CConstaterende datMeppel
Koppel je AI →
Document · PDF

1.1.1 Bijlage VRD -Begroting VRD 2024

1 - RAADSVERGADERING 19 oktober 2023, gemeente MeppelBij agendapunt: Categorie 1: Voor kennisgeving aannemen13.258 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Ratio >2

Uitstekend

1,4 - 2

Ruim voldoende

1 - 1,4

Voldoende

0,8 - 1

Matig

0,6 - 0,8

Onvoldoende

Door het ontbreken van weerstandsvermogen bij de VRD is de ratio voor de VRD 0. De VRD is onvoldoende in staat om de mogelijke risico’s zelf op te vangen en zal bij het zich voordoen van deze risico’s een beroep doen op de bij gemeenten aanwezige weerstandscapaciteit.

25

Paragrafen Gemeente

Benodigd weerstandsvermogen

Aa en Hunze

273.146

Assen

571.104

Borger-Odoorn

258.743

Coevorden

381.011

Emmen

1.232.256

Hoogeveen

463.200

Meppel

289.401

Midden Drenthe

338.924

Noordenveld

281.885

Tynaarlo

278.185

Westerveld

212.989

De Wolden

234.157

Totaal

4.815.000

e. Kengetallen De BBV schrijft een verplichte set van vijf financiële kengetallen voor. De kengetallen grondexploitatie en belastingcapaciteit zijn niet van toepassing op de VRD. Naast het opnemen van deze kengetallen vindt ook een beoordeling plaats van de onderlinge verhouding van de kengetallen in relatie tot de financiële positie. Door middel van de genoemde kengetallen wordt ‘de structureel en reëel sluitende begroting’ onderbouwd. Hierna volgt een overzicht van de kengetallen. Om een beeld te krijgen van de financiële positie van de VRD zijn vier voor ons verplichte toepasbare financiële kengetallen ontwikkeld: 1. netto schuldquote 2. solvabiliteit 3. taakvelden 4. structurele exploitatieruimte

26

Paragrafen Netto schuldquote/ Netto schuldquote gecorrigeerd

Hoe hoger de schuld, hoe hoger de netto schuldquote. De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de VRD ten opzichte van de totale inkomsten en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie.

2024

2025

Langlopende schulden

17.140.582

24.341.773

Kortlopende schulden

4.312.297

4.238.647

4.318

3.417

Vorderingen

954.686

4.820.382

Liquide middelen

250.000

250.000

Subtotaal

22.661.883

33.654.219

Totale baten

39.750.290

41.810.290

50,9%

56,2%

2024

2025

Langlopende schulden

17.140.582

24.341.773

Kortlopende schulden

4.312.297

4.238.647

Vorderingen

954.686

4.820.382

Liquide middelen

250.000

250.000

Subtotaal

22.657.565

33.650.802

Totale baten

39.750.290

41.810.290

50,9%

56,2%

Financiele activa

Netto schuldquote

Netto schuldquote gecorrigeerd

De VNG heeft als richtlijn een norm van maximaal 130% voor de schuldquote. Daar blijft de VRD ruim onder.

Paragrafen

27

Solvabiliteit Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de VRD in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Indien er sprake is van een forse schuld én veel eigen vermogen (het totaal van de algemene en de bestemmingsreserves), hoeft een hoge schuld geen probleem te zijn voor de financiële positie. Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe groter de weerbaarheid.

