01 DOC-21-424622 Beleidsnota Biodiversiteit 2021.pdf
Tekst van het document
6.3 Gefaseerd maaibeheer Bij gefaseerd maaibeheer wordt niet alles gemaaid, maar blijft een deel van de grasvegetatie behouden (fig. 22). Het deel van de vegetatie dat blijft staan rouleert per maaibeurt. Hierdoor is er altijd voedsel (nectar) aanwezig voor insecten, maar ook voedsel voor weidevogels, kunnen vlinders en dergelijke hun eitjes blijven afzetten op grassen en is er voedsel en schuilmogelijkheid voor vele kleine zoogdiersoorten. Bij gefaseerd maaien, wordt er in vrij rechte stroken gemaaid, en blijft minder vegetatie staan, dan bij het sinusbeheer. Verkeersveiligheid Aangezien gefaseerd maaibeheer ook binnen de bebouwde kom en in bermen wordt toegepast, komt dit mede de verkeersveiligheid ten goede.
Fig. 22: Natuurvriendelijk maaibeheer waarbij een deel van de oevervegetatie behouden is (Burg. Smitpark, Mei 2021).
Beleidsnota Biodiversiteit
32
6.4 Sinusbeheer voor grote percelen Bij sinusbeheer wordt gemaaid in de vorm van een sinuscurve, als het ware als een dronkenman. Deze beheermethode is alleen zinvol bij grotere perceel oppervlakten. De kleurkeur hanteert hierbij de regel dat maximaal 15% van het sinuspad gemaaid wordt, en na het maaien van de binnenzijde van het sinuspad is maximaal 60% van het vegetatie oppervlak gemaaid (fig. 23). Door dit type beheer met slingerende paden, ontstaan vele micro klimaatzones, met stukjes vegetatie die wind luw en warmer zijn. Deze variatie wordt in het gehele perceel ontwikkeld door dit beheer. Er zijn 4 hoofdzaken waar bij het sinusbeheer rekening moet worden gehouden:
Zorg voor een continu aanbod van nectarplanten, ook tijdens de maaibeurt. Creëer rondom het te maaien perceel een ring van vegetatie die blijft staan, de ‘opvangzone’ Zorg voor microklimaatzones waar vlinders zich kunnen opwarmen en waar de vrouwtjes eitjes kunnen afzetten op waardplanten Bied voldoende overwinteringsmogelijkheden aan, door vegetatie langs de randen tijdens de winter te laten staan. Tijdens het maaien moet het sinuspad niet worden meegemaaid, omdat vlinders hier eitjes afzetten. De binnenzijde van de sinus wordt beheerd volgens een bloemrijk grasland waar door middel van maaien en afvoeren de voedselrijkdom afneemt (verschralingsbeheer). De buitenzijde van de sinus wordt tijdens die beurt niet gemaaid en behoudt dus zijn nectaraanbod voor vlinders.
Fig. 23: Sinuspad (Albert Bridge - geograph.org.uk cc-bysa/2.0).
Sinusbeheer heeft ten opzichte van gefaseerd maaibeheer het voordeel dat vlinders langs de randen van het perceel zowel waardplanten, nectarplanten als warme windluwe plekken kunnen vinden. Daarnaast blijft er altijd vegetatie staan langs de randen waar vlinders (en andere insecten) kunnen overwinteren. Bij gefaseerd maaibeheer blijven bij iedere maaibeurt maar enkele stukjes vegetatie staan, die deze voordelen nauwelijks bieden (Sinusbeheer, Vlaamse vereniging voor entomologie, Jurgen Couckruyt, 2015).
