04 Beantwoording Commissievragen CDA raadscie. 7-10 agendapunt 8.1 Transformatievisie JeugdzorgPlus 2023 en verder.pdf
Tekst van het document
Beantwoording vragen voorafgaand aan de raadscommissie Nummer
DOC-21-443737
Zaaknummer
Z-20-133065
Naam commissielid
C. Selders
Fractie
CDA
Onderwerp
Commissievragen CDA raadscie. 7-1 agendapunt 8.1 Transformatievisie JeugdzorgPlus 2023 en verder
Datum waarop de vraag is gesteld
4 oktober 2021
Beantwoording uiterlijk woensdag 15:00 uur, voorafgaand aan de raadscommissie. Portefeuillehouder Afdeling Inleiding Argument 4: De visie op JeugdzorgPlus is daarmee breder dan de geslotenheid zelf, daar het aan gemeenten de opdracht meegeeft om een passend voorliggend jeugdhulpveld te hebben wil deze afbouw verantwoord plaatsvinden. Kanttekening 2: Het gaat hier bijvoorbeeld om specialistische ambulante alternatieven of gezinsvormen. Financiën: De beweging naar kleinschaligheid zal ook de nodige investeringen met zich meebrengen. Onze fractie heeft de op pagina 5 genoemde bijeenkomsten bijgewoond. Daar hebben wij mondeling vragen gesteld vanuit onze zorg met betrekking tot de genoemde gezinshuizen. Dit vanwege een opmerking die gemaakt werd bij de raadscommissie in januari van dit jaar over het rvs ‘Financieel in Balans Sociaal domein 2020’. Daarin werd gesteld dat iedereen kan starten met een gezinshuis; zonder extra eisen kun je een woonhuis omzetten in een gezinshuis. En er werd toegelicht dat voor de financiering van de zorg, bij het huidige woonplaatsbeginsel, bij gezag de woonplaats van de ouders telt en bij voogdij de woonplaats van het kind. Bij de regionalebijeenkomst op 30 juni is gesproken over het belang van een passend voorveld met de voorbeelden zoals ook genoemd bij kanttekening 2.
Daar werd echter gezegd dat het niet gaat om gezinshuizen maar om meer gespecialiseerde ‘gezins opname huizen’ waar in Hoorn twee voorbeelden van zijn. 1.
Vanwege de verschillende termen: Aan welke gezinsvormen wordt exact gedacht als passend voorliggend jeugdhulpveld?
antwoord
Het is afhankelijk van de complexiteit van de zorgvraag welke gezinsvorm als passend voorliggend kan worden beschouwd. Een gezinshuis kan ingezet worden in de situatie dat er sprake is van een uithuisplaatsing waarbij een jeugdige elders moet wonen. Dan kan gekozen worden voor een pleeggezin of een gezinshuis. Op dat moment wordt een jeugdige alleen elders geplaatst. Als er sprake is van een meer complexe situatie, zeker bij meervoudige problematiek
van zowel ouders als jeugdige, kan bijvoorbeeld gekozen worden voor een gezinsopname, waarbij het hele gezin onder begeleiding van een ambulant team in een andere omgeving wordt geplaatst, om toe te werken naar een herstel van de thuissituatie. Beide vormen kunnen onderdeel zijn van het voorveld en kunnen door meerdere zorgaanbieders dan alleen de JeugdzorgPlus zorgaanbieder worden ingezet. Naast deze vormen kun je ook denken aan kleinschalige woonvoorzieningen waar jeugdigen met elkaar langdurig kunnen wonen met begeleiding. Een gezinshuis bestaat uit professionals die een huis starten waar jeugdigen kunnen wonen. Het gaat hierbij vaak om langdurig wonen in een gezinshuis. Naast een gezinshuis geldt pleegzorg ook als verblijfsvorm in het voorveld. Ook deze vorm is meestal gericht op langdurig wonen van jeugdigen in het pleeggezin. Een gezinsopname huis is gericht op het tijdelijk verplaatsen van het hele gezin om zo het gezin heel intensief te kunnen begeleiden. Het gaat hierbij om een periode van 3 tot 6 maanden. De kleinschalige woonvoorzieningen zijn net als gezinshuizen en pleeggezinnen ook gericht op een langdurig woonperspectief. Vanwege het relatieve gemak waarmee een gezinshuis kan worden gestart: 2.
Hoeveel gezinshuizen zijn er in onze gemeente en welke zijn dat?
Antwoord
Er zijn voor zover nu bekend 6 gezinshuizen in de gemeente Medemblik. Stichting Driestroom en Parlan hebben bijvoorbeeld gezinshuizen in Medemblik.
3.
Is het mogelijk om als gemeente een maximaal aantal gezinshuizen vast te leggen?
Antwoord
Nee dit is niet mogelijk
4.
In hoeverre hebben wij als gemeente ‘last’ van het huidige woonplaatsbeginsel?
antwoord
In de gezinshuizen en pleeggezinnen die wij in onze gemeente hebben, verblijven ook voogdijkinderen. In het huidige woonplaatsbeginsel betalen wij als gemeente hiervoor. Vanaf januari 2022 geldt een nieuw woonplaatsbeginsel. De gevolgen hiervoor voor onze gemeente worden momenteel in kaart gebracht. Het nieuwe woonplaatsbeginsel kent als woonplaats van een jeugdige de gemeente waar de jeugdige stond ingeschreven direct voorafgaand aan de zorg met verblijf. Voor ambulante zorg is dat dus de gemeente waar de jeugdige staat ingeschreven.