2.2 Bijlage - Regels - TAM-IMRO omgevingsplan ‘Inlussing station Meppel Noord’
Tekst van het document
Inlussing station Meppel Noord
bestemmingsplan Inlussing station Meppel Noord
Inhoudsopgave
Regels
3
Hoofdstuk 1 Artikel 1 Artikel 2
Inleidende regels Toepassingsbereik Begrippen
4 4 5
Hoofdstuk 2 Artikel 3 Artikel 4
Functies en activiteiten Bedrijf - Opstijgpunt Leiding - Hoogspanning
7 7 8
Hoofdstuk 3 Artikel 5 Artikel 6
Algemene regels Algemene regels Overige regels
10 10 11
Hoofdstuk 4 Artikel 7 Artikel 8
Overgangsregels Overgangsrecht Titel
12 12 13
2
bestemmingsplan Inlussing station Meppel Noord
Regels Preambule Dit TAM-Omgevingsplan is gericht op het faciliteren van gebiedsontwikkeling op de locatie Inlussing Meppel Noord en is als een nieuw hoofdstuk (hoofdstuk 22c) opgenomen in het omgevingsplan van de gemeente Meppel. Dit hoofdstuk is bekend gemaakt en digitaal beschikbaar gesteld met de landelijke voorziening, bedoeld in artikel 1.2.1, tweede lid, van het Besluit ruimtelijke ordening. Het is met deze landelijke voorziening niet mogelijk dit hoofdstuk conform de juridische vormgeving van het omgevingsplan in STOP-TPOD beschikbaar te stellen. De in dit op www.ruimtelijkeplannen.nl uitgegeven deel van het omgevingsplan (hierna: dit deel) weergegeven hoofdstukken moeten gelezen worden als paragrafen van hoofdstuk 22c van het omgevingsplan van de gemeente Meppel. In de artikelkop van de in dit deel weergegeven artikelen moet na het woord 'Artikel', na de spatie en direct voor het artikelnummer '22c' gelezen worden. In de kop van de bijlagen bij het in dit deel weergegeven hoofdstuk moet na het woord 'Bijlage', na de spatie en direct voor het nummer van de bijlage '22c' gelezen worden.
bestemmingsplan Inlussing station Meppel Noord
3
bestemmingsplan Inlussing station Meppel Noord
Hoofdstuk 1 Artikel 1 1.1
Inleidende regels
Toepassingsbereik
Verhouding met ruimtelijke regels omgevingsplan tijdelijk deel
De besluiten op grond van artikel 22.1, onder a, van Omgevingswet zijn niet van toepassing voor zover het gaat over regels opgenomen in een besluit als bedoeld in artikel 4.6, eerste lid, onder a, b, c, h, i, j, k, l of m, van de Invoeringswet Omgevingswet op de locatie, bedoeld in het derde lid.
1.2 Verhouding met regels in het tijdelijke deel van het omgevingsplan van rijkswege (bruidsschat) De regels in afdeling 22.2, met uitzondering van paragraaf 22.2.7.3, en afdeling 22.3 zijn niet van toepassing voor zover die regels in strijd zijn met regels in dit hoofdstuk.
1.3
Geometrische afbakening reikwijdte TAM-omgevingsplan
De regels in dit hoofdstuk zijn van toepassing op de locatie Inlussing Meppel Noord waarvan de geometrische bepaalde planobjecten zijn vervat in het GML-bestand NL.IMRO.0119.TAMInlussingNoord-TOC1.
4
bestemmingsplan Inlussing station Meppel Noord
Artikel 2
Begrippen
Voor de toepassing van dit hoofdstuk van het omgevingsplan gelden de begripsbepalingen die, op de dag van inwerkingtreding van de Omgevingswet, zijn opgenomen in de bijlage bij de Omgevingswet en in Bijlage I bij het Besluit activiteiten leefomgeving, Bijlage I bij het Besluit bouwwerken leefomgeving, Bijlage I bij het Omgevingsbesluit en Bijlage I bij de Omgevingsregeling. Daarnaast gelden de volgende begripsbepalingen bij de toepassing van dit hoofdstuk:
2.1
Plan
Het TAM-omgevingsplan 'Inlussing station Meppel Noord' van de gemeente Meppel.