Solvabiliteitsratio 2024

8,4

2025

6,7

2026

7,5

2027

6,4

Structurele exploitatieruimte In de begroting als de jaarrekening 2024 en volgende jaren wordt een storting gedaan in de reserves. De structurele exploitatieruimte is daarom in 2022 positief. Structurele exploitatieruimte 2024

0,02%

2025

0,02%

2026

0,02%

2027

0,02%

3. Financiering a. Wet fido Het Rijk stelt regels aan hoe gemeenten en provincies hun geld en kapitaal beheren. Die regels staan in de Wet financiering decentrale overheden (Wet fido). Hoeveel geld gemeenten en provincies mogen lenen, is afhankelijk van de hoogte van de begroting. De kasgeldlimiet bepaalt hoeveel geld ze mogen lenen voor een periode van maximaal 1 jaar. De renterisiconorm schrijft voor hoeveel maximaal geleend mag worden voor een periode langer dan 1 jaar. Gemeenten en provincies mogen liquide middelen aanhouden bij de schatkist (schatkistbankieren).

b. Renterisico kort en langlopende financiering Kasgeldlimiet De door het Rijk opgelegde kasgeldlimiet beperkt het risico van stijgende rentelasten van de kortlopende financiering. De limiet beperkt de maximale omvang van de gemiddelde korte schuld tot 8,2% van de totale lasten (€ 38.457.290,-) van de programmabegroting. Voor 2024 bedraagt de limiet € 3,153 miljoen. In de onderstaande tabel wordt de ontwikkeling van de voor de komende jaren weergeven. Uitgaande van de geldende limieten zal in 2025 en in 2027 worden overgegaan tot het aantrekken van nieuwe leningen.

28

Paragrafen Berekening kasgeldlimiet 2020 (bedrag * € 1.000)

2024

2025

2026

2027

* In procenten van de grondslag

8,20%

8,20%

8,20%

8,20%

* In bedrag

3.259

3.428

3.501

3.501

1.205

5.070

725

7.250

Totaal netto vlottende schuld

4.312

4.239

5.046

4.696

Toegestane kasgeldlimiet

3.259

3.428

3.501

3.501

151

4.260

-820

6.054

Toegestane kasgeldlimiet

Omvang vlottende schuld Vlottende middelen Toets kasgeldlimiet

Ruimte

Renterisiconorm De renterisiconorm beperkt het renterisico op de langlopende financiering. De norm bevordert de spreiding van de looptijd van de kapitaalmarktleningen (looptijd lening > 1 jaar) door de omvang te beperken van de leningen waarvoor de rente in een bepaald jaar moeten worden aangepast. Het Rijk heeft de maximale omvang van leningen met een renteaanpassing vastgesteld op 20% van het begrotingstotaal. Voor de VRD komt het neer op een bedrag van € 7,7 miljoen. Het renterisico is gelijk aan de jaarlijkse aflossing op de langlopende leningen voor de VRD € 2,8 miljoen. Hierdoor blijft de VRD binnen de berekende norm.

Kasstroom/Emu overzicht In het stabiliteitspact binnen de Europese Unie is afgesproken dat een tekort voor de totale overheidssector niet hoger dan 3 procent van het bruto binnenlands product (BBP) mag zijn. Een goede informatievoorziening is essentieel voor het monitoren en beheersen van het EMU-saldo

29

Paragrafen Tabel EMU saldo nr.

Omschrijving (bedragen 8 € 1.000)

2023

2024

2025

2026

1

Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit de reserves (zie BBV, artikel 17c)

8

8

8

8

2

Afschrijvingen ten laste van de exploitatie

3.415

3.475

3.535

3.595

3

Bruto dotaties aan de post voorzieningen ten laste van de exploitatie

0

0

0

4

Investeringen in (im)materiële vaste activa, die op de balans worden geactiveerd

6.297

4.414

2.418

2.011

5

Baten uit bijdragen van andere overheden, de EU en overigen, die niet op de exploitatie zijn verantwoord en niet al in mindering zijn gebracht bij post 4

0

0

0

0

6

Desinvesteringen in (im)materiële vaste activa: Baten uit desinvesteringen in (im)materiële vaste activa, voor zover niet op de exploitatie verantwoord

0

0

0

0

7

Aankoop van grond en de uitgaven aan bouw-, en woonrijpmaken e.d. (alleen transacties met derden die niet op de exploitatie staan)

0

0

0

0

8

Baten bouwgrondexploitatie : Baten voorzover transacties niet op exploitatie verantwoord

