11 DOC-23-632169 - Advies Recreatieschap WF Kadernota 2024
Tekst van het document
Kadernota 2024 gemeenschappelijke regelingen Recreatieschap WF Risicoprofiel: laag
DOC-23-632169
Doelstelling GR (tekst uit de regeling) Het lichaam heeft tot taak de behartiging van de belangen van de openluchtrecreatie en het landschap in het samenwerkingsgebied. Het zal deze taak onder meer behartigen door: a) de vaststelling en uitvoeren van het recreatieve beleid, met name van het Landschapsplan Westfriesland en het Natuur- en Recreatieplan Westfriesland; b) het beheren van de bestaande recreatieterreinen en voorzieningen. Voorstel zienswijze raad
Over de kadernota 2024 van het Recreatieschap Westfriesland (RSW) een positieve zienswijze uit te brengen. 1. Visie en ontwikkeling korte termijn (wat willen we bereiken in 2024?) In het Natuur- en Recreatieplan (2016) formuleerde het Recreatieschap de onderstaande ambitie: ‘Ambitie van het Natuur- en Recreatieplan is om de kernkwaliteiten van natuur, landschap en recreatie te benutten en te ontwikkelen om te komen tot een meer aantrekkelijke woon- en leefomgeving. Westfriesland doet dit door behoud van zijn kernkwaliteiten centraal te stellen, te werken aan kwaliteitsverbetering hiervan en verbindingen te leggen (zowel binnen als buiten de regio). In het Natuur- en Recreatieplan is deze ambitie vertaald naar de onderstaande doelstellingen: • • • •
Vergroten van de beleefbaarheid van het landschap; Het door ontwikkelen van het recreatieaanbod; Aantrekken van meer bezoekers van buiten de regio; Behouden en ontwikkelen van biodiversiteit.
Ontwikkelingen korte termijn Het Recreatieschap voert in 2024 haar kerntaken uit. Dit zijn: a)
Terreinen en voorzieningen
Het Recreatieschap zet zich in voor aantrekkelijke recreatieterreinen. Dit doet het Recreatieschap primair voor de eigen inwoners, maar ook voor bezoekers buiten de regio. Het Recreatieschap beheert ruim 350 hectare recreatieterrein, verspreid door Westfriesland. Daarnaast beheert ze een aantal (zwem)locaties van derden. Het Recreatieschap richt zich bij het beheer en de inrichting van de recreatieterreinen primair op recreatie, maar zet ook in op de ontwikkeling en instandhouding van natuur en landschap en vergroting van de biodiversiteit op haar terreinen. b)
Netwerken
Het Recreatieschap beheert en onderhoudt circa 1000 kilometer recreatienetwerken voor fietsen, varen en wandelen. In het beheer en onderhoud richt het Recreatieschap zich op instandhouding, kwaliteitsbewaking en doorontwikkeling van de netwerken. Het uiteindelijke doel is kwalitatieve,
Kadernota 2024 gemeenschappelijke regelingen gebiedsdekkende netwerken die goed aansluiten bij de netwerken in de aangrenzende regio’s en de landelijke LAW- en LF-routes. c)
Natuur- en Recreatieplan:
Het plan gaat uit van het benutten van de kwaliteiten van de regio en het (door)ontwikkelen van de voorzieningen en terreinen. Daarmee wordt de inwoners van de regio een kwalitatief product geboden dat ook voor toeristen van buiten de regio een meerwaarde biedt. Het Natuur- en Recreatieplan is van de hele regio. Dat geldt ook voor de uitvoering ervan. Daarom adviseert het Recreatieschap gemeenten en werkt het intensief met hen en andere gebiedspartners samen om het plan uit te voeren. Het is een bouwsteen voor de Structuurschets Westfriesland en draagt bij aan de doelen uit het Pact van West-Friesland. Wat wil het Recreatieschap bereiken in 2024 Op het gebied van beheer en onderhoud van de terreinen en voorzieningen zijn er geen grote wijzigingen ten opzichte van de voorgaande jaren. Dit is in feite going-concern. Het bestuur van het Recreatieschap zal - samen met de raad - een visie en ambitie gaan vormen over hoe voor nu én voor de toekomst te zorgen voor voldoende natuur en recreatie voor de bewoners van en bezoekers aan de regio. Dit zal (mogelijk) leiden tot een herziening van (delen van) het Natuur- en Recreatieplan Westfriesland. En deze verandering van focus maakt ook dat er door de regio op een andere manier gekeken moet worden naar het investeren in natuur- en recreatiegebieden. Het kan ertoe leiden dat dit om nieuw beleid vraagt met ook financiële gevolgen.
