1.82.1 College - 38.1 Bijlage 1 - Notitie Reikwijdte en Detailniveau
Tekst van het document
Industrie- en bedrijventerreinen gemeente Meppel Notitie Reikwijdte en Detailniveau
Gemeente Meppel 16 juni 2025
Project Opdrachtgever
Document Status Datum Referentie
Projectcode Projectleider Projectdirecteur
Auteur(s) Gecontroleerd door Goedgekeurd door
Industrie- en bedrijventerreinen gemeente Meppel Gemeente Meppel
Notitie Reikwijdte en Detailniveau Definitief 02 16 juni 2025 146397/25-009.423
146397 W. Claus MSc Drs. T. Klumper
J.T. Fekken MSc I.A.C. Al MSc W. Claus MSc
Paraaf
Adres
Witteveen+Bos Raadgevende ingenieurs B.V. Leeuwenbrug 8 Postbus 233 7400 AE Deventer +31 (0)570 69 79 11 www.witteveenbos.com KvK 38020751
Het kwaliteitsmanagementsysteem van Witteveen+Bos is gecertificeerd op basis van ISO 9001. © Witteveen+Bos Niets uit dit document mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt in enige vorm zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Witteveen+Bos, noch mag het zonder dergelijke toestemming worden gebruikt voor enig ander werk dan waarvoor het is vervaardigd, behoudens schriftelijk anders overeengekomen. Tekst- en datamining van (delen van) dit document, evenals enige verwerking of reproductie ervan door middel van kunstmatige intelligentie technologieën is uitdrukkelijk niet toegestaan, behoudens schriftelijk anders overeengekomen. Dit document (of delen ervan) mag niet worden verveelvoudigd en/of anderszins worden gebruikt op enigerlei wijze voor het trainen van kunstmatige intelligentie technologieën, behoudens schriftelijk anders overeengekomen. Witteveen+Bos aanvaardt geen aansprakelijkheid voor enigerlei schade die voortvloeit uit of verband houdt met het wijzigen van de inhoud van het door Witteveen+Bos geleverde document.
INHOUDSOPGAVE
1
INLEIDING
4
1.1
Aanleiding
4
1.2
Doelstelling wijzigingsbesluit
6
1.3
Waarom een milieueffectrapportage?
7
1.4
Doel van de Notitie Detailniveau en Reikwijdte
10
1.5
Leeswijzer
10
2
HUIDIGE SITUATIE
11
2.1
Het plangebied en studiegebied
11
3
HUIDIGE BELEIDSKADERS EN ONTWIKKELINGEN
16
3.1
Beleidskaders
16
3.2
Te verwachten ontwikkelingen
20
3.2.1 3.2.2
20 23
Autonome ontwikkelingen Raakvlakprojecten
4
ONDERZOEKSAANPAK
24
4.1
Uitgangspunten
24
4.2
Reikwijdte - te onderzoeken alternatieven
25
4.3
Detailniveau
26
4.3.1
26
Beoordelingskader en beoordelingswijze
5
VERVOLGSTAPPEN EN PARTICIPATIE
29
5.1
Vervolgproces
29
5.2
Participatie
29
6
REFERENTIES
31
Laatste pagina
31
1 INLEIDING 1.1
Aanleiding
De gemeente Meppel staat voor de opgave om de huidige bestemmingsplannen en beheersverordeningen om te zetten naar een definitief omgevingsplan conform de Omgevingswet. Bij de invoering van de Omgevingswet zijn diverse overgangssituaties geregeld in bijgaande wetten en besluiten. De bestemmingsplannen en beheersverordeningen zijn van rechtswege opgegaan in het tijdelijke deel van het omgevingsplan. Gemeenten moeten uiterlijk op 1 januari 2032 een (gebiedsdekkend) omgevingsplan hebben dat aan de nieuwe standaard en de wettelijke verplichtingen voldoet. De gemeente Meppel is voornemens om te komen tot een vastgesteld wijzigingsbesluit van het omgevingsplan voor alle industrie- en bedrijventerreinen, uiterlijk in september 2026. Dit betreft de (planologisch) bestaande industrie- en bedrijventerreinen in de gemeente Meppel en het nieuwe bedrijventerrein Noord IV. Afbeelding 1.1 illustreert de ligging en de begrenzing van het plangebied.
Afbeelding 1.1 Industrie- en bedrijventerreinen gemeente Meppel met paarse aanduiding
4 | 31
Witteveen+Bos | 146397/25-009.423 | Definitief 02
Afbeelding 1.2 Ligging geluidaandachtsgebieden rondom de industrie- en bedrijventerreinen in de gemeente Meppel
Voor het wijzigingsbesluit wordt een milieueffectrapport (MER) opgesteld. Noord III Op 22 juni 2023 is het bestemmingsplan ‘Meppel - Noord III’ vastgesteld. Tegen dit vastgestelde plan is beroep ingediend bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (de Afdeling). Bij het opstellen van het verweerschrift is geconstateerd dat in het plan een regeling is opgenomen die in de weg staat aan de uitvoerbaarheid van het plan. Hiervoor is op 9 november 2023 een herstelbesluit genomen. Het beroep ziet van rechtswege ook op dit herstelbesluit. Op moment van schrijven is sprake van een vastgesteld bestemmingsplan voor bedrijventerrein Noord III, ook is het plan in werking. Het bestemmingsplan voor Noord III wordt daarom beschouwd als het nu geldende kader. Noord III wordt als bestaand bedrijventerrein beschouwd. Mocht de situatie zich voordoen dat dit geldende kader niet onherroepelijk wordt dan wordt bekeken wat de impact hiervan is op het op te stellen MER. Noord IV Al langere tijd wordt het gebied Noord IV gezien als potentiële locatie voor bedrijventerreinontwikkeling en het realiseren van windturbines. Voor het gebied Noord IV is op 28 september 2023 het omgevingsprogramma Noord IV (structuurvisie onder de Wet ruimtelijke ordening) door de gemeenteraad vastgesteld.
Met de vaststelling van de Omgevingsvisie gemeente Meppel is de structuurvisie voor Noord IV komen te vervallen. De ambities en uitgangspunten uit de structuurvisie zijn overgenomen in de omgevingsvisie. Voor de ontwikkeling van Noord IV als bedrijventerrein is nog geen planologisch besluit genomen. De ontwikkeling van het terrein wordt daarom meegenomen in het wijzigingsbesluit voor de industrie- en bedrijventerreinen.
5 | 31
Witteveen+Bos | 146397/25-009.423 | Definitief 02
1.2
Doelstelling wijzigingsbesluit
De doelstelling voor het wijzigingsbesluit is tweeledig, namelijk het omzetten van de regels van de (planologisch) bestaande industrie- en bedrijventerreinen en het planologisch mogelijk maken van het bedrijventerrein Noord IV. In een Nota van Uitgangspunten legt de raad van de gemeente Meppel de uitgangspunten vast voor de wijziging van het omgevingsplan. Deze Nota van Uitgangspunten is door de raad vastgesteld op 19 juni 2025. De gemeente Meppel is voornemens om de bestaande systematiek met milieucategorieën op basis van de VNG brochure Bedrijven en milieuzonering (2009) los te laten. Op moment van schrijven is nog niet bekend op welke manier de gemeente Meppel hier invulling aan wil geven. In deze NRD wordt daarom (nog) gesproken over bedrijven vergelijkbaar met de milieucategorieën. Bestaande industrie- en bedrijventerreinen Het wijzigingsbesluit heeft allereerst als doel om de regels in het tijdelijk deel van het omgevingsplan voor alle industrie- en bedrijventerreinen in de gemeente Meppel om te zetten naar een omgevingsplan conform de standaarden van de Omgevingswet. Dit betekent dat verouderde bestemmingsplannen en beheersverordeningen worden geactualiseerd volgens de nieuwe systematiek. Het doel is om een actuele regeling te maken waarin ook de verleende vergunningen, maatwerkvoorschriften en vastgestelde hogere grenswaarden worden verwerkt.
