1.17.3 College - 35.3 Bijlage - Programma biodiversiteit
Tekst van het document
Geraadpleegd op 17 april 2024 via https://www.vlinderstichting.nl/vlinders/overzicht-vlinders/detailsvlinder/satijnvlinder
Bijlage II: Evaluatie beleidsdocumenten Onderstaand is een samenvatting opgenomen van de geanalyseerde beleidsstukken die betrekking hebben op biodiversiteit in de gemeente Meppel. Uitgaande van de in dit programma geformuleerde betekenis van biodiversiteit is ieder beleidsstuk voorzien van een alinea met aangrijpingspunten.
Coalitieakkoord Werk in Uitvoering (2022 - 2026) In het coalitieakkoord van gemeente Meppel wordt het thema biodiversiteit genoemd als één van de uitdagingen in de maatschappij. Inhoudelijk komt biodiversiteit terug binnen het onderdeel ‘Kansen voor Werk en Economie’: Vertaling naar het programma Biodiversiteit Het is goed dat het coalitieakkoord aandacht heeft voor biodiversiteit. We gaan daarbij wel een stapje verder dan alleen soortenrijkdom. Naast de bij richten we ons op alle gidssoorten en hun leefgebieden. De drie-sporen-strategie sluit aan op het uitgangspunt dat we ons richten op particulieren, bedrijven en de openbare ruimte.
Programma Duurzaamheid Het programma Duurzaamheid 2021 - 2023 formuleert ambities en aanpak voor zes duurzame pijlers: energietransitie, klimaatadaptatie, grondstoffeninzameling, circulaire economie, biodiversiteit en natuur en een gezond milieu. Het doel voor de pijler biodiversiteit en natuur is geformuleerd als ‘het behoud en bevorderen van biodiversiteit en natuurwaarden‘, waarbij wordt omschreven dat ‘biodiversiteit deels verbonden is aan het programma voor beheer van de openbare ruimte, terwijl ook specifieke doelstellingen, communicatie, samenwerking met de samenleving en het stimuleren van draagvlak nodig is, waardoor er een grote overlap is met het brede duurzaamheidsprogramma’. Tevens wordt de urgentie van de aanpak van problemen met betrekking tot biodiversiteit als volgt omschreven: ‘Biodiversiteit is net als energie en circulariteit een wereldwijd vraagstuk. Biodiversiteit en vitale ecosystemen zijn de eerste randvoorwaarden voor het leven op aarde. Nederland wil het verlies aan biodiversiteit een halt toeroepen. Als gemeente geven we bij het beheer van de openbare ruimte aandacht aan biodiversiteit en we zetten erop in via streekbeheer. Verschillende groepen in Meppel werken aan biodiversiteit, we faciliteren deze waar mogelijk. Landelijk werkt een brede alliantie aan het Deltaprogramma Biodiversiteitsherstel, waaronder zowel publieke als private partijen.
In 2021 wordt het internationale biodiversiteitsverdrag geactualiseerd. Gelet op de raakvlakken met de andere opgaven nemen we biodiversiteit mee als algemene opgave binnen dit programma. Het streven is gericht op het benutten van koppelkansen en bevorderen van biodiversiteit.’ (Programma Duurzaamheid 2021 - 2023)
Binnen het programma zijn ten eerste programma-brede speerpunten met inspanningen genoemd om een brug te slaan van visie en ambities naar brede uitvoering en toepassing van duurzaamheid. Hiertoe behoren onder andere: 1) activeren van de samenleving (communicatie, educatie en faciliteren/stimuleren initiatieven van inwoners en bedrijven); 2) de gemeente als rolmodel (doelen vertalen naar eigen organisatie); 3) partnerschap (agenderen, samen optrekken), zie tabel 6. Ten tweede zijn binnen elk van de zes hoofdpijlers in het programma doelen en prioriteiten opgenomen, zie afbeelding 13. Tevens zijn in het programma Duurzaamheid vier prioriteiten opgenomen die bij moeten dragen aan de gestelde doelen binnen het thema biodiversiteit en natuur, zie tabel 7. Tot slot wordt in het programma de samenhang tussen biodiversiteit en een aantal opgaven beschreven: •
•
Klimaatadaptatie en biodiversiteit: ‘Natuur staat onder druk door de klimaatverandering, maar de natuur kan ook een rol spelen bij het aanpassen daaraan. Een voorbeeld aan de randen van de stad zijn de waterberging bij de Reest en Engelgaarde. Binnen de bebouwde kom zijn de acties van Steenbreek en de halfverharding van de buurt ’t Meugien voorbeelden van klimaatadaptatie;’ Energietransitie en biodiversiteit: ‘De opwek van wind en zon vraagt ruimte. Bij de inrichting daarvan kan die opgave gecombineerd worden met waterberging en natuurontwikkeling, wat tot nieuwe landschappen en waarden leidt. We kijken waar we de provinciale handreikingen Landschappelijke inpassing en Zonnewijzer biodiversiteit kunnen toepassen.’
Vertaling naar het Programma Biodiversiteit In het programma Duurzaamheid wordt de urgentie van de aanpak van biodiversiteitsverlies aangekaart in samenhang met andere opgaven omtrent duurzaamheid. Er wordt gefocust op klimaatadaptatie en niet op biodiversiteit. Er zijn in het programma geen concrete doelen voor biodiversiteit opgesteld, zoals het behoud van soorten waarvoor een gebied aan habitatseisen van soorten dient te voldoen. De doelen voor biodiversiteit en natuur betreffen geen op zichzelf staande doelen, maar methoden om doelen te bereiken. Hetzelfde geldt voor de prioriteiten, waarbinnen onder andere samenwerkingsovereenkomsten met de gemeente Meppel zijn benoemd die moeten bijdragen aan het behalen van de doelen. Echter blijft het onduidelijk wat de doelen voor biodiversiteit en natuur zijn. De samenhang tussen biodiversiteit en klimaatadaptatie en tussen biodiversiteit en de energietransitie worden wel aangekaart: mogelijk kunnen de doelen binnen programma Biodiversiteit en doelen met betrekking tot klimaatadaptatie en energietransitie elkaar aanvullen.
Afbeelding 8 de zes hoofdpijlers binnen het programma Duurzaamheid 2021-2023
Tabel 10 Doelen van de gemeente Meppel binnen het thema biodiversiteit en natuur, en de vertaling van de doelen naar het programma Biodiversiteit (programma Duurzaamheid 2021 - 2023)
Doelen biodiversiteit en natuur we werken aan het vergroten van intern en extern bewustzijn. biodiversiteit vormt niet langer een abstract begrip maar krijgt betekenis en wordt toegankelijk gemaakt biodiversiteit wordt aan de voorkant van ontwikkelingen als aspect meegenomen en krijgt een plek in systemische aanpak van vraagstukken we dragen lokale initiatieven een warm hart toe we hebben specifieke aandacht voor de jeugd als toekomstige gebruikers en beheerders van de ruimte we versterken en structureren de samenwerking met lokale natuurorganisaties we onderzoeken, samen met het waterschap, of de kansen voor natuurvriendelijke oevers voldoende benut zijn we werken aan plaagbeheersing van de eikenprocessierups en onderzoeken hoe de biodiversiteit hiermee vergroot kan worden
Tabel 11
Prioriteiten die bij moeten dragen aan de door de gemeente Meppel gestelde doelen (programma Duurzaamheid 2021 - 2023)
Prioriteit
Betekenis
uitvoering geven aan de gemaakte afspraken
we werken de komende jaren door aan de afspraken over ecologisch bermbeheer en plaagbestrijding van de eikenprocessierups
opstellen uitgangspunten biodiversiteit
het beter positioneren en definiëren van biodiversiteit, zodat de gemeente bij het maken van plannen beter kan anticiperen op het bevorderen van biodiversiteit. Daarnaast is het belangrijk om doelen te formuleren en met de betrokken partijen samen afspraken te maken over de wijze waarop die kunnen worden bereikt (dit moet landen in de Omgevingsvisie)
streekbeheer
streekbeheer is een manier van werken aan natuur, waarbij de uitvoering is verlegd van overheidsplannen door betaalde professionals en werkvoorzieningsschappen, naar het begeleiden van bewonersinitiatieven in landschap en natuur. Samen met de provincie en een aantal gemeentes in Drenthe is het streekbeheer ontwikkeld door Landschapsbeheer Drenthe. Bij het streekbeheer zijn meerdere organisaties betrokken. De realisatie van overheidsdoelen wordt gecombineerd met de wensen en eigen inzet van professionele bewonersnetwerken (participatiesamenleving)
samenwerkingsagenda Meppel voert met de gemeenten De Wolden, Hoogeveen, Zuidwest Drenthe Westerveld en Midden Drenthe en Waterschap Reest en Wieden, de Samenwerkingsagenda Zuidwest Drenthe uit. Daarin bundelt de gemeentekrachten rondom onderwerpen die voor het hele gebied van belang zijn. Vanuit duurzaamheid komt een aantal urgente opgaven samen in het landelijk gebied, die mogelijk de natuurwaarden in het landelijk gebied onder druk zetten. De gemeente Meppel streeft naar een goede integratie van oplossingen in het landelijk gebied en het uitbouwen van streekbeheer.
