01 Verordening Maatschappelijke ondersteuning gemeente Medemblik 2025 (aangepaste versie inclusief erratum)
Tekst van het document
Als het recht op een in eigendom verstrekte voorziening is ingetrokken, kan het college deze voorziening terugvorderen. 7. Als het recht op een in bruikleen verstrekte voorziening is ingetrokken, kan het college deze voorziening terugvorderen. 8. Het college kan periodiek onderzoek doen, al dan niet steekproefsgewijs, of: a. de inwoner nog op de maatwerkvoorziening is aangewezen; b. de maatwerkvoorziening of het daarmee samenhangende pgb nog toereikend is; c. de inwoner nog voldoet aan de voorwaarden van de maatwerkvoorziening of het pgb; d. de verstrekte voorzieningen worden gebruikt dan wel besteed ten behoeve van het doel waarvoor ze verstrekt zijn. 9. Om uitvoering te geven aan de toezichthoudende taak als bedoeld in hoofdstuk 6 van de wet verwerkt het college persoonsgegevens, waaronder mogelijk bijzondere persoonsgegevens als bedoeld in artikel 9 van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG). Artikel 7.2 Opschorting betaling uit het persoonsgebonden budget Het college kan de Sociale Verzekeringsbank gemotiveerd verzoeken te beslissen tot een geheel of gedeeltelijke opschorting van ten hoogste dertien weken van betalingen uit het pgb als er ten aanzien van een inwoner een ernstig vermoeden is gerezen dat er sprake is van een omstandigheid als bedoeld in artikel 2.3.10, eerste lid, onder a, d of e van de wet.
Artikel 7.3 Tegengaan van oneigenlijk gebruik en fraude Het college treft de nodige maatregelen om oneigenlijk gebruik van maatwerkvoorzieningen tegen te gaan en fraude te bestrijden. Tot deze maatregelen behoren in ieder geval: a. Het college zoekt waar mogelijk de samenwerking met organisaties die zich ook bezighouden met het tegengaan van oneigenlijk gebruik en fraude op het terrein van de zorg of aanverwante terreinen; b. Het college verricht zo nodig onderzoek bij zorgverleners van maatwerkvoorzieningen die een subsidie- of contractrelatie hebben met de gemeente of die ondersteuning verlenen op grond van een persoonsgebonden budget aan inwoners van de gemeente; c. Het college maakt afspraken met aanbieders van voorzieningen over de facturatie, resultaatsturingen en accountantscontroles. Zodat declaraties en uitbetalingen in overeenstemming zijn met de contractuele afspraken en de feitelijk geleverde prestaties; d. Het college controleert, al dan niet steekproefsgewijs, of de gemaakte afspraken zoals genoemd in het voorgaande lid worden nagekomen; Artikel 7.4 Toezichthouder 1. Het college wijst met inachtneming van artikel 6.1 van de wet personen aan die belast zijn met het houden van toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens de wet. 2.
Aanbieders verlenen alle medewerking aan de toezichthouder, die deze redelijkerwijs kan vragen bij de uitoefening van zijn bevoegdheden.
3. Er wordt door de toezichthouder geen onderscheid gemaakt tussen de door het college gecontracteerde aanbieders en aanbieders die via een pgb worden betaald. 4. De toezichthouder adviseert aan het college, die vervolgens besluit over vervolgacties. 5. De toezichthoudend ambtenaar doet structureel kwaliteits- en rechtmatigheidsonderzoek. Daarnaast doet de toezichthouder onderzoek naar calamiteiten en geweldsincidenten en adviseert het college over het voorkomen van verdere calamiteiten en het bestrijden van geweld. 6. De toezichthouder informeert het college via een jaarverslag.
Hoofdstuk 8 Kwaliteit en Klachten Artikel 8.1 Kwaliteitseisen maatschappelijke ondersteuning 1. Aanbieders zorgen voor een goede kwaliteit van voorzieningen, door: a. het afstemmen van voorzieningen op de persoonlijke situatie van de inwoner; b. het afstemmen van voorzieningen op andere vormen van zorg en ondersteuning en c. erop toe te zien dat beroepskrachten tijdens hun werkzaamheden in het kader van het leveren van voorzieningen handelen in overeenstemming met de professionele standaard; d. voor zover van toepassing, erop toe te zien dat de kwaliteit van de voorzieningen en de deskundigheid van beroepskrachten tenminste voldoen aan de voorwaarden om in aanmerking te komen voor de in de toepasselijke sector erkende keurmerken of een extern deskundig getoetst kwaliteitsmanagementsysteem. 2. Onverminderd andere handhavingsbevoegdheden ziet het college toe op de naleving van deze eisen door periodieke overleggen met de aanbieders, een jaarlijks cliëntervaringsonderzoek, en het zo nodig in overleg met de inwoner ter plaatse controleren van de geleverde voorzieningen. 3. Het college neemt in de contracten en subsidieafspraken met aanbieders op aan welke kwaliteitseisen de maatschappelijke ondersteuning moet voldoen. Hierbij sluit het college zoveel als mogelijk aan bij artikel 3.1 van de wet en de kwaliteits- en deskundigheidseisen die in de desbetreffende branche gelden. 4.
