrotingen vanaf 2015 (tot stand gekomen in afstemming met de gemeentelijke beleidsmedewerkers dan wel financiële medewerkers). De paragraaf betreffende het weerstandsvermogen en risicobeheersing bevat ten minste: a. een inventarisatie van de weerstandscapaciteit; b. een inventarisatie van de risico's; c. het beleid omtrent de weerstandscapaciteit en de risico's. De weerstandscapaciteit betreft die elementen waarmee tegenvallers eventueel bekostigd kunnen worden, zoals borgstellingen, reserves, onbenutte voorzieningen etc. Onderscheid wordt gemaakt in incidentele en structurele weerstandscapaciteit. Incidentele weerstandscapaciteit is de mogelijkheid om eenmalige tegenvallers op te vangen.
Structurele weerstandscapaciteit betreft middelen die permanent inzetbaar zijn voor het opvangen van tegenvallers. Een risico is de kans op het optreden van een gebeurtenis met een bepaald gevolg. Reguliere risico’s (risico’s die zich regelmatig voordoen en die veelal vrij goed meetbaar zijn) behoren hier niet toe. Deze dienen in principe te worden opgevangen binnen de bedrijfsvoering middels het afsluiten van verzekeringen of het vormen van voorzieningen. De risico’s, relevant voor het weerstandsvermogen, zijn die risico’s die niet op deze manier zijn te ondervangen en die een financieel gevolg kunnen hebben. Inventarisatie van de weerstandscapaciteit De volgende onderdelen kunnen als onderdeel van de weerstandscapaciteit worden gezien. Algemene reserve De algemene reserve is in principe volledig beschikbaar als incidentele weerstandscapaciteit. Na verwerking van het positieve resultaat van 2025, en het inrichten van de bestemmingreserve Verbouwing zal de algemene reserve uitkomen op € 821.000. Bestemmingsreserves Bestemmingsreserves zijn geen onderdeel van de weerstandscapaciteit, totdat besloten wordt de reserve weer toe te voegen aan de algemene reserve. Onvoorzien incidenteel structureel Reestmond heeft in haar begroting in de regel € 25.000 onvoorzien opgenomen.
Stille reserves Van stille reserves is sprake als activacomponenten onder de directe opbrengstwaarde zijn gewaardeerd. Reestmond kent twee soorten stille reserves. Dit zijn stille reserves in financiële bezittingen en stille reserves in materiële bezittingen. De stille reserves in financiële vaste activa hebben betrekking op (de waardering van) onze deelnemingen. De deelnemingswaarden zijn gebaseerd op en omvatten geen stille reserves. De mogelijke stille reserves in materiële vaste activa betreffen onze gebouwen. Deze gebouwen zijn enerzijds duurzaam dienstbaar aan de bedrijfsuitoefening en anderzijds zou bij geheel gedeeltelijke verkoop een substantiële boekwinst kunnen worden behaald.
18
Kostenreductie Vanuit onder meer de benchmarkonderzoeken door Cedris blijkt dat de mogelijkheden hiertoe binnen Reestmond niet dan wel zeer beperkt zijn, reden waarom kwantificering achterwege is gelaten. Samenvatting inventarisatie De verplichting van de gemeenten die de regeling zijn aangegaan kan gezien worden als de belangrijkste factor in de weerstandscapaciteit. De gemeenten zijn immers verplicht eventuele verliezen te compenseren zodat de bedrijfsvoering voortgezet kan worden. In deze analyse wordt daar geen rekening mee gehouden, vanuit de gedachte dat Reestmond zelfstandig de risico’s op dient te kunnen vangen. De verantwoordelijkheid van de gemeenten beperkt echter de risico’s tot het tekort over een enkel jaar. In deze paragraaf wordt ervan uitgegaan dat structurele verliezen door de gemeenten worden opgevangen. Elke gemeenten houdt daar ook rekening mee in het bepalen van het eigen weerstandsvermogen. Op basis van het bovenstaande kan worden geconcludeerd dat binnen Reestmond alleen de algemene reserve de weerstandscapaciteit vormt. Na verwerking van het positieve resultaat van 2025, en het inrichten van de bestemmingreserve Verbouwing zal de algemene reserve uitkomen op € 821.000.
