66 Beantwoording Commissievragen PW2010 raadscie. 27-5 agendapunt 8.1.pdf
Tekst van het document
Beantwoording vragen voorafgaand aan de raadscommissie Nummer
DOC-21-394817
Zaaknummer
Z-20-133065
Naam commissielid
A. v.d. Geest
Fractie
PW2010
Onderwerp
Commissievragen PW2010 raadscie. 27-5 agendapunt 8.1
Datum waarop de vraag is gesteld
21 mei 2021
Beantwoording uiterlijk woensdag 15:00 uur, voorafgaand aan de raadscommissie. Portefeuillehouder Afdeling
1.
Is het aanbieden van de bij dit agendapunt behorende stukken op 18 mei, in combinatie met de mogelijkheid om voor 9.00 uur op 21 mei vragen hierover in te dienen in overeenstemming met de training die in mei 2019 gegeven is over het verantwoord omgaan met de gemeenschappelijke regelingen 'Grip op regionale samenwerking 2.0'? Zo ja, waarom is dit wel het geval?
antwoord
ANTWOORD GRIFFIE: vanwege de Pinksterdagen was het niet haalbaar om de gebruikelijke termijn tussen het beschikbaar komen van het raadsvoorstel en het stellen van commissievragen aan te houden; de termijn voor de commissiestukken van 27 mei werd korter en de termijn voor de commissiestukken van 31 mei werd langer. Het presidium heeft 17 mei met deze afwijkende termijnen ingestemd. Voor de gemeenschappelijke regelingen (geagendeerd voor de commissie van 27 mei) geldt dat de vele bijlagen bij het raadsvoorstel (jaarrekeningen en begrotingen GR’en) al 15, 19 en 20 april beschikbaar waren voor de raads- en commissieleden, gepubliceerd bij de stukken voor de regionale raadsledenbijeenkomst d.d. 28 april jl.. In deze bijeenkomst hadden raads- en commissieleden gelegenheid om vragen te stellen aan gemeenschappelijke regelingen, bedoeld om raadsleden goed in positie te brengen om hun rol verantwoord in te vullen wat betreft de voorbereiding van lokale besluitvorming over de zienswijzen m.b.t. jaarrekeningen en begrotingen van GR’en.
2.
Worden door het zo laat inhoudelijk informeren over begrotingen en jaarrekeningen de werkzaamheden van raad/ commissieleden wel serieus genomen? Zo ja, waarom wel?
Antwoord
Wij nemen de werkzaamheden van de raad/commissieleden zeker serieus. De aanlevering van de raadsvoorstellen is conform de planning die in het presidium is vastgesteld. Vanwege die planning zit er slechts 9 dagen tussen uiterlijke aanlevering van de stukken en de commissievergadering. De raad is dan 3 weken later. Wij begrijpen dat u graag de tijd wilt hebben voor bestudering van de stukken. Eerdere aanlevering van de stukken is echter niet mogelijk (zie ook beantwoording bij vraag 4) vanwege de afspraken die daarover, ook in regionaal verband, zijn gemaakt.
3.
Is er dan nog wel sprake van verantwoorde besluitvorming? Zo ja, waarom wel?
Antwoord
Er is zeker sprake van verantwoorde besluitvorming. Bij de kadernota’s 2022 bent u uitgebreid geïnformeerd en heeft u zienswijzen uitgebracht. Bij de begrotingen 2022 is (zoveel mogelijk) met de zienswijzen rekening gehouden. Wij hebben wel kanttekeningen in ons voorstel aangegeven.
4.
Is het niet mogelijk om stukken, gedateerd in maart/ april eerder aan te bieden? Zo nee, waarom is dat niet mogelijk?
Antwoord
Wettelijk gezien is de termijn van toezending van de begroting van een GR aan de gemeenteraden uiterlijk 8 weken voordat deze door het AB wordt vastgesteld. Voor het aanleveren van de jaarrekening is geen wettelijke termijn opgenomen. De wet bepaalt ook dat besturen van GR-en hun jaarrekening voor 15 juli en hun begroting voor 1 augustus moeten versturen naar gedeputeerde staten. Deze termijnen zijn krap. Daarom is enkele jaren geleden met elkaar op NHN-niveau afgesproken om deze stukken uiterlijk 15 april toe te zenden. Hiermee wordt de termijn van 8 weken al opgerekt naar 10 à 12 weken. Veel eerder is niet mogelijk, omdat de besturen dan ook hun jaarrekening al in concept klaar moeten hebben. Alle jaarstukken zijn tussen 14 en 20 april bij ons binnengekomen. Met uitzondering van de jaarrekening 2020 van de regeling ‘Ondersteuning bestuurlijke zaken’. Deze hebben wij op 24 maart ontvangen. Maar dit is een regeling met een laag risicoprofiel. Dit betekent dat bij een positieve zienswijze de raad geen voorstel meer ontvangt: dit mag het college afhandelen. Daarnaast is er afgesproken dat wij alle jaarstukken van alle GR-en in één keer naar de raad brengen.