1.41 College - 36. Memo - ACM-prioriteringskader
Tekst van het document
Raadsmemo Kenmerk Aan Van Datum Onderwerp Afschriften voor
: 3620487 : Gemeenteraad Meppel : College van burgemeester en wethouders : 19-05-2026 : ACM-prioriteringskader :
Geachte gemeenteraad, Het elektriciteitsnet in Nederland bereikt zijn grenzen. Ook in Meppel is sprake van netcongestie: aanvragen voor grootverbruikers werden daarom al op een wachtlijst geplaatst. Tot nu toe gold voor kleinverbruikers (tot en met 3x80A) – zoals huishoudens, nieuwbouwprojecten, laadpalen en mkb’ers – nog een uitzonderingspositie. Netbeheerders reserveerden hiervoor een deel van de capaciteit, waardoor deze aanvragen doorgaans direct konden worden toegewezen. Dat stopt per 1 juli 2026. Vanaf dat moment vervalt de gereserveerde capaciteit voor kleinverbruik en komen alle aanvragen – groot én kleinverbruik – op één gezamenlijke wachtlijst. De Autoriteit Consument & Markt (ACM) heeft per 1 januari 2026 een nieuw prioriteringskader vastgesteld op basis waarvan netbeheerders de wachtlijst moet behandelen. Staatscourant 2025, 42323 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen. Dit kader bepaalt in welke volgorde de schaarse netcapaciteit wordt verdeeld. Projecten met maatschappelijk belang krijgen voorrang. Deze wijziging heeft directe en ingrijpende gevolgen voor de gemeentelijke opgaven in Meppel, zoals woningbouw, verduurzaming, mobiliteit en economische ontwikkeling. Hoe groot de impact zal zijn kunnen we op dit moment nog niet zeggen. De netbeheerders weten nog niet hoeveel capaciteit er beschikbaar komt om te verdelen. Dat is pas dit najaar bekend.
Wij blijven u informeren over de ontwikkelingen. Wat verandert er? De Autoriteit Consument & Markt (ACM) is een onafhankelijke toezichthouder. Zij zorgen voor goed werkende markten door het bewaken van concurrentie en bescherming van consumentenbelangen. Met het prioriteringskader zetten netbeheerders de aanvragen voor transportcapaciteit op basis van maatschappelijk belang op de wachtlijst. Het kader geeft uitsluitend prioritering, maar zorgt niet voor extra netcapaciteit. Het kader omvat 3 categorieën waaraan voorrang mag worden verleend: 1. Congestieverzachters: bijvoorbeeld grootschalige batterijsystemen. Zij krijgen de hoogste prioriteit, omdat ze ruimte vrijmaken op het volle net. 2. Veiligheid: Denk aan ziekenhuizen, defensie, noodhulpdiensten, veiligheidsdiensten, waterbeheer, stroomnetten en de verkeersveiligheid.
3. Essentiële basisbehoeften: zoals woningen, scholen, openbaar vervoer en warmtenetten. Dit betekent ook dat aanvragers voor activiteiten die niet in één van deze categorieën vallen, zoals bedrijven of publieke laadpalen, geen prioriteit kunnen krijgen en achteraan de wachtlijst zullen komen. De gevolgen voor onze maatschappelijke opgaven zijn groot. Vrijwel alle ruimtelijke ontwikkelingen hebben tegenwoordig een elektriciteitsaansluiting nodig. Denk aan: • • • • • •
woningbouwprojecten; scholen en maatschappelijk vastgoed; warmtenetten; laadinfra en mobiliteit; uitbreiding van bedrijventerreinen; verduurzaming van bedrijven en woningen.
Vanaf 1 juli 2026 is een kleinverbruikaansluiting voor deze projecten niet langer vanzelfsprekend. Ook projecten met een maatschappelijke prioriteit krijgen geen garantie op een snelle aansluiting; zij krijgen uitsluitend een hogere positie op de wachtlijst. Nieuwe bedrijfsaansluitingen, uitbreidingen van bestaande bedrijven, realisatie van publieke laadinfra en mobiliteitshubs krijgen geen maatschappelijke prioriteit en komen daardoor achteraan op de wachtlijst. Hierdoor komen gemeentelijke ambities op het gebied van economie, bereikbaarheid, laadinfra en verduurzaming onder druk te staan. Totdat de netverzwaring van TenneT en Enexis volledig is uitgevoerd, dit kan tot 2035 duren, betekent dit dat nieuwe of zwaardere aansluitingen niet of zeer beperkt beschikbaar zijn voor deze categorieën. Kritische data Voor 1 juli 2026: laatste kans om “zonder wachtrij” kleinverbruikaansluitingen aan te vragen en te krijgen toegewezen. Vanaf 1 juli 2026: aanvragen voor groot- en kleinverbruik komen samen op één wachtlijst. Toewijzing gaat op basis van het ACM-prioriteringskader. 1 oktober 2026: gemeenten kunnen via het proces “eerder aanvragen” stroomcapaciteit en prioriteit aanvragen voor toekomstige projecten (tot 10 jaar vooruit) voor woningbouw en onderwijshuisvesting (basisbehoeften). Toewijzing vindt plaats op volgorde van binnenkomst.
