CConstaterende datMeppel
Koppel je AI →
Document · PDF

2.6.1 College - 50.1 Bijlage - Rapportbrief Bevindingen vervolgtoezicht af- en ombouw JeugdzorgPlus van de IGJ

1 - RAADSVERGADERING 25 september 2025, gemeente MeppelBij agendapunt: Categorie 2: Ter afdoening in handen stellen van het college en de raad informeren8.804 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Stichting Ambiq, locatie Hengelo Toezicht Jeugdigen in Jeugdhulp (JIJ)

Utrecht, juni 2024

Rapport Ambiq, locatie Hengelo De hulpaanbieder aan het woord Op deze punten uit het rapport zijn we trots:

Met deze punten uit het rapport gaan we aan de slag:

De rapportage is een mooie weergave van de zorg die wij leveren aan onze jeugdigen en hun systemen. De rode draad die wij eruit halen is dat er veel is waar we trots op mogen zijn. In een tijd waarin we kampen met diverse interne en externe uitdagingen (denk aan arbeidsmarktkrapte, afbouw gesloten jeugdzorg, herijking van ons zorgportfolio etc.) weten wij onze jeugdigen met complexe problematiek een waardevolle plek te bieden waar verandering mogelijk is. Met bewustwording van wat beter kan, zijn we heel trots op het leefklimaat dat op onze groepen positiever is dan het landelijk gemiddelde (ook in 2024), onze behandelcyclus die staat als een huis en onze pedagogisch medewerkers die hart hebben voor onze jeugdigen. Vanuit deze betrokkenheid zetten zij zich in om de jongere en hun systeem (vaak kleine) stappen vooruit te laten zetten. Het is mooi om te lezen dat dit in de praktijk wordt gemerkt. Wij zijn ons ervan bewust dat wij dit te danken hebben aan onze professionele medewerkers die iedere dag met passie hun vak vervullen en hiermee van positieve invloed zijn op het welzijn van de complexe doelgroep die we bedienen.

Wat prominent naar voren komt in de rapportage als verbeterpunt is de cultuurverandering die wij te maken hebben m.b.t. de inzet van onvrijwillige zorg. ‘Nee, tenzij’ en betere afstemming op de individuele cliënt verdient meer aandacht en hier hebben wij op korte termijn de nodige stappen in te zetten. In samenspraak met onder andere de Wzd commissie en Wzd functionarissen willen wij Ambiq breed bepalen waar wij nu staan en welke stappen we te zetten hebben om het bewustzijn en de uitvoering met betrekking tot het inzetten van onvrijwillige zorg te verbeteren. In dit verbeterplan nemen wij de genoemde aandachts- en verbeterpunten vanuit de rapportage mee (stappenplannen, taal, consequenties op maat etc.). Om de voortgang goed te monitoren en bij te sturen waar nodig zetten we dit verbeterplan weg volgens de PDCA verbetercyclus. Aanvullend zal de training Geweldloos verzet bijdragen aan het bewustzijn op onvrijwillige zorg en de alternatieven hiervoor. Komende maanden wordt de implementatie van deze training verder uitgerold. Ook zullen we samen met ons onze pedagogisch medewerkers en jeugdigen kijken hoe we de rustige ruimtes beter kunnen inrichten.

Conclusie van de inspectie De inspectie constateert dat vijf van de getoetste normen grotendeels aan de norm voldoen, op drie normen is verbetering noodzakelijk. De inspectie is positief over de lerende en open houding en het urgentiebesef van Ambiq naar aanleiding van het toezichtsbezoek. De inspectie verwacht dat Ambiq met alle in dit rapport beschreven aandachts- en verbeterpunten aan de slag gaat en vertaalt in een verbeterplan met concrete maatregelen om de geconstateerde tekortkomingen op te heffen, inclusief termijnen waarbinnen deze maatregelen geïmplementeerd zijn. Dit verbeterplan moet binnen zeven weken na ontvangst van het vastgestelde rapport aan de inspectie worden verzonden. Op basis van dit plan bepaalt de inspectie het vervolgtoezicht.

Wat gaan jeugdigen en ouders hiervan merken? Onze jeugdigen en hun systemen gaan merken dat onze pedagogisch medewerkers zich beter bewust zijn wanneer iets onvrijwillige zorg is. Alternatieven zijn actief beschikbaar en wanneer na zorgvuldige weging onvrijwillige zorg wordt ingezet, merkt de jongere en zijn/haar systeem dat hier afstemming over is. Ook merken ze dat de stappen van de Wzd zichtbaar gevolgd worden. De jongere zal merken dat de rustige ruimtes worden aangepast zodat dit een fijnere plek is wanneer alternatieven ontoereikend zijn gebleken. We willen deze veranderingen onder andere gaan monitoren in het jaarlijkse leefklimaat onderzoek waarin we dit verwachten terug te zien in meer inspraak en verminderde repressie.

1

Inleiding

Eind maart en april 2024 voerde de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (hierna: inspectie) toezicht uit bij Stichting Ambiq, locatie Hengelo, groepen ZIB (Sabina Klinkhamerweg 41b en 31a) en J-SGLVB (Anna Reynvaanweg 58a en 58b).

Aanleiding De inspectie richt een deel van haar toezicht in 2023 en 2024 op hulp aan jeugdigen met complexe problematiek, die zonder behandeling een gevaar voor zichzelf op hun omgeving vormen. De inspectie kiest voor deze focus vanwege de af- en ombouw van de JeugdzorgPlus. De inspectie wil weten of deze jeugdigen buiten de gesloten jeugdzorg tijdig passende hulp krijgen van voldoende kwaliteit. En of dit lukt zonder inzet van vrijheidsbeperkende maatregelen. Daarom heeft de inspectie specifiek aandacht of de instelling maatregelen toepast die vrijheidsbeperkend zijn, welke maatregelen dit zijn en in welke situaties en om welke reden de instelling inzet hiervan nodig acht. Doel van het toezicht is in de eerste plaats te bepalen of Stichting Ambiq, locatie Hengelo verantwoorde hulp biedt. Hierover schrijft de inspectie in dit rapport. Daarnaast gebruikt de inspectie de bevindingen van dit toezicht als input voor de beantwoording van de vraag in hoeverre jeugdigen met complexe problematiek (die zonder behandeling een gevaar voor zichzelf of voor anderen vormen en die niet uit zichzelf open staan voor hulp) tijdig passende hulp krijgen.

De inspectie gebruikt de resultaten van dit toezicht – en toezicht bij andere aanbieders die hulp bieden aan jeugdigen met complexe problematiek - in een overstijgende rapportage over de af- en ombouw van de JeugdzorgPlus, die naar verwachting in september 2024 zal verschijnen. Voorlaatste toezicht April 2021 bezocht de inspectie Ambiq, locatie Hengelo ook de twee groepen J-SGLVB (Anna Reynvaanweg 58a en 58b). Dit toezichtbezoek was onderdeel van het thematisch toezichtproject van de inspectie met als onderwerp de uitvoering van de Wet Zorg en Dwang (Wzd) en de Wet verplichte ggz (Wvggz). De inspectie wilde met haar toezicht bijdragen aan het realiseren van de doelstellingen van de beide wetten, waaronder het terugdringen van dwang in de zorg, het verhogen van de kwaliteit van (onvrijwillige) zorg en het versterken van de rechtspositie van cliënten. De inspectie zag in 2021 dat Ambiq op de bezochte locatie goed op weg was met de implementatie van de Wzd. En de inspectie zag wel een aantal verbeterpunten met betrekking tot het generiek inzetten van vrijheidsbeperkende maatregelen / onvrijwillige zorg als vaste kamermomenten, signalering van de slaapkamerdeuren en de voordeur van de groep was altijd op slot.

3 | Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd

Opzet van het onderzoek Het onderzoek is uitgevoerd aan de hand van het toetsingskader: Het JIJ-kader. Dit toetsingskader bestaat uit drie thema’s: ontwikkelingsgerichte hulp, de deskundige hulpverlener en goed bestuur. De inspectie heeft uit deze thema’s negen normen geselecteerd voor het toezicht. Het volledige toetsingskader is te vinden op: www.igj.nl/publicaties/toetsingskaders/2021/01/05/het-jij-kader.