Risico’s Indeling van risico’s Omwille van de structuur in deze paragraaf is de volgende indeling in risicogebieden en/of categorieën gehanteerd: - Inkomsten; - Financiering; - Bedrijfsvoering. Risico inschatting inkomsten Grote calamiteiten en risico’s die niet kwantificeerbaar zijn Met grote calamiteiten en risico’s die niet kwantificeerbaar zijn wordt in de risico-inschatting geen rekening gehouden. Bijdragen gemeenten In de begroting 2027 is -conform staand beleid- berekend dat voor een sluitende exploitatie bijdragen van de deelnemende gemeenten noodzakelijk zijn. De gemeenten die de gemeenschappelijke regeling hebben getroffen zijn verantwoordelijk voor de volledige financiering van deze regeling, ook als dit onverwachte verliezen betreft. Er is daarmee geen risico dat de gemeenten onvoldoende bijdragen. Financiering Reestmond loopt in principe geen risico over de opgenomen geldlening bij de BNG. De rekening-courant posities met RRC B.V. en RSP B.V. worden gezien hun geringe omvang buiten beschouwing gelaten. Bedrijfsvoering Verzekeringen Reestmond is verzekerd voor de meest voorkomende zaken. Het betreft verzekeringen voor: - Brand- en bedrijfsschade; - WA-verzekering; - Ongevallen voor BHV’ers; - Motorrijtuigen; - Werkmaterieel; - Bedrijfs-en productaansprakelijkheid.
Tot op heden is door Reestmond met name een beroep gedaan op de motorrijtuigen- en werkmaterieel verzekeringen. Realisatie toegevoegde waarden a. Externe factoren 19
De begroting 2027 gaat uit van stabiele toegevoegde waarden. Er zijn externe factoren welke mede bepalend zijn voor het realiseren van deze doelstelling, waaronder bijvoorbeeld de bereidheid van externe partijen tot inleen van onze medewerkers (in geval van detacheringen) en de algemene economische omstandigheden. De realisatie van deze geraamde toegevoegde waarden over 2027 is in deze paragraaf benoemd als risico, en totaal geraamd op 10% van de toegevoegde waarde, € 207K. De weging van dit risico is gemiddeld. b. Ziekteverzuim Ook door ziekteverzuim daalt de toegevoegde waarde ten opzichte van de begroting. Ziekteverzuim van Wswmedewerkers van Reestmond leidt tot productieverlies. Het ziekteverzuim bij Reestmond ligt met ca 18% op een (grotendeels onbeïnvloedbaar) hoog niveau. Om beter inzicht te krijgen heeft Reestmond onderscheid gemaakt tussen kort-, middellang- en lang verzuim. Het korte verzuim (griep e.d.) is laag en onder controle; het middellange- en lange verzuim daarentegen is hoog. Dit wordt veroorzaakt door veel langdurige en ernstige ziektegevallen, die in de toekomst mogelijk alleen nog maar in aantal zullen toenemen. Hierop is geen sturing vanuit Reestmond mogelijk en kan alleen worden verlaagd doordat medewerkers eerder stoppen met werken. Reestmond zit hier maximaal bovenop. Echter, de populatie wordt steeds ouder en krijgt meer gezondheidsklachten.
Reestmond focust met name op arbeid en het zo lang mogelijk fit blijven. Uitstroom Wsw-medewerkers In het kader van de invoering van de Participatiewet per 2015 is er vanaf dat moment geen nieuwe instroom van Wsw–medewerkers, waar tegenover wel natuurlijke uitstroom zal plaatsvinden (pensionering, arbeidsongeschiktheid, ontslag). Het navenante risico op verminderde toegevoegde waarden is in deze begroting volledig meegenomen en derhalve geen risico meer. Kostenontwikkelingen In de begroting(en) wordt rekening gehouden met stijgende (personele- en overige)lasten; hierbij blijft uiteraard altijd de kans aanwezig dat deze kostenontwikkelingen hoger zullen zijn dan de geraamde. Voor deze paragraaf wordt het risico hiertoe voorzien op maximaal 5% van de kosten, € 702K. Gezien het feit dat deze verhoogde kosten mogelijk (deels) te verdisconteren zijn in onze tariefstellingen is de weging laag. Compensatie transitievergoeding Één van de afspraken in het Hoofdlijnenakkoord is dat vanaf 1-7-2026 organisaties met 25 medewerkers of meer geen gebruik meer kunnen maken van de compensatie transitievergoeding bij langdurige arbeidsongeschiktheid. Voor SW organisaties heeft dit een behoorlijke impact, de afgelopen jaren heeft Reestmond steeds ca. 200K per jaar uitbetaald. Op dit moment is dit nog geen volledig uitgewerkte wetgeving, daarom is dit risico nog niet in de begroting opgenomen.