0

0

0

0

9

Lasten op balanspost Voorzieningen voorzover deze transacties met derden betreffen

0

0

0

0

10

Lasten ivm transacties met derden, die niet via de onder post 1 genoemde exploitatie lopen, maar rechtstreeks ten laste van de reserves (inclusief fondsen ed.) worden gebracht en die nog niet vallen onder één van de bovenstaande posten

0

0

0

0

11

Verkoop van effecten : neen

neen

neen

neen

0

0

0

0

2.890

947

-1.109

-1.576

a. Gaat u effect verkopen ? (ja/nee) b. Zo ja wat is bij verkoop de verwachte boekwinst op de exploitatie ? Berekend EMU saldo

30

Paragrafen Kasstroomoverzicht

2024

2025

2026

2027

Resultaat voor reserves

8.000

8.000

8.000

8.000

Operationele activiteiten

8.000

8.000

8.000

8.000

Investeringen

-6.297.220

-4.414.206

-2.418.195

-2.010.776

Afschrijvingen

3.415.000

3.475.000

3.535.000

3.595.000

Mutatie Voorzieningen

-449.299

-444.054

-444.054

-444.054

Saldo

-3.331.519

-1.383.260

672.751

1.140.170

Financieringsactiviteiten

-3.323.519

-1.375.260

680.751

1.148.170

Aflossing leningen

-2.798.808

-3.798.808

-3.798.808

-3.798.808

-

10.000.000

-

10.000.000

Mutatie Vorderingen

4.307.968

-3.865.696

4.345.382

-6.525.000

Mutatie Overlopenden activa

-1.198.392

740.004

-3.232.317

725.507

Mutatie kortlopende schulden

-208.162

-73.651

807.687

-349.843

Mutatie Overlopenden passiva

3.478.913

-1.368.589

1.455.305

-942.026

Saldo

3.581.519

1.633.260

-422.751

-890.170

Mutatie liquide middelen

250.000

250.000

250.000

250.000

Liquide middelen

250.000

250.000

250.000

250.000

Stand 1 januari

250.000

250.000

250.000

250.000

Stand 31 december

250.000

250.000

250.000

250.000

Mutatie Uitgezette leningen

Paragrafen

31

4. Verbonden Partijen a. Definitie Verbonden Partij Een Verbonden Partij (VP) is een privaat- of publiekrechtelijke organisatie waarin de VRD een financieel én een bestuurlijk belang heeft. Er is sprake van een financieel belang als de VRD aansprakelijk is bij het niet nakomen van de verplichtingen door de rechtspersoon. Er is sprake van een bestuurlijk belang als de VRD vertegenwoordigd is in het bestuur of zeggenschap daarin kan uitoefenen. Gelet op deze kwalificaties van belang kent de VRD geen verbonden partijen. Hieronder worden de partijen waarmee de VRD een nauwe betrokkenheid heeft genoemd.

b. Stichting BON De bestuurlijke deelname, samen met de veiligheidsregio’s Fryslân en Groningen, in de Stichting Brandweeropleidingen Noord (BON) benadert de definitie van een verbonden partij. Er is echter volgens de statuten geen sprake van een financieel belang in de stichting. De stichting is aandeelhouder in de BON holding B.V. De BON holding B.V. heeft een 100%-deelneming in Oefencentrum Noord B.V. en Brandweeropleidingen Noord B.V. en de Flexpool B.V. De BON factureert de afgenomen dienstverlening (opleiden of oefenen).

c. Nederlands Instituut voor Publieke Veiligheid, tot 2022 was dit het IFV Dit is de organisatie die de krachten bundelt op het terrein van de publieke veiligheid in Nederland. Klimatologische, digitale, maatschappelijke en internationale ontwikkelingen brengen Nederland nieuwe typen crises en complexe maatschappelijke vraagstukken. Het Instituut wordt bestuurd door de voorzitters van de 25 veiligheidsregio’s. Het NIPV levert onder andere een bijdrage aan de brandweeropleidingen en het delen van informatie en expertise. Ook houdt het NIPV zich bezig met het verwerven en beheren van materieel, uitrusting en telecommunicatievoorzieningen. De VRD betaalt jaarlijks een contributie.

