2. Rapport Waardestelling monumentale waarden dd 05-12-2022_1812754_v2_0_redacted
Tekst van het document
Lord Nelson Prinsenplein 46, 48 en 50, Meppel Advies monumentale waarden
Het Oversticht Zwolle, 5 december 2022
Inhoud Algemene gegevens ............................................................................................................................................. 3 Stedenbouwkundige context .................................................................................................................. 4 Cultuurhistorische context ................................................................................................................................. 9 Architectuurhistorische context ...................................................................................................................... 11 Monumentale waarden..................................................................................................................................... 25 Conclusie ............................................................................................................................................................. 27 Bibliografie .......................................................................................................................................................... 28 Colofon ..................................................................................................................................................
29 Fotobijlage ........................................................................................................................................................... 30
2
Algemene gegevens Adres: Prinsenplein 46, 48, 50, 7941 KW Meppel Kadastrale percelen: Meppel A 8600, Meppel A 8723, Meppel A 8884 Bouwjaar: - Prinsenplein 46 vermoedelijk tweede helft 19de eeuw (circa 1886) - Prinsenplein 48-50 mogelijk voor 1850 Architect: onbekend Oorspronkelijke functie: woningen, opslag Laatste functie: discotheek (nu gesloten)
Het onderzoeksgebied rood gemarkeerd. Het gaat om drie bouwvolumes aan de voormalige Prinsengracht, waarvan het rechter bouwvolume (nr.46) iets onder een hoek ten opzichte van de rooilijn gesitueerd staat. De volumes zijn in de loop van de tijd samengevoegd tot een ensemble. Op het achterterrein en aan de Kromme Elleboog zijn in verschillen periodes bouwdelen toegevoegd, achter het café op de hoek langs. Vermeldenswaardig is de smalle waterloop tussen het middelste en het rechter pand, die de hoek waaronder de beide bouwwerken tegen de roeilijn staan, verklaart (Luchtfoto Gemeente Meppel).
3
Stedenbouwkundige context Stedenbouwkundige situering De voorgevels van de panden aan Prinsenplein 46, 48 en 50 maken deel uit van een zo goed als gesloten straatwand aan het Prinsenplein. De panden op nummer 48 en 50 liggen in dezelfde rooilijn als het naastgelegen café op Prinsengracht 1. Het pand aan Prinsenplein 46 staat in de rooilijn iets gedraaid. Tussen nummer 46 en 48 staat een gemetselde entreeportaal, de achterliggende steeg – op de plek van een voormalige smalle waterloop - is inmiddels dicht gebouwd. Een deel van Prinsenplein 50 grenst - door latere aan- en bijbouwen - aan de Kromme Elleboog en ligt achter en geschakeld aan het pand aan Prinsengracht 1. Ontstaan van Meppel
1634 Kaart van Blaeu (kassiesa.net).
1780 Pentekening gezicht op Meppel met panden aan de Prinsengracht (Archief SOM, 2796).
Bij het ontwikkeling van Meppel speelde water een belangrijke rol: Meppel is ontstaan op een kruispunt van riviertjes en stroompjes die in zuidwestelijke richting het Drents Plateau afstroomden. De directe verbinding met de Zuiderzee zorgde ervoor dat Meppel kon uitbloeien tot handelsstad en regionaal marktcentrum. De eerste bebouwing ontstond in de Middeleeuwen daar waar de Wetering en de Aa samenkwamen, bij de Grote Kerk. Langzamerhand nam de bebouwing langs de waterlopen toe. In de 18de eeuw werd Meppel uitgebreid met het gedeelte tussen Weteringstraat, Prinsenstraat, Prinsenplein, Prinsengracht, Keizersgracht, Zuideindigerpad en Stoombootkade en verder ontstond er bebouwing langs het Moleneinde, de Woldstraat en het Noordeinde. Vanaf circa 1800 trad verdichting van de bebouwing op; door nieuwbouw tussen de langs het water ontstane lintstructuur ontstond een meer gesloten stadsweefsel. Demping van grachten Tot 1918 liep de Wetering dwars door het centrum van Meppel, van de Prinsengracht via het Kerkplein naar de Grote Oever. Het was de aanlegplaats van de snikken (kleine gejaagde beurtschepen) uit De Wijk en Hoogeveen. Door de ontwikkeling van steeds grotere schepen, werden de grachten in de stad steeds minder bruikbaar. In 1880 was daarom al de verbinding tussen de Sluisgracht-Oevergracht rondom Bleekerseiland gedempt. Vervolgens werden meer en meer grachten gedempt.
In 1917 werd een voorstel aangenomen om een gedeelte van de Prinsengracht tussen de huidige Prinsenstraat en de Grote Kerk - te dempen vanwege de behoefte aan extra marktruimte. Een jaar later dempte men nog een gedeelte in oostelijke richting, waardoor het 4
Prinsenplein ontstond. In 1938 dempte men in het kader van een uitbreidingsplan in oostelijke richting nog een gedeelte van de Prinsengracht, met uitzondering van een klein gedeelte bij de Gasgracht voor de Gasfabriek dat in 1967 gedempt zou worden. In 2007 besloot het stadsbestuur om een deel van de Gasgracht in het centrum weer open te graven, zo ontstond de huidige situatie. 1
Wetering met turfschepen gezien vanaf het zuiden met links de Prinsengracht, ansichtkaart uit circa 1900-1905 van voor de demping. In de verte is het onderzoeksgebied vaag zichtbaar (Archief SOM, 6834).
Wetering gezien vanaf het noorden op een foto uit circa 19001905, met links de Groote Kerkstraat en rechts de Prinsengracht. Rechts in de bocht staat een pand met hoge daktoren; Prinsenplein 46 (Archief SOM, 153).
Na demping van de Prinsengracht ontstond het Prinsenplein; een breed plein met groenstrook in het midden. Geheel links nog net een deel van de gevel van Prinsenplein 46 te zien. Foto uit 1925-1930 (Archief SOM, ZPRIPX09).
Demping laatste stukje Prinsengracht in 1938, met rechts tussen de slagerij en het café de Kromme Elleboog (Archief SOM, 872).
Prinsenplein op een ansichtkaart uit 1955 (Archief SOM, 880).
Herinrichting Prinsenplein in 1984 (Archief SOM, 1859).