Omdat het op dit moment nog te prematuur is om daar iets over te kunnen zeggen, is er in deze Kadernota nog geen bedrag aan gekoppeld. Er zijn in 2024 geen wettelijke taken voor het Recreatieschap die beleidswijzigingen tot gevolg hebben.
2. Verwachtingen lange termijn (2025-2027) Een gewijzigde visie en ambitie voor natuur, recreatie en landschap heeft mogelijk gevolgen voor de werkzaamheden van het Recreatieschap. Hoe dit er dan exact uit gaat zien is nog onduidelijk. Het is niet in de lijn der verwachtingen dat in 2024 en verder veel wordt afgeweken van de reguliere bedrijfsvoering en/of het bestaand beleid. Daarbij moet worden opgemerkt dat het Recreatieschap in een constant veranderend klimaat acteert. Dit gaat om fysieke zaken als nieuwe, of uitbreiding van bestaande terreinen, aanleg van waterbergingen maar ook veranderend provinciaal en regionaal natuur-en/of recreatiebeleid en andere trends in de sector. Het Natuur-en Recreatieplan Westfriesland en de organisatie zelf bieden voldoende flexibiliteit om mee te bewegen met deze veranderingen. 3. Actualisering financieel perspectief Natuur- en Recreatieplan (2016) is het staande beleid voor de komende tien tot vijftien jaar. Het Recreatieschap geeft uitvoering aan dit beleid in 2024. De projecten die daaraan bijdragen zijn opgenomen in het uitvoeringsprogramma Natuur- en Recreatieplan. Er is ook al dekking beschikbaar voor deze projecten. Het dagelijks bestuur ziet een grote uitdaging in de opgaven die op onze regio afkomen op het gebied van natuur en recreatie. De natuur-en recreatiegebieden staan onder druk terwijl er meer dan ooit behoefte aan is.
En die druk en behoefte zullen alleen maar toenemen. Het woonakkoord noemt aantallen van 9.000 extra woningen in 2040. Al die mensen moeten ergens recreëren. Tegelijkertijd leggen energie, klimaat en bedrijvigheid een steeds grotere claim op het landschap.
Kadernota 2024 gemeenschappelijke regelingen Het bestuur zal een visie én ambitie gaan vormen hoe voor nu én voor de toekomst te zorgen voor voldoende natuur en recreatie voor de bewoners van en bezoekers aan de regio. Dit zal (mogelijk) leiden tot een herziening van (delen van) het Natuur-en Recreatieplan Westfriesland. Een nieuwe visie en ambitie hebben zeer waarschijnlijk ook financiële gevolgen. Het is op dit moment te vroeg om aan te kunnen geven hoe die eruit gaan zien. Zodoende is er ook nog geen bedrag opgenomen in de Kadernota. De financiële gevolgen zullen onderdeel zijn van het proces dat wij ingaan om tot een nieuwe visie en ambitie te komen. Eventuele gevolgen voor 2024 en verder zullen worden verwerkt in de rapportages. Het plan biedt ruimte voor (door)ontwikkeling van het recreatieaanbod in de regio. Ontwikkelingen die ontstaan door veranderingen in de maatschappij en verschillende actuele ontwikkelingen. Dit kan ertoe leiden dat het Natuur- en Recreatieplan Westfriesland op bepaalde onderdelen onder de loep moet worden genomen. De projecten die daaraan gaan bijdragen zijn opgenomen in het Uitvoeringsprogramma Natuur- en Recreatieplan Westfriesland. Er is ook al dekking beschikbaar voor deze projecten. Het effect van de huidige inflatie is hierbij uiteraard een aandachtspunt a.
