1.15 Reestmond - Herziene begroting 2021 - 02.pdf
Tekst van het document
HERZIENE BEGROTING 2021
REESTMOND
1
Inhoud 1 JAARPLAN ...........................................................................................3
SAMENSTELLING ALGEMEEN BESTUUR SAMENSTELLING DAGELIJKS BESTUUR SAMENSTELLING DIRECTIE EN MANAGEMENT
4 4 4
UITGANGSPUNTEN BEGROTING 2021 SAMENVATTING KADERBRIEF 2021
5 5 6
2 BATEN EN LASTEN ..................................................................................8
ALGEMEEN GRONDSLAGEN WAARDERING EN RESULTAATBEPALING TOEGEVOEGDE WAARDE (OP AFDELING) LOON- EN BEGELEIDINGSKOSTEN WSW OVERIGE PERSONEELSKOSTEN PERSONEELSKOSTEN NIET-WSW AFSCHRIJVINGEN HUUR ONDERHOUD ENERGIE VERZEKERINGEN EN BELASTINGEN DIENSTVERLENING DERDEN VERKOOPKOSTEN INDIRECTE PRODUCTIEKOSTEN OVERIGE BEDRIJFSLASTEN ONVOORZIEN SALDO VAN DE FINANCIERINGSFUNCTIE FRICTIEKOSTEN INCIDENTELE BATEN/LASTEN GEMEENTELIJKE BIJDRAGEN
10 11 12 13 13 14 14 14 15 15 15 16 16 16 17 17 17 17 18 18
3 PARAGRAFEN ...................................................................................... 19
21 22 23 24 25
ALGEMEEN INVENTARISATIE VAN DE WEERSTANDSCAPACITEIT RISICO’S BEPALING WEERSTANDSVERMOGEN VERLOOP RESERVES EN VOORZIENINGEN
2
1 JAARPLAN
3
Samenstelling bestuur en directieteam per 01-01-2020 Samenstelling Algemeen Bestuur
Gemeente
Bestuurders
Gemeente Meppel
De heer H. ten Hulscher (voorzitter)
Gemeente Meppel
De heer R.P. Koning
Gemeente Staphorst
De heer A. Mussche (plv. secretaris)
Gemeente Staphorst
De heer L. Mulder
Gemeente Westerveld
De heer J.Y.A. de Haas (secretaris)
Gemeente Westerveld
De heer K. Smidt
Samenstelling Dagelijks Bestuur
Gemeente
Bestuurders
Gemeente Meppel
De heer H. ten Hulscher (voorzitter)
Gemeente Westerveld
De heer J.Y.A. de Haas (secretaris)
Gemeente Staphorst
De heer A. Mussche (plv. secretaris)
Samenstelling Directie en management
Functie Directeur
De heer P. Kuipers
Teamleider Ondersteuning
Mevr. V. den Dekker
4
De opzet van de begroting 2021 Uitgangspunten begroting 2021 Bij de opstelling van de begroting 2021 gelden de volgende uitgangspunten: -
-
Uitgangspunt is dat Reestmond per 1 januari 2019 in beginsel is ingericht op basis van het in oktober 2017 vastgestelde Herinrichtingsplan ‘Reestmond In Ontwikkeling’ (RIO): de bedrijfsvoering van Reestmond is geoptimaliseerd, waarbij de interne organisatie dusdanig is ingericht dat het, naast het faciliteren van de huidige Sw-medewerkers, de brede doelgroep van de Participatiewet op kwalitatieve en efficiënte wijze kan faciliteren door middel van werkplekken en ontwikkeltrajecten; De begroting is opgesteld op basis van zo recent mogelijke bekende en verwachte ontwikkelingen. De Groen & Grijs activiteiten van Westerveld en Staphorst maken per 1-1-2021 geen deel meer uit van de begroting. De personeelskosten zijn ingeschat rekening houdende met een indexatie van 2% per jaar. In deze begroting is rekening gehouden met de verwachte uitstroom door pensioengerechtigde leeftijd en ziekte. De in 2017 opgerichte Reestdal B.V. heet na een naamswijziging Reestdal werken B.V.. Hierin wordt beschut werken ondergebracht. In de uitwerking van deze begroting is hiermee geen rekening gehouden. De resultaten van Remet B.V. zijn in deze begroting buiten beschouwing gelaten. In de herziene begroting zijn de 5 medewerkers van Westerveld die bij Reestmond in dienst blijven verwerkt. Samenvatting
Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
2019
2020
2021
2022
2023
2024
Toegevoegde waarde
3.670
3.490
2.953
2.853
2.753
2.653
Personeelskosten WSW
11.420
10.746
9.906
9.455
9.217
8.889
Personeelskosten niet WSW
1.434
1.720
1.613
1.526
1.521
1.546
Overige personeelskosten
432
389
432
432
432
432
1.718
1.510
1.558
1.582
1.605
1.629
-11.334
-10.873
-10.556
-10.142
-10.022
-9.843
Bedrijfslasten Saldo baten en lasten Frictie uitkering Gemeente De Wolden Bijdragen deelnemende gemeenten Resultaat na bijdragen
-
216
212
199
183
-
-
11.487
10.661
10.357
9.959
10.022
9.843
-
-
-
-
-
368
Door de afstoting van de afdeling Groen & Grijs Westerveld en Staphorst vanaf 2021 neemt de toegevoegde waarde met ca 0,5 mln af. De personeeslkosten WSW nemen door de afstoting af met ca. 1,3 mln. De opbrengsten uit detacheringen nemen af met van ca. 0,1 mln per jaar. Dit wordt grotendeels veroorzaakt door de afnemende inzetbaarheid van het personeelsbestand. De overige kosten stijgen door aanpassing met een indexering van 2% (-0,1 mln). Uittredingsvergoeding vanuit de Wolden ingerekend voor de overeengekomen bedragen in de begrotingsperiode, in 2023 vervalt de bijdrage met 0,2 mln negatief effect op resultaat.
5
Kaderbrief 2021 De opstelling van deze begroting is gebaseerd op de aan de gemeenteraden aangeboden kaderbrief 2021. Inleiding De kaderbrief is één van de planning en control documenten die de GR Reestmond jaarlijks aan u voorlegt. De andere documenten zijn het jaarverslag/jaarrekening en de begroting (met meerjarendoorrekening). Met deze kaderbrief informeren wij u op hoofdlijnen over de beleidsinhoudelijke voornemens en de financiële gevolgen daarvan voor 2021. Een verdere detaillering hiervan komt tot uiting in de begroting 2021 en de meerjarendoorrekening 2022-2024. Vertrekpunt van deze kadernota is de begroting 2020, inclusief de verwachtingen voor de toekomst voor zover bij ons bekend tijdens het opmaken van deze brief. Wij nodigen u uit om vroegtijdig te reageren op het beleid en de activiteiten van de GR Reestmond, zodat wij uw inbreng goed mee kunnen wegen bij het opstellen van de begroting 2021 en de meerjarendoorrekening. Wij zien uw reactie graag uiterlijk 15 maart 2020 tegemoet. Reestmond 2021 Reestmond is een bijzonder bedrijf. Géén bedrijf in de klassieke zin van het woord. Géén bedrijf dat als doel heeft winst te maken. Wél een bedrijf waarin de mensontwikkeling een belangrijke plaats heeft en een bedrijf dat een uitstekende relatie met zijn opdrachtgevers onderhoudt, effectief is en probeert haar mensen zo efficiënt mogelijk in te zetten.