Kadernotitie Zo doen we groen (2015) In de kadernotitie ‘Zo doen we groen’ heeft de gemeente Meppel haar ambities met betrekking tot groen, natuur, landschap en water opgenomen. Het document bevat 1) overkoepelende doelen en ambities van de gemeente Meppel; 2) een uitwerking van de uitgangspunten voor inrichting en beheer van de openbare ruimte; 3) passende kaders voor bijdragen aan biodiversiteit en cultuurhistorie door bewoners; 4) een overzicht van de vier waarden van groen en de bouwstenen die bijdragen aan die waarden in de gemeente; 5) ambities per gebied (onderverdeeld in de vijf categorieën groen generiek, parken, groenblauwe structuur, groen in de woon- en werkgebieden en buitengebied) en 6) een beschrijving van verantwoordelijkheden en rollen van de gemeente, bewoners, bedrijven en organisaties voor biodiversiteit en het landschap. In de notitie zijn drie uitgangspunten genoemd die diverse groepen in de samenleving (bewoners, bedrijven, organisaties en de gemeente zelf) in 2030 moeten kunnen ervaren: het zien van goed groen, het ervaren van groen en het zorgen voor gezond groen. Deze uitgangspunten worden samengevat als ‘Drie keer groener’. Bij de uitgangspunten is een omschrijving gegeven van groen, wat hoofdzakelijk betrekking heeft op de gebruiksfunctie van groen (o.a. recreatie) en het visuele aspect van groen (waar en hoeveel groen).
Daarnaast is een viertal overkoepelende doelen opgesteld, zie tabel 13. Tabel 12 de overkoepelende doelen voor biodiversiteit in de gemeente Meppel voor de periode 2015-2020 (Kadernotitie Zo doen we groen, 2015)
Doelen 1. een betere inrichtings- en beeldkwaliteit van ons groen, bomen en stadswater en de beleving hiervan 2. een sterkere identiteit en toegenomen gebruikswaarde van de groenblauwe structuur, parken en het landschap 3. toename van de natuurwaarde in de stad en het landschap 4. meer bewoners en bedrijven leveren een bijdrage aan de ambitie drie keer groener Vertaling naar het programma Biodiversiteit De kadernotitie is een uitgebreid document waar veel onderwerpen aan bod komen die relevant zijn voor biodiversiteit in de gemeente. Er worden verschillende begrippen genoemd die betrekking hebben op biodiversiteit (basis- en hoogwaardige natuur, aaibare natuur, boerenlandnatuur), maar waar onvoldoende de betekenis ervan wordt toegelicht. De vier overkoepelende doelen beschrijven enkel ontwikkelingen die moeten bijdragen aan de aspecten van groen, en zijn geen concrete doelen voor biodiversiteit. De ambitie ‘Drie keer groener’ heeft betrekking op de ervaring van groen vanuit het perspectief van de samenleving.
Bovendien wordt in het document per type gebied (landelijk gebied, stedelijk gebied en groenblauwe hoofdstructuur) invulling gegeven aan een aantal algemene doelen (zoals het realiseren van ecologische verbindingen en herstel van de ondergrond passend bij het waterbodemsysteem). De doelen worden niet vertaald naar maatregelen binnen specifieke deelgebieden of wijken in de gemeente Meppel. In de Kadernotitie ‘Zo doen we groen’ komen de betekenis van biodiversiteit, bijbehorende doelen, ecologische knelpunten en passende maatregelen onvoldoende aan bod. Tevens is het document verouderd, waardoor recente ontwikkelingen (zoals de huidige ecologische toestand als huidige projecten) niet voorkomen in de notitie.
Bestemmingsplannen De bestemmingsplannen van de nieuwbouwwijken Nieuwveense Landen en Noordpoort bevatten uitvoeringskaders voor bouwinitiatieven. Om invulling te geven aan onder andere de open norm ‘natuurinclusief bouwen’ binnen de bestemmingsplannen, zijn in de beleidsregels ‘Wonen Nieuwveense Landen (2020)’ en ‘Kwalitatief beoordelingkader Transformatiegebied Noordpoort (2019)’ voorwaarden gesteld aan een bouwinitiatief in de vorm van een puntensysteem. De beleidsregels zijn daarmee het middel om initiatieven te beoordelen en te toetsen. In de beleidsregel voor de Nieuwveense Landen zijn twee checklists opgenomen met maatregelen voor natuurinclusief ontwerp (met elk een bepaalde puntentoekenning): een checklist met maatregelen voor natuurinclusief bouwen, zie tabel 10, en in tabel 11 een aanvullende checklist met maatregelen voor inrichting van het erf/terrein voor projectmatige bouwplannen. Hierbij is de voorwaarde gesteld om in totaal aan minimaal 10 punten te voldoen.
Tabel 10 Checklist met maatregelen voor natuurinclusief bouwen (Beleidsregel Wonen Nieuwveense Landen, 2020)
Maatregelen bebouwing
Punten
Toepassen van nestgelegenheid voor stadsvogels aan de noord/oostzijde, waarbij geldt: •
Minimaal 2 nestgelegenheden; voor huismussen hoger dan twee meter geplaatst
5
en/of voor gierzwaluwen hoger dan vier meter geplaatst mét een vrije aanvliegroute •
Een vogelvide in de plaats van een vogelschroot, bijvoorbeeld bij de onderste rij
5
schuine dakpannen •
Per ingebouwde nestgelegenheid voor stadsvogels
5
Toepassen van vleermuiskasten, waarbij geldt: •
Een inbouwkast voor vleermuizen op de zuidwestzijde, hoger dan vier meter
7
geplaatst. De kast mag niet worden verlicht. •
Een vleermuiskast aan buitenzijde gevel op de zuidwestzijde, hoger dan vier
3
meter geplaatst. De kast mag niet worden verlicht. Toepassen van een groen dak of gevel, waarbij geldt: •
Groen dak voor het hoofdgebouw met streekeigen soorten
10
•
Groene gevel voor het hoofdgebouw met streekeigen soorten
10
•
Groen dak voor een aan/bijgebouw (bijv. garage) met streekeigen soorten
5
•
Bruin dak met zand en stenen toepassen (bijv. scholekster)
5
Overige voorzieningen •
Insectenvoorzieningen (50cm x 50cm) Inbouwen aan de gevel, aan de
5
zuidwestzijde •
Overige maatregelen die aantoonbaar (volgens ecologisch deskundigenoordeel) waarde hebben voor een stadssoort in Meppel
3
Tabel 11
Checklist met maatregelen voor inrichting van een erf of terrein met natuurwaarde (Beleidsregel Wonen Nieuwveense Landen, 2020)
Maatregelen erf/terrein (openbaar gebied)
Punten
1. Het natuurlijke groen in het plangebied is onderling, of met ander natuurlijk groen in de omgeving, verbonden.
1
2. Een groot deel van het groen binnen het plangebied is natuurlijk, zoals extensief gras, ruigte, water, natuurvriendelijke oevers en bosplantsoen.
2
3. In het groen is sprake van afwisseling en overgangen in hoogte van beplanting en van maaiveld. Er is bijvoorbeeld sprake van de aanwezigheid van meerdere elementen als water, oever, reliëf, gras, ruigte, heesters of bomen.
2
4. In het plan wordt voor typische stadssoorten in Meppel onderdelen van een compleet leefgebied gecreëerd (bijvoorbeeld nestgelegenheid, voedselaanbod, verblijf- en schuilplaatsen).
2
5. In het plan is sprake van beleefbare natuur waarin recreatieve meerwaarde is gecreëerd.
2
6. Er is aandacht besteed aan een duurzame instandhouding van de natuurwaarde, of het door beheer verder uitbouwen hiervan (bijvoorbeeld met een beheerplan).