2.2
Gebouw
Elk bouwwerk, dat voor een mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden (twee of meer wanden die tot de constructie behoren) omsloten ruimte vormt.
2.3
Bouwwerk
Elk bouwwerk, dat voor een mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden (twee of meer wanden die tot de constructie behoren) omsloten ruimte vormt.
2.4
Opstijgpunt
Een plek waar een ondergrondse hoogspanningsverbinding boven de grond komt en naar een bovengrondse hoogspanningsverbinding wordt geleid.
2.5
Nutsvoorziening
Voorzieningen ten behoeve van het openbare nut, zoals transformatorhuisjes, gasreduceerstations, schakelhuisjes, duikers, bemalingsinstallaties, gemaalgebouwtjes, telefooncellen, voorzieningen ten behoeve van (ondergrondse) afvalinzameling en apparatuur voor telecommunicatie.
2.6
Mofput
Een put met een verbindingsgreep ter bescherming van de kabeluiteinden-, aftakkingen en/of verbindingen.
2.7
Middenspanningsnet
Een netwerk van ondergrondse kabels met een spanningsniveau van minimaal 10 kV en maximaal 20 kV die aansluiten op een transformatorstation en in beheer zijn bij een regionale netbeheerder, inclusief de bij de kabels behorende mantelbuizen en bijbehorende voorzieningen en datakabels.
2.8
Hoogspanningsverbinding
Ondergrondse of bovengrondse leidingen met een spanningsniveau van 110 kV of hoger, inclusief bijbehorende masten, mantelbuizen en bijbehorende voorzieningen en datakabels.
bestemmingsplan Inlussing station Meppel Noord
5
bestemmingsplan Inlussing station Meppel Noord
2.9
Hoogspanningsstation
Een bouwwerk waar hoogspanningsverbindingen op elkaar worden aangesloten, waar een middenspanningsnet wordt gekoppeld aan hoogspanningsverbindingen en waar elektrische energie wordt getransporteerd, verdeeld en getransformeerd.
2.10
Bouwen
Het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk.
2.11
Bestaand
1. het bestaand gebruik dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig is en/of bebouwing die op dat tijdstip aanwezig of in uitvoering is, dan wel kan worden gebouwd krachtens een omgevingsvergunning; 2. het onder a bedoelde geldt niet voor zover sprake was van strijd met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder mede begrepen het overgangsrecht van het bestemmingsplan of een andere planologische toestemming. 2.12
Belemmeringenstrook
Een strook grond ter plaatse van en ter weerszijden van een hoogspanningsverbinding of middenspanningsnet die dient om de veiligheid, de bereikbaarheid en het ongestoord functioneren van de hoogspanningsverbinding of het middenspanningsnet te kunnen garanderen.
2.13
Afspanportaal
Een portaal welke geplaatst kan worden tussen de laatste hoogspanningsmast van een lijn en de onderdelen op een station of een opstijgpunt.
2.14
Aanduiding
Een geometrisch bepaald vlak of een figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden.
2.15
Omgevingsplan
De geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen.
2.16
Mantelbuis
Een buis (omhulsel) die dient ter bescherming van één of meerdere kabels behorende tot een hoogspanningsverbinding of middenspanningsnet.
6
bestemmingsplan Inlussing station Meppel Noord
Hoofdstuk 2 Artikel 3 3.1
Functies en activiteiten
Bedrijf - Opstijgpunt
Toepassingsbereik
De regels in dit artikel zijn van toepassing op de locaties die op de verbeelding zijn aangewezen als 'Bedrijf - Opstijgpunt'.
