G D.1 Motie VAO MORGEN! ea Zonnedak op buitendijks Parkeerterrein
Tekst van het document
Invullen door de griffier voor tegen opmerkingen paraaf
MOTIE vreemd aan de orde van de dag Onderwerp: Agendapunt: Ingediend door:
Zonnedak op buitendijks Parkeerterrein Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027 S. Zeilemaker (MORGEN!), E. van den Bosch (CDA), C. Vlaar (D66), B. Huisman (GroenLinks)
De raad van de gemeente Medemblik, in de vergadering bijeen op 9 november 2023; gelet op artikel 33 van het Reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenteraad Medemblik 2023, Constaterende dat: • De gemeente Medemblik een opdracht heeft in het kader van de Regionale Energie Strategie om binnen haar grondgebied, of samen met regiogemeenten, duurzame energie op te wekken; • Veel partijen van mening zijn dat de oplossing voor de opwek allereerst gezocht moet worden in zonnepanelen op daken; • Dat er een besluit ligt om bij de kern Medemblik-stad een buitendijks parkeerterrein aan te leggen en de grond hiervoor is aangekocht; • Hiermee, in combinatie met vergunningparkeren, het parkeerprobleem in de binnenstad kan worden opgelost en ruimte biedt voor bezoekers van de stad en bij evenementen; • Er een ontwerpbestemmingsplan ligt voor een nieuw onderstation met meer capaciteit direct naast het geplande parkeerterrein; • Een soortgelijke motie als deze reeds op 11 juli 2019 is aangenomen.
Overwegende dat: • Op diverse plaatsen in ons land parkeerterreinen zijn aangelegd met een overkapping met zonnepanelen, zoals bijvoorbeeld Bloemendaal; • Een dergelijke overkapping, in combinatie met elektrische laadpalen, een grote toevoeging kan zijn voor bewoners en bezoekers van Medemblik; • Er van uitgegaan wordt dat 40% van alle nieuwe auto’s in 2030 elektrisch zal zijn; • In de binnenstad onmogelijk zal zijn voldoende laadpalen te realiseren; • Het nieuwe, uitgebreide onderstation mogelijkheden biedt voor directe aansluiting, teruglevering etc.; • Er subsidiemogelijkheden voor dergelijke ontwikkelingen bestaan. Verzoekt het college: • Voor het buitendijks parkeerterrein de mogelijkheden van zonnedaken en laadpalen verder te onderzoeken • Bij de uitvoering zoveel mogelijk rekening te houden met de voorwaarden om al dan niet later een zonnedak en laadpalen te realiseren • Te onderzoeken wat de subsidiemogelijkheden zijn en welke partijen mogelijk willen participeren, zoals de WF zonnecorporatie in combinatie met de groenfondsen; • Zorg te dragen voor het tijdig, voor 1 januari 2024, in te dienen ontwerpbestemmingsplan. • Voor het dekken van extra kosten zonodig met een voorstel te komen Ingediend door: ……………………………. S. Zeilemaker (MORGEN!)
……………………………. E. van den Bosch (CDA)
……………………………. C. Vlaar (D66)
…………………….. B. Huisman (GroenLinks)
‘Potentie solar carports groter dan gedacht’ De potentie van zonnecarports is groter dan gedacht. Het met zonnepanelen overdekken van parkeerplaatsen is al vanaf circa 30 parkeerplekken interessant. Dat stelt Jan-Pieter Peijs op basis van nieuw onderzoek.
In mei 2023 werd De Schoenmakers Groep (DSG) door de Groenalliantie geselecteerd om op de parkeerplaatsen bij Reeuwijkse Hout solar carports te exploiteren. Enquête Vooraf was de verwachting dat solar carports niet rendabel zouden zijn, maar uiteindelijk toonden 37 marktpartijen belangstelling. Peijs Projecten organiseerde de tender voor Groenalliantie en heeft een enquête uitgevoerd onder 8 bedrijven om te achterhalen wanneer solar carports rendabel zijn. ‘Zonnecarports blijken vanaf circa 30 parkeervakken interessant te zijn’, duidt Peijs. ‘Sommige marktpartijen willen minimaal 800 parkeerplaatsen kunnen overkappen voordat ze het interessant vinden, maar er zijn ook partijen die al bij 30 parkeerplaatsen kansen zien. Alle partijen geven aan: hoe groter hoe beter.’ Opties belangrijk Locaties zijn volgens Peijs sneller rendabel als de ontwikkelaar meer mogelijkheden heeft. ‘Denk aan de mogelijkheid om batterijen erbij te plaatsen of een kleinschalige elektrolyser te mogen bouwen. Er is dan namelijk een kleinere stroomaansluiting nodig en dat is prettig, omdat de ruimte op het elektriciteitsnet beperkt is.
Het gaat ook om opties als het mogen verwijderen of verplaatsen van schaduwgevende bomen, of het opnieuw inrichten van de parkeerplaats.’ Ook het ontwerp maakt overigens uit: toepassing van een houten onderstellage maakt projecten duur, waarbij een stalen constructie weer eerder rendabel is. Laadpalen Een andere conclusie van Peijs is dat laadpalen de businesscase verbeteren. Als er – overdag – veel geparkeerd wordt dan is een locatie aantrekkelijker. Het verkopen van stroom aan bezoekers die hun auto opladen, levert namelijk meer op dan levering aan het net. Ook stroomlevering aan een grootverbruiker in de buurt van de zonnecarports maakt een project extra aantrekkelijk. ‘Gemeenten kunnen mobiliteit voor minder vermogenden stimuleren door met de exploitant van de laadpalen af te spreken dat deelauto’s goedkoop mogen laden’, suggereert Peijs. Verplichte burgerparticipatie Tot slot concludeert Peijs dat bij verplichte burgerparticipatie het oppervlak groter moet zijn. Ontwikkelaren hanteren een minimumomvang om hun projectmanagementkosten terug te verdienen en als ze het project moeten delen met
een burgercoöperatie moet het project dus groter zijn voordat ze interesse tonen in een tender. Peijs besluit: ‘Conclusie: gemeenten kunnen verduurzamen door hun parkeerplaatsen te laten overkappen als ze ten minste 30 parkeerplekken beschikbaar stellen.’