2
7. Overige maatregelen die aantoonbaar (volgens ecologisch deskundigenoordeel) waarde hebben voor een soort in Meppel.
2
In de beleidsregel van het transformatiegebied Noordpoort zijn middels een mengpaneel kwalitatieve en kwantitatieve kaders gesteld voor industrielawaai, wegverkeerslawaai, leefbaarheid, groen en water, natuurwaarde, duurzame werkgelegenheid en duurzaamheid. Ieder van deze aspecten heeft een schuifje waar een beoordeling van -1 (basis), 0 (standaard), 1 (uitstekend) of weigering aan kan worden toegekend. Bij een totaalscore van 0 of hoger wordt een initiatief goedgekeurd. •
•
De beoordeling van het aspect ‘Groen en water’ gaat in op de hoeveelheid (%) groen en water, de zichtbaarheid ervan (bijvoorbeeld vanaf een weg) en de gebruikswaarde van het groen en water (bijvoorbeeld recreatief gebruik). Het initiatief kan op dit aspect worden geweigerd bij onder andere meer dan 90 % verharding en een afname van de hoeveelheid groen ten opzichte van de huidige situatie; De beoordeling van het aspect ‘Natuurwaarde’ is gebaseerd op de ambitie ‘respecteren en vergroten van de natuurwaarden en de beleving hiervan’. De betekenis voor natuurwaarde die hierbij wordt gehanteerd is ‘de aanwezigheid en het behoud van plant en dier’. Bij dit aspect wordt ingegaan op ‘natuurinclusief bouwen’, zie tabel 12 en ‘stadsnatuur ontwikkelen’, welke samen het schuifje natuurwaarde vormen, zie tabel 13. Bij de beoordeling wordt onderscheid gemaakt tussen een ontwikkeling van een woon- of bedrijfskavel en gebiedsontwikkeling met openbare ruimte: bij ontwikkeling van een woon- of bedrijfskavel hoeft het schuifje natuurwaarde niet te worden doorlopen. Weigering van een initiatief gebeurt bij een score van minder dan 5 punten.
Tabel 12 Checklist voor maatregelen voor natuurinclusief bouwen ten behoeve van de beoordeling van het aspect ‘natuurwaarde’ (Kwalitatief beoordelingkader Transformatiegebied Noordpoort, 2019)
Natuurinclusief bouwen
Punten
Toepassen van nestgelegenheid voor stadsvogels, waarbij geldt: •
Nestgelegenheden voor Huismussen, minimaal 3 mussennestkasten, aan de noordoostzijde hoger dan twee meter geplaatst.
5
•
Een vogelvide in plaats van vogelschroot, bijvoorbeeld bij de onderste rij schuine dakpannen
3
•
Nestgelegenheden voor Gierzwaluwen, minimaal 3 per woning, aan de noordoostzijde, hoger dan vier meter geplaatst én met een vrije aanvliegroute.
5
•
Nestplaatsen voor Huiszwaluwen of Spreeuwen
2
Toepassen van vleermuiskasten, waarbij geldt: •
Inbouwkasten voor vleermuizen, vanaf vier meter hoogte én op de zuidwestzijde. De kasten mogen niet verlicht worden.
5
•
Vleermuiskast aan buitenzijde gevel, vanaf vier meter hoogte én op de zuidwestzijde. De kasten mogen niet verlicht worden.
2
Groen dak of gevel, waarbij geldt: •
Groen dak toepassen met streekeigen soorten
3
•
Groene gevel van streekeigen soorten
5
•
Bruin dak met zand en stenen (tbv bv scholekster)
3
Overige voorzieningen •
Insectenvoorzieningen (0,50 x0,50 m) inbouwen aan de gevel, aan de zuidwestzijde.
2
•
Overige maatregelen die aantoonbaar (volgens ecologisch deskundigenoordeel waarde hebben voor een stadssoort in Meppel.
2
Tabel 13 Checklist maatregelen (zowel natuurinclusief bouwen als stadsnatuur ontwikkelen) ten behoeve van de beoordeling van het aspect ‘natuurwaarde’ (Kwalitatief beoordelingkader Transformatiegebied Noordpoort, 2019)
Schuifje natuurwaarde
Punten
1. Het plan scoort tussen 5 en 12 punten op natuurinclusief bouwen
1
2. Het plan scoort meer dan 12 punten op natuurinclusief bouwen
2
3. Een groot deel van het groen binnen het plangebied is natuurlijk, zoals extensief gras, ruigte, water, natuurvriendelijke oevers en bosplantsoen.
2
4. Het natuurlijke groen (zie 3) in het plangebied is onderling of met ander natuurlijk groen in de omgeving, verbonden.
1
5. In het groen is sprake van afwisseling en overgangen in hoogte van beplanting en van maaiveld. Er is bijvoorbeeld sprake van de aanwezigheid van meerdere elementen als water, oever, reliëf, gras, ruigte, heesters of bomen. De elementen hoeven niet inheems te zijn, of een natuurlijk karakter te hebben.
2
6. In het plan wordt voor typische stadssoorten in Meppel onderdelen van een compleet leefgebied gecreëerd (bijvoorbeeld nestgelegenheid, voedselaanbod, verblijf-en schuilplaatsen).
2
7. In het plan is sprake van beleefbare natuur en recreatieve meerwaarde is gecreëerd.
2
8. Er is aandacht besteed aan een duurzame instandhouding van de natuurwaarde or het door beheer verder uitbouwen hiervan (bv. met een beheerplan).
2
Vertaling naar het programma Biodiversiteit Hoewel het begrip biodiversiteit niet gebruikt wordt in de beleidsregels, is er wel degelijk aandacht voor. Zo is het streven naar verbinding van leefgebieden terug te vinden en is er aandacht voor stadse soorten. Informatie over overige typische Meppeler soorten ontbreekt nog. De natuurwaardenkaarten geven nu meer houvast om daar invulling aan te geven bij aanpassingen van deze beleidsregels of bij een nieuwe beleidsregel. Een ander aspect is de keuzevrijheid. Hoewel we dit waardevol vinden, kan het ertoe leiden dat er vooral maatregelen gekozen worden voor de ene soort en voor de andere soort niet. Of dat een maatregel niet goed bij het gebied past. Het is nog de vraag hoe we daar met elkaar, gemeente en initiatiefnemer, goed sturing aan kunnen geven.
Bijlage III: Projectoverzicht Tabel 14 overzicht van projecten met het thema biodiversiteit die lopen binnen de gemeente Meppel
Categorie
Project
Toelichting
Type project
Inwoners
Beheerovereenkomste
Bijdrage doelen sociale
Inrichting en beheer
n openbaar groen
samenhang,
openbare ruimte
burgerparticipatie, vergroenen
(stedelijk gebied)
van de woonomgeving Permacultuur
Permacultuur met voedselbos;
Inrichting en beheer
Haveltermade
bijeenkomsten
openbare ruimte
(Noorderpark)
(plantendeeldag, minimarkt,
(stedelijk gebied)
natuurwerkdagen) IVN Natuur is 'n feestje
Natuurexcursies jeugd 5-9
Educatie en
jaar
communicatie
Vogelwerkgroep
Zwaluwwand op
Inrichting en beheer
Vliegvlug
bedrijventerrein Noord
particuliere ruimte (stedelijk gebied, bedrijventerreinen)
Scholen
Groene schoolpleinen: o.a.
Inrichting en beheer
Anne Frank, Akker
openbare ruimte (stedelijk gebied)
Bijen- en
Ringpark oost in Oosterboer
vlinderparadijs
Inrichting en beheer openbare ruimte (stedelijk gebied)
Groei en Bloei Meppel
Tuinadviezen en acties
Inrichting en beheer particuliere ruimte (stedelijk gebied, woonwijken)
Wijkplatforms
Organisatie van
Educatie en
bijeenkomsten en activiteiten
communicatie
voor bewoners Samenwerkings
Streekbeheer (met
Faciliteren en samenbrengen
Inrichting en beheer
verbanden
Drentse gemeenten en
van vrijwilligersgroepen die
landelijk gebied
provincie)
aan de slag willen met landschaps- en natuurbeheer
Categorie
Project
Toelichting
Type project
Gebiedscoöperatie
Regio Deal Natuurinclusieve
Inrichting en beheer
Zuidwest-Drenthe (met
landbouw
landelijk gebied
Subsidie Klimaat Actief! vanuit
Inrichting en beheer
het Waterschap (WDOD) voor
particuliere ruimte
herinrichting t.b.v. bestrijden
(woonwijken en
wateroverlast en droogte:
bedrijventerreinen)
Agrarische Natuur Drenthe, Landschapsbeheer Drenthe, gemeente Meppel) Fluvius
onder andere aanleg groendaken en waterinfiltratie in tuinen Landschapsbeheer
Stimuleringsregeling
Inrichting en beheer
Drenthe
Landschap en Biodiversiteit
landelijk en stedelijk gebied
Gemeente
Aanleg
Herinrichting park, onder
Inrichting en beheer
Meppel
Mandenmakerspark
andere boomaanplant.