6.5 Ecologisch beheerde locaties en verbindingszones In de biodiversiteitsnota van 2013 worden naast de drie terreinen waar nu extensief beheer plaatsvindt, voorstellen gedaan voor 24 andere locaties die hiervoor in aanmerking zouden kunnen komen. De financiële middelen zijn momenteel beperkt. Om concreet en realistisch uitvoering te kunnen geven aan het biodiversiteitsbeleid wordt de biodiversiteit versterkt in de huidige extensief beheerde terreinen, door aanpassing van het beheer indien noodzakelijk. Daarnaast zijn er enkele van de 24 gebieden uitgekozen om de biodiversiteit uit te kunnen breiden.
33
Beleidsnota Biodiversiteit
Kagerdijk, Kaagbos, Wervershoof De Kagerdijk is een goed voorbeeld van een groene corridor, waarbij het Kagerbos fungeert als een stapsteen, een groengebied tussen groene corridors. Wanneer de gehele berm langs de Kagerdijk en de open plekken grasland in het Kagerbos extensief worden beheerd draagt dit bij aan het vergroten van het natuurnetwerk in de gemeente en aan het vergroten van de natuurkwaliteit en daarmee de biodiversiteit. De Ecozone Wervershoof, kan via het Kagerbos en de Kagerdijk worden verbonden met de Vooroever en vormt zo één groot robuust stuk natuurnetwerk (fig. 24).
Fig. 24: Verbindingszones tussen Ecozone, Kagerbos, Kagerdijk en De Vooroever voor een robuust groen netwerk
De bermen langs de Kagerdijk, en de open grazige plekken in het Kagerbos kunnen extensief worden beheerd. De voorkeur gaat uit naar 2-3x maaien per jaar met de toepassing van een sinusbeheer waarbij 60% van de totale vegetatie in het kruidenrijk grasland blijft staan. In het Kagerbos (fig. 25) is een meer op de inheemse situatie gerichte aanpak de beste optie. Hierbij zal door het maaien en afvoeren de soortenrijkdom geleidelijk kunnen toenemen. De eerste paar jaar zullen stikstofrijke planten echter nog de overhand hebben. De overgang van kruidenrijk grasland naar struweel (struiken) en bos zou hier op kleine schaal kunnen worden toegepast. Deze overgangssituaties zijn gunstig voor vogelsoorten, vele insectensoorten en voor foeragerende vleermuizen (fig. 26).
Fig. 25: Kagerdijk en het Kagerbos, Google maart 2021.
Beleidsnota Biodiversiteit
34
Kern (Bos)
Mantel (Hoge struiken en bomen)
Zoom (Ruigten en Struiken)
Ruig grasland
Grasland
Fig. 26: grasland – zoom – mantel- kern (Medemblik, juli 2021)
35
Beleidsnota Biodiversiteit
De Ecozone Wervershoof Het bestaande gefaseerd maaibeheer kan verbeterd worden, door meer stroken vegetatie te laten staan, en sinusbeheer toe te passen als de ruimte dat toelaat. Een maaibeheer volgens de richtlijnen van de kleurkeur verdient de voorkeur, waarbij 3x maaien per jaar nodig is om de stikstofrijke voedingsstoffen geleidelijk uit het milieu te halen (verschralingsbeheer). Een deel van de Ecozone Wervershoof ligt vlak bij het natuurgebied de Groote Vliet. Het betreft een strook groen ten noorden van het huidige monitoringgebied, waar ook het geboortebos ligt (fig. 27). Een deel van deze strook is nu ingericht als parkeerplaats. Aan de overzijde van de Dirk bijvoetweg ligt het zuidelijk deel van de Groote vliet, in beheer bij Staatsbosbeheer.
Fig. 27: Groenstrook Ecozone Wervershoof (Luchtfoto Medemblik, 2020). Ecologische verbinding Ecozone Wervershoof-Egboetswater Tussen de Ecozone Wervershoof en het Egboetswater kan een ecologische verbindingszone gemaakt worden volgens de rode bolletjeslijn op onderstaande kaart (fig. 28). Een mogelijke optie is om deze verbinding via de rechthoekjeslijn te maken aan de Noordkant van de Vok Komenweg.
