1.4 Meppel - Reactie natuur en milieuorganisaties RES 1.0.pdf
Tekst van het document
Aan de leden van de Gemeenteraad van de gemeente Meppel Postbus 501 7940 AM MEPPEL
Assen, 30 april 2021 Betreft: reactie Natuur en Milieuorganisaties op de RES 1.0
Geachte raadsleden,
Op 14 april jongstleden is de RES 1.0 voor de regio Drenthe gepresenteerd. Deze wordt de komende periode besproken in uw gemeenteraad. In de RES 1.0 worden de ambities geformuleerd om invulling te geven aan duurzame opwekking van elektriciteit en het verminderen van het aardgasgebruik om de CO2-uitstoot terug te dringen. Via de Drentse energietafel hebben wij - met andere maatschappelijke organisaties - de RES bestuurders kunnen adviseren bij het tot stand brengen van deze RES. Diverse aanbevelingen zijn overgenomen, andere niet. Graag bieden wij u hierbij onze reactie op de RES 1.0 aan (zie bijlagen 1 en 2). Hierin vindt u onze aanbevelingen voor Gemeenteraden, Provinciale Staten en Waterschapsbesturen. De overgang naar een duurzame, groene energievoorziening is dringender dan ooit. Wij vinden dat ook Drenthe een substantiële bijdrage moet leveren aan het behalen van deze doelen. Wij omarmen daarom de in de RES 1.0 gestelde ambitie van 3,45 TWh duurzaam op te wekken elektriciteit op land in 2030 en de gekozen mix van zon-op-dak, zon-op-land en windenergie. Tegelijk vinden wij dat de uitgangspunten op het gebied van zorgvuldig ruimtegebruik en participatie in de RES te weinig geborgd zijn. Hier geeft de RES vooral intenties weer die u vervolgens in uw eigen gemeentelijk omgevingsbeleid en -verordening (beter) moet borgen.
Hierbij verwijzen wij ook graag naar de reactie van de Drentse KEI (bijlage 3), die wij van harte aanbevelen. Voor uw gemeente volgt hieronder nog een aantal specifieke aanbevelingen. Aandachtspunten gemeente Meppel Om de gemeentelijke ambitie voor duurzame opwek van elektriciteit in 2030 te realiseren wil uw college van B&W ca.10 windturbines realiseren om 0,101 TWh op te wekken. Dat heeft grote impact op de leefomgeving in uw gemeente. Gezien de recente ervaringen in de Veenkoloniën en de grote ruimtelijke en maatschappelijke impact staat het draagvlak voor wind zeer onder druk. Wij benadrukken dat de inzet op wind alleen mogelijk is op basis van een grote investering in een maatschappelijke dialoog over nut en noodzaak en randvoorwaarden. Hinder voor omwonenden, negatieve effecten op vogels en de landschappelijke impact moeten zeer serieus worden genomen en tot een minimum beperkt worden. Het van bovenaf c.q. overheidswege bedenken van de noodzaak in combinatie met de ruimte die geboden wordt aan commerciële ontwikkelaars, is funest voor het draagvlak voor de energietransitie.
In het specifieke geval van de gemeente Meppel dient daarbij rekening gehouden te worden met landschaps- en natuurwaarden binnen en buiten de gemeentegrenzen. Wij wijzen o.a. op de impact van windturbines op de vogels in het Nationaal Park Weerribben-Wieden ten westen van Meppel. Wij vragen u om de locaties op of nabij de vogelvliegroutes van en naar De Weerribben-Wieden uit te sluiten. Ook vragen wij u om waardevolle landschappen, met name Het Reestdal en De Weerribben-Wieden, te ontzien en horizonverstoring hier te voorkomen. Ten slotte raden wij u aan om de opgave af te stemmen met ontwikkelingen op het gebied van windenergie in aangrenzende gemeenten. Hierdoor kunnen mogelijk kosten en ruimte bespaard en landschappelijke impact beperkt worden. Wij vragen ons sterk af of de door u gestelde gemeentelijke opgave op basis van de voorkeurskeuze voor wind valt te realiseren zonder afbreuk te doen aan de omgevingskwaliteit. Onze aanbeveling luidt daarom om voor uw gemeente ook de potenties voor zon-op-land in beeld te brengen en daarnaast om de potenties voor windenergie vooral in regionaal verband vorm te geven en daarbij de gevolgen voor landschap en omgeving zoveel mogelijk te beperken. Wij werken graag met u samen aan de verdere invulling van de Regionale Energiestrategie en zijn uiteraard bereid om onze reactie nader toe te lichten.
Met vriendelijke groet, Natuur en Milieufederatie Drenthe mede namens Stichting Het Drentse Landschap en Natuurmonumenten
Reinder Hoekstra, directeur
Bijlagen: 1. Reactie van de Drentse natuur- en milieuorganisaties op de RES 1.0 2. Samenvatting Reactie van de Drentse natuur- en milieuorganisaties op de RES 1.0 in infographic 3. Reactie de Drentse KEI op de RES 1.0
www.nmfdrenthe.nl, Hertenkamp 6, 9401 HL Assen, tel. 0592 – 311150, info@nmfdrenthe.nl