Kortom een bedrijf dat met hart en hoofd werkt. Reestmond is een organisatie ontstaan uit de voormalige Wet Sociale Werkvoorziening. De invoering van de Participatiewet in 2015 had gevolgen voor de instroom in de sociale werkvoorziening, dus ook voor Reestmond. In het beleidsstuk ‘Bouwen op een goed fundament’ heeft het bestuur de rol van Reestmond opnieuw geformuleerd. Op basis daarvan is gekozen voor het organisatiemodel Reestmond In Ontwikkeling (RIO). In de loop van 2018 is een begin gemaakt met het implementeren hiervan. De transformatie is ingezet om van een productiegeoriënteerd bedrijf naar een procesgestuurde arbeidsontwikkelorganisatie te komen. De organisatie zal blijven bestaan voor de medewerkers met een WSW dienstverband. Tevens is de infrastructuur beschikbaar voor de nieuwe doelgroep Beschut werk. Verder biedt Reestmond werkfit-, leeren arbeidstrajecten voor meerdere doelgroepen. Recente ontwikkelingen De gemeente Westerveld heeft in juni 2019 aangegeven dat zij de groenmedewerkers (nog) niet zelf in dienst nemen. De gemeente Westerveld onderzoekt detachering in samenspraak met een externe partij. Die partij is dan verantwoordelijk voor de uitvoering van het groenbeleid in de gemeente Westerveld. De gemeente Staphorst heeft nog geen besluit genomen over de overname van het personeel.
De onzekerheid wat betreft het overnemen van het personeel door Westerveld en Staphorst heeft consequenties voor het begrotingsresultaat, omdat voor 2020 de groen medewerkers niet meer meegenomen waren in de begroting. In 2019 is Reestdal Werken B.V. opgericht. In deze B.V. kunnen de drie gemeenten de medewerkers onderbrengen met een indicatie Beschut werk (nieuw). In eerste instantie gaan medewerkers op de verschillende afdelingen van Reestmond werken om daarmee te onderzoeken welk werk het beste bij de betreffende medewerker past. Hiermee worden deze werknemers begeleidt in hun arbeidsontwikkeling. De samenwerking tussen Reestmond en de gemeenten in het Sociaal Domein is versterkt. De gemeente heeft de regie op beleid en uitvoering van de Participatiewet. Reestmond heeft een uitvoerende rol. Gemeente Westerveld gaat de uitvoering van de Participatiewet in eigen huis uitvoeren en zal daardoor ook meer gaan samenwerken met Reestmond. In 2020 zullen we de thermometer steken in alle afspraken van het RIO om de voortgang te beoordelen en om na te gaan hoe die zich verhouden ten opzichte van de recente ontwikkelingen en mogelijkheden om eind 2020 volop te focussen op de twee hoofdzaken: 1. De mens met arbeidsontwikkelingscapaciteit. 2. De bedrijfsvoering Reestmond. 6
1. De mens met arbeidsontwikkelingscapaciteit - De arbeidsontwikkeling van de medewerkers (doorstroom). De medewerkers die op basis van een Wswindicatie in het kader van een ontwikkeltraject werkzaam zijn bij de GR Reestmond, worden ontwikkeld en opgeleid ten behoeve van het verkrijgen van een passende baan in een zo regulier mogelijke werkomgeving. - Medewerkers die niet in staat zijn uit te stromen naar regulier werk, krijgen binnen het bedrijf werk aangeboden dat is afgestemd op hun mogelijkheden. Door de stijgende leeftijd en daarmee meer ouderdoms-/ziekte verschijnselen moeten er steeds vaker aanpassingen plaatsvinden. De mens staat hierin centraal. 2. Bedrijfsvoering Reestmond - Het bieden van kwalitatief en kwantitatief voldoende werksoorten voor de Wsw-er en medewerkers die op basis van een traject werkzaam zijn bij Reestmond; - Het realiseren van de hoogst haalbare verdiencapaciteit en netto toegevoegde waarde per medewerker, met in achtneming van zijn/haar competenties en vaardigheden, maar ook de belemmeringen. - Het bieden van maatwerkoplossingen aan opdrachtgevers ten behoeve van het realiseren van de verdiencapaciteit (producten, detacheringen, beschut werken). - Het zoeken naar mogelijkheden om tijdens de komende jaren van krimp, de overhead in geleidelijkheid te laten afnemen en de opbrengsten zo optimaal mogelijk te houden.
Detaillering begroting 2021 en de meerjarendoorrekening 2022-2024. Het is van belang de financiële basis en uitgangspunten op orde te hebben. Samen met de deelnemende gemeenten wordt geïnvesteerd in de kwaliteit van de financiële gegevens. De begroting 2020 is de basis voor de begroting 2021 en verdere jaren. Voor de realistische begroting zijn besluiten nodig van de gemeenten. Met name ten aanzien van het groen/grijs. Het Dagelijks Bestuur van Reestmond gaat er vanuit dat ook in 2021 met de inzet van deskundigheid gewerkt wordt aan de bestuurlijk vastgelegde opdracht. Zienswijzen Gemeente Meppel De gemeente Meppel geeft in haar zienswijze aan dat er uitvoering moet worden gegeven aan de opdracht voor het groen en dat de betreffende mensen moeten worden overgenomen. Verder moet er vanuit Reestmond helderheid gegeven worden over de positie van metaal. Gemeente Staphorst De Gemeente Staphorst vraagt om een aanpassing in de financiële verdeling tussen de drie partners in de begroting 2021. Daarbij dient het aantal inwoners per gemeente dat een dienstverband bij Reestmond heeft het leidende criterium te zijn. Gemeente Westerveld De gemeente Westerveld geeft in haar zienswijze aan dat de begroting van 2021 meer in balans dient te komen met de inbreng van de drie deelnemende gemeenten. Zij stellen een verdeling voor op basis van het aantal medewerkers per gemeente (per SE).
Verwerking Reestmond Reestmond heeft bij het opstellen van de begroting 2021 rekening gehouden met de ingediende zienswijzen. Vanaf 2021 maken de Groen & Grijs activiteiten van Westerveld en Staphorst geen deel meer uit van de begroting. Daarnaast is een verdeling van de gemeentelijke bijdrage op basis van SE’s opgenomen.