d. Samenwerkingspartijen De VRD kan haar taken beter uitvoeren in samenwerking met andere partijen. De beste resultaten uit samenwerking zijn te behalen als de betrokken partijen zich vanzelfsprekend met elkaar verbonden voelen, bijvoorbeeld vanwege gemeenschappelijke waarden of belangen. Kwaliteit- en resultaatverbetering staan voorop. Voorbeelden van samenwerking zijn: • dienstverleningsovereenkomst met de Gemeente Tynaarlo voor de uitvoering van de salaris-administratie • dienstverleningsovereenkomst met GGD Drenthe voor de administratievoering van de • GHOR • samenwerkingsovereenkomst met Veiligheidsregio Fryslân en Groningen voor de uitvoering van de personeelsadministratie voor het personeel van de MKNN wat niet overgegaan is naar de landelijke meldkamerorganisatie. • samenwerkingsovereenkomst Zorg- en VeiligheidsHuis Drenthe (Pijofach, AB besluit 3-10-2018).

32

Paragrafen 5. Onderhoud kapitaalgoederen a. Kapitaallasten materieel

Er wordt in de bijdrage van de basisbrandweerzorg uitgegaan van een bijdrage in het materieel op basis van het materieel vervangingsplan. De basis hiervoor is het overgenomen materieel van de gemeenten. De VRD moet binnen deze bijdrage zorgdragen voor de financiering en vervanging van het materieel. Op basis van de afgelopen jaren zullen de afschrijvingslasten de komende jaren stijgen. Hiervoor is jaarlijks een verhoging van de gemeentelijke bijdrage van € 60.000,- noodzakelijk.

b. Huisvesting Gesprekken met een aantal gemeenten lopen nog over de wijze waarop de huisvesting geregeld wordt en wat hier de financiële gevolgen van zijn. Dit wordt vervolgd in de komende jaren.

c. Investeringen Voor 2024 en verder staan de volgende investeringen gepland.

Investeringsprogramma

2024

2025

2026

2027

0

0

0

0

4.750.000

2.500.000

1.043.175

1.385.000

233.620

148.830

557.520

99.220

ICT

115.000

127.000

78.500

10.000

Inventaris

75.000

75.000

75.000

75.000

0

40.200

18.000

8.500

253.600

248.176

221.000

8.056

Kleding

275.000

275.000

275.000

275.000

Telecommunicatie

150.000

1.000.000

150.000

150.000

Overige

445.000

0

0

0

6.297.220

4.414.206

2.418.195

2.010.776

Gebouwen Huisvesting Vervoermiddelen Voertuigen Inventaris rijdend materiaal Machines, apparaten en installaties

Materieel duiken Ademlucht Overige

Totaal aan investeringen

Financiële begroting en meerjarenraming 2024 - 2027

33

Uitgangspunten begroting De begroting 2024 en de meerjarenraming zijn opgesteld volgens de uitgangspunten zoals verwoord in “Samen werken voor Drenthe”. In de meerjarenraming is met loon- en prijscompensatie rekening gehouden. De financiële uitgangspunten zijn in onderstaande tabel opgenomen.

