CConstaterende datMedemblik
Koppel je AI →
Document · PDF

06 Beantwoording commissievragen HvM raadscie. 9-12 agendapunt 6.1 Regionaal Kaderplan Schuldhulpverlening 2025-2028

Gemeenteraad 19 december 2024, gemeente MedemblikBij agendapunt: Regionaal Kaderplan Schuldhulpverlening 2025-2028 (pfh. Y. Nijsingh)1.493 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Zaaknummer Documentnummer Naam commissielid Fractie Onderwerp

Z-23-482395 DOC-24-973821 A. Wit Hart voor Medemblik Commissievragen HvM raadscie. 9-12 agendapunt 6.1 Regionaal Kaderplan Schuldhulpverlening 2025-2028

Datum waarop de vraag is gesteld Beantwoording uiterlijk woensdag 15:00 uur voorafgaand aan de commissievergadering. Portefeuillehouder Yannick Nijsingh Afdeling Sociaal Domein

1.

In de laatste alinea staat dat er de afgelopen jaren veel ontwikkelingen zijn geweest binnen de schuldhulpverlening, toch is de meest recent vermelde bron van 2017. Daarom vragen wij ons af hoe actueel dit kaderplan werkelijk is en vrezen we in dat opzicht ook voor het lokale uitvoeringsplan en daarmee de kwaliteit waar onze inwoners mee te maken krijgen als zij een beroep doen op de schuldhulp van onze gemeente. Zijn er actuelere bronnen gebruikt dan de genoemde 7 tot 14 jaar oude? Als dat het geval is, waarom staan zij dan niet in het kaderplan vermeld?

antwoord

De onderzoeken waar in de bronvermelding naar verwezen wordt, gaan over de effecten die armoede en schulden hebben op mensen. Deze onderzoeken zijn hoogstaand en worden nog steeds veel aangehaald. Er zijn ook andere onderzoeken geweest en deze geven veelal dezelfde uitkomst maar zijn vaak minder volledig dan de onderzoeken waar wij naar verwijzen. Het hebben van schulden heeft veel impact op het leven van mensen. Dit is niet gewijzigd en zal naar verwachting ook niet op korte termijn wijzigen waardoor wij van mening zijn dat het gebruik van deze onderzoeken nog steeds past bij de huidige situatie. Daarnaast zijn er de afgelopen jaren veel ontwikkelingen geweest die van invloed waren op de werkzaamheden van de schuldhulpverlening. Enkele voorbeelden zijn; - de doorlooptijd van de schuldregeling is aangepast van 36 naar 18 maanden. - de hoge energiekosten heeft geleid tot energiearmoede - de hoge inflatie waardoor inwoners niet meer rond konden komen De gemeente bereidt zich nu voor op de nieuwe ontwikkelingen zoals de Basisdienstverlening. Gemeenten zijn niet verplicht om hieraan deel te nemen maar de gemeente Medemblik wil zich waar mogelijk conformeren, zodat de dienstverlening zo optimaal mogelijk is. Daarnaast zorgt de inspanning van onze

*ZBC0DC944AB*

Beantwoording vragen voorafgaand aan de raadscommissie

ervaren schuldhulpverleners voor kwalitatieve hulp aan alle inwoners die een beroep op ons doen. 2.

Pagina 2 Kunt u voor alle duidelijkheid uitleggen wat hierbij uw specifieke definitie van ´ondernemers” is?

