Transcript commissie 1 16 november 2021
Tekst van het document
RAADSCOMMISSIE 1
Transcript van de vergadering d.d. 16 november 2021. Agenda: 19.00 – 20.30 uur: 1. Raadsinformatiebrief Startnotitie nota Parkeren
Agendapunt 1: Voorzitter: Griffie:
Raadsinformatiebrief Startnotitie nota Parkeren dhr. H.H.L. Paalvast dhr. R. van der Hoek (griffier)
Aanwezig zijn de volgende leden: CDA dhr. M. Cicek PvdA dhr. Z. Çelikkaya VVD dhr. D. Snoeck VSP dhr. A. Luijendijk MB dhr. A.J. Solleveld D66 dhr. J.T. de Jong ChristenUnie mw. K.R. Oosterman-Feenstra Forum voor Maassluis dhr. L. Molmans (steunlid) GroenLinks dhr. R. Kleijwegt Verder zijn aanwezig: Dhr. F.A. Voskamp (wethouder) Samenvatting van de reacties op de in toelichting bij de raadsinformatiebrief gestelde vragen (7x) 1. Is verlagen van de bestaande parkeernormen voor nieuwbouwprojecten een optie of houdt u liever vast aan de huidige parkeernormen (met als consequentie minder kwaliteit van de buitenruimte en/of minder woningen op de beschikbare m2’s)? FvM: Er moet gekeken worden voor wie er gebouwd wordt. Voor verpleeghuizen kan worden volstaan met alleen parkeerplaatsen voor bezoekers en personeel. Seniorenwoningen en kleine woningen kunnen volstaan met niet meer dan één parkeerplaats per woning. Minder bouwen dan in de Woonvisie is niet de oplossing. VVD: De VVD wil vasthouden aan de bestaande normen. Mensen in Maassluis werken veelal elders en gebruiken daarvoor de auto. GL: Ja, de parkeernorm moet worden verlaagd. Minder woningen bouwen is geen optie. VSP: Met het verlagen van parkeernormen moet heel voorzichtig worden omgegaan, zeker gelet op de transitie naar elektrisch autorijden.
Wel zou verlagen van de normen bekeken kunnen worden bij specifieke doelgroepen c.q. woonvormen.
1 Transcript commissie 1 d.d. 16 november 2021
MB:
CU:
PvdA: CDA:
D66:
Je zou een wijk kunnen bouwen met 0 parkeerplaatsen, zodat men zelf kan kiezen om daar te gaan wonen, maar dat lijkt een utopie. Deelvervoer lijkt MB niet erg kansrijk en ook OV kent zijn beperkingen. Handhaven van de parkeernormen ligt daarom het meest voor de hand. Alleen meer huizen bouwen in Maassluis als dit goed ingepast kan worden en de leefbaarheid gewaarborgd is (voldoende groen, mobiliteit e.d.). Het aantal parkeerplaatsen moet realistisch zijn en de huidige normen zijn dat. Verlaging van parkeernormen is in principe mogelijk, maar je moet wel goed kijken welke projecten daarvoor in aanmerking kunnen komen. Verlagen van de parkeernorm kan een optie zijn. Het moet een goed leefklimaat opleveren met een goede balans tussen parkeren en groen. Een lagere norm moet per project beoordeeld worden. Verlagen is zeker een optie voor D66. De ruimtelijke kwaliteit is vaak belangrijker dan het voor de deur parkeren. Het baseren van parkeernormen op woonoppervlak is niet altijd logisch. Je zou bijvoorbeeld ook kunnen kiezen om bij duurzame woningen minder parkeerplaatsen te realiseren.
2. Is het wenselijk om binnen de nieuw op te stellen nota parkeren ‘knoppen’ te introduceren waarmee de op te stellen parkeernormen verlaagd of wellicht wat verhoogd kunnen worden? (Denk daarbij aan correctiefactoren voor nieuwbouw in de directe omgeving van een (metro)station, lagere normen bij de introductie van deelmobiliteit binnen het project of het aanbieden van diensten/combineren van functies binnen het project waardoor minder verplaatsingen nodig zijn). FvM: Nee, FvM vindt dat niet gewenst. Niet iedereen kan gebruikmaken van deelmobiliteit. VVD: De VVD is hier geen voorstander van omdat dit een permanente onderhandelingssituatie oplevert met projectontwikkelaars. Er zijn duidelijke normen nodig. GL: -VSP: Hier past volgens de VSP terughoudendheid. Het is bijvoorbeeld niet realistisch om ervan uit te gaan dat mensen geen auto aanschaffen als ze dicht bij een metrostation wonen. MB: Flexibiliteit is een goede zaak, maar de vraag is wie er aan de knoppen gaat draaien. CU: Deelmobiliteit zal zich eerst moeten bewijzen. Als je op een bedrijventerrein in de regio werkt kom je daar vaak niet met het OV (metro). Bij de metro zijn voldoende parkeerplaatsen nodig voor reizigers die wat verder weg wonen.
PvdA: De PvdA vindt het inderdaad wenselijk om binnen de nieuw op te stellen nota parkeren ‘knoppen’ te introduceren waarmee de te hanteren parkeernormen verlaagd of verhoogd kunnen worden. CDA: Openbaar vervoer kan een oplossing zijn voor minder verkeer. Met communicatie en handhaving van vooraf gemaakte afspraken kunnen parkeernormen worden aangepast. Of deelmobiliteit gaat werken moet nog worden afgewacht. D66: Het zou goed zijn als bij nieuwbouw wordt gekozen voor minder parkeerplaatsen in combinatie met gereserveerde plaatsen voor deelmobiliteit. Ook bij een OVknooppunt is een lagere parkeernorm een prima ‘knop’.
2 Transcript commissie 1 d.d. 16 november 2021
3. Vindt u het bespreekbaar om binnen projecten een deel van de groene buitenruimte in te richten als groen, maar te bestemmen voor verkeer/parkeren zodat er reserveruimte beschikbaar is indien de gehanteerde parkeernorm niet aansluit bij het feitelijk gebruik? FvM: Ja. VVD: De VVD is voorstander van een creatieve groene inrichting van het buitenruimte, zoals bijvoorbeeld in het Wilgenrijk en Sportlaan. Dus parkeren mogelijk maken zonder dat er direct een betonnen vlakte ontstaat. GL: -VSP: In wijken waar dat mogelijk is zou je kunnen vergroenen en ruimte achter de hand houden om parkeergelegenheid te realiseren als dat later nodig mocht blijken. MB: Dit is een goede zaak op locaties waar het kan. CU: De CU geeft de voorkeur aan ‘andersom’ d.w.z. parkeerplaatsen realiseren en omzetten naar groen als ze niet meer nodig zijn. PvdA: De PvdA vindt het bespreekbaar om hiernaar te kijken, maar het mag niet ten koste gaan van de leefomgeving. CDA: Als groen en parkeren met creatieve en goede oplossingen kan worden vormgegeven is het CDA het eens met deze stelling. D66: D66 is hier geen voorstander van. Binnen een project moet groen groen blijven. Eventueel is denkbaar dat een groenstrook buiten de wijk als overloop wordt gebruikt. 4.
Vindt u dat bij nieuwbouw moet worden uitgegaan van het principe dat bij de bouw van appartementen het parkeren moet worden opgelost binnen het bouwblok? Denk hierbij aan gebouwparkeren. Dit is veelal een duurdere oplossing met vaak gevolgen voor de woningprijzen, maar komt ten goede aan kwaliteit van de buitenruimte. FvM: Parkeren binnen het bouwblok moet per project worden opgelost en is afhankelijk van de omgeving. VVD: Parkeren binnen het bouwblok is zeker bij appartementen wenselijk ook al werkt dat kostenverhogend. Dit komt de buitenruimte ten goede en past bij Maassluis. GL: -VSP: Als auto’s uit het zicht worden gehaald is dat een goede zaak. Jammer dat dit bij het Balkon niet is gelukt. MB: In principe vindt MB het de moeite waard om parkeren op te lossen binnen het bouwblok, maar de vraag is wel wat dit kost. Dat is op dit moment niet duidelijk. CU: De CU is voor het realiseren van parkeerplaatsen binnen het bouwblok. De kwaliteit van de buitenruimte is cruciaal. PvdA: Gebouwparkeren heeft de voorkeur, maar dan moet er wel kritisch worden gekeken naar de consequenties voor het bouwen van betaalbare woningen. Mensen moeten niet afhaken vanwege een dure parkeeroplossing. CDA: Het CDA ziet graag dat het parkeren binnen het bouwblok wordt opgelost. D66: Er dient vooral te worden uitgegaan van parkeren binnen het bouwblok.