Het college kan nadere regels stellen over verdere eisen aan de kwaliteit van voorzieningen (waaronder persoonsgebonden budgetten) en eisen met betrekking tot deskundigheid van beroepskrachten. Artikel 8.2 Verhouding prijs en kwaliteit levering voorziening door (zorg)aanbieders 1. Ter waarborging van een goede verhouding tussen de prijs voor de levering van een dienst door een aanbieder als bedoeld in artikel 2.6.4 van de wet en de eisen die gesteld worden aan de kwaliteit van de dienst, stelt het college vast: a. een vaste prijs, die geldt voor een inschrijving als bedoeld in de Aanbestedingswet 2012 en het aangaan van een overeenkomst met aanbieders; of b. een reële prijs die geldt als ondergrens voor: I. een inschrijving en het aangaan van een overeenkomst met de aanbieder, en II. de vaste prijs, bedoeld in onderdeel a. 2. Het college stelt de prijzen, bedoeld in het eerste lid, vast: a. overeenkomstig de eisen aan de kwaliteit van die dienst, waaronder de eisen aan de deskundigheid van de beroepskracht, bedoeld in artikel 2.1.3, tweede lid, onderdeel c van de wet, en b. rekening houdend met de continuïteit in de hulpverlening, bedoeld in artikel 2.6.5, tweede lid van de wet, tussen degenen aan wie de dienst wordt verstrekt en de betrokken hulpverleners. 3. Het college baseert de vaste prijs of de reële prijs op de volgende kostprijselementen: a.
de kosten van de beroepskracht; b. redelijke overheadkosten; c. kosten voor niet-productieve uren van de beroepskrachten als gevolg van verlof, ziekte, scholing, werkoverleg; d. reis- en opleidingskosten; e. indexatie van de prijs voor het leveren van een dienst; f. overige kosten als gevolg van door de gemeente gestelde verplichtingen voor aanbieders waaronder rapportageverplichtingen en administratieve verplichtingen.
4. Het college kan het eerste lid, onderdeel b, buiten beschouwing laten indien bij de inschrijving aan de aanbieders de eis wordt gesteld een reële prijs voor de dienst te hanteren die gebaseerd is op hetgeen gesteld is in het tweede en derde lid. Daarover legt het college verantwoording af aan de gemeenteraad. Artikel 8.3 Meldingsregeling calamiteiten en geweld 1. Het college hanteert het Regionaal Calamiteitenprotocol Wmo Westfriesland 2024 voor het melden van calamiteiten en geweld bij de verstrekking van een voorziening door een aanbieder en wijst een toezichthoudend ambtenaar aan. 2. Het college attendeert de aanbieder hierop en verwijst hierbij naar de toezichthoudend ambtenaar. 3. Aanbieders melden iedere calamiteit en ieder geweldsincident dat zich heeft voorgedaan bij de verstrekking van een voorziening onmiddellijk aan de toezichthoudend ambtenaar. 4. De toezichthoudende instantie, bedoeld in artikel 6.1 van de wet, doet onderzoek naar de calamiteiten en geweldsincidenten en adviseert het college over het voorkomen van verdere calamiteiten en het bestrijden van geweld. 5. Zowel gecontracteerde aanbieders als aanbieders die vanuit een pgb zorg leveren doen altijd melding van calamiteiten en geweld bij de toezichthouder.