Beschrijving Stichting Ambiq, locatie Hengelo Stichting Ambiq (Ambiq) is een orthopedagogisch behandelcentrum (OBC) met ruim 70 locaties in het noorden en oosten van het land. Ambiq wordt aangestuurd door een eenhoofdige raad van bestuur. Ambiq staat als stichting bij de Kamer van Koophandel geregistreerd met het nummer 51662000. Ambiq helpt kinderen en volwassenen met een licht verstandelijke beperking (LVB) ambulant en biedt ook therapieën, trainingen, behandeling met verblijf en intensief verblijf voor volwassenen in woon/werkboerderijen. Locatie Hengelo heeft negen groepen op het terrein. Alle groepen zijn gevestigd in een rustige omgeving aan de rand van een woonwijk. De inspectie bezocht tijdens dit bezoek de volgende vier groepen: Zeer Intensieve Behandeling (ZIB) op de Sabina Klinkhamerweg 41b en 31a en de Jeugd Sterk Gedragsgestoord Licht Verstandelijk Beperkt (J-SGLVB) op de Anna Reynvaanweg 58a en 58b. Verder zijn er op het terrein nog twee ZIB -, een crisis - en een observatie en diagnostiek groep en de IB-groep voor jongvolwassenen van Ambiq. Ook zijn er andere (zorg)instellingen en de (v)so school De Bouwsteen op het terrein. De hulp aan de jeugdigen wordt met name gefinancierd vanuit de Jeugdwet. Ambiq heeft contracten voor jeugdhulp en verblijf afgesloten met de jeugdhulpregio’s Twente, IJsselland, Groningen, Noord-Midden Drenthe en Zuid-Drenthe.

Ook worden maatwerkovereenkomsten voor jeugdhulp met verblijf afgesloten met gemeenten die geen contract met Ambiq hebben. Daarnaast wordt voor een aantal jeugdigen hulp gefinancierd vanuit de Wet langdurige zorg (Wlz) op basis van zorg in natura. De J-SGLVB groepen vallen onder het Landelijk Transitiearrangement (LTA); een set afspraken die door de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) landelijk wordt gemaakt met een beperkt aantal jeugdhulpaanbieders, om er zeker van te zijn dat er een contractbasis is voor aanbieders met uitzonderlijk aanbod.

4 | Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd

De J-SGLVB groepen: De doelgroep bestaat uit sterk gedragsgestoorde jeugdigen van 12 tot 23 jaar met een lichtverstandelijke beperking met ernstige problematiek op alle levensgebieden. Veelal hebben de jeugdigen een lange hulpverleningsgeschiedenis en op andere groepen gewoond. Het doel van de behandeling is vooral gericht op stabilisatie om daarna in kleine stappen naar persoonlijke groei te werken. Op deze groepen kunnen 16 jeugdigen verblijven, acht per groep. Op de twee groepen verblijven tijdens het bezoek 14 jeugdigen van 12 tot 17 jaar, waarvan 13 jeugdigen op basis van de Jeugdwet en een jeugdige op basis van de Wlz. 12 jeugdigen komen uit de regio Twente. De jeugdigen kunnen op het eigen terrein naar school of naar hun eigen school in de omgeving. Een aantal jeugdigen gaat naar dagbesteding. Er wordt in een aantal jaren toegewerkt naar een vorm van zelfstandigheid met minder intensieve begeleiding (beschermd - of begeleid wonen). De ZIB groepen: De doelgroep bestaat uit jeugdigen met een lichtverstandelijke beperking en gedragsproblematiek. Veelal komen de jeugdigen van thuis of een crisisgroep. Op deze ZIB groepen kunnen 16 jeugdigen verblijven, acht per groep. Op de groepen verblijven tijdens het bezoek 15 jeugdigen van 12 tot 17 jaar, allen op basis van de Jeugdwet en uit de regio Twente.

De jeugdigen kunnen op het eigen terrein naar school of naar hun eigen school in de omgeving. Een aantal jeugdigen gaat naar dagbesteding. Het streven is dat jeugdigen na verblijf en behandeling van zes tot negen maanden op de ZIB groep weer thuis kunnen wonen. In de praktijk verblijven de jeugdigen langer op de ZIB groepen. De ZIB groepen hebben door een hoog verloop en ziekteverzuim onder de medewerkers een roerige tijd (achter de rug). Ambiq past op de jeugdigen die op de J-SGLVB en ZIB groepen verblijven de Wzd toe. Er zijn 40 medewerkers aan de J-SGLVB - en ZIB groepen verbonden. Naast de directeur Twente en de clustermanagers zijn drie gedragswetenschappers en een aantal ondersteunende medewerkers beschikbaar. Een kinder- en jeugdpsychiater is onderdeel van multidisciplinair overleggen. De pedagogisch medewerkers zijn gekoppeld aan een van de vier groepen en draaien dag- en nachtdiensten. Er zijn 24 pedagogisch medewerkers A, tien pedagogisch medewerkers B, een pedagogisch medewerker C en er is een pedagogisch medewerker vanuit beroepsbegeleidende leerweg (bbl). De 24 pedagogisch medewerkers A zijn bij de Stichting Kwaliteitsregister Jeugd (SKJ) geregistreerd. Tot slot zijn vijf stagiairs actief.

5 | Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd

2

Conclusie

In dit hoofdstuk geeft de inspectie haar conclusies weer. Daarnaast wordt in dit hoofdstuk beschreven hoe het vervolg van het toezicht eruit zal zien.

Analyse De inspectie constateerde op de volgende normen alleen positieve punten: •

Hulpverleners handelen methodisch en ontwikkelingsgericht (norm 2.3).

Verbetering is nodig op de volgende normen: •

De hulp aan jeugdigen en ouders draagt bij aan een gezonde ontwikkeling in een zo thuis mogelijke omgeving (norm 1.5).

•

De bestuurder richt de organisatie zodanig in dat deze redelijkerwijs leidt tot verantwoorde hulp (norm 3.2).

•

De bestuurder verbetert, in een lerend werkklimaat, continu zijn prestaties en de resultaten van de hulp (norm 3.3).

Daarnaast heeft de inspectie onder vier normen aandachtspunten genoemd. Ambiq heeft in haar reactie aangegeven aan de slag te gaan met de in het rapport beschreven verbeterpunten. •

Ambiq is met de Wzd commissie en Wzd functionarissen en medewerkers aan de slag gegaan om de cultuurverandering, het bewustzijn en de uitvoering met betrekking tot het inzetten van onvrijwillige zorg op korte termijn te verbeteren.

•

Het bewaken dat risico-inventarisaties periodiek of bij gewijzigde omstandigheden geactualiseerd worden, neemt Ambiq mee in het project Team op orde. In dit project wordt ingezet op het bewustzijn van medewerkers op wat minimaal op orde dient te zijn.

•

Het verbeterpunt m.b.t. het aftekenen van de medicatie wordt meegenomen in het al lopende Ambiq brede verbeterplan rondom het medicatiebeleid.

•

Ambiq gaat de inzet van ZZP-ers omlaag brengen door het verzuim terug te dringen, de werving te verbeteren en het verloop zoveel mogelijk omlaag te brengen. Oprechte aandacht voor medewerkers is een belangrijke pijler.

•

Ambiq gaat het zorg portofolio herijken voor cliënten waar de ZIB of J-SGLVB groepen geen passende plek (meer) is.

•

Communicatie past de website van Ambiq aan met betrekking tot rechtstreekse toegang tot de Regionale Klachtencommissie voor cliënten.

6 | Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd

Vervolg De inspectie constateert dat vijf van de getoetste normen grotendeels aan de norm voldoen, op drie normen is verbetering noodzakelijk. De inspectie vindt het belangrijk om op te volgen of Ambiq alle verbeterpunten naar aanleiding van het toezicht, vertaalt in concrete verbetermaatregelen. De inspectie verwacht dat Ambiq met alle in dit rapport beschreven aandachts- en verbeterpunten aan de slag gaat en vertaalt in een verbeterplan met concrete maatregelen om de geconstateerde tekortkomingen op te heffen, inclusief termijnen waarbinnen deze maatregelen geïmplementeerd zijn. Dit verbeterplan moet voor 15 augustus 2024 aan de inspectie worden verzonden. Op basis van dit plan bepaalt de inspectie het vervolgtoezicht. Met deze termijn is rekening gehouden met de komende vakantieperiode.