Mensen die niet binnen het bouwblok willen parkeren moeten hun auto ook aan de rand van de wijk parkeren. 5. Moeten bij nieuwbouw van grondgebonden woningen, kritischer gekeken worden naar de te hanteren normen voor garages en parkeren op eigen terrein? Bijvoorbeeld garages buiten de parkeerbalans houden en parkeren op eigen terrein alleen (deels) meetellen als dit minimaal een breedte van 2,5 en een lengte van 6 meter heeft. FvM: Garages zijn bedoeld om de auto in te parkeren en vallen daarmee binnen de parkeerbalans.
3 Transcript commissie 1 d.d. 16 november 2021
VVD:
GL: VSP:
MB: CU: PvdA: CDA:
D66:
Garages worden in de praktijk gebruikt als berging. De oprit voor de garage kan mogelijk wel als parkeerplaats worden aangemerkt. Als er wordt gehandhaafd valt dat nog te billijken, maar het mag niet resulteren in een vergunningensysteem of betaald parkeren. -Deze vraag is lastig te beantwoorden omdat niet duidelijk is of kan worden afgedwongen dat bewoners in hun garage parkeren. Zodra de garage anders wordt gebruikt levert dat een probleem in de wijk op en dat is dus wel ongewenst. MB is er voorstander van om garages mee te tellen in de parkeerbalans, maar twijfelt aan de handhaafbaarheid daarvan. Veel bewoners gebruiken de garage als opslag en daarom is het realistisch om deze buiten de parkeerbalans te houden. De parkeerplaatsen zouden wel meegeteld moeten worden, maar de vraag blijft hoe kan worden afgedwongen dat niet op de openbare weg wordt geparkeerd. Het parkeren op eigen erf (buiten) moet niet geheel buiten beschouwing worden gelaten bij het opstellen van de parkeerbalans. Garages kunnen ook voor andere doeleinden worden gebruikt en zouden daarom niet moeten worden meegeteld. Garages moeten worden meegeteld in de parkeerbalans, voor zover deze groot genoeg zijn om een auto te parkeren.
6. Vindt u in dat kader dat het parkeren op eigen terrein moet worden verplicht als deze ook zijn meegeteld in de parkeerbalans en dat hierop dan ook gehandhaafd moet worden? FvM: Als er parkeerplaatsen op eigen terrein zijn meegenomen in de parkeerbalans moet daarop worden gehandhaafd. VVD: De VVD vindt dat dit niet kan worden verplicht. Autobezitters betalen wegenbelasting om te mogen parkeren in de buitenruimte. GL: GL twijfelt of handhaving in dit geval praktisch mogelijk is. VSP: In principe is het antwoord op deze vraag ‘ja’, maar het is de vraag of dit handhaafbaar is. Dat lijkt vrijwel onmogelijk. MB: MB kan in principe meegaan met het meetellen van parkeerplaatsen op eigen terrein in de parkeerbalans, maar de handhaafbaarheid lijkt problematisch en zal uitgezocht moeten worden. CU: Parkeren op eigen terrein kun je niet gemakkelijk meetellen omdat er bijvoorbeeld wetgeving is waardoor je niet voor een uitrit mag parkeren. Dat geeft dus juridisch gedoe. PvdA: Hier speelt de vraag of handhaving van het parkeren op eigen terrein mogelijk is. CDA: Voor bestaande wijken zou het CDA graag een analyse willen zien van het aantal parkeerplaatsen in relatie tot het aantal woningen. Met 0-metingen voor bestaande wijken kunnen knelpunten worden geanalyseerd en kan een betere afweging worden gemaakt voor nieuwbouwprojecten.
D66: Als mensen een parkeerplaats op eigen terrein aan de voorraad onttrekken moet daar iets tegenover staan (bijvoorbeeld storting in een parkeerfonds). 7. Moet in bestaande wijken gestreefd worden naar het handhaven, afwaarderen of juist verhogen van het aantal parkeerplaatsen? FvM: In principe handhaven, maar in de loop der tijd per wijk gaan bekijken zeker wanneer er meer laadpalen geplaatst gaan worden. VVD: De parkeerproblematiek moet per wijk in kaart worden gebracht en waar nodig moet (vooral in oudere wijken) het parkeren worden uitgebreid met creatieve (groen)oplossingen. GL: Er dient geen uitbreiding van parkeren plaats te vinden ten koste van groen. VSP: De VSP vindt dat per wijk moet worden gekeken wat mogelijk is.
4 Transcript commissie 1 d.d. 16 november 2021
MB:
CU:
PvdA: CDA: D66:
Het handhaven, afwaarderen of juist verhogen van het aantal parkeerplaatsen zou gepaard moeten gaan met demografisch onderzoek en is daarnaast een uitstekend onderwerp voor burgerparticipatie. Wanneer deelmobiliteit aanslaat zou je, in samenwerking met bewoners, parkeerplaatsen om kunnen zetten naar groen. Voor de parkeerproblematiek in oude wijken, die gebouwd zijn met lage parkeernormen, is een uitgebreide analyse nodig. Per wijk moet naar de beste oplossing worden gezocht. Participatie speelt hierbij een belangrijke rol. Er moet eerst een 0-meting plaatsvinden waarna keuze gemaakt kunnen worden over handhaven, afwaarderen of juist verhogen van het aantal parkeerplaatsen? Verhoging van het aantal parkeerplaatsen is voor D66 geen optie omdat dit niet bij de ambitie van de gemeente past. Er zou gestreefd moeten worden naar afwaarderen zodat de ruimte die beschikbaar komt een andere functie kan krijgen.
De voorzitter: We zijn bij elkaar om te spreken over de raadsinformatiebrief startnotitie nota parkeren. U heeft allemaal ontvangen een mailtje van de agendacommissie en met name dan van de griffier. Over de manier waarop we dat hier proberen aan te pakken. U heeft in de eerste termijn één minuut om nog wat vragen te stellen aan de wethouder. Dan gaat hij antwoord geven. En daarna hebben we per fractie vier minuten om te reageren op de zeven dilemma’s. Ik hoop dat u dat allemaal goed voorbereid heeft en dat u die vier minuten ook mooi gaat invullen. Ik geef het woord aan meneer Molmans. De heer Molmans: Dank u wel. Ja. Het autobezit in Maassluis en het nieuwbouwprogramma staat eigenlijk lijnrecht tegenover elkaar. Ik heb voor mezelf heb ik wat cijfertjes opgezocht om een beter en duidelijk beeld te krijgen. We hebben ongeveer 15.500 woningen in Maassluis. En er zijn volgens het CBS zijn er ruim 14 duizend auto’s geregistreerd in Maassluis. Dat zou betekenen: bijna één per woning. We hebben 33.500 inwoners ongeveer. Het grappige is dat er bijna vijfduizend eenpersoonshuishoudens zijn. Eigenlijk heb ik niet veel vragen. Ik heb een aantal opmerkingen. De parkeerdruk is hoog. Dat weten we. Oplossingen zoals deelauto’s tot nu toe niet echt populair. En wat denkt u daar dan wel aan te doen? Als u zegt: dat zou één van de mogelijkheden zijn.
Als ik zie in de koopwoningen in Het Balkon, dan constateer ik dat bij elk jonger echtpaar allemaal beide werken. En of ze nou wel of niet in de buurt wonen van het station of de metro, dat maakt niet zoveel uit, want ze moeten dus. Of ze gaan dus met de metro. De voorzitter: Wilt u afronden? De heer Molmans: Ja, dat doe ik. First and last mile. Als laatste opmerking. We moeten niet vergeten dat Maassluis een slaapstad is en geen werkstad. We zitten allemaal buiten de gemeente. Dank u wel. De voorzitter: Mijnheer Snoeck, wakker worden. De heer Snoeck: Ik heb één vraag over parkeren en met name in de wat oudere wijken. Hoe worden parkeeroplossingen met de veiligheidsdiensten besproken? En hoe reageren die over de oplossingen die er in sommige wijken liggen? Dat is het enige. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar meneer Kleijwegt. De heer Kleijwegt: Ja, dank u wel, voorzitter. Er wordt vaak gesproken over wijken met een tekort aan parkeerplaatsen. Toch zijn er ook parkeerplekken die niet of nauwelijks worden benut. Denk aan de parkeerplaatsen bij De Vloot. Hoeveel parkeerplekken zijn er op dit moment niet of nauwelijks benut in de stad? Is daar iets over bekend? We krijgen in Maassluis, net als de rest van Nederland, steeds meer eenpersoonshuishoudens en steeds hoogwaardiger openbaar vervoer.