7
2 BATEN EN LASTEN Alle bedragen in € 1.000,- tenzij anders aangegeven.
8
OVERZICHT VAN BATEN EN LASTEN, INCLUSIEF MEERJAREN DOORREKENINGEN
Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
2019
2020
Omzet Inkoopwaarde van de omzet Toegevoegde waarde
3.886
2021 -
2022
3.053
2023
2.953
2024
2.853
2.753
-216
-
-100
-100
-100
-100
3.670
3.490
2.953
2.853
2.753
2.653
Bedrijfskosten Personeelskosten WSW
11.420
10.746
9.906
9.455
9.217
8.889
Overige personeelskosten
432
389
432
432
432
432
Personeelskosten niet WSW
1.434
1.720
1.613
1.526
1.521
1.546
291
373
373
373
373
373
Afschrijvingen Huur
5
8
8
8
8
8
Onderhoud
325
283
297
303
309
315
Energie
263
255
262
267
273
278
Verzekeringen en belastingen
148
147
156
159
162
165
Dienstverlening derden
175
75
111
113
115
118
Verkoopkosten
1
51
5
5
5
5
Indirecte productiekosten
82
96
103
105
107
109
Overige bedrijfslasten
635
182
215
219
223
228
Onvoorzien
-
25
25
25
25
25
Saldo van de financieringsfunctie
-1
15
4
4
4
4
15.210
14.364
13.509
12.995
12.775
12.496
-11.540
-10.873
-10.556
-10.142
-10.022
-9.843
Vergoeding frictiekosten uittreding De Wolden 216
212
199
183
-
-
Frictiekosten Reestmond
-
-
-
-
-
422
212
199
183
-
-
11.487
10.661
10.357
9.959
10.022
9.843
-
-
-
-
-
Bedrijfsresultaat
Incidentele baten/lasten
Bijdragen deelnemende gemeenten Resultaat
206
368
9
VERDELING NAAR TAAKVELDEN Op grond van de BBV is het verplicht om de activiteiten in te delen in taakvelden. De achterliggende gedachte hierbij is dat de diverse gemeenten en Gemeenschappelijke Regelingen meer vergelijkbaar worden. Reestmond kent twee taakvelden, te weten: Begeleide participatie (uitvoering Wsw; taakveld 6.4); Overhead (taakveld 0.4). Voor 2021-2024 geeft dit de onderstaande verdeling naar taakvelden. 2021
2022
Beg. Particip. Overhead fte:
338,7
Toegevoegde waarden
2.953
Personele lasten
9.648
Afschrijvingen
339
Huur
Totalen 373,0
326,7
2.953
2.853
2.303
11.951
9.193
34
373
338
8
8
34,4
8
2023
Beg. Particip. Overhead
Totalen
2024
Beg. Particip. Overhead
Totalen
Beg. Particip. Overhead
Totalen
352,2
309,6
340,0
2.753
2.653
360,1
320,9
2.853
2.753
2.220
11.413
9.043
2.127
11.170
8.789
2.078
10.867
35
373
340
33
373
340
33
373
8
8
8
8
33,4
31,4
30,4
2.653
8
Onderhoud
269
27
297
275
28
303
281
27
309
287
28
315
Energie
238
24
262
243
25
267
248
24
273
253
25
278
Verzekeringen en belastingen
141
14
156
144
15
159
148
14
162
151
15
165
Dienstverlening derden
101
10
111
103
10
113
105
10
115
107
11
118
5
0
5
5
0
5
5
0
5
5
0
103
105
105
107
107
109
Verkoopkosten
5
Indirecte productiekosten
103
Overige bedrijfslasten
195
20
215
199
20
219
204
20
223
208
20
228
Onvoorzien
23
2
25
23
2
25
23
2
25
23
2
25
Saldo van de financieringsfunctie
4
4
4
4
4
4
4
-2.436
-10.556
-7.786
-2.356
-10.142
-7.763
-2.259
-10.022
-7.630
-2.212
-9.843
Saldo baten en lasten Frictie uitkering Gemeente De Wolden
-8.120 199
109
4
199
183
183
-
-
-
Bijdragen deelnemende gemeenten
7.921
2.436
10.357
7.603
2.356
9.959
7.763
2.259
10.022
7.630
2.212
9.843
-
Resultaat na bijdragen
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
Aan de overhead zijn de volgende personele lasten toegerekend: Werkleiding (zowel Wsw als niet-Wsw); Directie en management; Staf (zowel Wsw als niet-Wsw). en daarnaast de naar rato hiervan afgeleide niet personele lasten. Gezien de geringe omvang van de financieringslasten hoeven deze niet te worden verdisconteerd over de taakvelden. In bovenstaand overzicht zijn deze toegewezen aan het taakveld ‘sociaal domein’ (uitvoering Wsw).
TOELICHTING OVERZICHT VAN BATEN EN LASTEN Algemeen In de begroting 2021 is gerekend op basis van zo recent mogelijke bekende en verwachte ontwikkelingen. Verder is voor de begroting 2021 en de doorrekeningen 2022 – 2024 gerekend met de onderstaande uitgangspunten: Een algemene prijsstijging van 2 % per jaar, conform inflatie. Een stijging van de personeelskosten met 2%, rekening houdend met pensionering en uitstroom door ziekte. De afdelingen Groen & Grijs Westerveld en Staphorst zijn per 1-1-2021 niet meer meegenomen (32 personen). Geen TW ingerekend voor Reestdal Werken B.V., mensen worden wel ingezet bij Reestmond beschut werken. De resultaten van Remet en Reestdal Werken B.V. blijven buiten beschouwing.
10
Vergelijkende cijfers In de overzichten die zijn opgenomen in deze begroting, zijn voor de vergelijking de cijfers van de concept jaarrekening 2019 en de begroting 2020 opgenomen. Medewerker aantallen In de begroting 2021 en verder wordt uitgegaan van de onderstaande aantallen FTE Wsw-medewerkers (in loondienst c.q. Begeleid Werken): FTE
2020
2021
2022
2023
2024
Gemeente Meppel
232,3
220,0
210,1
206,7
198,3
Gemeente Staphorst
38,2
29,2
29,2
28,5
28,2
Gemeente Westerveld
105,1
81,1
74,1
74,1
72,1
Gemeente de Wolden
38,1
36,1
34,3
31,5
29,0
413,7
366,4
347,7
340,9
327,6
Totaal
Grondslagen waardering en resultaatbepaling De begroting 2021 is opgemaakt met inachtneming van de bepalingen van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV). Algemene grondslagen Binnen de bepalingen van het BBV worden baten en lasten toegerekend aan de periode waarop ze betrekking hebben. Winsten worden slechts opgenomen indien zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar worden opgenomen indien bekend voor het opmaken van de jaarrekening. Omzet De omzet betreft de opbrengst van aan derden geleverde goederen en diensten, exclusief BTW en onder aftrek van eventuele kortingen. Inkoopwaarde van de omzet De inkoopwaarde bestaat uit grondstoffenverbruik, uitbesteed werk en fabricageresultaten. Het grondstoffenverbruik wordt berekend op basis van standaard verrekenprijzen. Uitbesteed werk op basis van in rekening gebrachte bedragen voor daadwerkelijk in het boekjaar verleende diensten en fabricageresultaten worden ontleend aan de productieboekhouding. Personeelskosten Wsw Dit betreffen de aan het boekjaar toe te rekenen brutolonen van het Wsw personeel, vermeerderd met vakantierechten en een eindejaarsuitkering, alsmede sociale en pensioenlasten daarover. Op het boekjaar betrekking hebbende ontvangen ziekengelden en afdrachtverminderingen worden in mindering gebracht.