Voor de geluidgezoneerde industrieterreinen Oevers, Spijkerserve (Nijeveen) en Noord (inclusief het hoogspanningsstation op Noord III) worden de geluidzones aangepast naar geluidproductieplafonds volgens de Omgevingswet. Bedrijventerrein Noord IV Het wijzigingsbesluit maakt ook de ontwikkeling van het nieuwe bedrijventerrein Noord IV mogelijk. Ruimtevraag bedrijventerreinen Meppel STEC Groep heeft een rapport opgesteld voor de economische relevantie van de ontwikkeling van Noord IV. De vraag naar bedrijventerreinen in de gemeente Meppel is de komende jaren fors. Tot 2040 bedraagt de totale ruimtevraag circa 25 tot 51 netto hectare bedrijventerrein. Deze ruimtevraag bestaat uit drie componenten: (1) uitbreidingsvraag, (2) vervangingsvraag en (3) additionele vraag. De conclusies worden hieronder per vraagcomponent beschreven: 1 tot 2030 bedraagt de totale uitbreidingsvraag circa 9 tot 13 netto hectare. Daarbovenop komt richting 2040 een uitbreidingsvraag van nog zo’n -2 tot 15 hectare. De totale uitbreidingsvraag tot 2040 bedraagt daarmee circa 7 tot 28 hectare. Dat is ruimte die gevraagd wordt voor de autonome groei van bedrijven op bedrijventerreinen in de gemeente Meppel; 2 aanvullend hierop is transformatie van een deel van bedrijventerrein Noordpoort aan de orde.
In de gemeente Meppel wordt op basis van de huidige stand van zaken een totale vervangingsvraag van circa 4 hectare verwacht. Er wordt verwacht dat deze vervangingsvraag vooral in de periode tot 2030 zal optreden; 3 naast de uitbreidings- en vervangingsvraag wordt een additionele ruimtevraag door ‘overloop’ vanuit elders en toenemende benodigde ruimte voor energie-infrastructuur verwacht, waaronder een hoog- of middenspanningsstation van circa 4 hectare. In totaal bedraagt de additionele vraag in de periode tot 2040 zo’n 12 tot 17 hectare. Het merendeel van deze vraag zal in de periode tot 2030 optreden. Vanuit kwalitatief perspectief gezien wordt verwacht dat de vraag naar bedrijventerreinen als volgt verdeeld is over drie werkmilieus: - circa 4 tot 8 hectare lokaal kleinschalig; - circa 12 tot 26 hectare regulier gemengd; - circa 9 tot 18 hectare regulier grootschalig. Het huidige aanbod op (‘droge’) bedrijventerreinen in de gemeente Meppel bedraagt netto zo’n 19 hectare. Dit aanbod is divers van aard. Op bedrijventerrein Noord III bedraagt het aanbod circa 18 hectare en is
6 | 31
Witteveen+Bos | 146397/25-009.423 | Definitief 02
geschikt voor regulier gemengd tot grootschalig1. Op Oevers E is circa 1 hectare voorhanden in het werkmilieu kleinschalig lokaal. Hiernaast is nog 8 hectare kadegebonden (‘nat’) bedrijventerrein beschikbaar in de gemeente. De aanvullende ruimtebehoefte in de gemeente Meppel bedraagt daarom circa 6 tot 32 hectare (tot 2040). Bij de confrontatie van de vraag en het kwalitatieve aanbod stelt het STEC-rapport de volgende tekorten in de drie werkmilieus: - circa 3 tot 7 hectare lokaal kleinschalig; - circa 3 tot 17 hectare regulier gemengd; - circa 0 tot 9 hectare regulier grootschalig. Noord IV Het doel voor bedrijventerrein Noord IV is om het bedrijventerrein te realiseren van circa 40 hectare bruto bedrijventerrein. Daarmee wordt het voorkeursrecht verlengd en houdt de gemeente sturing op de beoogde invulling van deze locatie (deadline voor het verlengen van het voorkeursrecht is 28 september 2026). Daarmee wil de gemeente voorzien in de vraag naar nieuwe bedrijvigheid vanuit de markt (nieuwe vestigingslocaties en schuifruimte op bestaande) en het toevoegen van werkgelegenheid. De gemeente Meppel heeft het gebied Noord IV geïdentificeerd als geschikte locatie voor bedrijventerreinontwikkeling. Noord IV biedt ruimte voor bedrijven, duurzame energieopwekking, waterberging en werkgelegenheid, en draagt hiermee bij aan de regionale opgave en creëert schuifruimte voor bedrijven.
Daarnaast is Noord IV strategisch gelegen nabij de A32. De opgave in Noord IV is groter omdat er, naast de realisatie van een nieuw bedrijventerrein, een opgave voor wind en water is. Bij de planvorming voor bedrijventerrein Noord IV wordt de omvang en inrichting van het bedrijventerrein afgestemd op de andere opgaven in het gebied. De precieze locatie voor windturbines wordt momenteel onderzocht. Omdat het uitgangspunt is dat niet de gemeente, maar de provincie bevoegd gezag is voor windparken, is op dit moment nog niet duidelijk of die besluitvorming plaats vindt door middel van een projectbesluit, of dat de betrokken gemeenten samen met de provincie gaan werken aan separate wijzigingen van het omgevingsplan. Voor de wateropgave wordt door het waterschap een projectbesluit voorbereid.
1.3
Waarom een milieueffectrapportage?
Wat is een milieueffectrapportage? Een MER (milieueffectrapport) geeft milieu en leefomgeving een volwaardige plaats in het besluitvormingsproces. Dit doet een MER door de effecten op de leefomgeving ten gevolge van een voornemen en mogelijke alternatieve invullingen daarvan te beschrijven. De milieueffectrapportage (mer) is de procedure om tot het milieueffectrapport (het MER) te komen. Waarom een milieueffectrapportage? In de Omgevingswet is vastgelegd wanneer sprake is van een plan-mer-plicht of een project-mer-plicht. Plan-mer-plicht Er zijn twee redenen die leiden tot een plan-mer-plicht: 1 het Omgevingsbesluit benoemt activiteiten waarop de mer-plicht of mer-beoordelingsplicht van toepassing is. Daarbij is aangegeven wat het mer-(beoordelings)plichtige plan of besluit is. Voor het omgevingsplan is in beginsel een plan-mer-procedure nodig wanneer het plan kaderstellend is voor (vergunning)besluiten over project-mer(beoordelings)plichtige activiteiten (artikel 16.36 lid 1 Omgevingswet);
1
Het plan Noord III is vastgesteld, maar nog niet onherroepelijk/gerealiseerd. In het STEC rapport is dit wel meegenomen als beschikbaar aanbod.
7 | 31
Witteveen+Bos | 146397/25-009.423 | Definitief 02
2
plannen, zoals een omgevingsplan, waarvoor een Passende Beoordeling in het kader van de Omgevingswet moet worden opgesteld zijn plan-mer-plichtig (artikel 16.36 lid 2 Omgevingswet).
Voor het wijzigingsbesluit van het omgevingsplan zijn beide categorieën niet uitgesloten. De gemeente Meppel is niet voornemens om op voorhand mer-(beoordelingsplichtige) bedrijven uit te sluiten. Dat betekent ook dat ten behoeve van het wijzigingsbesluit daarom een mer-procedure moet worden doorlopen. Mede gelet op de recente ontwikkelingen in de jurisprudentie op het gebied van de effecten van stikstofdepositie op Natura 2000-gebied zal naar verwachting de referentiesituatie bij de beoordeling van de aanvaardbaarheid van het wijzigingsbesluit betrokken moeten worden. Aangezien het betrekken van de referentiesituatie op basis van recente jurisprudentie slechts toegestaan is in een Passende Beoordeling en op voorhand niet aannemelijk is dat negatieve significante effecten kunnen worden uitgesloten met een voortoets, ziet de gemeente ook hierin aanleiding om een mer-procedure te doorlopen. Project-mer-plicht Daarnaast zijn categorieën J10 en J11 van bijlage V van het Omgevingsbesluit van toepassing op Noord IV1. Categorie J10 betreft de aanleg, wijziging of uitbreiding van industrieterreinen. Categorie J11 betreft de aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra en de aanleg van parkeerterreinen.
Uit tabel 1.1 blijkt dat in beginsel sprake is van een merbeoordelingsplicht voor het aanleggen, wijzigen of uitbreiden van een industrieterrein of stedelijk ontwikkelingsproject. Vanwege de te verwachten effecten kiest de gemeente Meppel ervoor om een projectMER op te stellen.
