1.Notitie invulling RES van Energiealternatief Meppel .pdf
Tekst van het document
Notitie betreffende de invulling van de RES verplichtingen van de gemeente Meppel Inleiding Het actiecomité Energiealternatief Meppel -Jan v.d. Tooren, oud ondernemer Giethoorn, Frans Veldboer, oud ondernemer URZO Meppel en Bert van Dalen, gepensioneerd radioloog- hebben elkaar gevonden in de zoektocht naar een alternatief voor de huidige keuze van de gemeente Meppel voor de RES invulling ‘duurzame energie’. Aanleiding is de voorlopige keuze van de gemeenteraad om 2/3 deel hiervan in te vullen met windenergie (0.1 TW = equivalent van 100 hectare zonnepanelen) en slechts 1/3 deel middels zonnepanelen. Opvallend is dat Meppel de enige gemeente in Drenthe –behoudens een minieme invulling door A en Hunze- is die kiest voor windmolens voor additionele invulling van de RES verplichting. Zij gaat daarmee ook in tegen de algemene trend in Nederland en doet naar onze mening vanwege de landschapsvervuiling ernstige afbreuk aan de positionering van Drenthe als groene, toeristische provincie door plaatsing van grote windmolens aan de poort van de provincie, zoals Meppel zich graag etaleert. Wij vinden, dat de gemeente Meppel haar voorlopige keuze voor de windmolens moet heroverwegen voordat de definitieve RES 1.0 invulling plaats vindt. Onze argumenten en voorstellen zijn hieronder compact weergegeven.
In aansluiting hierop geven wij ook ter overweging om aansluiting op het gasnet voor iedereen zoveel mogelijk te waarborgen.
Lokale bezwaren tegen windmolens Er is tot heden veel verdiend door eigenaren van windmolens, met name door de subsidie op windmolens, en op grond daarvan is ook nu het uitgangspunt, dat plaatsing van met name zeer grote windmolens met een tiphoogte van 200 tot 240 meter zeer rendabel zal zijn. Daarbij wordt de lokale bevolking gepaaid met de toezegging, dat een flink deel van de opbrengst de plaatselijke bevolking ten goede zal komen. Echter, is dat wel zo zeker, als de prijs van elektriciteit voor de bevolking laag dient te blijven? Immers, er zijn veel extra kosten vanwege noodzakelijke systeeminvesteringen o.a. voor transport en vooral vanwege de noodzaak om een direct beschikbaar alternatief te hebben, als het niet waait en er ook geen zon is. En er is ook de extreem lage prijs bij overproductie. Zo was op tweede paasdag 2020 de stroomprijs negatief! Kortom, hoe hard zijn de garanties voor een goede rentabiliteit? (Deze werd door de externe energie adviseur van Meppel op 6-8 procent van de investering geschat). Overigens blijkt, bij de huidige subsidie- en salderingsregeling, de rentabiliteit van kleine windmolens tot 15 m hoog nihil te zijn, ook als deze op het erf van een boer worden geplaatst.
Verder is het niet duidelijk wat te zijner tijd de opruimkosten zullen zijn, vanwege de forse betonfunderingen bij grote molens en omdat er nogal twijfels bestaan of de vleugels uit composiet wel goed recyclebaar zullen zijn. Betaalt de eigenaar dit?
1
Illustratie van de opbrengstvariatie van zon (geel) en wind (lichtgroen) in ‘doorsnee’ week Duitsland. Opvang door flexibele inzet van stuwmeerwater (lichtblauw), aardgas (beige), steenkool (zwart) en bruinkool (bruin). Naarmate het aandeel zon en wind toeneemt zal het steeds moeilijker worden om zonder back-up door fossiele brandstof steeds aan de energievraag te voldoen. Ook omdat kernenergie (rood) een beperkte variabiliteit heeft en ook nog eens zal worden afgebouwd.