openbare ruimte
(Nieuwveense Landen)
Samenwerking met Boom
(stedelijk gebied)
laboratoriumleveranciers, Natuur en Milieufederatie Drenthe, Landschapsbeheer Drenthe Steenbreek
Vrijwilligersgroep als helpende
Inrichting en beheer
hand voor bewoners om de
particuliere ruimte
omgeving te vergroenen:
(stedelijk gebied,
diverse acties, tips en
woonwijken)
informatie deling. Vergoeding voor planten ter vervanging van tegels. Voorbeelden: NKtegelwippen, tegel eruit, plantje erin, boomspiegels, geveltuintjes Herinrichting
Groenvakken en aanplant van
Inrichting en beheer
Prinsenplein
bomen in november 2023
openbare ruimte (stedelijk gebied)
Herontwikkeling
Herinrichting met een park en
Inrichting en beheer
Bleekerseiland
hotel (2024/2025); meer groen
openbare ruimte
en natuurlijke oevers
(stedelijk gebied)
Categorie
Project
Toelichting
Type project
Vergroenen
Voorterrein, parkeerplaatsen
Inrichting en beheer
gemeentewerf
en eigen terrein vergroenen
openbare ruimte
en klimaatadaptiever maken,
(stedelijk gebied)
budgetten nog niet voldoende Soortenmanagement-
In samenwerking met
Inrichting en beheer
plan (SMP)
provincie Drenthe
openbare ruimte
gebouwgebonden
(stedelijk gebied)
soorten Bijencirkels
Omvormen voormalige
Inrichting en beheer
Watertorenpark
moestuintjes naar een
openbare ruimte
bijvriendelijke plek
(stedelijk gebied)
Natuurregie:
Organiseren en
Educatie en
bijeenkomsten
samenbrengen van partijen
communicatie
natuurverenigingen
met regierol vanuit gemeente Meppel. Samenwerking met Landschapsbeheer Drenthe
Planmatig beheer
Doorvertaling van ambities
Inrichting en beheer
groen, omvormen
naar opdracht aan beheerders
openbare ruimte
gazons, bermbeheer
en opstellen van een werkplan
(stedelijk gebied)
Boomfeestdag
Jaarlijkse activiteit voor de
Educatie en
bovenbouw van het
communicatie
basisonderwijs. Nectarindex
Samenwerking met Floron
Educatie en communicatie
Paspoort stadswateren
In beeld brengen van
Onderzoek
gebruikswaarden. geen lopende acties voor dit project Checklist ingrepen
Geen lopende acties voor dit
Inrichting en beheer
inrichting openbare
project
openbare ruimte
ruimte Aanpak parken
(stedelijk gebied) Vormgeving van parken,
Inrichting en beheer
versterken basisnatuur,
openbare ruimte
onderzoek naar
(stedelijk gebied);
gebruiksmotieven/routes/waar
onderzoek
de nevenstructuur. geen lopende acties voor dit project
Categorie
Project
Toelichting
Type project
Woning-
Nieuwbouw
Natuurinclusief bouwen
Inrichting en beheer
corporaties
Nieuwveense Landen
(vergroenen tuinen, realiseren
particuliere ruimte
van insectenhotels,
(stedelijk gebied,
bijenkasten en nestkasten
woonwijken)
vogels en vleermuizen) Herontwikkeling
Natuurinclusief bouwen
Inrichting en beheer
transformatiegebied
(vergroenen tuinen, realiseren
particuliere ruimte
Noordpoort
van insectenhotels,
(stedelijk gebied,
bijenkasten en nestkasten
woonwijken)
vogels en vleermuizen) Verduurzaming en
Het treffen van maatregelen
Inrichting en beheer
renovatie van
voor o.a. huismussen (nest-
particuliere ruimte
woningen
en schuilmogelijkheden)
(stedelijk gebied, woonwijken)
(Pilot)project
Bewoners huren een tuin,
Inrichting en beheer
tuinverhuur en -beheer
Woonconcept legt de tuin aan
particuliere ruimte
en is beheerder. Dit geldt voor
(stedelijk gebied,
nieuwbouwprojecten vanaf
woonwijken)
2024, en is nog niet in uitvoering in gemeente Meppel Het Drents
Reestdal Visie
Landschap
Visie voor NNN-gebied
Inrichting en beheer
Reestdal
landelijk gebied (natuurgebied);
Aardkundig monument
opgave is om vanuit het
Reest
Wilhelminapark (nabij de
Onderzoek
Reest) ook de rest van het Reestdal te kunnen verkennen Natuur en
Natuurvriendelijke inrichting
Inrichting en beheer
Milieufederatie
Heel Drenthe Zoemt
landelijk gebied
landelijk gebied;
Drenthe (NMF)
(boerenlandschap en
educatie en
natuurgebieden); creëren
communicatie
bewustzijn inrichting tuinen (via onder andere inspiratiebord); Bermscouts: monitoring en kennis delen over de inrichting en beheer van bermen Plan Boom
Boomaanplant
Inrichting en beheer landelijk en stedelijk gebied
Categorie
Project
Toelichting
Type project
Agrarische
Deltaplan Agrarisch
Afspoeling en uitspoeling
Inrichting en beheer
Natuur Drenthe
Waterbeheer
voorkomen door middel van
landelijk gebied
o.a. bufferstroken en
(boerenlandschap)
bodemverbetering ICC-Park-
Koploperproject
Inventariseren mogelijkheden
Inrichting en beheer
management
en uitvoeren van
particuliere ruimte
Meppel
verduurzaming van gebouwen
(stedelijk gebied,
van ondernemers en de
bedrijventerreinen)
omgeving daarvan, met biodiversiteit als één van de thema’s. Landschaps-
Inventarisatie en
In kaart brengen en monitoren
beheer Drenthe
monitoring
van soortenrijkdom van onder
landschapselementen
andere houtwallen door
Onderzoek
vrijwilligers Provincie
Landschapselementen-
Overzicht van de aanwezige
Drenthe
register
landschapselementen in o.a.
Onderzoek
gemeente Meppel Duurzaam boeren
Aanleg en beheer
Inrichting en beheer
Drenthe:
landschapselementen,
landelijk gebied
uitvoeringsmaatregel
financiering door de provincie
(boerenlandschap)
natuur en landschap
en trees4all
Pilots groenblauwe
Provincie heeft mogelijk
Inrichting en beheer
dooradering
budget beschikbaar voor
landelijk gebied
herinrichting van het landelijk gebied t.b.v. realisatie van groenblauwe dooradering
Bijlage IV: Ambities van samenwerkende partners Met verschillende overheden, natuurorganisaties en private organisaties zijn gesprekken gevoerd over projecten en ambities en vervolgens over mogelijke maatregelen en samenwerking. Het doel van deze sessies was om te inventariseren wat hun ambities zijn, wat binnen hun invloedsfeer ligt, wat onze rol als gemeente is en op welke vlakken we kunnen samenwerken met deze partners. In onderstaande tabel zijn de partijen en hun ambities opgenomen. Onder de tabel volgt een toelichting. Tabel 15 ambities van partijen waarmee de gemeente Meppel samenwerkt
partij
ambitie
welk gebied
provincie Drenthe
basiskwaliteit natuur (BKD) groenblauwe hoofdstructuur (10 %) DPLG
landelijk gebied
Waterschap Drents Overijsselse Delta (WDOD)
KRW alle terreinen natuurvriendelijk inrichten waardevolle kleine wateren
stedelijk en landelijk gebied
wooncorporaties: Actium en Woonconcept
realiseren van woningen met een groene leefomgeving voldoende, aantrekkelijk en goed onderhouden groen vergroening van de openbare ruimte
stedelijk gebied
ICC Parkmanagement
verduurzaming van bedrijventerreinen
stedelijk gebied
Landschapsbeheer Drenthe
groenblauwe hoofdstructuur samenwerking partijen rode lijst en icoonsoorten
landelijk gebied
Het Drents Landschap
natuurinclusief en klimaatbestendig maken van landelijk gebied en de overgang naar stedelijk gebied
landelijk gebied
partij
ambitie
welk gebied
Natuur en milieufederatie Drenthe
verbinding tussen overheden en burgers realiseren van natuurinclusieve landbouw verbetering van de waterkwaliteit
landelijk en stedelijk gebied
Agrarische Natuur Drenthe
groenblauwe dooradering, eventueel uitrollen naar ecologisch slootbeheer, houtwallen
landelijk gebied
Uit de sessies blijkt dat alle partijen in meer of mindere mate bezig zijn met biodiversiteit, natuurwaarden en vergroenen. Alle partijen hebben ambities en lopende projecten. Voor de gemeente liggen hier kansen om de eigen doelen en maatregelen te realiseren. Voor de landbouworganisaties zit een uitdaging in financiering. Agrarische Natuur Drenthe werkt aan de groenblauwe dooradering, maar loopt hierin vast als de financiering ophoudt. De ambities voor heel Drenthe is agrarisch natuurbeheer en robuustere natuur. Daarnaast zien zij mogelijkheden om samenwerkingen met agrariërs op te zetten om te werken aan natuurwaarden. Financiering is hierin ook een belangrijke factor. Als maatregelen inkomstenderving tot gevolg hebben kan compensatie nodig zijn, bijvoorbeeld door een subsidie. De woningcorporatie Actium heeft een duurzaamheidsvisie en probeert tuinen te vergroenen en nestmogelijkheden te realiseren. Zij lopen er echter tegenaan dat veel bewoners niet of nauwelijks met biodiversiteit bezig zijn en verplichtingen tot weerstand leiden. Goede communicatie is hierin belangrijk. ICC-parkmanagement en Actium missen regie. Er gebeurt veel op het gebied van verduurzaming, vergroenen of klimaatadaptie maar er is geen centraal aanspreekpunt of duidelijke koers. Hier kan een rol liggen in communicatie of het realiseren van een eenduidige visie.