Tabel 1.1 Relevante onderdelen uit bijlage V Omgevingsbesluit Projecten
Gevallen waarin de merplicht geldt (artikel 16.43, eerste lid, aanhef en onder a, van de wet)
Gevallen waarin de merbeoordelingsplicht geldt (artikel 16.43, eerste lid, aanhef en onder b, van de wet)
Besluiten als bedoeld in artikel 11.6, derde lid, onder c, van dit besluit
J10 Industrieterrein
niet van toepassing
aanleg, wijziging of uitbreiding
het omgevingsplan
J11 Stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra en de aanleg van parkeerterreinen
niet van toepassing
aanleg, wijziging of uitbreiding
het omgevingsplan
Gecombineerde plan-mer/project-mer Uit het voorgaande geldt dat zowel sprake is van een plan-mer-plicht als een project-mer-plicht. Voor het wijzigingsbesluit wordt daarom een gecombineerde plan-mer en project-mer doorlopen. Mer-plichtige bedrijven die willen vestigen doorlopen daarnaast (indien aan de orde) afzonderlijk de mer-procedure ten behoeve van de vergunningaanvraag voor bijvoorbeeld milieu. Samenhang MER en de wijziging van het omgevingsplan Het MER en het omgevingsplan zijn met elkaar verbonden. Het MER ondersteunt het bevoegd gezag bij de wijziging van het omgevingsplan door de milieueffecten van de voorgestelde wijzigingen of ontwikkelingen binnen het omgevingsplan in kaart te brengen. Het MER zorgt ervoor dat milieueffecten integraal worden meegewogen bij de besluitvorming. De informatie uit het MER wordt gebruikt om de milieueffecten van verschillende alternatieven te vergelijken en om een afgewogen keuze te maken. Deze keuze wordt vervolgens vastgelegd in het omgevingsplan. 1
In het Omgevingsbesluit wordt geen definitie gegeven van een industrieterrein. Zekerheidshalve worden zowel categorie J10 en J11 weergegeven.
8 | 31
Witteveen+Bos | 146397/25-009.423 | Definitief 02
Initiatiefnemer en bevoegd gezag Initiatiefnemer voor de mer-procedure is de gemeente Meppel. In de mer-procedure is de gemeenteraad van de gemeente Meppel het bevoegd gezag.
9 | 31
Witteveen+Bos | 146397/25-009.423 | Definitief 02
1.4
Doel van de Notitie Detailniveau en Reikwijdte
Voordat gestart wordt met het opstellen van het MER moet kennis worden gegeven van het voornemen om het MER op te stellen en wordt deze notitie ter inzage gelegd. Deze notitie is weliswaar vormvrij, maar dient voldoende informatie te bevatten, zodat de adviseurs en belanghebbenden begrijpen wat de inhoud en de opzet van het op te stellen MER gaat worden. De afbakening van het onderzoek - ofwel het bepalen van de reikwijdte en het detailniveau van het onderzoek - is belangrijk voor het opstellen van het MER. De reikwijdte heeft betrekking op welke alternatieven en welke milieuaspecten onderzocht gaan worden in het MER en wat het onderzoeksgebied van het MER is. Daarnaast geeft de notitie inzicht in het beoordelingskader en de wijze van beoordelen (kwantitatief of kwalitatief) dat wordt gehanteerd bij het beoordelen van de effecten van het wijzigingsbesluit. Dit betreft het detailniveau van het onderzoek: hoe uitgebreid en op welke manier worden de verschillende milieuaspecten onderzocht.
1.5
Leeswijzer
In hoofdstuk 2 wordt de huidige situatie beschreven. Hoofdstuk 3 beschrijft de relevante beleidskaders en de autonome ontwikkelingen en raakvlakprojecten. Hoofdstuk 4 behandelt de onderzoeksaanpak. In dit hoofdstuk wordt de reikwijdte en het detailniveau voor het MER uiteengezet. Hoofdstuk 5 geeft inzicht in de vervolgstappen en de mogelijkheden voor participatie.
10 | 31
Witteveen+Bos | 146397/25-009.423 | Definitief 02
2 HUIDIGE SITUATIE 2.1
Het plangebied en studiegebied
In deze paragraaf wordt het plangebied beschreven van de bestaande industrie- en bedrijventerreinen en het nieuwe bedrijventerrein Noord IV. In het MER zal onderscheid worden gemaakt tussen de begrippen plangebied en studiegebied. Het plangebied is het specifieke gebied waar de voorgestelde ontwikkeling of het project daadwerkelijk zal plaatsvinden. Het studiegebied is het totale gebied waarin milieueffecten als gevolg van de realisering van de voorgenomen activiteiten in het plangebied kunnen optreden. Het studiegebied kan per milieuaspect verschillen. Voor milieuaspecten zoals bodem en archeologie treden de effecten alleen binnen het plangebied zelf op (het studiegebied is hier gelijk aan het plangebied). Voor milieuaspecten zoals verkeer, geluid en luchtkwaliteit kunnen ook buiten het plangebied effecten optreden (het studiegebied is hier dus groter dan het plangebied). In het MER zal per milieuaspect worden toegelicht wat het relevante studiegebied is. Bestaande industrie- en bedrijventerreinen De bestaande industrie- en bedrijventerreinen zijn: - Oevers A, B, C, D en E; - Noord I, Noord II en Noord III; - Blankenstein; - Spijkerserve; - Rogat. Oevers A, B, C, D en E Afbeelding 2.1 geeft de ligging van de industrie- en bedrijventerreinen Oever A, B, C, D en E weer.
11 | 31
Witteveen+Bos | 146397/25-009.423 | Definitief 02
Afbeelding 2.1 Ligging industrie- en bedrijventerreinen Oevers A, B, C, D en E
Industrieterrein Oevers A is gelegen aan de Industrieweg en ten oosten van de Handelsweg. Het industrieterrein is via het Meppelerdiep te bereiken voor scheepvaart. Er zijn bedrijven gevestigd die watergebonden zijn, het betreft daarnaast een traditioneel en gemengd bedrijventerrein. Industrieterrein Oevers B ligt aan de westzijde van Meppel, aan de gemeentegrens met Staphorst. Het industrieterrein ligt aan de Meppelerdiep en heeft havenfaciliteiten. Langs het Meppelerdiep zijn watergebonden bedrijven gevestigd die de kade intensief gebruiken voor bijvoorbeeld watertransport. Industrieterrein Oevers C is gelegen aan de noordzijde van het Meppelerdiep, en de zuidzijde van de Zomerdijk. Het betreft een gemengd terrein voor lichte tot middelzware bedrijven. Er zijn diverse bedrijven gevestigd zoals autobedrijven, diervoederbedrijven en bouwcentra. Onderdeel van Oevers C is het industrieterrein gelegen aan de Buitenhaven. Het gebied ligt tegen de woonwijken aan die de centrumschil vormen rondom de binnenstad en omvat een zwaar bedrijventerrein van ongeveer 5 hectare. Het terrein Buitenhaven wordt begrensd door het Meppelerdiep, het Mallegat, de Buitenhaven en het Noordeinde. Er zijn nog oorspronkelijke en cultuurhistorisch waardevolle bebouwing en structuren aanwezig met een kenmerkende Meppeler karakteristiek.
Het zuidwestelijk deel van het bedrijventerrein is een schiereiland en is in de jaren ‘50 ontwikkeld. Op het schiereiland zijn momenteel verschillende middelzware industriële bedrijven gevestigd. Industrieterrein Oevers D is gelegen aan de westzijde van de Handelsweg en aan de Sethehaven. De haven heeft een directe aansluiting op het hoofdvaarwegennet. Er zijn watergebonden bedrijven gevestigd, waaronder een betoncentrale en opslagmaterialen voor grond-, weg- en waterbouw en recycling. Er zijn ook kavels die niet bereikbaar zijn vanaf het water, waar zich voornamelijk autobedrijven hebben gevestigd. Oevers E is een bedrijventerrein dat is opgezet als woon-werklocatie. Bij de bedrijven zijn bedrijfswoningen gerealiseerd. Er is qua type bedrijven ruimte voor bedrijfsactiviteiten tot en met milieucategorie 2. Noord I, II en III Afbeelding 2.2 geeft de ligging van de industrie- en bedrijventerreinen Noord I, II en III weer.