1 5.1.2e
5
Luchtfoto van het Prinsenplein na de herinrichting in 1984 (Archief SOM, 2154).
Inrichting Prinsenplein in 2020 met horeca, winkels, terrassen en parkeergelegenheid voor auto’s en fietsen.
Kadastraal minuutplan Meppel, 1811-1832. Inzoomend op het onderzoeksgebied is op het kadastrale minuutplan uit het begin van de negentiende eeuw goed te zien dat er in die tijd langs de Prinsengracht (toen Nieuwe Weg) en langs het noordelijke gedeelte van de Keizersgracht aaneengesloten bebouwing was ontstaan. De gebieden daarachter waren grotendeels onbebouwd en ingevuld met diepe tuinen. Ook op de plek van Prinsengracht 46, 48 en 50 is al bebouwing te zien, aangegeven met no. 1171 en no. 1159. Hiertussen loopt een smalle waterloop, die vermoedelijk dienst deed als riool (beeldbank RCE).
1900, Topografische kaart. De Prinsengracht loopt nog dwars door het centrum van Meppel (Topotijdreis.nl).
1927, Topografische kaart. De Prinsengracht is grotendeels 6 gedempt, het Prinsenplein is ontstaan (Topotijdreis.nl).
1955, Topografische kaart. De Prinsengracht is nog verder gedempt (Topotijdreis.nl).
2021, Topografische kaart. In de huidige situatie is de Prinsengracht nog verder teruggedrongen. De Kromme Elleboog is verbreed en maakt onderdeel uit van de infrastructurele routing om het centrum (Topotijdreis.nl).
Kromme Elleboog De Kromme Elleboog was oorspronkelijk een steeg tussen de Prinsengracht en de Keizersgracht. Langs de steeg kwam in de eerste helft van de negentiende eeuw meer en meer bebouwing in een kleinschalige verkavelingsstructuur. Het karakteristieke stegenpatroon dat zo ontstond verdween echter grotendeels bij de grootschalige saneringen in de stad in de jaren ’60 van de twintigste eeuw. Er werd ruimte gemaakt voor het autoverkeer en er kwam hogere en bredere bebouwing. Met de sanering langs de Krommesteeg kreeg ook het gebied achter het café aan Prinsengracht 1 een ander karakter. In het najaar van 2007 ging de Krommesteeg verder op de schop; de slagerij op de zuidelijke hoek van de Krommesteeg-Prinsengracht werd afgebroken om ruimte te maken voor de verbreding van de Kromme Elleboog en voor de verbinding met de Brouwersstraat. Zo ontstond de huidige brede doorgang tussen de Prinsengracht en de Kromme Elleboog.
Kleinschalige verkavelingsstructuur tussen de Prinsengracht en de Keizersgracht is op deze luchtfoto uit 1927 duidelijk herkenbaar (Archief SOM, 4059).
Jubileumviering Technische Gemeentebedrijven op het Prinsenplein in 1948, met zicht op de Kromme Elleboog tussen slagerij Dengerink en Hotel Café Vrielink (Archief SOM, FOPRIP02).
7
Afbraak slagerij Westenbrink in 2007 ten behoeve van verbrede van de doorgang van de Prinsengracht naar de Kromme Elleboog (Archief SOM, 13030).
Hoek Prinsengracht-Kromme Elleboog na verbreding in 2010 (Archief SOM, ZKRELB04).
Kromme Elleboog in 1955, met rechts Prinsengracht 1 en links de voormalige slagerij Dengerink (Archief SOM, 4918).
8
Cultuurhistorische context Meppel als handelsstad De gunstige ligging van Meppel op een kruispunt van rivieren en kanalen en de verbinding met de Zuiderzee zorgden voor de ideale condities om van een boerengemeenschap uit te groeien tot handelsstad. In de Middeleeuwen was de bisschop de landheer van Drenthe. Toen de Meppelers zich in 1460 bij bisschop David van Bourgondië beklaagden over het feit dat ze niet konden rondkomen van hun boerenbedrijf, gaf de bisschop Meppel het recht om tweemaal per jaar een markt te organiseren. Niet veel later, in 1487, kreeg de stad ook het recht op een weekmarkt. Van heinde en verre trokken kooplieden naar de markten en Meppel ontwikkelde zich in korte tijd tot het economisch centrum van de hele omgeving. In de vijftiende en zestiende eeuw stond de turfhandel centraal, waarbij Meppel een belangrijke schakelfunctie had als doorvoerhaven tussen het Drentse agrarische achterland en het westen van het land, zoals Amsterdam. Aan het begin de negentiende eeuw was de markt bij het kerkplein uitgebreid naar De Wheem (met Waag), Hoogetin en de Nieuwe Markt (later Groenmarkt genoemd) en had niet meer turf als belangrijkste handelswaar, maar vlees en boter.
Foto van de markt op de Groenmarkt rond 1900 (Archief SOM).
Van bedrijvigheid naar winkels en horeca langs de Prinsengracht De toenemende handel maakte van Meppel een aantrekkelijke vestingplaats. Langs de vaarwegen verrees een grote diversiteit aan bouwwerken, van woningen tot pakhuizen, molens, brouwerijen, touwslagerijen, fabrieken en cafés, zo ook aan de Prinsengracht. In de loop der tijd vestigden zich steeds meer winkels en horeca aan het Prinsenplein en veranderde de straat van bedrijvigheid met secundaire woonfunctie naar winkel/horecastraat. Al sinds 1914 was er een café gevestigd op de hoek Prinsengracht-Kromme Elleboog. De komst van café Bar-dancing C’est si bon op nummer 46 in de jaren ’60 sluit daarop aan, evenals de vestiging van Lord Nelson een 9
paar jaar later in de twee naastgelegen panden op nummer 48-50. Deze hoek van het Prinsenplein veranderde zo naar een levendig uitgaansgebied.
Deze gravure uit 1858 door J.G.Friedrich Poppel naar P. Hissink, geeft een indruk van de bebouwing destijds langs de Wetering/Prinsengracht. Het onderzoeksgebied is op de gravure links van de gracht gelegen en vermoedelijk vaag in de achtergrond zichtbaar (Rijksstudio, no. RP-P2009-540).
Geheel rechts op deze foto uit 1938 is café Vrielink te zien op de hoek PrinsengrachtKromme Elleboog (Archief SOM, 872).