Zo komt er waarschijnlijk een lightrailverbinding van Maassluis via het Westland naar Den Haag en terug. Gaat het college hier rekening mee houden met het opstellen van de parkeernota? En wat is nou precies het tijdspad van deze startnotitie? Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Luijendijk.
5 Transcript commissie 1 d.d. 16 november 2021
De heer Luijendijk: Ja, voorzitter. Dank u wel. Lezende de notitie viel mij één ding eigenlijk nog het meeste op. We gaan helemaal in de notitie voorbij aan het feit dat we de komende jaren, de komende tijd, te maken hebben met een enorme ombouw richting parkeerplaatsen met laadpalen. En dat heeft een enorme impact op de capaciteitsvraag. Dat is maatwerk. Dat is enorm passen en meten. Dus mijn vraag eigenlijk in deze eerste ronde is: hoe komt het dat dit buiten de notitie is gebleven? De voorzitter: Dank u wel. Gaan we naar meneer Solleveld. De heer Solleveld: Dank u wel, voorzitter. Nou, wij hebben er in de thema-avond veel over gewisseld. Wellicht dat in de toekomst het mobiliteitsbedrag weleens zou kunnen veranderen, maar dat zal toch een proces van de lange adem zijn. Want de cultuurverandering is als een mammoettanker. Sturen is lastig, om over remmen maar te zwijgen. Ik mis in dit stuk overigens één categorie. Specifieke parkeerplaatsen, ik hoor meneer Luijendijk er net over, om je auto op te laden. Dat komt wel aan de orde, tot op zekere hoogte. Maar openbare plaatsen voor mensen met een handicap in de wijken kom ik nauwelijks tegen. Je ziet wel persoonlijke parkeerplaatsen voor invalideparkeerplaatsen, maar openbaar zie je niet. Is daarover in die commissie nagedacht, voorzitter? Daar wil ik het in de eerste termijn bij laten. De voorzitter: Dank u wel.
Gaan we naar mevrouw Oosterman. Mevrouw Oosterman: Ja, voorzitter. In de eerste termijn een paar vragen om het nog even goed helder te hebben. In de thema-avond legde u uit dat in Maassluis de nota uit 2012 van kracht is met een niet inhoudelijke herziening in 2017. U wilt nu komen met twee beleidsstukken parkeren. Eén voor nieuwbouw en één voor bestaande bouw, waarbij ook inwonersparticipatie zal plaatsvinden. Heb ik dat juist? Voordat we in de tweede termijn ingaan op de dillema’s wil ik graag nogmaals meegeven en vragen om in het beleid voor de bestaande bouw ook goed per wijk de status aan te geven voor wat betreft de huidige parkeeruitdagingen, zodat we het hele onderwerp in een keer in Maassluis bij de kop pakken. Gaat u dit doen? Verder hebben we in de thema-avond meegegeven dat bij dit onderwerp participatie vanuit inwoners belangrijk is. Want er moet draagvlak ontstaan voor nieuwe vervoerkeuzes. Dat kost tijd. Dit gaat u doen en daar zijn wij blij mee. Heeft u al een idee hoe u dit wilt inrichten? En als laatste. Mag je in een verkoopbrochure aangeven dat parkeren op eigen terrein moet plaatsvinden? En wat voor juridische waarde heeft dat? Want er is ook wetgeving waarbij het niet toegestaan is om je auto op bijvoorbeeld een uitrit te zetten. En dat leidt ertoe dat inwoners soms een bekeuring krijgen. En daar zit een aandachtspunt in de wetgeving. Graag uw reactie.
De voorzitter: Dank u wel. Gaan we naar meneer Çelikkaya. De heer Çelikkaya: Dank u wel, voorzitter. Ook als fractie vinden wij ook wat collega’s, voorbijgangers, hadden over passen en meten en cijfers. Dus in dat stuk missen wij ook onderbouwing. En waar hebben we het over. Is er bijvoorbeeld gekeken naar vergelijkbare gemeentes? Ja, hoe zit het in. Hoe kijkt de provincie naar dus dat hele stuk. Voordat we met die dilemma’s beginnen hebben we. Waar hebben we het over? Dat missen wij eigenlijk. Dan heb ik een vraag. Wat is het tijdspad? Wat komt er hierna? En graag, ja, is er al onderzoek gedaan naar vergelijkbare gemeentes? Dus dat is ook wel interessant. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Gaan we naar meneer Çiçek. De heer Çiçek: Dank u wel, voorzitter. Wij hebben een uitdaging om parkeren, en soms de beleving, op papier te zetten en ook nog eens toekomstbestendig. Parkeren samen met een grote woningbouwopgave door de enorme krapte vraagt om een zeer zorgvuldige keus te maken. Wij hebben hierover een aantal vragen. U noemt bij de dilemma’s groen parkeren. Zou u daar een aantal voorbeelden van kunnen noemen, waarbij we een idee hebben waar we het echt over hebben? Over parkeren op eigen grond. Hoe zou u de handhaving hiervan willen doen? Hoe maakt u de overweging, hoogwaardig openbaar vervoer of niet? We hebben voorlopig alleen verbinding richting Rotterdam met de metro.
Zou u daar uitleg over kunnen geven? Over burgerparticipatietrajecten wordt eigenlijk niet gesproken. Zou u voor wat in de wijken waar problemen met parkeren worden
6 Transcript commissie 1 d.d. 16 november 2021
ervaren trajecten kunnen opstarten? En zou u kunnen aangeven wanneer u dat wilt doen in welke fase? De voorzitter: Wilt u afronden? De heer Çiçek: Bijna klaar. Bij bestaande en bij wijken die geherstructureerd worden. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Gaan we naar meneer De Jong. De heer De Jong: Ja, dank u, voorzitter. Ik heb niet veel vragen. Allereerst goed dat er onderscheid is tussen hoe we kijken naar de huidige situatie en parkeeroverlast die nu ervaren wordt. En tegelijkertijd ook naar de toekomst kijken van: hoe kunnen wij de normen anders vormgeven om die beter te laten aansluiten. Daar komen we straks over te spreken. Ik wil ook nog benadrukken dat het goed is dat voor die huidige aanpak, dat we daar de inwoners bij betrekken. Ik kan me voorstellen dat het voor de ene wijk heel anders is dan voor de andere wijk. Misschien per straat. Het enige wat ik nog zou willen vragen is. Waar het gaat om parkeeroverlast hebben we het ook vaak over foutparkeren. Binnen woonwijken. Buiten de vakken, als ze al vol zijn. Op wat voor manier wordt er in deze startnotitie, in dit plan, uitvoering gegeven aan het handhaven van foutparkeren? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan mag nu de wethouder. Twaalf minuten. De heer Voskamp: Ja, voorzitter. Dank u wel. Even kijken, hoor. Forum pak ik maar eventjes. De parkeerdruk is hoog en de deelauto’s zijn niet populair, gaf u aan.
En hoe daarmee om te gaan. Ja, daar zullen we dus inderdaad met elkaar moeten kijken en ook mede aan u de vraag, hoever we daarin willen gaan. Volgens mij in de discussie rondom de mobiliteitsvisie is al aangegeven, en dat heeft u ook gedaan. Dat we daar niet al te snel en al te strikt in zullen moeten gaan zitten. We moeten wel kijken hoe we dat, nou ja, hoe we dat kunnen stimuleren. Of we dat met één auto moeten beginnen of met meerdere auto’s en wat daar dan tegenover staat. Daar zullen we met elkaar van moeten leren. Er zijn een aantal onderzoeken geweest die het één en ander laten zien. En volgens mij is deelauto’s, als je kijkt naar de mogelijkheden, een lange adem, zou ik bijna zeggen. Verder had u het over koopwoningen bij Het Balkon waar beide werken. First and last mile. Ja, als ik kijk naar Het Balkon en als je het hebt dan over de first mile naar het werk, dan is dat volgens mij vanaf de metro best aardig geregeld. Dat hangt er natuurlijk vanaf waar jouw last mile zit. Maar als je in het hartje van Rotterdam moet zijn, dan heb je daar volgens mij een prima verbinding. En dat zal natuurlijk ook altijd meegewogen worden. Verderop werd ook nog gevraagd over: hoe zien we de HOV verbinding bijvoorbeeld ook naar het Westland en naar Den Haag.