Verloop gemeentelijke bijdragen (bedragen x 1 mln.) Bijdrage 2023

28.378.000

Bij: loon- en prijscompensatie 2024 (8,8%)

2.500.000

Impuls brandweerzorg

600.000

Autonome Ontwikkeling: Wet Open Overheid

40.000

Op peil brengen kapitaalslasten

60.000

Bijdrage 2024

31.578.000

Bij: loon- en prijscompensatie 2025 (6,6%)

2.100.000

Impuls brandweerzorg

-100.000

Op peil brengen kapitaalslasten

60.000

Bijdrage 2025

33.638.000

Bij: loon- en prijscompensatie 2026 (4,0%)

1.332.000

Impuls brandweerzorg

-500.000

Op peil brengen kapitaalslasten

60.000

Bijdrage 2026

34.530.000

Bij: loon- en prijscompensatie 2026 (3,5%)

1.200.000

Op peil brengen kapitaalslasten Bijdrage 2027

60.000 35.790.000

Financiële begroting en meerjarenraming 2024 - 2027

34

Ontwikkelingen begroting 2024 In de begroting zijn onderstaande ontwikkelingen meegenomen:

Loon- en prijscompensatie 2024-2027 Voor de bepaling van de kostenstijgingen wordt rekening gehouden met een stijging lonen en prijzen van 4,2 % op basis van de Macro economische verkenning van het Centraal Planbureau5. Dit percentage wordt gecorrigeerd conform de uitgangspunten “Samenwerken voor Drenthe” met 4,6%. Hierdoor komt de het totale percentage voor loon- en prijscompensatie uit op 8,8% In de notitie “Samenwerken voor Drenthe” wordt uitgegaan van een standaard verhouding Loon-/prijsontwikkeling van 70/30. Deze verhouding passen wij ook toe.

2024

2025

2026

2027

Prijs overheidsconsumptie: beloning werknemers

4,7

5,4

4,5

3,9

Prijs bruto binnenlands product (%)

3,0

2,8

2,7

2,5

Aandeel loonkosten

70%

70%

70%

70%

Aandeel Prijs gerealateerde kosten

30%

30%

30%

30%

Loon- en prijsontwikkeling voor Veiligheidsregio Drenthe

4,2

4,6

4,0

3,5

Correctie voorgaande jaren

4,6

2,0

-

-

Loon en prijsontwikkeling meenemen in begroting

8,8

6,6

4,0

3,5

Daarnaast zijn onderstaande ontwikkelingen opgenomen in de begroting 2024 en verder:

Ontwikkeling kapitaallasten Op basis van het bestuursbesluit van 23 maart 2016, waarbij destijds de investeringsruimte (€ 850.000,-) is ingezet voor dekking van gestegen lonen en prijzen, worden de gemeentelijke bijdragen vanaf 2019 jaarlijks verhoogd met € 60.000,- voor de toenemende kapitaallasten. Op basis van het eerdergenoemde bedrag zou de verhoging doorlopen tot 2033.

Impuls vakbekwaamheid brandweerpersoneel De kracht van brandweeroptreden is geworteld in de teamprestatie, deze staat onder druk. Het is noodzakelijk te investeren in een bijscholing is voor alle brandweermensen, zodat zij achteraf in teamverband veilig en effectief kunnen optreden. Het gaat om veel mensen en daarom is een substantiële financiële impuls voor de komende 2 jaar noodzakelijk van respectievelijk € 600.000 voor 2024 en € 500.000 voor 2025.

Autonome ontwikkeling Wet open overheid Voor de uitvoering van de Wet open overheid (Woo) is binnen de organisatie van de VRD en de GGD extra capaciteit nodig. Deze capaciteit zal dan ook ingezet worden voor beide organisaties. De kosten hiervan voor de VRD worden geraamd op € 40.000,structureel.

5

De cijfers zijn gebaseerd op de MEV maart 2023.