Provincies lijken hier een coördinerende rol in te gaan vervullen. Voor half augustus dienen gemeenten bij provincies overzichten aan te leveren van woningbouw en onderwijshuisvesting.
Vanaf 1 januari 2027: Als er na de drie prioriteringscategorieën nog capaciteit over is wordt deze verdeeld over de wachtlijst. De verwachting is dat projecten zonder prioriteitsstatus vanaf dat moment nauwelijks nog kans maken op een aansluiting zolang het net niet is verzwaard. Rol van de gemeente Het ACM-kader legt nadrukkelijk een regierol bij gemeenten. De gemeente moet niet alleen projecten inventariseren, maar ook actief prioriteren en aanvragen voorbereiden. Gemeenten mogen voor projecten tot ca. 10 jaar vooruit capaciteit reserveren vóór realisatie; mits zij aannemelijk maken dat de projecten doorgaan en hiervoor de vereiste bewijslast aanleveren. 1. Inventariseren van projecten De gemeente moet inzichtelijk maken: welke projecten een aansluiting nodig hebben; wanneer deze projecten capaciteit nodig hebben; hoeveel transportcapaciteit nodig is; welke projecten in aanmerking komen voor prioriteit. 2. Vaststellen van prioriteiten Binnen categorie 3 bepaalt de gemeente in belangrijke mate zelf de volgorde van projecten voor: • woningbouw; • onderwijs; • warmtevoorzieningen; • openbaar vervoer; • bepaalde maatschappelijke voorzieningen. Deze volgorde bepaalt de positie op de wachtlijst en daarmee de kans op een aansluiting.
Per 1 oktober kan via het proces ‘eerder aanvragen’ echter alleen capaciteit en prioriteit worden aangevraagd voor woningbouw en onderwijshuisvesting en daarmee samenhangende collectieve voorzieningen/onlosmakelijk verbonden activiteiten. 3. Verzamelen van bewijslast Voor prioritering moet aannemelijk worden gemaakt dat projecten daadwerkelijk doorgaan. Denk aan: • omgevingsplannen; • vergunningen; • overeenkomsten met ontwikkelaars; • bestuurlijke besluitvorming. 4. Regionale afstemming Netcapaciteit wordt verdeeld per onderstation en niet per gemeente. Daardoor ontstaat regionale concurrentie tussen projecten. Gemeenten moeten daarom afstemmen met omliggende gemeenten en netbeheerders over de volgorde van aanvragen. Provincies gaan in het proces ‘eerder aanvragen‘ op 1
oktober een coördinerende rol vervullen. Gemeentelijke aanvragen worden als batch door provincies ingediend. Voor Meppel geldt dat we van oudsher zijn aangesloten op het elektriciteitsnet vanuit Overijssel en dus naar verwachting minder te maken hebben met de Drentse buren. Op dit moment is nog niet bekend welke provincie dit gaat coördineren voor Meppel en onder welke batch met gemeenten Meppel valt/op welke niveau van stations (voedingsgebieden) een batch wordt samengesteld. Wat vraagt dit van de gemeente? Het ACM-prioriteringskader vraagt om expliciete bestuurlijke keuzes van het college. Zonder duidelijke prioritering ontstaat het risico dat: • • •
minder urgente opgaven eerder capaciteit krijgen; strategische woningbouwprojecten vertragen; de gemeente grip verliest op ruimtelijke ontwikkeling.
Netcapaciteit is de komende jaren een bepalende factor bij de uitvoerbaarheid van plannen en projecten. Niet alle ontwikkelingen kunnen gelijktijdig worden gefaciliteerd binnen de beschikbare netcapaciteit. Dit vraagt om een inventarisatie van relevante projecten, de benodigde prioritering en de regionale afstemming met netbeheerders en omliggende gemeenten. Hier gaan we de komende periode mee aan de slag. Over de verdere uitwerking en de gevolgen houden wij u op de hoogte.