Ja, zolang daar nog niet een hoogwaardiger verbinding is, dan moeten we er ook niet van verwachten dat we mensen massaal uit de auto gaan krijgen en in de bus, die dan vervolgens bij iedere halte stopt. En die realiteit moeten we met elkaar ook hebben. Dus ik denk ook dat als we gaan kijken naar de mogelijkheden die we hebben, dat we dus misschien wel in het begin moeten inzetten op het feit dat we naar Rotterdam een goede verbinding hebben. En dat dus straks in wijken die daar naartoe gaan daar mogelijkheden hebben. En dat we op termijn ook meer mogelijkheden gaan krijgen als we het hebben over hoogwaardig vervoer naar het Westland en Den Haag. De VVD. Ik heb daar opgeschreven: parkeren in oudere wijken. En heeft u de handhaving gesproken en hoe reageerde die. De heer Snoeck: Nou, handhaving is niet het juiste woord. Het gaat hier over de hulpdiensten. Ambulance, brandweer en dergelijke. Als het te vol is en het staat overal op straat, dan leidt dat tot gevaren. En hoe nemen we dat mee in het parkeerbeleid. En hoe nemen we dat mee in, ja, alle oplossingen die we verzinnen? De heer Voskamp: Helemaal eens. Ik ben een tijdje geleden met de brandweer op stap geweest en toen heb ik gezien hoe één chauffeur echt een enorme goede chauffeur is en door hele kleine stukjes kan rijden. Maar waar je natuurlijk ook wel ziet dat soms auto’s verkeerd geparkeerd staan.
Later werd dat ook gezegd. Daar moeten we natuurlijk ook gewoon handhavend optreden. We zien ook dat mensen creatief zijn met parkeren. En dan bedoel ik maar een klein stoepje gebruiken om in ieder geval toch te kunnen parkeren of een uitstekende auto daar kwijt te kunnen. Misschien moeten we daar kijken of we een stukje kunnen formaliseren. Dus als daar al gebruik van gemaakt wordt en
7 Transcript commissie 1 d.d. 16 november 2021
het past en het kan, dan kunnen we dat misschien formaliseren. Maar we moeten natuurlijk inderdaad met elkaar blijven zoeken naar het feit dat ook hulpdiensten er goed door kunnen. De voorzitter: Mijnheer Luijendijk. De heer Luijendijk: Ja, toch even op dit onderwerp. Het komt dan heel gauw in gedrang met mensen die zich moeten voortbewegen in een rolstoel of een scootmobiel. En daar zit dan vaak. Het klemt dan al heel gauw, dat die weggebruikers worden verdrongen als er verkeerd geparkeerd wordt. En je zou dat gaan formaliseren. De heer Voskamp: Nee, dus wat mij betreft duidelijk waar het kan en waar die mogelijkheid er is. Soms heb je zo’n stukje stoep wat als een soort afronding van een parkeergebied is waar je prima zou kunnen parkeren. En dan bedoel ik dus niet een stoep waar je over wandelt en waar je daarna niet meer doorheen kunt. Dat is niet een mogelijkheid. Maar als we kunnen kijken of we stukken kunnen legaliseren. En dat denk ik, dat we dat met elkaar ook bij de bewoners moeten bekijken van: jongens, hebben jullie nog goede ideeën waar het zou kunnen. En waar mensen misschien het creatief al doen en het geen probleem is om het daar dan te legaliseren. Maar ja, als het dus inderdaad niet kan, dan zullen we daar ook moeten handhaven. Zeker ook voor de bereikbaarheid van de hulpdiensten. Maar ook natuurlijk voor de mensen die gebruik maken van de stoep.
Ja, parkeerplekken die niet of nauwelijks benut worden. Dat is natuurlijk lastig. Want vaak zijn die parkeerplekken wel neergelegd op basis van bijvoorbeeld normen die we hebben afgesproken met elkaar. En waar dan het gebruik meevalt. En dan kunnen we zeggen met elkaar: dan kunnen we daar die parkeerplaatsen weghalen. Maar het zou ook kunnen zijn dat vlak daarnaast een wijk of een straat is waar het wel druk is en waar we een beetje hopen dat mensen natuurlijk uiteindelijk van zo’n parkeerplek gaan gebruik maken die er is in plaats van dat we nieuwe parkeerplekken gaan creëren in die drukke straat. Ja, dat moeten we met elkaar goed in kaart brengen. En ja, als het mogelijk is, en als maar enigszins duidelijk is dat het niet kan. Dan is ook de vraag aan u straks in de dilemma’s met zo’n situatie: wat zouden wij dan in een bestaande wijk kunnen doen? Mogen we daar dan die parkeerplekken afwaarderen? Of zegt u: nee, hou ze daar maar en ga daar pas later mee aan de gang. Nou ja, HOV. Opstellen parkeernota. Dus wat mij betreft moeten we daar rekening mee houden dat we op dit moment een goede verbinding naar Rotterdam hebben en een minder goede verbinding richting het Westland en Den Haag. Of in ieder geval niet zo goed als dat we hem zouden willen hebben. Daar komen de komende tijd wel verbeteringen aan.
En dat hoeft niet te wachten totdat we uiteindelijk voor een lightrail gaan, maar ook de busverbindingen zullen verbeteren. Ja, dat zullen we mee moeten nemen in de levensduur van die parkeernota wanneer we daar stappen kunnen zetten. Het tijdspad van die notitie. En dan ga ik eventjes twee dingen bij elkaar pakken. Voorgesteld om die parkeernormen, de technische kant, met u als raad en met uw input vanavond die notitie te gaan schrijven. Die hopen we in Q1 volgend jaar 2022 nog met u te kunnen delen. Het participatietraject. En ja, ik zie het zomaar voor me dat we Maassluis in een aantal wijken delen. Dat we een aantal bijeenkomsten per zo’n wijk gaan doen. Waar we mensen uitnodigen van: jongens, kijk eens naar de plattegrond. Geef eens aan waar u problemen ervaart, waar u misschien oplossingen ziet. En dat we dan samen kijken naar zo’n situatie. Dan praat je natuurlijk al gauw over een half jaar aan werk in het kader van een aantal afspraken die we dan moeten maken. Dus dat zou dan medio 2022 zijn voordat we daar, nou ja, dat gedaan hebben. Dus waarschijnlijk wel het tweede deel van het jaar voordat we daar verder ook een nota van zullen krijgen. De VSP, u heeft het over het feit dat de laadpalen niet aangegeven zijn. Ja, laadpalen is natuurlijk toch wel een parkeerplek met een bijzonder gebruik.
Maar als het goed is gaat er straks van een gewone parkeerplek een parkeerplek met een laadpaal komen. Het zou dus. Het zijn geen extra auto’s die we daar hebben. De heer Luijendijk: Voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Luijendijk. De heer Luijendijk: Nee, dat is waar. Alleen ik duid op de transitieperiode. Er is ook een hele. Het is maatwerk. Het lijkt me verduiveld moeilijk om op maat voldoende laadpalen, dus parkeerplaatsen te onttrekken aan het normale, tussen aanhalingstekens, oftewel het verouderde jargon en de nieuwe plekken. En dat is maatwerk. En daar zijn we de komende jaren mee bezig.
8 Transcript commissie 1 d.d. 16 november 2021
De heer Voskamp: Nou, dat klopt. En op dit moment hebben we dus voldoende laadplekken en zijn we ook niet bezig met extreem veel laadplekken aan te leggen. Dus we doen het op aanvraag. Dan gaat er een gewone plek uit het assortiment en daar komt dan een laadpaal bij. En omdat we dat zo voorzichtig en gefaseerd doen zorgen we wel dat we er net of ruim voldoende hebben, maar gaan we niet extreem nu honderden laadpalen plaatsen. Waarmee we dus mensen die geen elektrische auto hebben gelijk ook een laadpaal uit het assortiment halen. Parkeerplekken uit het assortiment halen. De voorzitter: Mijnheer Luijendijk. De heer Luijendijk: Maar het is evident dat we dan over een proces spreken wat gewoon vele jaren in beslag gaat nemen. De heer Voskamp: Ja, dat gaat zeker nog vele jaren in beslag nemen. De voorzitter: Mijnheer Snoeck. De heer Snoeck: Ik dank meneer Luijendijk, maar ook de wethouder, voor het uiteenzetten van ons betoog als het gaat over elektrisch laden. En met name: waar blijft het laadpalenbeleid. Want juist beleid rondom dit zorgt ervoor dat het niet altijd een plek inneemt, maar dat het een onderdeel is van de parkeervoorziening. De heer Voskamp: Om op uw vraag in te gaan. We hebben op dit moment laadpalenbeleid overgenomen zoals we dat ook hadden. En daar gaan we ook een updateslag overheen doen. Daar zullen we ook onze visie op doen.