Het programma Biodiversiteit kan een bijdrage hieraan leveren. De provincie en landschapsbeheer Drenthe werken ook aan de groenblauwe dooradering. Dit vindt voornamelijk plaats in het buitengebied en heeft invloed op de provincie, gemeente, waterschap en agrariërs. Samenwerking is belangrijk, en de rol van de gemeente wordt door deze partijen gezien in het verbinden van doelen aan de burgers (waaronder boeren). Door deze samenwerking te intensiveren kan mogelijk meer groenblauwe dooradering gerealiseerd worden. De gemeente is actief in verschillende samenwerkingen tussen partijen, zoals ‘Streekbeheer’ met Landschapsbeheer Drenthe, provincie en verschillende gemeenten. Een ander voorbeeld is samenwerkingsagenda Zuidwest Drenthe, met verschillende gemeenten en het waterschap. Dergelijke samenwerkingsverbanden kunnen ook worden ingezet voor de realisatie van maatregelen uit het programma Biodiversiteit.
Bijlage V: Verslag inwonersavond Doel van de sessie De bewonersavond vond plaats op 24 januari 2024 in Studio 2 te Meppel. Het programma was van 19.30 - 21.00 uur, met de mogelijkheid om na te praten. Het programma bestond uit de volgende onderdelen: • Inloop; • Opening door wethouder; • Programma en doel van de avond; • Toelichting programma Biodiversiteit; • Discussie in deelgroepen; • Mogelijkheid tot napraten. Er waren op de avond 35 mensen aanwezig, met verschillende achtergronden. Er waren mensen die actief zijn bij verenigingen en stichtingen zoals een buurttuin of stichting Steenbreek, medewerkers van de gemeente, bewoners met interesse in biodiversiteit, (duo)raadsleden en vrijwilligers bij wijkplatforms. Het doel van de inwonersavond was enerzijds het informeren van inwoners over de toen net gepubliceerde natuurwaardenkaarten en het programma Biodiversiteit en anderzijds het ophalen van informatie over inwonersinitiatieven met betrekking tot biodiversiteit: • Wat wordt er al gedaan? • Wat gaat er goed of fout en waarom? • Wat zijn de verwachtingen van de gemeente Meppel? • Welke ideeën hebben inwoners voor maatregelen? Na een introductie over de natuurwaardenkaarten en het programma Biodiversiteit zijn de inwoners in vier groepen ingedeeld om bovengenoemde vragen te bespreken.
De besproken initiatieven en ideeën in de verschillende groepen zijn ingedeeld in drie thema’s: 1) beleid, 2) communicatie en 3) inrichting en beheer. Deze zijn hieronder toegelicht. Met de resultaten van de bewonersavond is het programma Biodiversiteit verder aangevuld.
Beleid Over het beleid van de gemeente Meppel zijn de volgende ideeën voor maatregelen genoemd: • • •
• •
Meer voorwaarden stellen aan inrichting/beheer van pachtgronden; Instellen van handhaving op het beheer van landbouwgronden (gebruik gewasbeschermingsmiddelen en akkerrandbeheer); Rekening houden met biodiversiteitsdoelen bij activiteiten of maatregelen die betrekking hebben op andere thema’s (waar biodiversiteit niet een primair doel is). Voorbeelden: effecten op de natuur door evenementen en gevolgen van verduurzaming van woningen; ‘Groenere’ interne bedrijfsvoering, zoals ‘groene’ relatiegeschenken; Aanstellen van een stadsecoloog
Communicatie In elke groep kwam communicatie over biodiversiteit naar voren als een onderwerp waar veel behoefte aan is. Hiertoe zijn de volgende ideeën geopperd: • Meer aandacht besteden aan het ophalen van ideeën over biodiversiteit van inwoners. Bijvoorbeeld tijdens de inventarisatierondes voor de Wijkagenda’s: informeren over mogelijkheden voor inwoners om tuinen of groenstroken te beheren en het ophalen van ideeën over inrichtingsmaatregelen van inwoners. • Meer informatie delen over biodiversiteit richting inwoners, bijvoorbeeld over: o De nectarindex; o Advies over beheer en inrichting ten behoeve van biodiversiteit, bijv. doorverwijzing naar andere platforms. Dit kan gaan over beheer en inrichting van private tuinen en buurttuinen, maar ook over beheer en inrichting van bedrijventerreinen.
Een goed voorbeeld van een buurttuin is de groentetuin rondom de Kruiskerk in Haveltermade; o Heraanplant van bomen na kapvergunning: waar gebeurt dit?; o Vervolg geven aan de wijkschouw en opgehaalde informatie delen met inwoners; o Soorteninventarisaties op wijkniveau: welke soorten komen waar voor?; • Leren van “best practices” in andere gemeenten, zoals de organisatie van rondwandelingen door de gemeente in samenwerking met woningcorporaties; • Creëren van een vrijwilligersnetwerk voor soorteninventarisaties en beheer van openbare ruimte, met communicatie via bijvoorbeeld de wijkplatforms. • Intensiever betrekken van de jeugd: o Inrichting schoolpleinen door leerlingen met organisatie van bijvoorbeeld prijsvragen; o Gezamenlijk opruimen van zwerfafval t.b.v. het creëren meer bewustzijn over de omgeving; o Inrichten van een “belevingspad” door het bos voor de jeugd. Bijvoorbeeld in de Nieuwveense Landen. Actieve inwoners bij het wijkplatform hebben hier al ideeën over. Meer samenwerking tussen de gemeente Meppel en het wijkplatform is hiervoor gewenst.
• Organiseren van activiteiten voor bewoners (in samenwerking met bijvoorbeeld wijkplatforms of woningcorporaties): o Stadswandeling Meppelerbos o Boomfeestdag • Meer gebruik maken van bestaande communicatiemiddelen: o Huis aan huisblad en/of wijkkrant; o Krant vanuit woningcorporaties; o Wijkplatforms/wijkregisseur: de wijkregisseur moet bereikbaarder worden voor inwoners en er de afstemming tussen de wijkregisseur en de inwoners moet verbeteren.
Inrichting en beheer Er zijn verschillende ideeën voor maatregelen genoemd in woonwijken, bedrijventerreinen en de groenblauwe hoofdstructuur in de gemeente Meppel.
Groenblauwe structuren: • Ponton in vijver Oosterboer: meer structuur en vegetatie voor leefgebied van de ijsvogel, vissen en amfibieën; • Minder intensief maaien van oevervegetatie: niet in het broei-/groeiseizoen, bij voorkeur daarna (september) en daarvoor (maart/april). Voorbeelden: oevervegetatie in Brandemaat - Oosterboer en Engelgaarde. Woonwijken • Groene daken op bushokjes; • Koppeling energietransitie en biodiversiteit bij zonnepanelen op daken; • Meer hand in hand gaan van cultuurhistorische waarden en biodiversiteit in parken, bijvoorbeeld in het Wilhelminapark: hier niet enkel op cultuurhistorische elementen focussen; • Groene parkeerplaatsen i.v.m. bodemverdichting; • Autoluwe (nieuwbouw) wijken; • Meer variatie en structuur van openbaar groen met bomen, struiken en kruiden. Bijvoorbeeld in de Berggierslanden; • Voldoende schaduw door planten in dichtbebouwde wijken d.m.v. een groenslinger of bomenlaan; • Minder intensieve verlichting langs straten, bijvoorbeeld bij de Europalaan. Bedrijventerreinen • Gevoeld eigenaarschap door inrichting en/of beheer van rotondes door ondernemers (bijvoorbeeld naamgeving of adoptierotonde); • Hagen rondom bedrijventerreinen i.p.v. hekken.