7 | Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd

3

Resultaten

In dit hoofdstuk worden de resultaten van het toezicht gepresenteerd, zoals de inspectie deze aantrof op het moment van toezicht. De inspectie geeft per norm aan wat haar oordeel is. De inspectie beoordeelt de normen op een vierpuntschaal:

De aanbieder voldoet aan de norm. De inspectie constateert op deze norm alleen positieve punten. De aanbieder voldoet grotendeels aan de norm. De inspectie constateert op deze norm veelal positieve punten, verbetering is op punten mogelijk. De aanbieder voldoet grotendeels niet aan de norm. De inspectie constateert op deze norm overwegend negatieve punten, verbetering is noodzakelijk. De aanbieder voldoet niet aan de norm. De inspectie constateert op deze norm nauwelijks tot geen positieve punten, verbetering is zeer noodzakelijk. De inspectie heeft deze norm niet beoordeeld.

Thema 1: Ontwikkelingsgerichte hulp In dit thema kijkt de inspectie naar in hoeverre de hulp gericht is op de ontwikkeling van de jeugdige en diens gezin. In onderstaand figuur ziet u wat de oordelen zijn van de inspectie op de normen die vallen onder dit thema.

Beeld

Eigen regie

Respect

Sociaal netwerk

8 | Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd

Gezonde ontwikkeling

Hieronder leest u per norm een toelichting op het oordeel van de inspectie.

Norm 1.1

Oordeel Wensen, behoeften, mogelijkheden van jeugdigen, ouders en netwerk zijn bekend bij hulpverleners.

De gedragswetenschappers van de ZIB – en J-SGLVB groepen vertellen dat nieuwe aanmeldingen bij hen of een ambulant hulpverlener terecht komen. Doorgeleiding van een jeugdige naar de JSGLVB -, ZIB- of observatie/diagnostiek groep hangt af van het type hulpvraag. Per ZIB- en JSGLVB groep wordt gelet op de leeftijd en problematiek van de jeugdige om te kijken waar de hulp het beste aansluit en of er een match is met de andere jeugdigen op de groep. Pedagogisch medewerkers van J-SGLVB groepen vertellen dat tien jeugdigen op de wachtlijst staan en een startgesprek voor een nieuwe plaatsing gepland staat. De pedagogisch medewerkers hebben het dossier van de jeugdige gelezen en in een teamvergadering besproken: wat heeft de jeugdige nodig? Vervolgens wordt een plaatsingsgesprek met de gedragswetenschapper gepland. De pedagogisch medewerkers geven aan dat de informatie in het dossier van de jeugdige niet altijd compleet of kloppend is. Van de pedagogisch medewerkers en gedragswetenschappers verneemt de inspectie dat de locatie geen verklarende analyse voorafgaand aan de plaatsing bij Ambiq ontvangt. De inspectie hoort in gesprekken met verschillende pedagogisch medewerkers dat zij een actueel en gedeeld beeld hebben van de jeugdige en diens context.

Pedagogisch medewerkers vertellen dat ze ook ouders spreken en veel observeren om een zo duidelijk mogelijk beeld te krijgen van de jeugdigen. De plaatsers en ouders geven aan dat de pedagogisch medewerkers de jeugdigen kennen en een goed beeld hebben van het gezin. Drie jeugdigen beamen dat en geven aan dat ze betrokken worden bij het opstellen van de plannen en evaluaties. De inspectie ziet in zes van de zeven geselecteerde dossiers van jeugdigen een uitgebreide beschrijving van de jeugdige, diens gezin en voorgeschiedenis. Er zijn rapportages aanwezig die een beeld geven van de actuele situatie rondom de jeugdige en het gezin. Veranderingen in het beeld worden vastgelegd in het dossier. “Ik woon hier een paar jaar en woonde daarvoor op een zorgboerderij. De pedagogisch medewerkers kennen mij goed, ik voel me goed en veilig en kan goed overweg met mijn pedagogisch medewerker.” jeugdige

9 | Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd

Norm 1.5

Oordeel De hulp aan jeugdigen en ouders draagt bij aan een gezonde ontwikkeling in een zo thuis mogelijke omgeving.

Fysieke omgeving Alle groepen zijn gevestigd in een rustige omgeving aan de rand van een woonwijk. De J-SGLVB groepen zijn geschakeld en bereikbaar via een afgesloten tussendeur. Tijdens de rondleidingen op de vier groepen ziet de inspectie dat er beneden twee woonkamers zijn met grote banken en een TV. In een van de woonkamers ziet de inspectie een tafeltennistafel staan en elke groep heeft een PlayStation. Op een J-SGLVB groep is een PlayStation stuk. Er zijn ook hoekjes bij de trap ingericht om TV te kijken. In de keuken hangt een takenlijst voor de jeugdigen en een weekmenu. De keukenkasten, de besteklade, de voorraadkast en de koelkast zijn op slot. De slaapkamers van de jeugdigen op de J-SGLVB zijn op de eerste verdieping, net als de toilet- en douche mogelijkheden. Op de ZIB groepen zijn ook slaapkamers beneden. Sommige jeugdigen hebben een eigen douche, anderen een wastafel. De pedagogisch medewerkers vertellen dat bij de verdeling van de kamer met eigen badkamer rekening wordt gehouden met de problematiek van de jeugdige. Jeugdigen van een van de ZIB groepen geven aan dat ze niks mogen ophangen op de slaapkamer en dat de slaapkamers in de zomer erg warm zijn. Alle groepen hebben een eigen tuin, veelal met een trampoline, schommel, picknickbanken en bij een van de ZIB groepen is een basketbal veldje ingericht.

In een schuurtjes staan fietsen, mountainbikes, skeelers en barbecues. De inspectie ziet brandblussers hangen op verschillende plekken op de groepen, een branddeken in de keuken en er is een sprinklersysteem. De inspectie hoort dat alle pedagogisch medewerkers een BHV-training hebben gevolgd. Een pedagogisch medewerker vertelt dat ze in de week voorafgaand aan het inspectiebezoek een brandoefening hebben gedaan met de jeugdigen. De panden maken een verzorgde indruk. Schoon, opgeruimd en huiselijk ingericht. Tijdens de rondleiding ziet de inspectie dat op een J-SGLVB nieuwe vloerbedekking op de trap en de bovenverdieping wordt gelegd. Leefklimaat Pedagogisch medewerkers geven aan dat ze jeugdigen naast structuur veel nabijheid bieden. De ouders en de jeugdigen van de vier groepen zijn tijdens het toezicht tevreden over het leefklimaat. Twee jeugdigen en een ouder die overgeplaatst zijn van de ZIB groepen naar de J-SGLVB groepen, vonden het op de ZIB groepen niet prettig in verband met onvrijwillige zorg. De inspectie ziet geen zichtbare huisregels op de vier groepen hangen. Jeugdigen ontvangen een welkom boekje van de groep met daarin de regels en het dagprogramma. In het welkom boekje staan de vaste bedtijden per leeftijd voor doordeweeks en in het weekend. De belmomenten zijn in overleg met de mentor op van te voren aangegeven plekken.

In de vier teamkamers hangen afspraken rondom de dagstructuur en individuele afspraken per jeugdige staan op whiteboards.