Fig. 28: Nieuw te realiseren ecologische verbindingszone Ecozone - Egboetswater
36
Beleidsnota Biodiversiteit
Mogelijk zijn er provinciale subsidies beschikbaar om de Ecozone Wervershoof te verbinden met het Egboetswater en het nieuwe natuurgebied in de Groote Vliet. Zo ontstaat er samen met de plannen van de Werkgroep Biodiversiteit en Staatsbosbeheer (zie hoofdstuk 5) een groen natuurnetwerk in de gemeente die alle versnipperde natuur met elkaar verbindt en deze zo robuuster maakt met betere kansen voor flora en fauna (fig. 29). Doordat de groene gebieden minder versnipperd zijn, is er meer uitwisseling mogelijk tussen flora- en faunasoorten. Dit zorgt voor meer diversiteit in het genenmateriaal en gezondere populaties. De Put, Andijk Nu de bodem in het park (fig. 30) opnieuw is opgehoogd kan hier gericht de natuur verbeterd worden door de aanplant van inheemse struiken en het inzaaien van kruidenmengsels. De beste resultaten voor de natuur worden geboekt, als er voldoende vegetatiestructuren aanwezig zijn. Dit park is vrij bomenrijk. De overgang van kruidenrijk grasland naar struweel (struiken) en bos zou hier op kleine schaal kunnen worden toegepast. Deze overgangssituaties zijn gunstig voor vogelsoorten, vele insectensoorten en voor foeragerende vleermuizen (fig. 26).
Fig. 30: Park De Put, Andijk Burgemeester Smitpark Hier vindt reeds extensief maaibeheer plaats. Zie figuur 31 voor een locatie overzicht. Echter, er wordt nog te veel vegetatie gemaaid per maaironde. Hier liggen kansen voor het toepassen van sinusbeheer waarbij minimaal 60% van de vegetatie blijft staan. De taluds van de oevers langs de watergangen kunnen minder steil worden gemaakt, zodat er een grotere moeraszone/oeverzone ontstaat.
Fig. 31: Burgemeester Smit park, Midwoud
37
Beleidsnota Biodiversiteit
Fig. 29: Door De Vooroever, de Ecozone, Egboetswater en natuurgebied De Groote Vliet met elkaar te verbinden groene zone) ontstaat één groot robuust netwerk van grotere en kleinere natuurgebieden.
38
Beleidsnota Biodiversiteit
Waterberging Papenveersloot Dit watergebied (fig. 32) is in eigendom van de gemeente, en ligt in de buurt van het Eboetswater. Dit gebied kan worden aangesloten op het gebied dat in beheer is bij het Recreatieschap. De taluds en oevers van het Papenveersloot kunnen natuurvriendelijk worden ingericht en beheerd. Het is niet duidelijk welke deel HHNK nu al maait en afvoert. Het voedselrijke slib op de bodem kan gebaggerd worden, het slib wordt afgevoerd. Door de aanplant van inheemse moerasruigtes met soorten als Grote kattenstaart, gele lis, moerasandoorn, dotterbloem en waterplanten als krabbescheer, fonteinkruid en dergelijke, kan dit gebied verbonden worden met het bosje langs de Pukweg, waar de werkgroep Biodiversiteit de berm natuurvriendelijk wil beheren en wil verbinden met de route naar het Egboetswater. Zo fungeert dit Fig. 32: Waterberging Papenveersloot in blauw en het gebied als een stapsteen in het bosje van het Recreatieschap met de Pukweg in groen groene biodiversiteitsnetwerk in de gemeente (fig. 29). Bloemrijke bermen langs wandel- en fietsroutes Het Recreatieschap West-Friesland heeft vele wandel- en fietsroutes aangelegd in de gemeente. Om deze routes aantrekkelijker te maken voor zowel onze inwoners als de natuur, verdient het de aanbeveling langs een deel van deze routes te starten met ecologisch bermbeheer en het inzaaien van bloemrijke mengsels.