Personeelskosten niet Wsw Dit betreffen de aan het boekjaar toe te rekenen bruto lonen van het ambtelijk personeel, vermeerderd met vakantierechten en een eindejaarsuitkering, alsmede sociale en pensioenlasten daarover. Daarnaast zijn onder deze noemer de kosten van het door RRC BV doorbelaste overige personeel verantwoord. Begeleidingskosten BW (Begeleid Werken) Betreffen de kosten van de vergoedingen aan reguliere werkgevers welke WSW-medewerkers in loondienst hebben en deze begeleiden. Reestmond ontvangt hiervoor de Rijkssubsidies. Afschrijvingen Dit betreft de afschrijvingskosten van vaste activa. De afschrijvingstermijn is gebaseerd op de technische en economische levensduur. 11
Overige bedrijfslasten De overige bedrijfskosten hebben met name betrekking op de indirecte bedrijfsvoering. Saldo van de financieringsfunctie Dit betreft het saldo van de rentelasten en de rentebaten. Gelet op de geringe omvang van deze functie behoeft geen rente toerekening aan de taakvelden plaats te vinden. Bijdragen deelnemende gemeenten Dit betreft de bijdragen van de in de gemeenschappelijke regeling deelnemende gemeenten in de voorziene exploitatietekorten. Toegevoegde waarde (op afdeling)
Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
2019
2020
2021
2022
2023
2024
Metaal
168
155
150
150
150
150
Assembleren & Verpakken
678
775
735
735
735
735
Facilitair
212
207
173
173
173
173
Groen & Grijs
1.111
790
582
582
582
582
Detachering
1.151
1.163
979
879
779
679 166
Staf/overige
15
Inkopen werkplekken
135
147
166
166
166
Trajecten Gemeenten
62
87
55
55
55
55
Huurbaten
153
151
113
113
113
113
TOTAAL
3.670
3.490
2.953
2.853
2.753
2.653
De toegevoegde waarden zijn zoveel mogelijk in lijn gehouden met de begroting 2020, behalve op de onderstaande punten. Groen & grijs In de begroting 2021-2024 is de TW voor Groen & Grijs aangepast. Het uitgangspunt hierbij is dat per 1-1-2021 de afdelingen Groen & Grijs Westerveld en Staphorst zijn vervreemd. Detacheringen De opbrengsten uit detacheringen nemen af met van ca. 0,1 mln per jaar. Dit wordt grotendeels veroorzaakt door de afnemende inzetbaarheid van het personeelsbestand.
12
Loon- en begeleidingskosten Wsw
Omschrijving
Lonen WSW incl. sociale lasten
Jaarrekening
Begroting
2019
2020
2021
2022
2023
2024
13.456
12.638
11.695
11.210
10.907
10.524
Terug ontvangen ZW-WAO
-15
-15
-15
-15
-15
-15
Te ontvangen LIV
-139
-100
-85
-85
-85
-85
Begeleidingsvergoeding BW
88
83
105
105
105
105
Doorberekende loonkosten
-1.970
-1.860
-1.794
-1.760
-1.695
-1.640
9.906
9.455
9.217
8.889
TOTAAL
11.420
10.746
De loonkosten inclusief sociale lasten en pensioenpremies zullen ten opzichte van de begroting 2020 dalen. De oorzaak hiervan is grotendeels gelegen aan de afstoting van Groen & Grijs Westerveld en Staphorst. Bij de loonkosten is in de begroting 2021 (en meerjaren doorrekeningen) uitgegaan van een indexatie van 2%. Daarnaast is de financiële invloed meegenomen van uitstroom in verband met pensioengerechtigde medewerkers en ziekte. Overige personeelskosten
Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
2019
2020
2021
2022
2023
2024
Reis- en verblijfkosten
130
130
130
130
130
130
Studiekosten
48
26
50
50
50
50
Arbodienstverlening
50
53
52
52
52
52
Werkkleding
39
36
35
35
35
35
Jubilea
21
31
25
25
25
25
Hygiëne personeel
30
28
30
30
30
30
Kantinekosten
29
27
50
50
50
50
Personeelsvereniging
10
11
10
10
10
10
Overige
75
49
50
50
50
50
TOTAAL
432
389
432
432
432
432
Het uitgangspunt bij de overige personeelskosten is dat deze gelijk blijven. Een stijging van de kosten valt weg tegen het afnemende personeelsbestand.
13
Personeelskosten niet-Wsw
Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
2019
2020
Salariskosten Ambtelijk
2021
2022
2023
2024
551
453
358
296
302
308
Doorberekende personeelskosten R.R.C.
1.120
1.344
1.357
1.333
1.321
1.340
Mutatie voorziening inactieven
-136
-
Uitzendkrachten Doorberekende loonkosten TOTAAL
25
26
25
25
25
25
-127
-103
-127
-127
-127
-127
1.434
1.720
1.613
1.526
1.521
1.546
De personeelskosten van de medewerkers die niet onder de Wsw vallen blijven grotendeels gelijk aan de begroting 2020. Hierin zijn de positieve effecten van een indexatie van de loonkosten meegenomen als ook de uitstroom van medewerkers. Afschrijvingen
Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
2019
2020
2021
2022
2023
2024
Bedrijfsgebouwen
112
112
112
112
112
112
Vervoermiddelen
64
110
110
110
110
110
Machines, App
77
121
121
121
121
121
Ov. Materiële vaste activa
38
30
30
30
30
30
291
373
373
373
373
373
TOTAAL
Voor wat betreft de afschrijving van investeringen, wordt in de begroting uitgegaan van realisatie van investeringen per 1 juli van het boekjaar.
Huur
Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
2019
2020
Huur gebouwen Huur overig TOTAAL
5 5
2021
2023
2024
5
5
5
5
5
3
3
3
3
3
8
8
8
8
8
De huurkosten zijn ten opzicht van de begroting 2020 gelijk gehouden.
14
2022
Onderhoud
Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
2019
2020
2021
2022
2023
2024
Bedrijfsgebouwen
34
30
33
33
34
35
Machines
97
97
87
88
90
92
Automatisering
64
44
51
52
53
54
Vervoermiddelen
82
77
82
83
85
87
Overige
48
36
45
46
47
48
TOTAAL
325
283
297
303
309
315
De onderhoudskosten zijn begroot in lijn met de begroting 2020, rekening houdende met een prijsstijging van 2% per jaar. Energie
Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
2019
2020
2021
2022
2023
2024
Elektra
60
65
61
62
64
65
Gas
97
74
95
97
99
101
Water
2
3
3
3
3
3
Brandstof
103
112
103
105
107
109
TOTAAL
263
255
262
267
273
278
De energiekosten zijn begroot in lijn met de begroting 2020, rekening houdende met een prijsstijging van 2% per jaar. Verzekeringen en belastingen
Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
2019
2020
2021
2022
2023
2024
Brandschade verzekering
29
20
33
34
34
35
Onroerende Zaak Belasting
23
22
24
25
25
26
Motorrijtuigenbelasting
35
33
36
36
37
38
Motorrijtuigen verzekering
55
59
56
57
58
60
Overige
5
12
7
7
7
7
TOTAAL
147
147
156
159
162
165
De kosten voor verzekeringen en belastingen zijn begroot in lijn met de begroting 2020, rekening houdende met een prijsstijging van 2% per jaar.