Financiële begroting en meerjarenraming 2024 - 2027

35

Recapitulatie meerjarenraming 2024-2027 Rekening houdende met de uitgangspunten geformuleerd in “Samenwerken voor Drenthe” en de autonome ontwikkeling ziet de meerjarenbegroting er als volgt uit: Jaarrekening 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

2025

Meerjarenraming 2026

2027

Programma Calamiteiten en Crises Incidentbestrijding

Lasten

4.803

4.742

4.781

4.806

4.825

4.702

Operationele informatievoorziening Techniek en logistiek Vakbekwaamheid Crisisbeheersing GHOR Investeringen

Lasten Lasten Lasten Lasten Lasten Lasten

208 1.760 2.150 222 1.316 2.958

152 1.607 1.799 247 1.352 3.404

152 1.607 1.799 247 1.441 3.464

152 1.607 1.799 247 1.501 3.524

152 1.607 1.799 247 1.549 3.584

142 1.529 1.787 247 1.323 3.343

Personeel Saldo lasten Incidentbestrijding

Lasten Saldo Baten

8.880 22.297 1

8.673 21.974 0

9.686 23.176 0

10.462 24.096 0

10.948 24.709 0

8.557 21.630 0

Techniek en logistiek Investeringen Vakbekwaamheid

Baten Baten Baten

46 125 3

30 113 12

30 113 12

30 113 12

30 113 12

30 113 2

Personeel Saldo baten Totaal programma Calamiteiten en Crisis Programma Bewustwording Risicobeheersing

Baten Saldo

104 280 22.017

26 181 21.793

26 181 22.995

26 181 23.915

26 181 24.528

257 402 21.228

Lasten

303

130

130

130

130

130

Personeel Saldo lasten Risicobeheersing

Lasten Saldo Baten

3.229 3.532 0

3.154 3.284 0

3.522 3.652 0

3.804 3.934 0

3.981 4.111 0

3.112 3.242 0

Personeel Saldo baten Totaal programma Bewustwording Programma Samenleving Jeugdbrandweer

Baten Saldo

38 38 3.494

10 10 3.274

10 10 3.643

10 10 3.925

10 10 4.102

94 94 3.148

Lasten

30

48

48

48

48

48

Huisvesting Saldo lasten Jeugdbrandweer

Lasten Saldo Baten

2.251 2.281 7

2.198 2.246 6

2.198 2.246 6

2.198 2.246 6

2.198 2.246 6

2.133 2.181 6

Huisvesting Saldo baten Totaal programma Samenleving Programma Organisatie ICT

Baten Saldo

951 957 1.324

943 949 1.297

943 949 1.297

943 949 1.297

943 949 1.297

903 909 1.272

Lasten

882

804

804

804

804

804

Organisatiekosten Investeringen

Lasten Lasten

1.101 400

1.061 400

1.061 400

1.061 400

1.061 400

890 400

Personeel Saldo lasten Organisatiekosten

Lasten Saldo Baten

4.036 6.419 128

3.942 6.207 111

4.403 6.667 111

4.755 7.020 111

4.976 7.241 111

3.890 5.983 85

Investeringen

Baten

0

0

0

0

0

5

Personeel Saldo baten Totaal programma Organisatie Dekkingsbronnen Gemeentelijke bijdrage

Baten Saldo

47 176 6.243

12 123 6.084

12 123 6.544

12 123 6.897

12 123 7.118

117 207 5.776

Baten

27.563

28.378

31.578

33.638

34.530

27.328

Bdur Saldo baten Overige kosten

Baten Saldo Lasten

5.404 32.967 99

5.211 33.589 1.359

6.909 38.487 4.002

6.909 40.547 4.507

6.909 41.439 4.387

5.022 32.350 918

Heffing vennootschapsbelasting

Lasten

0

0

0

0

0

0

Onvoorzien Saldo lasten Totaal aan dekkingsbronnen

Lasten Saldo

0 99 32.868

0 1.359 32.230

0 4.002 34.486

0 4.507 36.041

0 4.387 37.052

0 918 31.432

-210 39 119

-217 217 0

8 -8 0

8 -8 0

8 -8 0

8 -8 0

33.078

32.447

34.478

36.033

37.044

31.424

Resultaat voor bestemming Mutatie reserves Resultaat na bestemming Totale kosten programma's

Lasten

Voor een toelichting op de missielijnen verwijzen wij naar de verschillende toelichtingen bij deze missielijnen.