12 | 31
Witteveen+Bos | 146397/25-009.423 | Definitief 02
Afbeelding 2.2 Industrie- en bedrijventerreinen Noord I, II en III
De industrie- en bedrijventerreinen Noord I en Noord II zijn gelegen aan de noordzijde van Meppel langs de A32. Het zijn gemengde industrie- en bedrijventerreinen met een regionale oriëntatie. Er zijn enkele grote bedrijven met grote bedrijfspanden gevestigd en er zijn kleinere kavels. Er zijn diverse milieucategorieën aanwezig tot en met categorie 4.2. Bij Noord I bevindt zicht een afvalwaterzuivering, ter plaatse van Noord II zijn transport- en depotbedrijven gevestigd. Noord III ligt aan de noordzijde van Meppel. Het gebied wordt begrensd door de Drentse Hoofdvaart, de Oude Vaart, de Rijkssnelweg A32 en het spoorwegtracé Meppel-Steenwijk. Noord III bestaat momenteel grotendeels uit agrarische gronden. Noord III vormt een logisch vervolg als uitbreidingslocatie op de bestaande bedrijventerreinen Noord I en II. De ontwikkeling van Noord III kan verschillende segmenten bedienen, zoals de toenemende vraag naar grootschalige kavels, vooral vanuit de XXL-logistiek. Hierdoor kan Noord III een belangrijke rol spelen in het vervullen van de ruimtebehoefte en het stimuleren van de economische groei in Meppel. Op Noord III wordt momenteel een nieuw hoogspanningsstation van Enexis en TenneT gerealiseerd. Blankenstein Afbeelding 2.3 geeft de ligging van het bedrijventerrein Blankenstein weer.
13 | 31
Witteveen+Bos | 146397/25-009.423 | Definitief 02
Afbeelding 2.3 Bedrijventerrein Blankenstein
Blankenstein is gelegen tussen de binnenstad en de wijk Oosterboer. De A32 en het spoor vormen globaal de grenzen van het gemengde bedrijventerrein. Het bedrijventerrein is met name gericht op grootschalige detailhandel en kantoren. Er is een aantal bedrijven gevestigd in milieucategorie 1 en 2. Spijkerserve Afbeelding 2.4 geeft de ligging van het industrie Spijkerserve (Nijeveen) weer.
Afbeelding 2.4 Industrieterrein Spijkerserve (Nijeveen)
Het industrieterrein Spijkerserve is gelegen aan de westzijde van Nijeveen. Het betreft een bedrijventerrein van circa 7,5 hectare. Om wonen en werken te combineren zijn er bedrijfswoningen bij de loodsen en kantoren gevestigd. Er zijn bedrijven tot en met milieucategorie 3.2 toegestaan. Rogat Afbeelding 2.5 geeft de ligging van het bedrijventerrein Rogat weer.
14 | 31
Witteveen+Bos | 146397/25-009.423 | Definitief 02
Afbeelding 2.5 Bedrijventerrein Rogat
Ten oosten van de gemeente Meppel ligt het dorp Rogat. Het dorp ligt langs de A28 en langs de Hoogeveense Vaart. Het dorp bestaat voornamelijk uit bedrijventerrein. Er zijn diverse bedrijven gevestigd tot en met categorie 3.2. Er zijn tientallen woningen gevestigd. Nieuw bedrijventerrein: Noord IV Afbeelding 2.6 geeft de ligging van het zoekgebied voor bedrijventerrein Noord IV weer.
Afbeelding 2.6 Zoekgebied Bedrijventerrein Noord IV
Het gebied Noord IV is gelegen aan de oostzijde van de A32, de zuidzijde van de N371 en ten noorden van de Oude Vaart. Het plangebied Noord IV is ongeveer 80 hectare groot en ligt langs de Oude Vaart. Het gebied is in de huidige situatie hoofdzakelijk bestemd voor agrarische doeleinden en er zijn agrarische bedrijven met bedrijfswoningen gevestigd.
15 | 31
Witteveen+Bos | 146397/25-009.423 | Definitief 02
3 HUIDIGE BELEIDSKADERS EN ONTWIKKELINGEN 3.1
Beleidskaders
In dit hoofdstuk wordt het relevante wettelijke- en beleidskader beschreven, op nationaal, provinciaal en gemeentelijk niveau. Uit deze wettelijke- en beleidskaders volgt de potentiële ontwikkelruimte en de ambities voor de industrie- en bedrijventerreinen in de gemeente Meppel. In het MER zal dit beleidskader voor de specifieke milieuthema’s worden aangevuld. Daarnaast wordt in dit hoofdstuk een beschrijving gegeven van de te verwachte ontwikkelingen.
16 | 31
Witteveen+Bos | 146397/25-009.423 | Definitief 02
Tabel 3.1 Relevante wettelijke- en beleidskader Wetgeving/beleid
Toelichting
Relevantie voor ontwikkeling
Omgevingswet - Besluit kwaliteit leefomgeving [ref. 1]
Het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) is een uitvoeringsbesluit van de Omgevingswet. In het Bkl staan regels over omgevingswaarden, instructieregels, beoordelingsregels en regels voor monitoring. Het Bkl bevat regels en normen om de kwaliteit van de leefomgeving te waarborgen. Het Bkl stelt eisen aan activiteiten die invloed kunnen hebben op de kwaliteit van de leefomgeving.
Het wijzigingsbesluit moet voldoen aan de regels, normen en eisen van het Bkl. Relevant voor omgevingsplannen is onder andere het waarborgen van de veiligheid, beschermen van het waterbelang, beschermen van gezondheid en milieu en beschermen van landschappelijke en stedenbouwkundige waarden en cultureel erfgoed.
Nationale Omgevingsvisie - 2020 [ref. 2]
De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) is de Rijksbrede visie op de fysieke leefomgeving. In de visie komt naar voren dat Nederland voor grote uitdagingen staat die van invloed zijn op de fysieke leefomgeving. De NOVI brengt de langetermijnvisie van het Rijk in beeld. Op nationale belangen wil het Rijk sturen en richting geven. Die komen samen in vier prioriteiten: 1 ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie; 2 duurzaam economisch groeipotentieel; 3 sterke en gezonde steden en regio’s; 4 toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied.
Het omzetten naar een nieuw omgevingsplan voor het nieuwe bedrijventerrein Noord IV draagt bij aan duurzaam economisch groeipotentieel en sterke regio’s. Met de ontwikkeling van Noord IV wil de gemeente Meppel inspelen op een duurzame economische ontwikkeling. De gemeente Meppel wil daarnaast ruimte bieden voor circulariteit op zowel de bestaande als de nieuwe industrie- en bedrijventerreinen.
Omgevingsvisie Drenthe - 2022 [ref. 3]
De Omgevingsvisie Drenthe gaat in op de samenhang tussen landbouw, natuur, water, wonen, werklocaties, verkeer en vervoer, landschap en cultureel, aardkundig en archeologisch erfgoed. De visie van de provincie Drenthe is: ontwikkeling van robuuste systemen mét ruimtelijke kwaliteit.
De provincie Drenthe zet in op bovenregionale afstemming over herstructurering en uitbreiding van bedrijventerreinen.
De provincie Drenthe verdeelt de ruimte in vier functies: natuur, landbouw, water en sociaaleconomisch. De robuuste systemen zijn: het robuust sociaaleconomisch systeem: heeft betrekking op wonen, werklocaties, infrastructuur en een gezond economisch klimaat; het robuust landbouwsysteem: heeft betrekking op de ontwikkeling van een toekomstgerichte landbouw; het robuust natuursysteem: heeft betrekking op de natuurgebieden en de verbindingen die de ruggengraat vormen voor de natuur; het robuust watersysteem: betreft de samenhang van beken en kanalen die zorgdragen voor een optimaal waterbeheer. Omgevingsverordening Drenthe [ref. 4]
17 | 31
De Provinciale Omgevingsverordening (POV) is een instrument om het omgevingsbeleid uit te kunnen voeren. Het omgevingsbeleid omvat vele aspecten, onder andere ruimtelijke ontwikkeling, duurzame energie, bodemsanering, bescherming van het grondwater en verkeer en vervoer.