15
Dienstverlening derden
Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
2019
2020
2021
2022
2023
2024
Inhuur derden
175
75
111
113
115
118
TOTAAL
175
75
111
113
115
118
De kosten voor inhuur derden liggen in lijn met de begroting 2020.
Verkoopkosten
Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
2019
2020
2021
2022
2023
2024
Verkoopkosten
1
51
5
5
5
5
TOTAAL
1
51
5
5
5
5
Indirecte productiekosten
Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
2019
2020
2021
2022
2023
2024
Hulpstoffen en gereedschappen
69
25
78
79
81
Verpakkingsmateriaal
3
15
3
3
3
82 3
Vrachtkosten en vuilafvoer
10
-
22
23
23
24
TOTAAL
82
40
103
105
107
109
Bij de begroting van de indirecte productiekosten is een jaarlijkse prijsstijging van 2% meegenomen. Een deel van de gemaakte vrachtkosten wordt doorbelast aan Remet B.V.
16
Overige bedrijfslasten
Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
2019
2020
2021
2022
2023
2024
Accountantskosten
35
36
36
36
37
38
Telefoonkosten
29
28
28
28
29
29
Abbonementen & contributies
43
27
35
35
36
37
Voorraadverschil
5
5
Kantoorbenodigdheden
14
14
15
15
15
Loonverwerking
66
71
72
74
75
Overige algemene kosten
442
81
32
33
33
34
TOTAAL
635
182
215
219
223
228
6 -
De post overige algemene kosten betreft voornamelijk de frictiekosten. Voor de overige bedrijfslasten is een prijsstijging van 2% hier meegenomen op de kosten zoals opgenomen in de begroting 2020. Onvoorzien Conform het BBV dient in de begroting 2020 een post voor onvoorziene lasten te worden opgenomen. Reestmond neemt hiertoe in de begrotingen 2020 en verder een post op ad. € 25.000 voor niet voorzienbare exploitatie -afwijkingen. Saldo van de financieringsfunctie
Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
2019
2020
2021
2022
2023
2024
Rente leningen BNG
13
24
13
13
13
13
Rente baten
-14
9
9
9
9
9
TOTAAL
-1
15
4
4
4
4
Frictiekosten
Omschrijving
Jaarrekening
Begroting
2019
2020
2021
2022
2023
2024
Uitkering Gemeente De Wolden
216
212
199
183
-
-
TOTAAL
216
212
212
212
212
212
In de begroting van 2021 en verder worden er geen frictiekosten meer opgenomen. Alleen de uitkering van Gemeente de Wolden is dan meegenomen. Dit betreft de vergoedingen vanuit gemeente De Wolden ter dekking van de kosteneffecten van de uittreding voor de exploitatie van GR Reestmond, e.e.a. conform de afspraken zoals vastgelegd in het vastgestelde uittredingsplan.
17
Incidentele baten/lasten Bij Reestmond wordt de posten incidentele baten en lasten gebruikt voor kosten en opbrengsten die gedurende een boekjaar optreden, maar welke niet voorzien waren. Ook hebben deze kosten en opbrengsten een incidenteel karakter en zullen in de volgende jaren niet optreden. Derhalve is in de begroting geen rekening gehouden met incidentele baten en lasten. Gemeentelijke bijdragen Bij de bepaling van de gemeentelijke bijdragen wordt uitgegaan van een verdeling op basis van onderstaande SE’s.
SE
2021
2022
2023
2024
Gemeente Meppel
199,3
189,9
186,6
179,2
Gemeente Staphorst
23,9
23,9
23,2
23,2
Gemeente Westerveld
74,4
67,4
67,4
65,4
Totaal
297,6
281,2
277,2
267,7
Bijdrage
2021
2022
2023
2024
Gemeente Meppel
6.936
6.726
6.747
6.586
Gemeente Staphorst
832
845
837
851
Gemeente Westerveld
2.589
2.388
2.438
2.405
10.357
9.959
10.022
9.843
Totaal
18
3 PARAGRAFEN
19
ONDERHOUD KAPITAALGOEDEREN Op basis van een groot-onderhoudsplan wordt het benodigde onderhoud voor een periode van 10 jaar geraamd. Op basis van dit plan blijft de conclusie dat er sprake is van een kwalitatief goede staat van onze gebouwen. Wel zullen wij op enig moment worden geconfronteerd met vervanging van de dakbedekking van het pand in Meppel. Deze voorziene uitgave, die in 2019 opnieuw met een offerte van de leverancier neerwaarts is bijgesteld, vormt het leeuwendeel van de opgenomen voorziening. In 2020 zal de systematiek en hoogte van de onderhoudsvoorziening opnieuw worden onderzocht om de gerelateerde verplichting en kostenegalisatie correct te bepalen voor de toekomstige 10-jaarsperiode.
BEDRIJFSVOERING Investeringen Voor de jaren 2019 tot en met 2021 zijn de investeringen als volgt geweest c.q. geraamd: Omschrijving (bedragen in € 1.000,-)
2019
2020
2021
Vervoermiddelen
64
287
101
Machines, apparaten en installaties
37
279
264
Overige materiele vaste activa
47
79
25
148
645
390
Totaal
Reestmond heeft in de afgelopen jaren zeer behoudend geïnvesteerd; als gevolg hiervan dienen komend jaar inhaalinvesteringen plaats te vinden. Daarna wordt in beginsel uitgegaan van het zogenaamde ideaalcomplex, waarbij vanuit de kasstroom uit de afschrijvingen kan worden geïnvesteerd. Informatisering en automatisering Reestmond heeft Compas als cliëntvolgsysteem en ten behoeve van de personeelsadministratie. Exact wordt als ERP-software gebruikt voor de administratie en productie.