10 | Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd

In de groepsafspraken van een van de J-SGLVB groepen staan consequenties beschreven. Bij weglopen krijgt de jeugdige bij terugkomst de volgende dag een dagprogramma. Bij te laat terug van ingezette vrijheden, zoals naar de stad gaan, haalt de jeugdige meteen de tijd dubbel in op de slaapkamer. Bij schelden op de groep moet de jeugdige een half uur naar de slaapkamer. In de notulen van een J-SGLVB groep leest de inspectie dat een jeugdige bij het niet voldoen aan gedragsverwachtingen rode vakjes krijgt en bij twee rode vakjes die dag niet meer op de PlayStation mag. Jeugdigen van de ZIB groepen geven ook consequenties aan; als ze iets niet goed doen, krijgen ze een ‘streepje’ (minnetje). Jeugdigen vertellen dat de pedagogisch medewerkers koken en dat ze meedenken met het menu en ze soms ook zelf koken en boodschappen doen. Een pedagogisch medewerker vertelt dat het huidig budget voor eten krap is en hetzelfde is als tien jaar geleden, terwijl de prijzen wel zijn gestegen en onvoldoende rekening mee wordt gehouden dat stagiairs ook mee eten. De pedagogisch medewerkers, jeugdigen en ouders geven aan dat een aantal jeugdigen in het weekend naar huis gaat of ander netwerk bezoekt. De meeste jeugdigen gaan naar school, bouwen dat op of hebben een dagbesteding, zoals een stage. Er zijn uitjes met de groep, bijvoorbeeld naar een plas om te zwemmen of een ijsje eten.

Jeugdigen wandelen met de pedagogisch medewerkers en nemen deel aan sport. Verder kunnen jeugdigen zich inschrijven voor activiteiten bij de activiteitenbegeleider. Medicatiebeleid Bij de rondleiding op de ZIB groepen constateert de inspectie dat op beide groepen de medicatie niet consequent is afgetekend. Op de J-SGLVB groepen ziet de inspectie medicatie die open is gemaakt, maar de openingsdatum is onbekend. Er is een papieren overzicht met medicatie voor ZZP’ers. Er zijn geen medicijnpaspoorten of een actueel medicatieoverzicht op een van de groepen van de J-SGLVB. Vrijheidsbeperkende maatregelen / onvrijwillige zorg Ambiq heeft twee Wzd-functionarissen, een Wzd commissie, Wzd beleid en maakt stappenplannen. De meeste jeugdigen vallen onder de Jeugdwet. Om de Wzd in te kunnen zetten, is een verklaring van een arts nodig waaruit blijkt dat de zorgbehoefte voortkomt uit de verstandelijke beperking. Volgens het hoofd behandeling en kwaliteit ontbreekt deze verklaring in 95% van de gevallen. Ambiq handelt volgens het hoofd behandeling en kwaliteit, de vertrouwenspersonen van Jeugdstem en de Wzd cvp ‘in de geest van de wet Wzd’ en beroepen zich op afspraken met de inspectie uit een gesprek in 2020. Hier zijn echter geen schriftelijke afspraken van terug te vinden.

De Wzd cvp heeft vragen gesteld aan Ambiq over ‘in de geest van de wet’ en hierover geschreven in het jaarverslag van 2022. De voor- en achterdeur op de J-SGLVB groepen zijn op slot. Op alle vier groepen is deursignalering op de slaapkamers. Als de deursignalering op oranje staat en de deur wordt geopend, krijgt de pedagogisch medewerker een melding op de telefoon. Bij het verlaten van de slaapkamer moet de jeugdige op het belletje drukken waarna pedagogisch medewerker naar boven komt. Een jeugdige laat tijdens de rondleiding aan de inspectie zien dat de deursignalering ook op blauw kan als de jeugdige privacy wil.

11 | Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd

Zowel in de dagstructuur als het welkom boekje van de J-SGLVB groepen staan drie rustmomenten, om 12.00 uur en 16.30 uur op de slaapkamer en om 18.00 uur. Volgens plaatsers en ouders van J-SGLVB zijn de rustmomenten groepsafspraken die voor alle jeugdigen gelden. In de cliëntdossiers ziet de inspectie de rustmomenten veelal als begeleidingsafspraken waar een jeugdige mee heeft ingestemd, beschreven. Een van de ouders met wie de inspectie daarover spreekt, geeft aan dat de jeugdige de drie rustmomenten per dag niet leuk vindt. De vertrouwenspersonen van Jeugdstem geven aan dat de jeugdigen uit het gesprek weglopen als er een rustmoment is. Op de ZIB groepen zijn geen rustmomenten meer, volgens de pedagogisch medewerkers zijn deze omgevormd naar momenten dat jeugdige iets voor zichzelf kunnen doen. De inspectie leest in dossiers van alle vier groepen op de whiteboards en in de welkom boekjes van de J-SGLVB over de ‘vrijheden’ van de jeugdigen. Ook komt de inspectie de term ‘einde dag’ tegen in cliëntdossiers van alle vier groepen. Volgens de Wzd-functionaris zijn termen als ‘einde dag en vrijheden’ niet meer de bedoeling en vooral een mentaliteitskwestie. De meeste jeugdigen hebben een mobiele telefoon.

Van pedagogisch medewerkers hoort de inspectie dat bijna geen enkele jeugdige de telefoon altijd in eigen beheer heeft, maar dat per jeugdige afgewogen wordt hoeveel ze hun telefoon mogen gebruiken. De inspectie ziet op het whiteboard van een J-SGLVB groep hoelang een jeugdige media mag gebruiken (beeldschermen als telefoon, tv, Nintendo, tablet of laptop). Verder hoort de inspectie op de ZIB groepen dat bij sommige jeugdigen meegeluisterd wordt met de telefoon, slaapkamers sporadisch worden doorzocht bij vermoedens, na overleg met de gedragswetenschapper, ouder(s) en jeugdige. Post wordt niet meegelezen. Elke groep heeft een rustige ruimte met daglicht. In de rustige ruimte is niks behalve een raam, dit biedt geen inkijk van buiten. In een van de rustige ruimtes ligt een zitzak en in een rustige ruimte hangt een klok met plastic erom, maar klopt de tijd niet. In de deur zit een kijkgaatje. Via een spiegel in de bovenhoek die zichtbaar is vanuit het oog van de deur kan de gehele ruimte worden overzien. In de rustige ruimte kan de jeugdige op een bel drukken (intercom). De pedagogisch medewerker vertelt dat als een jeugdige boos is en met dingen gooit, gebruik kan maken van de rustige ruimte. De deur van de rustige ruimte heeft deursignalering en gaat niet op slot. In twee van de zeven dossiers ziet de inspectie dat de deursignalering van de rustige ruimte wel op rood gaat.

De pedagogisch medewerker geeft aan dat het verblijf in de rustige ruimte zo kort mogelijk is en dat pedagogisch medewerkers nabijheid blijven bieden. Alle jeugdigen die de inspectie spreekt, hebben een keer of vaker tijd in de rustige ruimte doorgebracht. Een jeugdige vertelt: ‘het is een vervelende ruimte, ik kan niet tegen een lege ruimte, ik heb er driemaal in gezeten in een jaar, vaker moet ik naar mijn slaapkamer’. De Wzd-functionaris geeft aan dat de plaatsing in de rustige ruimte meestal vrijwillig is, maar dat er nog een slag gemaakt moet worden dat pedagogisch medewerkers voldoende kritisch zijn op het herkennen van verzet. In vier van de zeven dossiers leest de inspectie dat de jeugdige in de rustige ruimte heeft verbleven onder registratie van nood(maatregel). Het formulier ‘afwikkeling incident’ is in meerdere dossiers niet ingevuld in Care4. De pedagogisch medewerkers noemen als alternatief voor de rustige ruimte; even naar buiten met de jeugdige een rondje lopen.

12 | Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd

Verbeterpunten: •

Op basis van hoofdstuk 6 van de Jeugdwet is voor het inzetten van vrijheidsbeperkende maatregelen buiten de gesloten jeugdhulp geen wettelijke grondslag 1. Er moet sprake zijn van een wettelijke grondslag om vrijheidsbeperkende maatregelen en/of verplichte/gedwongen zorg toe te passen. Wel kan het nodig zijn om in het geval van een acute noodsituatie direct gevaar af te wenden met een vrijheidsbeperkende maatregel. Mocht van een noodsituatie sprake zijn, dan verwacht de inspectie dat Ambiq hiervoor dezelfde zorgvuldigheidseisen hanteert als voor jeugdigen met een gesloten machtiging in de JeugdzorgPlus 2.

•

De inspectie verwacht dat duidelijk onderscheid wordt gemaakt tussen jeugdigen die vanuit de Jeugdwet zijn geplaatst waar geen Wzd-verklaring voor is en waar wel een Wzdverklaring voor is. Voor het inzetten van onvrijwillige zorg / vrijheidsbeperkende maatregelen op grond van de Wzd moet door een arts zijn vastgesteld dat de zorgbehoefte voortkomt uit de verstandelijke beperking en de jeugdige daarom de Wzd van toepassing is. Indien Ambiq een dergelijke arts niet in dienst heeft, kan een externe arts of een arts van een AVG-poli worden betrokken.