En daar hebben we ook bijvoorbeeld de mogelijkheid om een aantal strategische laadpalen aan te wijzen of plekken aan te wijzen waar we strategische laadpalen zullen neerzetten. Dat we dus vooruitlopen op wat de vraag zal zijn. Nou, dat moet u dus goed onderbouwen. Als we dan een parkeerplek ontnemen uit het totale areaal. Om te stimuleren dat. En om gelijk ook in de gaten te houden dat we niet te ver gaan. Maassluis Belang had vooral de vraag over de openbare plekken voor gehandicapten. Ja, die liggen natuurlijk vooral bij voorzieningen. En dan moet er ook gewoon een plek zijn. Dus als ik kijk naar de Koningshoek, dan zijn er gehandicaptenparkeerplaatsen. Als ik kijk naar de Koningshof, dan zijn er plekken beschikbaar. Dus waar we voorzieningen hebben zijn we ook verplicht om openbare plekken te realiseren. En op dit moment lijkt dat voldoende te zijn in het kader van wat er nodig is. En bij de mensen thuis, als mensen het nodig hebben, daar kunnen ze inderdaad een persoonlijke parkeerplek aanvragen. De voorzitter: Mijnheer Solleveld. De heer Solleveld: Nee, dat klopt. Dat kun je natuurlijk zelf aanvragen. Maar bij ons in de wijk, daar valt het mij vooral op. Daar hebben we in onze straat allemaal parkeerplaatsen. Dat zijn er nooit genoeg. Want bijvoorbeeld in mijn straat staan al vier of vijf bestelbussen. Die staan allemaal op die parkeerplaatsen.
Dat is allemaal een beetje veel. Maar stel je voor: ik krijg visite van mijn invalide tante. Ja, die moet ook maar zien waar ze dan haar auto zet. In die zin denk ik: zou het niet mogelijk zijn om in de wijk al die parkeerplaatsen die beschikbaar zijn daar eentje. Bijvoorbeeld in Vlaardingen zijn dat soort parkeerplaatsen zijn er. Maar die zijn dan bijvoorbeeld ’s avonds na half negen mag iedereen daar parkeren met zo’n onderbordje. Dus ik zat meer in die richting te denken. De heer Voskamp: Ja, ik snap wat u zegt. Ik vind het sympathiek ook in het kader van de bezoekers die daar zouden kunnen komen. De vraag alleen is wel hoeveel parkeerplekken je dan in welke straal je moet aan gaan leggen om te zorgen dat voor die ene keer, en misschien voor u maandelijks, maar voor iemand anders maar één keer per jaar, er dan een plek is voor iemand met een invalidenkaart. Ik kan met u, samen met u, kijken ook in het participatietraject of daar mogelijkheden zijn en of er bijvoorbeeld plekken zijn waar we zien dat het meer nodig is. Als een parkeerplek vrij is, dan maakt het niet uit of u als invalide op een gewone parkeerplek parkeert. Het gaat natuurlijk om op het moment dat er een hoge parkeerdruk is, ja, dan is wel het dilemma van: haal je dan een parkeerplek weg voor algemeen gebruik en zet je die in voor specifiek gehandicapt parkeren.
Of moeten we daar toch een andere oplossing voor zoeken. Voorzitter, de CU had het over het parkeren, nieuwbouw en bestaande bouw. U heeft volgens mij de conclusie goed. Voor de nieuwbouw probeer ik met u gezamenlijk tot een normenkader te komen waarin het parkeren voor nieuwbouw is geregeld. En de bestaande bouw gaan we dat participatietraject in. Daar zullen we inderdaad ook de status van de
9 Transcript commissie 1 d.d. 16 november 2021
huidige situatie moeten aangeven en met de inwoners in gesprek gaan. Waar ervaart u problemen. Waar ziet u mogelijke oplossingen. En hoe zien wij dat als gemeente. Nogmaals, participatie. Ik zie daar gewoon een aantal bijeenkomsten in de stad waar we mensen zullen proberen te spreken van alle gebruik. Dus bij wijze van spreken ook de mensen die geen auto hebben en hoe hun blik daarop is. Parkeren op eigen terrein. Ja, dat is iets waar we over na moeten denken. En waar we ook vragen aan u: hoe staat u daar verder in? Kijk, er zijn huizen, die hebben een eigen oprit. Zeg maar een voortuin. En op sommige plekken. Of een garage. En op sommige plekken wordt zo’n garage of zo’n voortuin wordt dan vervolgens compleet anders ingericht zodat er geen auto meer in kan staan. Daar moeten we nadenken wat we daarin kunnen regelen bij bijvoorbeeld een verkoop van een woning. Misschien bij een eerste verkoop. Ik weet niet of we dat in een tweede of een derde verkoop nu nog kunnen regelen. Maar het gaat er natuurlijk ook om: wat hebben wij als parkeerplek meegerekend bij de nieuwbouw. Dus op het moment dat er een nieuwbouwproject is waar mensen op eigen grond moeten parkeren. Wilgenrijk is daar bijvoorbeeld ook een voorbeeld van. Waar ze gewoon de verplichting hebben om op eigen terrein te parkeren.
Ja, als mensen dat vervolgens niet doen omdat ze daar andere inrichting van de tuin doen, dan denk ik wel dat we met elkaar dat moeten aanspreken. Dus dat zal ergens op een koopachtig iets moeten landen waarin we die afspraken met de koper maken van: u heeft wel de verplichting om dan vervolgens in uw eigen parkeren te voorzien. De voorzitter: Mevrouw Oosterman. Mevrouw Oosterman: Ja, wethouder. Kunt u nog iets zeggen over dat juridische verhaal? Ik weet niet precies hoe dat juridisch zit. Maar soms worden er boetes uitgedeeld? De heer Voskamp: Nou ja, wat we zien is dat een aantal mensen. Ik denk dat, ik zal bijna zeggen, wel weet welke casus of casussen u bedoelt. Wij hebben een aantal plekken, daar hebben mensen een garage met daarvoor een klein stukje oprit. Eigen terrein. Dan een stoep en dan de straat. En die mensen. Op het moment dat zij voor hun garage parkeren, parkeren op eigen terrein, soms met een deel van de auto op de stoep. En de politie kan niet zien of u voor uw eigen garage parkeert of dat dat een ander is. En er staat gewoon in de wet dat je niet op een oprit mag parkeren. Dus in die zin. Ja, als er een bekeuring volgt, dan is dat in het kader van de wet terecht. En zeker ook als je ziet dat het vaak hele korte stukjes zijn waarbij een auto bijna altijd ook de stoep blokkeert en overlast ervaren wordt.
We zijn wel aan het kijken, ook met de politie samen, hoe we dit nou kunnen ondervangen. Want kunnen we dat bijvoorbeeld doen door een kenteken op zo’n garagedeur te plakken, zodat we weten dat dat de auto is van die persoon. Of als die persoon daar een paaltje in het eigen terrein zet zodat je dat paaltje neer moet klappen voordat je erop staat, dan kan je zeggen van: dit is mijn stukje. Dan mag het wel. De heer Luijendijk: Voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Luijendijk. De heer Luijendijk: Je zou hier natuurlijk aan zelfregulering kunnen denken. Want als iemand zijn auto zet voor mijn garage, dan ben ik zelf mans genoeg om na te denken van: wat ga ik daaraan doen. Dus ik denk dat je daar als openbare ordehandhaving gewoon helemaal niets mee moet. Tenzij het overlast veroorzaakt. De heer Voskamp: Ja, die discussie die is dus met een politie of een handhaver, is dus wel gaande. Want vaak is er een vorm van overlast. Alleen vindt of ervaart de eigenaar van de auto dat niet zo, omdat die niet zo heel ver op de stoep stond of niet zo overstak. Dus dat is altijd een lastige discussie. Maar ik snap wat u zegt. Het is best lastig als je ergens naartoe moet en je kan je garage niet uit en je weet niet van wie die auto is omdat er iemand op bezoek is. De voorzitter: Mijnheer Snoeck.
De heer Snoeck: Mag ik nog even terugkomen over dat parkeren op eigen terrein en eventueel wel of niet handhaven? We moeten het of vastleggen in een vergunningstelsel of wellicht zelfs in het bestemmingsplan. Dat als mensen een eigen terrein hebben, dat ze daarop moeten parkeren. Vindt u dat het daar hoort? Of vindt u dat we dat in een parkeerbeleid zouden moeten doen?