Financiële begroting en meerjarenraming 2024 - 2027

36

Incidentele baten en lasten In de begroting is een bedrag opgenomen voor de 0,1% WW-premie, deze wordt jaarlijks op de hiervoor bestemde bestemmingsreserve gestort.

Gemeentelijke bijdragen Rekening houdende met de meerjarenraming ontwikkelen de gemeentelijke bijdragen zich als volgt:

Overzicht gemeentelijke

Aantal inwoners

Gemeentelijk

Gemeentelijk

Gemeentelijk

Gemeentelijk

per 1-1-2022

bijdrage VRD 2024

bijdrage VRD 2025

bijdrage VRD 2026

bijdrage VRD 2027

Aa en Hunze

25.579

1.806.521

1.930.210

1.982.139

2.056.840

Assen

68.979

3.745.219

3.989.875

4.092.590

4.240.350

Borger-Odoorn

25.681

1.707.940

1.823.774

1.872.405

1.942.362

Coevorden

35.517

2.519.715

2.692.352

2.764.831

2.869.095

De Wolden

24.511

1.543.667

1.647.399

1.690.950

1.753.599

Emmen

107.856

6.261.662

6.676.218

6.850.263

7.100.633

Hoogeveen

55.857

3.039.392

3.238.030

3.321.426

3.441.393

Meppel

34.761

1.904.345

2.028.977

2.081.302

2.156.574

Midden Drenthe

33.689

2.239.845

2.391.745

2.455.518

2.547.258

Noordenveld

31.238

1.852.558

1.975.703

2.027.404

2.101.777

Tynaarlo

34.221

1.826.389

1.945.267

1.995.177

2.066.973

Westerveld

19.854

1.410.363

1.507.013

1.547.590

1.605.961

497.743

29.857.615

31.846.563

32.681.596

33.882.816

Emmen 24 UUR

1.720.385

1.791.436

1.848.404

1.907.183

Totaal

31.578.000

33.638.000

34.530.000

35.790.000

Bijdrage

Een deel van de gemeentelijke bijdrage wordt verrekend naar het aantal inwoners per gemeente. Hierdoor kunnen kleine onderlinge verschillen in de gemeentelijke bijdrage ontstaan ten opzichte van het voorgaande jaar. De totale gemeentelijke bijdrage voor 2024 bedraagt € 31.578.000,- (conform afspraken uit “Samenwerken voor Drenthe”, bestaande uit € 4.654.600,- (inwonersbijdrage) en € 26.923.400,- (bijdrage brandweerzorg).

Financiële begroting en meerjarenraming 2024 - 2027

37

Geprognosticeerde balans en financiële kengetallen In het BBV is opgenomen dat voor de drie jaren volgend op het begrotingsjaar een geprognosticeerde balans moet worden opgenomen in de begroting. Met het opnemen van deze balans krijgt het bestuur meer inzicht in de ontwikkeling van onder meer investeringen, het aanwenden van reserves en voorzieningen en in de financieringsbehoefte.