Onderhoud kapitaalgoederen De risico’s rond het onderhoud van kapitaalgoederen en de mogelijke verbouwing van de hoofdlocatie zijn op dit moment nog niet volledig te kwantificeren. De onderzoeken naar de technische staat van het gebouw en de installaties hebben duidelijk gemaakt dát er een opgave ligt, maar niet welke financiële omvang deze exact zal hebben. De kosten hangen sterk samen met strategische keuzes die nog niet zijn vastgesteld, zoals: • de gewenste mate van verduurzaming; • de noodzakelijke vervanging van technische installaties; • de functionele inrichting van de werkomgeving; • de uiteindelijke reikwijdte van de verbouwing. Zolang deze keuzes nog in voorbereiding zijn, bestaat er geen betrouwbaar financieel kader om risico’s in bedragen te uit te drukken. Dat betekent dat in deze begroting geen kwantitatieve risico-inschatting kan worden opgenomen. • Beperkt financieel risico door aanwezigheid bestemmingsreserve Hoewel de exacte omvang van de risico’s nog niet is te bepalen, is het financiële risico voor Reestmond op dit moment laag. Dit komt doordat in de jaarrekening 2025 een bestemmingsreserve “Verbouwing Reestmond” wordt ingesteld.
Deze reserve heeft de volgende functies: • het doelgericht reserveren van middelen voor de toekomstige verbouwing; • het beperken van financiële schokken in de exploitatie; • het afdekken van risico’s die samenhangen met onderhoud, verduurzaming en bouwkundige aanpassingen. De reserve fungeert daarmee als eerste verdedigingslinie voor onzekere onderhouds- en verbouwingskosten. Hierdoor is het resterende risico dat op de algemene middelen drukt beperkt. De provincie heeft verzocht om inzicht te geven in risico’s en om deze op te nemen in de paragraaf Weerstandsvermogen. Conform dit verzoek worden de risico’s op dit moment kwalitatief opgenomen. Zodra 20
de onderzoeksresultaten in 2027 meer duidelijkheid bieden over de omvang, fasering en financiële impact van de verbouwing, worden: • de risico’s gekwantificeerd, • de benodigde weerstandscapaciteit bijgesteld, en • de financiële implicaties verwerkt in de begroting en het meerjarenbeeld.
Debiteuren Er bestaat altijd de kans dat debiteuren niet aan hun betalingsverplichtingen (kunnen) voldoen. Dit risico wordt in de begrotingen van Reestmond, middels de opname van een stelpost, voorzien en is derhalve daarmee geen risico meer voor deze paragraaf. In de jaarrekeningen worden de mogelijk oninbare posten in mindering gebracht op het debiteurensaldo. Hieronder volgt een overzicht ingeschatte risico’s (bedragen in €1.000,-)
Risico Toegevoegde waarde
Basis begroting Risicopercentage Weging Reserve 2027 2.072 10% 50% 104
Kosten
14.076
5%
25%
176
Totaal
280
Bepaling Weerstandsvermogen De waarschijnlijke impact van de risico’s is € 280K. Deze verwachting is gebaseerd op het gewogen gemiddelde van alle inschattingen van kansen en impact. De algemene reserve, die ultimo 2025 € 821K. bedraagt, is momenteel van voldoende omvang teneinde dit risico op te vangen. 3.4.4.1
Kengetallen
Kengetallen
Concept Jaarrekening
Begroting
2025
2026
Begroting Begroting Begroting Begroting 2027
2028
2029
2030
Netto schuldquote Netto schuldquote gecorr. voor
-16,21%
-10,95%
-11,84%
-12,81%
-13,95%
-15,25%
verstr. leningen
-16,21%
-10,95%
-11,84%
-12,81%
-13,95%
-15,25%
Solvabiliteitsratio
79,93%
76,43%
79,77%
79,77%
79,77%
79,77%
Structurele exploitatieruimte
6,04%
0,00%
0,00%
0,00%
0,00%
0,00%