Lord Nelson van kroeg naar discotheek Lord Nelson startte als kroeg waar in eerste instantie alleen wat achtergrondmuziek werd gedraaid, meestal Franse chansons en jazz. Al gauw kwamen er live optredens van artiesten uit heel het land, zoals Rob de Nijs, André Hazes en Herman Brood, en ontwikkelde Lord Nelson zich tot discotheek. Lord Nelson kwam in 2006 landelijk in het nieuws door de ‘ijsblokjesaffaire’ met Lange Frans.
In 1969 wordt bar-dancing C'est si bon opgericht op Prinsenplein nr.46. Foto 19751977 (GCCEST01_SOM).
Met de komst van Lord Nelson in 1975 wordt het uitgaanskarakter van deze hoek van het Prinsenplein verder versterkt (Reppel, 1976, p.26). Bron: “Lange Frans krijgt schikking voor mishandeling”, in: Trouw, 1 augustus 2006
10
Architectuurhistorische context Bouwgeschiedenis Welke functie de onderhavige panden vanaf de bouw hebben gehad is onduidelijk. De eerste gegevens vinden we in de aanwijzende tafel van het kadastrale minuutplan uit 1811-1832. Op Prinsengracht 1 was bijvoorbeeld begin negentiende eeuw een grutterij gevestigd. In 1914 wijzigde het pand van functie en werd het een café, wat het tot op de dag van vandaag nog is. Prinsenplein 48-50 is in de aanwijzende tafels behorende bij het kadastrale minuutplan uit 1811-1832 aangegeven als woning van Berend van Sloten die bakker van beroep was. Uit de tekening uit 1914 valt op te maken dat de panden toen in gebruik waren als winkel met pakkamers en kantoren, maar dat meneer M.J. de Hes, een grote ijzerhandelaar, de panden liet wijzigen. Het linker pand dat eerst winkel, pakkamer en kantoor omvatte, werd verbouwd tot woonkamer, salon, slaapkamer en keuken. Het rechter pand bleef pakkamer. Het linker pand op de verdieping werd ingericht als magazijn en kantoor, het rechter pand op de verdieping kreeg een slaapkamer met inbouwkasten en een meidenkamer. Het naastgelegen pand op nummer 46 deed in 1832 dienst als brouwerij en huis van Lambertus Kiers. Aan het eind van de negentiende eeuw werd dit pand verbouwd/vernieuwd tot woonhuis, waarschijnlijk door de nieuwe eigenaar. 2 Het pand op nr. 46 deed in 1914 dienst als woning van meneer Kom.
Adres Prinsengracht 1
Prinsenplein 48-50 (eerder Prinsenplein 18)
Jaartal 1811-1832 1914 1938 1976 1986
Eigenaar Dhr. Koster
1811-1832 1914
Berend van Sloten (beroep: bakker) M.J. Hes (eigenaar winkel ijzerwaren)
1975
Dhr. W. Schieving
1975-1989 1989
Dhr. W. Schieving Dhr. W. Schieving
1993
Dhr. W. Schieving
Fam. Vrielink Fam. J. v. d. Weijden Henk de Jong en Jaap de Boer
2022 Prinsenplein 46 (eerder Prinsenplein 16)
1811-1832 1914 1966 1969 1989 1993
Lambertus Kiers (beroep: brouwer) Meneer Kom Dhr. A.D. Rijkeboer Dhr. A.D. Rijkeboer Dhr. W. Schieving Dhr. W. Schieving
2022
Functie Woning en grutterij Café Polman Café Vrielink Café De Drentse Heerlijkheid Café Herberg ‘t Plein Woning Van winkel/pakhuis naar woonhuis/pakhuis Van twee woningen naar café-bar Lord Nelson met magazijnruimte Uitbreiding met pand C’est si bon Uitbreiding met pand Kromme Elleboog – Sun Dance Uitbreiding met pand Prinsenplein 42 Sluiting Lord Nelson Woning en brouwerij Woning Paardenslagerij met woning Bar-dancing C’est si bon Samenvoeging met Lord Nelson Uitbreiding met Prinsenplein 42 (C’est Ça / US Night Café) Sluiting Lord Nelson
Tabel 1 Overzicht wijzigingen functie / eigenaar panden.
2
De kadastrale hulpkaart uit 1896 toont een wijziging in de omtrek van voor- en achtergevel. Bron: kadaster.nl
11
In de jaren ’60 van de twintigste eeuw begint een omslag in de invulling van de panden. Dat begint in 1966 met de verbouw van pand nr.46 van woning tot een paardenslagerij op de begane grond en een woning op de verdieping. De eigenaar van de paardenslagerij, Dhr. A.D. Rijkeboer, ziet na enkele jaren meer brood in het creëren van een uitgaansgelegenheid op die plek. Bar-dancing C’est si bon opent in 1969 de deuren. Als de panden ernaast, nr.48 en 50, in 1975 te koop komen, zien de jonge horecaondernemers Wiecher Schieving en Bas Nijstad hun kans om naast het bruine café De Kansel dat ze in 1973 hadden geopend, ook een tweede bedrijf op te zetten voor een wat ouder publiek. Lord Nelson werd in 1976 geopend en was zo populair dat ze hetzelfde jaar al besloten het bedrijf met 70m2 uit te breiden. 3 Mogelijk betreft dat de samenvoeging van Lord Nelson met C’est si bon. Vele uitbreidingen zouden volgen. Zo werd in 1989 het pand aan de Kromme Elleboog (achter Prinsengracht 1) aan Lord Nelson gekoppeld en ging Sun Dance heten. In 1993 vond nog een grote verbouwing plaats toen ook Prinsenplein 42 aan het samenstel van gebouwen werd toegevoegd. Dat deel werd C’est ça genoemd, later het US Night Café.
Oprichter van Lord Nelson Bas Nijstad oog in oog met de 'naamgever' (Reppel, 1976, p.26).
Interieur Lord Nelson in 1976 (Reppel, 1976, p.27).
Enkele aanplakbiljetten van een van de optredens in Lord Nelson hangen nog in het pand.
Zitjes tegen de wand bij Lord Nelson in 1976 (Reppel, 1976, p.27).
3
Bron: Reppel, J., 1976, p.27
12
De oprichters kondigen een van de uitbreidingen aan van Lord Nelson, 1980-1990 (GCLORD01_SOM).
