04 Beantwoording Commissievragen HvM raadscie. 15-9 agendapunt 8.2 Meicirculaire 2022.docx
Tekst van het document
Beantwoording vragen voorafgaand aan de raadscommissie Nummer Zaaknummer Naam commissielid Fractie Onderwerp
DOC-22-585618 Z-21-180420 N. de Waal Hart voor Medemblik Commissievragen HvM raadscie. 15-9 agendapunt 8.2 Meicirculaire 2022 Datum waarop de vraag is gesteld 12 september 2022 Beantwoording uiterlijk woensdag 15:00 uur, voorafgaand aan de raadscommissie. Portefeuillehouder Afdeling Inleiding Met het vriendelijke verzoek vanuit onze fractie om in de toekomst dit soort documenten minder van vakjargon te voorzien en daarmee leesbaarder te maken, stellen wij onderstaande vragen. 1.
In het raadsvoorstel staat onder “Jeugdzorg” dat wij in 2023 incidenteel ruim 3,1 miljoen euro tegemoet kunnen zien en dat deze middelen door u niet aan de lastenzijde van de begroting zijn gereserveerd, omdat u “reëel raamt”. Kunt u dit toelichten en zeggen wat voor u de definitie van reëel ramen is?
antwoord
Met reëel ramen bedoelen we realistisch begroten. Wij begroten de kosten realistisch, niet direct gerelateerd aan de baten die we van het rijk ontvangen. Omdat de kosten al op het niveau van de beste inschatting is opgenomen hoeven we de extra middelen voor jeugdzorg van het Rijk niet aan de kosten/lastenzijde op te hogen.
2.
Blijkens de tekst in de meicirculaire zijn de bij vraag 1 genoemde middelen beschikbaar gesteld met een concreet doel. Letterlijk wordt gezegd: “Hierbij gaat het kabinet er vanuit dat gemeenten inzetten op besparingsmaatregelen voor een bedrag van 374 miljoen euro op de jeugdzorguitgaven in 2023.” In het raadsvoorstel wordt onder datzelfde kopje “Jeugdzorg” niets gezegd over besparingsmaatregelen of welk ander doel dan ook, los van een algemene opmerking over aanstaande gesprekken over de “Hervormingsagenda Jeugd” die daar kennelijk nog van invloed op kunnen/zullen zijn. Zou er in verband met genoemde uitspraak van het kabinet alsnog een doel voor de besteding van dit geld in het raadsvoorstel moeten worden opgenomen?
Antwoord
De besparingsmaatregelen waar het kabinet vanuit gaat zijn al in mindering gebracht op de extra beschikbare middelen voor de jeugdzorg voor 2023. We gaan hier op dezelfde wijze mee om als toegelicht onder vraag 1.
De hervormingsagenda Jeugd betreft een andere hervorming/besparing die het Rijk in de jeugdzorg wil doorvoeren. 3.
De cumulatieve mutaties van de accressen zoals in het raadsvoorstel genoemd op pagina 4 wijken af van de bedragen in de tabel op pagina 3 en van de bedragen zoals genoemd op pagina 4 en 5 onder het kopje “Uitvoering/Evaluatie”. Ook in de informatienota van 23 juni 2022 worden bij “Kernboodschap” in de tabel andere bedragen genoemd dan in datzelfde document onder “Accressen”. Kunt u de verschillen toelichten?
Antwoord
De accres (groei) bedragen worden niet specifiek in de kernboodschap genoemd. Deze bedragen zitten in het bedrag van de regel ‘Totaal resultaat circulaires’. Samengevoegd met een aantal andere kleine mutaties. We laten alleen de acressen nog los zien als grootste onderdeel ervan. Het netto verschil (blz 3) komt terug onder kopje “uitvoering / Evaluatie”. Dit bedrag is wat als vrij beschikbaar wordt verwerkt in de begroting.
4.
Op pagina 4 onder “Accressen” wordt in de voorlaatste zin gesproken over “een niet nader verklaarde extra uitname”. Wat vindt u van die uitspraak en is het normaal dat er geen of niet altijd toelichtingen op uitnamen worden gegeven?
Antwoord
Het is niet normaal dat er geen verklaring wordt gegeven door het Rijk over een uitname. In de afgelopen meicirculaire is dit wel het geval. Er wordt een uitname gedaan uit het gemeentefonds waar (nog) geen verklaring voor is gegeven.