Antwoord

Alle ondernemers die persoonlijk aansprakelijk zijn voor schulden van hun onderneming kunnen een aanvraag doen voor gemeentelijke schuldhulpverlening. Per definitie zijn dit ondernemers met een eenmanszaak, vennootschap onder firma (vof), commanditaire vennootschap of maatschap. Dit zijn rechtsvormen zonder rechtspersoonlijkheid en daarom is de ondernemer zelf, als natuurlijk persoon, aansprakelijk voor schulden van de onderneming. Maar ook andere ondernemers, die als natuurlijk persoon aansprakelijk zijn voor zakelijke schulden, kunnen voor die schulden een aanvraag schuldhulpverlening doen. Dit is bijvoorbeeld het geval als een ondernemer privé heeft meegetekend voor een lening van zijn BV. Of als een ondernemer zijn eenmanszaak heeft omgezet naar een BV maar nog betalingsverplichtingen heeft die hij met zijn eenmanszaak is aangegaan. Rechtspersonen zoals BV’s, stichtingen, verenigingen en coöperaties hebben geen toegang tot de gemeentelijke schuldhulpverlening. Bestuurders van ondernemingen met rechtspersoonlijkheid kunnen voor ondersteuning bij schuldenproblematiek terecht bij gespecialiseerde juristen.1

3.

Citaat bij resultaat: ”in 2028 ligt ons percentage huishoudens dat reageert op meldingen van betalingsachterstanden vanuit vroegsignalering 10% hoger dan het landelijk gemiddelde. Dat is een prachtig streven, toch vragen wij ons af of dat haalbaar is omdat de ravijnjaren op ons afkomen terwijl de kans groot is dat er meer signaalpartners, en dus meer werk, bij zullen komen die onze gemeente proactief zal moeten opvolgen. In hoeverre bent u op dit moment al voorbereid op de waarschijnlijke, en mogelijk relatief snelle, toename van het aantal signalen binnen vroegsignalering als gevolg van het aantal signaalpartners? Uit de praktijk weten we dat er gemeenten zijn die in dit opzicht er hun eigen definitie van “reageren” op na houden en de resultaten die zij naar buiten brengen visueel wat opkrikken. Wij gaan er absoluut niet vanuit dat u dezelfde manier van werken hanteert, maar het is wel belangrijk om scherp te hebben wat in dit geval uw definitie van reageren is. Kunt u dit zo concreet mogelijk maken? Wij gaan ervan uit dat deze ambitie ergens op gebaseerd is. Wij willen graag van u weten waarop deze ambitie (10% meer reacties dan het landelijk gemiddelde)

1 VNG Ondernemers met financiële zorgen.

concreet op gebaseerd is. Hoe gaat u het in dat opzicht beter doen dan het landelijk gemiddelde? Antwoord

De gemeente is zich ervan bewust dat vroegsignalering een steeds grotere plek in zal nemen binnen de schuldhulpverlening. Voorkomen is immers beter dan genezen. We zijn ons ervan bewust dat er aan financiële zorgen ook vaak andere problematieken gekoppeld zijn die elders in het sociaal domein in beeld kunnen komen. Om die reden is het belangrijk dat we inwoners met mogelijke problematische schulden eerder in beeld krijgen en we hen eerder een hulpaanbod kunnen doen. Dit kan zowel een financieel- als een niet financieel- hulpaanbod zijn. Omdat er steeds meer data van de afgelopen jaren beschikbaar komt dankzij onze registratie en we in de toekomst meer signalen tegemoet kunnen zien, zijn we in staat om inwoners met kleinere achterstanden in een vroeger stadium een hulpaanbod aan te bieden. Deze data stelt ons in staat om een gerichte aanpak op te stellen voor specifieke doelgroepen. Momenteel wordt het systeem geoptimaliseerd, zodat we de toename van signalen beter kunnen interpreteren en daarmee een verschuiving kunnen maken van curatief handelen naar preventief handelen. De wet verplicht gemeenten om elk uniek signaal op te pakken. Dit wordt gedaan op verschillende manieren; per brief, telefonisch, mail, WhatsApp of huisbezoek. Elk contact wordt geregistreerd in ons registratiesysteem voor vroegsignalering.

Naast de bovenstaande maatregelen is er ook een consulent extra in dienst waardoor er meer ingezet kan worden op de vroegsignalering en preventie. De Westfriese gemeenten vinden het belangrijk om zoveel mogelijk inwoners te bereiken. Onze verwachting is dat 10% ambitieus maar realistischer is dan onze vorige doelstelling.