Dansvloer Lord Nelson, 1993-2021 (SOM).
Architectonische verschijningsvorm 4 Prinsenplein 46 Het pand aan Prinsenplein 46 wordt op straatniveau gekenmerkt door een hoog opgaande, in de rooilijn geknikte, gesloten moderne pui die in schril contrast staat met de veel oudere verdiepingsgevel daarboven. Het pand heeft in de loop der tijd duidelijk veel wijzigingen ondergaan. Op de kadastrale minuutplan uit 1811-1832 is te zien dat er op deze plek al bebouwing was. Het vrijstaande pand heeft een rechthoekige plattegrond. Uit de kadastrale kaarten valt op te maken dat in 1896 belangrijke wijzigingen hebben plaatsgevonden in de plattegrondsvorm van het gebouw. De voor- en achtergevel hebben een verspringing in de gevellijn. Het statige herenhuis van twee verdiepingen onder een schildkap had een uitgesproken vormgeven voor de plek met een representatieve voorgevel. Het pand heeft kenmerken van eclectische stijlen behorend bij de rond het eind van de negentiende eeuw heersende architectuurstroom. Meest in het oog springend is de verhoogde entreepartij, risalerend in de gevel en doorgetrokken op de verdieping. Dit risalerende geveldeel is verder geaccentueerd door een separaat, hoog opgaand schilddak.
Ook de hoge schuifvensters met gemetselde segmentbogen met aanzet- en sluitstenen boven de ramen, de uitkragende kroonlijst met breed fries en sierlijke consoles en de oeil de boeuf dakkapel zijn kenmerkende eclectische elementen. Kortom, het is waarschijnlijk dat het pand aan Prinsenplein 46 aan het einde van de 19de eeuw is opgetrokken. Mogelijk zijn oudere delen van het huis/de brouwerij dat eerder op deze plek stond hergebruikt. Op de bouwtekening uit 1914 van het naastgelegen pand op nr. 48-50 staat aangegeven dat nr. 46 het woonhuis van dhr. Kom was. De eerste tekeningen van nr. 46 dateren echter pas uit 1958. Het betreft een opmetingstekening van Gemeentewerken Meppel. De plattegronden maken duidelijk dat het destijds om een woonhuis ging met twee kamers op de begane grond, een werkplaats in het souterrain en meerdere (slaap)kamers en een keuken op de verdieping. Bij de wijziging naar paardenslagerij is in 1966 de voorgevel op de begane grond drastisch gewijzigd; er werd een hoge glazen etalagepui gecreëerd. Het niveau van de begane grond werd daarbij gelijk getrokken met het
Door het ontbreken van de oorspronkelijke bouwtekeningen is de datering van alle drie de panden niet met zekerheid vast te stellen en zijn ook de oorspronkelijke architecten onbekend. De ontwikkelingsgeschiedenis is afgeleid aan de hand van bouwtekeningen, kadastrale hulpkaarten en leggers en historische foto’s.
4
13
straatniveau om zo een makkelijke inloop te realiseren, karakteristiek voor winkels. Eveneens verdween rond dezelfde tijd het karakteristieke torenkapje. Drie jaar later wijzigde de pui opnieuw toen de slagerij werd verbouwd tot bar-dancing C’est si bon. Naast de begane grond werd ook de verdieping ingericht als bar en het pand werd uitgebreid met een toiletgroep en garderobe op de verdieping aan de achterzijde. Heineken Bouwbureau Rotterdam was verantwoordelijk voor het ontwerp en de constructie en Aannemersbedrijf Werners te Meppel verzorgde de uitvoering. C’est si bon werd tussen 1975 en 1989 verkocht aan de eigenaren van Lord Nelson, die de panden samentrokken. De vele functiewijzigingen hebben grote invloed gehad op het interieur. Ook heeft er zichtbaar brand gewoed op de begane grond, waarbij de balklaag tussen de begane grond en eerste verdieping is aangetast. De kap met kreupele stijlen en zwaluwstaartverbindingen met gesmede nagels dateert vermoedelijk nog uit rond 1900. De voormalige woonhuisstructuur is bijna geheel verdwenen. De trap op de begane grond is een van de weinige interieurelementen die behouden is gebleven.
Op de foto links het geheel leeg gehaalde interieur van nr.46. De latere aanbouwen en verbinding met nr.48-50 heeft de oorspronkelijke opzet van de plattegrond onherkenbaar gemaakt.
Deze steile trap van de begane grond naar de verdieping dateert zeer waarschijnlijk uit de periode dat het pand nog dienst deed als woonhuis.
14
Kadastrale ontwikkeling
Blauw omcirkeld Prinsenplein 46 perceelnummer 1171, op kadastraal minuutplan 1811-1832. (RCE beeldbank).
Hulpkaart 1872. Perceel 3066 en 3067 waren van dezelfde eigenaar. Prinsenplein 46 was vrijstaand (kadaster.nl).
Hulpkaart 1881. Prinsenplein is aangegeven als perceel 3495. Het pand ernaast wordt gesloopt (kadaster.nl).
Hulpkaart 1896. De omtrek van het pand wijzigt, de knik is de voorgevel is zichtbaar (kadaster.nl).
Hulpkaart 1911. Het pand naast Prinsenplein 46 is gesloopt, nieuwe perceelnummer is 5521 (kadaster.nl).
Hulpkaart 1951. Splitsing kavel en bebouwing van 7605 (kadaster.nl).
15
Gemeentelijke opmetingstekening uit 1958. Uit de plattegronden is de indeling als woonhuis duidelijk af te lezen. Het souterrain was destijds in gebruik als werkplaats (Gemeentearchief Meppel).
Wijziging van de voorgevel: etalagepui van de slagerij wordt meer gesloten ten behoeve van de nieuwe functie als bardancing, 1969 (Gemeentearchief Meppel).
16
Ontwikkeling exterieur in beeld
Op een van de oudste foto’s van het pand uit 19051915 straalt de allure ervan af. Kenmerkend zijn bijv. het daktorentje, opgetilde begane grond, entreeportaal met rondboog en sierlijke kroonlijst (153_SOM).
Bar-dancing C'est si bon, 1975-1977 (GCCEST01_SOM).