•

De inspectie verwacht dat er voor de jeugdigen met een Wzd-verklaring stappenplannen worden opgesteld conform de Wzd. Bij beperken van de bewegingsvrijheid (zoals deursignalering of rustmomenten), insluiten en medicatie buiten de richtlijnen moet altijd een stappenplan worden gemaakt, geëvalueerd worden en gericht zijn op afbouw van onvrijwillige zorg, zoals de Wzd beoogt. Dus deze maatregelen mogen niet onder de noemer van ‘begeleidingsafspraken’ of ‘vrijwillig’ worden ingezet.

•

De inspectie verwacht dat maatregelen als deuren op slot, deursignalering, vaste rustmomenten en beperking van het telefoongebruik niet standaard voor alle jeugdigen gelden. De inzet van dergelijke maatregelen moeten medewerkers per jeugdige afwegen conform de Wzd.

•

De inspectie verwacht dat maatregelen waar geen wettelijke grondslag voor is, per direct worden afgebouwd.

•

De inspectie verwacht dat de rustige ruimte (die er overigens uitziet als een separeer ruimte) zoveel als mogelijk wordt vermeden.

•

De inspectie hoort en leest dat bij bepaald gedrag straffen of consequenties gelden zoals naar de slaapkamer gaan. De inspectie verwacht dat Ambiq meer op maat gaat kijken wat pedagogisch passend is bij de leeftijd en ontwikkeling van de jeugdigen.

•

De inspectie verwacht dat Ambiq de naleving van normen voor medicatieveiligheid op orde brengt. En dat hiermee de pedagogisch medewerkers direct de toegediende of aangereikte medicatie per medicijn en toedientijd op de toedienlijst paraferen. Het papieren overzicht met medicatie voor ZZP’ers geeft risico op fouten bij het overnemen van de gegevens.

1 2

Voor jeugdigen met een psychiatrische aandoening is de Wet Verplichte Geestelijke Gezondheidszorg (Wvggz) van toepassing, voor jeugdigen met een verstandelijke beperking is dit de Wet zorg en dwang (Wzd). Veldnormen terugdringen vrijheidsbeperkende maatregelen

13 | Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd

Thema 2: De kundige hulpverlener In dit thema kijkt de inspectie naar in hoeverre de hulpverleners in staat zijn om met voldoende actuele en passende kennis en kunde te handelen en in hoeverre hulpverleners met anderen samenwerken waar dat nodig is. In onderstaand figuur ziet u wat de oordelen zijn van de inspectie op de normen die vallen onder dit thema.

Veiligheid

Hulp die aansluit

Methodisch handelen

Samenhangende hulp

Reflecteren

Hieronder leest u per norm een toelichting op het oordeel van de inspectie. Norm 2.1

Oordeel Hulpverleners maken professionele afwegingen over de veiligheid van jeugdigen.

Bij de aanmelding van een jeugdige vult de gedragswetenschapper een risico-inventarisatie van Ambiq volgens een gestandaardiseerd instrument in het elektronisch cliëntdossier. De pedagogisch medewerkers vertellen dat de risico’s ook in het teamoverleg worden ingeschat en signaleringsplannen worden gebruikt. Bij de ZIB groepen ziet de inspectie een map met veiligheidsafspraken. Het hoofd behandeling en kwaliteit vertelt dat voor de jeugdigen die van extern komen de ARIJ wordt ingevuld. Volgens het hoofd behandeling en kwaliteit is de risico-inventarisatie een jaar geldig en wordt daarna opnieuw uitgevoerd. Jaarlijks vindt er volgens haar een steekproef plaats of alle risico-inventarisaties in het dossier staan. Volgens de gedragswetenschappers is echter geen beleid binnen Ambiq over de frequentie van herhalen/ aanpassen van de risico-inventarisatie. In vijf van de zeven dossiers leest de inspectie actuele risico-inventarisaties met aanvullende informatie die, multidisciplinair zijn afgestemd. Twee risico-inventarisaties waren ouder dan een jaar. Er is een training voor de Meldcode Huiselijk Geweld en Kindermishandeling. Daarnaast is er een elearning. De Meldcode Commissie houdt het beleid up to date en de Meldcode wordt volgens het hoofd behandeling en kwaliteit, pedagogisch medewerkers en de gedragswetenschappers regelmatig ingezet.

Signalering wordt door de pedagogisch medewerkers gedaan. Pedagogisch medewerkers geven voorbeelden van casuïstiek waar het Vlaggensysteem is ingezet.

14 | Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd

Pedagogisch medewerkers vertellen dat ze bij situaties, waar ze de veiligheid van de pedagogisch medewerkers en/of de jeugdige niet kunnen garanderen, hulp van andere pedagogisch medewerkers van de naastliggende groep of op het terrein kunnen inroepen, via een piepsysteem. Aandachtspunt: •

Het is belangrijk dat Ambiq bewaakt dat risico-inventarisaties periodiek of bij gewijzigde omstandigheden worden geactualiseerd.

“De Commissie Meldcode wordt best vaak ingezet. soms zijn er meldingen over zaken uit het verleden, binnen Ambiq zijn er dan taxateurs. Zij beoordelen bijvoorbeeld een vage melding en zetten als dat nodig is ook externen in.” hoofd behandeling en kwaliteit

Norm 2.2

Oordeel Hulpverleners bieden hulp die aansluit bij de problematiek, ontwikkelingsbehoefte en mogelijkheden van jeugdigen en hun ouders.

Ambiq is een OBC en werkt met het landelijk kwaliteitskader ‘OBC in perspectief’. Dit kader wordt geactualiseerd en volgens de gedragswetenschappers zal in het nieuwe kader meer aandacht komen voor trauma, hechting en systeem. De pedagogisch medewerkers gebruiken het kwaliteitshandboek van Ambiq waar 13 Richtlijnen in te vinden zijn. In de dossiers leest de inspectie welke diagnostiek, therapieën en behandelingen zijn ingezet, zoals psychomotorische therapie, systeem-, paarden- of traumatherapie. Ook ziet de inspectie in dossiers advies van de gedragswetenschapper over wat een passende begeleidingsstijl voor de jeugdige is. De pedagogisch medewerkers vertellen ook over de trainingen die intern gegeven worden aan jeugdigen in het kader van seksueel gedrag, - ontwikkeling en – misbruik als Make a move en Girlstalk. Ambiq heeft experts op het gebied van seksualiteit en kan een kinder- en jeugdpsychiater consulteren, bijvoorbeeld voor medicatiegebruik. De gedragswetenschapper en een systeemtherapeut zijn standaard betrokken bij de hulpverlening. De gedragswetenschappers schatten met de pedagogisch medewerkers in of er specifieke deskundigheid van andere disciplines nodig is. De inspectie hoort van de pedagogisch medewerkers, de plaatsers en ouders dat sommige therapieën snel ingezet worden, maar dat ook sprake is van wachtlijsten.

Plaatsers en de meeste ouders zijn tevreden over de deskundigheid van de medewerkers. Een ouder is ontevreden dat na een lange periode de problematiek van zijn/haar kind nog niet helder is.

15 | Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd

De pedagogisch medewerkers en gedragswetenschappers die de inspectie spreekt, laten weten dat er niet met een bepaalde methodiek gewerkt wordt in de begeleiding van de jeugdigen bij een hulpvraag. Wel noemen de pedagogisch medewerkers dat in 2023 systeemgericht werken is geïntroduceerd. In 2024 is een start gemaakt met het opleiden van medewerkers in Geweldloos Verzet (als vervanging van weerbaarheid en bejegening). Geweldloos Verzet zal naar verwachting de pedagogisch medewerkers helpen om de onvrijwillige zorg terug te dringen door meer te koersen op een (werk)relatie, ontwikkeling en autonomie. Aandachtspunten: •

De gedragswetenschappers wensen meer aandacht te besteden aan verdieping in de behandeling op de groep door kijken onder het gedrag van jeugdigen en het vergroten van de kennis van psychopathologie bij medewerkers.