10 Transcript commissie 1 d.d. 16 november 2021
De heer Voskamp: Nou, uw vraag in het kader van parkeerbeleid is: moeten we hier wat op gaan doen? Vindt u als raad dat als we ergens een parkeernorm stellen en vervolgens die parkeernorm ook bij het bouwen van de huizen ingezet wordt en ook er is, maar uiteindelijk onttrokken wordt door een bewoner, of we daarop iets moeten verzinnen. Dat we daarop kunnen gaan handhaven. En dan zal dat dus met name zijn dat je waarschijnlijk in een koopcontract bijvoorbeeld vastlegt dat op het moment dat iemand daar een parkeerplaats in zijn voortuin heeft, dat die daar dus bijvoorbeeld geen groene tuin van mag maken. Misschien een groene parkeerplaats. Daar kom ik straks nog eventjes op. Maar niet het onttrekken aan het parkeeraantal. De heer Luijendijk: Voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Luijendijk. De heer Luijendijk: Dat vraagt natuurlijk om een reactie. Want betekent dat ook als iemand een garage gekocht heeft bij zijn huis en in dat opzicht telt die in de parkeerbalans. Waarschijnlijk die garage wordt dan gerekend. Maar daar maakt die een kantoor van of een slaapkamer. En dan? De heer Voskamp: De vraag is dus of die op dit moment of in het verleden echt in de parkeerbalans is opgenomen. Maar als we dat nu gaan doen in de toekomst. Dat gaat over toekomstige zaken. Als we dat gaan doen. Als een garage is opgenomen. Als het parkeren op eigen terrein is opgenomen.
Vindt u dan dat op het moment dat dat onttrokken wordt, dat we daarop zouden moeten handhaven. En zo ja, dan moeten we daar een methode voor vinden. Voorzitter, de PvdA had het over informatie over cijfers. Vergelijkbare gemeentes. Eén van de zaken die we met het opstellen van deze nota zullen doen is ook kijken naar omliggende gemeentes en vergelijkbare gemeentes. Dus daar zullen we u in meenemen. Het CDA had het over groen parkeren. Nou, dan kunt u inderdaad denken aan bijvoorbeeld groene betonblokken waar dan gras doorheen groeit of een mengsel daarvan. Die moet je niet doen op een plek waar heel de dag geparkeerd wordt. Dat moet je doen op een soort extra parkeerveld. Waarbij op het moment dat er af en toe een piek is er geparkeerd kan worden. Dat zou je dus bijvoorbeeld hierachter bij de Koningshoek. Als ik kijk is een deel van de parkeerplaatsen is regelmatig leeg. Daar zou je bijvoorbeeld met groen parkeren kunnen werken. Dan parkeer je toch verhard op een stuk grasveld. En dan heeft het gras de tijd om te groeien. Dat zou een idee zijn. Of als je met één wiel op de stoep staat, dan is dat ook een mogelijkheid. Ik heb het gehad over de eigen grond. Ik heb het gehad over de HOV. De burgerparticipatie, daar heb ik het over gehad. Inwoners betrekken heb ik gehad van D66. En fout parkeren, op welke manier hier handhaving aan gegeven wordt.
Volgens mij heb ik het daar ook over gehad. We zullen dus met elkaar moeten kijken op het moment dat er echt overlast is hoe we daarop handhaven. We hebben daar. Daar kunt u meldingen van doen. En de politie en handhaving is daar ook mee bezig en zal dat ook doen. We doen ritjes met hulpdiensten om daar aan te geven. We zullen misschien ook moeten kijken, nogmaals. Als een plekje best slim gekozen is door een inwoners waarvan we allemaal zeggen: formeel is het geen parkeerplek, maar het is best een plek waar het kan. Ja, of we daar misschien een formalisatieronde over kunnen doen. De voorzitter: Mijnheer De Jong. De heer De Jong: Daar wil ik toch graag één vraag over stellen. Want het gaat mij. Dat klopt. Er worden rondes gedaan. Ik heb wel het idee dat in Maassluis veel gedoogd wordt inderdaad qua creatief parkeren. Waar het eigenlijk net niet zou kunnen, ofwel een stoep, ofwel de doorgang. En als je daarmee dan automatisch gaat zeggen: dat wordt dus een veilige, als het kan, parkeerplek. Dan ga je dus automatisch het aantal parkeervakken verhogen. Hoger dan de norm die we ooit hebben vastgesteld. En dat zou toch ook dan onderbouwt moeten. Dus dat lijkt mij niet per se de bedoeling. De heer Voskamp: Voorzitter, dat is misschien wel de vraag op het antwoord van één van de stellingen, antwoord zeven. Waarbij het gaat over de bestaande wijken.
De vraag is dus van: wilt u en vindt u dat wij met elkaar moeten gaan kijken of we in bestaande wijken waar de parkeerdruk hoog is koste wat het kost, en misschien wel ten koste van alles in het kader van groen en veiligheid, moeten gaan zoeken naar extra parkeerplaatsen. Of dat u zegt: wees daar terughoudend in en ga alleen dingen doen die heel duidelijk kunnen. Of misschien zegt u wel: nee, als we echt straks succes zien in het beleid in het kader van parkeren en het autobezit neemt af, ga dan alsjeblieft niet extra
11 Transcript commissie 1 d.d. 16 november 2021
parkeerplaatsen nu aanleggen, maar ga zodra het kan ook afwaarderen op de parkeerplekken die er zijn. Voorzitter, ik heb hiermee de vragen… De voorzitter: Mijnheer Solleveld. De heer Solleveld: Ja, ik wilde even een vraagje stellen richting meneer De Jong. Het is vooral tegenwoordig, omdat. Tenminste, ik lees het overal en ik hoor het overal. Dat kinderen kunnen het huis niet uit, want ze kunnen niet aan een geschikte woonruimte komen. Dat betekent dat ze langer thuisblijven en misschien in die tijd wel een rijbewijs halen. Zo heb je af en toe vier auto’s per woning. Dus ja, dat zal je toch op de één of andere manier moeten faciliteren, denk ik. De heer Voskamp: Ja, ik snap wat u zegt. De vraag is misschien wel of wij als gemeente ervoor moeten zorgen dat iedereen vier auto’s voor zijn deur kan parkeren of in de buurt kan parkeren. Of misschien moeten we wel met elkaar afspreken dat twee auto’s kan, maar dat we voor die andere twee auto’s of hopen dat het zich verdeelt in de buurt, of dat we misschien wel tegen iemand zeggen van: als je vier auto’s hebt, dan wordt het toch ook wel tijd dat u eens gaat kijken of u ergens op een verzamelparkeerplek een paar honderd meter verderop kan parkeren. Ik snap wat u zegt. Dat zien we. Ik denk ook dat dat wel gaat komen op het moment dat we het gaan hebben over die daadwerkelijke bestaande situaties.
Maar ik vraag me wel af of wij als gemeente nu moeten gaan faciliteren dat iedereen in het extreme geval, maar ik snap wat u zegt, vier auto’s voor de deur zou moeten kunnen parkeren. De voorzitter: Dank u wel, wethouder. U bent precies binnen de twaalf minuten gebleven. Except alle interrupties natuurlijk. Dan gaan we nu beginnen aan de antwoorden op de dilemma’s. Ik stel voor dat indien mogelijk u alle zeven dilemma’s van commentaar voorziet. En dan begint met het nummer van het dilemma. Dat lijkt mij makkelijker voor de griffier als die straks een verslag moet maken. De heer Voskamp: Voorzitter, mag ik nog een kleine toevoeging doen? De voorzitter: Dat mag altijd. De heer Voskamp: De griffier heeft aangegeven dat die een kleine samenvatting van alles wat u gaat zeggen doet. In het kader van corona is mijn ambtelijke ondersteuning en ook de meneer Mobycon, Marc Schenk, is niet aanwezig, maar luisteren wel mee. En zullen dus ook uw opmerkingen voorbij horen komen. De voorzitter: Dank u wel. Dan beginnen we bij meneer Molmans. U heeft vier minuten. De heer Molmans: Ja, dank u wel. De bestaande parkeernormen nieuwbouwprojecten. Nee, er moet gekeken worden naar wie. Voor wie er gebouwd gaat worden. Verpleeghuizen alleen parkeerplaatsen voor bezoekers en verplegend personeel. Seniorenwoningen niet meer dan één per woning, inclusief een eventuele invalideplaats. In plaats van dus.