Het pand in gebruik als Slagerij Rijkeboer, circa 1960 (ZPRIP504_SOM).
Na samenvoeging met Lord Nelson, 2004 (7879_SOM).
Verbouw tot C'est si bon, 1966 (12636_SOM).
Huidige situatie.
17
Prinsenplein 48-50 Prinsenplein 48-50 bestaat uit twee gekoppelde panden; het linker pand telt drie verdiepingen onder een schildkap, het rechter pand twee verdiepingen onder een schildkap. Op het kadastrale minuutplan uit 1811-1832 staat op de huidige plek van Prinsenplein 48-50 al bebouwing ingetekend. Uit de omtrek valt af te leiden dat het toen al ging om één (samengesteld?) pand, aangemerkt als huis van Berend van Sloten. Op de bouwtekening uit 1914 blijkt dat de panden destijds in gebruik waren als winkel met pakkamers en kantoren. Dhr. Hes laat dit echter wijzigen; het linker pand wordt op de begane grond ingericht als woning met op de verdieping magazijn- en kantoorruimte, het rechterpand blijft pakkamer op de begane grond en op de verdieping wordt een slaap- en meidenkamer ingericht. Het Meppeler architectenbureau G. Otten Zn. kreeg de opdracht voor het ontwerp. Met twee nieuwe deuren in de voorgevel wordt een aparte toegang gecreëerd voor de benedenwoning en het kantoor/magazijn op de verdieping. Ook in de achtergevel komen nieuwe gevelopeningen en ook het interieur werd meegenomen in het ontwerp. Zo ontwierp Otten onder andere inbouwkasten met paneeldeuren.
Er zijn verschillende typen metselwerk in de voorgevel van het linker pand te zien; de eerste verdieping is opgetrokken uit dezelfde bakstenen als het rechter pand, maar op de begane grond en tweede verdieping zijn andere, jongere bakstenen toegepast. De wijzigingen van deuren en ramen op de begane grond kunnen een ander type baksteen op deze plek verklaren, maar het andere type metselwerk op de tweede verdieping kan erop wijzen dat het pand later is opgetopt. De kapconstructie van dit pand vertoont veel gelijkenissen met die van nr. 46. Mogelijk is het pand op nr.50 eind 19de eeuw opgetopt, tegelijkertijd met de bouw van het woonhuis op nr.46. De oude balklaag bij nr. 50 tussen de begane grond en eerste verdieping en de jongere balklaag tussen de eerste en de tweede verdieping zet dit vermoeden van optopping kracht bij. Op de oudste historische foto uit 1930-1940 is te zien dat nr.50 destijds was opgebouwd uit drie bouwlagen met een kap, zoals nu ook nog het geval is. De ramen op de eerste verdieping waren voorzien van luiken en er hangt een reclamelijst aan de gevel. Zowel de luiken als de reclamelijst zijn inmiddels verdwenen. In 1975 vindt een volgende grote verbouwing plaats. Uit de tekening van destijds blijkt dat er inmiddels op de verdieping een tweede woning is gecreëerd verdeeld over de twee panden.
De tweede verdieping van het linker pand is in gebruik als opslagruimte. Heineken Bouwbureau Rotterdam (architect D. de Boer en m.m.v. A.C. Vianen) ontwerpt in opdracht van W. Schieving een café/bar, waarbij beide panden aan de achterzijde worden uitgebouwd. Lord Nelson ontstaat; een café in Engelse pubstijl, met in het linker pand o.a. twee bars, een dansvloer, podium en diverse zitjes en het rechter pand wordt ingedeeld als entreezone met facilitaire ruimten. De verdieping blijft in eerste instantie in gebruik als opslagruimte en kantoor. Al gauw volgen meerdere uitbreidingen van het goed lopende café. Langzamerhand ontwikkelt Lord Nelson zich van kroeg tot discotheek. Eerst wordt C’est si bon erbij gevoegd, in 1989 is het pand aan de Kromme Elleboog achter Prinsengracht 1 aangekoppeld en in 1993 wordt ook het pand aan Prinsenplein 42 via de achterzijde van Prinsengracht 46 verbonden aan de andere feestzalen. Het pand aan de Kromme Elleboog dateert uit 1966, is opgetrokken uit baksteen en telt een verdieping onder een samengesteld afgeknot schilddak. Het heeft verder een sober en zeer gesloten karakter. Het pand aan Prinsenplein 42 valt buiten dit onderzoek. Net als bij Prinsenplein 46 heeft het interieur van nr. 48 en 50 in de loop van de tijd grote transformaties ondergaan, waardoor de oorspronkelijke indeling en structuur nauwelijks nog afleesbaar is. De balklaag bij nr.
50 tussen de begane grond en eerste verdieping dateert uit de 18
negentiende eeuw (mogelijk voor 1850), op de sommige plekken is de schoorsteenschacht nog herkenbaar en op de eerste en tweede verdieping zijn diverse oude (al dan niet hergebruikte) paneeldeuren en deurkozijnen bewaard gebleven. Opvallend zijn de neogotische panelen die op de tweede verdieping staan; De keuken op de verdieping van nr. 48 is eveneens een restant uit een eerdere tijdslaag. 5
Pand nr. 48 (links) en 50 (rechts) gezien vanaf de aanbouw aan de achterzijde.
Mogelijk hergebruikt paneelwand die G. Otten ontwierp voor het kantoor op de verdieping van nr.50 in 1914.
5
Balklaag 19de eeuw (mogelijk voor 1850) tussen de begane grond en eerste verdieping van nr. 50 met in diverse kleuren geschilderde vloerplanken.
Op de zolderverdieping staan enkele neogotische panelen, mogelijk uit 'De Kansel', de andere kroeg van Schieving en Nijstad in Meppel.
De keuken op de verdieping van nr. 48 herinnert aan de voormalige woonfunctie.
Tussen 1914 en 1975 is op de verdieping van nr. 48 een woonkamer met keuken gerealiseerd.
