23 DOC-22-575387 Zienswijze
Tekst van het document
Gemeente Medemblik College van burgemeester en wethouders te Medemblik Postbus 45 1687 ZG MEDEMBLIK
Wognum, 11 augustus 2022
Betreft: zienswijze ontwerpbestemmingsplan ‘Wognum-Bloesemgaerde Noord’; Referentienummer Z-22-413264
Geacht college van burgemeester en wethouders, Ik heb met belangstelling kennisgenomen van het ontwerpbestemmingsplan ‘WognumBloesemgaerde Noord’. Ik heb ten aanzien daarvan de volgende drie vragen c.q. opmerkingen. Ik zie uw antwoorden met belangstelling tegemoet. Aantal woningen in Bloesemgaerde-Noord Wognum In het ontwerpbestemmingsplan en nog veel eerder in de kader stellende notitie over woningbouwplan ‘Bloesemgaerde-Noord’ is een maximum van 50 woningen ingetekend. Als ik de tekening op pagina 32 van het ontwikkelkader bekijk, dan is volstrekt onduidelijk hoeveel woningen per categorie er nu uiteindelijk gaan komen. En of er dus toch getornd gaat worden aan het aantal van maximaal 50 woningen. Verkeerskundig onderzoek Bloesemgaerde-Noord Wognum In het rapport ‘Verkeerskundig onderzoek Bloesemgaerde-Noord Wognum’ staan slordige fouten die het professionele karakter van dit rapport teniet doen. Zo wordt op pagina 16 zowel bij ‘Stolphoevelaan’ als bij ‘Kerkweg’ in het kopje een andere weg benoemd dan in de onderliggende tekst. Als dit al niet goed wordt opgeschreven, waar zijn dan nog meer fouten gemaakt? Het rapport is een aaneenschakeling van aannames.
Ik mis in het rapport de grote hoeveelheid schoolgaande fietsers die over de Westeinderweg en de Kerkstraat ’s morgens hun weg vinden naar school (in Hoorn) en ’s middags weer terug naar huis gaan (in Spanbroek/Opmeer/Aartswoud). Zeker ’s morgens gaat de forens met auto die fietsers niet opzoeken en zal via de rotonde bij de Conferencelaan zijn uitweg gaan zoeken. Dat geeft extra drukte op de rotonde bij de Conferencelaan. Hoe gaat deze drukte in betere banen geleid worden? Afwijken van bouwartikel 6.2.1. sub d In het document “Bestemmingsplan Regels” staat op pagina 12 (artikel 6.2.1 sub d) dat er een afstand van ten minste 3,00 meter wordt aangehouden tot de perceelgrens. In datzelfde document staat op pagina 13 (artikel 6.2.3 sub c) dat van het eerdere artikel 6.2.1 sub d mag worden verkleind. Dat is een open eind. Er staat immers niet met hoeveel er mag worden verkleind. Daarnaast wordt er ook gebouwd aan een slootkant. Mag ook daar van de 3,00 meter afgeweken worden? Wat is het gevolg van de toenemende druk op de walkant van zo een verkleining van 3,00 meter? En waar kan ik dan eventuele schade verhalen? Ik stel voor dat artikel 6.2.3 sub c niet van toepassing wordt verklaard voor de percelen liggende aan de slootkant. Op basis van de bovenstaande argumenten heb ik bezwaar tegen het ontwerpbestemmingsplan met PlanID: NL.IMRO.0420.BPWOGNUMBLSMGN-ON01.
1
Naar aanleiding van het voorgaande verzoek ik u met inachtneming van mijn zienswijze het ontwerpbestemmingsplan in zijn huidige vorm niet vast te stellen/gewijzigd vast te stellen. Ik ga ervan uit dat u mij van de verdere procedure op de hoogte houdt.
Met vriendelijke groet, Bekend bij de griffie
2