Mogelijk kan de gemeente hierbij gezamenlijk optrekken met het Recreatieschap (fig. 33).
Fig. 33: Wandel- en fietsroutes, (Natuur- en Recreatieplan West-Friesland, 2016
39
Beleidsnota Biodiversiteit
7 Financiën en begroting 7.1 Begroting Om de doelstelling voor het behouden en waar mogelijk vergroten van de biodiversiteit te kunnen verwezenlijken, is een financiering noodzakelijk. Vanwege de bezuinigingen bij de gemeente zijn de beschikbare budgetten beperkt en dient er naar alternatieve innovatieve opties te worden gekeken.
7.2 Samenwerking met partners Om deze financiering daarom mogelijk te maken, is samenwerking met maatschappelijke organisaties, boeren en overig bedrijfsleven een must. Hiertoe dient er in eerste instantie voldoende draagvlak te worden gecreëerd bij alle betrokken actoren. Voor het opzetten van biodiversiteitscommunicatie is er een stappenplan beschikbaar op de website “communiceren over biodiversiteit” (biodiversiteit.nl/communiceren_over_biodiversiteit) goede tips. Voorkeur verdient het om aansluiting te zoeken bij de omgevingsvisie250 en de biodiversiteitsvisie daarin van de provincie waarbij ze bestaande natuurverbindingen wil versterken. Er dient een plan van aanpak te worden opgesteld. Daarbij zoeken we de samenwerking op met partners en actoren, waaronder SBB, Landschap Noord-Holland, Recreatieschap, HHNK en de werkgroep Biodiversiteit.
7.3 Ecosysteemdiensten Ecosysteemdiensten kunnen deels voorzien in de financiering van de biodiversiteit. Het Planbureau voor de leefomgeving (PBL) maakt onderscheid in drie soorten ecosysteemdiensten: productiediensten, regulerende diensten en culturele diensten. Productiediensten bestaan uit producten die de natuur ons biedt, waaronder (drink)water, hout, energie en voedsel. Regulerende diensten zijn functies die de natuur en het groen kunnen vervullen, zoals de opslag van CO2, waterberging, waterzuivering, verkoeling in de stad, kustbescherming en bodemvruchtbaarheid. Culturele diensten bestaan uit groene recreatie, natuurlijk erfgoed en de symboolwaarde natuur. De waarde van ecosysteemdiensten en biodiversiteit moet aan de gebruikers daarvan in rekening worden gebracht, hiertoe is door de Verenigde Naties het initiatief “The Economics of Ecosystems and Biodiversity” opgezet (Biodiversiteit Werkt, Agentschap NL, 2012). Zij hebben hiervoor een eigen website gelanceerd, teebweb.org. Dit project voorziet in het zichtbaar maken van ecologische waarden. Natuurvriendelijk beheer zorgt voor meer biodiversiteit. Deze draagt op zijn beurt bij aan het voorzien in ecosysteemdiensten. De provincie benadrukt dit in haar Omgevingsvisie 2050: Natuurinclusieve landbouw waarbij minder uitstoot plaatsvindt van o.a.
ammoniak en waarbij minder bestrijdingsmiddelen worden toegepast draagt bij aan meer biodiversiteit. Meer biodiversiteit draagt bij aan meer gewasbescherming en bestuiving. Deze bestuiving is noodzakelijk voor meer dan 75% van de voedselgewassen (met name groente en fruit) en voor meer dan 85% van de wilde planten in de natuur (Nationale Bijenstrategie, 2018). Het verlies aan ecosysteemdiensten zoals insectenbestuiving, kan daarmee productieprocessen van boerenbedrijven in gevaar brengen.