19
Architect G. Otten Gerardus Otten Jzn. was rond 1900 een bekende Meppeler architect. Eerst was hij rond 1884 werkzaam voor rijksbouwmeester C.H. Peters, befaamd om de talloze postkantoren, treinstations en andere overheidsgebouwen, waar G. Otten deels aan heeft meegewerkt. Rond 1900 richtte Otten zijn eigen bureau op in Meppel, G. Otten en Zn. Otten woonde destijds aan de Maatkade in Meppel. Het bureau heeft aan het begin van de twintigste eeuw veel Jugendstilpanden ontworpen. Een greep uit de panden die hij in Meppel heeft ontworpen en inmiddels zijn aangewezen als monument zijn: woonwinkelpand aan Kerkplein 16-18 (1910), rijksmonumentale statige herenhuis aan de Stationsweg 29 (1910), het statige pand aan Zuideinde 19 (ca. 1929), maar ook Zuideinde 46, Parklaan 7 (1926) en de Jugendstil gevel van Hoofdstraat 73 (1911). Het bureau, vanaf 1950 Otten en Fransen b.n.a. genaamd, was tijdens de wederopbouwperiode van grote betekenis vanwege de ontwerpen voor talloze gebouwen in de omgeving.
Het rijksmonument aan Stationsweg 29 in Meppel, ontworpen door architect Otten in 1910 (monumenten.nl).
Het door Otten ontworpen pand aan Zuideinde 46 in Meppel is nu rijksmonument (monumenten.nl).
Jugendstilgevel aan de Hoofdstraat 73 in Meppel ontworpen door Otten in 1911.
Heineken Bouwbureau Rotterdam Het Heineken Bouwbureau Rotterdam was de bouwafdeling van brouwerij Heineken B.V. Het bouwbureau ontwierp meerdere (uitbreidingen van) horecagelegenheden, van een cafetaria in Noord-Brabant tot de verbouw van Hotel Restaurant Gooiland in Hilversum. Vaak huurde Heineken Bouwbureau een pand en zorgde een exploitant voor de uitbating. Het bouwbureau had meerdere architecten in dienst. 6 Lord Nelson is in 1975 verbouwd door architect D. de Boer met medewerking van A.C. Vianen.
6 5.1.2e
20
Kadastrale ontwikkeling
Blauw omcirkeld Prinsenplein 48-50 perceelnummer 1159, op kadastraal minuutplan 1811-1832. Destijds stond nr. 48-50 dus al aangegeven als één bouwwerk. Tussen perceelnr. 1159 en 1171 is de steeg/smalle waterloop te zien (RCE beeldbank).
Hulpkaart 1911. Perceel 5522 krijgt een klein stukje grond erbij van 5521 (kadaster.nl).
Hulpkaart 1983. De panden van nr. 46 (nr. 7606) en 48-50 (nr. 5522) worden samengevoegd (perceelnr. 8600). De steeg verdwijnt daarmee. Het naastgelegen perceel 8601 wordt uitgebreid naar achteren (kadaster.nl).
21
Blauwdruk uit 1914 van nr. 48-50 getekend door G. Otten. Op de plattegronden van de bestaande situatie bg, nieuwe situatie bg en nieuwe situatie eerste verdieping is te zien dat de winkel met pakkamer wordt getransformeerd tot woning (bg) met pakkamer. Op de doorsnede van de twee panden zijn paneeldeuren / kasten te zien (Gemeentearchief Meppel).
Bouwtekening van Heineken Bouwbureau Rotterdam uit 1975. Hierop is de bestaande situatie te zien van nr. 48-50. De begane grond is nog in gebruik als woning en pakkamer, op de verdieping zijn naast een magazijn nu ook twee slaapkamers, een woonkamer en een keuken gerealiseerd. De zolder is opslagruimte (Gemeentearchief Meppel).
22
In de nieuwe situatie zijn de panden veranderd in een café. Er wordt een omlijsting aangebracht bij de grote gevelopening op de bg van nr. 48 die als hoofdentree gaat functioneren. Het café/bar gedeelte met bar, zitjes en dansvloer bevinden zich in nr. 50 en in de nieuwe aanbouw aan de achterzijde van nr.50 is nog een bar. In nr. 48 worden verder toiletten en een keuken gerealiseerd. De verdieping en zolder van de twee panden worden ingericht als magazijn/opslagruimte (Gemeentearchief Meppel).
Deze overzichtstekening uit 1993 van Technisch advies- en ontwerpbureau Kroon B.V. laat zien dat Prinsenplein 46 inmiddels bij Lord Nelson is betrokken, aan de achterzijde is Sun Dance erbij gekomen en ook Prinsenplein 42 (C’est Ça) is bij het Lord Nelson imperium betrokken (Gemeentearchief Meppel).
23
Ontwikkeling exterieur in beeld
Op deze oudste foto uit circa 1920 is de Prinsengracht nog niet gedempt. Bij nr. 50 zijn twee toegangsdeuren te zien, luiken op de verdieping en een gevelbrede reclameband (4119_SOM).
1948: jubileumviering van de Technische Gemeentebedrijven. De reclameband en luiken zijn verdwenen (FOPRIP02_SOM).
Foto uit 1966 toen het linker pand nog in gebruik was als woning (GRPRIP01_SOM).
Aan de uithangborden is te zien dat de panden zijn veranderd in café Lord Nelson, foto 1976 (foto Jan Nefkens, facebook SOM).
In 1975, vlak voordat Lord Nelson zich hier vestigde (Gemeentearchief Meppel).
Lord Nelson net na opening in 1976 met entree onder het nieuwe reclamebord (Heineken p.26).
Lord Nelson in 2004 (7878_SOM).
24
Monumentale waarden Stedenbouwkundige waarden De drie panden maken deel uit van het bebouwingslint zoals dat in de achttiende eeuw langs de Prinsengracht is gerealiseerd. Ze hebben ensemblewaarde en zijn beeldbepalend voor het Prinsenplein, zowel in maat, schaal als volume, waarbij eveneens de variatie in hoogte en het volgen van de knik in de rooilijn van belang is. Het poortje tussen nr. 46 en 48 herinnert aan de waterloop en is als zodanig van stedenbouwkundig belang. Architectuurhistorische waarden Nr. 46 Het casco met het grotendeels gesloten schilddak is herkenbaar en daarom waardevol. De discopui geeft een duidelijk tijdsbeeld weer en is een herinnering aan de uitgaansgelegenheid. Waardevol is de zorgvuldig vormgegeven, eclectische, representatieve voorgevel. Nr. 48 Het casco met grotendeels gesloten schilddak is net als bij nr.46 nog duidelijk herkenbaar en daarom van architectuurhistorische waarde. Het exterieur is eenvoudig vormgegeven, karakteristiek voor de eerste helft van de negentiende eeuw toen vooral bedrijfspanden aan de straat gesitueerd waren. De grote gevelopening op de begane grond is waardevol, omdat hieruit de voormalige functie als pakhuis af te lezen is.