Witteveen+Bos | 146397/25-009.423 | Definitief 02
De provincie Drenthe geeft aan de volgende ambities te hebben voor bedrijventerreinen (relevant voor de gemeente Meppel): het toekomstbestendig maken van (bestaande) bedrijventerreinen; uitbreiding van het Drentse areaal bedrijventerreinen, met als uitgangspunt zuinig ruimtegebruik en vraag en aanbod zowel kwantitatief als kwalitatief in evenwicht; inzetten op clustering van grootschalige (logistieke) bedrijfsvestiging langs de (inter)nationale corridors (A32/A28/A37).
In de POV zijn regels opgenomen voor nieuwe regionale bedrijventerreinen en lokale bedrijventerreinen (werklocaties). Onderstaande artikelen zijn relevant voor de ontwikkeling van Noord IV.
Wetgeving/beleid
Toelichting
Relevantie voor ontwikkeling Volgens artikel 3.17 van de POV kan een omgevingsplan uitsluitend op Regionaal bedrijventerreinen voorzien in de vestiging van nieuwe bedrijven die behoren tot milieucategorieën 4, 5, of 6 van VNG publicatie 'Handreiking Bedrijven en Milieuzonering'. Volgens artikel 3.18 van de POV kan een omgevingsplan in Landelijk Gebied uitsluitend op een Lokaal bedrijventerrein voorzien in de vestiging van nieuwe bedrijven die behoren tot milieucategorie 1, 2 en 3 van de VNG publicatie Handreiking Bedrijven en Milieuzonering.
Waterbeheerprogramma Drents Overijsselse Delta [ref. 5]
Het waterbeheerprogramma bevat de uitwerking van de ambities in onze Watervisie ‘Meer dan water’ en geeft voor de periode 2022 tot en met 2027 aan wat de maatregelen zijn om het watersysteem, de waterketen en de waterkeringen op orde te brengen. Het waterschap wil de volgende doelen bereiken: zorgen voor voldoende water; zorgen voor schoon water; zorgen voor waterveiligheid; de taken duurzaam uit te voeren samen met de omgeving.
Voor het plangebied van het wijzigingsbesluit zijn met name de ambities/projecten in de deelgebieden Stroink en Meppelerdiep relevant. Voor deelgebied Stroink is met name het thema bodemdaling (veenweidegebied) belangrijk. Voor deelgebied Meppelerdiep is het realiseren van de KRW-opgaven in combinatie met het thema voldoende water een belangrijke opgave. De Oude Vaart, gelegen in deelgebied Meppelerdiep, wordt aangeduid als een knelpunt in het benedenstroomse deel van de beekdalen. Het waterschap zal in het gehele stroomgebied van de Oude Vaart maatregelen nemen voor waterberging en waterkwaliteit. De invulling en situering daarvan is nog niet bekend.
Omgevingsprogramma Noord IV [ref. 6]
Het doel van het omgevingsprogramma is om tot een weloverwogen keuze tussen de verschillende ambities en opgaven voor Noord IV te komen. Om tot een streefbeeld te komen zin de kwaliteiten van het gebied onderzocht. Zowel ruimtelijk, beleidsmatig en participatie. Vervolgens zijn de opgaven in kaart gebracht, grote opgaven zijn de vraag naar bedrijvigheid en de uitvoering van de Regionale energiestrategie. Vervolgens zijn vier ontwikkelscenario’s ontworpen: het beekdallandschap; het werklandschap; het recreatielandschap; het energielandschap. De scenario’s zijn onderzocht in een planMER.
Het themapark is in het uitgevoerde planMER naar voren gekomen als streefbeeld. De gemeente heeft echter gekozen voor de terugvaloptie werklandschap, omdat het mogelijkheden biedt voor het verwezenlijken van een aantal nevendoelstellingen, namelijk de winning van duurzame energie (windturbines), de waterbergingsopgave en het genereren van werkgelegenheid.
Omgevingsvisie gemeente Meppel (vastgesteld) [ref. 7]
De omgevingsvisie van de gemeente Meppel geeft een langetermijnperspectief richting 2040 voor het plannen en ontwikkelen van de leefomgeving. Er zijn vier ambities opgesteld: duurzaam in alle opzichten; schoon, natuurlijk en gezond; levendig en leefbaar; inclusieve en kwalitatieve groei.
In algemene zin geeft de gemeente Meppel aan dat ruimte wordt gegeven voor circulaire bedrijven. Dit wordt gedaan door voldoende ruimte op (bestaande) bedrijventerreinen te reserveren voor het upcyclen, recyclen en tijdelijk opslaan van grondstoffen. Op het bestaande bedrijventerrein Oevers A, B en C, Buitenhaven en Noord I wordt ingezet op watergebonden bedrijvigheid en optimaler gebruik van de kades. Voor Oevers D wordt watergebonden bedrijvigheid gefaciliteerd, en voor Oevers E wordt ontwikkeld met de gedachte wonen en werken te combineren. Voor Noord II is de ambitie om samenwerking op het gebied van duurzame energievoorzieningen te faciliteren en het verduurzamen van productieprocessen. Voor Spijkerserve en Rogat wordt het toekomstig bestendig maken genoemd. Blankenstein wordt gezien als een belangrijke locatie voor volumineuze detailhandel. Naast de behoefte aan schuifruimte vanwege de transformatie van bestaande
18 | 31
Witteveen+Bos | 146397/25-009.423 | Definitief 02
Wetgeving/beleid
Toelichting
Relevantie voor ontwikkeling bedrijventerreinen, is er behoefte aan nieuwe werklocaties. Hiervoor worden de uitbreidingslocaties Noord III (hier geeft de gemeente kavels uit tot en met milieucategorie 3) en Noord IV ontwikkeld. De gemeente Meppel bouwt voor Noord IV voort op het vastgestelde Omgevingsprogramma voor Noord IV. De lijn is om tot 2040 een bedrijventerrein van 15 tot 25 hectare netto te ontwikkelen, met een ruimtelijke reservering van nog 10 tot 20 hectare netto voor de periode na 2040.
19 | 31
Witteveen+Bos | 146397/25-009.423 | Definitief 02
3.2
Te verwachten ontwikkelingen
Bij de te verwachten ontwikkelingen wordt onderscheid gemaakt tussen autonome ontwikkelingen en raakvlakprojecten. De autonome ontwikkelingen zijn ontwikkelingen waarvoor een vastgesteld planologisch besluit is, maar waarvan de ontwikkeling nog niet gerealiseerd is. Daarnaast zijn er ontwikkelingen waarover nog geen planologisch besluit is genomen, maar die wel als autonome ontwikkeling worden meegenomen in het MER, dit is als de ontwikkeling ‘voldoende zeker en concreet’ is. Voor zogenoemde raakvlakprojecten is nog geen planologisch besluit genomen en ze zijn ook nog ‘onvoldoende zeker en concreet’. Deze projecten hebben mogelijk wel invloed op het wijzigingsbesluit. Dit houdt in dat er initiatieven zijn die nog in de verkenningsfase verkeren. De opgaven hebben een sterke relatie met elkaar waardoor goede afstemming noodzakelijk is, om te voorkomen dat het wijzigingsbesluit deze ontwikkelingen belemmert.
3.2.1
Autonome ontwikkelingen
In deze paragraaf worden de ontwikkelingen beschreven die als autonome ontwikkeling worden meegenomen in het MER. Drents Overijsselse Netversterking (DON West) Om congestie van het elektriciteitsnetwerk op te lossen én het elektriciteitsnet klaar te maken voor de toekomst, werkt TenneT tussen 2023 en 2031, samen met de regionale netbeheerders, aan de versterking van het elektriciteitsnetwerk in Noordwest-Overijssel en Zuidwest-Drenthe. Dit wordt onder andere gedaan door de bouw van nieuwe hoog- en middenspanningsstations en het aanleggen van nieuwe ondergrondse kabelverbindingen. Tracés DON West Zo worden er ook in de omgeving van Meppel door middel van gestuurde boringen en open ontgravingen hoogspanningskabels in de grond geplaatst. Op 15 oktober 2024 heeft Gedeputeerde Staten van Overijssel de ontwerp voorkeursbeslissing genomen voor het project DON-West met de volgende voorkeurstracés: (zie afbeeldingen 3.1 en 3.2) [ref. 8]: - deelproject 1: Steenwijk Onna - Meppel Noord: tracéalternatief Oost; - deelproject 2: Meppel Noord - Zwolle Hessenweg: tracéalternatief Oost; - deelproject 3: Zwolle Berkummerbroekweg - Sekdoorn: tracéalternatief Oost. De voorkeurstracés voor deelprojecten 1 en 2 doorkruisen Noord III en Noord IV. Momenteel bevindt het project zich in de planuitwerkingsfase In deze fase wordt het ontwerp-projectbesluit met daarbij een project-MER opgesteld.