De verantwoordelijkheid van de aanbieder blijft om passende maatregelen te treffen naar aanleiding van de melding en van het voorkomen van meldingen in de toekomst. 6. Het college kan bij nadere regeling bepalen welke verdere eisen gelden voor het melden van calamiteiten en geweld bij de verstrekking van een voorziening. Artikel 8.4 Klachtregeling 1. Het college stelt een regeling vast voor de afhandeling van klachten van inwoners die betrekking hebben op de wijze van afhandeling van meldingen, verzoeken en aanvragen als bedoeld in deze verordening. 2. Aanbieders stellen een regeling vast voor de afhandeling van klachten van inwoners ten aanzien van alle voorzieningen. 3. Onverminderd andere handhavingsbevoegdheden ziet het college toe op de naleving van de klachtregelingen van aanbieders door periodieke overleggen met de aanbieders, een jaarlijks cliëntervaringsonderzoek en indien gewenst in overleg met de cliëntenraden.
Hoofdstuk 9 Inspraak Artikel 9.1 Betrekken van inwoners bij het beleid 1. Het college betrekt ingezetenen van de gemeente, waaronder in ieder geval cliënten of hun vertegenwoordigers, bij de voorbereiding van het beleid voor maatschappelijke ondersteuning. Dit gebeurt met inachtneming van artikel 150 van de Gemeentewet en zoals vastgesteld in de Inspraakverordening van de gemeente Medemblik. 2. Het college stelt inwoners vroegtijdig in de gelegenheid voorstellen voor het beleid over maatschappelijke ondersteuning te doen, advies uit te brengen bij de besluitvorming over verordeningen en beleidsvoorstellen over maatschappelijke ondersteuning, en voorziet hen van ondersteuning om hun rol effectief te kunnen vervullen. 3. Het college zorgt ervoor dat inwoners kunnen deelnemen aan periodiek overleg, waarbij zij onderwerpen voor de agenda kunnen aanmelden, en dat zij worden voorzien van de juiste informatie en ondersteuning om adequaat te kunnen deelnemen aan het overleg.
Hoofdstuk 10 Privacy Artikel 10 Privacy protocol Op de vastlegging en verwerking van persoonsgegevens op grond van deze verordening is het Privacybeleid Raad Medemblik 2020 van toepassing.
Hoofdstuk 11 Slotbepalingen Artikel 11.1 Hardheidsclausule
Het college kan in bijzondere gevallen ten gunste van de inwoner of mantelzorger afwijken van de bepalingen in deze verordening, als toepassing van de verordening tot bijzondere en onvoorziene nadelige gevolgen leidt. Artikel 11.2 Voorwaarden Het college kan aan het verstrekken van een voorziening voorwaarden verbinden, die verband houden met de aard en het doel van een bepaalde voorziening. Artikel 11.3 Financieel besluit en nadere regels Het college stelt een financieel besluit en nadere regels vast. Hierin wordt de uitvoering van deze verordening, de omvang van verstrekking en de omvang van de eigen bijdrage meegenomen. Artikel 11.4 Indexering 1. Het college kan jaarlijks per 1 januari een indexatie uitvoeren op de bedragen die zijn gebaseerd op deze verordening en het financieel besluit. Uitgangspunt hierbij is het advies van de VNG. 2. Toegekende maatwerkvoorzieningen in de vorm van een pgb worden gedurende de looptijd van de individuele voorziening niet geïndexeerd. Artikel 11.5 Intrekking oude verordening en overgangsrecht 1. De Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Medemblik 2022 wordt ingetrokken. 2.
Een inwoner houdt recht op een lopende voorziening verstrekt op grond van de op het moment dat de beschikking werd afgegeven geldende verordening, totdat het college een nieuw besluit heeft genomen waarbij het besluit waarmee deze voorziening is verstrekt, wordt ingetrokken. 3. Meldingen die zijn gedaan vóór 1 juli 2025 onder de Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Medemblik 2022 en waarop nog niet is beslist bij de inwerkingtreding van deze verordening, worden afgehandeld volgens deze verordening. 4. Van het in het derde lid gestelde kan ten gunste van de inwoner worden afgeweken. 5. Bezwaarschriften die gericht zijn tegen een besluit op grond van de Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Medemblik 2022, worden getoetst aan die verordening. 6. Van het in het vijfde lid gestelde kan ten gunste van de inwoner worden afgeweken. Artikel 11.6 Inwerkingtreding en citeertitel 1. Deze verordening treedt in werking op de dag nadat deze verordening is gepubliceerd, met terugwerkende kracht tot en met 1 juli 2025. 2. Op het moment van inwerking treden van deze verordening worden de Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Medemblik 2022 en de Verordening Beschermd Wonen en Beschermd Thuis gemeente Medemblik ingetrokken. 3.
Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Medemblik 2025 Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Medemblik, gehouden op 10 juli 2025 De griffier,
De voorzitter,