VERBONDEN PARTIJEN Reestmond Raat Combinatie B.V. Reestmond Raat Combinatie B.V. (RRC B.V.) is op 27 december 2002 opgericht en gevestigd te Meppel. Binnen RRC werd vorm en uitvoering gegeven aan trajecten voor inwoners van de diverse deelnemende gemeenten met een grote afstand tot de arbeidsmarkt. De trajecten zijn zodanig fors afgenomen dat RRC B.V. is afgebouwd. Lopende en nieuwe trajecten worden thans binnen Reestmond uitgevoerd. Per 2015 wordt RRC B.V. dan ook primair gebruikt voor het werkgeverschap voor niet-Wsw medewerkers en kan daarnaast worden ingezet voor mogelijke niet Wsw-gerelateerde kosten en opbrengsten. Het belang in deze verbonden partij wordt verantwoord in de jaarrekening (financiële vaste activa). Het eigen vermogen van RRC B.V. ultimo 2019 is nihil. Financiële informatie van deze B.V. is in een separate jaarrekening verantwoord. Onderstaand de vermogenspositie en het resultaat 2019( in €1.000,-). Begin 2019
Eind 2019
Eigen vermogen
3
4
Vreemd vermogen
315
192
Resultaat 2019
1
Het resultaat van R.R.C voor 2021 en verder zal in lijn liggen met de voorgaande jaren. Gezien de beperkte omvang zal dit voor Reestmond geen financiële risico’s opleveren. 20
Reestmond Sales & Participation B.V. Reestmond Sales & Participation B.V. (RSP B.V.) is opgericht op 16 november 2006 en gevestigd te Meppel. Via deze 100% dochter kan Reestmond deelnemingen aangaan met partijen waarbij een economisch belang, te weten werkgelegenheid voor onze doelgroep en/of risicobeperking, voorop staat. Financiële informatie van deze B.V. is in een separate jaarrekening verantwoord. Onderstaand de vermogenspositie en het resultaat 2019 (in € 1.000,-). Begin 2019
Eind 2019
Eigen vermogen
-14
-9
Vreemd vermogen
14
9
Resultaat 2019
5
Het resultaat van R.S.P. voor 2021 en verder zal in lijn liggen met de voorgaande jaren. Gezien de beperkte omvang zal dit voor Reestmond geen financiële risico’s opleveren. Remet B.V. Vanuit het voornemen tot verdere verzelfstandiging van de afdeling Metaal en het daarmee zo dicht mogelijk tegen de reguliere arbeidsmarkt brengen van de daar werkzame Wsw-medewerkers, is op 26 september 2017 de besloten vennootschap Remet B.V. opgericht. Remet B.V. is een 100% dochteronderneming van RSP B.V. Uitgangspunt is per 1 januari 2018 alle metaal activiteiten plaats te laten vinden vanuit Remet B.V. Hiermee wordt bereikt dat er reeds een aparte bedrijfsvoering en organisatiebeleid kan worden gevoerd. Financiële informatie van deze B.V. is in een separate jaarrekening verantwoord. Onderstaand de vermogenspositie en het resultaat 2019 (in € 1.000,-). Begin 2019
Eind 2019
Eigen vermogen
-1
6
Vreemd vermogen
547
549
Resultaat 2019
6
Het resultaat van Remet B.V. voor 2021 en verder zal in lijn liggen met de voorgaande jaren. Gezien de beperkte omvang zal dit voor Reestmond geen financiële risico’s opleveren. Reestdal B.V. Op 26 september 2017 is de besloten vennootschap Reestdal B.V. opgericht. Reestdal B.V. is een 100% dochteronderneming van RSP B.V. Uitgangspunt was de groenactiviteiten onder te brengen in deze vennootschap. Eind 2018 is de naam van deze BV gewijzigd in Reestdal Werken BV om mensen in het kader van Beschut Werken aan te kunnen nemen. Onderstaand de vermogenspositie en het resultaat 2019 (in € 1.000,-). Begin 2019
Eind 2019
Eigen vermogen
-
1
Vreemd vermogen
-
25
Resultaat 2019
-1
Het resultaat van Remet B.V. voor 2021 en verder zal in lijn liggen met de voorgaande jaren. Gezien de beperkte omvang zal dit voor Reestmond geen financiële risico’s opleveren.
WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING Algemeen In deze paragraaf is het beleid van Reestmond inzake het weerstandsvermogen en risicomanagement uiteengezet. Op grond van artikel 11 BBV moet Reestmond in haar begrotingen inzicht geven in haar weerstandsvermogen. Het omvang van het weerstandsvermogen wordt bepaald door: a) de weerstandscapaciteit, zijnde de middelen en mogelijkheden waarover de gemeente (in casu Reestmond) beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken; b) alle (rest)risico's waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie.
21
De opzet van deze paragraaf is analoog aan de paragraaf in onze begrotingen vanaf 2015 (tot stand gekomen in afstemming met de gemeentelijke beleidsmedewerkers dan wel financiële medewerkers). De paragraaf betreffende het weerstandsvermogen en risicobeheersing bevat ten minste: a. een inventarisatie van de weerstandscapaciteit; b. een inventarisatie van de risico's; c. het beleid omtrent de weerstandscapaciteit en de risico's. De weerstandscapaciteit betreft die elementen waarmee tegenvallers eventueel bekostigd kunnen worden, zoals borgstellingen, reserves, onbenutte voorzieningen etc. Onderscheid wordt gemaakt in incidentele en structurele weerstandscapaciteit. Incidentele weerstandscapaciteit is de mogelijkheid om eenmalige tegenvallers op te vangen. Structurele weerstandscapaciteit betreft middelen die permanent inzetbaar zijn voor het opvangen van tegenvallers. Een risico is de kans op het optreden van een gebeurtenis met een bepaald gevolg. Reguliere risico’s (risico’s die zich regelmatig voordoen en die veelal vrij goed meetbaar zijn) behoren hier niet toe. Deze dienen in principe te worden opgevangen binnen de bedrijfsvoering middels het afsluiten van verzekeringen of het vormen van voorzieningen. De risico’s, relevant voor het weerstandsvermogen, zijn die risico’s die niet op deze manier zijn te ondervangen en die een financieel gevolg kunnen hebben.
Inventarisatie van de weerstandscapaciteit De volgende onderdelen kunnen als onderdeel van de weerstandscapaciteit worden gezien. Algemene reserve De algemene reserve is in principe volledig beschikbaar als incidentele weerstandscapaciteit. Op basis van de jaarrekening 2019 (na resultaatbestemming) bedraagt deze algemene reserve € 184.000. Bestemmingsreserves Bestemmingsreserves zijn geen onderdeel van de weerstandscapaciteit, totdat besloten wordt de reserve weer toe te voegen aan de algemene reserve. Onvoorzien incidenteel structureel Reestmond heeft in haar begroting een post onvoorzien opgenomen ad. € 25.000. Stille reserves Van stille reserves is sprake als activacomponenten onder de directe opbrengstwaarde zijn gewaardeerd. Reestmond kent twee soorten stille reserves. Dit zijn stille reserves in financiële bezittingen en stille reserves in materiële bezittingen. De stille reserves in financiële bezittingen hebben betrekking op (de waardering van) onze deelnemingen. De boekwaarden zijn in lijn met de eigen vermogens, waardoor deze bezittingen geen stille reserves vormen. De (eventuele) stille reserves in materiële bezittingen betreffen onze gebouwen. Deze gebouwen zijn enerzijds duurzaam benodigd voor de bedrijfsuitoefening, anderzijds is de vastgoedmarkt momenteel van dien aard dat het maar de vraag is of bij afstoting boekwinsten zouden kunnen worden gerealiseerd.
