03b Bijlage 2 Financiële effect commissievragen D66
Tekst van het document
Bijlage bij beantwoording commissievragen D66 voor de raadscommissie d.d. 0212-2024 Financieel effect Investeren in een toekomstbestendig gemeentehuis We hanteren de volgende uitgangspunten bij het doorrekenen van het financieel effect: -
We gaan uit van oplevering in 2027; We starten met afschrijven in 2028; We schrijven de bouwkosten af in 20 jaar; We schrijven de inrichtingskosten af in 10 jaar; We brengen de installaties ten laste van de voorziening Gemeentelijke gebouwen; We schrijven de bijkomende kosten ineens af in het jaar na oplevering; We gaan uit van rente op de investering van 3%;
Het financieel effect van het voorgestelde scenario op de Programmabegroting 2025 en de meerjarenraming 2026-2028 is als volgt: 2025
2026
2027
2028
0
0
0
-80.000
Het overzicht op de volgende pagina toont hoe het financieel effect is opgebouwd. Hierin houden we rekening met de middelen die op basis van het haalbaarheidsonderzoek al zijn verwerkt in de Programmabegroting 2025 en de meerjarenraming 2026-2028. Het overzicht is als volgt opgebouwd: A. B. C. D. E. F. G. H. I.
Het totale incidentele effect van het voorgestelde scenario; Het totale incidentele effect dat al is verwerkt in de Programmabegroting 2025; Het incidentele effect op de Programmabegroting 2025 (A – B); Het totale structurele effect van het voorgestelde scenario; Het totale structurele effect dat al is verwerkt in de Programmabegroting 2025; Het structurele effect op de Programmabegroting 2025 (D – E); Het totale effect op de Programmabegroting 2025 (C + F); De voorgestelde dekking van het effect op de Programmabegroting 2025; Dit is gelijk aan het incidentele effect op de Programmabegroting 2025 (zie C) Het totale effect op de Programmabegroting 2025, na dekkingsvoorstellen (G + H). Dit is gelijk aan het structurele effect op de Programmabegroting 2025 (zie G)
Om beter inzicht te geven in het structureel effect is ook het begrotingsjaar 2029 opgenomen. Hieruit blijkt dat het structureel effect afneemt. Dit komt door een daling van de rentelasten. De rente wordt jaarlijks berekend over de boekwaarde van de investering op 1 januari van elk jaar. De boekwaarde neemt jaarlijks af als gevolg van de jaarlijkse afschrijving op de investering. Hierdoor daalt ook de jaarlijkse rentelast.
2025
2026
0
2027
2028
2029
0
0 -2.579.000
0
-7.046.000
0
0
0
0
-7.046.000
0
0 -2.579.000
0
0
0
0 -2.257.000
0
Incidenteel: Bijkomende kosten Toevoeging voorziening Gemeentelijke gebouwen A Opgenomen in Programmabegroting 2025 Bijkomende kosten Toevoeging voorziening Gemeentelijke gebouwen
-5.170.000
0
0
0
0
B
-5.170.000
0
0 -2.257.000
0
C Effect incidenteel
-1.876.000
0
0
-322.000
0
Afschrijvingslasten
0
0
0
-497.000
-497.000
Rentelasten
0
0
0
-269.000 -254.000
Huuropbrengsten en kostenbesparingen
0
0
0
412.000
0
0
0
-354.000 -339.000
Kapitaallasten (afschrijving + rente)
0
0
0
-651.000
-651.000
Huuropbrengsten en kostenbesparingen
0
0
0
377.000
377.000
E
0
0
0
-274.000
-274.000
F Effect structureel
0
0
0
-80.000
-65.000
1.876.000
0
0 -402.000 -65.000
Dekking reserve Huisvesting gemeentehuis
0
0
0
51.200
0
Dekking Algemene reserve
1.876.000
0
0
270.800
0
0
0
0
-80.000 -65.000
Structureel:
D
412.000
Opgenomen in Programmabegroting 2025
G Totaal effect (incidenteel + structureel) H Dekking (incidenteel):
I
Effect Programmabegroting 2025