Het interieur is drastisch gewijzigd, maar op de verdieping zijn nog enkele architectuurhistorisch waardevolle kozijnen en paneeldeuren aanwezig uit de 19de (mogelijk van voor 1850) en begin 20ste eeuw. Nr. 50 Het casco met schilddak is net als bij de twee andere panden herkenbaar en daarom waardevol. De architectuurhistorische waarde van het pand op nr. 50 zit vooral in de kenmerkende opbouw van de voorgevel met de diverse raampartijen, de afsluitende kroonlijst en de afleesbare gelaagdheid in ouderdom. De interne structuur is sterk gewijzigd, maar de nog herkenbare en bewaard gebleven elementen zijn waardevol, zoals de (al dan niet verscholen, verplaatste of losstaande) paneeldeuren, wandelementen en deurkozijnen. De neogotische panelen die op zolder staan behoren waarschijnlijk niet tot het interieur van Lord Nelson, maar zijn als losstaande elementen wel bouwhistorisch waardevol. Aanbevolen wordt deze panelen te behouden. Cultuurhistorische waarden Aan het ensemble aan het Prinsenplein is de ontwikkeling af te lezen van Meppel als handelsstad, met vervoer over water en als regionaal marktcentrum, naar een plek voor inwoners van Meppel en bezoekers uit de regio om te winkelen en uit te gaan. De panden zijn dan ook een toonbeeld van cultuurhistorische gelaagdheid door de vele functies en eigenaren die de panden hebben gehad.
Bovendien hebben de gebouwen grote herinneringswaarde; zowel aan C’est si bon als Lord Nelson hebben veel mensen uitgaansherinneringen. Gaafheid Het casco van het ensemble is met name aan de straatzijde nog redelijk gaaf. De voorgevels geven blijk van een afleesbare historische gelaagdheid. 25
Zeldzaamheid De panden hebben zeldzaamheidswaarde vanwege hun centrale plek in het bebouwingslint langs de voormalige Prinsengracht. Het ensemble is enerzijds zeldzaam omdat aan nr. 48-50 nog de voormalige 19de-eeuwse bedrijfsfunctie is af te lezen en anderzijds omdat bij nr. 46 de uitgaansfunctie duidelijk herkenbaar is. Ook de rijk vormgegeven representatieve gevel van 46 is op deze plek uitzonderlijk.
26
Conclusie Beoordeling Stedenbouwkundige waarde Cultuurhistorische waarde Architectuurhistorische waarde Gaafheid Zeldzaamheid TOTAAL
No. 46 ** * *
No. 48 ** * *
No. 50 ** * *
(*) (*) 5
(*) (*) 5
(*) (*) 5
Op basis van de aanwijzingscriteria voor gemeentelijke monumenten die zijn vastgesteld door het college in de Beleidsnota Meppeler Erfgoed Nu (stedenbouwkundige waarden, architectuurhistorische waarden en cultuurhistorische waarden, gaafheid en zeldzaamheid) zijn de objecten gewaardeerd. Per criterium wordt een score toegekend van 0 tot maximaal 3 ***. Doorgaans zullen meerdere criteria een rol spelen om een object of complex aan te kunnen merken als waardevol ruimtelijk erfgoed. Bij monumenten- en erfgoedinventarisaties is veelal het uitgangspunt dat aan minstens vier van de vijf criteria wordt voldaan. Maar het is niet zo dat alle criteria gelijktijdig van toepassing moeten zijn om een object of complex aan te wijzen. Alle criteria zijn gelijk van waarde en kunnen in combinatie met elkaar een aanvullende rol vervullen. Zo kan bijvoorbeeld een lage score op gaafheid gecompenseerd worden door een hoge score op zeldzaamheid. Of is het mogelijk dat een object of complex op minder criteria uitzonderlijk hoog scoort, waardoor het eveneens gewaardeerd kan worden als waardevol ruimtelijk erfgoed. Bij een totaalscore van minimaal 7*** komt een object of complex in principe in aanmerking voor de beschermde status van gemeentelijk monument of gemeentelijk beschermd stads- of dorpsgezicht.
Individuele rijksmonumenten worden in principe niet meer door de overheid aangewezen, alleen jonge monumenten die deel uitmaken van een aanwijzingsprogramma van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.
Conclusie Geconcludeerd kan worden dat het ensemble niet monumentwaardig is. Het ensemble is echter wel beeldbepalend voor het Prinsenplein in maat, schaal en volume. De bouwwerken laten de cultuurhistorische gelaagdheid van deze plek duidelijk zien, met name van de bedrijfsmatige functie naar winkel- en uitgaansfunctie. Daarom wordt aanbevolen dit beeld te behouden. Wijzigingen zijn niet uitgesloten. Deze kunnen zelfs tot verbetering leiden van het bestaande aangezicht. Belangrijk uitgangspunt bij wijzigingen is dat de casco’s met de schildkappen, met name aan de straatkant, duidelijk herkenbaar blijven.
27
Bibliografie Literatuur Flexus AWC, in opdracht van Gemeente Meppel, Cultuurhistorische inventarisatie en waardenstelling Meppel: Binnenstad & Centrumschil Meppel, Rotterdam 2013 Gerding, M.A.W. e.a. (red.), Geschiedenis van Meppel, Meppel 1991 IMOSS, Kromme Elleboog Meppel: stedenbouwkundige visie en beeldkwaliteitplan, Amersfoort 2018 Reppel, J., “Bij Lord Nelson en in De Kansel”, in: Heineken, Jaarverslagen en Personeelsbladen Heineken 1976: Tap en Schap, 1 april 1976, p.26-27, via 5.1.2e Stenvert, R., Kolman, C., Broekhoven, S., Olde Meierink, B., Knuijt, M., Kooij, B, Monumenten in Nederland, Drenthe, Zeist (Rijksdienst voor de Monumentenzorg) / Zwolle (Waanders Uitgevers) 2001. Websites 5.1.2e 5.1.2e 5.1.2e
Afbeeldingen Gemeentearchief Meppel HisGIS Stichting Oud Meppel (SOM) Topotijdreis
5.1.2e 5.1.2e 5.1.2e
In verband met copyrights is het niet toegestaan dit rapport openbaar te maken of afbeeldingen te verveelvoudigen zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de makers en rechthebbenden.