Aanwezigheid van windmolens ervaart vrijwel iedereen als hinderlijke landschapsvervuiling, de mate waarin is persoonlijk en o.a. afhankelijk van de mate waarin het nut ervan wordt ervaren. Nu er een meerderheid in de tweede kamer is, die positief staat tegenover kernenergie evenals een meerderheid van de bevolking, gaat het gevoel dat er veel betere alternatieven zijn een steeds grotere rol spelen bij de mate van acceptatie. Dit naast het vaak toch al aanwezige gevoel, dat grotere ‘windmolens thuis horen op zee’. Het grootste bezwaar is echter, dat plaatsing van grote windmolens op het land veel klachten teweeg brengt bij omwonenden. Er zijn alarmerende waarnemingen van artsen, dat “mensen ziek worden van windmolens”. Ook zijn op meerdere plaatsen mensen verhuisd vanwege de molens, de eerste ‘klimaatmigranten’. Op één locatie (Windpark Spui, Hoeksche Waard), minder dan 500 m van vijf grote molens, betrof dit zelfs 6 van de 12 gezinnen, binnen 21 maanden. Naast geluidsoverlast speelt hinder van schitteringen en slagschaduwen een rol, maar vooral ook niet hoorbaar, laagfrequent subsonisch geluid, dat kilometers ver kan dragen en voor sommige mensen extreem hinderlijk is afgezien nog van mogelijk aanzienlijke gezondheidsrisico’s. En erg vervelend is, dat in Nederland de normen voor plaatsing van windmolens aanzienlijk minder streng zijn dan in omgevende landen.
In 2011 is de maximaal toegestane geluidsproductie op de gevel van een aangrenzend huis gesteld op 47 dB overdag en op 41 dB ’s nachts. Het advies in 2010 van RIVM om in Nederland een norm van 40 dB aan te houden is tot heden genegeerd. Als vuistregel geldt verder dat plaatsing op 400 m van een woonhuis toereikend is om dit 2
te bereiken. In veel landen wordt echter een veel grotere afstand als norm genomen, in Beieren en Denemarken is dit wettelijk 10x de tiphoogte. In Frankrijk wordt door de gezondheidsraad 1000-1500 m geadviseerd en in Engeland is het advies 1-1.5 mijl. De Leidse universitaire audioloog Jan de Laat, die recent 1000 studies over geluidshinder door windmolens doornam, pleit voor een vaste geluidsnorm van 35 dB, dat komt ongeveer overeen met een afstand van 10x de tiphoogte. Hij voorziet anders met name bij plaatsing van zeer grote molens flinke gezondheidsproblemen, die zich ook na langere tijd kunnen manifesteren. Het is goed voorstelbaar, dat schadeclaims aan de orde komen, met name bij aanscherping van de normen op basis van EU richtlijnen. Het collectief Nederwind, waarin vrijwel alle lokale windmolencomité ’s zijn verenigd, heeft op 21 januari 2021 in een brief aan de Tweede Kamer verzocht om verdere planning en uitrol van windmolens in Nederland controversieel te verklaren en daarmee op te schorten, ook omdat EU regels niet worden gerespecteerd in de huidige situatie.
Houdbaarheid klimaatakkoord In een nog steeds toenemend aantal publicaties wordt het huidige klimaatakkoord bekritiseerd. Dit vooral ook omdat er niets is overgebleven van de opmerking van voorzitter Nijpels, dat het ‘een feest voor de portemonnee’ zou worden. Integendeel, zo blijkt de transitie van huizen naar fossielvrije verwarming veel duurder dan gedacht in de proefwijken, waar nog maar een fractie van de huizen aardgasvrij is. Het is eigenlijk onbetaalbaar volgens Lubach op Zondag, Nederland gasvrij, zie YouTube d.d. 8-10-20. Ook zijn er vele publicaties, waarin de feitelijke kosten van windmolens en zonnepanelen veel hoger uitvallen dan is voorgesteld.
Verticaal de kosten per KWuur en horizontaal de zonne-en windcapaciteit per hoofd van de bevolking. Bron Eurostat/Wikipedia
3
De figuur laat zien dat hoe groter het aandeel zon en windenergie in een Europees land is, hoe meer er betaald moet worden voor de elektriciteit. Duitsland een Denemarken zijn verreweg het duurst, meer dan 30 cent/KWu. Kortom, wind en zonne-energie zijn tot heden duur, tot 9.2 x de basale kosten van andere bronnen. Volgens de Stichting Milieu, Wetenschap en Beleid lopen de kosten van het klimaatakkoord voor een vierpersoonsgezin in 2030 op tot 1.942 euro. De Volkskrant heeft dit in een fact-check niet kunnen aanvechten. Het enige discussiepunt was dat de Stichting als uitgangspunt nam, dat de kosten die volgens sommige politieke partijen en organisaties door het bedrijfsleven moeten worden gedragen toch gewoon door de burger worden betaald, simpelweg via hogere prijzen. De totale kosten van de energietransitie tot 2050 zijn voorlopig geschat op 500-700 miljard euro. Dit is ongeveer 3% van het bruto nationaal product. Een essentieel onderdeel van het akkoord is toepassing op grote schaal van biomassa. Dit onderdeel ligt echter op dit moment heftig onder vuur, juist ook bij linkse partijen. Eigenlijk houdt alleen de EU er nog aan vast. Samengevat zijn er naar onze mening vele redenen om te veronderstellen, dat het klimaatakkoord binnen afzienbare tijd ingrijpend wordt herzien.