Activa

1 januari 2023

1 januari 2024

1 januari 2025

1 januari 2026

1 januari 2027

Materiële vaste activa

22.083.499

24.393.737

27.275.957

28.215.163

27.098.358

Financiele vaste activa

5.219

4.318

3.417

2.516

1.615

22.088.718

24.398.055

27.279.374

28.217.679

27.099.973

5.262.654

954.686

4.820.382

475.000

7.000.000

558.982

250.000

250.000

250.000

250.000

5.821.636

1.204.686

5.070.382

725.000

7.250.000

Overlopende activa

1.709.772

750.000

689.228

689.228

689.228

Totaal

29.620.126

26.352.741

33.038.984

29.631.907

35.039.201

2.209.695

2.217.695

2.225.695

2.225.695

Vaste Activa

Vlottende activa Vorderingen Liquide middelen

Passiva Vaste Passiva Algemene reserve

854.499

Bestemmingsreserves

1.742.460

Resultaat bestemming

-170.265

Voorzieningen

3.149.908

2.690.168

2.240.870

1.816.914

1.372.860

Vaste Schulden

19.939.389

17.140.582

24.341.773

20.542.965

26.744.157

Kortlopende schulden

4.104.135

4.312.297

4.238.647

5.046.334

4.696.490

Totaal

29.620.126

26.352.741

33.038.984

29.631.907

35.039.201

Vlottende Passiva

Financiële begroting en meerjarenraming 2024 - 2027

38

Overige kengetallen In het BBV staat aangegeven welke overzichten onderdeel van de begroting moeten zijn. Deze overzichten zijn hieronder opgenomen en toegelicht.

Renteschema Op basis van de notitie Rente 2017 staat beschreven hoe de rentetoerekening aan het taakveld Treasury vorm moet worden gegeven. Onderstaande tabel bepaalt het renteresultaat.

2024

2025

2026

2027

Externe rente Lasten

201.661

171.788

143.593

115.397

Externe rente Baten

-473

-473

-473

-473

Saldo rentelasten en rentebaten

201.187

171.315

143.119

114.924

Aan taakvelden toe te rekenen Rente

201.187

171.315

143.119

114.924

Aan taakvelden toegerekende Rente

201.187

171.315

143.119

114.924

0

0

0

0

Rente resultaat voor taakveld Treasury

Taakvelden Het volgende overzicht geeft inzicht in het verdelingsprincipe van de programma’s naar de verplichte taakvelden in de gemeentelijke begrotingen.

Taakvelden

2024

2025

2026

2027

Nummer

Omschrijving

bedrag

bedrag

bedrag

bedrag

0.7

Gemeentefonds

6.909.290

6.909.290

6.909.290

6.909.290

0.5

Algemene dekkingsmiddelen

31.578.000

33.638.000

34.530.000

35.790.000

Totaal baten

38.487.290

40.547.290

41.439.290

42.699.290

1.1

Crisisbeheersing en Brandweer

27.548.722

28.730.284

29.511.676

30.759.076

0.4

Overhead

6.544.134

6.896.752

7.117.920

7.117.920

0.61

Treasury

-

-

-

-

8.3

Wonen en Bouwen

384.873

405.473

414.393

426.993

0.8

Overige baten en lasten

4.001.561

4.506.781

4.387.301

4.387.301

Totaal lasten

38.479.290

40.539.290

41.431.290

42.691.290

-8.000

-8.000

-8.000

-8.000

-

-

-

-

-

-

-

-

17%

17%

17%

17%

0.10

Reserve mutaties

0.10

Vennootschapsbelasting

Totaal resultaat Percentage Overhead

Toelichting bij tabel Taakvelden: Onder het taakveld 0.4 Overhead zijn de kosten zoals vermeld in het programma Organisatie opgenomen. Het taakveld 8.3 bestaat uit de loonkosten Risicobeheersing. In het taakveld 0.8 overige baten en lasten is de het bedrag voor prijsontwikkeling opgenomen.

Financiële begroting en meerjarenraming 2024 - 2027

39

Beleidsindicatoren Tot slot is een vijftal beleidsindicatoren voorgeschreven. De waarden zijn hieronder aangegeven.

Beleidsindicatoren

2024

2025

2026

2027

Formatie

0,47

0,47

0,47

0,47

0,39

0,39

0,39

0,39

35,3

38,1

39,9

30,9

1,3

1,2

1,1

1,1

13,1

13,9

14,3

14,3

497.743

497.743

497.743

497.743

Fte/ 1000 inwoners Bezetting Fte/ 1000 inwoners Apparaatskosten Per inwoner Externe inhuur Percentage loonkosten Overheadkosten Per inwoner Aantal Inwoners Drenthe

05

Begroting 2024 Crisisbeheersing, GHOR, Brandweer, Bedrijfsvoering en Financiën

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Meppel&id=09ecd591-1f16-44d7-a7f8-d4aa8e929edb