3.2
Functieomschrijving
De voor 'Bedrijf - Opstijgpunt' aangewezen gronden zijn aangewezen voor: a. installaties ten behoeve van de overgang tussen een ondergrondse en een bovengrondse 110 kV-hoogspanningsverbinding; b. een bovengrondse 110 kV-hoogspanningsverbinding; met de daarbij behorende: c. d. e. f. g. h. i. j. k.
(hoogspannings)kabels en leidingen; bouwwerken, geen gebouwen zijnde; mofputten; erven en terreinen; parkeervoorzieningen; nutsvoorzieningen; groenvoorzieningen, mits deze niet hoogopgaand of diepwortelend zijn; watergangen en -partijen en andere waterhuishoudkundige voorzieningen; wegen, paden en verhardingen.
3.3
Beoordelingsregels bouwwerken
3.3.1
Algemeen
In afwijking van het bepaalde bij de andere functies mag op of in deze gronden niet anders worden gebouwd dan ten behoeve van de functie 'Bedrijf - Opstijgpunt'.
3.3.2
Gebouwen
Op of in deze gronden mogen geen gebouwen ten behoeve van de hoofdfunctie 'Bedrijf - Opstijgpunt' worden gebouwd.
3.3.3
Overige bouwwerken
Voor het bouwen van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag niet meer bedragen dan 3 m; b. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer bedragen dan 40 m.
bestemmingsplan Inlussing station Meppel Noord
7
bestemmingsplan Inlussing station Meppel Noord
Artikel 4 4.1
Leiding - Hoogspanning
Toepassingsbereik
De regels in dit artikel zijn van toepassing op de locaties die op de verbeelding zijn aangewezen als 'Leiding - Hoogspanning'.
4.2
Functieomschrijving
De voor 'Leiding - Hoogspanning' aangewezen gronden zijn - behalve voor de aldaar geldende functies tevens aangewezen voor: a. de aanleg, het beheer en de instandhouding van een ondergrondse 110 kV-hoogspanningsverbinding; met de daarbij behorende: b. belemmeringenstrook; c. voorzieningen ten behoeve van de functie, zoals glasvezel, kabels, (buis)leidingen, overkluizingen, mantelbuizen en mofputten. 4.3
Beoordelingsregels bouwwerken
4.3.1
Algemeen
In afwijking van het bepaalde bij de andere functies mag op of in deze gronden niet anders worden gebouwd dan ten behoeve van de nevenfunctie 'Leiding - Hoogspanning'.
4.3.2
Gebouwen
Op of in deze gronden mogen geen gebouwen ten behoeve van de functie 'Leiding - Hoogspanning' worden gebouwd.
4.3.3
Overige bouwwerken
Voor regels met betrekking tot overige bouwwerken wordt verwezen naar artikel 22.36 van de bruidsschat (binnenplanse vergunningvrije activiteiten van rechtswege in overeenstemming met dit omgevingsplan).
4.3.4
Bouwwerken ten behoeve van andere functies
a
Omgevingsvergunningsplicht
Bij een omgevingsvergunning kunnen burgemeester en wethouders afwijken van het bepaalde in artikel 4.3.1 om toe te staan dat bouwwerken worden gebouwd, welke toelaatbaar zijn op grond van het bepaalde in de andere functies. b
Beoordelingsregels
De omgevingsvergunning als bedoeld in 4.3.4 onder a wordt alleen verleend als: a. het belang het van de hoogspanningskabelverbinding door de bouwactiviteiten niet onevenredig wordt geschaad en b. is gebleken dat de veiligheid en leveringszekerheid niet blijvend onevenredig kan worden geschaad.