•

Het verder implementeren van ‘Geweldloos Verzet’ in de organisatie.

Norm 2.3

Oordeel Hulpverleners handelen methodisch en ontwikkelingsgericht.

De pedagogisch medewerkers houden de ontwikkeling van de jeugdigen bij in het elektronische cliëntsysteem (ECD). De inspectie ziet bij de dossiercheck dat in Care4 veelal wordt gerapporteerd over de incidenten, onvrijwillige zorg en noodmaatregelen die worden ingezet bij de jeugdige. In ‘Jouw Omgeving’, de online omgeving waar ouders en jeugdigen op inloggen die geïntegreerd wordt in het ECD, worden de dagelijkse rapportages vastgelegd. De pedagogisch medewerkers zijn alert op de individuele behoeften van de jeugdige en rapporteren “naar de jeugdige toe”, dat wil zeggen dat de pedagogisch medewerker de jeugdige direct aanspreekt. De mentoren voeren tweewekelijks mentorgesprekken. Voor elke jeugdige wordt een behandelplan opgesteld door de gedragswetenschapper en de mentor, zo vertellen pedagogisch medewerkers en de gedragswetenschappers. Het behandelplan wordt twee keer per jaar geëvalueerd met ouders, mentor, clustermanager, plaatser, school en therapeuten in een behandelbespreking. Indien mogelijk sluit de jeugdige ook (deels) aan. Eens per drie maanden is een multidisciplinair overleg (MDO). Deze werkwijze blijkt ook uit het dossieronderzoek. De inspectie ziet in zes van de zeven dossiers een actueel behandelplan met doelen op alle levensgebieden (ook met aandacht voor de seksuele ontwikkeling) en afgestemd op de individuele situatie van de jeugdige en het gezin.

Pedagogisch medewerkers van de ZIB groepen laten de inspectie zien dat de behandelcyclus op papier is uitgewerkt.

16 | Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd

Norm 2.4

Oordeel Hulpverleners bieden samenhangende en waar nodig integrale hulp aan jeugdigen en hun ouders

De inspectie ziet in de cliëntdossiers overzichten van andere betrokken hulpverleners en naasten. Uit de gesprekken met pedagogisch medewerkers, plaatsers en ouders blijkt dat de hulpverleners van de groepen samenwerken en contacten onderhouden met de andere hulpverleners die bij de jeugdige en of het gezin betrokken zijn. Volgens het hoofd behandeling en kwaliteit zijn Karakter, Mediant, Tactus en Accare de belangrijkste zorgaanbieders waar mee wordt samengewerkt. Pedagogisch medewerkers vertellen hierover dat therapeuten en medewerkers van school vaak worden uitgenodigd voor besprekingen. In de rondleiding ziet de inspectie op het planbord in de teamkamer dat tijdens schooldagen de pedagogisch medewerkers van de J-SGLVB een overdracht doen in de klas en aansluiten bij het terreinoverleg.

“De jeugdige heeft twee mentoren. Daar maken we de afspraken mee. Die zijn betrokken en goed op de hoogte. De traumabehandeling is nog vanuit een vorige zorgaanbieder. Maar de mentoren van de ZIB groep kijken naar wat de jeugdige nodig heeft en als dat buiten Ambiq is, kan dat ook.” plaatser

Ambiq ervaart knelpunten bij de overgang van de Jeugdwet naar volwassenzorg, bijvoorbeeld om een Wlz indicatie te krijgen. De jeugdigen van de J-SGLVB groepen hebben de mogelijkheid om tot hun 23e te blijven. Het hoofd behandeling en kwaliteit geeft aan dat jeugdigen van de ZIB – en de J-SGLVB groepen veelal uitstromen naar huis, naar een zorgboerderij of naar de IB-groep van Ambiq. De overstap naar de IB-groep is voor een aantal jeugdigen lastig. Ambiq heeft hiervoor een project Transitieleeftijd gestart om de overgang soepeler te laten verlopen. Aandachtspunten: •

Als de ZIB - of J-SGLVB groep geen geschikte plek (meer) blijkt te zijn voor een jeugdige of als de jeugdige meerderjarig wordt, verwacht de inspectie dat Ambiq: -

op de ZIB – en J-SGLVB groepen voldoende toewerkt naar (een zekere mate van) zelfstandigheid;

-

samen met ketenpartners intern of extern zoekt naar een goede vervolgplek voor een jeugdige;

-

de overgang zo goed mogelijk begeleid.

17 | Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd

Thema 3: Goed bestuur In dit thema kijkt de inspectie naar in hoeverre de organisatie op een goede wijze wordt bestuurd en een lerende organisatie is die zich voortdurend verbetert. In onderstaand figuur ziet u direct wat de oordelen zijn van de inspectie op de normen die vallen onder dit thema.

Maatschappelijke doelstelling

Organisatie

Verbeteren van de hulp

Individuele belangen

In onderstaande tabel leest u per norm een toelichting op het oordeel van de inspectie.

Norm 3.2

Oordeel De bestuurder richt de organisatie zodanig in dat deze redelijkerwijs leidt tot verantwoorde hulp.

Capaciteit medewerkers Het hoofd behandeling en kwaliteit vertelt dat het gemiddeld ziekteverzuim 9% was, op het moment van toezicht zit Ambiq op 8%. De J-SGLVB groepen hebben een lager verzuim dan de ZIB groepen. In verband met de krapte op de arbeidsmarkt zijn er veel vacatures. Om het rooster voor begeleiding van de groepen rond te krijgen worden regelmatig uitzendkrachten en ZZP'ers ingezet. Wanneer het klikt met de ZZP-er wordt deze teruggevraagd. Ambiq breidt de eigen flexpool uit om vaste gezichten te krijgen. Pedagogisch medewerkers en plaatsers vertellen de inspectie dat vooral op de ZIB groepen veel ZZP’ers van buiten worden ingezet door het hoge verloop en ziekteverzuim. Het inhuren van tijdelijk personeel is uit nood geboren, maar heeft weerslag op de team(s), zorgt voor vermoeidheid en ongenoegens en raakt de kwaliteit van zorg. In het jaarverslag van 2022 van de Wzd cvp staat over dergelijke situaties: ‘Uit de uitkomsten van het leef –en werkklimaat blijkt dat een deel van de medewerkers van Ambiq emotioneel uitgeput lijkt, in het verlengde van hoog verzuim, personeel verloop en complexe arbeidsmarkt (het duurt langer voordat teams weer compleet zijn).’ De cliëntenraad geeft aan dat bij Ambiq het ziekteverzuim hoog is, onder andere door de hoge werkdruk en dat wisselingen van medewerkers zorgt voor onstabiele teams.

Om meer nabijheid te geven aan de jeugdigen wordt ’s middags een extra dienst ingezet volgens de pedagogisch medewerkers van de J-SGLVB. Ad hoc wordt een op een begeleiding ingezet op de groepen.

18 | Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd

Passende hulp De twee J-SGLVB groepen hebben nu plek voor acht jeugdigen. Dit wordt volgens het hoofd behandeling en kwaliteit dit jaar afgebouwd naar zes jeugdigen met de inzet van hetzelfde aantal pedagogisch medewerkers. Ambiq voert gesprekken met de regio over tarieven die passen bij een kleinere groepsgrootte. Daarnaast wordt het nieuwe landelijk kwaliteitskader van J-SGLVB ingevoerd bij Ambiq. En een ZIB groep zal omgebouwd worden tot een J-SGLVB groep. Het hoofd behandeling en kwaliteit vertelt verder dat Ambiq de laatste jaren de focus heeft gelegd op behandeling. Echter duurzame woonplekken voor jeugdigen worden gemist. In het projectplan Kleinschalig Wonen staan de huidige knelpunten: - als de behandeling is afgerond blijven jeugdigen vaak 'hangen’ bij gebrek aan doorstroommogelijkheden naar woonplekken waardoor het behandelklimaat van Ambiq vertroebelt en soms ook behandelresultaten weer afnemen; - doordat jeugdigen langer blijven, verstopt de doorstroom en neemt de wachtlijst toe. Secundair gevolg is dan ook dat de problematiek van jeugdigen op de wachtlijst kan verergeren of uitmondt in een crisis; - jeugdigen die van behandeling hebben geprofiteerd en deze hebben afgerond moeten doorgeplaatst worden buiten de organisatie. De inspectie hoort van de pedagogisch medewerkers van de ZIB groepen bovenstaande knelpunten terug.