Bijlage VI: verslag interne ambtelijke sessie Doel van de sessie Het doel van de interne sessie was de introductie van het programma Biodiversiteit binnen de afdelingen van de gemeente en het definiëren van de rol van gemeente Meppel op het gebied van biodiversiteit. We vroegen onze medewerkers: 1) wat er al gedaan wordt in de gemeente en wat wel en niet goed gaat; 2) wat de ambities zijn vanuit ieders functie/afdeling; 3) mogelijke (nieuwe) maatregelen. Tabel 16 Betrokken functies en teams
Functie
Team
Voorman groen
Ruimte verzorgen
Voorman/ werkvoorbereider
Ruimte verzorgen
Adviseur wegen, kunstwerken en openbare verlichting
Ruimte initiatief
Projectleider civiel
Ruimte initiatief
Toezichthouder civiel
Ruimte initiatief
Adviseur riolering
Ruimte initiatief
Adviseur water en klimaat
Duurzaam
Civiel technisch werkvoorbereider
Ruimte initiatief
Boombeheerder
Ruimte verzorgen
Voorman groen
Ruimte verzorgen
Wijkregisseur
Leefbaarheid en wijkregie
Programmamanager duurzaam
Duurzaam
Adviseur economie en regio
Economie en Regio
Huidige en geplande projecten/activiteiten Tabel 17 Overzicht van projecten die betrekking hebben op biodiversiteit en positief worden bevonden
Project/activiteit
Doorgaan/starten
Toelichting/vraagstukken
Amfibieën trappen bij kolken
Starten
Is het bekend hoe groot het probleem is? Wat is er nodig qua onderhoud?
Vergroening binnenstad en Rogat
Doorgaan
Hierbij is aandacht voor plantendiversiteit en insecten en verhouding groen/steen. Mogelijk tekortkoming in soortenselectie (te weinig inheems)
Waterdoorlatende bestrating
Starten
Blijkt kostbaar en intensief. Is er meer bekend over de kostenbaten?
Afkoppelen hemelwaterafvoer
Doorgaan
Is al aangepakt in een aantal wijken (Berggierslanden), liggen plannen voor Oosterboer en Koedijkslanden.
Aangepast maaibeheer (extensief of stoppen met beheer)
Doorgaan
Voorbeelden: ligweide Nijeveen, grasveld Tussenboerslanden
Verharding vervangen voor groen (Steenbreek)
Doorgaan
Natuurinclusieve inrichting infrastructuur
Doorgaan
Voorbeelden: nieuw fietspad bij De Oude Vaart (bloemrijk, verschraling grasland), aanpak verharding parkeerplaatsen
Inrichting parken t.b.v. beschermde soorten
Doorgaan
Is bescherming van soorten voldoende in nieuwe inrichtingen? Rekening gehouden met 4 V’s/gedragscode?
Bokashi (verzamelen, fermenteren en terugbrengen bladenmengsels)
Doorgaan
Doel is verbetering van bodemkwaliteit. Wordt o.a. in Koedijkslanden toegepast (zandige ondergrond)
Gebruik maken van subsidieregelingen van de provincie
Doorgaan
Tabel 18 Overzicht van projecten/activiteiten die niet of minder bijdragen aan biodiversiteit
Project/activiteit
Toelichting
Te ‘strakke’ regels voor flora en fauna
Regels niet rekening houdend met systeem functioneren en habitatseisen, bijvoorbeeld inrichting voor de ooievaar.
Bladblazen Klepelen
Slechts minimaal toepassen is geaccepteerd
Grondverkoop
Bijvoorbeeld aan projectontwikkelaars, regie dan verminderd
Ambities Onderstaand zijn ambities genoemd binnen de besproken thema’s. Wat betreft de mate van invloedsfeer en rol van de gemeente lijkt de rode draad te zijn: voldoende sturing geven en houvast bieden (concreet maken biodiversiteit, eisen stellen aan inrichting), maar wel door partijen en inwoners mee te nemen en actiever samen te werken (faciliteren initiatieven, inspireren en kennis delen d.m.v. voorbeeldprojecten). Vervolgens moeten maatregelen aansluiten bij de faciliterende/stimulerende rol van de gemeente. Inrichten voor biodiversiteit • Meer groen (minstens 10%) en water in de stad (t.b.v. soorten maar ook prettiger wonen); o Groene daken en gevels (focus op hittestress gevoelige plekken?); o Groene schoolpleinen; o Vergroenen bedrijventerreinen; • Meer kwalitatief groen: o Meer diversiteit (visuele en functionele aspecten); o Van D- naar A- kwaliteit bij bestaand groen (behoefte aan stappenplan) • Verbindingen creëren en barrières wegnemen: o Door middel van o.a. faunapassages en schuttingen; o Scheiding tussen gebieden ‘overbruggen’ (snelweg); o Nijeveen als buffergebied (tussen stedelijk gebied en N2000); o Herinrichten Hoogeveense Vaart.
• Infrastructuur aanpassen op faunasoorten, bijvoorbeeld meer donker en minder verlichting; • Biodiverse stroken/bermen in het buitengebied; Kennisontwikkeling en -deling binnen de gemeente • Concreet maken van containerbegrippen (biodiversiteit en natuurkwaliteit); • Creëren bewustzijn: kennisdeling over biodiversiteit organisatie-breed; • Informeren van werknemers over wat er al speelt in de gemeente m.b.t. biodiversiteit; • Vertaling van biodiversiteitsbeleid naar de werkvelden: wat betekent programma Biodiversiteit voor o.a. projectleiders en toezichthouders? • Actiever inzetten op koppelen van klimaatadaptatie en biodiversiteit; • Evalueren en leren van successen en fouten.
Stimuleren en faciliteren burgerparticipatie • Vrijwillige bijdragen van inwoners m.b.t. vergroening privéterreinen (o.a. herinrichting tuinen); o In buitengebied initiatief vanuit de boer; o Mogelijke samenwerking met o.a. Landschapsbeheer Drenthe • Onderhoud en aanleg groen door inwoners i.p.v. groenbeheerders van de gemeente (meedenken inrichting, natuurbeleving); • De gemeente als voorbeeldfunctie: o Vergroening gemeentehuis o De Werf als educatiecentrum vergroenen Overige ambities • Versterken van samenwerkingen (extern), zoals met woningcorporaties (prestatieafspraken); • Meetbaar maken van biodiversiteit: toetsen en monitoren van maatregelen (Ruimte initiatief). Communicatie • Kennis delen binnen de afdelingen (toezichthouders, beheerders, beleidsmedewerkers); • Onderwijsprogramma’s aanbieden: o Voorlichting geven over biodiversiteit binnen de afdelingen; o Voorlichting geven aan inwoners. Vastleggen van randvoorwaarden biodiversiteit in beleid • Eisen stellen aan natuurinclusief bouwen (bij o.a. nieuwbouwprojecten Nieuwveense Landen). o Voorbeelden: hagen (mogelijk levering door de gemeente) en maximale verharding; • Eisen stellen aan inrichting openbare ruimte (gebied/wijk specifiek). o Voorbeeld: het verankeren van een goede kwaliteit van de groenblauwe zone; • Integraal PvE waar biodiversiteit een rol in speelt.
Maatregelen binnen projecten • Signaleren/controleren op inrichting voor biodiversiteit in de planfase (Ruimte initiatief en verzorgen); o Voldoende kennis van biodiversiteit bij de afdelingen speelt hierbij een belangrijke rol; • Ontwikkelen van de QuickScan (Ruimte verzorgen). Mogelijkheden: o Opnemen/automatiseren in protocollen; o Uitbreiden soorten. Ideeën voor nieuwe projecten/plannen • Nieuw verlichtingsplan en onderzoek doen naar slimme verlichting (Ruimte initiatief); • Bermen herinrichten op industrieterreinen (Ruimte verzorgen); • Compenseren voor elke m² die ontwikkeld wordt, met regie vanuit de gemeente (Ruimte verzorgen, Economie en Regio);
Koppelkansen met: • Baggerplan (Ruimte verzorgen) o betrekken van stakeholders (o.a. WDOD) met ecologische randvoorwaarden o Natuurwaardenkaarten koppelen aan doelstellingen waterkwaliteit • LAS-LUA (Ruimte verzorgen) o Inrichting van schaduwrijke plaatsen op basis van streekeigen- en gidssoorten o Aanpassingen t.b.v. op orde brengen van watersysteem: afkoppelen hemelwaterafvoer • Energietransitie Knelpunten Tot slot zijn er bij de ambities en maatregelen verschillende knelpunten besproken: -
-
-
Financiële afhankelijkheid binnen projecten: budget vormt vaak een beperking. Er is behoefte aan het maken van een goed plan waarop het budget afgestemd kan worden, in plaats van andersom; Beleid is te vrijblijvend: randvoorwaarden biodiversiteit zijn niet vastgelegd in het ontwerpproces (speelt o.a. bij Nieuwveense Landen). Financiële belangen van ontwikkelaars spelen hierbij een rol; Minder politieke aandacht en ontbreken meerjarig commitment; Beperkingen in tijd en capaciteit vanuit de gemeente.