Naar verwachting wordt het ontwerp-projectbesluit in 2026 ter inzage gelegd.
20 | 31
Witteveen+Bos | 146397/25-009.423 | Definitief 02
Afbeelding 3.1 Voorkeurstracé Steenwijk Onna - Meppel Noord
Afbeelding 3.2 Voorkeurstracé Meppel Noord - Zwolle Hessenweg
21 | 31
Witteveen+Bos | 146397/25-009.423 | Definitief 02
Aanleg hoog- en middenspanningsstation TenneT/Enexis Het nieuwe hoog- en middenspanningsstation komt in de zuidelijke punt van het nog te ontwikkelen bedrijventerrein Meppel Noord III, tussen het spoor en de A32. Het nieuwe elektriciteitsstation wordt aan de andere kant van de A32 in zuidelijke richting met behulp van ondergrondse kabels aangesloten op de bestaande 110 kV-verbinding richting Meppel die vervolgens verder naar Zwartsluis gaat. Dit wordt de inlussing genoemd. Ook wordt het nieuwe station Meppel Noord aangesloten op de nieuwe 110 kVkabelverbinding die van Zwolle (Hessenweg) naar Steenwijk (Onna) gaat, zie hierboven. Met de bouw is inmiddels gestart. Het station wordt naar verwachting in 2027 in gebruik genomen.
Afbeelding 3.3 Toekomstbeeld hoog- en middenspanningsstation TenneT/Enexis ter plaatse van Noord III [ref. 9]
Transformatiegebied Noordpoort Het Transformatiegebied Noordpoort ligt tussen de N375, de Paradijsweg, Hugo de Grootstraat, Steenwijkerstraatweg en de Watertorenbuurt. De wijzing van het omgevingsplan is op 24 april 2025 door de raad van de gemeente Meppel vastgesteld. De regels van het omgevingsplan zijn van toepassing op onder andere het deelgebied transformatiegebied Noordpoort. Met de wijziging van het omgevingsplan wordt de bouw van 1.000 woningen mogelijk gemaakt. Op de locatie wordt een industrie- en bedrijventerrein getransformeerd naar een woongebied.
Afbeelding 3.4 Ligging Transformatiegebied Noordpoort
22 | 31
Witteveen+Bos | 146397/25-009.423 | Definitief 02
Nieuwveense Landen De uitbreidingswijk Nieuwveense Landen bevindt zich aan de noordwestzijde van Meppel. Het doel is om circa 1.960 woningen te realiseren. Het bestemmingsplan met verbrede reikwijdte voor de uitbreidingswijk Nieuwveense Landen in Meppel is op 17 december 2020 vastgesteld. Het project is volop in ontwikkeling.
3.2.2
Raakvlakprojecten
Windenergie Noord IV Noord IV wordt gezien als potentiële locatie voor het realiseren van windturbines op land voor de Regionale Energie Strategie (RES). De verwachting is dat de procedure voor wind niet voor eind september 2026 is afgerond. De mogelijke locaties van de windturbines worden in een separaat MER voor wind onderzocht en daarna worden de precieze locaties vastgelegd in een projectbesluit, een omgevingsplan of een omgevingsvergunning. De realisatie van de windturbines wordt niet in het MER voor de industrie- en bedrijventerreinen onderzocht. Wel heeft deze opgave een raakvlak met het bedrijventerrein, waardoor goede afstemming noodzakelijk is. Gedeputeerde Staten van provincie Drenthe is bevoegd gezag voor windenergieprojecten. Wateropgave Noord IV Eén van de andere opgaven in het gebied is de verbreding van de zone Oude Vaart als boezem. Het Waterschap Drents Overijsselse Delta heeft op grond van de Kaderrichtlijn Water een grote opgave binnen het stroomgebied van de Oude Vaart. Deels is dit gelegen in Noord IV. De Oude Vaart moet voldoende ruimte krijgen voor natuurvriendelijke oevers en er moet ruimte zijn voor waterberging. De wateropgave ligt bij het waterschap. Het waterschap pakt dit traject zelf op en zal hiervoor een projectbesluit nemen. Daarom valt de wateropgave buiten de reikwijdte van dit project.
De wateropgave wordt niet in het MER voor de industrie- en bedrijventerreinen onderzocht. Wel heeft deze opgave een raakvlak met het bedrijventerrein Noord IV, waardoor goede afstemming noodzakelijk is. Het dagelijks bestuur van waterschap Drents Overijsselse Delta is bevoegd gezag voor de opgave.
23 | 31
Witteveen+Bos | 146397/25-009.423 | Definitief 02
4 ONDERZOEKSAANPAK Dit hoofdstuk beschrijft de beoogde reikwijdte en detailniveau van het op te stellen MER.
4.1
Uitgangspunten
Referentiesituatie De referentiesituatie vormt het startpunt van de effectbepaling in het MER (het zichtjaar hierbij is 2040). De referentiesituatie voor de industrie- en bedrijventerreinen bestaat uit: 1 de huidige, feitelijke situatie, uitgezonderd illegale activiteiten; 2 bestemde bedrijven(terreinen), die met zekerheid op korte termijn (volledig) worden ingevuld of gerealiseerd; 3 generieke en planoverstijgende autonome ontwikkelingen, waaronder ook de toepassing van nieuwe technieken waarmee de uitstoot van emissie wordt verminderd. Dergelijke uitgangspunten worden verwerkt in de uitgangspunten voor het relevante onderzoek voor het op te stellen MER. (Delen van) bedrijven- en industrieterreinen welke wel planologisch zijn toegestaan, maar waar op korte termijn geen zicht is op (volledige) invulling worden als onbenutte ruimte beschouwd in het MER. Reeds uitgevoerde milieueffectrapportage Voor de bestaande en nieuwe industrie- en bedrijventerreinen in de gemeente Meppel is een milieueffectrapportage opgesteld (Omgevingseffectrapportage Omgevingsvisie Meppel, 2025 [ref. 10]). De uitkomsten van deze milieueffectrapportage (en bijbehorende besluit) geven uitgangspunten voor het op te stellen MER voor bestaande en nieuwe industrie- en bedrijventerreinen. Dit betekent dat zaken die al onderzocht zijn niet opnieuw worden onderzocht.
Het uitgangspunt voor het op te stellen MER is dat de relevante informatie van de effectbeoordeling voor de bedrijventerreinen kan worden gebruikt, om zo aan te sluiten bij het al uitgevoerde onderzoek. Het Omgevingsprogramma is opgegaan in de omgevingsvisie, waarbij het MER van het programma mede ten grondslag is gelegd aan het MER van de omgevingsvisie. Omgevingseffectrapportage Omgevingsvisie Meppel - 2025 Voor de Omgevingsvisie Meppel is een omgevingseffectrapportage (OER) opgesteld. Een OER is in de basis een MER, waarbij naast de ‘standaard’ milieuaspecten ook andere omgevingsaspecten worden onderzocht. Op basis van de opgaves en ambities van de gemeente Meppel zijn de volgende alternatieven uitgewerkt en beoordeeld: - alternatief 1: natuurlijk en ontspannen: water en bodem zijn leidend, er wordt uitgegaan van een laag groeiscenario; - alternatief 2: samen voor elkaar: nadruk ligt op de samenleving sociale cohesie en wordt uitgegaan van midden groeiscenario; - alternatief 3: groei van waarde: zet in op maximale groei van economische ontwikkelingen. Het voorkeursalternatief is op basis van de effectbeoordeling gevormd. Ten aanzien van bedrijvigheid wordt ingezet op herstructurering van bestaande bedrijventerreinen en ruimte voor een nieuw bedrijventerrein (zoals Noord IV). De gemeente Meppel bouwt voor Noord IV voort op het vastgestelde Omgevingsprogramma voor Noord IV.