Bij kleinere woningen ook maximaal één. Dan de. Even kijken. Deelmobiliteit heb ik het reeds over gehad. Dat langdurige adem vlakbij de metro. Het probleem is daar de wisseldiensten. Dus niet iedereen kan daar altijd gebruik van maken. Je kunt bewoners ook niet voor de last mensen gaan verplichten om elektrische fietsen aan te gaan schaffen en mee te nemen in de metro. Groene buitenruimte in te richten als parkeerplek. Ja, als uitwijkmogelijkheid. Of zelfs als evenemententerrein. Binnen bouwblok een mogelijkheid bij elk project opnieuw bekijken en is afhankelijk van de omgeving die daarnaast zit. Garage. Een garage is om een auto in te stallen. En als de oprit groot genoeg is daarop parkeren, inclusief de reeds benoemde kentekenplaat. Maar niet zoals in de Koolmeesstraat en de Wielewaalstraat, waar men vanuit nood de eigen tuin maar een parkeerplaats van heeft gemaakt, omdat de straat daar te smal is. Als op eigen terrein parkeerplaatsen zijn aangelegd die meetellen in de balans. Ja, en daarop handhaven. Minder bouwen dan in de woonvisie. Nee, dat is niet de oplossing. En ik dacht dat ik dan alle vragen had gehad. Ja, dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Gaan we naar meneer Snoeck. De heer Snoeck: Oké, punt één. Verlagen bestaande parkeernormen voor nieuwbouwprojecten. Wij zouden graag toch willen vasthouden aan de bestaande norm. Om te voorkomen dat.
Kijk, zoals meneer Molmans het al aangaf. Wij zijn een autostad. Wij zijn een slaapstad. We moeten naar het werk. En ook in nieuwbouwwijken moet men daar gewoon kunnen parkeren. Dus wat ons betreft vasthouden aan de norm. Als het gaat over twee is het wenselijk om binnen de nieuw op te stellen
12 Transcript commissie 1 d.d. 16 november 2021
nota parkeren beknopt te introduceren om de normen te verlagen. Ook daarvan zijn wij geen voorstander, omdat dit een permanente onderhandeling geeft met elke projectontwikkelaar. Dus laten we maar gewoon duidelijke normen geven als het gaat over de hoeveelheid. Vindt u het bespreekbaar, punt drie, om binnen projecten een deel van de groene buitenruimte in te richten als groen, maar te bestemmen voor verkeer. Volgens mij staat daar een taalfout in of een oneigenlijkheid in. Kijk, wij zijn voorstander om binnen de openbare ruimte die creatieve groene inrichting te doen. Zoals bijvoorbeeld in het Wilgenrijk, maar ook bij de Sportlaan aan de hand is. Om daar wel auto’s te kunnen te plaatsen zonder dat het gelijk een blok beton is. Ik denk dat daar mooie oplossingen voor zijn. Dan punt vier. Vindt u dat bij nieuwbouw moet worden uitgegaan van het principe dat bij de bouw van appartementen parkeren moet worden opgelost binnen het bouwblok. Ik denk dat dat wenselijk is. Het heeft als nadeel dat natuurlijk de prijs opgedreven wordt. Maar zorgt wel dat de openbare ruimte, zeker bij appartementen, ruimtelijk blijft en pas meer in de norm van Maassluis. Moeten we bij nieuwbouw van grondgebonden woningen kritischer worden gekeken naar het hanteren van normen garages. Garages zijn veelal bergingen, geen garages.
Dat de plek ervoor een autoplek is en als daar op gehandhaafd wordt, dan zou ik dat nog billijken. Maar zodra het handhaven wordt in de buitenruimte, dat iemand daar staat. Oftewel, betaald parkeren en een vergunningsstelsel. Dan zijn wij faliekant tegen. Punt zes. Vindt u in het kader van het parkeren op eigen terrein moet worden verplicht. Nee, want dat is ook weer handhaven. Dat is verplichten. Iemand mag ook in de openbare ruimte parkeren. Daar betaalt die ook wegenbelasting voor. Dan zeven. Per wijk beoordelen. Als het gaat over: moet in bestaande wijken gestreefd worden naar handhaven, afwaarderen of juist verhogen. Wij denken dat we het per wijk het probleem in kaart moeten brengen. En daar waar nodig ophogen. Omdat, juist omdat we daar veel discussie net over hadden, in bepaalde oudere wijken er absoluut te weinig is. Dat gaat ten koste van andere deelnemers. En daar zijn echt creatieve oplossingen te verzinnen door bijvoorbeeld in stukjes groen haaks parkeren neer te zetten met zo’n groene onderkant, waar we het net al over hadden. Zodat die auto’s in ieder geval op een ordentelijke plek in de straat staan. En dus zorgt voor ruimte binnen de bestaande wijken waar het tekort is. Want wijken uit de jaren zeventig hadden een totaal andere norm dan wat we nu voor ogen hebben. Dus onderzoek alsjeblieft de krapte en kom daar met oplossingen. Verruimen dus.
De voorzitter: Dank u wel. Gaan we naar meneer Kleijwegt. De heer Kleijwegt: Ja, dank u wel, voorzitter. Wat GroenLinks betreft, dat zal u niet verbazen, moet de parkeernorm flink omlaag. Er is momenteel een enorme woningcrisis in Maassluis gaande. Er zijn niet genoeg woningen en die kunnen niet gebouwd worden vanwege deze strenge parkeernorm. Dat is natuurlijk doodzonde. Dat de parkeernorm überhaupt bepaalt hoeveel woningen er gebouwd mogen worden. Dat is eigenlijk absurd. Een recent voorbeeld van belemmering door de parkeernorm is de Vlootschouwer. We wilden eigenlijk met zijn allen wel dat er meer woningen toegevoegd konden worden en dus hoger bouwen, maar dat kon dan weer niet vanwege de parkeernorm. En dat terwijl er juist zo’n enorm tekort is aan sociale huurwoningen. Dat valt wat ons betreft niet uit te leggen. De hoge parkeernorm beperkt niet alleen nieuwbouw, maar ook de gezelligheid en levendigheid in de stad. Terrasjes kunnen maar beperkt uitbreiden. En ondergrondse containers kunnen bijvoorbeeld ook niet altijd geplaatst worden, omdat het dan ten koste zou gaan van een parkeerplek. De voorzitter: Wilt u de dilemma’s aflopen? De heer Kleijwegt: Ja, die komen allemaal aan bod, voorzitter. Ik heb ze allemaal verwerkt. De voorzitter: Oké. Ik hoor een uitbreiding waarvan ik denk: nou, dat is misschien niet nodig. De heer Kleijwegt: Nou, goed. Dat is uw mening.
Dit is ons. Dit is niet de mening van de VSP. Dit is de mening van GroenLinks. Goed. De voorzitter: Mag ik heel even. Ik zit hier niet namens de VSP. De heer Kleijwegt: Nee, maar u maakt een opmerking over mijn inhoud. Ik vind dat een beetje raar. Maar, goed. Even kijken. Dan ben ik gelijk de draad kwijt. Nou, dan over de parkeerplaatsen. Er moeten extra parkeerplaatsen aangelegd worden. Nou, wat ons betreft dus niet. En als dat dan toch
13 Transcript commissie 1 d.d. 16 november 2021
gebeurt, op een slimme manier. Dat kan op een aantal plekken door bijvoorbeeld te werken met eenrichtingsverkeer. En de andere weghelft kan dan bijvoorbeeld gebruikt worden om parkeerplaatsen van te maken. Dit bespaart niet alleen geld, maar ook een hoop ruimte. Op grote parkeerplaatsen zoals bijvoorbeeld bij Koningshoek moeten we investeren in zonnedaken boven de parkeerplaatsen. Zo kunnen we dubbel gebruik maken van deze ruimte. En andere parkeerplaatsen moeten wat ons betreft zo groen mogelijk worden ingericht. Dat is niet alleen een leuk gezicht, maar ook broodnodig om regenwater sneller de grond in te laten trekken. We moeten de mensen ook verleiden sneller voor de fiets, het OV of het deelvervoer te laten reizen. Even kijken. Dan wordt er gevraagd: is het verlagen van de parkeernorm een optie. Nou, ja dus. Wat ons betreft wel. Ook voor bestaande wijken moeten we kritisch zijn. Wat mijn buurman net zei over de stukjes groen, daar kunnen wij ons absoluut niet in vinden. Er wordt juist veel waarde gehecht door bewoners aan stukjes groen. Dus daar moeten we dan geen extra parkeerplaatsen aan toevoegen. Even kijken. Heb ik dan alle vragen gehad. Ja, parkeren op eigen terrein. Of we dat moeten meetellen en hierop gaan handhaven. Dat lijkt ons wel lastig om daarop te gaan handhaven inderdaad.