8
bestemmingsplan Inlussing station Meppel Noord
4.4 Omgevingsvergunning voor de omgevingsplanactiviteit werk, niet zijnde bouwwerk, of werkzaamheid uitvoeren 4.4.1
Omgevingsvergunningsplicht
Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning op de in lid 4.2 bedoelde gronden de volgende werken, niet zijnde bouwwerken, en werkzaamheden uit te voeren: a. b. c. d. e. f.
het aanbrengen of verwijderen van bomen of andere diepwortelende beplantingen; het afgraven of ophogen van gronden; het uitvoeren van heiwerken of het anderszins in de bodem drijven van voorwerpen; het aanbrengen van gesloten oppervlakteverhardingen; het verrichten van grondroeractiviteiten dieper dan 0,5 m onder maaiveld anders dan normaal spit- en ploegwerk voor zover dit geen diepploegen dieper dan 1 m onder maaiveld is; het aanleggen van kabels en leidingen anders dan in de functieomschrijving aangegeven en daarmee verband houdende constructies.
4.4.2
Uitzonderingen
Een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 4.4.1 is niet nodig voor werken, niet zijnde bouwwerken, en werkzaamheden, die: a. het normale onderhoud betreffen; b. verband houden met de aanleg van de betreffende ondergrondse hoogspanningsverbinding; c. mechanisch worden uitgevoerd en daarmee vallen onder de werking van de Wet informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en netwerken; d. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van dit plan. 4.4.3
Beoordelingsregels
De in artikel 4.4.1 genoemde omgevingsvergunning kan slechts worden verleend, mits: a. is aangetoond dat de desbetreffende werken en/of werkzaamheden niet strijdig zijn met de belangen en de veiligheid van de hoogspanningsverbinding; b. uit vooraf ingewonnen advies bij de betreffende leidingbeheerder is gebleken dat hiertegen uit oogpunt van doelmatig leidingbeheer geen bezwaar bestaat.
bestemmingsplan Inlussing station Meppel Noord
9
bestemmingsplan Inlussing station Meppel Noord
Hoofdstuk 3 Artikel 5 5.1
Algemene regels
Algemene regels
Strijdig gebruik
Onder een gebruik strijdig met de aangewezen functies en (gebruiks-)activiteiten als bedoeld in Hoofdstuk 2 Functies en activiteiten wordt in ieder geval verstaan: a. het niet zoveel als redelijkerwijs mogelijk in de oorspronkelijke staat terugbrengen van de aardkundige en ecologische waarden en verkavelingspatronen na graafwerkzaamheden bij de aanleg, het beheer en het onderhoud van de ondergrondse hoogspanningsverbinding en het middenspanningsnet; b. een gebruik dat geen rekening houdt met de goede werking van de functie en de risico's die ermee verbonden zijn; c. het gebruiken van bouwwerken als drager van reclame-uitingen; d. het gebruik van gronden voor het permanent opslaan van goederen, (brandbare) stoffen en/of materialen. 5.2
Afwijken van de gebruiksregels
5.2.1
Omgevingsvergunningsplicht
Het is verboden om zonder omgevingsvergunning af te wijken van het bepaalde onder artikel 5.1.
5.2.2
Beoordelingsregels
De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 5.2.1 wordt alleen verleend als: a. de belangen en de veiligheid van de betrokken hoogspanningsverbinding niet worden geschaad; b. uit vooraf ingewonnen advies bij de betreffende leidingbeheerder van de 110 kV-hoogspanningsverbinding is gebleken dat hiertegen uit oogpunt van doelmatig leidingbeheer geen bezwaar bestaat, en; c. in de afweging omtrent verlening van afwijking in ieder geval rekening wordt gehouden met belangen uit agrarische bedrijfsvoering, ruimtelijk-, landschappelijk-, cultuurhistorisch, verkeerstechnisch, milieuhygiënisch, archeologisch- en ecologisch oogpunt, het functioneren van het watersysteem, de woonsituatie, het straat- en bebouwingsbeeld, mogelijke onevenredige aantasting van de leefbaarheid en gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken.