Dit vooral in het licht van een na de verkiezingen nieuw te schrijven regeerakkoord, waarin dan mogelijk ook de huidige RES verplichtingen worden aangepast.
Mogelijkheid van zonnepanelen als alternatief In het kader van de RES verplichting duurzame energieopwekking dient de gemeente Meppel uitsluitend het aandeel van windenergie en dat van zonnepanelen vast te stellen. Wij ondersteunen de keuze van de gemeente om geen agrarische grond beschikbaar te stellen voor zonneweiden. Mede hierop gebaseerd stelt de gemeente voor om 2/3 van de behoefte in te vullen met windmolens. Dit betreft 100 MW, het equivalent van 100 hectare zonnepanelen. Ons voorstel is, dat Meppel voorafgaande aan de definitieve beslissing de mogelijkheden onderzoekt tot plaatsing van zonnepanelen langs snelwegen (zie zonnebaan A 37)*, langs de spoorlijn* en eventueel ook langs de N 375*. De gemeente zou ook nog eens met de stofkam kunnen zoeken naar resterende mogelijkheden van paneelplaatsing direct rond gebouwen, ook op de industrieterreinen. Naar onze voorlopige berekening lijkt een totaal van 100 hectare voor panelen niet onhaalbaar en daarmee kan dan ook de transitie in Meppel mogelijk volledig worden gerealiseerd zonder de veel meer discutabele plaatsing van windmolens. Voorafgaand aan een definitieve keuze dient daarom het nu enig mogelijke alternatief van extra zonnepanelen uitgebreid te worden onderzocht. * Lengte snelweg in Meppel blijkens metingen op plattegronden: A28: 4.4 km + A32: 6.3 km = 10.7 km.
Het stuk snelweg E 32 noordelijk van de afslag Diever/Havelte tot aan Havelterberg ligt pal langs de gemeentegrens, de weg zelf ligt op grond van Westerveld en telt helaas niet mee. Rendement zonneweg langs A 37 : blijkens perspublicaties levert 40 km snelweg ruimte voor 300 hectare zonnepanelen. Voor 10.7 km snelweg in Meppel levert dit potentieel 107/400 x 300= 80.25 hectare. *ProRail stelt zich blijkens perspublicaties in algemene zin positief op inzake plaatsing van zonnepanelen langs de spoorlijn. Op onze gerichte vraag is op 01-02-2021 echter het antwoord ontvangen dat zij in eerste aanzet in Meppel geen mogelijkheden zien, omdat panelen niet direct langs de spoorbaan geplaatst mogen worden. *Langs de N 375 (7.7 km) lijken aanzienlijke mogelijkheden aanwezig.
4
Samenvatting Naast het evalueren van het hiervoor genoemde alternatief zijn wij van mening, dat inzake de plaatsing van windmolens vooral ook de medische aspecten en de discussie over de in Nederland gehanteerde plaatsingsnormen voor windmolens bij de besluitvorming dienen te worden betrokken. De in Nederland gehanteerde plaatsingsnormen blijven sterk achter bij andere Europese landen, die hun eisen juist aanscherpen. Een aanpassing hiervan is, juist in verband met een na de verkiezingen nieuw op te stellen regeerakkoord, heel goed voorstelbaar. De medische aspecten zijn bij plaatsing van windmolens van groot belang voor de bevolking. Er moet ondubbelzinnig worden aangetoond dat de bevolking hiervan geen relevante negatieve gevolgen ondervindt. Belangrijk is, dat bij de thans overwogen plaatsing in het oostelijk grondgebied van Meppel (nabij Ruinerwold) de afstand tot bebouwing goed wordt geëvalueerd, met ook koppeling aan de tiphoogte van de molens. Het is verder van groot belang dat er op korte termijn, in ieder geval binnen de lokale RES verplichtingen, geen onomkeerbare beslissingen worden genomen. Dit zowel op het gebied van vergunningen als van investeringsverplichtingen. Het zou uiterst vervelend zijn als Meppel opgescheept zou worden met verplichtingen, die later onnodig blijken te zijn door ‘voortschrijdend inzicht’.
