15 EXTERN Zienswijze detailhandelsvisie West-Friesland 21-01-25 LTO
Tekst van het document
AANTEKENEN t: e: w:
Het College van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Medemblik Postbus 45 1687 ZG Wognum
Datum: 21-01-2025 Betreft: Zienswijze detailhandelsvisie West-Friesland
088 888 6666 info@ltonoord.nl www.ltonoord.nl Postadres: Postbus 240 8000 AE Zwolle
Referentie: NH/DH/25.01
Hoofdkantoor: Dr. Stolteweg 2 8025 AV Zwolle
Geacht college, LTO Noord heeft namens de LTO Noord afdeling West-Friesland met verbazing kennis genomen van de vastgestelde detailhandelsvisie voor regio West-Friesland. De nieuwe, beperkende, regels die deze visie met zich mee brengt voor agrarisch ondernemers met boerderijwinkel, geeft LTO Noord, mede namens onze LTO Noord-afdeling West-Friesland, aanleiding om onze reactie kenbaar te maken in een zienswijze. In onderstaande tekst lichten wij graag toe op welke punten en gronden wij onze zienswijze richten. Leefbaar platteland Het is voor agrarisch ondernemers met boerderijwinkel in regio West-Friesland onbegrijpelijk dat de regio snoeiharde beperkingen stelt aan boerderijwinkeltjes. Voorzieningen op het platteland zijn belangrijk. Boeren en tuinders kunnen met een boerderijwinkel een mooie bijdrage leveren aan de leefbaarheid. Ondernemers bieden onderscheidende producten aan in hun winkels, en burgers krijgen de kans wat mee te krijgen over de herkomst van voedsel. Ook worden er vaak mooi combinaties gemaakt, zoals het combineren van een winkel met een fietsroute, wandelpad, camping of zorgboerderij. Juist deze ondernemers dachten op de goede weg te zijn, door lokaal, goed voedsel, aan te bieden aan de lokale gemeenschap op het platteland.
Stimuleer als regio ondernemerschap, in plaats van beperkingen te stellen aan agrarisch ondernemers! Concurrentie met dorpskernen In de vastgestelde visie wordt omschreven dat te grote boerderijwinkels voorkomen moeten worden, zodat ondernemerschap in kernen niet onder druk komt te staan. Daarom staan er 9 voorwaarden voor boerderijwinkels in de visie. LTO Noord is verbolgen over de manier waarop de regio dit heeft opgetuigd, zonder ondernemers zelf te vragen naar hun eigen wensen en ideeën. Boerderijwinkels bieden een unieke meerwaarde voor het buitengebied, met een ander aanbod voor een andere doelgroep dan winkels in dorpskernen. Daarmee is een boerderijwinkel geen oneerlijke concurrentie voor dorpskernen, maar een positieve ontwikkeling voor lokale gemeenschappen. De visie stelt dat maximaal 10% van het assortiment van een boerderijwinkel mag bestaan uit nietbedrijfseigen producten. Voor veel boerderijwinkels heeft deze voorwaarde grote gevolgen, omdat boeren onderling samenwerkingen aangaan om tot een divers winkelaanbod te komen. Door samen te werken kan er bijvoorbeeld één boer zijn zuivel verwerken, die vervolgens in meerdere winkeltjes verkocht kan worden. Door deze samenwerkingen blijft het voor boeren ook financieel interessant om lokaal producten aan te bieden.
LTO Noord roept de gemeente op om ruimte te geven voor onderlinge samenwerkingen, zodat boeren en tuinders hun producten aan de lokale gemeenschap kunnen blijven aanbieden.
Omgevingswet Met de ingang van de omgevingswet moeten gemeenten de afweging maken welke positieve en negatieve omgevingseffecten een activiteit heeft. VNG heeft in 2023 de handreiking multifunctionele landbouw en de omgevingswet uitgegeven. Wij roepen gemeenten op om multifunctionele landbouw, waaronder boerderijverkoop, op te nemen in uw omgevingsvisies. We zien dat de omgevingswet kansen biedt aan ondernemers die een extra activiteit willen starten op hun agrarisch bedrijf. Zo heeft gemeente Hoeksche Waard een weegschaal gepubliceerd met afwegingen waar ze hun beslissingen op baseren. Een boerderijwinkel heeft daar een maximum oppervlak van 200m2. LTO Noord is van mening dat een maximumoppervlak van 50m2 voor een boerderijwinkel een onredelijke voorwaarde is. Met een verkoopbalie, vriezers en koelkasten is een ruimte snel gevuld. Slot Agrarisch ondernemers hebben door zwalkend overheidsbeleid veel te verduren gehad de afgelopen jaren. Ondernemers zoeken toekomstperspectief, en kijken daarbij ook naar andere verdienmodellen, bijvoorbeeld in de vorm van een neventak zoals een boerderijwinkel. Ook het Rijk heeft nieuwe verdienmodellen omarmt als een transitie pad voor de agrarische sector. Het is daarom verbazingwekkend, dat in regio West-Friesland een boerderijverkoop-tak op deze manier beperkt wordt voor boeren en tuinders.
De opgestelde visie staat daarmee haaks op de landelijke trend en de maatschappelijke wens. Daarom deze zienswijze aan regio West-Friesland, met het verzoek de voorwaarden voor boerderijwinkels in de detailhandelsvisie te herzien. LTO Noord gaat hierover graag in gesprek om tot een passende oplossing te komen. Tot zover onze opmerkingen. Wij zijn graag bereid onze reactie mondeling toe te lichten. Hoogachtend,
Trude Buysman Voorzitter LTO Noord afdeling West-Friesland
Marbel de Graaf Voorzitter LTO Noord Noord-Holland