10
bestemmingsplan Inlussing station Meppel Noord
Artikel 6 6.1
Overige regels
Van toepassing verklaring
Op de gronden van dit plan waar de nevenfunctie Leiding - Hoogspanning is toegekend, blijven de besluiten als bedoeld in artikel 4.6, eerste lid onder g van de Invoeringswet Omgevingswet van toepassing, met inachtneming van de aanvullingen die in dit plan voor de gronden zijn opgenomen: bestemmingsplan Buitengebied met kenmerk NL.IMRO.01190000BuitengebiedVG-; Meppel - Paraplubestemmingsplan Parkeren met kenmerk NL.IMRO.0119.Parkeren2018-BPC1; paraplubestemmingsplan woningsplitsing en woningomzetting met kenmerk NL.IMRO.0119.Wonen2022-BPC1; bedrijventerrein Meppel - Noord III met kenmerk NL.IMRO.0119.NoordIII-BPC2; bedrijventerrein Meppel - Noord III met kenmerk NL.IMRO.0119.NoordIII-BPC1; parapluherziening Geluidszone bedrijventerrein Noord I met kenmerk NL.IMRO.0119.GeluidzoneNoord-BPC1. Op de gronden van dit plan waar de hoofdfunctie Bedrijf - Opstijgpunt is toegekend, blijven de besluiten als bedoeld in artikel 4.6, eerste lid onder g van de Invoeringswet Omgevingswet van toepassing, met inachtneming van de aanvullingen die in dit plan voor de gronden zijn opgenomen: Meppel - Paraplubestemmingsplan Parkeren met kenmerk NL.IMRO.0119.Parkeren2018-BPC1; paraplubestemmingsplan woningsplitsing en woningomzetting met kenmerk NL.IMRO.0119.Wonen2022-BPC1; parapluherziening Geluidszone bedrijventerrein Noord I met kenmerk NL.IMRO.0119.GeluidzoneNoord-BPC1.
bestemmingsplan Inlussing station Meppel Noord
11
bestemmingsplan Inlussing station Meppel Noord
Hoofdstuk 4 Artikel 7 7.1
Overgangsregels
Overgangsrecht
Overgangsrecht bouwwerken
1. Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van dit TAM-omgevingsplan 'Inlussing station Meppel Noord' aanwezig of in uitvoering is, of gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van dit TAM-omgevingsplan 'Inlussing station Meppel Noord', mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot: a. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; b. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag om een omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. 2. Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van het eerste lid een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk met maximaal 10%. 3. Het eerste lid is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van dit TAM-omgevingsplan 'Inlussing station Meppel Noord', maar zijn gebouwd zonder omgevingsvergunning en in strijd met het daarvoor geldende omgevingsplan van rechtswege, daaronder begrepen de overgangsbepalingen. 7.2
Overgangsrecht functioneel gebruik
1. Het gebruik van gronden en bouwwerken ten dienste van de functie (of andere gebiedsaanwijzing) als bedoeld in Hoofdstuk 2 Functies en activiteiten dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van dit TAM-omgevingsplan 'Inlussing station Meppel Noord' en hiermee in strijd is, mag gedurende maximaal 10 jaar worden voortgezet. 2. Het is verboden het met dit TAM-omgevingsplan 'Inlussing station Meppel Noord' strijdige gebruik, bedoeld in het eerste lid, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dit TAM-omgevingsplan 'Inlussing station Meppel Noord' strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. 3. Indien het gebruik, bedoeld in het eerste lid, na het tijdstip van inwerkingtreding van dit TAM-omgevingsplan 'Inlussing station Meppel Noord' voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. 4. Het eerste lid is niet van toepassing op het gebruik, dat al in strijd was met het voorheen geldende omgevingsplan van rechtswege voor die locatie, daaronder begrepen de overgangsbepalingen.
12
bestemmingsplan Inlussing station Meppel Noord
Artikel 8
Titel
De regels worden aangehaald als: 'Regels van het Hoofdstuk 22c TAM-omgevingsplan Inlussing station Meppel Noord’.
bestemmingsplan Inlussing station Meppel Noord
13