Pedagogisch medewerkers zien jeugdigen die zich afgewezen voelen als doorplaatsingen niet doorgaan, negatief worden en gefrustreerd raken. Dit leidt ook tot incidenten op de groepen. Voor de doelgroep van jeugdigen met een LVB met bijkomende (complexe) problematiek, op meerdere levensgebieden, en een hulpvraag voor langdurig verblijf (wonen) ontwikkelt Ambiq het komend jaar een passend zorgaanbod. Hierin wordt onderscheid gemaakt hoe deze doelgroep zich van de ZIB – en J-SGLVB onderscheid. In het jaarverslag van 2022 van de Wzd cvp staat nog een ander knelpunt met betrekking tot passende hulp: een deel van de doelgroep blijft circuleren. De jeugdige doorloopt een behandeltraject binnen Ambiq, dit gaat wel / niet succesvol, vervolgens stroomt de jeugdige uit naar een vervolg (thuis, andere instelling, gesloten jeugdzorg), maar ergens wordt de jeugdige dan weer aangemeld bij Ambiq of stromen via de crisislocatie weer in. Van deze doelgroep ziet Ambiq dat het mandaat voor verblijf steeds verder afneemt en dat het komen tot een (behandel) relatie steeds ingewikkelder wordt. Uit de cliëntregistratie blijkt dat 9,4% van de jeugdigen van de bezochte groepen doorstroomt (of terugkeert) naar de gesloten jeugdzorg.

“Nu is de wachttijd bij J-SGLVB heel lang (een jaar). In de hele regio Twente is een probleem met plaatsingen, er is nauwelijks plek en alternatief voor JZ plus. Jeugdigen zitten vaak op een plek van tweede keuze.” plaatser

19 | Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd

Scholing en deskundigheid De inspectie ziet in het medewerkersoverzicht dat op de vier groepen 24 SKJ-geregistreerde pedagogisch medewerkers werkzaam zijn. In notulen van een teamoverleg leest de inspectie dat pedagogisch medewerkers worden gestimuleerd om de SKJ herregistratie punten te behalen. Het hoofd behandeling en kwaliteit geeft aan dat Ambiq op de groepen een functiemix van mbo en hbo geschoolde pedagogisch medewerkers inzet en voldoet aan de verantwoorde werktoedeling. Ambiq heeft een platform voor e-learning en een aantal onderdelen zijn daarvan verplicht zoals bedrijfshulpverlening, medicatieveiligheid, seksualiteit en Wzd. Er is intervisie en supervisie op aanvraag van medewerkers volgens hoofd behandeling en kwaliteit. De cliëntenraad geeft aan dat Ambiq investeert in opleidingen en geeft als voorbeeld dat pedagogisch medewerkers hbo mogen volgen. De gedragswetenschappers hebben elke twee weken gezamenlijk overleg en intervisie. Het hoofd behandeling en kwaliteit geeft aan dat ZZP’ers niet mogen deelnemen aan scholing van Ambiq, omdat ze niet in vaste dienst zijn. Ze verwijst naar de regels van de Belastingdienst. ZZP’ers moeten zorgdragen voor hun eigen scholing. De gedragswetenschappers hebben recent een opleiding Vlaggensysteem gevolgd en een congres over suicidepreventie bezocht.

De vertrouwenspersonen van Jeugdstem geven aan dat de medewerkers deskundig zijn behalve met betrekking tot de rechten van de jeugdigen (Jeugdwet en Wzd). De cvp Wzd geeft aan dat er meer en betere scholing nodig is met betrekking tot de Wzd bij Ambiq. De cvp Wzd wordt door de bestuurder betrokken bij de scholingsplannen. Uitsluitcriteria Jeugdigen met een verslaving of psychiatrie die voorliggend is en wanneer de motivatie/commitment voor behandeling uitblijft, vallen volgens de gedragswetenschappers en het hoofd behandeling en kwaliteit onder de uitsluitcriteria van de groepen. Als er een maatwerkoplossing is, bijvoorbeeld psychiatrische hulp in de thuissituatie in samenwerking met Karakter, kan een jeugdige toch opgenomen worden. Personeelsdossiers De inspectie heeft acht personeelsdossiers onderzocht en constateert dat alle verklaringen omtrent het gedrag (VOG) aanwezig zijn. Drie VOG’s zijn van 2015 of 2017. De inspectie hoort van een personeelsfunctionaris dat sinds kort het beleid is aangepast. In juni 2024 worden alle VOG’s opnieuw aangevraagd. Dit wordt om de drie jaar herhaald. De inspectie ziet in zeven van de acht personeelsdossiers een verslag van een recent functioneringsgesprek. Voor een functioneringsgesprek maakt de medewerker een reflectieverslag mede op basis van informanten.

20 | Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd

Verbeterpunten: •

Op het moment van toezicht bestaat het team van de bezochte ZIB groepen gedeeltelijk uit ZZP’ers. De inspectie vindt dit zorgelijk, omdat hiermee een vaste, stabiele basis voor de zorg aan jeugdigen ontbreekt. De inspectie verwacht dat Ambiq zorgt voor zoveel mogelijk continuïteit (vaste invallers/ZZP’ers) en dat deze invallers/ ZZP’ers die vaak bij de aanbieder komen, zo veel mogelijk meedraaien met scholing/training/e-learning.

•

De inspectie verwacht dat Ambiq zich inspant voor voldoende stabiliteit in aansturing, steun en waardering voor medewerkers op de ZIB groepen.

•

De inspectie verwacht dat Ambiq actief en spoedig inzet op het vergroten van de kennis van de Wzd en de rechten van jeugdigen bij medewerkers. Het is van belang dat medewerkers zich meer bewust zijn van en meer inzicht krijgen over de uitvoering van de Wzd, zodat zij beter weten wanneer sprake is van onvrijwillige zorg.

Norm 3.3

Oordeel De bestuurder verbetert, in een lerend werkklimaat, continu zijn prestaties en de resultaten van de hulp.

De inspectie formuleerde in 2021 na afloop van het toezicht bij Ambiq op de J-SGLVB groepen een aantal verbeterpunten met betrekking tot het generiek inzetten van vrijheidsbeperkende maatregelen / onvrijwillige zorg als vaste kamermomenten, signalering van de slaapkamerdeuren en een voordeur op slot. De inspectie ziet echter tijdens het toezicht in 2024 grotendeels dezelfde verbeterpunten. Dit zegt wat over de verbeterkracht en de cultuur met betrekking tot vrijheidsbeperkende maatregelen / onvrijwillige zorg bij Ambiq. Bij het afsluiten van de toezicht dag beamen de gedragswetenschappers en het hoofd behandeling en kwaliteit en later ook de Wzd-functionaris dat de cultuur ‘hardnekkig’ is met betrekking tot inzet van vrijheidsbeperkende maatregelen / onvrijwillige zorg. De vertrouwenspersonen en de Wzd cvp geven aan dat een cultuuromslag naar ‘Nee, tenzij’ nodig is. Het hoofd behandeling en kwaliteit geeft aan dat Ambiq een goed beeld heeft van de algemene kwaliteit door de rapportages over klachten, incidenten en de meldingen van de vertrouwenspersonen en Wzd cvp. Uit het medewerkerstevredenheidsonderzoek (MTO) blijkt volgens het hoofd behandeling en kwaliteit dat Ambiq een open cultuur heeft. Ambiq is HKZ gecertificeerd. Er is een verbeterplan op medicatiebeleid gemaakt.

Incidentenregistratie In de Jaarrapportage 2023 van de FOBO-commissie Jaarrapportage leest de inspectie dat op basis van de beschikbare gegevens uit beide systemen de meeste incidenten te maken hebben met agressie en medicatie. Bij de inzage van de incidenten op de vier ZIB – en J-SGLVB groepen ziet de inspectie dat in het eerste kwartaal van 2024 vooral incidenten met fysieke - en verbale agressie geregistreerd zijn. De inspectie constateert dat de categorisering van het incident vaak niet de lading van de inhoud/beschrijving dekt. Ook zitten soms meerdere vrijheidsbeperkende maatregelen / onvrijwillige zorg ‘verstopt’ in een melding.