Bijlage VII Analyse ecologische knelpunten Vetgedrukte teksten zijn de knelpunten en verzameld in paragraaf 2.4.
Landelijk gebied Ieder van deze gebieden kent deels venige en deels zandige ondergronden. De huidige functies in het landelijk gebied zijn natuur, landbouw, wonen, recreatie en waterberging in de Wold Aa Zone. De landschappen zijn gevormd door natuurlijke processen enerzijds en de menselijke ingrepen anderzijds. Zo hebben de rivieren een belangrijke rol gespeeld bij de vorming van het halfopen landschap met deels bebossing en deels graslanden. De rivieren werden oorspronkelijk begeleid door verschillende type graslanden die regelmatig overstroomden. Door de vruchtbaarheid van deze bodems is in de 19e eeuw het agrarisch landgebruik toegenomen en sinds de ruilverkavelingen, die plaatsvonden tussen de jaren ’60 en jaren ’90 van de vorige eeuw, is de landbouw verder geïntensiveerd. De ruilverkavelingspatronen en de gevolgen van intensieve landbouw zijn voornamelijk in het Kolderveen- en Nijeveengebied en Nijentap aanwezig. Door deze menselijke ingrepen bestaat dit huidige landschap veelal uit landbouwpercelen met agrarische sloten. Daarnaast zijn in verschillende mate nog restanten van het esgehuchtenlandschap, met name in de Wold Aa Zone en het hoevenlandschap, met name in De Schiphorst, zichtbaar aanwezig in de vorm van oude boerderijen met ruige vegetatie, houtwallen en singels, bosschages en bloemrijke hooilanden (afbeelding 7).
In deze oude kenmerkende landschappen komt kleinschalige extensieve landbouw voor. In Tabel 3 staan de oplossingsrichtingen die aansluiten bij de geformuleerde knelpunten in het landelijk gebied. Deze maatregelen kunnen zowel de natuurgebieden (Wold Aa Zone en Het Reestdal) als de boerenlandschappen (onder andere Kolder- & Nijeveengebied) binnen de gemeente betreffen. Onder ‘toelichting’ staan in de tabel voorbeelden van plant- en diersoorten en gebieden binnen Meppel waarop de maatregel van toepassing is. Afbeelding 9 Esgehuchtenlandschap in Meppel: een historische hoeve en erf aan de Reggersweg (links) en een es met reliëf, akkers en houtwallen (rechts) [bron 6]
Het buitengebied is over het algemeen droger en voedselrijker geworden. Het peilbeheer is veelal afgestemd op agrarisch gebruik. Het gebruik van (kunst)mest is door de tijd heen weliswaar afgenomen, maar nog steeds is sprake van een overschot. Dit heeft tot gevolg dat de waterkwaliteit is verslechterd, waardoor habitat minder of niet geschikt is geworden voor waterplanten, libellen, vissen en amfibieën. Dit geldt onder andere voor krabbenscheer, kleine modderkruiper en de heikikker. Daarnaast is er, mede als gevolg van ruilverkavelingen, een afname van het aantal en de omvang van landschapselementen geweest. Het gaat dan bijvoorbeeld om houtwallen, bosschages, singels en oude erfstructuren met ruige vegetatie, gevels en schuurtjes, die habitat bieden voor bomen als de grauwe wilg en meidoorn en dieren als de sperwer, geelgors en satijnvlinder. Ook zijn deze landschapselementen van belang, evenals als sloten en bomenlanen, voor verplaatsing tussen verblijfplaatsen en foerageergebieden voor vleermuizen, zoals de meervleermuis en de laatvlieger (afbeelding 10). De leefgebieden van deze soorten moeten verbeterd worden door de landschapselementen te behouden en opnieuw aan te leggen. Tot slot speelt versnippering van habitat een rol in de achteruitgang van de kwaliteit van de leefgebieden van planten en dieren.
In de Wold Aa Zone, De Schiphorst en het Reestdal vormen de snelwegen A28 en A32 een obstakel in de verspreiding en verplaatsing van soorten. Regelmatig zijn er meldingen van verkeersslachtoffers onder boommarters, buizerds en kerkuilen.
Afbeelding 10 De meervleermuis [bron 20] en de satijnvlinder [bron 21]
In het Reestdal spelen de bijzondere natuurwaarden een hoofdrol. De Reest is een meanderende rivier in een open landschap met enkele elzensingels. De rivier wordt gevoed door regenwater en grondwater en wordt begeleid door vochtige graslanden en moerassen.
Door de invloed van grondwater komen er bijzondere plantensoorten zoals moeraskartelblad voor en de afwisseling in vochtigheid en voedselrijkdom zorgt voor een grote variatie in soorten. Echter ook hier hebben ontwatering en verrijking met meststoffen negatieve invloed op de kwaliteit van het water- en bodemsysteem en daarmee op de planten en dieren. Er is sprake van verruiging met onder andere brandnetel en akkerdistel, ten koste van zeldzamere soorten zoals salomonszegel en noordse zegge. Door middel van gericht beheer, zoals maaien en afvoeren, kan de voedselrijkdom worden verlaagd en kunnen bijzondere soorten een grotere kans krijgen om te groeien. Uitbreiding van exoten vormen op dezelfde manier als verruiging een bedreiging voor zeldzame soorten. Met name de reuzenberenklauw in het Reestdal en de Japanse duizendknoop in de Wold Aa Zone.
Stedelijk gebied Het stedelijk gebied bestaat uit bedrijventerreinen en woongebieden. Bedrijventerreinen De bedrijventerreinen zijn veelal ontwikkeld op voormalige landbouwpercelen. De ontwikkeling van de bedrijventerreinen is in de 20e eeuw gestart en tot op heden vinden er nog uitbreidingen plaats. Ondanks dat natuur geen hoofdrol lijkt te spelen in deze gebieden, zijn er meerdere landschapselementen aanwezig die deel uitmaken van een ecosysteem waar soorten gebruik van kunnen maken. Hiertoe behoren de gebouwen zelf (daken, gevels), braakliggende terreinen, bermen langs sporen, wegen en industrieterreinen en kleine plassen en rivieren, die vanuit het landelijk gebied de stad in stromen. De gebouwen bieden onderdak aan vogels en vleermuizen, waaronder de visdief, die gebruik maakt van de platte (grind)daken die relatief veel voorkomen op de bedrijventerreinen. In Blankenstein zijn meerdere kleine parken en watergangen aanwezig. In het gebied Oevers is relatief weinig beplanting aanwezig en alleen in de vorm van bermen, lanen en braakliggende terreinen. De ondergrond van de bedrijventerreinen bestaat uit opgehoogd zand en een aantal relicten van voedselarme graslanden, waar zeldzame soorten als stijve ogentroost en kartuizer anjer (afbeelding 11) voorkomen.
Ontwikkeling van nieuwe bedrijventerreinen op graslanden vormt een bedreiging voor bestaande natuurwaarden, met name voor weidevogels als wulp, kieviet en scholekster. Hoewel landelijke soorten zullen verdwijnen, zijn er nieuwe kansen voor stedelijke soorten. Denk aan natuurinclusief bouwen, waardoor gebouwgebonden soorten een kans krijgen om zich te vestigen. Braakliggende gronden op de bedrijventerreinen bieden leefgebied voor (pioniers)soorten in de vorm van ‘tijdelijke natuur’ met soorten als klein kruiskruid en de teunisbloem, die vervolgens vogels als de putter kunnen aantrekken. Mogelijk verbetert de waterkwaliteit, mits er geen lozing van schadelijke stoffen door bedrijven plaatsvindt. Net als in het landelijk gebied zijn landschapselementen, zoals struiken, bomenlanen en watergangen voor vleermuizen en vogels van groot belang als verbindingen tussen verblijfplaats (gebouwen) en foerageergebied (open water, graslanden). Er is een tekort aan deze landschapselementen omdat er te weinig ruimte is door een te hoge bebouwingsdichtheid. Bovendien worden grasvelden, bermen of bomenlanen in en rondom de bedrijventerreinen van Meppel intensief gemaaid en ‘strak’ beheerd, waardoor er weinig variatie (structuur en soorten) in de vegetatie aanwezig is en dat draagt helaas bij aan een lage biodiversiteit op bedrijventerreinen.
