03 Beantwoording Commissievraag GB raadscie. 12-1 agendapunt 5.1 Onderzoek Rekenkamer Medemblik-Opmeer naar jeugdzorg
Tekst van het document
Zaaknummer Documentnummer Naam commissielid Fractie Onderwerp
Z-25-594824 DOC-25-1141825 S. van Diepen GemeenteBelangen Commissievraag GB raadscie. 12-1 agendapunt 5.1 Onderzoek Rekenkamer Medemblik-Opmeer naar jeugdzorg 31 december 2025
Datum waarop de vraag is gesteld Beantwoording uiterlijk woensdag 15:00 uur voorafgaand aan de commissievergadering. Portefeuillehouder Afdeling 1.
Kan het college aangeven hoe de hervormingsagenda jeugd 2023-2028 wordt omgezet in aanvullende maatregelen?
antwoord
Er wordt lokaal en regionaal samengewerkt om de doelstellingen uit de hervormingsagenda te behalen. Zo wordt er onder andere ingezet op preventie en normaliseren, het verstevigen van de lokale teams en het versterken van de samenwerking met huisartsen en het onderwijs.
2.
Is het college bereid om serieuze (mogelijk hardere) kaders te stellen aan de inzet en duur van (zware) jeugdzorg, en zo ja, wanneer komt dit voorstel naar de raad?
Antwoord
We werken hard aan het voorkomen van (zware) jeugdzorg door te normaliseren, meer in te zetten op preventie en het versterken van de lokale teams. Echter, bij het stellen van kaders voor de inzet en duur van jeugdhulp is het college gebonden aan de Jeugdwet. Deze wet verplicht gemeenten om noodzakelijke jeugdhulp te bieden en kent een openeinderegeling: zolang de noodzaak bestaat, moet passende jeugdhulp beschikbaar zijn. Het vooraf vastleggen van generieke of harde grenzen aan de inzet of duur van (zware) jeugdzorg is niet mogelijk. Binnen deze wettelijke kaders stuurt het college op passende en doelmatige inzet van jeugdhulp. In de gemeentelijke verordening is vastgelegd dat: “Als een individuele voorziening noodzakelijk is, verstrekt het college de goedkoopst adequate, tijdig beschikbare voorziening.”
3.
In hoeverre heeft Medemblik binnen de regionale jeugdzorgsamenwerking daadwerkelijk zeggenschap, of accepteert het college dat de raad hier feitelijk buitenspel staat?
Antwoord
De regionale samenwerking doet geen afbreuk aan de lokale zeggenschap van de raad. De gemeenteraad behoudt zijn kaderstellende en controlerende rol en wordt betrokken bij de belangrijkste beleidsmatige keuzes. Zo heeft de raad ingestemd met het Regionaal beleidskader Zorg voor de Jeugd en de beleidsuitgangspunten voor de regionale inkoop van Jeugdhulp.
*ZBEC1FE3E7F*
Beantwoording vragen voorafgaand aan de raadscommissie
4.
Is het college bereid om de uitvoering van de aanbevelingen periodiek en openbaar te rapporteren aan de raad, zodat politieke controle daadwerkelijk mogelijk wordt?
Antwoord
Het college heeft een bestuurlijke reactie gegeven op de aanbevelingen, waarin is aangegeven welke verbeteringen inmiddels zijn doorgevoerd en welke acties in uitvoering zijn genomen. Daarmee is de raad geïnformeerd over de wijze waarop opvolging wordt gegeven aan de aanbevelingen. In de regeling Rekenkamer Medemblik-Opmeer is opgenomen dat het college jaarlijks voor 1 april een overzicht aan de raad verstrekt als bedoeld in artikel 185a van de Gemeentewet. Laatstgenoemd artikel bepaalt dat het college jaarlijks een overzicht zendt aan de raad over de aan het college gedane voorstellen van de rekenkamer, vergezeld van zijn standpunt daaromtrent en de wijze waarop aan de voorstellen vervolg is gegeven.