Een themapark (het voorkeursscenario) blijkt niet haalbaar voor Noord IV. Het uitgangspunt voor het op te stellen MER is de terugvaloptie Werklandschap langs de Rijksweg
24 | 31
Witteveen+Bos | 146397/25-009.423 | Definitief 02
A32. De lijn is om tot 2040 een bedrijventerrein van 15 tot 25 hectare netto te ontwikkelen, met een ruimtelijke reservering van nog 10 tot 20 hectare netto voor de periode na 2040. Het uitgangspunt voor Noord IV is circa 40 hectare bruto bedrijventerrein. Met de ambitie om in 2040 CO2-neutraal te zijn gaat de gemeente aan de slag gaan om de gebouwde omgeving, bedrijvigheid en mobiliteit hierop aan te passen. Met de ambitie om in 2050 een volledig circulaire economie te hebben zet de gemeente in op reductie van grondstoffengebruik en het optimaal hergebruik van grondstoffen.
4.2
Reikwijdte - te onderzoeken alternatieven
Het op te stellen MER beschrijft en beoordeelt de effecten van alternatieven. Daarmee wordt duidelijk welke voor- en nadelen bepaalde alternatieven hebben. Deze inzichten worden gebruikt om een keuze te maken over het wijzigingsbesluit. Voor het MER zijn onderstaande alternatieven gedefinieerd, hierbij is er onderscheid in de alternatieven voor de bestaande industrie- en bedrijventerreinen en het nieuwe bedrijventerrein Noord IV. De alternatieven bouwen voort op de ambities uit de Omgevingsvisie Meppel. De Omgevingseffectrapportage die is opgesteld voor de Omgevingsvisie kent een relatief hoog abstractieniveau. In het MER voor de bestaande en nieuwe industrie- en bedrijventerreinen worden de ambities uit de Omgevingsvisie verder onderzocht. Bestaande industrie- en bedrijventerreinen Voor de bestaande industrie- en bedrijventerreinen worden twee alternatieven onderzocht. De alternatieven zijn: 1 Circulaire Economie; 2 Sturing type bedrijven. De alternatieven staan hieronder verder toegelicht. Alternatief 1: Circulaire Economie Het alternatief Circulaire Economie richt zich op het stimuleren van circulariteit op bestaande bedrijventerreinen. Dit alternatief voorziet het mogelijk maken van circulaire hubs, waar verzameling van reststromen, recycling, reparatie en hergebruik centraal staan. Daarnaast wordt ruimte geboden op bedrijventerreinen voor circulaire bedrijven.
In het MER wordt onderzocht wat de impact is van branchering gericht op circulaire economie. Alternatief 2: Sturing type bedrijven Het alternatief Sturing type bedrijven onderzoekt het type bedrijven dat zich op de bestaande bedrijventerreinen bij voorkeur zou moeten vestigen. Hierdoor kan de beschikbare (onbenutte) ruimte efficiënter worden gebruikt. In de referentiesituatie wordt in het omgevingsplan, behalve de maximale milieucategorieën, geen sturing gegeven aan de bestaande en nieuw te vestigen bedrijven. Dit alternatief onderzoekt volledige sturing op het gewenste type bedrijven in het omgevingsplan. Een volledige opvulling van de huidige (maximale) onbenutte ruimte wordt onderzocht, waaronder mogelijk (delen van) Spijkerserve, Noord III, Oevers D en E. In het MER wordt nader gespecificeerd welke onbenutte ruimte aanwezig is op dit moment. Voor de deelgebieden worden de volgende gewenste bedrijven onderzocht: - Oevers A, B, C en D, Noord I, II, III: er wordt een ondergrens voor de ‘zwaarte’ van nieuw te vestigen bedrijven toegepast; - Oevers A, B, C en D: er wordt bij nieuw te vestigen bedrijven maximaal gestuurd op haven- en/of watergebonden bedrijven; - Noord III: om aan te sluiten bij Noord IV en schuifruimte te creëren wordt de impact onderzocht van het toestaan van bedrijven vergelijkbaar met een milieucategorie tot en met 4.
25 | 31
Witteveen+Bos | 146397/25-009.423 | Definitief 02
Nieuw bedrijventerrein Noord IV Twee alternatieven voor optimale inrichting In het MER wordt een optimale inrichting voor Noord IV onderzocht. Het zoekgebied voor het bedrijventerrein beslaat een oppervlakte van circa 80 hectare. Het doel voor Noord IV is een bedrijventerrein van circa 40 hectare bruto. Dit geeft aanleiding tot het onderzoeken van verschillende mogelijke inrichtingen. Uitgangspunten bij de te onderzoeken alternatieven voor Noord IV is dat rekening wordt gehouden met een regulier gemengd terrein met bedrijfskavels van maximaal 3 hectare, geschikt voor bedrijven vergelijkbaar met milieucategorie 3.1 t/m 4. Waarbij door de gemeente wordt aangegeven welke bedrijven zich naar verwachting kunnen of mogen vestigen in Noord IV. Zoals in paragraaf 3.1.2 is vermeld zijn in het gebied raakvlakprojecten voorzien (wind en water). In het MER worden twee alternatieven onderzocht voor een verschillende inrichting binnen de aangewezen 80 hectare. Het ene alternatief richt zich op een nabije samenhang van de raakvlakprojecten en het te ontwikkelen bedrijventerrein. Bij dit alternatief wordt gekeken naar een inrichting van zowel bedrijventerrein als raakvlakprojecten. Het andere alternatief richt zich op een inrichting waarbij sprake is van een zekere scheiding van de raakvlakprojecten en het bedrijventerrein binnen het gebied.
In het MER worden de twee alternatieven verder uitgewerkt.
4.3
Detailniveau
4.3.1
Beoordelingskader en beoordelingswijze
In de tabel 4.1 is het beoordelingskader opgenomen dat wordt gehanteerd voor het beoordelen van de effecten van de alternatieven (thema en criteria). In de rechter kolom wordt aangegeven of het criterium van toepassing is op bestaande industrie- en bedrijventerreinen of het nieuwe bedrijventerrein Noord IV of voor beide. Onderstaand beoordelingskader is het uitgangspunt. Door verdere uitwerking van alternatieven of uitgangspunten kan aanpassing van het beoordelingskader nodig blijken.
Tabel 4.1 Beoordelingskader Thema
Criterium
Van toepassing op: bestaande industrie- en bedrijventerreinen of Noord IV
Beoordelingswijze
verkeer
wegverkeer - afwikkeling gebruiksfase
bestaand
kwalitatief
Noord IV
kwantitatief (op basis van modelberekeningen)
wegverkeer - afwikkeling aanlegfase
Noord IV
semi-kwantitatief
wegverkeer - leefbaarheid en veiligheid gebruiksfase
bestaand en Noord IV
kwalitatief verkeersveiligheid analyse
wegverkeer - leefbaarheid en veiligheid aanlegfase
Noord IV
kwalitatief verkeersveiligheid analyse
scheepvaartverkeer afwikkeling gebruiksfase
bestaand (specifiek Oevers)
kwalitatief
geluidhinder gebruiksfase
bestaand
kwalitatief
Noord IV
kwantitatief: beschouwing (cumulatie) geluidseffecten met geluidsmodel
geluid en trillingen
26 | 31
Witteveen+Bos | 146397/25-009.423 | Definitief 02
Thema
lucht
Criterium
Van toepassing op: bestaande industrie- en bedrijventerreinen of Noord IV
Beoordelingswijze
geluidhinder door bouwactiviteiten aanlegfase
Noord IV
kwalitatief
trillingen aanlegfase
Noord IV
kwalitatief
beïnvloeding luchtkwaliteit
bestaand
kwalitatief
Noord IV
kwantitatief beschouwing door luchtkwaliteitsmodellen
geur
geurbelasting
bestaand en Noord IV
kwalitatief
omgevingsveiligheid
plaatsgebonden risico en aandachtsgebied
bestaand en Noord IV
kwalitatief: analyse effecten door PRcontouren en PAG van bestaande en nieuwe risicobronnen
gezondheid
gezondheidsbescherming
bestaand en Noord IV
kwalitatief: beschouwing gezondheidskwaliteit (MGRsystematiek)
klimaat
hinder en overlast door hitte/droogte
bestaand en Noord IV
kwalitatief
overlast door piekbuien
bestaand en Noord IV
kwalitatief
Natura 2000-gebieden gebruiksfase
bestaand en Noord IV
effecten stikstofdepositie gebruiksfase
natuur
kwalitatief: overige effecten gebruiksfase Natura 2000-gebieden aanlegfase
Noord IV
effecten stikstofdepositie aanlegfase kwalitatief: overige effecten aanlegfase
water
bodem
duurzaamheid
landschap
archeologie
27 | 31
beschermde soorten aanleg- en gebruiksfase
Noord IV
kwalitatief
oppervlaktewater- en grondwaterkwaliteit
bestaand en Noord IV
kwalitatief
oppervlaktewater- en grondwaterkwantiteit
bestaand en Noord IV
kwalitatief
bodemkwaliteit
Noord IV
kwalitatief
bodemdaling
Noord IV
kwalitatief
materiaalverbruik
bestaand en Noord IV
kwalitatief
koppeling aan duurzame energiebronnen
bestaand en Noord IV
kwalitatief
cultuurhistorie
bestaand en Noord IV
kwalitatief
landschappelijke kwaliteit
bestaand en Noord IV
kwalitatief
archeologische en aardkundige waarden
Noord IV
kwalitatief
Witteveen+Bos | 146397/25-009.423 | Definitief 02
Beoordelingsschaal Om de effecten per alternatief te kunnen vergelijken worden de aspecten op basis van een plus- en minschaal beoordeeld ten opzichte van de referentiesituatie. Hiervoor wordt de beoordelingsschaal gehanteerd zoals weergegeven in onderstaande tabel. Deze beoordelingsschaal wordt in het MER voor elk thema nader gespecificeerd.