4.

Pagina 3, 2e kolom: “Wij werken integraal samen, omdat geldzorgen niet altijd alleen komen. We zoeken ketenpartners actief op… Het zorgvuldig omgaan met de gegevens van onze inwoners vinden wij erg belangrijk. De basis voor het delen van informatie tussen gemeenten en de zogenaamde signaalpartners (energiemaatschappij, woningcorporatie, zorgverzekeraar, waterbedrijf) is wat betreft vroegsignalering geregeld in het Landelijk Convenant Vroegsignalering. Maar hoe zit dat met alle externe ketenpartners, dus niet de hierboven genoemde signaalpartners, met wie onze gemeente in het kader van vroegsignalering /schuldhulpverlening samenwerkt? Hebben wij met al die verschillende ketenpartners een AVG verwerkersovereenkomst afgesloten en welke ketenpartners zijn dat?

Antwoord

Met de meeste ketenpartners zijn geen verwerkersovereenkomsten afgesloten. Toch wordt er veel samengewerkt omdat het altijd in overleg gaat met de inwoner. Als er bijvoorbeeld gesignaleerd wordt dat een inwoner met kinderen lastig rond kan komen, dan wordt deze persoon gewezen op de regelingen van de bijzondere

bijstand. Als de inwoner het fijn vindt, maken we samen de aanvraag in orde. Als blijkt dat een inwoner het lastig vindt om zijn administratie op orde te houden dan vragen we of de inwoner hulp wil van Schuldhulpmaatje. Indien de inwoner dit wil, zal er samen contact opgenomen worden. Maar dit kan ook zijn voor bijvoorbeeld aanvragen WMO, hulp bij laaggeletterdheid, vragen aan de formulierenbrigade, aanvraag participatiewet/ Bijstand voor zelfstandige (Bbz) of het Jongeren Startpunt. 5.

Pagine 3, 3e kolom: “De uitvoeringsorganisatie schuldhulpverlening die we gezamenlijk inkopen scoort minimaal een 7 in hun klanttevredenheidsonderzoek. Voert de organisatie zelf dit onderzoek uit of doet de gemeente dat? Als zo’n organisatie dit zelf meet, hoe betrouwbaar is zo’n onderzoek dan en hoeveel waarde hecht u aan de uitkomst? Is die 7 een gemiddelde van de 6 WF- gemeenten samen of alleen voor de gemeente Medemblik?

Antwoord

De organisatie voert zelf het onderzoek zelf uit en het cijfer is het gemiddelde van de zeven Westfriese gemeenten. Wij gaan uit van de professionaliteit van de organisatie en hechten waarde aan de uitkomst.

6.

Het blijkt in de praktijk een bekend probleem te zijn dat er vaak een praktische drempel bestaat bij de daadwerkelijke overdracht van een zaak vanuit vroegsignalering, zij eisen vaak een groot pakket papierwerk van de persoon die met een hulpvraag komt voordat men voor deze hulpvrager aan de slag gaat. Voor een deel van deze hulpvragers is deze berg vrijwel onoverkomelijk. Wat is hieromtrent het beleid in onze gemeente?

Antwoord

Als een inwoner bij de vroegsignalering aangeeft dat hij/zij hulp wil bij geldzaken dan wordt er een gesprek ingepland met de schuldhulpverlener. Om de schuldhulpverlener inzicht te geven in de situatie van de inwoners zijn er stukken nodig. Op het moment dat de schuldhulpverlener de inschatting maakt dat de inwoner de stukken niet zelf kan aanleveren, zal er hulp aangeboden worden. Dit kan bijvoorbeeld in de vorm van een maatje van Schuldhulpmaatje. Er zal altijd gekeken worden hoe we de inwoner het beste kunnen ondersteunen indien er belemmeringen zijn bij bijvoorbeeld het aanleveren van gegevens.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Medemblik&id=62918d27-d0ef-42b9-a926-be37eb9ed7f6