40
Beleidsnota Biodiversiteit
7.4 Financieringsopties 7.4.1 Betrekken bij Groenfonds voor vrijwilligersprojecten De provincie Noord-Holland heeft samen met de terrein beherende organisaties in de provincie een fonds opgericht voor het bevorderen van groen vrijwilligerswerk. Organisaties en vrijwilligersgroepen kunnen groene projectplannen indienen. Deze moeten zich richten op het bevorderen van de biodiversiteit en soortenbeschermingen en/of participatie bij de natuurlijke leefomgeving. Zo komen activiteiten gericht op beheer, monitoring en educatie hiervoor in aanmerking. Het geld van dit groenfonds is afkomstig van de provincie, waarbij het beschikbare budget verdeeld wordt door de terrein beherende organisaties. 7.4.2 Nationaal Groenfonds Om de biodiversiteitsdoelen van de gemeente te kunnen verwezenlijken is samenwerking met maatschappelijke organisaties noodzakelijk. Een van deze organisaties is speciaal opgezet om gemeenten te financieren bij haar beleidsplannen op het gebied van natuur en duurzaamheid: Het Nationaal Groenfonds. Zij kunnen naast financieringspartner ook optreden als adviseur. 7.4.3 Groen dichterbij Dit project van het IVN ondersteunt inwoners bij initiatieven waarbij bewoners samen aan de slag gaan met de aanleg en het beheer van buurtgroen. Dit kan het groen zijn op een schoolplein, bij een zorginstelling of in een woonwijk.
Voor meer informatie: ivn.nl/groendichterbij/over-groen-dichterbij 7.4.4 Biodiversiteitsactieplan Stel gezamenlijk met lokale betrokken inwoners een integrale streekgebonden gebiedsvisie op, waarbij alle factoren zoals milieu, ruimtelijke ordening, economie en natuur betrokken zijn. Biodiversiteit kan dan het hoofdmiddel zijn waarmee de gebiedsvisie gerealiseerd kan worden. Omdat het een streekgebonden project betreft, kan de financiering door de dorpsraad gecoördineerd en opgezet worden. Vervolgens wordt de visie omgezet in een concreet actieplan. 7.4.5 Triple O-aanpak Deze aanpak brengt de belangrijkste onderdelen voor het optimaal benutten van ecosysteemdiensten samen, door de betrokken mensen die via samenwerking (People), het natuurlijk kapitaal (Planet) door middel van een business case (profit) benutten. De drie O’s staan voor het gezamenlijk met de stakeholders ontdekken van het natuurlijk kapitaal, vervolgens overeenkomen waar de meerwaarde ligt van het gebied en ten slotte het gebied samen duurzaam ontwikkelen. 7.4.6 Agrobiodiversiteit en duurzaam bodembeheer De natuurlijke aanwezigheid van verschillende planten- en diersoorten in het agrarisch gebied kan vergroot worden door het gebruik van duurzame teeltsystemen, het verbeteren van het bodemleven, door het natuurlijk maaien van slootkanten en het laten staan van inheemse vegetatie langs akkerranden.
Functionele agrobiodiversiteit richt zich daarbij op het direct inzetten van het bodemleven en natuurlijke vijanden van ziekten en plagen bij de teelt van landbouwgewassen. 7.4.7 Natuurlijk boeren De Natuur- en MilieuFederatie Zuid-Holland heeft het samenwerkingsverband “Natuurlijk boeren” opgezet. Boerenbedrijven die zich bij dit verband aansluiten, zorgen samen voor het uitvoeren van een natuur inclusieve landbouw. Daarbij wordt gebruik gemaakt van de lokaal aanwezige natuur en
41
Beleidsnota Biodiversiteit
wordt de bodem duurzaam beheerd. Binnen het samenwerkingsverband zorgt Natuurlijk boeren voor het stimuleren en ondersteunen van enthousiaste boeren richting een natuurinclusieve agrarische bedrijfsvoering. Voor meer informatie: natuurlijkboeren.nl/over_ons
42
Beleidsnota Biodiversiteit