Tabel 4.2 Beoordelingsschaal Score
Betekenis
--
sterk negatief effect
-
negatief effect
0
verwaarloosbaar of neutraal effect
+
positief effect
++
sterk positief effect
28 | 31
Witteveen+Bos | 146397/25-009.423 | Definitief 02
5 VERVOLGSTAPPEN EN PARTICIPATIE 5.1
Vervolgproces
Vaststellen reikwijdte en detailniveau Deze NRD wordt zes weken ter inzage gelegd. Iedereen heeft een mogelijkheid om een zienswijze in te dienen op de NRD. De zienswijzen en de adviezen op de NRD worden verwerkt in een reactienota zienswijzen NRD. Op basis van de reactienota zienswijzen NRD wordt het MER opgesteld. De reactienota wordt als bijlage bij het MER opgenomen. Opstellen milieueffectrapportage) De alternatieven worden onderzocht in een milieueffectrapportage. Het MER beschrijft de milieueffecten van de verschillende alternatieven en vergelijkt ze op basis van diverse criteria die zijn opgenomen in het beoordelingskader, zie hoofdstuk 3.2 van deze notitie. Het MER wordt ter advisering aan de Commissie voor de milieueffectrapportage voorgelegd. Ontwerp wijziging omgevingsplan De resultaten van het MER worden in het ontwerp wijziging omgevingsplan opgenomen, welke vervolgens zes weken ter inzage wordt gelegd. De zienswijzen worden verwerkt in een reactienota zienswijzen. Daarna wordt de wijziging van het omgevingsplan vastgesteld door de raad van de gemeente Meppel. Alleen als er in het MER wezenlijke informatie ontbreekt, wordt er een aanvulling op het MER geschreven.
5.2
Participatie
Het betrekken van belanghebbenden bij de wijziging van het omgevingsplan is van belang. Industrie- en bedrijventerreinen Bedrijven op de industrie- en bedrijventerreinen worden betrokken bij het opstellen van de Nota van Uitgangspunten en het ontwerp wijzing omgevingsplan. Dit betekent dat de gemeente Meppel bedrijven enerzijds meeneemt in de nieuwe Omgevingswet en wat dat betekent voor het omgevingsplan. Anderzijds haalt de gemeente Meppel input op voor de Nota van Uitgangspunten en het ontwerp omgevingsplan, met bijhorend MER en onderzoeken. Het is essentieel dat de gemeente voldoet aan de instructieregels van het Rijk en de provincie Drenthe. Afstemming met ketenpartners hierover is van belang. Noord IV Voor Noord IV geldt dat de raad heeft uitgesproken dat de bewoners, agrariërs en omwonenden van Noord IV actief betrokken worden. Naast het algemene participatietraject voor het omgevingsplan is er extra aandacht nodig voor de opgaven rondom wind en water. Het participatietraject wordt waar mogelijk gecombineerd en afgestemd met de trekkers van de andere opgaven: wind (provincie en buurgemeenten), water (waterschap) en energie (Enexis en TenneT).
29 | 31
Witteveen+Bos | 146397/25-009.423 | Definitief 02
Ketenpartners/medeoverheden Afstemming met ketenpartners en medeoverheden is van belang, waaronder de volgende ketenpartners en medeoverheden: - provincie Drenthe; - gemeenten, zoals Staphorst en Steenwijkerland; - Omgevingsdienst Drenthe (ODD); - Veiligheidsregio Drenthe (VRD); - Gemeentelijke gezondheidsdienst Drenthe (GGD); - waterschap Drents Overijsselse Delta; - bedrijvenverenigingen, zoals ICC-Parkmanagement en Ondernemend Nijeveen.
30 | 31
Witteveen+Bos | 146397/25-009.423 | Definitief 02
6 REFERENTIES 1
Rijksoverheid (2024) Besluit kwaliteit leefomgeving https://wetten.overheid.nl/BWBR0041313/2024-1221. 2 Rijksoverheid (2020) Nationale Omgevingsvisie https://ruimtelijkeplannen.nl/documents/NL.IMRO.0000.BZKovi20Novi3000/b_NL.IMRO.0000.BZKovi20Novi-3000_bd1.pdf. 3 Provincie Drenthe (2022) Omgevingsvisie https://www.provincie.drenthe.nl/publish/pages/121516/w2204260-rew-omgevingsvisie_drenthe_2022web.pdf. 4 Provincie Drenthe (2023) Omgevingsverordening https://zoek.officielebekendmakingen.nl/prb-202315053.pdf. 5 Waterschap Drents Overijsselse Delta (2021) Waterbeheerprogramma https://bestuursinformatie.wdodelta.nl/Vergaderingen/Algemeen-bestuur-besluitvormendevergaderingen/2021/14-december/13:30/04-3-1-1-Bijlage-2-2-A-Deel-1-WaterbeheerprogrammaDrents-Overijsselse-Delta-2022-2027.pdf. 6 Gemeente Meppel (2023) Structuurvisie 'Omgevingsprogramma Noord IV https://meppel.bestuurlijkeinformatie.nl/Agenda/Document/09b5c625-875c-40aa-81b28059a854eb94?documentId=efd441eb-f301-4b61-a799-d009764a6daf&agendaItemId=7e78648e-05394e5a-8b47-dd9bec6607fe. 7 Gemeente Meppel (2025) Omgevingsvisie https://omgevingswet.overheid.nl/regels-op-dekaart/documenten/akn-nl-act-gm0119-2024-omgevingsvisie-meppel-1/overzicht?locatiestelsel=RD&locatie-x=208921&locatie-y=523223&bestuurslaag=gemeente&session=cf39cf35-e77d4bed-9e7a-01c2a4d3f44d.
8 Provincie Overijssel (2024) Vaststelling Ontwerp voorkeursbeslissing DON-West https://www.overijssel.nl/media/o4vkwtpa/voorkeursbeslissing-don-west.pdf. 9 TenneT (2025) Bouwrijp maken terrein hoog- en middenspanningsstation Meppel Noord van start https://www.tennet.eu/nl/projecten/provincies/drenthe/hoogspanningsstation-meppel-noord. 10 Gemeente Meppel (2025) Bijlage 4 OER Omgevingsvisie Meppel https://meppel.bestuurlijkeinformatie.nl/Agenda/Document/87f778c2-88b3-45ac-a0ade687cae84486?documentId=91e56a20-61f1-41c0-8f04-9c04603f5317&agendaItemId=c55c6e3b-4efd4ad9-b4e8-79696b456c69.
31 | 31
Witteveen+Bos | 146397/25-009.423 | Definitief 02
www.witteveenbos.com