Over onze visie hebben wij on-line van gedachten gewisseld met beleidsambtenaar Peter Hamming, externe adviseur RES Rob Korten en wethouder Van der Haar, die RES in zijn portefeuille heeft. Dit ter toetsing van onze ideeën en ook, omdat het ons als correct voorkwam om eerst de beleidsambtenaren en verantwoordelijk wethouder Van der Haar te informeren.
Meppel, 22-02-2021 Bert van Dalen
EnergieAlternatief Jan van der Tooren
Meppel (Drenthe) Frans Veldboer
P.S. Als er vragen zijn over de onderbouwing van de inhoud, die gebaseerd is op publicaties en artikelen in onafhankelijke media, stellen wij graag een lijst met 'links' beschikbaar. Wij willen graag een inhoudelijke reactie ontvangen van de politieke partijen.
Addendum betreffende ‘groen gas’ In onze zoektocht naar alternatieve mogelijkheden voor de opwekking van duurzame energie voor de gemeente Meppel hebben wij ook gesproken met de directie van Rendo, Jan ten Cate (wethouder Hardenberg en warm voorstander van open houden van het gasnet voor duurzaam gas) en Gerrie Hempen (wethouder De Wolden, die zich inspant om voor iedereen aansluiting op het gasnet te blijven waarborgen). Deze gesprekken geven ons het volgende beeld: 5
-
-
-
Voor Drenthe als agrarische provincie kan de duurzame toepassing van gas via het huidige verfijnde aardgasnet een forse bijdrage leveren om in 2050 volledig energieneutraal te worden. Het benodigde gas kan deels verkregen worden uit lokale vergisting van biomassa en voor zover nodig bestaan uit waterstof. De recent bekend geworden plannen van de provincies Friesland, Groningen en Drenthe om een grote producent van groene waterstof (tot 35% van de huidige energiebehoefte) te worden geeft een sterke verdere ondersteuning voor het handhaven van het huidige verfijnde aardgasnet, waar menig land jaloers op is. Het huidige klimaatakkoord houdt in dat in 2030 reeds 20% (1,5 miljoen) van de 7.7 miljoen woonhuizen aardgasvrij dient te zijn, oplopend tot 7.1 miljoen huizen in 2050. Daarbij wordt afsluiting van het gasnet gestimuleerd en bij nieuwbouw geen aansluiting op het gasnet toegestaan. Echter, zoals al aangegeven, wordt op grond van ervaringen in proefgebieden steeds meer duidelijk, dat deze transitie erg duur is en alleen budgetneutraal voor de bewoners realiseerbaar is met zeer forse overheidssubsidies. Bizar is daarbij dat o.a. in Duitsland en België juist wordt ingezet op aanleg van gasnetten en zelfs aardgas als brandstof wordt gepropageerd, dat inderdaad heel wat milieuvriendelijker is dan bruinkool.
Conclusie kan dan ook zijn, dat het aardgasvrij maken van een groot aantal woningen met tegelijkertijd afsluiting van het gasnet en het niet aansluiten van nieuwbouw op het gasnet steeds minder realistisch is! Dit ook, omdat duurzaam wonen goed mogelijk is met toekomstig gebruik van groen gas of groene waterstof via het huidige leidingnet.
Ook al valt duurzaam gas buiten de RES verplichting tot 2030, toch zouden wij graag willen dat Meppel zich sterk maakt voor duurzaam gas met behoud van het huidige gasnet en daarbij intensief aansluiting zoekt bij de omringende agrarische gemeenten zoals De Wolden. En verder dat er richting de overheid nadrukkelijk moet worden aangegeven dat er voor ieder een vrije keuze dient te zijn voor wel of geen aansluiting op het gasnet, ook in geval van nieuwbouw.
6