Afbeelding 11 Soorten van voedselarme zandgronden: a) stijve ogentroost en b) kartuizer anjer [bron 14]
Woongebieden Een aantal woonwijken grenzen aan landbouwgebied. Voordat de woonwijken werden gerealiseerd bestonden deze wijken zelf ook uit landbouwgronden. Er zijn hier vele kleine watergangen aanwezig die de gebieden hebben ontwaterd ten behoeve van agrarisch gebruik. De meeste woonwijken zijn in de tweede helft van de 20e eeuw gerealiseerd, en sinds 2015 ligt in de Nieuwveense Landen een nieuwbouwwijk die gedurende komende jaren verder wordt uitgebreid. De ligging van de wijk tussen landbouwpercelen is gunstig voor huiszwaluwen, door de aanwezigheid van insecten rondom boerderijen en de nestmogelijkheden in woonwijken. De nieuwbouwwijk Nieuwveense Landen is zo ingericht
dat er voldoende ruimte is voor ecologische verbindingszones tussen woonwijken en de omliggende landbouwgronden. Daarnaast komen in de zandwinplas in de Nieuwveense Landen (Bremenbergplas) met haar kale oevers, rietlanden en ruigtes leefgebieden voor van verscheidene soorten vogels, zoals de rietgors, kleine karekiet, kleine plevier en de oeverzwaluw. Mogelijk wordt de actieve zandwinning na 2030 stopgezet. Indien het wordt ontwikkeld als recreatiegebied kan dat leiden tot verlies van habitat voor deze soorten. In woonwijken zorgen kruidenrijke groenstroken en bomenlanen voor verbinding tussen leefgebieden van onder andere insecten, zoals de grote keizerlibel. Oude bomenlanen in Meppel (in Nijeveen, Berggierslanden en Oosterboer) met inheemse soorten als de zomereik bieden voedsel voor eekhoorns en nestmogelijkheden voor vele vogels, waaronder de groenling, boomkruiper en boomklever. Langs bomenlanen in onder andere Oosterboer met niet-inheemse soorten als de plataan komen minder vogel- en insectensoorten voor. Nijeveen is een agrarisch dorp op zandgrond te midden van de landbouwpercelen in het laagveen ontginningslandschap, wat zich kenmerkt door de oude boerderijen met grote tuinen, afgewisseld met nieuwere woonwijken die in de tweede helft van de 20e eeuw zijn gebouwd. In de oude boerderijen bieden spouwmuren nestmogelijkheden voor vogels en vleermuizen.
Isolatie van woningen vormt een bedreiging voor deze soorten, wat gecompenseerd kan worden door bijvoorbeeld het installeren van nestkasten. Tot slot zijn de grote tuinen in Nijeveen belangrijk voor voedsel voor de egel. Helaas wordt de voedselvoorziening van de egel beperkt door de aanwezigheid van omheining en verstening van tuinen. De mix van bouwvormen met verschillende type daken (platte daken, dakpannen waaronder zadeldaken) in de woonwijken Koedijkslanden, Berggierslanden en Haveltermade is gunstig voor vogels en vleermuizen. Zowel daken als open ruimtes in de woningen (spouwmuren) bieden ruimte voor de laatvlieger en gierzwaluw. Ook de steenmarter komt voor in de bebouwde kom, waar hij jaagt op knaagdieren en bessen eet. Zowel De Koedijkslanden als Berggierslanden hebben een groen karakter door de aanwezigheid van bloemrijke oevers langs watergangen en plantsoenen met variatie in gras, bomen en heesters. Ook de tuinen met soorten- en structuurrijke vegetatie dragen bij aan de natuurwaarden van de woonwijken. Planten, zoals beemdkroon, klein streepzaad, hondsroos en kardinaalsmuts en variatie daarin bieden vervolgens leefgebied voor libellen, vlinders, bijen, hommels en vogels.
Naast de geschiktheid van deze wijken voor planten en dieren zorgt de relatief kleine afstand tot het Nationale Park Weerribben-Wieden voor bijzondere insectensoorten zoals de Noordse winterjuffer. Echter worden in veel nieuwbouwwijken (Nieuwveense Landen, Nijeveen) soorten die verwacht worden nog nauwelijks waargenomen, zoals vleermuizen en vogels. Deze soorten vinden er minder makkelijk onderdak door de geïsoleerde muren. Wel zijn braakliggende gronden bij de bouw van nieuwbouwwijken, net als op bedrijventerreinen, onderdeel van leefgebied voor pionierssoorten. Geïsoleerde muren vormen ook een bedreiging voor soorten in woningen die gerenoveerd worden ten behoeve van verduurzaming.
Het Centrum heeft een minder groen karakter dan bovengenoemde wijken. Tuinen met beplanting zijn aanwezig, maar de tuinen bestaan grotendeels uit steen waardoor de aanwezigheid van planten, vogels en insecten beperkt is. Wel komen in zowel het Centrum als Haveltermade soorten voor waarvan een stenige omgeving onderdeel is van hun leefgebied. In het historische centrum leven gierzwaluwen, huismussen, de zwarte roodstaart (afbeelding 12) en vleermuizen, waaronder de gewone dwergvleermuis, tussen de gevels, daken en muren. Bovendien bieden de muren habitat voor mossen en planten, zoals de steenbreekvaren en de muurleeuwenbek (afbeelding 12). In tegenstelling tot de overwegend stenige ondergrond van Haveltermade, is in het Noorderpark in Haveltermade op de veenbodem een permacultuur gerealiseerd en rondom de vijver komt moeras- en watervegetatie met waterviolier, holpijp en fonteinkruiden voor. Hierdoor biedt het park schuil, nest- en voedselvoorziening voor insecten (onder andere nachtvlinders), vogels en zoogdieren. Ook andere (sport)parken in gemeente Meppel zijn leefgebied van vogelpopulaties, zoals de roeken in het Wilhelminapark, het Mandenmakerspark in de Nieuwveense Landen en scholeksters op de sportvelden van de Berggierslanden en Ezinge. Afbeelding 12 Soorten in het historisch centrum van Meppel met a) de zwarte roodstaart en b) muurleeuwenbek
In tabel 4 staan de oplossingsrichtingen die aansluiten bij de ecologische knelpunten in het stedelijk gebied van gemeente Meppel. Deze maatregelen kunnen passend zijn voor woonwijken of bedrijventerreinen. Onder ‘toelichting’ staan in de tabel voorbeelden van planten diersoorten en gebieden binnen Meppel waarop de maatregel van toepassing is.
Groenblauwe hoofdstructuur Het landelijk en stedelijk gebied worden in de gemeente Meppel verbonden door meerdere beken die vanaf de hogere zandgronden in Meppel samenkomen: de Wold Aa, de Reest en de Oude Vaart. Deze wateren hebben samen met de kleinere watergangen een verbindende functie in het landschap. Tot de groenblauwe structuur behoort het stromende water, de (moerassige) oevers en de kades. Binnen de gemeente is een grote variatie in de groenblauwe hoofdstructuur: van beken begeleid door moerassige graslanden met een voedselarm karakter tot intensief beheerde oevervegetatie of beschoeiing. De Wold Aa Zone en het Reestdal kennen rijk begroeide oevers met moerasvegetatie en voedselarme graslandsoorten (gewone dotterbloem, rietorchis), wat tot het leefgebied van de vele vogels en insecten behoort (ijsvogel, groene glazenmaker; afbeelding 13). De rijke oever- en
watervegetatie (met onder andere krabbenscheer) indiceren een goede staat van de waterkwaliteit waardoor het geschikt leefgebied is voor amfibieën en vissen (bittervoorn; afbeelding 13). Ook in de Berggierslanden en Nieuwveense Landen zijn geschikte oeverzones voor deze soorten, met natuurlijke overgangen van land naar water. Daarnaast zijn in de gemeente geschikte leefgebieden voor soorten die kenmerkend zijn voor het laagveengebied de Weerribben-Wieden, die via de groenblauwe structuur de gemeente in kunnen migreren. Zo komen in de natuurgebieden van Meppel de otter en de in de toekomst zeer waarschijnlijk ook de bever voor. Langs vele watergangen in de Berggierslanden en Nijeveense Landen vindt (intensief) maaibeheer van de oevervegetatie en rietlanden plaats voor of in het broedseizoen. Hierdoor zijn schuilmogelijkheden en voedselvoorziening voor vissen, amfibieën en insecten beperkt en komen typische vogelsoorten van rietlanden (rietzanger, rietgors) niet voor. Ook beschoeiing langs watergangen vormt een barrière voor soorten die van land naar water migreren, zoals amfibieën als de ringslang en de kamsalamander. Naast beheer kan recreatie een negatieve impact hebben op soorten in en om het water. Zo kunnen aanmerende boten schade toebrengen aan de oevervegetatie en broedende watervogels verstoren en de waterkwaliteit verslechteren door lozingen.