21 | Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd

Dit leidt tot kwalitatieve onder registratie. De inspectie heeft een incident met ‘verbale agressie’ op het einde van de toezicht dag als voorbeeld voorgelezen aan de gedragswetenschappers. De gedragswetenschapper herkende in de toelichting van het incident met de categorie ‘verbale agressie’ drie vrijheidsbeperkende maatregelen. Inspraak Om in- en tegenspraak voor jeugdigen en hun ouders te faciliteren heeft Ambiq een cliëntenraad. De vertegenwoordiger van de cliëntenraad voelt zich gehoord door Ambiq. Volgens de cliëntenraad is overal maandelijks een bewonersvergadering. Uit een van de bewonersvergaderingen is het thema zakgeld naar boven gekomen en via de cliëntenraad bij het bestuur terecht gekomen. Met als resultaat dat het zakgeld nu gelijkgesteld is aan richtlijnen van het Nibud. Leden van de cliëntenraad nemen deel aan projecten van Ambiq, net als jeugdigen. De Wzd cvp geeft aan dat de bestuurder van Ambiq goed luistert naar haar input, open reageert en dat ze overal welkom is. De vertrouwenspersonen van Jeugdstem beamen dat. De inspectie heeft gehoord van de pedagogisch medewerkers dat op elke groep leefklimaat onderzoeken (samenwerking met de hogeschool te Leiden) periodiek plaatsvinden. Elke groep gaat aan de slag met de aanbevelingen van de jeugdigen en de medewerkers. De inspectie heeft de plannen van aanpakken naar aanleiding van het leefklimaat ingezien.

In november 2023 is de C toets bij 12+ intramurale cliënten afgenomen van heel Ambiq. Er zijn in totaal 55 vragenlijsten ingevuld. Samengevat kan gezegd worden dat cliënten met een gemiddeld rapportcijfer van 7,5 tevreden zijn over heel Ambiq. De deelrapportage(s) m.b.t. de bezochte groepen heeft de inspectie niet ingezien. Verbeterpunten: •

De cultuurverandering naar ‘Nee, tenzij’ met betrekking tot inzet van vrijheidsbeperkende maatregelen / onvrijwillige zorg bij jeugdigen vraagt om extra aandacht en versnelling van Ambiq.

•

De inspectie verwacht dat Ambiq aandacht besteedt aan een juiste benaming van de incidenten, zodat het passend is bij dat wat er gebeurd is.

“Ik ben heel erg trots op Ambiq, ik vind het een fijne platte organisatie.” pedagogisch medewerker “Ik mag eens in de zoveel tijd meedenken over het eten en ook over het TV kijken.” jeugdige

22 | Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd

Norm 3.4

Oordeel De bestuurder biedt jeugdigen en hun ouders de mogelijkheid voor hun individuele belangen op te komen.

Binnen Ambiq zijn vertrouwenspersonen aanwezig voor alle groepen. Zowel bij de J-SGLVB – als de ZIB groepen hangt een A4’tje in de gang of woonkamer wie de onafhankelijke vertrouwenspersonen van Jeugdstem zijn en hoe ze zijn te bereiken. Van het hoofd behandeling en kwaliteit, pedagogisch medewerkers en jeugdigen hoort de inspectie dat de vertrouwenspersonen een keer per twee weken op de groepen langskomen. De vertrouwenspersonen vertellen dat wisselingen hebben plaatsgevonden en dat ze nog niet zo lang aan deze groepen verbonden zijn. Hierdoor hebben de vertrouwenspersonen nog geen volledig beeld van de groepen. De Wzd cliënten vertrouwenspersoon (cvp) bezoekt niet de J-SGLVB – en de ZIB groepen. De Wzd cvp en een van de Jeugdstem vertrouwenspersonen stemmen frequent af. Vragen of klachten met betrekking tot de Wzd komen ook via de klachtenfunctionaris van Ambiq bij de Wzd cvp terecht. De jeugdigen worden niet geïnformeerd over de Wzd cvp. Ambiq heeft een klachtenfunctionaris en een Regionale Klachtencommissie. Op de website van Ambiq staat informatie voor jeugdigen en ouders over de wijze waarop een klacht kan worden ingediend. Cliënten vanuit de Jeugdwet worden op de website verwezen naar Jeugdstem. Als een cliënt er niet uit komt met de hulpverlener of de klachtenfunctionaris kan volgens de website contact met de Regionale Klachtencommissie worden opgenomen.

In de klachtenregeling staat echter dat een cliënt zich met een klacht ook rechtstreeks tot de klachtencommissie kan wenden. Twee van de drie geïnterviewde ouders weten waar ze een klacht kunnen indienen. Een andere ouder vertelt dat hij/zij klachten over onvrijwillige zorg met een clustermanager heeft besproken. De cliëntenraad van Ambiq krijgt informatie over het aantal klachten en heeft contact met de vertrouwenspersonen. In het jaarverslag over 2023 leest de inspectie dat tien formele klachten zijn ingediend waarvan twee op de bezochte ZIB groepen. Aandachtspunt: •

Cliënten met een klacht kunnen zich bij Ambiq volgens de klachtenregeling ook rechtstreeks wenden tot de Regionale Klachtencommissie. Op de website van Ambiq staat echter dat als een cliënt er niet uitkomt met de hulpverlener of de klachtenfunctionaris, contact met de Regionale Klachtencommissie kan opnemen. De inspectie verwacht dat Ambiq cliënten ook op de website actief informeert over de mogelijkheid om zich rechtstreeks tot de Regionale Klachtencommissie te wenden.

23 | Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd

Bijlage: Verantwoording van het toezicht De inspectie voerde het toezicht bij Stichting Ambiq uit op 28 maart 2024 en in april vonden telefonische toezicht activiteiten plaats. Om tot een gefundeerd oordeel te komen, gebruikte de inspectie voor het toezicht verschillende informatiebronnen. De informatie uit deze bronnen is met elkaar vergeleken en gewogen. Voor het toezicht zijn de volgende bronnen betrokken: •

Een gesprek met vijf jeugdigen;

•

Een (telefonisch) gesprek met drie ouders;

•

Een gesprek met hoofd behandeling en kwaliteit en kwaliteit en de bestuurssecretaris;

•

Gestructureerde interviews met: o vier pedagogisch medewerkers, o twee gedragswetenschappers, o een Wzd-functionaris, o drie vertrouwenspersonen Jeugdstem, o een Wzd cliëntvertrouwenspersoon, o zes plaatsers, o een vertegenwoordiger van de cliëntenraad.

•

De check van acht dossiers op de aanwezigheid van de Verklaring Omtrent het Gedrag van medewerkers, waarbij de inspectie op basis van een aantal criteria zelf de dossiers heeft geselecteerd;

•

De check van zeven dossiers van jeugdigen, onder andere op de aanwezigheid van een plan en risico-inschattingen en –beoordelingen. De inspectie heeft zelf de dossiers geselecteerd;

•

Observaties van de leef- en verblijfruimten;

•

Analyse van de volgende documenten: o

Incidentenrapportage,

o

Welkomsboekjes,

o

Plan kleinschalig specialistisch wonen concept,

o

Onderzoek naar leefklimaat,

o

Cliënttevredenheidsonderzoek 2023,

o

FOBO-commissie Jaarrapportage 2023,

o

Jaarverslag 2023 klachtenfunctionaris Ambiq,

o

HKZ rapport 2023,

o

Beleid FOBO, werkwijze FOBO-commissie,

o

Notulen van teamvergaderingen,

o

Jaarrapportage 2023 Cliëntenvertrouwenspersoon Wzd,

o

Jaarverslag Wzd-commissie over 2022,

o

Cijfers uitstroom gesloten jeugdzorg,

o

Procesbeschijving Behandelcyclus.

24 | Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd

Duidelijk. Onafhankelijk. Eerlijk. www.igj.nl

25 | Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Meppel&id=31f3188c-26de-4e9a-9596-6149e51e0998