28
Colofon Titel Lord Nelson, Prinsenplein 46, 48 en 50, Meppel: Advies monumentale waarden Opdrachtgever Gemeente Meppel Uitvoerder Het Oversticht Samenstelling 5.1.2e
Contactgegevens 5.1.2e 5.1.2e
@hetoversticht.nl
5.1.2e
Datum 5 december 2022
29
Fotobijlage - veldwerk september 2022 Exterieur nr.46
In de linker zijgevel zit op de verdieping nog een oorspronkelijk kozijn met segmentboogversiering. Ook loopt de kroonlijst nog een stukje door.
Detail raam voorzijde op de verdieping met siermetselwerk rondom en een segmentboog met sluitstenen.
Ook de goot aan de zijgevel is afgewerkt met sierklossen.
Aan de achtergevel en op het dak zijn de latere aanbouwen duidelijk te zien.
30
Interieur nr. 46
Begane grond nr. 46 geel omkaderd, nu samengevoegd met nr. 48 en 50.
Bij de doorbraak tussen nr. 46 en nr. 48 naar de toiletgroepen is de oorspronkelijke muur nog zichtbaar.
Er heeft brand gewoed, waardoor het plafond op de begane grond is beschadigd. De latere aanbouwen zijn door de verschillende plafondbalken te herkennen.
Dichtgezet raam op de verdieping.
Aan het trapje intern valt op te maken dat de begane grond eerst hoger lag.
De plek waar de schoorsteen heeft gezeten op de eerste verdieping is nog duidelijk te zien.
Steile trap naar de verdieping, mogelijk oorspronkelijk (eind 19de eeuw).
Eerste verdieping met achter de donkere wand de aanbouw van de toiletten op de verdieping en later aangebrachte wenteltrap naar de tweede verdieping.
31
Kapconstructie met houtwolcementplaten. De kap met kreupele stijlen en zwaluwstaartverbindingen met gesmede nagels dateert vermoedelijk uit rond 1900.
32
Exterieur nr. 48-50
Voorgevel nr. 50 begane grond. In het metselwerk is verschil te zien tussen de begane grond en de eerste verdieping. De gevelopeningen zijn al vrij oud (vermoedelijk 19de-eeuws), maar ramen, deuren en kozijnen in de loop van de tijd gewijzigd.
Het metselwerk van nr. 48 loopt door op de verdieping bij nr. 50. Uit het kleurverschil in het metselwerk van de begane grond van nr. 50 valt op te maken dat er wijzigingen hebben plaatsgevonden.
Het metselwerk van de steegpoort is later aangebracht, te zien aan de stootrand op de gevelhoek van nr. 48. De steeg achter de poort is inmiddels dichtgezet.
Voorgevel nr. 48. De gevelopeningen zijn allemaal 19deeeuws, maar de grote gevelopening heeft in de jaren ’70 nog nieuwe deuren en een nieuwe sierlijst gekregen.
Tussen de eerste en tweede verdieping van nr. 50 is ook duidelijk verschil in metselwerk waarneembaar, wat duidt op een mogelijk latere optopping van het pand.
Raam op de eerste verdieping van nr. 50, waarvan de raamverdeling nog hetzelfde is als op de oudste historische foto uit 1930-1940: een schuifraam met viervlaks roedenverdeling en bovenlicht met drievlaks roedenverdeling.
De schoorsteen is bij nr. 48 nog aanwezig op het rechter zijdakvlak.
33
Het in 1989 bij Lord Nelson betrokken gedeelte aan de Kromme Elleboog.
Achteraanzicht vanaf de Kromme Elleboog met op de voorgrond de latere aanbouw en daarachter nr. 50 (rood schilddak) en nr. 46 (donker schilddak).
Achteraanzicht van de aanbouwen aan Lord Nelson, gezien van de niet publiek toegankelijke binnenplaats.
34
Interieur nr. 48-50
48
50
Interieur nr. 50 gezien vanaf de achterzijde van het pand naar voren toe. Links op de foto nog een deel van nr. 48.
Stalen balken en kolommen zijn aangebracht bij de sloop van de oorspronkelijke achtergevels van de panden. Rechts nog een deel van de oorspronkelijke muur tussen nr. 48-50, links van de buitenmuur van nr. 46.
Mogelijk hergebruikt paneelwand die G. Otten ontwierp voor het kantoor op de verdieping van nr.50 in 1914.
Balklaag 19de eeuw (mogelijk voor 1850) tussen de begane grond en eerste verdieping met in diverse kleuren geschilderde vloerplanken.
Een van de oude (hergebruikte?) paneeldeuren bij de trap van nr. 50.
Het schoorsteenkanaal is op de eerste verdieping nog te herkennen.
Oude ramen zijn tevoorschijn gekomen op de eerste verdieping bij de achtergevel bij het weghalen van het isolatiemateriaal.
35
Op de zolderverdieping staan enkele neogotische panelen, mogelijk uit 'De Kansel', de andere kroeg van Schieving en Nijstad in Meppel.
Ander detail van de neogotische panelen.
De dakconstructie vertoont veel overeenkomsten met de dakconstructie van nr. 46, wat erop zou kunnen duiden dat het dak is opgetopt gelijktijdig met de bouw van nr. 46.
Oude paneeldeur naar de gang op de verdieping van nr. 50.
Paneeldeur op de verdieping bij nr. 48.
Voormalige keuken op de verdieping van nr. 48.
Achter het isolatiemateriaal zijn nog meer paneeldeuren verborgen.
Raam aan de voorzijde van nr. 48.
Inbouwkasten op de verdieping van nr. 48.
36
Interieur latere aanbouw aan de Kromme Elleboog.
Interieur latere aanbouw aan de Kromme Elleboog.
37
Legenda toegepaste uitzonderingsgrondslagen In dit document zijn gegevens geanonimiseerd op grond van: Wet
Artikel
Omschrijving
Pagina's
Wet open overheid
Art. 5.1 lid 2 sub e
De eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer
5, 20, 28, 29