VVD2 Overleg VVD EStegink090422.pdf
Tekst van het document
Verslag overleg VVD met de heer E. Stegink d.d. 9 april 2022. 1. Opening. Opening door de heer E. Stegink. Ruud Antonius is verhinderd waardoor Andrea van Langen en Tom Beerepoot samen aangeschoven zijn. 2. Verslag van het overleg van 2 april 2022. Het verslag wordt zonder verdere op- e/o aanmerkingen goedgekeurd. Eerste algemene duiding door de heer E. Stegink. Aan alle fracties is gevraagd om een eerste en tweede coalitievoorkeur op te geven. De heer Stegink heeft hier vervolgens wegingsfactoren op basis van het aantal zetels en de eerste en tweede keuzes op losgelaten waardoor de volgende rangorde ontstaan is. 1. Gemeentebelangen 29 punten 2. Hart voor Medemblik 28,5 punten 3. D’66 23 punten 4. CDA 20 punten 5. en 6. VVD en Morgen! 12 punten. 7. ChristenUnie 6 punten 8. Groen Links 0 punten Desgevraagd hebben wij hierbij de volgende kanttekeningen geplaatst: -
Deze systematiek en wegingsgronden zijn in het voordeel van de middenpartijen. Dit is de keuze van de fracties welke niet geheel in lijn ligt met de door de kiezers gemaakte keuzes. Om de kans op succes van mogelijke coalities te kunnen beoordelen, zal ook de programma-inhoud meegewogen dienen te worden. In het laatste jaar van de coalitie heeft de VVD zich kritisch over de coalitie uitgelaten omdat zij van mening was dat het binnen een coalitie een kwestie van “geven en nemen” is. De VVD kreeg langzamerhand het gevoel dat het evenwicht hierbij verstoord raakte waardoor zij vrijwel geen van haar doelstellingen uit het coalitieakkoord gerealiseerd zag. Het is duidelijk dat dit de VVD, bij het maken van keuzes door de andere partijen, parten gespeeld heeft met de slechte score als resultaat. Achteraf had de VVD haar onvrede, over het onvoldoende realiseren van haar doelstellingen binnen de coalitie, beter moeten managen.
Hierboven wordt gesproken over de wenselijkheid om met elkaar samen te werken. Naar aanleiding hiervan hebben wij gevraagd of er door partijen ook “veto’s” uitgesproken zijn. In antwoord hierop gaf de heer Stegink aan dat dit niet het geval is. Ook werden er geen barrières t.o.v. personen opgeworpen. Er werden soms wel kritische kanttekeningen bij raadsleden geplaatst maar deze waren niet van dien aard dat samenwerking geblokkeerd werd.
3. Wensen vanuit de fracties over het vervolg en de vorm van het formatieproces. Uit de diverse overleggen is duidelijk geworden dat de diverse partijen, wanneer er voor een coalitie van 4 partijen gekozen wordt, ook voor 4 wethouders kiezen. Zoals eerder door ons aangegeven staan wij, gezien de problematiek en de uitdagingen waar onze gemeente voor staat, achter de keuze voor 4 wethouders. Daarnaast lijkt er bij de diverse partijen een voorkeur voor “vak-wethouders” te bestaan. In principe staan wij ook achter dit uitgangspunt en hebben wij nogmaals aangegeven dat de kwaliteit van de nieuwe wethouders bij ons voorop staat. Verder zijn wij de afgelopen raadsperiode afgestapt van beoordelingsgesprekken. Wij zijn er voorzichtig voorstander van om deze opnieuw in te voeren zodat evaluatie en bijsturing mogelijk wordt. Op dit moment zijn door partijen de volgende kandidaat wethouders aangedragen: Gerben Gringhuis, Harry Nederpelt en Andrea van Langen. Met betrekking tot de inhoud heeft de heer Stegink 3 hoofdonderwerpen aangegeven: 1. Financiën 2. Het sociaal domein en met name jeugdzorg 3. De organisatie De VVD kan zich hierin vinden met dien verstande dat wij ook aandacht voor de woningbouw, die meerdere partijen bij de verkiezingen als speerpunt genoemd hebben, vragen. Verder verwijzen wij in deze naar ons verslag van het overleg van 2 april j.l.
Wij zullen onszelf een taakstelling op het sociaal domein moeten opleggen teneinde niet door de provincie aan banden gelegd te worden. Zonder financiële maatregelen zal er geen nieuw beleid ontwikkeld kunnen worden. Over de wijze waarop wij deze taakstelling dienen te realiseren, treden wij graag met onze eventuele coalitiepartners in overleg. 4. Mogelijke voortgang formatieproces (wijze van bespreking en te bespreken onderwerpen). De heer Stegink is voornemens om zijn concept-eindrapportage vóór Pasen in concept naar alle betrokkenen te sturen en hen nog in de gelegenheid te stellen om daarop te reageren. Daarnaast hebben wij hem de suggestie gedaan om nog een informatieavond voor alle betrokkenen te organiseren teneinde het gelopen proces en het resultaat daarvan nog eens toe te lichten. Zodra het informatieproces achter de rug is en de voorkeurscoalitie bepaald is, zal het formatieproces van start kunnen gaan. Naar aanleiding hiervan hebben wij aangegeven dat wij de kwaliteit daarvan belangrijker vinden dan de snelheid. Wel zou het goed zijn om het formatieproces vóór de zomer af te ronden. Dit geeft ook rust in de organisatie.
In aansluiting hierop hebben wij met de heer Stegink gesproken over de wijze waarop het formatieproces het best ingestoken zou kunnen worden. Wij zijn voor de aanstelling van een formateur die de belangrijkste programmapunten in eerste instantie met de afzonderlijke partijen kan bespreken zodat hij/zij eventuele knelpunten vooraf kan signaleren, bespreken en mogelijk kan wegnemen. In tweede instantie kunnen de beoogde coalitiepartijen deze programmapunten met elkaar bespreken. Naar aanleiding hiervan merkte de heer Stegink op dat hij niet als formateur zal gaan optreden en dat hij van mening is dat deze rol beter op zich genomen kan worden door een persoon die over meer specifiek inhoudelijke kennis over de diverse onderwerpen beschikt. Verder vroeg de heer Stegink zich af de dorpsraden bij het formatieproces betrokken moeten worden. Wij hebben vervolgens de voor- en nadelen hiervan besproken waarbij wij geconcludeerd hebben dat wij dit aan de formerende partij over dienen te laten en dat dit, wanneer hiervoor gekozen wordt, extra druk op het formatieproces en de tijd welke hiermee gemoeid is, zal leggen. Om 5 uur sloot de heer Stegink het overleg. Andrea van Langen Tom Beerepoot