42 Beantwoording Commissievragen HvM raadscie. 30-1 agendapunt 8.1 Kadernota's 2026 en bezuinigingsvoorstellen gemeenschappelijke regelingen (Omgevingsdienst en DeSom)
Tekst van het document
Zaaknummer
Z-25-543373
Documentnummer
DOC-25-996530
Naam commissielid
M. Hoogewerf
Fractie
Hart voor Medemblik
Onderwerp
Commissievragen HvM raadscie. 30-1 agendapunt 8.1 Kadernota's 2026 en bezuinigingsvoorstellen gemeenschappelijke regelingen (Omgevingsdienst en DeSom) 27 januari 2025
Datum waarop de vraag is gesteld Beantwoording uiterlijk woensdag 15:00 uur voorafgaand aan de commissievergadering. Portefeuillehouder Jeroen Broeders en Gerben Gringhuis Afdeling Ruimte en Bedrijfsvoering GR OD 1.
Waarom heeft het Algemeen Bestuur pas in december 2024 besloten om bezuinigingsscenario’s uit te werken, terwijl het Dagelijks Bestuur al in juli 2024 had besloten dit niet te doen?
antwoord
Om tot een robuustheidsplan te komen heeft eind 2023 – zomer 2024 een intensief traject met de bestuursleden plaatsgevonden waarna op 27 juni 2024 gekomen is tot een bestuurlijk vastgesteld plan van aanpak. Het kostenneutrale scenario om zónder extra investeringen tot robuustheid te komen heeft het algemeen bestuur op 27 juni verworpen. Direct voor de zomer hebben de raden en staten het plan van aanpak robuustheid met begeleidende brief ontvangen. Op 5 juli 2024 heeft de Regietafel een verzoek met een tweetal bezuiningsscenario’s (3% en 5%) verzonden. Ondanks de benodigde investeringen om te komen tot robuustheid heeft het algemeen bestuur op 11 december 2024 alsnog besloten om bij de begroting 2026 een tweetal bezuinigingsscenario’s aan te bieden. Deze scenario’s worden in deze periode uitgewerkt.
2.
Het efficiencyonderzoek start pas in 2025. Waarom is dit niet eerder uitgevoerd, zodat de resultaten al in de begroting 2026 konden worden meegenomen?
antwoord
Het efficiencyonderzoek vormt een integraal onderdeel van het plan van aanpak robuustheid en is in de besluitvorming meegenomen. Vervolgens is het proces gaan lopen voor het vinden van dekking voor een dergelijk onderzoek dat het karakter zal hebben van een rekenkameronderzoek. Het betreft een breed onderzoek dat in opdracht van alle deelnemers vorm zal krijgen. Het opzetten hiervan kost tijd.
*ZBC6B1F6E05*
Beantwoording vragen voorafgaand aan de raadscommissie
3.
De herijking van bedrijfsvoeringskosten is nog niet doorgerekend. Welke concrete stappen worden genomen om deze kosten te verlagen, en hoe wordt voorkomen dat dit leidt tot hogere bijdragen voor Medemblik?
antwoord
De herijking van de bedrijfsvoeringskosten vindt in deze periode plaats. Als dit leidt tot afwijkingen in de benodigde budgetten dan zullen deze afwijkingen verdeeld worden volgens de gebruikelijke verdeling op basis van de Lumpsum.
4.
Waarom betaalt Medemblik €113.000 voor het Plan van Aanpak Robuustheid, terwijl Alkmaar (met meer dan het dubbele inwonersaantal) slechts €132.000 betaalt?
antwoord
De bijdrage in het plan van aanpak robuustheid is volgens de gebruikelijke verdeling op basis van de Lumpsum.
5.
Indien dit te maken heeft met de taken: Welke specifieke taken of plustaken leiden tot de hogere bijdrage van Medemblik, en zijn deze taken noodzakelijk of kunnen ze worden geoptimaliseerd/wegbezuinigd worden om kosten te besparen?
antwoord
Zie de beantwoording onder vraag 4.
GR DeSom 6.
Document kaderbrief, pagina 5: Het dagelijks bestuur ‘accepteert’ risico’s zoals vertraging en hogere frictiekosten (pag. 5, doc. 04). Hoe wordt voorkomen dat deze risico’s leiden tot extra belasting voor Medemblikse belastingbetalers?
antwoord
Vertraging zal hogere frictiekosten opleveren en moet dus met alle inzet worden vermeden. De planning is ambitieus, van de urgentie van dit traject zijn zowel DeSom als de deelnemende gemeenten zich bewust. In wekelijkse zgn. “bouwsessies“ worden de activiteiten in goede samenwerking op elkaar afgestemd en uitgevoerd. Vooralsnog ligt e.e.a. op schema.
Document kaderbrief, pagina 11: Hier wordt gesproken over kosten voor de buitengebruikstelling. Dit betreft waarschijnlijk de vollege afschrijving die nu in één keer gedaan wordt. Het lijkt erop dat mogelijke economische restwaarde van deze producten hierin niet mee is genomen. 7.
Hoe oud is deze hardware en wat is de technische staat hiervan?
antwoord
De hardware is vijf jaar oud en de technische staat is in principe nog goed, maar de hardware wordt afgestoten vanwege de overgang van data naar de cloud.
8.
Wat is de verwachtte verkoopprijs van deze hardware indien deze wordt aangeboden aan relevante partijen?
antwoord
Een eventuele verkoopprijs wordt door DeSom op zeer gering - verwaarloosbaar geschat.
9.
Waarom staat deze informatie niet opgenomen in de stukken?
antwoord
Omdat geen rekening wordt gehouden met een relevante opbrengst van verkoop van de hardware.