Dus dan vragen we wel eigenlijk aan het college van: hoe ziet u dat dan? Want is het praktisch wel mogelijk? Dus, dat. En bouwen. Het is natuurlijk logisch. Er wordt ook gevraagd van: minder woningen. Over de woonvisie. Nou, absoluut niet. Er moeten juist meer woningen komen. De voorzitter: Mijnheer Snoeck. De heer Snoeck: Ik heb toch wel even een vraag. Want hij noemde net in zijn betoog, meneer Kleijwegt, wat hij dan vindt van al de inwoners in Maassluis die gewoon niet gebracht worden door de metro waar ze moeten zijn en afhankelijk zijn van hun auto. Waar die dan hun auto mogen parkeren. En hoe hij daarmee omgaat, met deze mensen die elke dag de economie stutten door aan het werk te gaan. En laat u die in de kou? Of geeft u die ergens in de stad een plek waar ze wel hun auto mogen parkeren op een veilig manier, zodat ook andere inwoners normaal over straat kunnen? De heer Kleijwegt: Nou, voorzitter. Wij hebben op geen enkele manier gezegd dat alle parkeerplekken resoluut weg moeten of iets dergelijks. Maar wij vinden ook niet dat de auto overal moet domineren. Het is ook helemaal niet heel gek, vinden wij, als je een klein stukje moet lopen om bij je auto te komen. Dat is juist op een ordentelijke manier kan je dat dan regelen. En wat de wethouder trouwens vroeg. Daar zal ik ook nog op terugkomen. Over die extra parkeerplekken waar de wijk dan gebruik van zou kunnen maken.
Dat zou bijvoorbeeld een oplossing zijn voor wijken waar dus acuut een parkeerprobleem is. Want uiteindelijk kan je je auto altijd kwijt, hoe je het ook wendt of keert. Alleen soms moet je er een stukje voor lopen. De voorzitter: Dank u wel. Even voor de helderheid. Ik zou toch willen vragen om alle dilemma’s gewoon netjes van één tot en met zeven af te lopen. Dat is voor de griffier anders niet te doen. Sorry. De heer Çiçek: Voorzitter, ik heb nog een opmerking. Is het de bedoeling dat we ook elkaars inbreng bekritiseren of interrumperen? Mag dat? De voorzitter: Nou, dat mag wel. Maar dat is eigenlijk niet de bedoeling. Het is een consultatie. U kunt uw eigen verhaal houden. En dat wordt meegenomen door de wethouder om zijn… De heer Çiçek: Dan weet ik dat. Dan bewaar ik mijn opmerkingen voor de commissies in het vervolg. De voorzitter: Oké. Mijnheer Luijendijk. De heer Luijendijk: Ja, voorzitter. Dank u wel. Stelling één. Het verlagen van de bestaande parkeernormen voor de nieuwbouwprojecten een optie. Of houdt u liever vast aan de parkeernorm. Nou, in zijn algemeenheid denk ik dat het duidelijk is. Zo hebben wij het denk ik ook al eerder even vanavond met elkaar gewisseld. Daar moeten we heel voorzichtig in zijn. Vooral omdat we een enorme opgave hebben te doen met betrekking tot de transitie naar elektrische, oftewel oplaadbare, plekken.
Daarnaast kunnen wij ons wel voorstellen dat je dat naar doelgroepen zou kunnen doen. Bijvoorbeeld, waar wij een pleidooi voor zouden willen houden, om vormen van bewoning en woning te gaan organiseren voor mensen die starten en niet allemaal behoefte hebben aan een eigen keuken en een eigen. Dus een heel ander en nieuw concept van wonen. Maar goed, dat willen wij in ons verkiezingsprogramma ook verder uitwerken. Wij kunnen ons voorstellen dat in dit soort gevallen, dat je daar met een andere parkeernorm gaat werken. Verder bij suggestie twee. Knoppen
14 Transcript commissie 1 d.d. 16 november 2021
introduceren waarmee de parkeernorm kunnen worden verhoogd of verlaagd. Nou, daar geldt in wezen een beetje hetzelfde voor. Wij willen erg terughoudend zijn als het gaat over dat wij denken dat wij dat zomaar kunnen beïnvloeden met een draai aan een knop. En als wij denken dat wij, doordat mensen dicht bij de metro een huis kopen, dat we ze daarmee min of meer kunnen dwingen in de richting van: dan maar geen auto. Dan denk ik dat we toch een beetje buiten de waarheid rekenen. Want we kunnen dat niet afdwingen en dat moeten we, denk ik, ook helemaal niet willen. Dan de stelling drie. Bespreekbaar om binnen projecten een deel van de groene buitenruimte in te richten als groen, maar te bestemmen voor parkeren. Als dat niet aansluit bij de behoefte. Nou, ik heb zelf heb ik onder mijn woningen, oftewel in het zicht, kijk ik op een heel mooi plantsoen. Dat is heel mooi voor kinderen, voor spelen. Maar er zijn veel en veel te veel parkeerplaatsen. Dus dat is de enige plaats waarschijnlijk in Maassluis waar teveel parkeerplaatsen zijn. En die worden, god weet het, gebruikt door groepen die we daar eigenlijk liever niet zouden willen zien. Dus hoe meer groen daar, hoe beter. En het liefst met heel hoog gras. Maar, goed. Dat is een beetje een lullig grapje.
Ja, wij kunnen ons voorstellen dat je op die wijze in wijken waar het zou kunnen, dat je daar een stukje kan vergroenen en het toch achter de hand kan houden. Dus ja, bespreekbaar. Gebouw parkeren. Nou, daar kijk ik dus ook even naar de situatie waar ik zelf mee te maken heb. Het is natuurlijk fantastisch als je mensen gewoon hun auto, het blik, gewoon uit het zicht kan laten halen. En ja, dat heeft uiteraard gevolgen voor de woningprijzen. Dat is duidelijk. Dus het is altijd voor een bepaalde groep waar je dat voor kan doen. Maar er zijn ook behoorlijk wat gebouwen op dit moment verrezen aan de oever van Het Scheur waarin toch uiteindelijk dat blik weer buiten komt. En dat vinden wij toch echt een beetje jammer. Want het kan prima in het kader van zo’n heel gebouw dat die dingen gewoon uit het zicht zijn. En mensen die zo’n garage hebben, die parkeren in de garage. Dan stelling vijf. Bij nieuwbouw kritischer kijken naar de normen van garages en parkeren op eigen terrein. Ja, wij hadden het er zojuist al even over. Dan zouden we toch. Wij zijn van mening: als je niet in staat bent om iets te kunnen zeggen over de status van die garages. Want als die gewoon onttrokken wordt aan parkeren, maar gewoon wordt toegevoegd aan wonen, dan wordt het in zo’n wijk een groot probleem. Zeker als meerdere bewoners dat doen. Ik denk dat daar dus heel kritisch naar gekeken moet worden.
Als dat kan, en je kan dat afdwingen. Maar, goed. Dat is dus een vraag, die kan ik niet beantwoorden. Maar nemen we in die zin maar als onze suggestie mee. Dan bij dilemma zes. Parkeren op eigen terrein verplichten als deze zijn meegeteld in de parkeerbalans. Ja, daar geldt in principe ja. Maar hoe moet je dat handhaven. Het lijkt me bijna een onmogelijkheid. Want is de auto die er dan op begeven moment staat, is die van een eigenaar of is die van bezoek. Kortom, het is een ratjetoe. Op het moment dat je dat dus gaat creëren, dan vermoed ik dat je tegen onoplosbare handhavingsproblemen loopt. Dus ik zie het niet hoe. En dan bij zeven. Moeten er in de bestaande wijken gestreefd worden naar handhaven, afwaarderen of verhogen van het aantal parkeerplaatsen. Nou, ik heb u zojuist al aangegeven dat ik een concreet voorbeeld ken waar de parkeerplaatsen misschien wel ingezaaid moeten worden. Maar, goed. Ja, ik denk dat er uiteindelijk wel naar behoefte gekeken moet worden. Want we weten ook van wijken waar mensen ’s avonds zowat drie blokken verder moeten lopen om hun auto kwijt te kunnen. Ik bedoel: in het centrum heb je een paar van die wijken. Dus je kan dat niet met elkaar vergelijken. En waar het kan zal ik de laatste zijn om te zeggen: nee, laat nou vooral die parkeerplekken liggen. Nee, dat is duidelijk. Dus per wijk kijken wat er kan.