01 DOC-24-794134 - Advies Adviesraad Sociaal Domein
Tekst van het document
Medemblik, 7 februari 2024
Betreft: Advies Beleidsplan minima Medemblik 2024-2027 Beste Lezer, Hierbij zoals gevraagd, de opmerkingen en adviezen t.a.v. het Beleidsplan minima Medemblik 20242027 van de ARSD Medemblik. Wat ons opviel in het voorwoord was dat het een heel mooi stuk is en goed verwoord. De enige tip die wij nog willen meegeven is dat er vrij snel werd aangehaald dat de financiële steun vanuit de gemeente beperkt is. Door dit vrij snel te benoemen lijkt dat punt belangrijker dan alle positieve punten die worden aangehaald. Wij zouden het advies geven om eerst de krachten die worden gesteund te benoemen en later de beperkingen. Er zijn een aantal zaken in het beleidsplan waarvan wij erg blij werden om te lezen. Er wordt met een brede blik gekeken, dat is mooi om te zien. Opgroeien in armoede heeft ingrijpende gevolgen voor de ontwikkeling (fysiek, sociaal, emotioneel en cognitief), het welbevinden, de inclusie en het toekomstperspectief van kinderen. Hierbij willen wij adviseren dat er goed wordt gelet op dat oplossingen niet alleen op de korte termijn werken, maar vooral gericht zijn op het wegnemen van de oorzaak van de armoede. Daarnaast is het wenselijk dat oplossingen gericht zijn op het hele gezinssysteem, en niet op individuen uit dat systeem. Verder willen wij adviseren om de definitie van armoede te verbreden.
Niet alleen definiëren met onvoldoende financiële middelen, maar ook andere vormen van armoede (zoals bijvoorbeeld sociale armoede). Het niet digitaal vaardig zijn is iets waar we in de ARSD veel aandacht aan proberen te besteden. We vinden het dan ook heel fijn dat dit terug te lezen is in het minimabeleid. Ook hebben wij gezien dat de Formulierenbrigade wordt benoemd, het is een positieve ontwikkeling dat hier op wordt ingezet en we zien graag vanuit de ARSD dat, waar mogelijk, zo gespreid mogelijk in de gemeente de formulierenbrigade te bezoeken is. De gemeente Medemblik is een groot gebied en niet alle bewoners kunnen even goed op bepaalde punten binnen de gemeente komen door bijv. de afstand, het vervoer of door financiën. Wat wij missen in het beleidsstuk, is het specifiek benoemen van doelgroepen. Het kan door deze vorm van vaagheid zowel inclusiever als exclusiever worden met de interpretatie van de lezer van het stuk. Als voorbeeld vanuit uw tekst: “Dan zijn er nog een groep inwoners te zien die door hun inkomen net boven de bijstandsnorm vallen, maar ondanks dat wel in armoede dreigen te raken. Zij komen vaak niet in aanmerking voor inkomensondersteuning vanuit de gemeente en/ of landelijke regelingen. Ook zij hebben volgens partners behoefte aan informatie over welke financiële hulp er voor hen mogelijk is.
In het nieuwe minimabeleid moet ook deze doelgroep gericht benaderd en geholpen worden met passende informatie over ondersteuningsmogelijkheden.”
Bij ons rijst bij dit stuk ook de vraag, valt de doelgroep van de chronisch zieken en gehandicapten die in de WLZ wonen, hier ook onder? Binnen onze adviesraad hebben wij een lid met ervaringen vanuit deze doelgroep, graag delen we het oogpunt vanuit deze ervaring met u: “In het minima beleidsplan mist de doelgroep die in de WLZ woont. Dit is een vergeten groep, omdat zij volgens de wet alleen zak- en kleedgeld nodig hebben. In de praktijk blijkt dat de instellingen veel kosten aan de bewoner overlaat (denk hierbij aan de inboedel, eten en drinken buiten de dagbesteding om, abonnementen, gedeeltelijk onderhoud van de kamer en reparaties, etc.) De cliënt maakt ook veel extra kosten door de ziekte of handicap, zoals eigen bijdrage bij de apotheek, taxi, WMO, aanpassingen, hoge verzekeringskosten etc. Dit is vaak niet haalbaar vanuit het zak- en kleedgeld minimum wat men overhoudt, maar deze doelgroep komt niet in aanmerking voor financiële ondersteuning vanuit de gemeente. Graag daarom ook uw aandacht voor deze doelgroep. Of duidelijker benoemen dat deze doelgroep buiten het minimabeleid valt” Verder, op blz. 16 worden “partners” genoemd. Graag zien wij terug wie de partners zijn in de vorm van een verwijzing naar de bijlage of in een voetnoot, dit vergroot naar ons inziens de leesbaarheid.
Over het stuk “ 7.2 Acties bij doelstelling 2: wij vergroten de financiële zelfredzaamheid van de inwoners” Hoe vind je de jongeren doelgroep? Hoe ga je mensen benaderen? Wij vragen ons af wat de aanpak is en zouden daar graag meer over willen weten. Wat ons ook opviel: In het stuk wordt de VoorzieningenWijzer genoemd, echter er is geen verwijzing wat een voorzieningenwijzer inhoudt. Wij missen een voetnoot met een link naar de VoorzieningenWijzer, een kleine beschrijving of allebei. De link die is toegevoegd is een motie voor onderzoek naar de implementatie van de VoorzieningenWijzer. Door middel van een kleine google sessie zijn wij via de algemene website van de VoorzieningenWijzer naar de site https://datgeldtvoormij.nl/ doorverwezen. Daaruit blijkt dat de gemeente Medemblik (vooralsnog) niet is aangesloten. Het is uiteraard nog als een actie bij een doelstelling beschreven in uw beleidsplan. Als laatste advies: Maak regels, verordeningen en wetten niet leidend, maar hanteer ze als leidraad, zodat 'doen wat goed is' mogelijk wordt. De praktische wijsheid van de professional kan hierin worden benut, zodat maatwerk mogelijk is en onderbouwd kan worden. Wij hopen dat u onze opmerkingen kunt gebruiken en mocht onze reactie nog vragen bij u oproepen, dan horen wij dat uiteraard graag. Namens de Adviesraad Sociaal Domein Gemeente Medemblik.
Met vriendelijke groet, Denise ter Riet-Engelen, secretaris ARSD.