Toelichtingen op de kengetallen: Netto Schuldquote / Netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen: Deze kengetallen weerspiegelen het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. Gezien de geringe omvang van dit kengetal worden voor Reestmond geen exploitatie problemen verwacht voor de rentelasten en de aflossingen van de leningen. Solvabiliteitsratio Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin aan de financiële verplichtingen kan worden voldaan. Ondanks de afnemende omvang van dit kengetal worden voor Reestmond geen problemen voor de financiële positie verwacht. Structurele exploitatieruimte Dit kengetal geeft aan hoe groot de structurele exploitatieruimte is. Op basis van de gemeentelijke bijdragen sluit deze op nihil. De kengetallen over grondexploitatie en belastingcapaciteit komen bij deze gemeenschappelijke regeling niet voor. 21
Verloop Reserves en Voorzieningen Reestmond heeft een algemene reserve en drie bestemmingsreserves. - De algemene reserve is positief. De totale gemeentelijke bijdrage is dusdanig begroot dat het resultaat van de GR op nihil uitkomt, hieruit is geen aanpassing van de algemene reserve te verwachten. Het is wenselijk om de algemene reserve op een positief niveau te houden, zodat de GR zelf kan inspelen op onvoorziene gebeurtenissen. In 2022 is in het dagelijks bestuur vastgesteld binnen welke bandbreedte de algemene reserve van Reestmond mag liggen. - De bestemmingsreserve vakantiegeld strekt ter dekking van de uitstaande vakantiegeldverplichtingen. Ondanks de daling van het personeelsbestand zal deze reserve de komende jaren naar verwachting niet verder afnemen, dit wordt veroorzaakt door stijgende loonkosten. - De bestemmingsreserve verlofdagen strekt ter dekking van het uitstaande saldo verlofuren. De omvang van de reserve blijft gelijk, alleen op basis van een bestuursbesluit kan dit worden aangepast. - De bestemmingreserve verbouwing Reestmond is gevormd door het afromen van de algemene reserve tot de vastgestelde bandbreedte. Voor deze bestemmingsreserve is door het bestuur vastgelegd waaraan deze gelden besteed mogen worden. - In 2025 is een voorziening aangelegd voor de salarislasten voor medewerkers die deelnemen aan de regeling vervroegd uittreden. Vakantiegeld reserve
2026
2027
2028
2029
2030
Saldo 01-01
402
402
402
402
402
Toevoegingen
-
-
-
-
-
Onttrekkingen
-
-
-
-
-
Saldo 31-12
402
402
402
402
402
Verlofdagen reserve
2026
2027
2028
2029
2030
Saldo 01-01
1.186
1.186
1.186
1.186
1.186
Toevoegingen
-
-
-
-
-
Onttrekkingen
-
-
-
-
-
Saldo 31-12
1.186
1.186
1.186
1.186
1.186
Reserve Verbouwing
2026
2027
2028
2029
2030
Saldo 01-01
2.116
2.116
2.116
2.116
2.116
Toevoegingen
-
-
-
-
-
Onttrekkingen
-
-
-
-
-
Saldo 31-12
2.116
2.116
2.116
2.116
2.116
Voorziening RVU
2026
2027
2028
2029
2030
Saldo 01-01
448
123
-
-
-
Toevoegingen
-
-
-
-
-
Onttrekkingen
-
-
-
-
-
Saldo 31-12
123
-
-
-
-
TREASURY (FINANCIERING) Reestmond beschikt over een treasury statuut, waarin door het Algemeen Bestuur regels zijn gesteld met betrekking tot bancaire zaken en het aantrekken c.q. het uitplaatsen van financiële middelen. Reestmond verricht haar bankzaken met één hoofdbankier, de BNG. Daarnaast is er een rekening bij de Rabobank voor afstortingen en opnames van kasgelden Op basis van de met de BNG afgesloten overeenkomst worden overschotten en tekorten aan liquiditeiten boven een grens van € 400.000 automatisch in daggeld of kasgeld omgezet. In het statuut worden alleen rekening courant, daggeld, deposito’s, en obligaties als beleggingsmiddel toegestaan, zodat er geen risico wordt gelopen over de ingezette middelen, alleen over de 22
rendementen. De wet FIDO verplicht tot het opstellen van een dergelijk statuut en tot het verantwoorden over de stand van zaken via inzicht te geven in de kasgeldlimiet en rente-risiconorm. Kasgeldlimiet Kasgeldlimiet
Grondslag
Concept Jaarrekening
Begroting
2025
2026
Begroting Begroting Begroting Begroting 2027
2028
2029
2030
13.679 74 13.589 16
13.989 68 13.866 55
14.216 90 14.121 5
14.309 90 14.214 5
14.221 90 14.126 5
13.994 90 13.899 5