Recente taxaties van het hoofdgebouw aan de Eekhorstweg in Meppel laten zien dat de verwachte marktwaarde in lijn is met de boekwaarde. Kostenreductie Vanuit onder meer de benchmarkonderzoeken door Cedris blijkt dat de mogelijkheden hiertoe binnen Reestmond niet dan wel zeer beperkt zijn, reden waarom kwantificering achterwege is gelaten. Samenvatting inventarisatie De verplichting van de gemeenten die de regeling zijn aangegaan kan gezien worden als de belangrijkste factor in de weerstandscapaciteit. De gemeenten zijn immers verplicht eventuele verliezen te compenseren zodat de bedrijfsvoering voortgezet kan worden. In deze analyse wordt daar geen rekening mee gehouden, vanuit de gedachte dat Reestmond zelfstandig de risico’s op dient te kunnen vangen. De verantwoordelijkheid van de gemeenten beperkt echter de risico’s tot het tekort over een enkel jaar. 22
In deze paragraaf wordt ervan uitgegaan dat structurele verliezen door de gemeenten worden opgevangen. Elke gemeenten houdt daar ook rekening mee in het bepalen van het eigen weerstandsvermogen. Op basis van het bovenstaande kan worden geconcludeerd dat binnen Reestmond alleen de algemene reserve de weerstandscapaciteit vormt. Ultimo 2019 (op basis van de concept jaarrekening 2019) is dit een bedrag van € 184.000. Risico’s Indeling van risico’s Omwille van de structuur in deze paragraaf is de volgende indeling in risicogebieden en / of categorieën gehanteerd: - inkomsten - financiering - bedrijfsvoering. Het risicogebied kapitaalgoederen is vanwege het geringe belang buiten beschouwing gelaten. Risico inschatting inkomsten Grote calamiteiten en risico’s die niet kwantificeerbaar zijn Met grote calamiteiten en risico’s die niet kwantificeerbaar zijn wordt in de risico-inschatting geen rekening gehouden. Rijksbijdrage Wsw Deze is binnen deze begroting opgenomen binnen de bijdragen vanuit onze deelnemende gemeenten. Voor Reestmond vormt deze dan ook geen risico meer. Bijdragen gemeenten In de begroting 2021 is -conform staand beleid- berekend dat voor een sluitende exploitatie bijdragen van de deelnemende gemeenten noodzakelijk zijn.
De gemeenten die de gemeenschappelijke regeling hebben getroffen zijn verantwoordelijk voor de volledige financiering van deze regeling, ook als dit onverwachte verliezen betreft. Er is daarmee geen risico dat de gemeenten onvoldoende bijdragen. Financiering Reestmond loopt in principe geen risico over de opgenomen geldlening bij de BNG. In 2017 is het debiteurensaldo van groepsdetacheringklant Joustra Herstoffering (deels) omgezet naar langlopende lening. Reestmond draagt het financiële risico dat deze partij niet langer aan haar betalingsverplichtingen kan voldoen. Ten tijde van het opstellen van deze paragraaf betreft het de volgende lening: Lening aan Joustra Herstoffering Totaal financiering
€ 37.720 € 37.720
Als risicobedrag wordt € 37.720 aangehouden met een weging van 50%. De rekening-courant posities met RRC B.V. en RSP B.V. worden gezien hun geringe omvang buiten beschouwing gelaten. Bedrijfsvoering Verzekeringen Reestmond is verzekerd voor de meest voorkomende zaken. Het betreft verzekeringen voor: - brand- en bedrijfsschade - WA-verzekering - Ongevallen voor BHV’ers - motorrijtuigen - werkmaterieel - bedrijfs-en productaansprakelijkheid Tot op heden is door Reestmond met name een beroep gedaan op de motorrijtuigen- en werkmaterieel verzekeringen. 23
Realisatie toegevoegde waarden a. Externe factoren De begroting 2021 gaat uit van stabiele toegevoegde waarden. Er zijn externe factoren welke mede bepalend zijn voor het realiseren van deze doelstelling, waaronder bijvoorbeeld de bereidheid van externe partijen tot inleen van onze medewerkers (in geval van detacheringen) en de algemene economische omstandigheden. De realisatie van deze geraamde toegevoegde waarden over 2021 is in deze paragraaf benoemd als risico, en totaal geraamd op € 200.000. De weging van dit risico is gemiddeld. b. Ziekteverzuim Ook door ziekteverzuim daalt de toegevoegde waarde ten opzichte van de begroting. Ziekteverzuim van Wswmedewerkers van Reestmond leidt tot productieverlies. Het ziekteverzuim bij Reestmond ligt met ca 16% op een (grotendeels onbeïnvloedbaar) hoog niveau, ook gerelateerd aan het landelijke gemiddelde in de sector. De begroting gaat uit van een realistisch dalend ziekteverzuim in de komende jaren. Er is een reëel een risico dat het ziekteverzuim niet voldoende daalt of zelfs toeneemt. Gekwantificeerd kan het productieverlies bij 2,0% hoger dan begroot ziekteverzuim oplopen tot € 60.000. De weging van dit risico is gemiddeld. In totaal is het risicobedrag van een lagere toegevoegde waarde € 260.000 met een gemiddelde weging.
Uitstroom Wsw-medewerkers In het kader van de invoering van de Participatiewet per 2015 is er vanaf dat moment geen nieuwe instroom van Wsw–medewerkers, waartegenover wel natuurlijke uitstroom zal plaatsvinden (pensionering, arbeidsongeschiktheid, ontslag). Het navenante risico op verminderde toegevoegde waarden is in deze begroting volledig meegenomen en derhalve geen risico meer. Kostenontwikkelingen In de begroting(en) wordt rekening gehouden met stijgende (personele- en overige)lasten; hierbij blijft uiteraard altijd de kans aanwezig dat deze kostenontwikkelingen hoger zullen zijn dan de geraamde. Voor deze paragraaf wordt het risico hiertoe voorzien op maximaal € 150.000. Gezien het feit dat deze verhoogde kosten mogelijk (deels) te verdisconteren zijn in onze tariefstellingen is de weging laag. Debiteuren Er bestaat altijd de kans dat debiteuren niet aan hun betalingsverplichtingen (kunnen) voldoen. Dit risico wordt in de begrotingen van Reestmond, middels de opname van een stelpost, voorzien en is derhalve daarmee geen risico meer voor deze paragraaf. In de jaarrekeningen worden de mogelijk oninbare posten in mindering gebracht op het debiteurensaldo. Hieronder volgt een overzicht ingeschatte risico’s (bedragen in €, niet actuele risico’s als p.m.) Risico Financiering Toegevoegde waarden Kostenontwikkelingen
Risicobedrag 37.720 260.000 150.000
Totaal (excl. p.m.)
Weging 25% 50% 25%
447.720
Bufferreserve 9.430 130.000 37.500 176.930
Bepaling Weerstandsvermogen De impact van de risico’s is geschat op € 447.720,- met een waarschijnlijke impact van € 176.930. Deze verwachting is gebaseerd op het gewogen gemiddelde van alle inschattingen van kansen en impact. De algemene reserve, die ultimo 2019 € 184.000 bedraagt, is momenteel van voldoende omvang teneinde dit risico op te vangen.
24
3.4.4.1
Kengetallen
Renterisiconorm Jaarrekening Begroting 2019
2020
2021
2022
2023
2024
Netto schuldquote
2,50%
2,49%
1,91%
0,78%
0,78%
0,80%
Netto schuldquote gecorr. voor verstr. leningen
2,50%
2,49%
1,91%
0,78%
0,78%
0,80%
Solvabiliteitsratio
37,16%
83,16%
64,44%
47,79%
34,21%
22,91%
Structurele exploitatieruimte
-0,35%
-1,49%
-1,50%
-1,42%
0,00%
0,00%
Toelichtingen op de kengetallen: Netto Schuldquote / Netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen: Deze kengetallen weerspiegelen het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. Gezien de geringe omvang van dit kengetal worden voor Reestmond geen exploitatie problemen verwacht voor de rentelasten en de aflossingen van de leningen. Solvabiliteitsratio Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin aan de financiële verplichtingen kan worden voldaan. Ondanks de afnemende omvang van dit kengetal worden voor Reestmond geen problemen voor de financiële positie verwacht. Structurele exploitatieruimte Dit kengetal geeft aan hoe groot de structurele exploitatieruimte is. Op basis van de gemeentelijke bijdragen sluit deze op nihil. Verloop Reserves en Voorzieningen Reestmond heeft een algemene reserve en drie bestemmingsreserves. - De algemene reserve is positief. De totale gemeentelijke bijdrage is dusdanig begroot dat het resultaat van de GR op nihil uitkomt, hieruit is geen aanpassing van de algemene reserve te verwachten. Het is wenselijk om de algemene reserve op een positief niveau te houden, zodat de GR zelf kan inspelen op onvoorziene gebeurtenissen. - De bestemmingsreserve vakantiegeld strekt ter dekking van de uitstaande vakantiegeldverplichtingen.