(Autonome) ontwikkelingen Het Recreatieschap zet haar reguliere bedrijfsvoering en/of het bestaand beleid voort. Het Natuuren Recreatieplan en de organisatie zelf bieden voldoende flexibiliteit om mee te bewegen met veranderingen zoals genoemd bij het onderdeel ‘verwachtingen lange termijn. De salariskosten zullen waarschijnlijk stijgen door de nieuwe CAO die in 2023 ingaat. Het effect van de nieuwe CAO is nog niet bekend, maar de kans bestaat dat de stijging van de personeelskosten hoger is dan 7,1%. De kosten voor de werkzaamheden voor groot onderhoud uit het beheerplan van het Recreatieschap 2021 worden gedekt vanuit een voorziening. Deze kosten zijn gestegen met 10-15%,. Hierdoor zal bij actualisering van het beheerplan in 2023 de dotatie aan deze voorziening en de investeringen waarschijnlijk naar boven moeten worden bijgesteld. Dit heeft een structureel negatief effect op het resultaat. b. Nieuw beleid De Kadernota bevat geen nieuw beleid. Dat betekent echter niet dat er niet wordt gewerkt aan de (door)ontwikkeling van de recreatievoorzieningen. Dit doet het Recreatieschap via de uitvoering van het Natuur-en Recreatieplan Westfriesland. De middelen hiervoor komen uit de hiervoor ingestelde reserve. 4. Financiële consequenties a. Gemeentelijke bijdrage Het Recreatieschap verwerkt de indexatie van de bijdrage conform afspraak. Zie hiervoor ook de kengetallen hierna.
Op basis van deze indexering verhoogt het Recreatieschap de bijdrage per inwoner met 7,1% van € 6,27 naar € 6,72). De verhoging per inwoner bedraagt € 0,45 per inwoner. Voor de begroting 2024 zal het inwonersaantal per 1 januari 2023 worden gebruikt om de totale bijdrage per gemeente te bepalen. Omdat dit aantal nu nog niet bekend is wordt in de tabel in bijlage B gerekend met de inwonersaantallen per 1 augustus 2022. Uitgaande van 45.000 inwoners betekent dit voor gemeente Medemblik dat de bijdrage naar verwachting toeneemt met € 20.250,-.
Kadernota 2024 gemeenschappelijke regelingen b. Kengetallen Het Recreatieschap hanteert voor de loon- en prijsindexatie de kentallen die de regietafel Noord Holland Noord bepaalt. Voor de begroting 2024 zijn deze bepaald op 6,1% voor de prijsindexatie en 7,5% voor de loonkostenindex. De verhouding loon- en prijsgevoelige elementen is 70/30. Daarmee komt de stijging van de gemeentelijke bijdrage per inwoner op: Prijsindexatie Loonkostenindex Indexatie:
6,1 % * 30% 7,5 % * 70%
= =
1,83% 5,25% + 7,10%
Op basis van deze indexering verhoogt het Recreatieschap de bijdrage per inwoner met 7,1% van € 6,27 naar € 6,72). De verhoging per inwoner bedraagt € 0,45 per inwoner. c. Risico’s Het Recreatieschap hanteert conform artikel 3.4 van de Uitgangspunten Gemeenschappelijke Regelingen voor de hoogte van de Algemene reserve als richtlijn maximaal 2,5% van de lasten. De algemene reserve en de reserve Natuur- en Recreatieplan West-Friesland vormen tezamen het weerstandsvermogen van het Recreatieschap. Het weerstandsvermogen wordt bepaald door de beschikbare weerstandscapaciteit (de beschikbare middelen om niet begrote kosten te dekken) te delen door de omvang van de niet afgedekte risico's. Het weerstandsvermogen van de gemeenschappelijke regeling wordt gedrukt doordat in de uitgangspunten gemeenschappelijke regelingen is bepaald dat de algemene reserve maximaal 2,5% van de lasten bedraagt. De actualisatie van de omvang van de risico's wordt in de begroting opgenomen. De risico’s worden nog geactualiseerd voorafgaand aan het opstellen van de begroting. In de begroting 2024 wordt dit nader uitgewerkt opgenomen. Het gaat hierbij om de onderstaande punten •
•
Gevolgen CAO-onderhandelingen: er is een reële kans dat de uitkomsten loonsverhoging hoger is dan de indexatie van 7,1%. In dat geval zal dit een structureel negatief effect hebben op het resultaat. Gevolgen inflatie beheerplan en investeringen: het huidige beheerplan van het Recreatieschap stamt uit 2021. Het Recreatieschap zal in 2023 het beheerplan bijstellen. De verwachting is dat de investeringsbedragen en de dotatie in voorziening naar boven bijgesteld moeten worden. Dit zal een structureel negatief effect hebben op het resultaat.