Vastgesteld percentage van 8,2%
1.122
1.147
1.166
1.173
1.166
1.147
Vlottende korte schuld
157
500
500
500
500
500
Netto vlottende schulden
157
500
500
500
500
500
Vlottende middelen
3.260
2.452
2.361
2.552
2.702
2.852
Banksaldi
430 2.830
450 2.002
450 1.911
450 2.102
450 2.252
450 2.402
Toets kasgeldlimiet
-1.981
-805
-695
-879
-1.036
-1.205
Netto vlottende kasgeldvordering
3.103
1.952
1.861
2.052
2.202
2.352
Kasgeldlimiet
1.122
1.147
1.166
1.173
1.166
1.147
Inkoopwaarde van de omzet Bedrijfslasten Rentelasten Toegestane kasgeldlimiet
Overige vlottende middelen
Met de voorliggende begroting wordt aan de kasgeldlimiet voldaan. Renterisiconorm Renterisiconorm
Totale lasten
Concept Jaarrekening
Begroting
2025
2026
Begroting Begroting Begroting Begroting 2027
2028
2029
2030
13.679
13.989
14.216
14.309
14.221
13.994
2.736
2.798
2.843
2.862
2.844
2.799
-
-
-
-
2.843
2.862
2.844
2.799
Renterisiconorm Vastgesteld percentage van 20% Renterisico Renteherzieningen Aflossingen Ruimte onder renterisiconorm
2.736
2.798
Met de voorliggende begroting wordt aan de renterisiconorm voldaan. 23
4 GEPROGNOTISEERDE BALANS EN EMU SALDO GEPROGNOTISEERDE BALANS Concept Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Materiele vaste activa Saldo 01-01 Investeringen
2.400
2.176
2.121
1.971
1.821
1.671
56
200
110
110
110
110
Afschrijvingen
280
255
260
260
260
260
Saldo 31-12
2.176
2.121
1.971
1.821
1.671
1.521
Saldo 01-01
2.634
3.485
2.652
2.602
2.752
2.902
Saldo 31-12
3.485
2.652
2.602
2.752
2.902
3.052
Saldo 01-01
5.034
5.661
4.773
4.573
4.573
4.573
Saldo 31-12
5.661
4.773
4.573
4.573
4.573
4.573
Saldo 01-01
3.648
3.154
4.525
3.648
3.648
3.648
Saldo 31-12
4.525
3.648
3.648
3.648
3.648
3.648
Saldo 01-01
1.386
2.507
248
925
925
925
Saldo 31-12
1.136
1.125
925
925
925
925
Saldo 01-01
5.034
5.661
4.773
4.573
4.573
4.573
Saldo 31-12
5.661
4.773
4.573
4.573
4.573
4.573
Vlottende activa
Totaal activa
Eigen vermogen
Vlottende passiva
Totaal passiva
24
EMU SALDO Concept Jaarrekening Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting Omschrijving
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves
876
-
-
-
-
-
Afschrijvingen ten laste van de exploitatie
256
255
260
260
260
260
Bruto dotaties aan de post voorzieningen ten laste van de exploitatie
-
-
-
-
-
-
200
110
110
110
110
-
-
-
-
-
-
niet op exploitatie verantwoord
-
-
-
-
-
-
Aankoop van grond en de uitgaven aan bouw-, woonrijp maken e.d.
-
-
-
-
-
-
Baten bouwgrondexploitatie:
-
-
-
-
-
-
Baten voorzover transacties niet op exploitatie verantwoord
-
-
-
-
-
-
Lasten op balanspost Voorzieningen voorzover deze transacties met derden betreffen
-
-
-
-
-
-
gebracht en die nog niet vallen onder één van bovenstaande posten
-
-
-
-
-
-
Verkoop van effecten: Berekend EMU-saldo
-
-
-
-
-
-
1.076
55
150
150
150
150
Uitgaven aan investeringen in (im)materiele vaste activa die op de balans worden geactiveerd
56
Baten uit bijdragen van andere overheden, de Europese Unie en overigen, die niet op de exploitatie zijn verantwoord en niet al in mindering zijn gebracht bij post 4 Desinvesteringen in (im)materiële vaste activa: Baten uit desinvesteringen in (im)materiële vaste activa (tegen verkoopprijs), voor zover
Lasten ivm transacties met derden, die niet via de onder post 1 genoemde exploitatie lopen, maar rechtstreeks ten laste van de reserves (inclusief fondsen en dergelijke) worden
BEGROTINGSSALDO Structureel begrotingssaldo
Concept Jaarrekening Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2025
2026
2027
2028
2029
2030
Saldo baten en lasten
878
-
-
-
-
-
Saldo toevoegingen en onttrekkingen aan reserves
-
-
-
-
-
-
Begrotingssaldo
878
-
-
-
-
-
Waarvan incidentele baten en lasten (saldo) Structureel begrotingssaldo
-
-
-
-
-
-
878
-
-
-
-
-
25