Op basis van de daling van het personeelsbestand zal deze reserve de komende jaren naar verwachting verder afnemen. - De bestemmingsreserve verlofdagen strekt ter dekking van het uitstaande saldo verlofuren. De omvang van de reserve wordt jaarlijks geactualiseerd. Er wordt zoveel mogelijk gestuurd op de reductie van het bovenmatige saldo verlofdagen (verlofstuwmeer). Hiernaast wordt verdere afname verwacht vanwege de reductie van het personeelsbestand. - De bestemmingsreserve vergoeding de Wolden strekt ter dekking van de te maken frictiekosten in verband met de uittreding van Gemeente de Wolden. Deze bestemmingsreserve zal in 2022 tot 0 gereduceerd zijn.
25
Vakantiegeld reserve
2020
2021
2022
2023
2024
Saldo 01-01
476
425
400
375
350
Toevoegingen
425
400
375
350
325
Onttrekkingen
-476
-425
-400
-375
-350
Saldo 31-12
425
400
375
350
325
Verlofdagen reserve
2020
2021
2022
2023
2024
Saldo 01-01
1.092
942
867
817
767
Toevoegingen
-
-
-
-
-
Onttrekkingen
-150
-75
-50
-50
-50
Saldo 31-12
942
867
817
767
717
Vergoeding de Wolden
2020
2021
2022
2023
2024
Saldo 01-01
594
382
183
-
-
Toevoegingen
-
-
-
-
-
Onttrekkingen
-212
-199
-183
-
-
Saldo 31-12
382
183
-
-
-
Reestmond kent een tweetal voorzieningen: - voorziening groot onderhoud dient ter egalisatie van de kosten van groot onderhoud. Eind 2019 is de hoogte van deze voorziening € 246.000,-. Dit zijn de verwachte kosten voor het dakonderhoud t/m 2024. In 2020 zal een onderhoudsplan worden opgesteld en zullen de dotaties worden bepaald voor het opbouwen van een voorziening voor het te verwachten groot onderhoud. - voorziening inactieven, is gevormd voor de dekking van toekomstige uitgaven aan niet Wsw personeel waarmee de arbeidsovereenkomst is of wordt beëindigd en Reestmond langlopende verplichtingen heeft. Voorziening onderhoud 2020 2021 2022 2023 2024 Saldo 01-01
246
121
Toevoegingen
-
-
-
59 -
-
Onttrekkingen
-125
-62
-26
-33
-
Saldo 31-12
121
59
33
-
-
Voorziening inactieven
2020
2021
2022
2023
2024
Saldo 01-01
379
245
139
82
24
Toevoegingen
-
-
-
-
-
Onttrekkingen
-134
-106
-57
-58
-24
Saldo 31-12
245
139
82
24
-
26
33
-
TREASURY (FINANCIERING) Reestmond beschikt over een treasury statuut, waarin door het Algemeen Bestuur regels zijn gesteld met betrekking tot bancaire zaken en het aantrekken c.q. het uitplaatsen van financiële middelen. Reestmond verricht haar bankzaken met één hoofdbankier, de BNG. Daarnaast is er een rekening bij de Rabobank voor afstortingen en opnames van kasgelden Op basis van de met de BNG afgesloten overeenkomst worden overschotten en tekorten aan liquiditeiten boven een grens van € 250.000 automatisch in daggeld of kasgeld omgezet. In het statuut worden alleen rekening courant, daggeld, deposito’s, en obligaties als beleggingsmiddel toegestaan, zodat er geen risico wordt gelopen over de ingezette middelen, alleen over de rendementen. De wet FIDO verplicht tot het opstellen van een dergelijk statuut en tot het verantwoorden over de stand van zaken via inzicht te geven in de kasgeldlimiet en rente-risiconorm. Kasgeldlimiet
Kasgeldlimiet Jaarrekening Begroting 2019
2020
2021
2022
2023
2024
15.439 216 15.210 13
14.488 100 14.364 24
15.513 100 15.400 13
15.513 100 15.400 13
15.513 100 15.400 13
15.513 100 15.400 13
Vastgesteld percentage van 8,2%
1.266
1.188
1.272
1.272
1.272
1.272
Vlottende korte schuld
4.344
250
250
250
250
250
Netto vlottende schulden
4.344
250
250
250
250
250
Vlottende middelen
5.376
900
900
900
900
900
Banksaldi Overige vlottende middelen
608 4.768
100 800
100 800
100 800
100 800
100 800
Toets kasgeldlimiet
234
538
622
622
622
622
Netto vlottende kasgeldvordering
1.032
650
650
650
650
650
Kasgeldlimiet
1.266
1.188
1.272
1.272
1.272
1.272
Grondslag Inkoopwaarde van de omzet Bedrijfslasten Rentelasten Toegestane kasgeldlimiet
Reestmond blijft voldoen aan de kasgeldlimiet. Renterisiconorm
27
Renterisiconorm
Concept Jaarrekening Begroting 2019
Totale lasten
2020
2021
2022
2023
2024
15.439
14.488
15.513
15.513
15.513
15.513
3.088
2.898
3.103
3.103
3.103
3.103
151 151
151 151
151 151
-
-
-
2.937
2.747
2.952
3.103
3.103
3.103
Renterisiconorm Vastgesteld percentage van 20% Renterisico Renteherzieningen Aflossingen Ruimte onder renterisiconorm
Ook aan de renterisiconorm voldoet Reestmond.
BELEIDSINDICATOREN Conform het nieuwe BBV zou in de begroting ook een aantal beleidsindicatoren moeten worden opgenomen. Dit ter sturing en ter vergelijking met andere gemeenten. De basis voor deze beleidsindicatoren vormt de website ‘Waarstaatjegemeente.nl’. Helaas kent deze website geen beleidsindicator die aansluit bij de bedrijfsactiviteiten van Reestmond. Om toch een indicator op te nemen die in de loop van de komende jaren gemonitord kan worden, is gekozen voor het aantal SW-medewerkers per 1.000 inwoners van de betreffende gemeenten. Hiermee kan gevolgd worden of de verwachte afname van deze doelgroep zich ook daadwerkelijk zo ontwikkelt. Onderstaand de ramingen per 31-12-2019: Aantal inwoners Aantal Sw-medewerkers SE Per 1.000 inwoners
Meppel 33.902 213 6,28
Staphorst 17.144 31 1,80
28
Westerveld 19.460 98 5,03